Sterke wind buiten | Leer spaans in het Nederlands

Spanish lesson set in a contemporary Madrid everyday setting: Outside, two adults talk about strong wind and walking more slowly near the street..

NL → ES / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Sterke wind buiten oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.

Dialoog

A

Hace mucho viento afuera.

AA-se MOE-tsjoo BJEN-to a-FWE-ra. Buiten waait het hard.
B

Sujeta tu sombrero con una mano.

SOE-ge-ta toe som-BREE-ro kon OE-na MAA-no. Houd je hoed met één hand vast.
A

Los árboles se mueven mucho.

los AAR-bo-les se MWE-ben MOE-tsjoo. De bomen bewegen heel veel.
B

El viento es más fuerte cerca de la calle.

el BJEN-to es mas FWER-te SER-ka de la KAA-je. De wind is sterker bij de straat.
A

¿Deberíamos caminar más despacio?

de-be-RJAA-mos ka-mi-NAR mas des-PAA-sjo? Zullen we langzamer lopen?
B

Vamos más despacio cerca de la calle.

BAA-mos mas des-PAA-sjo SER-ka de la KAA-je. Laten we langzamer lopen bij de straat.
A

También voy a sujetar mi bolso cerca de mí.

tam-BJEN boj a SOE-ge-TAR mie BOL-so SER-ka de MIE. Ik houd mijn tas ook dicht bij me.
B

Así mi bolso no se abrirá con el viento.

a-SIE mie BOL-so noo se a-bri-RAA kon el BJEN-to. Dan waait mijn tas hopelijk niet open.

Uitleg van de zinnen

  1. Hace mucho viento afuera.

    Buiten waait het hard.

    Hace
    er heerst / het is
    mucho
    veel
    viento
    wind
    afuera
    buiten
    Uitgebreide uitleg

    Hace is hier de derde persoon enkelvoud van hacer in een onpersoonlijke weeruitdrukking. Het verwijst niet naar een genoemde persoon: hace betekent in zulke patronen ongeveer “het is / er is”. Vergelijk: Hace frío. = “Het is koud.” mucho versterkt viento en betekent hier “veel” of, natuurlijker in de vertaling, “hard”. Het bijvoeglijke woord past zich aan het zelfstandig naamwoord aan: mucho viento (mannelijk enkelvoud), maar bijvoorbeeld mucha lluvia (vrouwelijk enkelvoud). Het drukt hier een grote hoeveelheid of intensiteit uit; het is niet zelf de werkwoordsvorm. viento is een mannelijk zelfstandig naamwoord voor “wind”. Het vormt samen met hace een veelgebruikt weerpatroon: Hace viento. = “Het waait.” Met een versterking krijg je Hace mucho viento. = “Het waait hard.” afuera is een bijwoord en betekent “buiten”. Het geeft aan waar de beschreven wind is. Het verandert niet mee met een zelfstandig naamwoord. Een bruikbaar contrast is afuera = “buiten” tegenover adentro = “binnen”. Samen betekent Hace mucho viento afuera.: “Buiten waait het hard.” De weeruitdrukking hace mucho viento beschrijft de sterke wind, en afuera plaatst die situatie buiten.

  2. Sujeta tu sombrero con una mano.

    Houd je hoed met één hand vast.

    Sujeta
    houd vast
    sombrero
    hoed
    mano
    hand
    Uitgebreide uitleg

    Sujeta is hier een bevel aan één persoon met tú: “houd vast”. Het komt van sujetar en is de bevestigende tú-vorm van de gebiedende wijs. Voor een beleefde enkelvoudige aanspreking gebruik je sujete (usted), niet sujeta. Sombrero betekent hier “hoed”. Het is een zelfstandig naamwoord; het meervoud is sombreros. Het bezittelijk woord tu ervoor betekent “je/jouw”. Tu heeft geen accent en is hier een bezittelijk woord; tú met accent betekent daarentegen “jij”. In deze zin stemt tu af op het enkelvoudige bezeten woord sombrero, niet op het aantal bezitters. Con una mano betekent “met één hand”. Con geeft het middel of lichaamsdeel aan waarmee de handeling gebeurt. Una mano is een vrouwelijke enkelvoudige naamwoordgroep: mano betekent “hand” en heeft in het Spaans het vrouwelijke lidwoord una, ondanks de uitgang op -o. De vaste vertaling maakt hier expliciet dat het om één hand gaat. Samen vormt de zin de gebiedende constructie Sujeta + tu + sombrero + con + una mano: “Houd je hoed met één hand vast.” De voorafgaande context over harde wind verklaart waarom deze instructie passend is, maar verandert de grammaticale betekenis van de zin niet.

