Necesito
Necesito betekent hier dat de spreker iets nodig heeft: een afspraak verzetten. De woordenboekvorm is necesitar; Necesito is de vorm die in “Necesito cambiar mi cita a otro día” betekent: ik heb nodig. Het patroon “Necesito” gevolgd door een infinitief is bruikbaar wanneer je zegt wat je nodig hebt of moet doen, bijvoorbeeld bij een afspraak.
cambiar
cambiar betekent hier een afspraak wijzigen of verzetten. Het staat als infinitief na “Necesito” in “Necesito cambiar mi cita a otro día”. Je gebruikt het met het ding dat je wilt wijzigen, zoals “cambiar mi cita”, wanneer je aan een medewerker vraagt een afspraak aan te passen.
mi
mi betekent hier “mijn” en geeft aan dat de afspraak van de spreker is. In “mi cita” staat het vóór het zelfstandig naamwoord. Deze combinatie is bruikbaar wanneer je bij een receptie naar je eigen afspraak verwijst.
cita
cita betekent hier “afspraak”, zoals in “mi cita” en “una cita disponible”. Het woord verwijst in deze dialoog naar een ingepland moment bij een receptie of dienstverlener. Je gebruikt het om over een afspraak te boeken, wijzigen of bevestigen.
a
a geeft in “cambiar mi cita a otro día” aan waarnaar de afspraak wordt verplaatst: naar een andere dag. Het hoort hier bij de richting van de wijziging. Je gebruikt dezelfde constructie wanneer je een afspraak naar een ander tijdstip of moment verzet.
otro
otro betekent hier “andere” in “a otro día”: naar een andere dag dan de oorspronkelijk geplande dag. Het staat vóór “día” en geeft een alternatief aan. Dit is bruikbaar wanneer je bij het verzetten van een afspraak een ander moment kiest.
día
día betekent “dag” in “a otro día”. Het benoemt hier het nieuwe moment waarnaar de afspraak wordt verplaatst. Je gebruikt het bijvoorbeeld wanneer je een afspraak naar een andere dag wilt verschuiven.
Puedo
Puedo betekent hier “ik kan” en drukt uit dat de spreker iets kan doen: “Puedo revisar el calendario por ti”. De woordenboekvorm is poder; Puedo is de vorm voor deze spreker in deze zin. Het patroon “Puedo” met een infinitief is bruikbaar om hulp of een mogelijke handeling aan te bieden.
revisar
revisar betekent hier “nakijken” of “controleren”, namelijk de agenda controleren op beschikbare afspraken. Het staat in “Puedo revisar el calendario por ti” als infinitief na “Puedo”. Je gebruikt het met iets dat je controleert, zoals een kalender of formulier.
el
el is hier het bepaald lidwoord vóór “calendario” in “el calendario”. Het verwijst naar de kalender die de medewerker voor de afspraak raadpleegt. Je gebruikt het vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je naar een specifieke zaak verwijst.
calendario
calendario betekent “kalender” in “revisar el calendario”. In deze dialoog gaat het om de planning waarin de beschikbare afspraken staan. Je gebruikt het bijvoorbeeld wanneer je een agenda of planning voor iemand nakijkt.
por
por heeft hier twee functies. In “por ti” betekent het “voor” jou, terwijl “Por” in “Por favor” deel is van een vaste beleefde uitdrukking. Je kunt por na een handeling gebruiken om aan te geven voor wie iets wordt gedaan, zoals in “revisar el calendario por ti”.
ti
ti betekent hier “jou” in “por ti”. Het verwijst naar de persoon voor wie de kalender wordt nagekeken en staat na het voorzetsel por. Je gebruikt “por ti” wanneer je zegt dat je iets voor iemand doet.
