Even bellen voor een vergadering | Leer spaans in het Nederlands

Spanish lesson set in a contemporary Madrid everyday setting: Before a meeting, one adult steps into the hallway for a private phone call while another saves the seat and notes..

NL → ES / Niveau: A2

Over deze les

Met Even bellen voor een vergadering oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.

Dialoog

A

Necesito hacer una llamada corta.

ne-se-SIE-to a-SER oe-na ja-MA-da KOR-ta. Ik moet even kort bellen.
B

Puedes usar el pasillo si necesitas privacidad.

PWE-des oe-SAR el pa-SIE-jo sie ne-se-SIE-tas pri-ba-si-DAD. Je kunt de gang gebruiken als je privacy nodig hebt.
A

No quiero molestar a todos.

No KJE-ro mo-les-TAR a TO-dos. Ik wil niet iedereen storen.
B

Debería estar tranquilo allí ahora.

de-be-RIE-a es-TAR tran-KIE-lo a-JIE a-O-ra. Het zou daar nu rustig moeten zijn.
A

Volveré antes de que empiece la reunión.

bol-be-RIE AN-tes de ke em-PJE-se la re-oe-NJON. Ik kom terug voordat de vergadering begint.
B

Está bien. Todavía tenemos suficiente tiempo.

es-TA BJEN. to-da-BIE-a te-NE-mos soe-fi-SJEN-te TJEM-po. Dat is goed. We hebben nog genoeg tijd.
A

Por favor, guarda mi sitio mientras llamo.

por fa-BOR, GWAAR-da mi SIE-tjo MJEN-tras JA-mo. Bewaar mijn plek terwijl ik bel.
B

Guardaré tus notas aquí.

GWAAR-da-RIE toes NO-tas a-KIE. Ik houd je aantekeningen hier.

