Een korte toets voorbereiden | Leer spaans in het Nederlands

Spanish lesson set in a contemporary Madrid everyday setting: In a language classroom, two adults prepare for a short test by choosing what to review and trying practice questions..

NL → ES / Niveau: A2

Over deze les

Met Een korte toets voorbereiden oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.

Dialoog

A

Tenemos una prueba corta pronto, ¿verdad?

teh-NEH-mos OE-na PRWEH-ba KOR-ta PRON-toh, ber-DAHT? We hebben binnenkort een korte toets, toch?
B

La prueba incluye las partes principales de esta unidad.

la PRWEH-ba in-KLOE-jeh las PAR-tehs prin-si-PAH-lehs deh EH-sta oe-ni-DAHT. De toets behandelt de belangrijkste onderdelen van deze eenheid.
A

¿Qué parte debo repasar primero?

keh PAR-teh DEH-boh reh-pa-SAR prie-MEH-roh? Welk onderdeel moet ik eerst doornemen?
B

Empieza por la parte de escuchar, porque normalmente afecta a tu nota.

em-PJEH-sa por la PAR-teh deh eh-skoe-CHAR, POR-keh nor-mal-MEN-teh a-FEK-ta a too NOH-ta. Begin met het luisteronderdeel, want dat heeft meestal invloed op je score.
A

¿Podemos hacer juntos unas preguntas de práctica?

po-DEH-mos ah-SEHR GOEN-tos OE-nas preh-GOEN-tas deh PRAK-tie-ka? Kunnen we samen een paar oefenvragen proberen?
B

Podemos usar algunas preguntas cortas y comprobar cada respuesta.

po-DEH-mos oe-SAR al-GOEN-as preh-GOEN-tas KOR-tas ie kom-pro-BAR KA-da reh-SPWES-ta. We kunnen een paar korte vragen gebruiken en elk antwoord nakijken.
A

Revisaré mis errores después de cada pregunta.

reh-bie-sa-REH mies eh-RROH-rehs dehs-PWES deh KA-da preh-GOEN-ta. Ik zal na elke vraag mijn fouten bekijken.
B

Eso debería ayudarte a prepararte.

EH-soh deh-beh-RIE-a a-JOE-DAR-teh a preh-pa-RAR-teh. Dat zou je moeten helpen om je voor te bereiden.

