Tengo
“Tengo” betekent hier “ik moet” binnen de verplichtingsconstructie “Tengo que hacer”, niet alleen “ik heb”. Het is de ik-vorm van tener; gebruik deze vorm met que en een infinitief om een verplichting uit te drukken.
que
“Que” is hier het vaste verbindende deel van “Tengo que hacer”, waarmee een verplichting wordt uitgedrukt. Gebruik que in deze constructie vóór een infinitief.
hacer
“Hacer” betekent hier “geven” in de uitdrukking “hacer una presentación”. Het is een infinitief na “Tengo que”; hacer kan zo samen met een zelfstandig naamwoord een activiteit uitdrukken.
una
“Una” betekent hier “een” en staat vóór het vrouwelijke zelfstandig naamwoord “presentación”. Gebruik una vóór een enkelvoudig vrouwelijk zelfstandig naamwoord wanneer iets niet-bepaalds wordt genoemd.
presentación
“Presentación” betekent “presentatie” in “hacer una presentación”. Je kunt het gebruiken als het onderwerp van een presentatie of als activiteit na hacer.
breve
“Breve” betekent hier “kort” en beschrijft “presentación”. Het staat na het zelfstandig naamwoord in “una presentación breve”; dezelfde vorm kan bij dit soort beschrijvingen direct na het zelfstandig naamwoord staan.
la
“La” betekent hier “de” in de vaste tijdsaanduiding “la semana que viene”. Het is het bepaalde lidwoord bij het vrouwelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord semana.
semana
“Semana” betekent “week” in “la semana que viene”, dus “volgende week”. Gebruik het met een tijdsbepaling zoals la semana que viene om naar een komende week te verwijzen.
viene
“Viene” betekent letterlijk “komt”, maar in “la semana que viene” betekent het “die eraan komt” en dus “volgende”. Het is de derde persoon enkelvoud van venir en beschrijft hier welke week bedoeld wordt.
Empieza
“Empieza” betekent hier “begin” als aansporing aan één persoon. Het is de gebiedende vorm van empezar; je gebruikt empezar con gevolgd door datgene waarmee je begint.
con
“Con” betekent hier “met” in “Empieza con un esquema claro”. Het geeft aan waarmee de handeling begint; gebruik empezar con + zelfstandig naamwoord voor een beginpunt.
un
“Un” betekent hier “een” vóór het mannelijke zelfstandig naamwoord “esquema”. Gebruik un vóór een enkelvoudig mannelijk zelfstandig naamwoord wanneer iets niet-bepaalds wordt genoemd.
esquema
“Esquema” betekent hier een “opzet” of “schema” voor een presentatie. In “Empieza con un esquema claro” is het het eerste hulpmiddel bij het voorbereiden van de inhoud.
claro
“Claro” betekent hier “duidelijk” en beschrijft “esquema”. De vorm claro past bij het mannelijke enkelvoud van esquema; gebruik het om een begrijpelijke of overzichtelijke opzet te beschrijven.
antes
“Antes” betekent hier “voordat” in “antes de escribir frases completas”. Samen met de daaropvolgende de + infinitief geeft het aan dat de ene handeling eerder plaatsvindt dan de andere.
de
“De” is hier het verbindende voorzetsel in “antes de escribir”. In de constructie antes de + infinitief betekent het geheel “voordat je iets doet”.
escribir
“Escribir” betekent “schrijven” en staat als infinitief na “antes de”. Gebruik deze vorm in antes de + infinitief om een handeling te noemen die nog niet eerst moet gebeuren.
frases
“Frases” betekent hier “zinnen” in “frases completas”. Het meervoud verwijst naar meerdere volledige zinnen die pas na het maken van de opzet worden geschreven.
completas
“Completas” betekent “volledig” en beschrijft de meervoudige vrouwelijke vorm “frases”. De vorm completas past bij frases; gebruik het om meerdere volledige zinnen te typeren.
Mi
“Mi” betekent “mijn” in “Mi tema”. Het staat direct vóór een enkelvoudig zelfstandig naamwoord om bezit of verbondenheid aan te geven.
tema
“Tema” betekent “onderwerp” of “thema” in “Mi tema es cómo cambié mis hábitos de estudio”. Je gebruikt het om het onderwerp van een presentatie, gesprek of tekst aan te kondigen.
es
“Es” betekent hier “is” in “Mi tema es...”, waarmee het onderwerp van de presentatie wordt benoemd. Het is een vorm van ser; gebruik Mi tema es + onderwerp om een thema te introduceren.
cómo
“Cómo” betekent hier “hoe” in de bijzin “cómo cambié mis hábitos de estudio”. Het leidt de uitleg in van de manier waarop de verandering plaatsvond.
cambié
“Cambié” betekent “ik veranderde” in “cómo cambié mis hábitos de estudio”. Het is de ik-vorm van cambiar voor een afgeronde verandering in het verleden; gebruik het met een lijdend voorwerp zoals mis hábitos.
