Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Voorbereiden op koud weer oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.
Dialoog
Hace frío afuera.
aa-see frie-oo aa-fwee-raa Buiten voelt het koud aan.Ponte la bufanda.
poon-tee laa boe-fan-daa Doe je sjaal om.¿También necesito guantes?
taam-bjen nee-see-see-too gwan-tees Heb ik ook handschoenen nodig?Te mantendrán las manos calientes.
tee maan-ten-draan laas maa-nos kaa-ljen-tees Ze houden je handen warm.¿Dónde están mis guantes?
don-dee es-taan mies gwan-tees Waar zijn mijn handschoenen?Están al lado de tu abrigo.
es-taan al laa-doo dee toe aa-brie-goo Ze liggen naast je jas.Me los pondré antes de irme.
mee los pon-dree aan-tees dee ier-mee Ik doe ze aan voordat ik ga.Entonces estarás listo para el frío.
en-ton-sees es-taa-raas lies-too paa-raa el frie-oo Dan ben je klaar voor de kou.Uitleg van de zinnen
Hace frío afuera.
Buiten voelt het koud aan.
- Hace frío
- het is koud
- afuera
- buiten
Uitgebreide uitleg
Hace frío is een vaste Spaanse weeruitdrukking voor “het is koud”. Hace is de derde persoon enkelvoud van hacer (“doen/maken”), maar in deze onpersoonlijke uitdrukking benoemt het geen handelende persoon: hacer frío = “koud zijn”. Vergelijk Hace calor = “het is warm”. Frío betekent hier “koud” en staat in de mannelijke enkelvoudsvorm; het hoort bij deze vaste uitdrukking. Afuera is een bijwoord en betekent “buiten”. Het geeft aan waar de beschreven toestand geldt. Het bijwoord verandert niet van vorm voor persoon of getal. Een bruikbaar contrast is afuera tegenover adentro (“binnen”), bijvoorbeeld: Afuera hace frío. — “Buiten is het koud.” Samen betekent Hace frío afuera letterlijk volgens de Spaanse woordvolgorde ongeveer “Het is koud buiten”, natuurlijk weergegeven als “Buiten voelt het koud aan.” De zin beschrijft de koude omstandigheden buiten; hij zegt niet wie die kou veroorzaakt.
Ponte la bufanda.
Doe je sjaal om.
- Ponte
- doe om
- bufanda
- sjaal
Uitgebreide uitleg
Ponte betekent hier “doe om”. Het is de bevestigende gebiedende wijs voor tú van poner (“zetten/plaatsen”); de vorm voor tú is onregelmatig pon. Het wederkerende voornaamwoord te staat eraan vast: pon + te → ponte. In deze combinatie krijgt poner de betekenis “aandoen/omdoen”. Voorbeeld: Ponte el abrigo. — “Doe je jas aan.” bufanda betekent “sjaal”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat ervoor het bepaalde lidwoord la: la bufanda. Het lidwoord verwijst hier naar één specifieke sjaal, maar la drukt op zichzelf geen getal als hoeveelheid uit. Voorbeeld: La bufanda es roja. — “De sjaal is rood.” Samen vormt Ponte la bufanda een directe aansporing aan één aangesproken persoon met tú: “Doe je sjaal om.” De volgorde is de gebiedende vorm ponte, gevolgd door het voorwerp la bufanda. In de gegeven context past dit bij het koude weer buiten.
¿También necesito guantes?
Heb ik ook handschoenen nodig?
- También
- ook
- necesito
- heb ik nodig
- guantes
- handschoenen
Uitgebreide uitleg
También betekent hier “ook”. Het voegt deze vraag toe aan iets dat al genoemd is: de spreker vraagt of handschoenen eveneens nodig zijn. Het is niet hetzelfde als tampoco, dat “ook niet” betekent. necesito komt van necesitar (“nodig hebben”) en is de tegenwoordige tijd in de eerste persoon enkelvoud: “ik heb nodig”. De uitgang -o markeert hier de ik-vorm. Voorbeeld: Necesito agua. — “Ik heb water nodig.” guantes betekent “handschoenen”. Het is het meervoud van guante (“handschoen”): un guante = “een handschoen”, dos guantes = “twee handschoenen”. Het zelfstandig naamwoord is mannelijk; bij het meervoud hoort bijvoorbeeld los guantes. Samen vormen de woorden de vraag ¿También necesito guantes?: “Heb ik ook handschoenen nodig?” Het Spaanse vraagteken aan het begin en einde markeert de vraag. De volgorde is letterlijk “Ook heb-ik-nodig handschoenen”; Spaans laat het onderwerp yo (“ik”) vaak weg, omdat de werkwoordsvorm necesito al de eerste persoon enkelvoud aangeeft.
Te mantendrán las manos calientes.
Ze houden je handen warm.
