Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Wandelen als hobby oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.
Dialoog
¿Caminar es tu pasatiempo?
ka-mi-NAR es toe pa-sa-TJEM-po Is wandelen jouw hobby?Me gusta salir a caminar en mi tiempo libre.
mee GOES-ta sa-LIER a ka-mi-NAR en mie TJEM-po LIE-bre Ik ga in mijn vrije tijd graag wandelen.¿Adónde vas normalmente?
a-DOON-de bas nor-mal-MEN-te Waar ga je meestal naartoe?Camino en el parque.
ka-MIE-no en el PAR-ke Ik wandel in het park.¿Es larga la ruta?
es LAR-ga la ROE-ta Is de route lang?Es un paseo corto y fácil.
es oen pa-SE-o KOR-to ie FA-siel Het is een korte, gemakkelijke wandeling.Eso suena relajante.
EE-soe SWE-na re-la-GHAN-te Dat klinkt ontspannend.Podemos ir allí juntos.
po-DE-mos ier a-JIE GOEN-tos We kunnen er samen naartoe gaan.Uitleg van de zinnen
¿Caminar es tu pasatiempo?
Is wandelen jouw hobby?
- Caminar
- wandelen
- es
- is
- tu
- jouw
- pasatiempo
- hobby
Uitgebreide uitleg
Caminar betekent hier ‘wandelen’ en staat in de infinitief. De infinitief kan in het Spaans als onderwerp van een zin dienen: Caminar es ... = ‘Wandelen is ...’. In het voorbeeld Me gusta salir a caminar staat dezelfde vorm in de constructie salir a caminar: ‘Ik ga graag wandelen’. De infinitief verandert hier niet voor persoon of aantal. es is de vorm van ser voor de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd. Hier verbindt es het onderwerp Caminar met de omschrijving tu pasatiempo: ‘is’. Omdat een infinitief als enkelvoudig onderwerp wordt behandeld, past de enkelvoudsvorm es hierbij. Voor herbruikbaar contrast: Caminar es fácil = ‘Wandelen is gemakkelijk’. tu betekent hier ‘jouw’. Het is een bezittelijke vorm die aangeeft van wie pasatiempo is. tu krijgt in deze betekenis geen accentteken; tú met accent is daarentegen het persoonlijke voornaamwoord ‘jij’. tu verwijst hier volgens de vertaling naar de aangesprokene en geeft een enkelvoudige bezitter aan, maar specificeert diens geslacht niet. pasatiempo betekent ‘hobby’ of ‘tijdverdrijf’. Het is een zelfstandig naamwoord en staat hier in het enkelvoud. Het lidwoord ontbreekt omdat tu al als bepaler bij het zelfstandig naamwoord staat: tu pasatiempo = ‘jouw hobby’. Een bruikbaar voorbeeld is La lectura es mi pasatiempo = ‘Lezen is mijn hobby’. Samen vormt de zin ¿Caminar es tu pasatiempo?: ‘Is wandelen jouw hobby?’ De vraagvorm wordt hier door de omringende vraagtekens en de intonatie aangegeven; de woordvolgorde blijft hetzelfde als in de overeenkomstige mededelende zin Caminar es tu pasatiempo (‘Wandelen is jouw hobby’).
Me gusta salir a caminar en mi tiempo libre.
Ik ga in mijn vrije tijd graag wandelen.