  3. Los árboles se mueven mucho.

    De bomen bewegen heel veel.

    árboles
    bomen
    se mueven
    bewegen
    mucho
    veel
    Uitgebreide uitleg

    árboles betekent hier “bomen”. Het enkelvoud is árbol; het meervoud wordt gevormd met -es: árbol → árboles. Het zelfstandig naamwoord is mannelijk en meervoud, wat ook te zien is aan los in los árboles. se mueven betekent hier “bewegen”. De infinitief is moverse: se maakt hier deel uit van de pronominale vorm die “bewegen” betekent; het drukt hier geen wederkerigheid uit (“elkaar”). mueven is de tegenwoordige tijd van mover bij een onderwerp in de derde persoon meervoud. De stamwisseling o → ue zie je in mover → mueven. Voor een enkelvoudig onderwerp is er bijvoorbeeld El árbol se mueve — “De boom beweegt”. mucho betekent hier “veel” en geeft de mate van het bewegen aan. In deze functie is het een bijwoord en verandert het niet mee met árboles. Samen vormen Los árboles + se mueven + mucho de zin “De bomen bewegen heel veel.” Omdat Los árboles meervoud is, staat mueven in de derde persoon meervoud.

  4. El viento es más fuerte cerca de la calle.

    De wind is sterker bij de straat.

    viento
    wind
    más fuerte
    sterker
    cerca de
    dicht bij
    calle
    straat
    Uitgebreide uitleg

    viento betekent hier “wind”. Het is een zelfstandig naamwoord; de vaste vorm is el viento, met het bepaalde lidwoord el. Het meervoud is los vientos. Voorbeeld: El viento sopla. — “De wind waait.” más fuerte betekent “sterker”. Fuerte is de basisvorm; más fuerte is de vergrotende trap en betekent letterlijk “meer sterk”. Het bijvoeglijk naamwoord fuerte blijft hier hetzelfde voor mannelijk en vrouwelijk; más markeert de vergelijking. Voorbeeld: El viento es más fuerte hoy. — “De wind is vandaag sterker.” cerca de is een vaste voorzetseluitdrukking voor “dicht bij” of “in de buurt van”. Na de komt hier la calle, dus de volledige plaatsbepaling is cerca de la calle. Voorbeeld: La escuela está cerca de la estación. — “De school is dicht bij het station.” calle betekent “straat”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: la calle; het meervoud is las calles. Voorbeeld: La calle es tranquila. — “De straat is rustig.” In de hele zin is El viento het onderwerp. es is de vorm van ser bij een enkelvoudig onderwerp en verbindt het onderwerp met de beschrijving más fuerte. cerca de la calle geeft aan waar die vergelijking geldt. Samen betekent El viento es más fuerte cerca de la calle.: “De wind is sterker bij de straat.”

  5. ¿Deberíamos caminar más despacio?

    Zullen we langzamer lopen?

    Deberíamos
    zouden moeten
    caminar
    lopen
    más despacio
    langzamer
    Uitgebreide uitleg

    Deberíamos is de vorm van deber voor de eerste persoon meervoud in de conditionele wijs. Hier drukt het geen harde verplichting uit, maar een voorstel: “zouden we moeten…?” De uitgang -íamos hoort bij “wij”. Vergelijk: deberíamos descansar = “we zouden moeten rusten”. caminar is de infinitief van “lopen”. Na deberíamos blijft het volgende werkwoord in de infinitief: deberíamos caminar = “we zouden moeten lopen”. De infinitief benoemt de activiteit zonder zelf persoon of tijd aan te geven. más despacio betekent hier “langzamer”. Despacio betekent “langzaam”; met más wordt de manier van lopen vergeleken met een eerder of verondersteld tempo. Het is een bijwoordelijke vergelijking: caminar más despacio = “langzamer lopen”. Voorbeelden: Habla más despacio = “Praat langzamer”; Caminamos despacio = “We lopen langzaam”. Samen vormt deberíamos caminar más despacio een voorstel aan de groep waar de spreker zelf bij hoort: “we zouden langzamer moeten lopen”. De vraagvorm ¿...? maakt daarvan de vraag “Zullen we langzamer lopen?”.