Hay
Hay betekent hier “er is” of “er zijn” en introduceert beschikbare afspraken: “Hay alguna cita...” en “Hay una cita disponible...”. Het is de vaste vorm om het bestaan of de aanwezigheid van iets te melden. Je gebruikt hay bijvoorbeeld om naar beschikbaarheid te vragen of die te bevestigen.
alguna
alguna betekent hier “enige” of “een” in de vraag “¿Hay alguna cita más tarde esta semana?”. Het maakt de vraag naar een mogelijke beschikbare afspraak niet-specifiek. Je gebruikt het in een vraag wanneer je wilt weten of er überhaupt een passende mogelijkheid is.
más
más betekent hier niet eenvoudigweg “meer”, maar draagt in “más tarde” en “más adelante esta semana” bij aan de betekenis “later”. Het geeft aan dat het moment verder in de tijd ligt. Je gebruikt deze tijdsuitdrukkingen wanneer je naar een later beschikbare afspraak vraagt.
tarde
tarde heeft in deze dialoog twee tijdsbetekenissen. In “más tarde” betekent het “later”, terwijl “por la tarde” verwijst naar de middag of namiddag. Je gebruikt het dus zowel om een later tijdstip als een deel van de dag aan te duiden.
esta
esta betekent hier “deze” in “esta semana”: de week waarin het gesprek plaatsvindt. Het staat vóór “semana” en verwijst naar een nabij of huidig tijdsblok. Je gebruikt dezelfde combinatie wanneer je beschikbaarheid binnen de huidige week bespreekt.
semana
semana betekent “week” in “esta semana” en “más adelante esta semana”. Het begrenst hier de periode waarin naar een nieuwe afspraak wordt gezocht. Je gebruikt het om een afspraak aan een bepaalde week te koppelen.
una
una betekent hier “een” in “una cita disponible”. Het introduceert één niet nader bepaalde beschikbare afspraak. Je gebruikt het vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je één mogelijke afspraak of optie noemt.
disponible
disponible betekent “beschikbaar” in “una cita disponible”. Het beschrijft dat de afspraak nog gekozen kan worden. Je gebruikt het bijvoorbeeld om een vrij tijdstip of een beschikbare afspraak aan te duiden.
la
la is hier het bepaald lidwoord in “por la tarde”. Het hoort bij de vaste tijdsuitdrukking voor de middag of namiddag. Je gebruikt deze uitdrukking wanneer je zegt op welk deel van de dag iets plaatsvindt.
adelante
adelante betekent hier “verderop” in de tijd, in “más adelante esta semana”. Samen verwijst die uitdrukking naar een later moment binnen deze week. Je gebruikt deze formulering wanneer je een optie later in een geplande periode noemt.
Me
Me betekent hier “mij” in de vaste uitdrukking “Me viene bien”, waarmee de spreker zegt dat een voorgesteld moment voor hem of haar goed uitkomt. Me geeft aan voor wie het moment passend is. Je gebruikt “Me viene bien” om een tijdstip of afspraak te accepteren.
viene
viene betekent in “Me viene bien” niet letterlijk alleen “komt”; de hele uitdrukking betekent dat iets goed uitkomt of past. De woordenboekvorm is venir, maar in deze uitdrukking draagt viene samen met “Me” en “bien” de praktische betekenis. Je gebruikt “Me viene bien” als reactie wanneer een voorgestelde afspraak geschikt is.
bien
bien betekent hier “goed” in “Me viene bien”. Samen met “Me viene” vormt het de uitdrukking waarmee de spreker zegt dat de voorgestelde tijd passend is. Je gebruikt “Me viene bien” om instemming met een tijdstip uit te drukken.
ir
ir betekent hier “gaan” in “Puedo ir esa tarde”. Het staat als infinitief na “Puedo” en beschrijft dat de spreker die middag naar de afspraak kan gaan. Je gebruikt ir met een plaats of tijd wanneer je zegt dat je ergens naartoe kunt gaan.
esa
esa betekent hier “die” in “esa tarde”. Het verwijst naar de eerder genoemde middag waarop de afspraak beschikbaar is. Je gebruikt esa vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je naar een specifiek eerder genoemd moment verwijst.
Voy
Voy betekent hier “ik ga” in “Voy a actualizar la cita”. De woordenboekvorm is ir; Voy is de vorm die hier een voorgenomen handeling uitdrukt. Het patroon “Voy a” gevolgd door een infinitief is bruikbaar om te zeggen wat je nu of binnenkort van plan bent te doen.
actualizar
actualizar betekent hier “bijwerken” of “aanpassen”, namelijk de afspraak in de planning wijzigen. Het staat in “Voy a actualizar la cita” na “Voy a”. Je gebruikt het met iets dat in een systeem of planning wordt bijgewerkt, zoals een afspraak.
