Schoonmaakspullen lenen | Leer spaans in het Nederlands

Spanish lesson set in a contemporary Madrid everyday setting: In a shared space, two adults borrow a cloth and cleaning spray to clean a desk and put the supplies back..

NL → ES / Niveau: A1

Over deze les

Met Schoonmaakspullen lenen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.

Dialoog

A

¿Tienes un paño de limpieza que pueda usar?

Tjee-nes oen pán-jo de lie-mpjee-sa kee pwee-da oe-sar? Heb je een schoonmaakdoek die ik kan gebruiken?
B

Hay uno en la caja.

Ai oe-no en la kaa-cha. Er is er een in de doos.
A

¿Tienes también un spray limpiador?

Tjee-nes tam-bjen oen es-prei lim-pja-dor? Heb je ook schoonmaakspray?
B

El spray está al lado.

El es-prei es-taa al laa-do. De spray ligt ernaast.
A

Necesito limpiar este escritorio.

Ne-se-sie-to liem-pjar es-te es-kri-too-rio. Ik moet dit bureau schoonmaken.
B

Usa solo una pequeña cantidad.

Oe-sa soo-loe oe-na pe-kee-nja kan-tie-dad. Gebruik maar een kleine hoeveelheid.
A

Voy a limpiar el escritorio y poner los dos de nuevo en su sitio.

Boi a liem-pjar el es-kri-too-rio i poo-ner los dos de nwee-bo en soe sie-tio. Ik veeg het bureau af en leg ze allebei terug.
B

Guárdalos juntos en la caja.

Gwaar-da-los goen-tos en la kaa-cha. Bewaar ze samen in de doos.