Woord voor woord

Tenemos «Tenemos» betekent in «Tenemos una prueba corta pronto» dat wij iets hebben; het is een vorm van tener voor «wij». Je gebruikt deze vorm met een zelfstandig naamwoord, zoals in «Tenemos una prueba corta», bijvoorbeeld wanneer je samen een toets of afspraak bespreekt.
una «una» is het onbepaalde lidwoord bij het vrouwelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord «prueba» en betekent hier «een». De combinatie «una prueba» benoemt één toets zonder die al eerder specifiek te maken. Je gebruikt «una» vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord wanneer je iets introduceert.
prueba «prueba» betekent hier «toets» of «test», in de combinatie «una prueba corta». Het woord kan in een klas gebruikt worden om een toets aan te duiden die de leerling moet maken. In «una prueba» staat het als het benoemde examenonderdeel.
corta «corta» betekent hier «kort» en beschrijft «prueba». De vorm is vrouwelijk enkelvoud, passend bij «prueba»; de basisvorm is corto. Je kunt deze vorm gebruiken om een vrouwelijke zaak als kort te beschrijven, zoals een korte toets.
pronto «pronto» betekent in «Tenemos una prueba corta pronto» dat de toets binnenkort plaatsvindt. Het is een tijdsaanduiding die hier achter «prueba corta» staat. Je gebruikt «pronto» wanneer je iemand wilt vertellen dat iets in de nabije toekomst gebeurt.
verdad In «¿verdad?» vraagt «verdad» om bevestiging: «toch?» of «waar, hè?». De hele uitdrukking staat aan het einde van de zin om te controleren of de ander dezelfde aanname heeft. Je gebruikt «¿verdad?» bijvoorbeeld wanneer je een gedeeld feit wilt bevestigen.
La «La» is het bepaalde lidwoord vóór het vrouwelijke enkelvoudige «prueba» in «La prueba incluye...». De kleine lettervorm «la» staat ook in «la parte». Je gebruikt dit lidwoord wanneer het genoemde vrouwelijke zelfstandig naamwoord specifiek of al bekend is.
incluye «incluye» betekent in «La prueba incluye las partes principales de esta unidad» dat de toets die onderdelen bevat. Het is een vorm van incluir waarbij «La prueba» aangeeft wat de inhoud omvat. Een bruikbaar patroon is een onderwerp gevolgd door «incluye» en daarna de opgenomen inhoud, bijvoorbeeld bij de onderdelen van een toets.
las «las» is het bepaalde lidwoord bij het vrouwelijke meervoud «partes» in «las partes principales». Het verwijst hier naar specifieke onderdelen van de eenheid. Je gebruikt «las» vóór vrouwelijke zelfstandige naamwoorden in het meervoud wanneer die onderdelen bepaald zijn.
partes «partes» betekent hier «onderdelen» of «gedeelten» en verwijst naar de verschillende secties van de eenheid. Het is het meervoud van parte. In «las partes principales» gebruik je het woord om meerdere inhoudelijke secties van een les of toets te benoemen.
principales «principales» betekent hier «belangrijkste» of «hoofd-» en beschrijft «partes». De vorm is meervoud, passend bij «las partes»; de basisvorm is principal. Je gebruikt dit woord om de hoofdonderdelen binnen een geheel aan te wijzen.
de «de» verbindt in «de esta unidad» de onderdelen met de eenheid waaruit ze komen: «van deze eenheid». Het geeft hier een relatie van herkomst of verbondenheid aan. Een bruikbaar patroon is «de» gevolgd door een zelfstandig naamwoord of naamwoordgroep om zo’n relatie te benoemen.
esta «esta» betekent «deze» en staat vóór het vrouwelijke enkelvoudige «unidad» in «esta unidad». Het wijst een specifieke, nabije of in de situatie bekende eenheid aan. Je gebruikt «esta» vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord wanneer je precies deze zaak bedoelt.
unidad «unidad» betekent hier «eenheid», namelijk een lesonderdeel of hoofdstuk. In «de esta unidad» geeft het aan waar de getoetste onderdelen bij horen. Je gebruikt het woord in een klascontext om een afgebakend onderdeel van een cursus aan te duiden.
Qué «Qué» betekent in «¿Qué parte debo repasar primero?» «welke» of «wat» en opent hier een vraag naar een keuze. Het staat vóór «parte» om te vragen welk onderdeel eerst moet worden doorgenomen. Een bruikbaar vraagpatroon is «¿Qué» gevolgd door een zelfstandig naamwoord wanneer je naar één keuze uit meerdere mogelijkheden vraagt.
parte «parte» betekent hier «onderdeel» of «sectie», in «¿Qué parte...?». Het verwijst naar één afgebakend deel van de toetsstof. Je gebruikt het woord wanneer je binnen een groter geheel naar één sectie vraagt of die benoemt.
debo «debo» betekent hier «ik moet» of «ik hoor te» en staat in «debo repasar». Het is een vorm van deber voor «ik» en drukt uit wat de spreker nodig vindt of moet doen. Een bruikbaar patroon is «debo» plus een infinitief, bijvoorbeeld wanneer je je eigen volgende studietaak benoemt.
