Een groepsreis uitstellen als iemand ziek wordt | Leer spaans in het Nederlands

Spanish lesson set in a contemporary Madrid everyday setting: While planning a group trip, two friends discuss how to reschedule or update everyone after someone becomes sick..

NL → ES / Niveau: B1

Over deze les

Met Een groepsreis uitstellen als iemand ziek wordt oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.

Dialoog

A

Una amiga dice que tiene fiebre y que probablemente no podrá viajar mañana.

Oe-na a-mí-ga dí-se kee tjé-ne fjé-bre ie kee pro-ba-ble-mén-te no po-drá bja-chár man-já-na. Een vriendin zegt dat ze koorts heeft en morgen waarschijnlijk niet kan reizen.
B

Entonces deberíamos tenerla en cuenta y hablar de si cambiamos la fecha.

En-tón-ses de-be-rí-a-mos te-nér-la en kwén-ta ie a-blár de si kam-bjá-mos la fét-ja. Dan moeten we rekening met haar houden en bespreken of we de reis verzetten.
A

Puede ser difícil cambiar la fecha del viaje si esperamos mucho más.

Pwe-de ser di-fí-sil kam-bjár la fét-ja del bjá-che si es-pe-rá-mos móe-tsjo mas. Het kan lastig worden om de reis te verzetten als we nog veel langer wachten.
B

¿Podemos cambiar la fecha de la reserva en vez de cancelarla por completo?

Pó-de-mos kam-bjár la fét-ja de la re-sér-ba em bés de kan-se-lár-la por kom-plé-to? Kunnen we de boeking verzetten in plaats van die helemaal te annuleren?
A

Déjame llamar y preguntar qué opciones hay.

Dé-cha-me ja-már ie pre-goen-tár kee op-sjó-nes ai. Laat me bellen en vragen welke mogelijkheden er zijn.
B

Pregunta también si se sentiría cómoda si fuéramos sin ella.

Pre-goen-ta tam-bjén si se sen-tie-rí-a kó-mo-da si fwé-ra-mos sin é-ja. Vraag ook of ze het prettig zou vinden als we zonder haar gingen.
A

Preferiría posponerlo, porque estaba planeado como un viaje en grupo.

Pre-fe-ri-rí-a pos-po-nér-lo, por-kee es-tá-ba pla-né-a-do ko-mo oem bjá-che em groe-po. Ik stel het liever uit, omdat het als groepsreis was gepland.
B

Tiene sentido, sobre todo si solo necesita unos días para recuperarse.

Tjé-ne sen-tí-do, só-bre tó-do si só-lo ne-se-sí-ta oe-nos dí-as pá-ra re-koe-pe-rár-se. Dat is logisch, vooral als ze maar een paar dagen nodig heeft om te herstellen.
A

Mandaré un mensaje a todos con las opciones y una actualización clara.

Man-da-ré oem men-sá-che a tó-dos kon las op-sjó-nes ie oe-na ak-twa-li-sa-sjón kla-ra. Ik stuur iedereen een bericht met de mogelijkheden en een duidelijke update.
B

La gente llevará mejor el cambio si sabe por qué y cuándo ocurrirá.

La chén-te je-ba-rá me-chór el kám-bjo si sá-be por kee ie kwán-do o-koe-rí-rá. Mensen gaan beter met de verandering om als ze weten waarom en wanneer die plaatsvindt.

