Vooruitgaan in de rij | Leer spaans in het Nederlands

Spanish lesson set in a contemporary Madrid everyday setting: At a counter line, two adults move forward, get ready with a card, and prepare to order..

NL → ES / Niveau: A1

Over deze les

Met Vooruitgaan in de rij oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.

Dialoog

A

La fila avanza.

la fíela abánsa De rij schuift op.
B

Tenemos que avanzar ahora.

tee-né-moos kee a-ban-sár a-ó-ra We moeten nu naar voren gaan.
A

¿Nos toca ahora?

noos tóka a-ó-ra Zijn wij nu aan de beurt?
B

Casi, hay una persona delante de nosotros.

ká-sie, ai óena persóóna dee-lán-tee dee no-só-troos Bijna, er staat nog één persoon voor ons.
A

Tengo mi tarjeta lista.

téngoo mie tar-chéé-ta lísta Ik heb mijn kaart bij de hand.
B

Tenla en la mano.

tén-la en la má-noo Houd hem in je hand.
A

Estoy listo para pedir.

es-tój lísto pá-ra pee-dír Ik ben klaar om te bestellen.
B

Después ellos pueden tomar nuestro pedido.

des-pwés é-jos pwé-den too-már noos-tro péé-die-doo Daarna kunnen zij onze bestelling opnemen.