Woord voor woord

Necesito «Necesito» betekent hier dat de spreker een korte telefoongesprek nodig heeft: ‘ik moet’ of ‘ik heb nodig’. Het is een vorm van necesitar voor ‘ik’. Je gebruikt necesitar ook vóór iets wat je nodig hebt of vóór een handeling die je moet uitvoeren.
hacer «hacer» betekent hier ‘maken’ in de combinatie «hacer una llamada», die in deze context ‘bellen’ of ‘een telefoongesprek voeren’ betekent. Het is de infinitief na necesito. Je gebruikt hacer vaak vóór een zelfstandig naamwoord om een handeling uit te drukken.
una «una» is hier het onbepaalde lidwoord bij het vrouwelijke enkelvoudige woord «llamada»: ‘een’. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord. Je gebruikt una vóór één vrouwelijk zelfstandig naamwoord wanneer je iets niet-bepaalds noemt.
llamada «llamada» betekent hier ‘telefoongesprek’ of ‘telefoontje’. In «una llamada corta» is het datgene wat de spreker wil maken. Je gebruikt het met woorden die de oproep beschrijven, zoals corta in deze zin.
corta «corta» betekent hier ‘kort’ en beschrijft de duur van «llamada». De vorm sluit aan bij het vrouwelijke enkelvoud van llamada. Je gebruikt corta vóór of na een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord om de beperkte lengte of duur te beschrijven.
Puedes «Puedes» betekent hier ‘je kunt’ en geeft de aangesproken persoon toestemming of een mogelijkheid. Het is een vorm van poder voor ‘je’. Je gebruikt puedes vóór een infinitief, zoals usar in «Puedes usar el pasillo».
usar «usar» betekent ‘gebruiken’ en staat na puedes in «Puedes usar el pasillo». Het verwijst hier naar het gebruiken van de gang voor een privételefoongesprek. Je gebruikt usar vóór het voorwerp dat je gebruikt.
el «el» is hier het bepaalde lidwoord bij het mannelijke enkelvoudige woord «pasillo»: ‘de’. Het staat vóór pasillo. Je gebruikt el vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord wanneer je naar iets specifieks verwijst.
pasillo «pasillo» betekent hier ‘gang’ of ‘hal’. In «usar el pasillo» is het de plaats die de spreker kan gebruiken om privacy te hebben. Je gebruikt het met el wanneer je naar deze specifieke gang verwijst.
si «si» betekent hier ‘als’ of ‘indien’ en leidt de voorwaarde «si necesitas privacidad» in. Het verbindt de voorwaarde met de mogelijkheid om de gang te gebruiken. Je gebruikt si vóór een zin die aangeeft onder welke voorwaarde iets geldt.
necesitas «necesitas» betekent hier ‘je hebt nodig’ en is gericht aan één persoon. Het is een vorm van necesitar voor ‘je’. Je gebruikt necesitar vóór datgene wat iemand nodig heeft, zoals privacidad in «necesitas privacidad».
privacidad «privacidad» betekent hier ‘privacy’: de mogelijkheid om zonder anderen bij het gesprek te zijn. Het is datgene wat de aangesproken persoon eventueel nodig heeft. Je kunt necesitar combineren met een zelfstandig naamwoord zoals privacidad om een behoefte uit te drukken.
No «No» maakt «quiero molestar a todos» negatief en betekent hier ‘niet’. Het staat vóór het werkwoord quiero. Je gebruikt No vóór een werkwoord om te zeggen dat iets niet gebeurt of niet gewenst is.
quiero «quiero» betekent hier ‘ik wil’. De spreker gebruikt het om zijn of haar wens uit te drukken, die door No wordt ontkend. Het is een vorm van querer voor ‘ik’ en staat hier vóór de infinitief molestar.
molestar «molestar» betekent hier ‘storen’ of ‘lastigvallen’. In «No quiero molestar a todos» is het de handeling die de spreker niet wil veroorzaken. Je gebruikt molestar met a vóór personen die door de handeling worden gestoord.
a «a» is hier de persoonlijke objectmarkering vóór «todos» in «molestar a todos». Ze laat zien dat todos naar personen verwijst die door het storen worden geraakt. Je gebruikt a in zulke combinaties tussen een werkwoord en een bepaald persoonlijk object.
todos «todos» betekent hier ‘iedereen’ of ‘alle aanwezigen’. Samen met «a» verwijst het naar de mensen die de spreker niet wil storen. Je gebruikt a todos wanneer een handeling op alle bedoelde personen gericht is.
Debería «Debería» drukt hier een verwachting uit: ‘het zou ... moeten zijn’. De spreker verwacht dat het daar rustig is, maar presenteert dat niet als absolute zekerheid. Het is een vorm van deber en wordt hier gevolgd door estar.
estar «estar» betekent hier ‘zijn’ en verwijst naar een toestand: rustig zijn. Het staat als infinitief na debería in «Debería estar tranquilo allí ahora». Je gebruikt estar met een toestand of plaats wanneer je beschrijft hoe of waar iets is.
tranquilo «tranquilo» betekent hier ‘rustig’ en beschrijft de verwachte toestand daar. In «estar tranquilo» gaat het om de afwezigheid van lawaai of drukte. Je gebruikt tranquilo bij estar om een rustige toestand te beschrijven.
allí «allí» betekent hier ‘daar’ en verwijst naar de gang die eerder werd genoemd. Het geeft de plaats aan waar het rustig zou moeten zijn. Je gebruikt allí om naar een plaats op enige afstand van de spreker te verwijzen.
ahora «ahora» betekent hier ‘nu’ en beperkt de verwachting tot het huidige moment. In de zin gaat het dus om de rust daar op dit moment. Je gebruikt ahora om aan te geven wanneer iets geldt.
Volveré «Volveré» betekent hier ‘ik kom terug’ of ‘ik zal terugkeren’. De spreker belooft terug te zijn vóór het begin van de vergadering. Het is een vorm van volver voor ‘ik’ in een toekomstige mededeling; je kunt het gebruiken om een terugkeer aan te kondigen.