Woord voor woord

Una Una betekent hier ‘een’ en staat voor het vrouwelijke zelfstandig naamwoord amiga. Dit is dezelfde vorm als una; alleen de hoofdletter komt door de positie aan het begin van de zin. Nieuw voorbeeld: una reserva.
amiga Amiga betekent hier ‘vriendin’, dus een vrouwelijke vriend. De vorm hoort bij de persoon over wie de zin gaat: Una amiga dice. Nieuw voorbeeld: Mi amiga está enferma.
dice Dice betekent hier ‘zegt’ en is de vorm van decir die bij una amiga hoort. Het wordt gebruikt om daarna mee te delen wat iemand zegt, zoals in dice que. Nieuw voorbeeld: Mi hermano dice que viene.
que Que betekent hier ‘dat’ en leidt de inhoud in van wat de vriendin zegt: dice que tiene fiebre. Na werkwoorden zoals dice kan que een volledige mededeling inleiden. Nieuw voorbeeld: Sé que está ocupado.
tiene Tiene betekent hier ‘heeft’ en is de vorm van tener bij de vriendin: ella tiene fiebre. In het Spaans wordt tener gebruikt om te zeggen dat iemand een lichamelijke toestand of klacht heeft. Nieuw voorbeeld: Tiene dolor de cabeza.
fiebre Fiebre betekent ‘koorts’; in tiene fiebre gaat het om de lichamelijke toestand van de vriendin. Het woord staat hier zonder lidwoord na tener. Nieuw voorbeeld: El niño tiene fiebre.
y Y verbindt hier twee mededelingen: ze heeft koorts en ze zal waarschijnlijk niet kunnen reizen. Het is het gewone verbindingswoord voor ‘en’. Nieuw voorbeeld: Tengo tiempo y ganas.
probablemente Probablemente betekent hier ‘waarschijnlijk’ en maakt de uitspraak over morgen minder stellig. Het staat vóór de werkwoordelijke uitdrukking no podrá viajar. Nieuw voorbeeld: Probablemente llegaremos tarde.
no No maakt de mogelijkheid negatief: de vriendin zal waarschijnlijk niet kunnen reizen. Het staat vóór podrá. Nieuw voorbeeld: No puedo ir hoy.
podrá Podrá betekent hier ‘zal kunnen’ en drukt uit dat de vriendin morgen waarschijnlijk niet in staat zal zijn om te reizen. Het is de toekomstige vorm van poder bij ella. Een gebruikelijk patroon is poder plus een infinitief, zoals podrá viajar.
viajar Viajar betekent ‘reizen’ en staat hier als infinitief na podrá. Na poder volgt de handeling die mogelijk of onmogelijk is rechtstreeks in de infinitief. Nieuw voorbeeld: Podemos viajar en tren.
mañana Mañana betekent hier ‘morgen’ en geeft aan wanneer de reis zou plaatsvinden. Het kan in een zin aan het einde staan, zoals hier na viajar. Nieuw voorbeeld: Te llamo mañana.
Entonces Entonces betekent hier ‘dan’ of ‘in dat geval’ en verbindt de nieuwe conclusie met de informatie uit de vorige zin. Het staat aan het begin van het antwoord. Nieuw voorbeeld: Entonces, esperamos un poco.
deberíamos Deberíamos betekent hier ‘we zouden moeten’ en geeft een voorzichtige aanbeveling: we zouden rekening met haar moeten houden. Het is de vorm van deber bij nosotros. Nieuw voorbeeld: Deberíamos hablar con ellos.
tenerla en cuenta Tenerla en cuenta betekent als geheel ‘rekening met haar houden’. Tenerla bevat tener met la, waarbij la naar haar verwijst; en en cuenta vormen samen de vaste uitdrukking voor iets of iemand meewegen. Een bruikbaar patroon is tener en cuenta una situación; nieuw voorbeeld: Hay que tener en cuenta el horario.
hablar Hablar betekent hier ‘bespreken’ en staat na deberíamos: we zouden moeten bespreken. De infinitief noemt de handeling die wordt aanbevolen. Nieuw voorbeeld: Tenemos que hablar de la reserva.
de De betekent hier ‘over’ in hablar de si cambiamos la fecha. Het introduceert het onderwerp waarover wordt gesproken. Nieuw voorbeeld: Hablamos de los planes.
si Si betekent hier ‘of’ en leidt een indirecte vraag in over het veranderen van de datum. In deze zin gaat het niet om een voorwaarde, maar om de vraag welke beslissing we nemen. Nieuw voorbeeld: No sé si viene.
cambiamos Cambiamos betekent hier ‘we veranderen’ of, in deze reiscontext, ‘we verzetten’. De vorm verwijst naar nosotros en neemt la fecha als datgene wat wordt gewijzigd. Nieuw voorbeeld: Cambiamos la fecha de la reunión.
la La is hier het vrouwelijke enkelvoudige bepaalde lidwoord bij fecha: la fecha. Het maakt duidelijk dat het om een specifieke datum gaat. Nieuw voorbeeld: la reserva.
fecha Fecha betekent ‘datum’ en verwijst hier naar de datum van de reis. In cambiar la fecha is de datum datgene wat wordt gewijzigd. Nieuw voorbeeld: La fecha es el viernes.
