De tafel dekken | Leer spaans in het Nederlands

Spanish lesson set in a contemporary Madrid everyday setting: At home, two adults check a list for setting a table and notice that one spoon is still needed..

NL → ES / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met De tafel dekken oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.

Dialoog

A

Vamos a mirar la lista.

Bámos a mirár la lísta. Laten we naar de lijst kijken.
B

Tengo la lista aquí.

Téngo la lísta akí. Ik heb de lijst hier.
A

¿Están listas las tazas?

Es-tán lístas las tásas. Zijn de kopjes klaar?
B

Las lavé todas.

Las labé tódas. Ik heb ze allemaal gewassen.
A

¿Falta algo?

Fálta álgo. Ontbreekt er iets?
B

Todavía necesitamos una cuchara.

Todabía nesesi-támos oena koetsjára. We hebben nog één lepel nodig.
A

Puedo traer otra.

Pwédo tra-ér ótra. Ik kan er nog een halen.
B

Entonces, la mesa está puesta.

Entónses, la mé-sa es-tá pwésta. Dan is de tafel gedekt.

Uitleg van de zinnen

  1. Vamos a mirar la lista.

    Laten we naar de lijst kijken.

    Vamos a
    we gaan …
    mirar
    kijken
    lista
    lijst
    Uitgebreide uitleg

    Vamos a vormt hier samen met een infinitief een veelgebruikte Spaanse constructie voor een voorstel of plan in de nabije toekomst: vamos a + infinitief. Vamos is de tegenwoordige tijd van ir voor nosotros/nosotras (“wij gaan”); in deze constructie wordt de combinatie natuurlijk vertaald als “laten we …” of “we gaan …”. Voorbeeld: Vamos a comer. — “Laten we eten.” mirar betekent hier “kijken” of “bekijken”. Het is een infinitief, dus de vorm draagt hier geen persoonsuitgang. Na vamos a blijft het werkwoord in de infinitief: vamos a mirar, niet een vervoegde vorm. Voorbeeld: Voy a mirar el mapa. — “Ik ga de kaart bekijken.” lista betekent “lijst”. Het is een zelfstandig naamwoord en is vrouwelijk; daarom staat ervoor la: la lista. De meervoudsvorm is listas, met het bepaalde lidwoord las in las listas. Voorbeeld: La lista está aquí. — “De lijst is hier.” Samen vormen de delen Vamos a + mirar + la lista: “Laten we naar de lijst kijken.” De bronzin drukt een gezamenlijk voorstel of plan uit om de lijst te bekijken.

  2. Tengo la lista aquí.

    Ik heb de lijst hier.

    Tengo
    ik heb
    lista
    lijst
    aquí
    hier
    Uitgebreide uitleg

    Tengo komt van tener en is de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud: “ik heb”. In deze zin drukt het uit dat de spreker de lijst heeft of bij zich heeft. Andere vormen zijn bijvoorbeeld tienes (“jij hebt”) en tiene (“hij/zij/u heeft”). Voorbeeld: Tengo el libro. — “Ik heb het boek.” lista betekent hier “lijst”. Het is een zelfstandig naamwoord en is vrouwelijk enkelvoud; daarom staat ervoor het lidwoord la. Het meervoud is listas: las listas betekent “de lijsten”. In de volgende contextzin is listas een andere vorm in een andere functie: daar betekent het “klaar” en beschrijft het de kopjes. aquí betekent “hier” en geeft de plaats aan. Het verandert niet mee met persoon of getal. Voorbeeld: El libro está aquí. — “Het boek is hier.” Samen vormen de delen Tengo la lista aquí.: “Ik heb de lijst hier.” Tengo geeft aan wat de spreker heeft, la lista benoemt wat die persoon heeft, en aquí lokaliseert de lijst bij “hier”.

  3. ¿Están listas las tazas?

    Zijn de kopjes klaar?

    Están
    zijn
    listas
    klaar
    tazas
    kopjes
    Uitgebreide uitleg

    Están is hier de vorm van estar voor de derde persoon meervoud in de tegenwoordige tijd: “ze zijn” of, met een toestand, “ze verkeren”. Het onderwerp staat verderop in de zin. Vergelijk bijvoorbeeld: Las tazas están aquí. — “De kopjes zijn hier.” listas betekent hier “klaar”. Het is een bijvoeglijk naamwoord en staat in het vrouwelijk meervoud, omdat het bij tazas hoort: taza is vrouwelijk enkelvoud en tazas vrouwelijk meervoud. De vorm verandert dus mee met het zelfstandig naamwoord: listo (mannelijk enkelvoud), lista (vrouwelijk enkelvoud), listos (mannelijk meervoud), listas (vrouwelijk meervoud). Voorbeeld: Las botellas están listas. — “De flessen zijn klaar.” Tazas is het meervoud van taza, “kopje”. Het gaat hier om meerdere kopjes; het lidwoord las en het bijvoeglijk naamwoord listas laten ook het vrouwelijke meervoud zien. Voorbeeld: Lavo las tazas. — “Ik was de kopjes.” Samen vormen ¿Están listas las tazas? een ja-neevraag: estar geeft de toestand “klaar zijn” aan, en las tazas is het meervoudige onderwerp. De volledige betekenis is: “Zijn de kopjes klaar?”