repasar «repasar» betekent in «debo repasar» dat je leerstof opnieuw doorneemt of herhaalt. De infinitief volgt op «debo» en benoemt de handeling die de spreker moet uitvoeren. Je gebruikt «repasar» in een studiesituatie wanneer je eerder behandelde stof opnieuw bekijkt.
primero «primero» betekent hier «eerst» en geeft de volgorde aan waarin de onderdelen worden doorgenomen. In «debo repasar primero» staat het bij de handeling die als eerste moet gebeuren. Je gebruikt «primero» wanneer je een eerste stap of prioriteit in een reeks aangeeft.
Empieza «Empieza» betekent hier «begin» en is in «Empieza por la parte de escuchar» een directe instructie aan één persoon. Het is een vorm van empezar. Je gebruikt «Empieza» om iemand praktisch aan te raden of op te dragen met een bepaald onderdeel te starten.
por In de constructie «Empieza por la parte de escuchar» geeft «por» het startpunt aan: begin met dat onderdeel. De betekenis komt hier uit de combinatie «empezar por», niet uit «por» alleen. Een bruikbaar patroon is «empezar por» plus het onderdeel waarmee je wilt starten, bijvoorbeeld bij een studieplan.
escuchar «escuchar» betekent «luisteren» in de naam «la parte de escuchar», het luisteronderdeel. Als infinitief benoemt het hier de activiteit waarop dit onderdeel gericht is. Je gebruikt «escuchar» in een leercontext om de luisteractiviteit of luistervaardigheid aan te duiden.
porque «porque» betekent «omdat» en leidt in «porque normalmente afecta a tu nota» de reden voor het advies in. Het verbindt een uitleg met de bewering die eraan voorafgaat. Je gebruikt «porque» wanneer je na een uitspraak of advies de reden wilt geven.
normalmente «normalmente» betekent hier «meestal» of «gewoonlijk» en geeft aan dat het effect op het cijfer doorgaans optreedt. Het staat vóór «afecta» en beperkt de uitspraak tot wat gewoonlijk gebeurt. Je gebruikt het om een gebruikelijke gang van zaken te beschrijven zonder te zeggen dat het altijd zo is.
afecta «afecta» betekent in «afecta a tu nota» dat iets invloed heeft op het cijfer. Het is een vorm van afectar en verwijst hier naar de invloed van het luisteronderdeel. Een bruikbaar patroon is «afectar a» gevolgd door het element dat door die invloed geraakt wordt, bijvoorbeeld in een gesprek over resultaten.
a In «afecta a tu nota» verbindt «a» het werkwoord met het cijfer dat door de invloed wordt geraakt. Hier helpt de voorzetselgroep «a tu nota» dus om aan te geven waarop het effect betrekking heeft. Je kunt hetzelfde patroon gebruiken wanneer je benoemt waarop een effect gericht is.
tu «tu» betekent «jouw» en bepaalt in «tu nota» van wie het cijfer is. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord «nota». Je gebruikt «tu» vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je iets aan de aangesproken persoon toeschrijft, bijvoorbeeld diens cijfer.
nota «nota» betekent hier «cijfer» of «resultaat», in «tu nota». Het verwijst naar de beoordeling die door het luisteronderdeel kan worden beïnvloed. Je gebruikt het in een onderwijscontext wanneer je over een behaald cijfer spreekt.
Podemos «Podemos» betekent «we kunnen» en opent het voorstel «Podemos usar algunas preguntas cortas...». Het is een vorm van poder voor «wij» en drukt hier een gezamenlijke mogelijkheid uit. Een bruikbaar patroon is «podemos» plus een infinitief om samen een activiteit voor te stellen.
hacer «hacer» betekent in «hacer juntos unas preguntas de práctica» dat je oefenvragen maakt of doorneemt. De infinitief volgt op «Podemos» en benoemt de gezamenlijke activiteit. Je gebruikt «hacer» met een taak of activiteit wanneer je zegt wat iemand gaat doen.
juntos «juntos» betekent «samen» en geeft in «hacer juntos unas preguntas de práctica» aan dat beide personen de activiteit gezamenlijk uitvoeren. Het hoort bij het gezamenlijke «podemos». Je gebruikt het om te benadrukken dat gesprekspartners iets met elkaar doen, zoals samen oefenen.
unas «unas» betekent hier «enkele» of «een paar» en staat vóór het vrouwelijke meervoud «preguntas». Het verwijst naar een niet nader bepaald klein aantal oefenvragen. Je gebruikt «unas» vóór vrouwelijke zelfstandige naamwoorden in het meervoud wanneer je enkele exemplaren bedoelt.
preguntas «preguntas» betekent «vragen» en verwijst hier naar «preguntas de práctica», oefenvragen. Het is het meervoud van pregunta. Je gebruikt het woord in de klas wanneer je vragen stelt, beantwoordt of gebruikt om te oefenen.
práctica In «preguntas de práctica» geeft «práctica» aan dat de vragen bedoeld zijn om te oefenen. De combinatie als geheel betekent dus «oefenvragen»; «de práctica» specificeert het doel van de vragen. Een nieuw voorbeeld van hetzelfde patroon is «ejercicios de práctica», voor oefeningen die bedoeld zijn om te oefenen.