Tengo
Tengo betekent in “Tengo que llevar los mismos documentos” op zichzelf “ik heb”, maar samen met “que llevar” drukt de constructie noodzakelijkheid uit: ik moet dezelfde documenten meenemen. De woordenboekvorm is tener; Tengo is de vorm die in deze zin bij de spreker hoort. Het patroon “Tengo que” met een infinitief is bruikbaar om te vragen of te zeggen wat je moet doen.
que
que verbindt in “Tengo que llevar los mismos documentos” het werkwoord Tengo met de handeling llevar. De betekenis “moeten” ontstaat door de hele constructie “Tengo que llevar”, niet door que alleen. Je gebruikt que hier in de vaste structuur om een noodzakelijke handeling te formuleren.
llevar
llevar betekent hier “meenemen” in “Tengo que llevar los mismos documentos” en in “llevar su tarjeta y el formulario completado”. Het beschrijft dat de documenten of andere benodigdheden naar de afspraak worden meegenomen. Je gebruikt llevar met het voorwerp dat je moet meenemen.
los
los is hier het meervoudige bepaalde lidwoord vóór “mismos documentos” in “los mismos documentos”. Het verwijst naar specifieke documenten die al in de context bekend zijn. Je gebruikt het vóór een meervoudige groep bekende zaken.
mismos
mismos betekent hier “dezelfde” in “los mismos documentos”. Het verwijst naar de documenten die de persoon eerder of volgens de bestaande afspraak al moest meenemen. Je gebruikt “los mismos” vóór een zelfstandig naamwoord wanneer iets identiek blijft aan wat eerder bedoeld was.
documentos
documentos betekent “documenten” in “los mismos documentos”. Het gaat om de papieren die de bezoeker naar de afspraak moet meenemen. Je gebruikt het als je bij een afspraak bespreekt welke documenten nodig zijn.
Por favor
Por favor betekent als geheel “alstublieft” en maakt “Por favor, traiga su tarjeta y el formulario completado” tot een beleefd verzoek. Por betekent in deze vaste uitdrukking oorspronkelijk “voor” of “omwille van”, en favor verwijst naar een gunst; samen vormen ze de gebruikelijke beleefde vraag. Je gebruikt “Por favor” aan het begin van een verzoek aan een andere persoon.
traiga
traiga betekent hier “breng mee” in het beleefde verzoek “Por favor, traiga su tarjeta y el formulario completado”. De woordenboekvorm is traer; traiga is hier de beleefde aansporing aan de persoon die de documenten moet meenemen. Je gebruikt het met de voorwerpen die iemand naar een afspraak moet brengen.
su
su betekent hier “uw” in “su tarjeta” en verwijst naar de kaart van de persoon die wordt aangesproken. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord tarjeta. Je gebruikt su vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je naar iets van de aangesproken persoon verwijst.
tarjeta
tarjeta betekent “kaart” in “su tarjeta”. Het is een van de zaken die de bezoeker naar de afspraak moet meenemen. Je gebruikt het bijvoorbeeld wanneer een receptie vraagt om een identiteitskaart of andere kaart.
y
y betekent “en” en verbindt in “su tarjeta y el formulario completado” twee zaken die moeten worden meegenomen. Het koppelt hier tarjeta aan formulario. Je gebruikt y om gelijkwaardige personen, zaken of handelingen met elkaar te verbinden.
formulario
formulario betekent “formulier” in “el formulario completado”. Het is het tweede document dat naar de afspraak moet worden meegenomen. Je gebruikt het bij formulieren die voor een bezoek of aanvraag ingevuld en ingediend moeten worden.
completado
completado betekent hier “ingevuld” of “afgerond” en beschrijft in “el formulario completado” de staat van het formulier. Het staat na formulario en maakt duidelijk dat het formulier al volledig moet zijn ingevuld. Je gebruikt deze combinatie wanneer je iemand vraagt een afgewerkt formulier mee te brengen.