  4. Las lavé todas.

    Ik heb ze allemaal gewassen.

    Las
    ze; vrouwelijke meervoudsvorm als lijdend voorwerp
    lavé
    ik waste / ik heb gewassen
    todas
    allemaal; vrouwelijk meervoud
    Uitgebreide uitleg

    Las is hier een onbeklemtoond persoonlijk voornaamwoord als lijdend voorwerp: “ze”, met vrouwelijke meervoudsvorm. In deze context verwijst het naar de kopjes uit de vorige zin. Het voornaamwoord staat vóór de vervoegde vorm lavé. Vergelijk voor één vrouwelijk voorwerp la: La lavé = “Ik heb haar/het gewassen” wanneer het bedoelde voorwerp vrouwelijk is. lavé komt van lavar (“wassen”). De uitgang -é geeft hier de eerste persoon enkelvoud aan: de spreker heeft gewassen. De vorm is de verleden tijd pretérito perfecto simple (ook pretérito indefinido genoemd); in het Nederlands wordt die in deze vertaling natuurlijk weergegeven als “ik heb gewassen”. De basisvorm is lavar; bijvoorbeeld: Lavé las tazas = “Ik waste/deed de kopjes wassen” of natuurlijker “Ik heb de kopjes gewassen.” todas betekent hier “allemaal” en stemt in geslacht en getal af op het vrouwelijke meervoud waarnaar het verwijst. Samen met las maakt het duidelijk dat het om alle bedoelde kopjes gaat, niet slechts om een deel. De vorm is gebaseerd op todo: todo (mannelijk enkelvoud), toda (vrouwelijk enkelvoud), todos (mannelijk meervoud) en todas (vrouwelijk meervoud). Bijvoorbeeld: Las limpié todas = “Ik heb ze allemaal schoongemaakt”, met las en todas voor vrouwelijke meervoudige voorwerpen. De combinatie Las lavé bouwt de zin op als “ze heb ik gewassen”: las geeft het vrouwelijke meervoudige lijdend voorwerp aan en lavé zegt dat de spreker het wassen heeft uitgevoerd. Todas versterkt dat dit voor alle bedoelde kopjes geldt. Samen betekent Las lavé todas: “Ik heb ze allemaal gewassen.”

  5. ¿Falta algo?

    Ontbreekt er iets?

    Falta
    ontbreekt
    algo
    iets
    Uitgebreide uitleg

    Falta is de derde persoon enkelvoud van de tegenwoordige tijd van faltar, “ontbreken”. Hier betekent het dat er iets niet aanwezig is. Het ontbrekende wordt uitgedrukt door algo. Vergelijk falta algo met faltan varias cosas: bij algo staat het werkwoord in het enkelvoud, terwijl een meervoudig onderwerp zoals varias cosas het meervoud faltan vraagt. Algo is een onbepaald voornaamwoord met de betekenis “iets” of “een bepaald ding”. Hier wordt niet aangegeven om welk ding het gaat. Een nuttig contrast is nada, “niets”: No falta nada. — “Er ontbreekt niets.” Samen vormt ¿Falta algo? een vraag of er iets ontbreekt: “Ontbreekt er iets?” De vraag noemt niet welk ding mogelijk ontbreekt.

  6. Todavía necesitamos una cuchara.

    We hebben nog één lepel nodig.

    Todavía
    nog
    necesitamos
    we hebben nodig
    cuchara
    lepel
    Uitgebreide uitleg

    Todavía betekent hier “nog”. Het is een bijwoord en verandert niet mee met persoon of getal. Het kan in andere contexten ook “nog steeds” betekenen; hier geeft het aan dat er nog een behoefte is. necesitamos komt van necesitar (“nodig hebben”) en is de tegenwoordige tijd van de eerste persoon meervoud: “wij hebben nodig”. Het onderwerp nosotros staat niet apart, omdat de werkwoordsvorm al naar “wij” verwijst. Vergelijk: necesito = “ik heb nodig”, necesitamos = “wij hebben nodig”. Voorbeeld: Necesitamos agua. — “We hebben water nodig.” cuchara betekent “lepel”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: la cuchara. Het meervoud is cucharas: dos cucharas — “twee lepels”. una is hier het vrouwelijke enkelvoud van het onbepaalde lidwoord en hoort bij cuchara. In deze vaste vertaling krijgt una cuchara de betekenis “één lepel”; buiten zo’n context kan una ook gewoon “een” betekenen. Het lidwoord alleen stelt dus niet altijd een expliciete telling vast. Samen vormen de delen Todavía necesitamos una cuchara: “We hebben nog één lepel nodig.” Todavía geeft “nog” aan, necesitamos verwijst naar de spreker en anderen, en una cuchara benoemt wat nodig is.

