De volgende taak kiezen | Leer spaans in het Nederlands

Spanish lesson set in a contemporary Madrid everyday setting: At work, two adults decide how to split a short list before reviewing a file..

NL → ES / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met De volgende taak kiezen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.

Dialoog

A

¿Qué debemos hacer ahora?

kee dee-BEE-mos a-SER a-O-ra Wat moeten we nu doen?
B

Empecemos con la lista corta.

em-pe-SEE-mos kon la LIES-ta KOR-ta Laten we met de korte lijst beginnen.
A

¿La terminamos antes de revisar el archivo?

la ter-mie-NA-mos AN-tes dee ree-bie-SAAR el ar-Tsjie-bo Zullen we die afmaken voordat we het bestand bekijken?
B

Podemos terminarla rápido si dividimos el trabajo.

po-DE-mos ter-mie-NAAR-la RAA-pie-do sie die-bie-DIE-mos el tra-BAA-go We kunnen er snel doorheen als we het werk verdelen.
A

Entonces yo hago la primera parte.

en-TON-ses jo A-go la prie-MEE-ra PAR-te Dan doe ik het eerste deel.
B

Yo hago el resto.

jo A-go el RES-to Ik doe de rest.
A

Después podemos revisar lo que no está claro.

des-PWES po-DE-mos ree-bie-SAAR lo kee no es-TA KLA-ro Daarna kunnen we alles bekijken wat niet duidelijk is.
B

Yo abriré el archivo cuando la lista esté terminada.

jo a-bie-REE el ar-Tsjie-bo KWAN-do la LIES-ta es-TEE ter-mie-NAA-da Ik open het bestand als de lijst klaar is.

Uitleg van de zinnen

  1. ¿Qué debemos hacer ahora?

    Wat moeten we nu doen?

    ¿Qué
    wat
    debemos
    moeten
    hacer
    doen
    ahora
    nu
    Uitgebreide uitleg

    ¿Qué is hier het vragend voornaamwoord “wat”. Het krijgt een accent in deze directe vraag. Het vraagt naar een zaak, handeling of keuze; het is niet hetzelfde als que zonder accent, dat vaak een verbindend woord is. Voorbeeld: ¿Qué quieres? — “Wat wil je?” debemos komt van deber en is de tegenwoordige tijd van de eerste persoon meervoud: “wij moeten”. De vorm bevat dus zowel de persoon als het meervoud; het onderwerp nosotros kan worden weggelaten. deber + infinitief drukt verplichting of noodzaak uit: Debemos esperar. — “We moeten wachten.” hacer is de infinitief “doen” of “maken”. Na debemos blijft het werkwoord in de infinitief: debemos hacer betekent “we moeten doen”. De vorm verandert hier dus niet mee met de persoon; debemos draagt de persoonsinformatie. Voorbeeld: Debemos hacer una pausa. — “We moeten een pauze nemen.” ahora betekent “nu” en plaatst de gevraagde handeling in het huidige moment. Het is een bijwoord en verandert niet van vorm. Voorbeeld: ¿Qué hacemos ahora? — “Wat doen we nu?” Samen vormt ¿Qué debemos hacer ahora? de vraag “Wat moeten we nu doen?”: ¿Qué vraagt naar de handeling, debemos hacer geeft de noodzakelijkheid met “wij” aan, en ahora bepaalt het tijdstip. Het is een herbruikbaar patroon: ¿Qué debemos + infinitief + tijdsbepaling? — “Wat moeten we …?”

  2. Empecemos con la lista corta.

    Laten we met de korte lijst beginnen.