Woord voor woord

La In «La fila» betekent «La» “de” en verwijst het naar de rij die in deze scène vooruitgaat. Het staat vóór een enkelvoudig vrouwelijk zelfstandig naamwoord; gebruik hetzelfde patroon in een nieuwe zin als la + zelfstandig naamwoord wanneer je naar zo’n bepaald vrouwelijk woord verwijst.
fila In «La fila avanza» betekent «fila» de rij of wachtrij waarin mensen wachten. Je gebruikt het bij situaties waarin mensen achter elkaar wachten, bijvoorbeeld bij een balie; in een nieuw voorbeeld kan fila voorkomen na la.
avanza In «La fila avanza» betekent «avanza» dat de rij vooruitgaat. Dit is hier de vorm van avanzar die bij «La fila» past; gebruik avanzar ook na een uitdrukking zoals tener que wanneer iemand vooruit moet gaan.
Tenemos In «Tenemos que avanzar ahora» betekent «Tenemos» op zichzelf “we hebben”, maar samen met que vormt het de uitdrukking “we moeten”. Het is een vorm van tener; gebruik het patroon tenemos que + infinitief wanneer meerdere mensen een noodzakelijke actie benoemen, zoals in deze wachtrij.
que In «Tenemos que avanzar ahora» maakt «que» deel uit van de vaste constructie tenemos que + infinitief, die hier verplichting uitdrukt. Het woord krijgt deze functie dus samen met tenemos; gebruik dezelfde constructie om te zeggen wat je moet doen.
avanzar In «Tenemos que avanzar ahora» betekent «avanzar» vooruitgaan. Het staat na tenemos que in de vorm die de noodzakelijke actie benoemt; gebruik het patroon tener que avanzar wanneer iemand moet opschuiven of vooruitgaan.
ahora In «Tenemos que avanzar ahora» betekent «ahora» “nu”, dus op dit moment. Het verduidelijkt wanneer de actie moet gebeuren; gebruik ahora bij een verzoek, plan of mededeling over het huidige moment.
Nos In «¿Nos toca ahora?» verwijst «Nos» naar de mensen die spreken en geeft het aan voor wie de beurt geldt. Het hoort hier bij toca in de combinatie nos toca; gebruik die combinatie om naar de eigen beurt te vragen of die te benoemen.
toca In «¿Nos toca ahora?» betekent «toca» samen met nos dat het onze beurt is. Het is hier een vorm van tocar in de beurtconstructie; gebruik bijvoorbeeld in een nieuwe zin te toca om te zeggen dat iemand anders aan de beurt is.
Casi In «Casi» betekent «Casi» “bijna” en geeft het aan dat de beurt nog net niet gekomen is. Je gebruikt casi om aan te geven dat iets dicht bij een moment, hoeveelheid of toestand is; dat past hier bij het wachten in de rij.
hay In «hay una persona delante de nosotros» betekent «hay» “er is” en introduceert het wat er aanwezig is. Gebruik het patroon hay + zelfstandig naamwoord om te zeggen dat iets of iemand ergens is, zoals bij een persoon vóór jullie.
una In «hay una persona delante de nosotros» betekent «una» “een” en introduceert het één niet nader bepaalde persoon. Het staat vóór persona; gebruik het patroon hay una + zelfstandig naamwoord wanneer je één aanwezige zaak of persoon noemt.
persona In «una persona delante de nosotros» betekent «persona» “persoon”. Het benoemt hier degene die vóór de sprekers in de rij staat; gebruik una persona om in een nieuwe zin één persoon te noemen.
delante In «delante de nosotros» betekent «delante» “voor” of “vóór, aan de voorkant”. De plaatsaanduiding wordt gevormd door delante de + persoon of groep; gebruik deze combinatie om te zeggen wie of wat vóór iemand staat.
de In «delante de nosotros» verbindt «de» de plaatsaanduiding delante met de groep die zich daar bevindt. Samen krijg je de vaste combinatie delante de + persoon of groep; gebruik de hier dus niet los als volledige betekenis van de locatie.
nosotros In «delante de nosotros» betekent «nosotros» “wij” en verwijst het naar de sprekers als groep. Na de geeft het aan vóór wie de andere persoon staat; gebruik het patroon delante de nosotros om “voor ons” te zeggen.
Tengo In «Tengo mi tarjeta lista» betekent «Tengo» “ik heb” en zegt de spreker dat de kaart bij hem of haar beschikbaar is. Het is een vorm van tener; gebruik tener + voorwerp om te zeggen wat je hebt, bijvoorbeeld wanneer je iets bij de hand hebt.
mi In «mi tarjeta» betekent «mi» “mijn” en geeft het aan dat de kaart bij de spreker hoort. Het staat direct vóór tarjeta; gebruik mi + zelfstandig naamwoord om bezit of verbondenheid met één voorwerp aan te geven.
tarjeta In «Tengo mi tarjeta lista» betekent «tarjeta» “kaart”. In deze scène is het de kaart die de spreker klaarhoudt voordat de bestelling wordt opgenomen; gebruik mi tarjeta wanneer je naar je eigen kaart verwijst.
lista In «Tengo mi tarjeta lista» betekent «lista» “klaar” en beschrijft het de kaart als gereed voor gebruik. Het staat na tarjeta in de combinatie iets klaar hebben; gebruik in een nieuwe zin een zelfstandig naamwoord + lista om een vrouwelijk woord als gereed te beschrijven.
Tenla In «Tenla en la mano» betekent «Tenla» “houd haar vast” of “zorg dat je haar bij je hebt”, waarbij het verwijst naar de kaart. Het is een bevelsvorm met het voornaamwoord la eraan vast; gebruik zo’n vorm wanneer je iemand vraagt een eerder genoemd vrouwelijk voorwerp vast te houden.
en In «en la mano» betekent «en» “in” en geeft het de plaats aan waar de kaart moet blijven. Gebruik en + plaats of lichaamsdeel om de locatie van iets te beschrijven, zoals een voorwerp in de hand.
mano In «en la mano» betekent «mano» “hand”. Het benoemt hier de plaats waar de kaart wordt vastgehouden; gebruik la mano in een nieuwe zin wanneer je naar de hand verwijst.
Estoy In «Estoy listo para pedir» betekent «Estoy» “ik ben” en beschrijft het de toestand van de spreker. Het is een vorm van estar; gebruik estar + bijvoeglijk naamwoord om een tijdelijke toestand of gereedheid uit te drukken.
listo In «Estoy listo para pedir» betekent «listo» “klaar”. Samen met estoy geeft het aan dat de spreker gereed is om te bestellen; gebruik het patroon estar listo para + infinitief om een voorbereide actie te benoemen.
para In «listo para pedir» geeft «para» aan waarvoor iemand klaar is: om te bestellen. Het staat hier vóór een infinitief; gebruik para + infinitief om een doel, bedoeling of voorbereide actie uit te drukken.
pedir In «Estoy listo para pedir» betekent «pedir» hier “bestellen”. Het staat na para en benoemt de actie die de spreker wil uitvoeren; gebruik pedir + voorwerp of bestelling wanneer je iets wilt bestellen of vragen.
Después In «Después ellos pueden tomar nuestro pedido» betekent «Después» “daarna” of “vervolgens” en ordent het de volgende stap. Gebruik después aan het begin van een zin om aan te geven wat na de huidige gebeurtenis gebeurt, zoals nadat de rij verder is gegaan.
ellos In «Después ellos pueden tomar nuestro pedido» betekent «ellos» “zij” en verwijst het naar de personen die daarna de bestelling kunnen opnemen. Het staat als onderwerp vóór pueden; gebruik ellos + werkwoord wanneer je duidelijk naar een groep verwijst.
pueden In «ellos pueden tomar nuestro pedido» betekent «pueden» “kunnen”. Het geeft samen met tomar aan dat zij de bestelling daarna kunnen opnemen; gebruik poder + infinitief om mogelijkheid of vermogen uit te drukken.
tomar In «tomar nuestro pedido» betekent «tomar» niet letterlijk alleen “nemen”, maar maakt het samen met pedido de betekenis “onze bestelling opnemen”. Gebruik tomar + pedido in een situatie waarin iemand een bestelling van een klant aanneemt.
nuestro In «nuestro pedido» betekent «nuestro» “onze” en geeft het aan dat de bestelling van de sprekers samen is. Het staat vóór pedido; gebruik nuestro + zelfstandig naamwoord om iets aan een groep waartoe je behoort toe te schrijven.
pedido In «tomar nuestro pedido» betekent «pedido» “bestelling”, dus wat de sprekers aan de balie willen bestellen. Het komt hier voor in de vaste combinatie tomar un pedido; gebruik die combinatie in een nieuwe zin wanneer personeel de bestelling van een klant aanneemt.