Woord voor woord

Tienes Tienes betekent hier “heb je” en vraagt of iemand een doek of spray heeft. Deze vorm hoort bij tener en wordt gebruikt met tú als onderwerp. Een veelgebruikt patroon is Tienes + zelfstandig naamwoord?, bijvoorbeeld in een nieuwe vraag: Tienes tiempo?
un Un betekent hier “een” en staat voor paño in de woordgroep un paño de limpieza. Het introduceert één niet nader bepaald exemplaar. Gebruik un vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord, zoals in een nieuwe voorbeeldzin: un libro.
paño Paño betekent hier “doek”, namelijk het doek dat de spreker wil gebruiken. Het woord kan samen met de bestemming of het soort doek worden gebruikt, zoals in paño de limpieza. In een nieuwe situatie kun je bijvoorbeeld vragen naar un paño voor het schoonmaken.
de De verbindt paño met limpieza en geeft hier aan waarvoor het doek dient: een doek voor de schoonmaak. In de woordgroep paño de limpieza bepaalt het tweede zelfstandig naamwoord het soort of doel van het eerste. Een vergelijkbaar nieuw patroon is papel de cocina voor “keukenpapier”.
limpieza Limpieza betekent hier “schoonmaak” en maakt in paño de limpieza duidelijk dat het om schoonmaak gaat. Het is een zelfstandig naamwoord na de. Gebruik de limpieza om een activiteit of doel rond schoonmaken aan te duiden, bijvoorbeeld in een nieuwe uitdrukking: productos de limpieza.
que Que betekent hier “die” en verbindt paño met de bijzin die ik kan gebruiken. Het leidt de informatie in que pueda usar in over het bedoelde doek in. Een betrouwbaar patroon is zelfstandig naamwoord + que + bijzin, zoals in een nieuw voorbeeld: el libro que leo.
pueda Pueda betekent hier “kan” in de bijzin die ik kan gebruiken. Deze vorm hoort bij poder en staat na que in que pueda usar; de spreker noemt een doek dat hij of zij mogelijk kan gebruiken. Een bruikbaar patroon is que pueda + infinitief, bijvoorbeeld in een nieuwe zin: algo que pueda comer.
usar Usar betekent hier “gebruiken” en staat na pueda in que pueda usar. Na poder komt een infinitief om te zeggen wat iemand kan doen. Een nieuw herbruikbaar patroon is poder + infinitief, bijvoorbeeld puedo usar este paño.
Hay Hay betekent hier “er is” en introduceert een exemplaar dat zich in de doos bevindt. Het wordt gebruikt om het bestaan of de aanwezigheid van iets aan te geven, zoals in Hay uno en la caja. Een nieuw patroon is Hay + zelfstandig naamwoord + plaats, bijvoorbeeld Hay agua aquí.
uno Uno betekent hier “één exemplaar” en verwijst naar één schoonmaakdoek. Het vervangt in Hay uno en la caja het eerder genoemde paño, zodat het niet opnieuw hoeft te worden herhaald. Je kunt uno gebruiken wanneer uit de context duidelijk is welk enkelvoudig exemplaar bedoeld wordt.
en En betekent hier “in” en geeft de plaats aan waar het doek zich bevindt: en la caja. Het staat vóór een plaats of ruimte. Een veelgebruikt patroon is en + plaats, bijvoorbeeld in een nieuwe zin: en la mesa.
la La betekent hier “de” en staat vóór caja in la caja. Het is het bepaalde lidwoord bij dit vrouwelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord. Gebruik la wanneer naar een bekende of bepaalde zaak wordt verwezen, zoals in een nieuwe woordgroep: la puerta.
caja Caja betekent hier “doos” en benoemt de plaats waarin het doek ligt. Het kan na en staan om een locatie aan te geven, zoals in en la caja. In een nieuwe situatie kun je bijvoorbeeld zeggen dat iets está en la caja.
también También betekent hier “ook” en voegt de schoonmaakspray toe aan de eerdere vraag over het doek. In ¿Tienes también schoonmaakartikel? staat het bij de vraag als toevoeging. Een veelgebruikt nieuw patroon is también + werkwoordelijke mededeling, bijvoorbeeld Yo también voy.
spray Spray betekent hier “spray” en verwijst naar het schoonmaakmiddel waarnaar naast de doek wordt gevraagd. In spray limpiador beschrijft limpiador het doel van de spray. Het woord kan in een nieuwe zin direct na een lidwoord staan, bijvoorbeeld el spray.
limpiador Limpiador beschrijft hier spray als een middel om schoon te maken: spray limpiador. Het geeft dus aan waarvoor de spray bedoeld is. Een bruikbaar nieuw patroon is zelfstandig naamwoord + limpiador, bijvoorbeeld producto limpiador.
El El betekent hier “de” en introduceert de bekende spray in El spray está al lado. Het verwijst naar het schoonmaakmiddel dat al in de vorige zin werd genoemd. Gebruik el vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord wanneer het om een bepaalde zaak gaat.
está Está betekent hier “is” of “bevindt zich” en beschrijft de plaats van de spray. Het hoort bij estar en wordt gebruikt in El spray está al lado. Een betrouwbaar patroon is estar + plaatsbepaling, bijvoorbeeld in een nieuwe zin: El libro está aquí.
al Al maakt in al lado deel uit van de vaste plaatsaanduiding voor “ernaast”. Het is de samentrekking van a en el. Gebruik al lado om aan te geven dat iets naast iets anders ligt of staat; met een expliciete referentie kan dat in een nieuw voorbeeld al lado de la puerta zijn.
lado Lado betekent hier “kant” en vormt samen met al de plaatsaanduiding al lado: ernaast. Het woord benoemt dus de zijkant waar de spray zich bevindt. Een nieuw patroon is al lado de + plaats of zaak, bijvoorbeeld al lado de la mesa.
Necesito Necesito betekent hier “ik heb nodig” en geeft aan dat de spreker het bureau moet schoonmaken. Deze vorm hoort bij necesitar en heeft ik als onderwerp. Een veelgebruikt patroon is Necesito + zelfstandig naamwoord of infinitief, bijvoorbeeld in een nieuwe zin: Necesito ayuda.
limpiar Limpiar betekent hier “schoonmaken” en staat na necesito in Necesito limpiar este escritorio. Na necesito kan een infinitief volgen om de benodigde handeling te noemen. Een nieuw patroon is Necesito + infinitief, bijvoorbeeld Necesito descansar.
escritorio Escritorio betekent hier “bureau” en is het voorwerp dat moet worden schoongemaakt. Het staat direct na limpiar in limpiar este escritorio. In een nieuwe zin kun je het gebruiken als plaats of voorwerp, bijvoorbeeld El escritorio está aquí.
Usa Usa betekent hier “gebruik” en is een directe instructie om maar weinig schoonmaakmiddel te nemen. Deze vorm hoort bij usar en richt zich op één aangesproken persoon. Een bruikbaar nieuw patroon is Usa + voorwerp, bijvoorbeeld in een nieuwe instructie: Usa este paño.
solo Solo betekent hier “alleen” of “slechts” en beperkt de hoeveelheid tot een kleine hoeveelheid. In Usa solo una pequeña cantidad staat het vóór de hoeveelheid die toegestaan is. Een nieuw patroon is solo + hoeveelheid of keuze, bijvoorbeeld solo un poco.
una Una betekent hier “een” en staat vóór cantidad in una pequeña cantidad. Het introduceert één niet nader bepaalde hoeveelheid. Gebruik una vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord, zoals in een nieuwe woordgroep: una mesa.
pequeña Pequeña betekent hier “kleine” en beschrijft de hoeveelheid als beperkt. Het staat vóór cantidad in una pequeña cantidad en past zich aan dat woord aan. Een nieuw patroon is pequeña + zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld una pequeña caja.
cantidad Cantidad betekent hier “hoeveelheid” en verwijst naar de hoeveelheid spray die gebruikt mag worden. Het staat na una pequeña om die hoeveelheid nader te beschrijven. Je kunt het in een nieuwe situatie combineren met de, bijvoorbeeld una cantidad de agua.
Voy Voy betekent hier “ik ga” en vormt samen met a en limpiar de nabije-toekomstconstructie Voy a limpiar: ik ga schoonmaken. Deze vorm hoort bij ir en heeft ik als onderwerp. Een betrouwbaar nieuw patroon is Voy a + infinitief, bijvoorbeeld Voy a trabajar.
a A maakt hier deel uit van Voy a limpiar en verbindt voy met de handeling die daarna komt. In deze constructie betekent het niet letterlijk “naar”, maar geeft het aan wat iemand gaat doen. Gebruik Voy a + infinitief voor een voorgenomen handeling, bijvoorbeeld in een nieuwe zin: Voy a llamar.
y Y betekent hier “en” en verbindt de twee handelingen limpiar en poner. Het laat zien dat de spreker beide handelingen gaat uitvoeren. Een nieuw patroon is handeling y handeling, bijvoorbeeld limpiar y ordenar.
poner Poner betekent hier “plaatsen” of “terugleggen” en staat na Voy a in Voy a limpiar el escritorio y poner los dos de nuevo en su sitio. Het benoemt de tweede voorgenomen handeling. Een bruikbaar nieuw patroon is poner + voorwerp + plaats, bijvoorbeeld in een nieuwe zin: Poner el libro en la mesa.
los Los staat hier in los dos en verwijst naar de twee bekende schoonmaakspullen. Het maakt samen met dos duidelijk dat het om die twee items gaat. Gebruik los dos wanneer je naar twee bekende mannelijke of gemengde items verwijst, bijvoorbeeld in een nieuwe zin: los dos libros.
de nuevo De nuevo betekent hier “opnieuw” of “weer” en geeft aan dat de twee spullen terug op hun plaats worden gezet. De verbindt de uitdrukking en nuevo draagt de betekenis van “nieuw”; samen drukken ze herhaling uit. Een nieuw patroon is de nuevo + werkwoord, bijvoorbeeld hacerlo de nuevo.
su Su betekent hier “zijn”, “haar” of “hun” en bepaalt sitio als de plek die bij de spullen hoort. In en su sitio gaat het om hun eigen of gebruikelijke plaats, zonder dat de bezitter verder wordt gespecificeerd. Su staat vóór het zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld in een nieuwe woordgroep: su mesa.
sitio Sitio betekent hier “plek” of “plaats” en staat in en su sitio. Samen met en su geeft het aan waar de spullen teruggezet moeten worden. Een nieuw patroon is en + bezittelijk woord + sitio, bijvoorbeeld en mi sitio.
Guárdalos Guárdalos betekent hier “bewaar ze” of “berg ze op” en is een directe instructie om de twee spullen samen in de doos te houden. De vorm bestaat uit guardar met het aangehechte voornaamwoord los, dat naar de bekende spullen verwijst. In een nieuwe instructie kun je dezelfde combinatie gebruiken, bijvoorbeeld Guárdalos aquí.
juntos Juntos betekent hier “samen” of “bij elkaar” en zegt dat de twee schoonmaakspullen niet gescheiden moeten worden bewaard. De vorm verwijst in deze zin naar de twee genoemde items. Een veelgebruikt nieuw patroon is estar juntos, bijvoorbeeld Los libros están juntos.

