Alles controleren voor vertrek | Leer spaans in het Nederlands

Spanish lesson set in a contemporary Madrid everyday setting: Before leaving home, two adults check keys, a wallet, and the locked door..

NL → ES / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Alles controleren voor vertrek oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.

Dialoog

A

¿Tenemos todo antes de irnos?

te-NE-mos TO-do AN-tes de IER-nos Hebben we alles voordat we weggaan?
B

Vamos a comprobarlo ahora.

BA-mos a kom-pro-BAR-lo a-O-ra Laten we het nu controleren.
A

¿Tienes tus llaves?

TIE-nes toes JA-bes Heb je je sleutels?
B

Están en mi bolsillo.

es-TAN en mie bol-SIE-jo Ze zitten in mijn zak.
A

¿Está tu cartera en tu bolso?

ES-ta toe kar-TE-ra en toe BOL-so Zit je portemonnee in je tas?
B

La puse ahí.

la POE-se a-I Ik heb hem erin gedaan.
A

¿Está la puerta cerrada con llave?

ES-ta la POER-ta se-RRA-da kon JA-be Is de deur op slot?
B

La acabo de revisar.

la a-KA-bo de re-bi-SAR Ik heb de deur net gecontroleerd.

Uitleg van de zinnen

  1. ¿Tenemos todo antes de irnos?

    Hebben we alles voordat we weggaan?

    Tenemos
    wij hebben
    todo
    alles
    antes de
    voordat
    irnos
    weggaan
    Uitgebreide uitleg

    Tenemos is de tegenwoordige tijd van tener voor de eerste persoon meervoud: nosotros/nosotras tenemos betekent “wij hebben”. De vorm verwijst dus naar een groep met de spreker. Vergelijk tengo (“ik heb”) en tiene (“hij/zij/u heeft”). Voorbeeld: Tenemos tiempo. — “Wij hebben tijd.” Todo betekent hier “alles” en staat zelfstandig: er wordt geen zelfstandig naamwoord genoemd waarnaar het verwijst. Als zelfstandig gebruikt voor “alles” is dit de mannelijke enkelvoudsvorm. In andere constructies stemmen de vormen af op het zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld toda bij een vrouwelijk enkelvoud en todos of todas bij meervoud. Voorbeeld: ¿Está todo listo? — “Is alles klaar?” Antes de betekent “voordat” en plaatst wat erop volgt vóór een andere gebeurtenis in de tijd. Voor een werkwoord in de infinitief gebruik je antes de + infinitief. Voorbeeld: Lávate las manos antes de comer. — “Was je handen voordat je eet.” Irnos bestaat hier uit ir (“gaan”) plus het wederkerende voornaamwoord nos. Irse betekent in deze context “weggaan” of “vertrekken”; in irnos staat nos vast aan de infinitief. Het voornaamwoord past bij de eerste persoon meervoud, dus bij “wij”. Voorbeeld: Es hora de irnos. — “Het is tijd om weg te gaan.” Samen vormt ¿Tenemos todo antes de irnos? de vraag: “Hebben we alles voordat we weggaan?” Tenemos todo geeft aan wat de groep met de spreker heeft, en antes de irnos geeft het tijdstip aan waarop zij dat heeft: vóór het weggaan. De hele zin zegt niet dat het weggaan al heeft plaatsgevonden.

  2. Vamos a comprobarlo ahora.

    Laten we het nu controleren.