antes «antes» betekent hier ‘voordat’ en drukt uit dat de terugkeer eerder plaatsvindt dan het begin van de vergadering. In «antes de que empiece la reunión» maakt het deel uit van een tijdsconstructie. Je gebruikt antes de que vóór een zin over een gebeurtenis die nog moet plaatsvinden.
de «de» hoort hier bij de tijdsuitdrukking «antes de que». Het verbindt antes met de daaropvolgende zin over het begin van de vergadering. Je gebruikt antes de que om ‘voordat’ met een volledige bijzin te vormen.
que «que» leidt hier de bijzin «que empiece la reunión» in na antes de. Het maakt duidelijk welke gebeurtenis als tijdsgrens geldt. Je gebruikt antes de que vóór een volledige zin die de latere gebeurtenis beschrijft.
empiece «empiece» betekent hier ‘begint’ en verwijst naar het begin van de vergadering. De vorm staat na que in «antes de que empiece la reunión». Je gebruikt deze constructie om te zeggen dat iets gebeurt vóór een andere gebeurtenis begint.
la «la» is hier het bepaalde lidwoord bij het vrouwelijke enkelvoudige woord «reunión»: ‘de’. Het staat vóór reunión. Je gebruikt la vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord wanneer je naar iets specifieks verwijst.
reunión «reunión» betekent hier ‘vergadering’. In «empiece la reunión» is het de gebeurtenis waarvan het begin als tijdsgrens wordt genoemd. Je gebruikt het met la wanneer je naar deze specifieke vergadering verwijst.
Está «Está» draagt in «Está bien» bij aan de beoordeling ‘dat is goed’ of ‘dat is oké’. Het is een vorm van estar en staat hier samen met bien als reactie op een voorstel of verzoek. Je gebruikt Está bien om aan te geven dat je instemt of iets acceptabel vindt.
bien «bien» betekent hier ‘goed’ of ‘oké’ in de vaste reactie «Está bien». De volledige uitdrukking laat zien dat de spreker akkoord gaat met het plan. Je gebruikt Está bien als korte bevestiging in een gesprek.
Todavía «Todavía» betekent hier ‘nog’ of ‘nog steeds’: er is op dit moment nog voldoende tijd. Het staat vóór tenemos in «Todavía tenemos suficiente tiempo». Je gebruikt todavía vóór een werkwoord om aan te geven dat een toestand of mogelijkheid nog voortduurt.
tenemos «tenemos» betekent hier ‘we hebben’. De spreker verwijst samen met de ander naar de tijd die nog beschikbaar is. Het is een vorm van tener voor ‘we’ en je gebruikt tener vóór wat iemand bezit of beschikbaar heeft.
suficiente «suficiente» betekent hier ‘voldoende’ of ‘genoeg’ en beschrijft de hoeveelheid tijd. In «suficiente tiempo» staat het vóór het zelfstandig naamwoord. Je gebruikt suficiente vóór een zelfstandig naamwoord om aan te geven dat de hoeveelheid toereikend is.
tiempo «tiempo» betekent hier ‘tijd’, meer bepaald de tijd die nog beschikbaar is vóór de vergadering. Het staat in «tenemos suficiente tiempo». Je gebruikt het met tener en suficiente om beschikbare tijd aan te geven.
Por favor «Por favor» betekent als geheel ‘alstublieft’ of ‘alsjeblieft’ en maakt «guarda mi sitio» beleefder. «Por» draagt hier bij aan de betekenis ‘voor’ en «favor» betekent ‘gunst’; samen is het een vaste beleefde vraaguitdrukking. Je gebruikt Por favor vóór of na een verzoek.
guarda «guarda» betekent hier ‘bewaar’ of ‘houd vrij’ en is een verzoek aan één persoon om de stoel of plaats niet vrij te geven. Het is een vorm van guardar in een directe opdracht. Je gebruikt guarda vóór het voorwerp dat iemand moet bewaren, zoals mi sitio.
mi «mi» betekent hier ‘mijn’ en geeft aan dat het genoemde sitio bij de spreker hoort. Het staat direct vóór «sitio» in «mi sitio». Je gebruikt mi vóór een enkelvoudig zelfstandig naamwoord om bezit of verbondenheid uit te drukken.
sitio «sitio» betekent hier ‘plaats’ of ‘stoel’, namelijk de plaats die de spreker bezet houdt. In «guarda mi sitio» vraagt de spreker om die plaats te bewaren tijdens het bellen. Je kunt sitio gebruiken voor een plaats die iemand inneemt of reserveert.
mientras «mientras» betekent hier ‘terwijl’ en verbindt het bewaren van de plaats met het gelijktijdige bellen. De bijzin is «mientras llamo». Je gebruikt mientras vóór een zin voor een handeling die op hetzelfde moment plaatsvindt.
llamo «llamo» betekent hier ‘ik bel’ of ‘ik voer een telefoongesprek’. De spreker gebruikt het voor de handeling die plaatsvindt terwijl de ander de plaats bewaart. Het is een vorm van llamar voor ‘ik’; je gebruikt het hier in de bijzin na mientras.
Guardaré «Guardaré» betekent hier ‘ik zal bewaren’ of ‘ik houd bij’. De spreker belooft de aantekeningen op deze plaats te houden. Het is een toekomstige vorm van guardar voor ‘ik’; je kunt deze vorm gebruiken om een belofte of toezegging uit te drukken.
tus «tus» betekent hier ‘jouw’ en verwijst naar de aantekeningen van de aangesproken persoon. Het staat vóór het meervoudige zelfstandig naamwoord «notas». Je gebruikt tus vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord om bezit door de aangesproken persoon aan te geven.
notas «notas» betekent hier ‘aantekeningen’ of ‘notities’. In «tus notas» gaat het om de aantekeningen die de ander bij de vergadering gebruikt. Je gebruikt notas als zelfstandig naamwoord voor geschreven informatie die iemand bijhoudt.
aquí «aquí» betekent hier ‘hier’ en geeft de plaats aan waar de aantekeningen zullen blijven. Het staat aan het einde van «Guardaré tus notas aquí». Je gebruikt aquí om de plaats van iets dicht bij de spreker aan te wijzen.