Grammatica

hay + zelfstandig naamwoord

Hay un spray limpiador.

Ai oen es-prei lim-pja-dor.

Er is een schoonmaakspray.

Gebruik hay om te zeggen dat iets bestaat of aanwezig is; het verwijst niet naar een specifieke plek.

Guárdalos

Guárdalos juntos.

Gwaar-da-los goen-tos.

Bewaar ze samen.

Bij een bevestigende opdracht wordt het lijdend voornaamwoord los achter het werkwoord geplaatst: guarda + los = guárdalos.

Spaans woordenschat

al lado uitdrukking
al la-do ernaast
caja zelfstandig naamwoord
kaa-cha doos
estar werkwoord
es-tar zijn está
haber werkwoord
a-ber er zijn hay
limpiador bijvoeglijk naamwoord
lim-pja-dor schoonmakend
paño de limpieza zelfstandig naamwoord
pán-jo de lie-mpjee-sa schoonmaakdoek
poder werkwoord
poo-der kunnen pueda
spray zelfstandig naamwoord
es-prei spray
también bijwoord
tam-bjen ook
tener werkwoord
tee-ner hebben tienes
uno voornaamwoord
oe-no één
usar werkwoord
oe-sar gebruiken

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Er is er een in de doos.

Antwoord tonenHay uno en la caja.

Heb je ook schoonmaakspray?

Antwoord tonen¿Tienes también un spray limpiador?

De spray ligt ernaast.

Antwoord tonenEl spray está al lado.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

doos

Antwoord tonencaja

spray

Antwoord tonenspray

kunnen

Antwoord tonenpueda

gebruiken

Antwoord tonenusar