    Vamos a
    laten we …
    comprobarlo
    het controleren
    ahora
    nu
    Uitgebreide uitleg

    Vamos a vormt hier een voorstel: vamos is de vorm van ir bij de eerste persoon meervoud, en in het patroon vamos a + infinitief betekent het “laten we …”. Voorbeeld: Vamos a estudiar. — “Laten we studeren.” comprobarlo betekent hier “het controleren”. De infinitief is comprobar (“controleren, nagaan”); lo is een enkelvoudig lijdend-voorwerpspronomen. De vertaling ondersteunt hier de betekenis “het”, maar de precieze referent wordt niet genoemd. In het Spaans kan lo aan een infinitief worden vastgeschreven: Voy a comprobarlo. — “Ik ga het controleren.” Comprobar kan ook zonder uitgesproken object voorkomen wanneer dat uit de context blijkt; lo maakt het object hier expliciet. ahora is een bijwoord met de betekenis “nu” en plaatst de handeling in het heden of op een onmiddellijk moment. Voorbeeld: Lo hacemos ahora. — “We doen het nu.” Samen betekent Vamos a + comprobarlo + ahora: “Laten we het nu controleren.” De eerste constructie stelt de gezamenlijke handeling voor, comprobarlo noemt de handeling met het expliciete object “het”, en ahora geeft het tijdstip aan.

  3. ¿Tienes tus llaves?

    Heb je je sleutels?

    Tienes
    heb je
    tus
    je
    llaves
    sleutels
    Uitgebreide uitleg

    Tienes komt van tener (hebben). Hier is het de tegenwoordige tijd voor tú: tú tienes. In een vraag krijgt het de betekenis “heb je …?”. Vergelijk: ¿Tienes tiempo? = “Heb je tijd?” tus is een bezittelijk woord met de betekenis “je/jouw”. De vorm tus staat bij een meervoudig zelfstandig naamwoord; bij enkelvoud staat tu, bijvoorbeeld tu llave = “je sleutel”. Deze vorm drukt bezit uit, niet het geslacht van de bezitter. llaves is het meervoud van llave, “sleutel”. llave is vrouwelijk in het Spaans, maar in deze zin is vooral het meervoud belangrijk: llaves. Het bezittelijke woord stemt hier in aantal af met llaves: tus llaves = “je sleutels”. Samen vormen de delen ¿Tienes tus llaves?: “Heb je je sleutels?” De vraag gebruikt tienes voor de aangesproken persoon en tus llaves voor de sleutels die bij die persoon horen.

  4. Están en mi bolsillo.

    Ze zitten in mijn zak.

    Están
    zitten
    en
    in
    mi
    mijn
    bolsillo
    zak
    Uitgebreide uitleg

    Están komt van estar en is de tegenwoordige tijd voor de derde persoon meervoud: están = “ze zijn / ze bevinden zich”. Hier wordt estar met een plaatsbepaling gebruikt; in het Nederlands klinkt dat natuurlijk als “zitten”. Het onderwerp staat niet in deze zin, maar de vertaling ondersteunt een meervoudig “ze”. Vergelijk: Está en la mesa. = “Het ligt/staat op tafel.” en Están en la mesa. = “Ze liggen/staan op tafel.” en is het voorzetsel voor een plaats: “in” of “op”, afhankelijk van de bedoelde ruimtelijke relatie. In deze zin betekent het “in”. Voorbeeld: Las llaves están en el bolso. = “De sleutels zitten in de tas.” mi betekent “mijn”. Het verwijst naar één bezitter en verandert niet mee met het geslacht of aantal van het zelfstandig naamwoord: mi bolsillo maar mis bolsillos voor meervoud. Ter vergelijking: tu betekent “jouw”; mi en tu krijgen hier geen accentteken. bolsillo is een mannelijk zelfstandig naamwoord voor “zak”, bijvoorbeeld een kleding- of broekzak. Het meervoud is bolsillos. Dit woord is niet hetzelfde als bolso, dat meestal “tas” of “handtas” betekent. Samen vormen de delen: Están + en + mi bolsillo: “Ze zitten in mijn zak.” De zin zegt waar de bedoelde meervoudige dingen zich bevinden; de bezitter van de zak is de spreker. Een herbruikbaar patroon is [iets meervoud] están en [plaats], bijvoorbeeld Los libros están en mi mochila. = “De boeken zitten in mijn rugzak.”

  5. ¿Está tu cartera en tu bolso?

    Zit je portemonnee in je tas?