  7. Puedo traer otra.

    Ik kan er nog een halen.

    Puedo
    ik kan
    traer
    halen
    otra
    nog een; een andere
    Uitgebreide uitleg

    Puedo is de eerste persoon enkelvoud van poder in de tegenwoordige tijd (“kunnen”). Het patroon puedo + infinitief drukt uit wat de spreker kan doen: Puedo ayudar. — “Ik kan helpen.” traer is de infinitief (“halen”). Na puedo blijft dit werkwoord in de infinitief; de persoon wordt door puedo aangegeven, niet door traer. In andere contexten kan traer ook “brengen” betekenen, maar hier geeft de vaste vertaling de betekenis “halen”. otra betekent hier “nog een” of “een andere”. Het is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van otro en stemt in met een weggelaten vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. In de voorafgaande context is een extra lepel een passende invulling; otra zelf noemt het voorwerp niet. Vergelijk otro bij een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord, zoals in otro vaso (“nog een ander glas”); de uitgang hoort bij otro, niet bij het zelfstandig naamwoord. Samen heeft Puedo traer otra. het patroon puedo + infinitief + otra: “Ik kan er nog een halen.” Het voorwerp is weggelaten omdat het uit de context begrepen kan worden.

  8. Entonces, la mesa está puesta.

    Dan is de tafel gedekt.

    Entonces
    dan
    mesa
    tafel
    está
    is
    puesta
    gedekt
    Uitgebreide uitleg

    Entonces betekent hier “dan” of “dus” en verbindt deze conclusie met wat eraan voorafgaat. Het kan ook aan het begin van andere zinnen staan: Entonces, vamos. — “Dan gaan we.” mesa betekent “tafel”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: la mesa, dus met het bepaald lidwoord la. Het meervoud is mesas: las mesas — “de tafels”. está is de vorm van estar voor de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd. Estar wordt onder andere gebruikt voor een toestand of situatie. In la mesa está ... verwijst de vorm naar la mesa; de vorm is enkelvoud omdat het onderwerp enkelvoud is. Vergelijk: Las mesas están puestas. — “De tafels zijn gedekt.” Hier is están de meervoudsvorm van estar. puesta komt van poner en betekent hier “gedekt” of “klaargezet”. In deze zin beschrijft het de toestand van la mesa. De vorm is vrouwelijk enkelvoud en stemt overeen met mesa: mesa puesta. De basisvorm is poner; het bijbehorende voltooid deelwoord is puesto, met de vormen puesta, puestos en puestas wanneer het met een zelfstandig naamwoord overeenstemt. Voorbeelden: El libro está puesto aquí. — “Het boek ligt hier klaargelegd.” Las mesas están puestas. — “De tafels zijn gedekt.” Samen vormen está puesta een vaste, bruikbare manier om een toestand uit te drukken: estar + een vorm van het voltooid deelwoord. Letterlijk wordt gezegd dat de tafel zich in de toestand “gedekt/klaargezet” bevindt. Met Entonces ervoor wordt dat: “Dan is de tafel gedekt.”

Grammatica

estar + adjetivo

Las tazas están listas.

Las tásas están lístas.

De kopjes zijn klaar.

Na estar past het bijvoeglijk naamwoord zich aan in geslacht en aantal: tazas → listas.

todavía + faltar

Todavía falta algo.

Todabía fálta álgo.

Er ontbreekt nog steeds iets.

Todavía staat vóór het werkwoord en betekent ‘nog steeds’; faltar geeft aan dat iets ontbreekt.

Spaans woordenschat

algo voornaamwoord
álgo iets

¿Falta algo?

aquí bijwoord
akí hier

Tengo la lista aquí.

estar werkwoord
es-tár zijn están

¿Están listas las tazas?

faltar werkwoord
faltár ontbreken falta

¿Falta algo?

lavar werkwoord
labár wassen lavé

Las lavé todas.

lista zelfstandig naamwoord
lísta lijst

Vamos a mirar la lista.

listo bijvoeglijk naamwoord
lísto klaar listas

¿Están listas las tazas?

mirar werkwoord
mirár kijken

Vamos a mirar la lista.

taza zelfstandig naamwoord
tása kopje tazas

¿Están listas las tazas?

tener werkwoord
tenér hebben tengo

Tengo la lista aquí.

todavía bijwoord
todabía nog steeds

Todavía necesitamos una cuchara.

todo voornaamwoord
tódo allemaal todas

Las lavé todas.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Laten we naar de lijst kijken.

Antwoord tonenVamos a mirar la lista.

Ik heb de lijst hier.

Antwoord tonenTengo la lista aquí.

Zijn de kopjes klaar?

Antwoord tonen¿Están listas las tazas?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

kijken

Antwoord tonenmirar

kopje

Antwoord tonentazas

klaar

Antwoord tonenlistas

hebben

Antwoord tonentengo