    Empecemos
    Laten we beginnen
    con
    met
    lista
    lijst
    corta
    kort
    Uitgebreide uitleg

    Empecemos betekent hier: “laten we beginnen”. Het is de bevestigende aansporingsvorm voor de eerste persoon meervoud van empezar (“beginnen”): de spreker rekent zichzelf mee en stelt de handeling samen met anderen voor. Het verschil met empezamos is dat empecemos een aansporing uitdrukt, terwijl empezamos meestal een gewone mededeling is (“we beginnen” of “we zijn begonnen”). con geeft hier aan waarmee men begint: “met”. Dit voorzetsel staat vóór het genoemde onderdeel. Bijvoorbeeld: Empecemos con el primer punto. — “Laten we met het eerste punt beginnen.” lista betekent hier “lijst”. Het is een zelfstandig naamwoord; de vorm is vrouwelijk enkelvoud. Het bepaalde lidwoord la staat er in de zin vóór: la lista, “de lijst”. corta betekent hier “kort”. Deze vorm hoort bij het zelfstandig naamwoord lista: beide zijn vrouwelijk enkelvoud. De basisvorm van het bijvoeglijk naamwoord is corto; de overeenkomstige vorm bij een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord is corto, en bij een vrouwelijk meervoudig zelfstandig naamwoord cortas. Het tegenovergestelde is bijvoorbeeld larga bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: una lista corta — “een korte lijst”. Samen vormen con la lista corta en Empecemos de betekenis: “Laten we met de korte lijst beginnen.” De hele uiting is dus een voorstel van de spreker om gezamenlijk met die lijst te starten. la maakt van lista corta een bepaalde lijst, en corta beschrijft welke lijst bedoeld is.

  3. ¿La terminamos antes de revisar el archivo?

    Zullen we die afmaken voordat we het bestand bekijken?

    La
    die
    terminamos
    afmaken; voltooien
    antes de
    voordat
    revisar
    bekijken; controleren
    archivo
    bestand
    Uitgebreide uitleg

    La is een vrouwelijk enkelvoudig lijdend voornaamwoord: “die” of “haar”, afhankelijk van de vertaling. Hier verwijst het, volgens de voorafgaande lista corta en het daaropvolgende terminarla, naar die lijst. Het voornaamwoord staat vóór het vervoegde werkwoord: La terminamos. terminamos komt van terminar (“afmaken”, “voltooien”). De vorm kan grammaticaal zowel de tegenwoordige tijd in de wij-vorm als de verleden tijd in de wij-vorm zijn. In deze vraag wordt de tegenwoordige vorm gebruikt om een voorstel te doen: “zullen we … afmaken?” Het onderwerp we zit in de werkwoordsvorm; een apart onderwerp is niet nodig. Voorbeeld: Terminamos el informe. — “We maken het verslag af.” antes de betekent “voordat” en wordt gevolgd door een infinitief wanneer dezelfde impliciete uitvoerder de handelingen verricht. Het patroon is antes de + infinitief: antes de revisar = “voordat we bekijken/controleren”. revisar is de infinitief “bekijken” of “controleren”. De infinitief benoemt hier de handeling die daarna zou plaatsvinden; de uitvoerder wordt niet opnieuw uitgedrukt. Voorbeeld: Revisamos el texto antes de enviarlo. — “We controleren de tekst voordat we hem versturen.” archivo betekent “bestand”. Met het lidwoord el zou het “het bestand” zijn; in deze zin staat het na revisar als het object van die handeling: revisar el archivo — “het bestand bekijken/controleren”. Samen vormt La terminamos antes de revisar el archivo een vraagvoorstel: La vervangt de eerder genoemde lijst, terminamos geeft “zullen we afmaken” weer, en antes de revisar el archivo bepaalt dat dit gebeurt vóór het bekijken of controleren van het bestand. De volledige betekenis is dus: “Zullen we die afmaken voordat we het bestand bekijken?”

  4. Podemos terminarla rápido si dividimos el trabajo.

    We kunnen er snel doorheen als we het werk verdelen.