- Te
- je
- mantendrán
- zullen houden
- manos
- handen
- calientes
- warm
Uitgebreide uitleg
Te verwijst hier naar de persoon voor wie de handeling bedoeld is: “jou”. In deze zin is het een meewerkend voornaamwoord; het is dus niet het onderwerp. Vergelijk: me = mij, te = jou, le = hem/haar/u. mantendrán is de toekomende vorm van mantener (“houden” of “behouden”). De uitgang -án markeert hier de derde persoon meervoud: “zij zullen”. De vorm kan dus worden hergebruikt in een patroon als te mantendrán ... = “zij zullen voor jou ... houden”. Mantener krijgt in deze betekenis een voorwerp plus een eigenschap: mantener algo caliente = “iets warm houden”. manos is het meervoud van mano (“hand”). Het lidwoord las en het bijvoeglijk naamwoord calientes laten zien dat het om een vrouwelijk meervoud gaat; mano is in het Spaans een vrouwelijk zelfstandig naamwoord, ook al eindigt het op -o. Voorbeeld: Tengo las manos frías. = “Ik heb koude handen.” calientes betekent hier “warm” en beschrijft de toestand waarin de handen gehouden worden. Het bijvoeglijk naamwoord staat in het vrouwelijk meervoud en stemt overeen met manos; de basisvorm is caliente. Vergelijk: un libro caliente = “een warm boek”, unas manos calientes = “warme handen”. Samen vormt de zin het patroon te + mantendrán + [voorwerp] + [eigenschap]: “zij zullen jouw handen warm houden”. Te geeft aan voor wie de handeling bedoeld is, las manos is wat warm gehouden wordt, en calientes is de toestand die behouden wordt. De Spaanse zin zegt niet wie precies “zij” zijn; dat wordt door de derde persoon meervoud van mantendrán niet nader bepaald.
¿Dónde están mis guantes?
Waar zijn mijn handschoenen?
- Dónde
- waar
- están
- zijn
- mis
- mijn
- guantes
- handschoenen
Uitgebreide uitleg
Dónde is het vraagwoord voor een plaats: “waar”. Met het accent is het hier een vragend woord. Een bruikbaar patroon is ¿Dónde está ...? voor één ding en ¿Dónde están ...? voor meerdere dingen. están is de tegenwoordige tijd van estar (“zich bevinden/zijn”), voor de derde persoon meervoud. De meervoudsvorm past hier bij guantes, niet bij mis. Vergelijk: ¿Dónde está mi guante? — “Waar is mijn handschoen?” en ¿Dónde están mis guantes? — “Waar zijn mijn handschoenen?” Estar wordt hier gebruikt om een plaats of locatie aan te geven. mis betekent “mijn” vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord. Het woord verandert naar het aantal van het zelfstandig naamwoord: mi guante (“mijn handschoen”), maar mis guantes (“mijn handschoenen”). Het geeft bezit aan, maar op zichzelf geen bepaald aantal. guantes betekent “handschoenen”. De enkelvoudsvorm is guante; guantes is het meervoud. Het zelfstandig naamwoord is mannelijk, maar in deze zin is vooral het meervoud relevant voor de vorm están en voor mis. Samen vormen de delen ¿Dónde + están een vraag naar de plaats van iets meervoudigs, en mis guantes benoemt wat gelokaliseerd wordt. De volledige betekenis is: “Waar zijn mijn handschoenen?”
Están al lado de tu abrigo.
Ze liggen naast je jas.
- Están
- ze liggen
- al lado de
- naast
- tu
- je
- abrigo
- jas
Uitgebreide uitleg
Están komt van estar en is hier de tegenwoordige tijd voor de derde persoon meervoud: “ze zijn/liggen”. In deze zin geeft estar samen met de plaatsbepaling aan waar de genoemde voorwerpen zich bevinden. Voor één voorwerp gebruik je está; voor meerdere están. Voorbeeld: Los guantes están aquí. — “De handschoenen liggen hier.” al lado de is een vaste plaatsuitdrukking met de betekenis “naast” of “aan de zijkant van”. Het patroon is estar al lado de + zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: La bolsa está al lado de la puerta. — “De tas staat naast de deur.” tu is een bezittelijk woord voor “je/jouw” bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Het krijgt hier geen accent: tu abrigo. Dit verschilt van tú, het persoonlijk voornaamwoord “jij”. Het bezittelijke woord verwijst hier naar de jas van de aangesprokene. abrigo betekent “jas” en is een mannelijk, enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Het meervoud is abrigos — “jassen”. In tu abrigo staat het zelfstandig naamwoord na het bezittelijke woord. Samen vormen de delen Están al lado de tu abrigo de betekenis: “Ze liggen naast je jas.” Están verwijst in deze context naar de eerder genoemde handschoenen; al lado de tu abrigo geeft hun plaats aan. De zin gebruikt dus een vorm van estar plus een plaatsuitdrukking om de locatie van meervoudige voorwerpen te beschrijven.
Me los pondré antes de irme.
Ik doe ze aan voordat ik ga.