usar «usar» betekent «gebruiken» in «Podemos usar algunas preguntas cortas». De infinitief volgt op «Podemos» en benoemt wat de sprekers met de vragen kunnen doen. Een bruikbaar patroon is «usar» plus het materiaal of hulpmiddel dat je inzet, bijvoorbeeld bij studeren.
algunas «algunas» betekent hier «enkele» en staat vóór het vrouwelijke meervoud «preguntas». Het verwijst naar een onbepaald aantal vragen die voor de oefening worden gekozen. Je gebruikt «algunas» vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord wanneer je enkele exemplaren uit een grotere groep bedoelt.
cortas «cortas» betekent «korte» en beschrijft in «algunas preguntas cortas» de vragen. De vorm is vrouwelijk meervoud, passend bij «preguntas»; de basisvorm is corto. Je gebruikt deze vorm om meerdere vrouwelijke zaken als kort te beschrijven.
y «y» betekent «en» en verbindt in «usar algunas preguntas cortas y comprobar cada respuesta» twee handelingen. Beide infinitieven horen bij «Podemos». Je gebruikt «y» om gelijkwaardige activiteiten of onderdelen van één plan aan elkaar te koppelen.
comprobar «comprobar» betekent hier «controleren» of «nakijken», in «comprobar cada respuesta». De infinitief benoemt de tweede activiteit die de sprekers samen kunnen uitvoeren. Je gebruikt «comprobar» met een antwoord, resultaat of gegeven wanneer je wilt nagaan of het klopt.
cada «cada» betekent «elke» en staat vóór het enkelvoudige «respuesta» in «cada respuesta». Het behandelt de antwoorden één voor één. Een bruikbaar patroon is «cada» plus een enkelvoudig zelfstandig naamwoord wanneer je alle afzonderlijke gevallen bedoelt.
respuesta «respuesta» betekent «antwoord» en verwijst in «cada respuesta» naar elk afzonderlijk antwoord op een oefenvraag. Het is het resultaat dat gecontroleerd wordt met «comprobar». Je gebruikt het woord wanneer je in een gesprek of toets naar een gegeven antwoord verwijst.
Revisaré «Revisaré» betekent «ik zal nakijken» of «ik zal doornemen» in «Revisaré mis errores». Het is een toekomstige vorm van revisar en beschrijft een gepland vervolg op de oefenvragen. Een bruikbaar patroon is «revisaré» plus wat je later wilt nakijken, bijvoorbeeld je fouten na een oefening.
mis «mis» betekent «mijn» en staat vóór het meervoudige «errores» in «mis errores». De vorm is meervoud omdat het bezit betrekking heeft op meerdere fouten. Je gebruikt «mis» vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord om iets als eigendom of onderdeel van jezelf te benoemen.
errores «errores» betekent «fouten» en verwijst hier naar de fouten die de spreker tijdens het oefenen maakt. Het is het meervoud van error. Je gebruikt het in een leercontext wanneer je onjuiste antwoorden of vergissingen wilt bekijken en verbeteren.
después In «después de cada pregunta» betekent «después» «na» en geeft het de volgorde aan: eerst de vraag, daarna het nakijken van de fouten. De vaste combinatie «después de» wordt hier gevolgd door «cada pregunta». Je gebruikt dit patroon om aan te geven dat iets later dan een bepaalde gebeurtenis gebeurt.
pregunta «pregunta» betekent «vraag» in «cada pregunta» en verwijst naar één oefenvraag per keer. Het enkelvoud volgt hier op «cada». Je gebruikt het woord wanneer je naar één concrete vraag in een gesprek, oefening of toets verwijst.
Eso «Eso» betekent «dat» en verwijst in «Eso debería ayudarte a prepararte» naar het vooraf besproken plan om vragen te oefenen en fouten na te kijken. Het is hier een zelfstandig verwijswoord voor die eerdere handeling of aanpak. Je gebruikt «Eso» om naar een zojuist genoemde situatie of actie terug te verwijzen.
debería «debería» betekent hier «zou moeten» en drukt de verwachting uit dat de voorgestelde aanpak zal helpen. Het is een vorm van deber en staat vóór «ayudarte». Een bruikbaar patroon is «debería» plus een infinitief wanneer je voorzichtig voorspelt wat waarschijnlijk helpt of gebeurt.
ayudarte «ayudarte» betekent «je helpen» in «ayudarte a prepararte». Het bestaat uit ayudar met «te» eraan vast; «te» verwijst naar de persoon die hulp ontvangt. Een bruikbaar patroon is «ayudar a iemand a» plus de activiteit waarbij die persoon geholpen wordt, bijvoorbeeld bij leren of voorbereiden.
prepararte «prepararte» betekent hier «je voorbereiden» en sluit aan bij «ayudarte a prepararte». De vorm bestaat uit preparar met «te» eraan vast, zodat de actie op de aangesproken persoon betrekking heeft. Je gebruikt deze vorm wanneer je zegt dat iemand zich klaarmaakt voor een toets of andere geplande taak.