  6. Vamos más despacio cerca de la calle.

    Laten we langzamer lopen bij de straat.

    Vamos
    laten we gaan
    más despacio
    langzamer
    cerca de
    dicht bij
    calle
    straat
    Uitgebreide uitleg

    Vamos is hier de vorm van ir voor de eerste persoon meervoud: letterlijk een vorm die met “wij” samenhangt. In deze zin werkt vamos als aansporing: “laten we ...”. Samen met más despacio betekent het hier, volgens de vaste vertaling en de context, “laten we langzamer lopen”. Voorbeeld: Vamos al parque. — “Laten we naar het park gaan.” Más despacio geeft een vergelijking aan. Despacio betekent “langzaam”; más despacio betekent “langzamer”, dus met een lagere snelheid dan eerder of dan een vergelijkingspunt. Más staat hier bij het bijwoord despacio, niet bij een zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Habla más despacio, por favor. — “Spreek alstublieft langzamer.” Cerca de is een vaste voorzetselcombinatie met de betekenis “dicht bij” of “in de buurt van”. Het voorzetsel de verbindt de plaatsaanduiding met wat er als referentiepunt volgt. Voorbeeld: Vivo cerca de aquí. — “Ik woon hier vlakbij.” Calle is een zelfstandig naamwoord voor “straat”. In la calle is la het bepaalde lidwoord dat bij het vrouwelijke zelfstandig naamwoord calle hoort. De woordgroep cerca de la calle betekent hier “bij de straat”; de zin zegt niet dat de beweging ín de straat plaatsvindt. De onderdelen worden zo gecombineerd: vamos = “laten we”, más despacio = “langzamer”, en cerca de la calle = “bij de straat”. De volledige betekenis is daarom: “Laten we langzamer lopen bij de straat.”

  7. También voy a sujetar mi bolso cerca de mí.

    Ik houd mijn tas ook dicht bij me.

    También
    ook
    voy a
    ik ga ...
    sujetar
    vasthouden
    mi
    mijn
    bolso
    tas
    cerca de mí
    dicht bij me
    Uitgebreide uitleg

    También betekent hier ‘ook’: deze handeling wordt toegevoegd aan iets anders dat de spreker doet of van plan is. Het is een bijwoord en verandert niet mee met persoon of aantal. voy a vormt samen met het daaropvolgende infinitief een veelgebruikt patroon voor een nabije of voorgenomen toekomstige handeling: ir a + infinitief. voy is de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud, van ir (‘gaan’). In dit patroon betekent voy a sujetar dus ‘ik ga vasthouden’ of ‘ik zal vasthouden’; a hoort bij het patroon en is hier niet op zichzelf het Nederlandse voorzetsel ‘naar’. sujetar is een infinitief en betekent hier ‘vasthouden’ of ‘stevig vasthouden’. Na voy a blijft het werkwoord in de infinitief. De vervoegde vorm zou bijvoorbeeld sujeto zijn voor ‘ik houd vast’ in de tegenwoordige tijd. Voorbeeld: Voy a sujetar la caja. — ‘Ik ga de doos vasthouden.’ mi betekent ‘mijn’ en staat vóór het zelfstandig naamwoord. Deze vorm is enkelvoud en verandert niet naar mannelijk of vrouwelijk; voor een meervoudig zelfstandig naamwoord wordt mis gebruikt. Het is niet hetzelfde als mí in cerca de mí: het accent maakt daar een beklemtoond voornaamwoord van. bolso is een mannelijk zelfstandig naamwoord voor een tas of handtas. Het meervoud is bolsos. In mi bolso bepaalt het zelfstandig naamwoord de betekenis van de naamwoordgroep, terwijl mi alleen bezit aanduidt. cerca de mí betekent ‘dicht bij me’. cerca de is een vaste manier om nabijheid uit te drukken. Na het voorzetsel de staat mí, de beklemtoonde vorm van het persoonlijke voornaamwoord voor de eerste persoon enkelvoud. Vergelijk: cerca de mí — ‘dicht bij me’; cerca de ti — ‘dicht bij jou’. Samen vormen de delen: También (‘ook’) + voy a sujetar (‘ik ga vasthouden’) + mi bolso (‘mijn tas’) + cerca de mí (‘dicht bij me’). De volledige betekenis is daarom: ‘Ik houd mijn tas ook dicht bij me.’ De context maakt duidelijk dat het doel is de tas dichtbij te houden, zodat die daarna niet door de wind opengaat.