mis
“Mis” betekent “mijn” in “mis hábitos de estudio” en verwijst naar meerdere gewoonten. Gebruik mis vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord om bezit aan te geven.
hábitos
“Hábitos” betekent “gewoonten” in “mis hábitos de estudio”. Het verwijst hier naar terugkerende manieren van studeren; gebruik het met de bezitsvorm mis en de bepaling de estudio.
estudio
“Estudio” betekent hier “studie” in “hábitos de estudio”, dus gewoonten die met studeren te maken hebben. In deze woordgroep verduidelijkt de + zelfstandig naamwoord waarvoor de gewoonten bedoeld zijn.
fácil
“Fácil” betekent hier “gemakkelijk” in “Es fácil identificarse con eso”. Het beschrijft hoe eenvoudig het is om je met de genoemde ervaring te vereenzelvigen.
identificarse
“Identificarse” betekent hier “zich herkennen in” binnen “identificarse con eso”. De wederkerende infinitief wordt gebruikt met con om aan te geven waarmee iemand zich verbonden voelt.
eso
“Eso” betekent hier “dat” en verwijst naar de eerder genoemde verandering van studiegewoonten. Je gebruikt eso om naar een al genoemde situatie, ervaring of mededeling te verwijzen.
así
“Así” betekent hier “zo” en maakt in “así que” deel uit van de overgang naar een gevolg. De uitdrukking así que verbindt de herkenbaarheid van het onderwerp met de daaropvolgende raad.
piensa
“Piensa” betekent hier “denk na” als aansporing aan één persoon. Het is de gebiedende vorm van pensar en staat in “piensa en...” met datgene waarover iemand moet nadenken.
en
“En” betekent hier “over” in “piensa en lo que aprenderá el público”. Het hoort bij pensar en en introduceert het onderwerp van de gedachte.
lo
“Lo” maakt in “lo que aprenderá el público” samen met que een verwijzing naar “wat het publiek zal leren”. De combinatie lo que kan een hele inhoud of handeling als onderwerp van nadenken aanduiden.
aprenderá
“Aprenderá” betekent “zal leren” in “lo que aprenderá el público”. Het is de derde persoon enkelvoud van aprender in de toekomst en verwijst naar wat het publiek door de presentatie zal leren.
el
“El” betekent hier “het” of “de” vóór “público”. Het is het bepaalde lidwoord bij een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
público
“Público” betekent hier “publiek”, de mensen die naar de presentatie luisteren. Je gebruikt het om de groep ontvangers of luisteraars van een presentatie aan te duiden.
Quiero
“Quiero” betekent “ik wil” in “Quiero explicar...”. Het is de ik-vorm van querer en wordt hier gevolgd door een infinitief om een voornemen of wens uit te drukken.
explicar
“Explicar” betekent “uitleggen” en staat als infinitief na “Quiero”. Gebruik explicar + inhoud of onderwerp om te zeggen wat je wilt verduidelijken.
problema
“Problema” betekent “probleem” in “el problema”. Het is hier het eerste onderdeel dat de spreker in de presentatie wil uitleggen.
cambio
“Cambio” betekent hier “verandering” in “el cambio”. Het is het tweede onderdeel van de presentatie, naast het probleem en het resultaat.
y
“Y” betekent “en” en verbindt in “el problema, el cambio y el resultado” drie onderdelen van dezelfde opsomming. Je gebruikt y om gelijkwaardige woorden of woordgroepen te verbinden.
resultado
“Resultado” betekent “resultaat” in “el resultado”. Het noemt de uitkomst van de verandering die in de presentatie wordt besproken.
Esa
“Esa” betekent hier “die” in “Esa estructura” en verwijst naar de zojuist genoemde structuur. De vorm esa staat bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord zoals estructura.
estructura
“Estructura” betekent “structuur” in “Esa estructura funciona”. Hier verwijst het naar de opbouw met het probleem, de verandering en het resultaat.
funciona
“Funciona” betekent hier “werkt” of “is effectief” in “Esa estructura funciona”. Het is de derde persoon enkelvoud van funcionar; gebruik het om te zeggen dat een plan, methode of structuur goed werkt.
Añade
“Añade” betekent “voeg toe” als aansporing aan één persoon. Het is de gebiedende vorm van añadir en wordt hier gebruikt met datgene wat aan een bestaande structuur moet worden toegevoegd.
transiciones
“Transiciones” betekent hier “overgangen” tussen delen van een presentatie. In “Añade transiciones sencillas” verwijst het naar woorden of formuleringen die de onderdelen met elkaar verbinden.
sencillas
“Sencillas” betekent “eenvoudig” en beschrijft “transiciones”. De vorm sencillas past bij het vrouwelijke meervoud van transiciones.
entre
“Entre” betekent “tussen” in “entre esas partes”. Het geeft aan dat de overgangen zich bevinden tussen de verschillende onderdelen van de presentatie.
esas
“Esas” betekent hier “die” en verwijst naar meerdere vrouwelijke onderdelen in “esas partes”. De vorm is meervoud en past bij partes.
partes
“Partes” betekent “onderdelen” of “delen” in “esas partes”. Het verwijst naar de verschillende inhoudelijke delen van de presentatie.