    Podemos
    we kunnen
    terminarla
    het afmaken
    rápido
    snel
    dividimos
    verdelen
    trabajo
    werk
    Uitgebreide uitleg

    Podemos komt van poder en betekent hier “we kunnen”. Het is de tegenwoordige tijd van de eerste persoon meervoud: podemos = “wij kunnen”. Een bruikbaar patroon is podemos + infinitief: Podemos descansar. = “We kunnen rusten.” terminarla bestaat uit terminar (“afmaken/beëindigen”) met het eraan vastgeschreven lijdend-voorwerpvoornaamwoord la. terminar is de infinitief; la verwijst hier naar één vrouwelijk grammaticaal enkelvoudig object dat in de context al bekend is. Het voornaamwoord verandert niet de persoon van de handelende groep: podemos terminarla betekent “we kunnen het afmaken”. Vergelijk: terminarlo gebruikt lo voor een mannelijk enkelvoudig object, terwijl terminarla la gebruikt voor een vrouwelijk enkelvoudig object. Bij een infinitief kan het voornaamwoord erachter worden vastgeschreven: terminar + la → terminarla. Rápido beschrijft hier hoe de handeling gebeurt: “snel”. In deze zin werkt het als bijwoord bij terminarla; het zegt dus niet dat het af te maken object zelf snel is. Als bijwoord blijft deze vorm onveranderd: Trabajamos rápido. = “We werken snel.” Als bijvoeglijk naamwoord kan rápido wél met een zelfstandig naamwoord meegaan, bijvoorbeeld un trabajo rápido = “een snel uitgevoerd werk”. Dividimos komt van dividir (“verdelen”). De vorm is tegenwoordige tijd, eerste persoon meervoud: “wij verdelen”. Dezelfde vorm kan in een andere context ook de verleden tijd betekenen, maar na si past hier de lezing “als we verdelen” bij de voorwaarde voor wat we kunnen doen. De uitgang -imos markeert hier de wij-vorm. Een herbruikbaar voorbeeld is Si dividimos la tarea, terminamos antes. = “Als we de taak verdelen, zijn we eerder klaar.” Trabajo betekent hier “werk”. Het is een zelfstandig naamwoord. Het kan ook de vorm ik werk van trabajar zijn, maar in deze zin staat het na het lidwoord el en is het dus een zelfstandig naamwoord: el trabajo = “het werk”. Een nuttig contrast is el trabajo (“het werk”) tegenover la tarea (“de taak”); die woorden zijn niet volledig uitwisselbaar in elke context. De combinatie si dividimos el trabajo betekent “als we het werk verdelen”. Si leidt hier een voorwaarde in; dividimos geeft aan wat onder die voorwaarde gebeurt. Samen met Podemos terminarla rápido ontstaat: “We kunnen het snel afmaken als we het werk verdelen.” De spreker presenteert het verdelen van het werk als voorwaarde om het eerder genoemde vrouwelijke enkelvoudige object gezamenlijk af te maken.

  5. Entonces yo hago la primera parte.

    Dan doe ik het eerste deel.

    Entonces
    dan
    yo
    ik
    hago
    doe; maak
    primera
    eerste
    parte
    deel
    Uitgebreide uitleg

    Entonces betekent hier “dan” en verbindt deze uitspraak met wat eraan voorafgaat: het markeert de daaropvolgende handeling als gevolg of afspraak. Een vergelijkbaar verbindingswoord is después (“daarna”), maar dat verwijst vooral naar volgorde in de tijd. yo is het persoonlijk voornaamwoord voor de spreker als onderwerp: “ik”. In het Spaans wordt het onderwerp vaak weggelaten, omdat de werkwoordsvorm de persoon al aangeeft. Yo hago maakt de spreker hier echter expliciet. hago is de tegenwoordige tijd van hacer (“doen”, “maken”) in de eerste persoon enkelvoud: yo hago. De vorm is onregelmatig; je zegt niet yo haco. In deze zin betekent hacer “doen” in de zin van een taak op zich nemen. Voorbeeld: Yo hago el resto. — “Ik doe de rest.” primera betekent “eerste”. Het is de vrouwelijke vorm van het rangtelwoord primero, omdat het samen met het vrouwelijke zelfstandig naamwoord parte staat: la primera parte. Vergelijk: el primer día — “de eerste dag”; vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord verschijnt primero als primer. parte betekent hier “deel” of “gedeelte”. Het is een zelfstandig naamwoord: la parte, en het kan naar een afgebakend gedeelte van een taak verwijzen. Voorbeeld: Esta parte es fácil. — “Dit deel is gemakkelijk.” Samen vormen yo hago la primera parte de mededeling “ik doe het eerste deel”. Met Entonces ervoor wordt dat: “Dan doe ik het eerste deel.” De spreker neemt dus het eerste gedeelte van het werk voor zijn of haar rekening; de vaste vertaling identificeert de spreker als degene die de handeling uitvoert.