- Me gusta
- Ik vind het leuk
- salir
- gaan of vertrekken
- caminar
- wandelen of lopen
- en mi tiempo libre
- in mijn vrije tijd
Uitgebreide uitleg
Me gusta betekent hier dat de spreker een activiteit prettig vindt. me verwijst naar degene die dat prettig vindt; gusta is de derde persoon enkelvoud van gustar, omdat de daaropvolgende activiteit als één geheel wordt behandeld. Vergelijk: Me gusta caminar = “Ik wandel graag”, maar Me gustan los libros = “Ik houd van boeken”; bij het meervoudige zelfstandig naamwoord staat gustar in het meervoud. salir is hier het infinitief voor “gaan” of “vertrekken” om iets te doen. Met a en een tweede infinitief vormt het een doel- of activiteitenpatroon: Salgo a correr betekent “Ik ga hardlopen”. Dat is een gelabeld voorbeeld, geen extra feit uit de bron. caminar is het infinitief voor “wandelen” of “lopen”. In salir a caminar is wandelen de activiteit waarvoor de spreker gaat. De twee infinitieven behouden elk hun eigen betekenis; samen betekenen ze “gaan wandelen”. en mi tiempo libre geeft aan wanneer dit gebeurt: “in mijn vrije tijd”. mi is het bezittelijk woord bij een bezitter in de eerste persoon enkelvoud. Het markeert hier niet het geslacht van tiempo; het staat in het enkelvoud bij het enkelvoudige zelfstandig naamwoord. De meervoudsvorm is mis, bijvoorbeeld in het gelabelde voorbeeld mis horas libres = “mijn vrije uren”. tiempo betekent hier “tijd”. libre beschrijft tiempo en verandert in het enkelvoud niet voor mannelijk of vrouwelijk: tiempo libre; voor een meervoudig zelfstandig naamwoord krijgt het wel een meervoudsvorm, bijvoorbeeld horas libres = “vrije uren”. Samen betekent de zin: “Ik ga in mijn vrije tijd graag wandelen.” De structuur is Me gusta + de activiteit salir a caminar + de tijdsaanduiding en mi tiempo libre.
¿Adónde vas normalmente?
Waar ga je meestal naartoe?
- ¿Adónde
- waar naartoe
- vas
- ga je
- normalmente
- meestal
Uitgebreide uitleg
¿Adónde vraagt naar een bestemming: “waar naartoe?”. Het accentteken hoort bij de vraagvorm. Vergelijk ¿Dónde...? = “waar?”, zonder nadruk op beweging naar een bestemming. Voorbeeld: ¿Adónde vas mañana? — “Waar ga je morgen naartoe?” vas is hier de vorm van ir (“gaan”) in de tegenwoordige tijd voor tú: tú vas. De vorm va hoort bij él, ella of formeel usted; vais hoort bij vosotros/vosotras. In deze vraag is het onderwerp tú niet uitgesproken, maar de persoonsvorm maakt dat duidelijk. Voorbeeld: Vas al parque. — “Je gaat naar het park.” normalmente betekent “meestal” of “gewoonlijk” en geeft aan wat doorgaans gebeurt, niet noodzakelijk wat op dit moment gebeurt. Het bijwoord verandert niet naar persoon of getal. Voorbeeld: Normalmente camino en el parque. — “Meestal wandel ik in het park.” Samen vormen de delen de vraag ¿Adónde vas normalmente?: “Waar ga je meestal naartoe?” De vraag vraagt dus naar de gebruikelijke bestemming van de aangesprokene: ¿adónde? + vas + normalmente.
Camino en el parque.
Ik wandel in het park.
- Camino
- ik wandel
- en el
- in het
- parque
- park
Uitgebreide uitleg
Camino betekent hier “ik wandel”. Het is de vorm van caminar (“wandelen/lopen”) voor de eerste persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: yo camino. Dezelfde vorm kan in andere contexten ook “pad/weg” als zelfstandig naamwoord zijn, maar de vaste vertaling en deze zin maken hier de werkwoordelijke lezing duidelijk. Voorbeeld: Camino al trabajo. — “Ik loop naar mijn werk.” en el geeft de plaats aan: en betekent “in/op” en el is het bepaald lidwoord bij een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. En verandert niet mee met het zelfstandig naamwoord. El is hier niet zelf een getalsuitdrukking; het markeert een bepaalde plaats. Voorbeeld: Leo en el parque. — “Ik lees in het park.” parque betekent “park”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; het bepaalde enkelvoud is el parque en het meervoud is los parques. Het meervoud krijgt dus -s, terwijl het lidwoord ook verandert van el naar los. Voorbeeld: Hay dos parques cerca. — “Er zijn twee parken in de buurt.” Samen vormen de delen Camino en el parque.: “Ik wandel in het park.” Camino drukt uit wie de handeling verricht en dat die handeling in het heden wordt voorgesteld; en el parque noemt de plaats waar het wandelen gebeurt. De zin is een eenvoudige mededeling in de tegenwoordige tijd.