Grammatica

tener que + infinitivo

Tenemos que avanzar ahora.

tee-né-moos kee a-ban-sár a-ó-ra

We moeten nu vooruitgaan.

Na tener que volgt het hele werkwoord: tener que avanzar betekent ‘moeten vooruitgaan’.

hay + zelfstandig naamwoord

Hay casi una persona delante de nosotros.

ai ká-sie óena persóóna dee-lán-tee dee no-só-troos

Er staat bijna één persoon voor ons.

Hay betekent ‘er is’ of ‘er zijn’ en blijft hetzelfde voor enkelvoud en meervoud.

Spaans woordenschat

ahora bijwoord
a-ó-ra nu

Tenemos que avanzar ahora.

avanzar werkwoord
a-ban-sár vooruitgaan avanza

La fila avanza.

casi bijwoord
ká-sie bijna

Casi, hay una persona delante de nosotros.

delante de uitdrukking
dee-lán-tee dee voor

Una persona delante de nosotros.

fila zelfstandig naamwoord
fíela rij

La fila avanza.

haber werkwoord
a-bér er zijn hay

Hay una persona delante de nosotros.

nosotros voornaamwoord
no-só-troos ons / wij

Delante de nosotros.

persona zelfstandig naamwoord
per-sóóna persoon

Hay una persona delante de nosotros.

tarjeta zelfstandig naamwoord
tar-chéé-ta kaart

Tengo mi tarjeta lista.

tener werkwoord
tee-nér hebben tengo

Tengo mi tarjeta lista.

tener que uitdrukking
tee-nér kee moeten Tenemos que

Tenemos que avanzar ahora.

tocar werkwoord
to-kár aan de beurt zijn toca

¿Nos toca ahora?

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

De rij schuift op.

Antwoord tonenLa fila avanza.

We moeten nu naar voren gaan.

Antwoord tonenTenemos que avanzar ahora.

Zijn wij nu aan de beurt?

Antwoord tonen¿Nos toca ahora?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

aan de beurt zijn

Antwoord tonentoca

persoon

Antwoord tonenpersona

vooruitgaan

Antwoord tonenavanza

nu

Antwoord tonenahora