    Está
    zit / bevindt zich
    tu
    je / jouw
    cartera
    portemonnee
    en
    in
    bolso
    tas
    Uitgebreide uitleg

    Está is here the third-person singular present form of estar, used for a temporary location or position: “bevindt zich / is”. The infinitive is estar; compare están in the earlier context, which is the plural form. Example: El libro está en la bolsa. — “Het boek zit in de tas.” tu means “je/jouw” and indicates possession. It agrees in number with the thing possessed: tu cartera is singular, while tus carteras is plural. Do not confuse it with tú, which is the personal pronoun “jij”. cartera means “portemonnee” in this sentence. The word can have other context-dependent meanings, but here the fixed translation identifies a wallet. Example: Mi cartera está aquí. — “Mijn portemonnee is hier.” en expresses location inside or at a place. In en tu bolso, it introduces the place where the wallet is located. Example: Las llaves están en el bolso. — “De sleutels zitten in de tas.” bolso means “tas”, specifically the bag named as the location here. Its plural is bolsos. The possessive phrase tu bolso means “je tas”. Together, ¿Está tu cartera en tu bolso? asks whether the listener’s wallet is located inside their bag: “Zit je portemonnee in je tas?” The question uses está because cartera is singular; en tu bolso gives the location being asked about.

  6. La puse ahí.

    Ik heb hem erin gedaan.

    La
    haar/het
    puse
    ik heb geplaatst/gedaan
    ahí
    daar
    Uitgebreide uitleg

    La is hier een lijdendvoorwerpvoornaamwoord voor één vrouwelijk zelfstandig naamwoord. In de gegeven context kan het verwijzen naar la cartera uit de vorige zin. De vorm la markeert dus niet de handelende persoon, maar het voorwerp dat ergens wordt geplaatst. Voorbeelden: La veo. = Ik zie haar/het. Lo veo. gebruikt lo bij een mannelijk enkelvoudig voorwerp. puse is de vorm van poner voor de eerste persoon enkelvoud in de verleden tijd: poner → puse. Poner betekent onder andere ‘plaatsen’ of ‘doen’; hier gaat het om iets ergens neerzetten of erin doen. Voorbeeld: Puse el libro en la mesa. = Ik legde het boek op tafel. ahí betekent ‘daar’ en verwijst naar een plaats die in de situatie herkenbaar is. Het woord zelf betekent niet altijd letterlijk ‘erin’; in deze context kan ‘daar’ door de voorafgaande vraag worden opgevat als in de tas. Samen vormen de delen: La (het vrouwelijke voorwerp) + puse (ik plaatste/deed) + ahí (daar): ‘Ik heb het daar gedaan/geplaatst.’ Met de gegeven context en vertaling is de bedoelde betekenis: ‘Ik heb hem erin gedaan.’

  7. ¿Está la puerta cerrada con llave?

    Is de deur op slot?

    Está
    is
    puerta
    deur
    cerrada
    gesloten
    con llave
    op slot
    Uitgebreide uitleg

    Está is hier de derde persoon enkelvoud van estar in de tegenwoordige tijd: “is” of “bevindt zich in een toestand”. In deze vraag staat ¿Está ...? aan het begin; de vraagbetekenis blijkt uit de vraagtekens en de intonatie. Het is hier estar, niet ser, omdat het om een toestand van de deur gaat. puerta betekent “deur”. Het is een vrouwelijk, enkelvoudig zelfstandig naamwoord; daarom staat het met la: la puerta. cerrada betekent hier “gesloten”. Dit is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van cerrado, passend bij puerta. Het Spaanse voltooid deelwoord wordt hier als bijvoeglijk naamwoord gebruikt en beschrijft de toestand van de deur. Voorbeeld: La ventana está cerrada. — “Het raam is gesloten.” con llave betekent in deze combinatie “op slot”, letterlijk “met een sleutel”: con betekent “met” en llave “sleutel”. Samen geeft de uitdrukking aan dat de deur met een sleutel vergrendeld is. Voorbeeld: La puerta está cerrada con llave. — “De deur is op slot.” Samen vormen de delen ¿Está la puerta cerrada con llave? de ja-neevraag “Is de deur op slot?” Está vraagt naar de toestand, la puerta is datgene waarover gevraagd wordt, en cerrada con llave beschrijft die toestand.