- Me
- me
- los
- ze
- pondré
- zal aantrekken
- antes de
- voordat
- irme
- weggaan
Uitgebreide uitleg
Me is hier een reflexief clitic bij poner in de betekenis “aantrekken”: de spreker trekt iets bij zichzelf aan. Het is de vorm voor de eerste persoon enkelvoud. Voorbeeld: Me pongo el abrigo — “Ik trek mijn jas aan.” Bij een andere persoon verandert het clitic: Se pone el abrigo — “Hij/zij trekt zijn/haar jas aan.” Los is het directe-objectclitic en betekent hier “ze”. De vorm los is mannelijk meervoud; dat is een grammaticale eigenschap van de Spaanse vorm, maar de vaste gegevens identificeren niet welk zelfstandig naamwoord precies de referent is. Het clitic staat vóór de vervoegde vorm: samen met me krijg je me los pondré — “ik zal ze aantrekken”. Bij een vrouwelijk enkelvoudig object staat bijvoorbeeld la: la pondré — “ik zal haar/het aantrekken”. Pondré is de toekomende tijd van poner, “zetten, leggen, doen”. In combinatie met me en los betekent het hier “aantrekken”. De toekomstige vorm is onregelmatig: poner → pondr- + -é; -é markeert hier de eerste persoon enkelvoud. Voorbeeld: Mañana me pondré la chaqueta — “Morgen trek ik de jas aan.” Zonder het clitic me betekent los pondré alleen “ik zal ze neerzetten/leggen” of “ik zal ze doen”; de betekenis “aantrekken” komt hier uit de combinatie met me. Antes de betekent “voordat” en leidt hier een infinitiefconstructie in. Het aantrekken gebeurt dus eerder dan het weggaan. Een zelfstandig naamwoord kan ook volgen: antes de la cena — “voor het avondeten”. Irme bestaat uit ir, “gaan”, met het clitic me aan het infinitief vast. In deze zin betekent het “gaan” of “weggaan” vanuit het perspectief van de spreker: antes de irme — “voordat ik ga”. Met een andere persoon kan er bijvoorbeeld antes de irte staan — “voordat jij gaat”. Samen vormt Me los pondré de betekenis “ik zal ze aantrekken”, gevolgd door antes de irme, “voordat ik ga”. De volledige zin betekent: “Ik doe ze aan voordat ik ga.”
Entonces estarás listo para el frío.
Dan ben je klaar voor de kou.
- Entonces
- dan
- estarás
- zul je zijn
- listo
- klaar
- frío
- kou
Uitgebreide uitleg
Entonces betekent hier “dan” en verbindt deze uitspraak met wat eraan voorafgaat. Het kan ook “toen” betekenen wanneer het over een moment in het verleden gaat; de context bepaalt de betekenis. estarás is de vorm van estar (“zijn”, vooral voor een toestand of situatie) voor tú in de eenvoudige toekomende tijd: estaré, estarás, estará, estaremos, estaréis, estarán. In deze zin betekent het “je zult zijn”. Een voorbeeld: Mañana estarás mejor. — “Morgen zul je je beter voelen.” listo is een bijvoeglijk naamwoord en betekent hier “klaar”. Het stemt af op de persoon of het zelfstandig naamwoord dat het beschrijft: listo voor mannelijk enkelvoud en lista voor vrouwelijk enkelvoud; meervoudsvormen zijn listos en listas. Een voorbeeld: Estoy lista. — “Ik ben klaar.” De vorm listo kan in andere contexten ook “slim” betekenen, maar dat is hier niet de bedoelde betekenis. frío is hier een zelfstandig naamwoord met de betekenis “kou”. Het verschilt van het bijvoeglijk naamwoord frío in bijvoorbeeld un día frío (“een koude dag”): dezelfde vorm kan dus afhankelijk van zijn functie “kou” of “koud” betekenen. In para el frío geeft para aan waarvoor iets bedoeld of nodig is: “voor de kou”. Samen vormen de delen: Entonces (“dan”) + estarás listo (“zul je klaar zijn”) + para el frío (“voor de kou”). De volledige betekenis is: “Dan ben je klaar voor de kou.”
Grammatica
hacer + weerwoord: Hace frío
Hace frío afuera.
aa-see frie-oo aa-fwee-raaHet is buiten koud.
Voor het weer gebruikt Spaans vaak hacer: Hace frío. Dit verschilt van het Nederlandse ‘het is koud’.
me los pondré + antes de + infinitief
Me los pondré antes de irme.
mee los pon-dree aan-tees dee ier-meeIk zal ze aantrekken voordat ik wegga.
Bij ponerse staan me en los vóór de vervoegde vorm; na antes de volgt een infinitief.
Spaans woordenschat
Hace frío afuera.
Ponte la bufanda.
Te mantendrán las manos calientes.
¿Dónde están mis guantes?
¿Dónde están mis guantes?
¿También necesito guantes?
Hace frío afuera.
Te mantendrán las manos calientes.
Te mantendrán las manos calientes.
¿También necesito guantes?
Ponte la bufanda.
¿También necesito guantes?
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Buiten voelt het koud aan.
Antwoord tonen
Hace frío afuera.Doe je sjaal om.
Antwoord tonen
Ponte la bufanda.Heb ik ook handschoenen nodig?
Antwoord tonen
¿También necesito guantes?Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
hand
Antwoord tonen
manosdoe aan
Antwoord tonen
ponteook
Antwoord tonen
tambiénwarm houden