Grammatica

debería + infinitivo

Debería ayudarte a prepararte.

deh-beh-RIE-a a-JOE-DAR-teh a preh-pa-RAR-teh.

Ik zou je moeten helpen je voor te bereiden.

Na debería volgt een infinitief. Dit drukt een advies of een voorzichtige verplichting uit.

después de + infinitivo

Después de repasar, revisaré los errores.

dehs-PWES deh reh-pa-SAR, reh-bie-sa-REH los eh-RROH-rehs.

Na het doornemen zal ik de fouten nakijken.

Na después de gebruik je een infinitief als het onderwerp hetzelfde blijft.

Spaans woordenschat

empieza werkwoord
em-PJEH-sa begin

Empieza por la parte de escuchar.

escuchar werkwoord
eh-skoe-CHAR luisteren

la parte de escuchar

incluye werkwoord
in-KLOE-jeh omvat

La prueba incluye las partes principales.

partes zelfstandig naamwoord
PAR-tehs onderdelen

las partes principales

primero bijwoord
prie-MEH-roh eerst

debo repasar primero

principales bijvoeglijk naamwoord
prin-si-PAH-lehs belangrijkste

las partes principales

pronto bijwoord
PRON-toh binnenkort

Tenemos una prueba corta pronto.

prueba zelfstandig naamwoord
PRWEH-ba toets

una prueba corta

repasar werkwoord
reh-pa-SAR doornemen, herhalen

¿Qué parte debo repasar primero?

tenemos werkwoord
teh-NEH-mos hebben

Tenemos una prueba corta pronto.

unidad zelfstandig naamwoord
oe-ni-DAHT eenheid

de esta unidad

verdad uitdrukking
ber-DAHT waar

¿verdad?

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

We hebben binnenkort een korte toets, toch?

Antwoord tonenTenemos una prueba corta pronto, ¿verdad?

Welk onderdeel moet ik eerst doornemen?

Antwoord tonen¿Qué parte debo repasar primero?

Dat zou je moeten helpen om je voor te bereiden.

Antwoord tonenEso debería ayudarte a prepararte.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

waar

Antwoord tonenverdad

belangrijkste

Antwoord tonenprincipales

doornemen, herhalen

Antwoord tonenrepasar

binnenkort

Antwoord tonenpronto