  8. La acabo de revisar.

    Ik heb de deur net gecontroleerd.

    La
    de deur
    acabo de
    net … hebben gedaan
    revisar
    controleren
    Uitgebreide uitleg

    La is hier een vrouwelijk enkelvoudig lijdend-voorwerpvoornaamwoord: het verwijst naar la puerta uit de vorige zin, dus naar de deur. Het staat vóór de vervoegde werkwoordsvorm. Vergelijk voor andere vormen: lo voor een mannelijk enkelvoudig object, las voor vrouwelijke meervoudige objecten en los voor mannelijke meervoudige objecten. acabo de bevat de tegenwoordige, eerste persoon enkelvoud van acabar (acabo) plus de. De constructie acabar de + infinitief betekent dat de spreker iets zojuist heeft gedaan. De vorm acabo zegt hier wie handelt: ik; acabas de revisar betekent bijvoorbeeld: je hebt net gecontroleerd. De constructie drukt recente voltooiing uit, niet alleen het algemene feit dat iemand iets controleert. revisar is de infinitief en betekent hier controleren of nakijken. Na acabar de blijft het werkwoord in de infinitief: acabo de revisar, niet een tweede vervoegde vorm. Voorbeeld: Acabo de cerrar la puerta. — Ik heb de deur net gesloten. Samen vormt La acabo de revisar de volgorde la + acabo de + revisar: ik heb haar net gecontroleerd. La maakt duidelijk dat het gecontroleerde object de eerder genoemde deur is; acabo de revisar geeft aan dat de controle zojuist is afgerond.

Grammatica

acabar de + infinitivo

Acabo de revisar todo.

a-KA-bo de re-bi-SAR TO-do

Ik heb net alles gecontroleerd.

De constructie acabar de + infinitivo geeft aan dat iets zojuist is gebeurd.

cerrada con llave

cerrada con llave

se-RRA-da kon JA-be

op slot

Deze vaste uitdrukking betekent dat iets met een sleutel is afgesloten.

Spaans woordenschat

ahora bijwoord
a-O-ra nu

Vamos a comprobarlo ahora.

antes de voorzetsel
AN-tes de voordat

¿Tenemos todo antes de irnos?

bolsillo zelfstandig naamwoord
bol-SIE-jo zak

Están en mi bolsillo.

bolso zelfstandig naamwoord
BOL-so tas

¿Está tu cartera en tu bolso?

cartera zelfstandig naamwoord
kar-TE-ra portemonnee

¿Está tu cartera en tu bolso?

comprobarlo werkwoord
kom-pro-BAR-lo het controleren

Vamos a comprobarlo ahora.

están werkwoord
es-TAN ze zijn

Están en mi bolsillo.

irnos werkwoord
IER-nos weggaan

¿Tenemos todo antes de irnos?

llaves zelfstandig naamwoord
JA-bes sleutels

¿Tienes tus llaves?

puse werkwoord
POE-se ik heb gedaan

La puse ahí.

tienes werkwoord
TIE-nes heb je

¿Tienes tus llaves?

todo voornaamwoord
TO-do alles

¿Tenemos todo antes de irnos?

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Hebben we alles voordat we weggaan?

Antwoord tonen¿Tenemos todo antes de irnos?

Laten we het nu controleren.

Antwoord tonenVamos a comprobarlo ahora.

Heb je je sleutels?

Antwoord tonen¿Tienes tus llaves?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

nu

Antwoord tonenahora

ze zijn

Antwoord tonenestán

het controleren

Antwoord tonencomprobarlo

heb je

Antwoord tonentienes