Puede Puede betekent hier ‘kan’ en drukt uit dat iets mogelijk is: het kan moeilijk zijn. In Puede ser wordt geen specifieke persoon genoemd; de hele situatie wordt als mogelijk beoordeeld. Nieuw voorbeeld: Puede ser complicado.
ser Ser betekent hier ‘zijn’ en volgt op puede in de uitdrukking Puede ser difícil. Samen met difícil beschrijft het de mogelijke moeilijkheid van de situatie. Nieuw voorbeeld: Puede ser útil.
difícil Difícil betekent ‘moeilijk’ en beschrijft hier het verzetten van de reis. Het staat na ser in Puede ser difícil. Nieuw voorbeeld: Es difícil decidir.
cambiar Cambiar betekent hier ‘veranderen’ of ‘wijzigen’ en staat als infinitief na difícil: het kan moeilijk zijn om de datum te wijzigen. Het krijgt de datum van de reis als object in cambiar la fecha. Nieuw voorbeeld: Necesitamos cambiar el plan.
del Del betekent hier ‘van de’ en is de samengevoegde vorm van de en el. Het verbindt fecha met viaje in la fecha del viaje. Nieuw voorbeeld: la hora del tren.
viaje Viaje betekent ‘reis’ en specificeert hier van welke datum sprake is: de datum van de reis. Het staat na del. Nieuw voorbeeld: El viaje empieza mañana.
esperamos Esperamos betekent hier ‘we wachten’ en verwijst naar de groep die nog langer wacht voordat ze de datum verandert. De vorm hoort bij nosotros en staat in la bijzin met als. Nieuw voorbeeld: Esperamos el autobús.
mucho Mucho versterkt hier más en betekent ‘veel’ in de uitdrukking mucho más. Samen geeft dit aan dat er aanzienlijk langer wordt gewacht. Nieuw voorbeeld: Hay mucho trabajo.
más Más betekent hier ‘meer’ en krijgt in mucho más wachten de betekenis ‘langer’. Het vergelijkt de toekomstige wachttijd met de tijd die al verstreken is. Nieuw voorbeeld: Necesito más tiempo.
Podemos Podemos betekent hier ‘kunnen we’ en opent een vraag over een mogelijke wijziging van de reservering. Het is de vorm van poder bij nosotros en wordt gevolgd door cambiar. Nieuw voorbeeld: ¿Podemos hablar mañana?
reserva Reserva betekent ‘reservering’ en verwijst hier naar de bestaande boeking. In la fecha de la reserva gaat het om de datum die bij die reservering hoort. Nieuw voorbeeld: La reserva está confirmada.
en vez de En vez de betekent als geheel ‘in plaats van’ en stelt twee opties tegenover elkaar: de datum veranderen in plaats van de reservering annuleren. En, vez en de vormen samen deze vaste uitdrukking; en vez de wordt gevolgd door een infinitief of zelfstandig naamwoord. Nieuw voorbeeld: En vez de cancelar, podemos esperar.
cancelarla Cancelarla betekent hier ‘die annuleren’ en verwijst met la naar de reservering. Het bestaat uit cancelar en het eraan vast geschreven voornaamwoord la. Nieuw voorbeeld: Podemos cancelarla mañana.
por Por draagt hier samen met completo de betekenis van volledige omvang in por completo. In deze uitdrukking versterkt por de betekenis van ‘volledig’ en betekent het niet zelfstandig ‘omdat’. Nieuw voorbeeld: La reserva fue cancelada por completo.
completo Completo betekent hier ‘volledig’ en versterkt la annulering: de reservering helemaal annuleren. Het staat na por in de vaste uitdrukking por completo. Nieuw voorbeeld: El informe está completo.
Déjame Déjame betekent hier ‘laat me’ en wordt gebruikt om toestemming of ruimte te vragen om zelf iets te doen. Het is dejar met me, waarbij me verwijst naar de spreker; daarna volgt llamar. Nieuw voorbeeld: Déjame pensarlo.
llamar Llamar betekent hier ‘bellen’ en staat na Déjame om te zeggen welke handeling de spreker wil uitvoeren. De infinitief volgt rechtstreeks op Déjame. Nieuw voorbeeld: Voy a llamar al hotel.
preguntar Preguntar betekent ‘vragen’ en is de tweede handeling die de spreker wil uitvoeren: bellen en vragen welke opties er zijn. Het staat naast llamar na Déjame. Nieuw voorbeeld: Quiero preguntar por la reserva.
qué Qué betekent hier ‘wat’ en vraagt welke opties beschikbaar zijn in qué opciones hay. Het accent hoort bij de vraagbetekenis, ook binnen deze indirecte vraag. Nieuw voorbeeld: No sé qué necesitas.
opciones Opciones betekent ‘opties’ en verwijst hier naar de mogelijke manieren om met de reservering om te gaan. Het meervoud past bij qué opciones hay. Nieuw voorbeeld: Tenemos varias opciones.
hay Hay betekent hier ‘er zijn’ en introduceert welke opties beschikbaar zijn. Het wordt gebruikt in de vaste uitdrukking qué opciones hay. Nieuw voorbeeld: Hay dos posibilidades.