Grammatica

necesitar + infinitivo

Necesito hacer una llamada corta.

ne-se-SIE-to a-SER oe-na ja-MA-da KOR-ta.

Ik moet een kort telefoongesprek voeren.

Na necesitar staat een ander werkwoord in de infinitief: necesito hacer.

llamada corta

una llamada corta

oe-na ja-MA-da KOR-ta

een kort telefoongesprek

Het bijvoeglijk naamwoord komt na het zelfstandig naamwoord en past zich aan: llamada → corta.

Spaans woordenschat

corto bijvoeglijk naamwoord
KOR-to kort corta
deber werkwoord
de-BER moeten; behoren te Debería
hacer werkwoord
a-SER doen; maken
llamada zelfstandig naamwoord
ja-MA-da telefoongesprek
molestar werkwoord
mo-les-TAR storen
necesitar werkwoord
ne-se-si-TAR nodig hebben Necesito
pasillo zelfstandig naamwoord
pa-SIE-jo gang
poder werkwoord
po-DER kunnen Puedes
privacidad zelfstandig naamwoord
pri-ba-si-DAD privacy
querer werkwoord
ke-RER willen quiero
tranquilo bijvoeglijk naamwoord
tran-KIE-lo rustig
usar werkwoord
oe-SAR gebruiken

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik moet even kort bellen.

Antwoord tonenNecesito hacer una llamada corta.

Ik wil niet iedereen storen.

Antwoord tonenNo quiero molestar a todos.

Het zou daar nu rustig moeten zijn.

Antwoord tonenDebería estar tranquilo allí ahora.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

willen

Antwoord tonenquiero

kort

Antwoord tonencorta

privacy

Antwoord tonenprivacidad

nodig hebben

Antwoord tonenNecesito