  6. Yo hago el resto.

    Ik doe de rest.

    Yo
    ik
    hago
    doe
    el resto
    de rest
    Uitgebreide uitleg

    Yo betekent hier “ik” en is de expliciete onderwerpvorm van de eerste persoon enkelvoud. In het Spaans kan het onderwerp vaak worden weggelaten omdat de werkwoordsvorm de persoon al aangeeft; yo maakt de uitvoerder hier extra duidelijk: “ik doe …”. hago is de vorm van hacer (“doen”, “maken”) in de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud: yo hago. Dit is een onregelmatige vorm: niet *yo haco*, maar hago. Voorbeelden: Hago la cena. — “Ik maak het avondeten.” ¿Qué haces? — “Wat doe je?” Hier past hago bij het onderwerp yo. el resto betekent “de rest”. resto is een zelfstandig naamwoord; el is het daarbij passende bepaalde lidwoord. Deze woordgroep verwijst naar wat overblijft nadat een ander deel is behandeld. resto staat hier in het enkelvoud; el drukt op zichzelf geen concreet aantal uit. Samen vormen de delen Yo hago el resto: “Ik doe de rest.” Yo benoemt wie handelt, hago zegt wat die persoon doet, en el resto benoemt wat die persoon op zich neemt. In de gegeven context sluit dat aan op het eerder genoemde eerste deel, zonder de zin opnieuw te formuleren als een andere taakverdeling.

  7. Después podemos revisar lo que no está claro.

    Daarna kunnen we alles bekijken wat niet duidelijk is.

    Después
    daarna
    podemos
    kunnen we
    revisar
    bekijken
    lo que
    wat datgene wat
    claro
    duidelijk
    Uitgebreide uitleg

    Después betekent hier “daarna” en plaatst de handeling na iets dat al genoemd is. Het is een bijwoord; het verandert niet mee. Voorbeeld: Después hablamos. — “Daarna praten we.” podemos is de vorm van poder voor nosotros in de tegenwoordige tijd: “wij kunnen”. poder + infinitief drukt uit dat iets mogelijk is of kan gebeuren. Voorbeeld: Podemos esperar. — “We kunnen wachten.” revisar is een infinitief en betekent hier “bekijken” of “nalopen”. Na podemos blijft het werkwoord in de infinitief: podemos revisar, niet een tweede vervoegde vorm. lo que is een vaste betrekkelijke combinatie met de betekenis “wat” of “datgene wat”. Het verwijst hier naar de inhoud die niet duidelijk is, zonder die inhoud als een zelfstandig naamwoord te benoemen. Voorbeeld: Entiendo lo que dices. — “Ik begrijp wat je zegt.” claro is het bijvoeglijk naamwoord “duidelijk”. De basisvorm is claro; de vrouwelijke vorm is clara, en de meervoudsvormen zijn claros en claras. In no está claro staat claro in het mannelijk enkelvoud; bij lo que is dat de gebruikelijke enkelvoudige vorm. no está claro betekent als geheel “is niet duidelijk”. Voorbeeld: El plan está claro. — “Het plan is duidelijk.” Samen betekent Después podemos revisar lo que no está claro: “Daarna kunnen we alles bekijken wat niet duidelijk is.” Después geeft de tijdsvolgorde aan; podemos revisar zegt dat wij die handeling kunnen uitvoeren; lo que no está claro specificeert wat bekeken kan worden.