Pregunta Pregunta betekent hier ‘vraag’ als aansporing aan de gesprekspartner om iets na te vragen. Het staat aan het begin van een directe instructie en wordt gevolgd door también. Nieuw voorbeeld: Pregunta en recepción.
también También betekent ‘ook’ en voegt een extra vraag toe aan wat al gevraagd moet worden. Het staat hier direct na Pregunta. Nieuw voorbeeld: Pregunta también por el precio.
se Se maakt in se sentiría cómoda deel uit van het werkwoordelijke geheel zich comfortabel voelen. Het verwijst hier naar de vriendin, dezelfde persoon als ella; bij een wederkerend werkwoord verwijst se naar het onderwerp. Nieuw voorbeeld: Se siente mejor.
sentiría Sentiría betekent hier ‘zou zich voelen’ en vraagt hoe de vriendin een mogelijke situatie zou ervaren. Het is de vorm van sentir bij ella in deze voorzichtige, hypothetische vraag. Nieuw voorbeeld: ¿Cómo se sentiría en esa situación?
cómoda Cómoda betekent hier ‘op haar gemak’ of ‘comfortabel’ en beschrijft hoe de vriendin zich zou voelen. De vrouwelijke vorm past bij ella. Nieuw voorbeeld: Ella está cómoda aquí.
fuéramos Fuéramos betekent hier ‘we zouden gaan’ in de hypothetische situatie dat de anderen zonder haar vertrekken. Het is de vorm van ir die in de si-zin bij nosotros wordt gebruikt. Nieuw voorbeeld: Si fuéramos juntos, sería más fácil.
sin Sin betekent ‘zonder’ en geeft hier aan dat de groep zou gaan terwijl de vriendin niet meegaat. Het staat vóór ella, de persoon die ontbreekt. Nieuw voorbeeld: Café sin azúcar.
ella Ella betekent hier ‘haar’ na sin, dus zonder haar. Het verwijst naar de vriendin uit de eerdere zin. Nieuw voorbeeld: Voy con ella.
Preferiría Preferiría betekent hier ‘ik zou liever’ en geeft de persoonlijke voorkeur van de spreker aan. Het is de vorm van preferir bij yo en wordt gevolgd door posponerlo. Nieuw voorbeeld: Preferiría esperar.
posponerlo Posponerlo betekent hier ‘het uitstellen’, waarbij lo naar de reis verwijst. Posponer betekent ‘uitstellen’ en lo is eraan vast geschreven als verwijzing naar die reis. Nieuw voorbeeld: Preferiría posponerlo hasta el lunes.
porque Porque betekent ‘omdat’ en geeft hier de reden voor de voorkeur om de reis uit te stellen. Het leidt de verklarende bijzin in die volgt. Nieuw voorbeeld: No voy porque estoy enfermo.
estaba Estaba betekent hier ‘was’ en beschrijft hoe de reis eerder gepland was. Het is de vorm van estar bij el viaje. Nieuw voorbeeld: La reserva estaba confirmada.
planeado Planeado betekent hier ‘gepland’ en beschrijft de reis als een vooraf georganiseerde groepsreis. De mannelijke vorm sluit aan bij el viaje. Nieuw voorbeeld: El evento está planeado para mayo.
como Como betekent hier ‘als’ en beschrijft de rol of vorm waarin de reis gepland was: als groepsreis. Het staat vóór un viaje en grupo. Nieuw voorbeeld: Trabaja como guía.
un Un betekent hier ‘een’ en staat vóór het mannelijke zelfstandig naamwoord viaje. Het introduceert de reis als een groepsreis zonder die verder te specificeren. Nieuw voorbeeld: un mensaje.
en En betekent hier ‘in’ en maakt samen met grupo de uitdrukking en grupo: in een groep. Het staat in un viaje en grupo. Nieuw voorbeeld: Viajamos en grupo.
grupo Grupo betekent ‘groep’ en maakt in en grupo duidelijk dat de reis gezamenlijk wordt gemaakt. Het staat na en. Nieuw voorbeeld: Un grupo de amigos.
sentido Sentido betekent hier ‘zin’ in de uitdrukking Tiene sentido, die als geheel ‘dat is logisch’ betekent. Het woord verwijst hier naar begrijpelijkheid van het voorstel om uit te stellen. Nieuw voorbeeld: Eso no tiene sentido.
sobre todo Sobre todo betekent als geheel ‘vooral’ en legt extra nadruk op de voorwaarde van enkele hersteldagen. Sobre en todo vormen samen deze vaste uitdrukking; todo draagt het idee van het geheel, terwijl sobre de nadrukrelatie in de uitdrukking vormt. Nieuw voorbeeld: Me gusta sobre todo la música.
solo Solo betekent hier ‘alleen’ of ‘slechts’ en beperkt hoeveel dagen de vriendin nodig heeft: slechts een paar dagen. Het staat vóór necesita. Nieuw voorbeeld: Solo tengo diez minutos.
necesita Necesita betekent hier ‘heeft nodig’ en verwijst naar de tijd die de vriendin nodig heeft om te herstellen. Het is de vorm van necesitar bij ella. Nieuw voorbeeld: Necesita más tiempo.