  8. Así mi bolso no se abrirá con el viento.

    Dan waait mijn tas hopelijk niet open.

    Así
    dan; zo
    bolso
    tas
    no
    niet
    se abrirá
    zal opengaan
    con
    met; door
    viento
    wind
    Uitgebreide uitleg

    Así betekent hier dan of zo: het verbindt de voorafgaande handeling met het genoemde gevolg. Een herbruikbaar patroon is así + gevolg, met de betekenis “zo …” of “dan …”. bolso is een zelfstandig naamwoord voor “tas”. Het staat hier in het enkelvoud; mi drukt uit dat de tas bij de spreker hoort. Voorbeeld: Mi bolso es pequeño. — “Mijn tas is klein.” no maakt de gebeurtenis negatief: “niet”. Het ontkent hier dat de tas zal opengaan. se abrirá komt van abrirse, “opengaan”. Abrirá is de toekomende tijd van abrir in de derde persoon enkelvoud. Se hoort hier bij de pronominale vorm abrirse, zodat het gaat om iets dat opengaat, niet om iemand die iets opent. De uitgang -á komt ook voor in vormen zoals saldrá, “zal vertrekken”. Voorbeeld: La puerta se abrirá. — “De deur zal opengaan.” con betekent hier “met” of “door” en geeft de omstandigheid of oorzaak aan. viento betekent “wind” en staat hier in het enkelvoud. Samen betekent con el viento: “door de wind” of “met de wind als oorzaak”. Voorbeeld: La ventana se mueve con el viento. — “Het raam beweegt door de wind.” De zin bouwt op als Así + mi bolso + no se abrirá + con el viento: “Dan zal mijn tas niet opengaan door de wind.” In de vaste Nederlandse vertaling wordt de bedoelde verwachting weergegeven met “Dan waait mijn tas hopelijk niet open.” Hopelijk is daarbij een Nederlandse weergave van de houding tegenover die voorspelling; het Spaanse no betekent zelf “niet”.

Grammatica

hacer + weeruitdrukking

Hace mucho viento.

AA-se MOE-tsjoo BJEN-to.

Het waait hard.

In Spaanse weeruitdrukkingen gebruik je vaak de onpersoonlijke vorm hace, niet een persoonlijk onderwerp.

ir a + infinitivo

Voy a sujetar.

boj a SOE-ge-TAR.

Ik ga vasthouden.

Voy a + infinitief drukt een plan of nabije toekomst uit; de infinitief blijft onveranderd.

Spaans woordenschat

afuera bijwoord
a-FWE-ra buiten

Hace mucho viento afuera.

árboles zelfstandig naamwoord
AAR-bo-les bomen

Los árboles se mueven mucho.

calle zelfstandig naamwoord
KAA-je straat

El viento es más fuerte cerca de la calle.

cerca de voorzetsel
SER-ka de dicht bij; in de buurt van

El viento es más fuerte cerca de la calle.

hace werkwoord
AA-se het maakt; het is (in een weeruitdrukking)

Hace mucho viento afuera.

mano zelfstandig naamwoord
MAA-no hand

Sujeta tu sombrero con una mano.

más fuerte bijvoeglijk naamwoord
mas FWER-te sterker

El viento es más fuerte cerca de la calle.

mucho viento uitdrukking
MOE-tsjoo BJEN-to veel wind

Hace mucho viento afuera.

se mueven werkwoord
se MWE-ben bewegen zich

Los árboles se mueven mucho.

sombrero zelfstandig naamwoord
som-BREE-ro hoed

Sujeta tu sombrero con una mano.

sujeta werkwoord
SOE-ge-ta houd vast

Sujeta tu sombrero con una mano.

viento zelfstandig naamwoord
BJEN-to wind

El viento es más fuerte cerca de la calle.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Buiten waait het hard.

Antwoord tonenHace mucho viento afuera.

Houd je hoed met één hand vast.

Antwoord tonenSujeta tu sombrero con una mano.

De bomen bewegen heel veel.

Antwoord tonenLos árboles se mueven mucho.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

hand

Antwoord tonenmano

wind

Antwoord tonenviento

hoed

Antwoord tonensombrero

het maakt; het is (in een weeruitdrukking)

Antwoord tonenhace