¿Es larga la ruta?
Is de route lang?
- Es
- is
- larga
- lang
- ruta
- route
Uitgebreide uitleg
Es is de derde persoon enkelvoud van ser in de tegenwoordige tijd: ser → es. Hier vormt het samen met larga een beschrijving van de route. In een ja/nee-vraag kan dezelfde vorm es zowel in een mededeling als in een vraag voorkomen; de vraagintonatie en de vraagtekens maken hier het verschil. larga betekent hier “lang” en is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord largo. De vorm past bij la ruta: ruta is vrouwelijk en enkelvoud. Vergelijk: el camino es largo (“het pad is lang”) tegenover la ruta es larga (“de route is lang”). De uitgang van het bijvoeglijk naamwoord verandert dus hier, niet die van es. ruta betekent “route”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: la ruta. Het meervoud is las rutas. Een bruikbaar voorbeeld is: La ruta es corta. — “De route is kort.” Corta stemt daar, net als larga, in vrouwelijk enkelvoud met ruta overeen. Samen staan de woorden in deze vraag in de volgorde Es + larga + la ruta: eerst de werkwoordsvorm, daarna de beschrijving en vervolgens het onderwerp. De vraag vraagt of de route de eigenschap “lang” heeft. Daarom betekent de volledige uiting: “Is de route lang?”
Es un paseo corto y fácil.
Het is een korte, gemakkelijke wandeling.
- Es
- is
- paseo
- wandeling
- corto
- kort
- fácil
- gemakkelijk
Uitgebreide uitleg
Es is de derde persoon enkelvoud van ser in de tegenwoordige tijd. Hier betekent het “is” en vormt het samen met de rest een beschrijving; het Spaanse onderwerp kan daarbij onuitgesproken blijven. Voorbeeld: Es interesante. — “Het is interessant.” paseo is hier een zelfstandig naamwoord in het mannelijk enkelvoud: “wandeling”. Het kan in andere contexten ook een uitstapje of een wandeling als activiteit aanduiden. Voorbeeld: El paseo es tranquilo. — “De wandeling is rustig.” corto is een bijvoeglijk naamwoord in de mannelijke enkelvoudsvorm. Het stemt af op paseo: corto bij een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord, corta bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. De betekenis hier is “kort”. Voorbeeld: una ruta corta — “een korte route”. fácil betekent hier “gemakkelijk”. Deze vorm verandert niet met het grammaticale geslacht: un paseo fácil en una tarea fácil. In het meervoud wordt het fáciles, ongeacht het geslacht. Voorbeeld: Es fácil. — “Het is gemakkelijk.” Samen vormen de woorden Es un paseo corto y fácil. de betekenis: “Het is een korte, gemakkelijke wandeling.” un introduceert het zelfstandig naamwoord als een niet nader bepaalde wandeling; corto beschrijft de wandeling, fácil voegt een tweede eigenschap toe, en y verbindt die twee eigenschappen.
Eso suena relajante.
Dat klinkt ontspannend.