unos Unos betekent hier ‘een paar’ en geeft een kleine, niet exact bepaalde hoeveelheid aan. Het staat vóór het mannelijke meervoud días. Nieuw voorbeeld: Unos minutos.
días Días betekent ‘dagen’ en noemt de periode die de vriendin nodig heeft om te herstellen. Het meervoud past bij unos. Nieuw voorbeeld: Volvemos en tres días.
para Para betekent hier ‘om te’ en geeft het doel van de benodigde dagen aan: herstellen. Voor een doel volgt hier een infinitief, para recuperarse. Nieuw voorbeeld: Tiempo para descansar.
recuperarse Recuperarse betekent hier ‘herstellen’ en beschrijft het doel waarvoor de vriendin enkele dagen nodig heeft. De vorm bevat recuperar met se, dat naar de persoon verwijst die herstelt. Nieuw voorbeeld: Necesito unos días para recuperarme.
Mandaré Mandaré betekent hier ‘ik zal sturen’ en kondigt aan wat de spreker zal doen met de informatie over de opties. Het is de toekomstige vorm van mandar bij yo. Nieuw voorbeeld: Mandaré el documento esta tarde.
mensaje Mensaje betekent ‘bericht’ en is wat de spreker naar iedereen zal sturen. Het staat na mandar in Mandaré un mensaje. Nieuw voorbeeld: Te envío un mensaje.
a A betekent hier ‘aan’ en verbindt mensaje met de ontvangers in a todos. Het geeft aan naar wie het bericht wordt gestuurd. Nieuw voorbeeld: Escribo a mis amigos.
todos Todos betekent hier ‘iedereen’ of ‘allen’ en verwijst naar alle betrokken personen in de groep. In a todos is het de groep ontvangers van het bericht. Nieuw voorbeeld: Lo explicaré a todos.
con Con betekent ‘met’ en geeft aan welke inhoud het bericht bevat: met de opties en een duidelijke update. Het staat vóór de twee inhoudselementen las opciones en una actualización clara. Nieuw voorbeeld: Un mensaje con información importante.
las Las is hier het vrouwelijke meervoudige bepaalde lidwoord bij opciones. Het verwijst naar specifieke opties die bij de besproken reis horen. Nieuw voorbeeld: las fechas disponibles.
actualización Actualización betekent hier ‘update’ of ‘bijgewerkte informatie’ over de situatie. Het staat na una en wordt nader beschreven door clara. Nieuw voorbeeld: Te envío una actualización.
clara Clara betekent hier ‘duidelijk’ en beschrijft de update als begrijpelijke informatie. De vrouwelijke vorm past bij actualización. Nieuw voorbeeld: Necesitamos una respuesta clara.
gente Gente betekent ‘mensen’ en verwijst hier naar de personen die de verandering moeten verwerken. Hoewel het naar meerdere mensen verwijst, staat gente als enkelvoudige groepsaanduiding bij llevará. Nieuw voorbeeld: Hay mucha gente aquí.
llevará Llevará is hier de vorm van llevar in de uitdrukking llevar mejor el cambio. Samen met mejor en el cambio betekent dit dat mensen de verandering beter zullen verwerken; llevará zelf draagt de voorspelling over hun omgang met die verandering. Nieuw voorbeeld: La gente llevará bien la noticia.
mejor Mejor betekent hier ‘beter’ en vergelijkt hoe mensen met de verandering omgaan met een minder goede manier van omgaan. Het staat bij llevará in llevará mejor el cambio. Nieuw voorbeeld: Ahora entiendo mejor.
el El is hier het mannelijke enkelvoudige bepaalde lidwoord bij cambio: el cambio. Het verwijst naar de concrete wijziging van het reisplan. Nieuw voorbeeld: el horario.
cambio Cambio betekent hier ‘verandering’ en verwijst naar de wijziging van de reisdatum of het plan. In llevar mejor el cambio is het datgene waarmee mensen moeten omgaan. Nieuw voorbeeld: El cambio fue necesario.
sabe Sabe betekent hier ‘weet’ en verwijst naar wat de mensen over de reden en timing weten. Het is de vorm van saber bij gente en staat in de als-bijzin. Nieuw voorbeeld: Ella sabe la respuesta.
por qué Por qué betekent hier als geheel ‘waarom’ en vraagt naar de reden van de verandering. Por en qué werken hier samen als vraaguitdrukking; het accent op qué hoort bij deze betekenis. Nieuw voorbeeld: Quiero saber por qué cambiaste la fecha.
cuándo Cuándo betekent hier ‘wanneer’ en vraagt naar het tijdstip waarop de verandering plaatsvindt. Het accent hoort bij de vraagbetekenis binnen la gente sabe por qué y cuándo ocurrirá. Nieuw voorbeeld: No sé cuándo llega.
ocurrirá Ocurrirá betekent hier ‘zal plaatsvinden’ of ‘zal gebeuren’ en verwijst naar het toekomstige moment waarop de verandering plaatsvindt. Het is de toekomstige vorm van ocurrir bij el cambio. Nieuw voorbeeld: El evento ocurrirá el viernes.