  8. Yo abriré el archivo cuando la lista esté terminada.

    Ik open het bestand als de lijst klaar is.

    abriré
    zal openen
    archivo
    bestand
    cuando
    als; wanneer
    lista
    lijst
    esté
    is
    terminada
    klaar; voltooid
    Uitgebreide uitleg

    abriré betekent hier “ik zal openen”. Het is de vorm van abrir (“openen”) in de eerste persoon enkelvoud van de eenvoudige toekomende tijd: abriré, abrirás, abrirá. Het onderwerp is hier yo, dat in het Spaans vaak wordt weggelaten omdat de werkwoordsvorm de persoon al aangeeft. archivo is een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord: “bestand”. Het bepaalde lidwoord el ervoor past bij dit woord: el archivo. Een bruikbaar meervoud is los archivos. cuando leidt hier een tijdsbepaling in: “wanneer” of “als”. Na cuando gebruikt het Spaans vaak de aanvoegende wijs wanneer de gebeurtenis nog niet heeft plaatsgevonden. Daarom staat hier esté, niet de vorm voor een vaststaand of reeds gerealiseerd feit. lista betekent “lijst”. Het is een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord: la lista; het meervoud is las listas. esté komt van estar (“zijn”, “zich bevinden”) en is hier de derde persoon enkelvoud van de aanvoegende wijs in de tegenwoordige tijd. In combinatie met terminada beschrijft het de toestand waarin de lijst zich op dat toekomstige moment bevindt: la lista esté terminada. terminada betekent hier “klaar” of “voltooid”. Het is het voltooid deelwoord van terminar (“beëindigen, afronden”), hier gebruikt als beschrijvend woord bij lista. Daarom staat het in het vrouwelijk enkelvoud: terminada; bij een mannelijk enkelvoudig woord staat bijvoorbeeld terminado. Samen vormen el archivo het lijdend voorwerp van abriré, en cuando la lista esté terminada geeft aan wanneer dat openen gebeurt. De hele zin betekent: “Ik zal het bestand openen wanneer de lijst klaar is.”

Grammatica

deber + infinitivo

¿Qué debemos hacer ahora?

kee dee-BEE-mos a-SER a-O-ra

Wat moeten we nu doen?

Na debemos volgt het hele werkwoord in de infinitief: hacer. Het onderwerp nosotros staat niet apart.

si + tegenwoordige tijd, entonces + resultaat

Si dividimos el trabajo, entonces podemos terminar rápido.

sie die-bie-DIE-mos el tra-BAA-go, en-TON-ses po-DE-mos ter-mie-NAAR RAA-pie-do

Als we het werk verdelen, kunnen we het snel afmaken.

Si leidt een voorwaarde in. De werkwoorden staan hier in de tegenwoordige tijd; entonces geeft het gevolg aan.

Spaans woordenschat

ahora bijwoord
a-O-ra nu
antes bijwoord
AN-tes voordat
archivo zelfstandig naamwoord
ar-Tsjie-bo bestand
corto bijvoeglijk naamwoord
KOR-to kort corta
deber werkwoord
dee-BEER moeten debemos
empezar werkwoord
em-pe-SAAR beginnen empecemos
hacer werkwoord
a-SER doen
lista zelfstandig naamwoord
LIES-ta lijst
poder werkwoord
po-DEER kunnen podemos
qué voornaamwoord
kee wat
revisar werkwoord
ree-bie-SAAR nakijken
terminar werkwoord
ter-mie-NAAR afmaken terminamos

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Wat moeten we nu doen?

Antwoord tonen¿Qué debemos hacer ahora?

Laten we met de korte lijst beginnen.

Antwoord tonenEmpecemos con la lista corta.

Dan doe ik het eerste deel.

Antwoord tonenEntonces yo hago la primera parte.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

nu

Antwoord tonenahora

lijst

Antwoord tonenlista

doen

Antwoord tonenhacer

voordat

Antwoord tonenantes