- Eso
- dat
- suena
- klinkt
- relajante
- ontspannend
Uitgebreide uitleg
Eso betekent hier “dat” en verwijst naar een zaak, indruk of situatie die uit de context duidelijk is; als zelfstandig gebruikt aanwijzend voornaamwoord hoeft het geen zelfstandig naamwoord te vervangen. Een vergelijkbaar contrast is esto “dit” tegenover eso “dat”. suena is de derde persoon enkelvoud van sonar in de tegenwoordige tijd. Bij eso krijgt het werkwoord deze enkelvoudsvorm. Naast letterlijk “geluid maken” kan sonar ook betekenen dat iets een bepaalde indruk wekt: La idea suena bien. — “Het idee klinkt goed.” relajante is een beschrijvend woord voor iets dat ontspanning veroorzaakt: “ontspannend”. Deze vorm verandert niet voor mannelijk en vrouwelijk in het enkelvoud; het meervoud is relajantes. Dat verschilt in betekenis van relajado/relajada, “ontspannen” als toestand van iemand of iets. Samen vormt Eso suena relajante de structuur “Dat klinkt + beschrijving”. Eso is datgene waarover de spreker oordeelt, suena geeft de indruk weer, en relajante benoemt die indruk. De volledige betekenis is: “Dat klinkt ontspannend.”
Podemos ir allí juntos.
We kunnen er samen naartoe gaan.
- Podemos
- we kunnen
- ir
- gaan
- allí
- daarheen
- juntos
- samen
Uitgebreide uitleg
Podemos komt van poder (kunnen) en is de tegenwoordige tijd voor nosotros/nosotras: “wij kunnen”. De vorm drukt hier samen met ir uit dat de groep ergens naartoe kan gaan. Andere vormen zijn bijvoorbeeld puedo (“ik kan”) en pueden (“zij kunnen” of “jullie kunnen”, afhankelijk van de context). Voorbeeld: Podemos esperar aquí. — “We kunnen hier wachten.” Ir is het infinitief “gaan”. Na poder staat het volgende werkwoord in het infinitief: podemos ir betekent “we kunnen gaan”. Dit patroon is herbruikbaar met andere werkwoorden, bijvoorbeeld Podemos comer. — “We kunnen eten.” Allí betekent hier “daarheen”, omdat het gecombineerd wordt met het bewegingswerkwoord ir; het wijst naar de bestemming. Als er geen beweging wordt uitgedrukt, kan allí ook “daar” betekenen: El museo está allí. — “Het museum is daar.” Een nuttig plaatscontrast is aquí (“hier”) tegenover allí (“daar”). Juntos betekent “samen”. Het is een bijvoeglijk woord dat hier bij de groep “wij” hoort en daarom in het meervoud staat. Juntos is de vorm voor een mannelijke of gemengde groep; bij een uitsluitend vrouwelijke groep staat juntas. Voorbeeld: Trabajamos juntos. — “We werken samen.” Samen vormen podemos ir allí juntos en de punt de betekenis: “We kunnen er samen naartoe gaan.” Podemos geeft de mogelijkheid aan, ir de beweging, allí de bestemming en juntos dat de betrokken groep gezamenlijk gaat.
Grammatica
gustar + activiteit
Me gusta salir a caminar.
mee GOES-ta sa-LIER a ka-mi-NARIk vind wandelen leuk.
Bij gustar is de activiteit grammaticaal het onderwerp: gusta bij één activiteit; me geeft aan wie het leuk vindt.
zelfstandig naamwoord + bijvoeglijk naamwoord
una ruta larga
OE-na ROE-ta LAR-gaeen lange route
Bijvoeglijke naamwoorden passen zich aan het zelfstandig naamwoord aan: ruta is vrouwelijk, dus largo wordt larga.
Spaans woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Is wandelen jouw hobby?
Antwoord tonen
¿Caminar es tu pasatiempo?Waar ga je meestal naartoe?
Antwoord tonen
¿Adónde vas normalmente?Ik wandel in het park.
Antwoord tonen
Camino en el parque.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
meestal
Antwoord tonen
normalmentewaarheen
Antwoord tonen
adóndepark
Antwoord tonen
parquewandelen