Grammatica

preferiría + infinitivo

Preferiría posponerlo.

Pre-fe-ri-rí-a pos-po-nér-lo.

Ik zou het liever uitstellen.

De vorm preferiría drukt een beleefde voorkeur of wens uit en betekent ‘ik zou liever’.

podrá + infinitivo

Probablemente podrá viajar.

Pro-ba-ble-mén-te po-drá bja-chár.

Waarschijnlijk zal ze kunnen reizen.

De uitgang -rá vormt de eenvoudige toekomende tijd; podrá betekent ‘zal kunnen’.

Spaans woordenschat

cambiar la fecha uitdrukking
kam-bjár la fét-ja de datum veranderen

Hablamos de si cambiamos la fecha.

cancelarla werkwoord
kan-se-lár-la haar annuleren

¿Podemos cambiar la fecha de la reserva en vez de cancelarla?

déjame uitdrukking
dé-cha-me laat me

Déjame llamar y preguntar qué opciones hay.

difícil bijvoeglijk naamwoord
di-fí-sil moeilijk

Puede ser difícil cambiar la fecha del viaje.

en vez de voorzetsel
em bés de in plaats van

En vez de cancelarla por completo.

fiebre zelfstandig naamwoord
fjé-bre koorts

Una amiga dice que tiene fiebre.

opciones zelfstandig naamwoord
op-sjó-nes opties

Mandaré un mensaje a todos con las opciones.

podrá werkwoord
po-drá zal kunnen

No podrá viajar mañana.

probablemente bijwoord
pro-ba-ble-mén-te waarschijnlijk

Probablemente no podrá viajar mañana.

reserva zelfstandig naamwoord
re-sér-ba reservering

Podemos cambiar la fecha de la reserva.

tenerla en cuenta uitdrukking
te-nér-la en kwén-ta rekening met haar houden

Deberíamos tenerla en cuenta.

viajar werkwoord
bja-chár reizen

No podrá viajar mañana.

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

reizen

Antwoord tonenviajar

zal kunnen

Antwoord tonenpodrá

koorts

Antwoord tonenfiebre

reservering

Antwoord tonenreserva