Debo
“Debo” betekent hier “moet ik” in de vraag “¿Debo memorizar...?”. Het is de ik-vorm van deber en wordt gevolgd door een infinitief om naar een verplichting of noodzakelijkheid te vragen.
memorizar
“Memorizar” betekent “uit het hoofd leren” of “memoriseren” in “Debo memorizar toda la presentación”. Het is de infinitief na debo en benoemt wat mogelijk verplicht is.
toda
“Toda” betekent hier “de hele” en beschrijft “presentación”. De vorm toda past bij het vrouwelijke enkelvoud en benadrukt dat het om de volledige presentatie gaat.
Ensaya
“Ensaya” betekent hier “repeteer” of “oefen” als aansporing aan één persoon. Het is de gebiedende vorm van ensayar; je kunt ensayar gebruiken voor het oefenen van een presentatie of optreden.
notas
“Notas” betekent “aantekeningen” in “Ensaya con notas”. Het verwijst naar korte geschreven steunpunten die je tijdens het oefenen bij de hand houdt.
para
“Para” geeft hier het doel aan in “para sonar más natural”: je oefent met aantekeningen met als doel natuurlijker te klinken. Gebruik para + infinitief om het doel van een handeling uit te drukken.
sonar
“Sonar” betekent hier “klinken” in “sonar más natural”. Het is een infinitief na para en beschrijft hoe de spreker voor anderen overkomt.
más
“Más” betekent hier “meer” in “más natural” en versterkt de vergelijking met de eerdere manier van klinken. Gebruik más vóór een bijvoeglijk naamwoord om een hogere mate aan te geven.
natural
“Natural” betekent hier “natuurlijk” in “sonar más natural”. Het beschrijft de manier waarop iemand klinkt tijdens het spreken.
Practicaré
“Practicaré” betekent “ik zal oefenen” in “Practicaré dos veces”. Het is de ik-vorm van practicar in de toekomst en drukt een voorgenomen oefenplan uit.
veces
“Veces” betekent “keer” in “dos veces”, dus “twee keer”. Gebruik een getal + veces om aan te geven hoe vaak iets gebeurt.
me
“Me” verwijst in “me grabaré” naar de spreker zelf: die zal zichzelf opnemen. Het wederkerende voornaamwoord staat vóór de vervoegde werkwoordsvorm en maakt duidelijk wie wordt opgenomen.
grabaré
“Grabaré” betekent “ik zal opnemen” in “me grabaré”. Het is de ik-vorm van grabar in de toekomst; samen met me betekent de uitdrukking dat de spreker zichzelf opneemt.
te
“Te” betekent hier “jou” in “te ayudará”, dus degene die hulp ontvangt. Het staat vóór de werkwoordsvorm en kan zo de persoon aanduiden die door een handeling geholpen wordt.
ayudará
“Ayudará” betekent “zal helpen” in “Eso te ayudará a mejorar...”. Het is de derde persoon enkelvoud van ayudar in de toekomst; gebruik ayudar a + infinitief voor de handeling waarbij iemand geholpen wordt.
a
“A” hoort hier bij de constructie “ayudará a mejorar” en verbindt ayudar met de infinitief. Dezelfde constructie komt opnieuw terug in “a sonar”, zodat twee handelingen worden genoemd waarmee de oefening helpt.
mejorar
“Mejorar” betekent “verbeteren” in “mejorar tu control del tiempo”. Het is de infinitief na ayudar a en geeft aan wat de oefening beter zal maken.
tu
“Tu” betekent “jouw” in “tu control del tiempo”. Het staat vóór een enkelvoudig zelfstandig naamwoord en geeft aan dat de controle bij de aangesproken persoon hoort.
control
“Control” betekent hier “beheersing” of “controle” in “tu control del tiempo”. De volledige woordgroep verwijst naar het goed bewaken en verdelen van de beschikbare spreektijd.
del
“Del” betekent hier “van de” in “el control del tiempo”. Het is de samengevoegde vorm van de en el; gebruik het om tijd als het onderwerp van de controle aan te geven.
tiempo
“Tiempo” betekent hier “tijd” in “control del tiempo”. In deze woordgroep gaat het om de tijdsduur en timing van de presentatie.
confianza
“Confianza” betekent hier “zelfvertrouwen” in “con más confianza”. De uitdrukking beschrijft dat iemand zekerder overkomt tijdens het spreken; confianza is hier een zelfstandig naamwoord na con más.