Een plan op het laatste moment afzeggen | Leer spaans in het Nederlands

Spanish lesson set in a contemporary Madrid everyday setting: Before an evening plan, one friend apologizes for canceling late because of a family issue and offers to reschedule..

NL → ES / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een plan op het laatste moment afzeggen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.

Dialoog

A

Lo siento mucho, pero tengo que cancelar el plan de esta noche.

loo SJEN-too moet-SJOO, pee-roo TEN-goe kee kan-se-LAR el PLAN dee es-ta NÓ-tsjee. Het spijt me echt, maar ik moet het plan voor vanavond afzeggen.
B

Es decepcionante. ¿Ha ocurrido algo urgente?

es dee-see-pjoo-NAN-tee. aa o-koe-RIE-do AL-goe oer-GEN-tee? Dat is teleurstellend. Is er iets dringends gebeurd?
A

Ha surgido un problema familiar y no puedo salir de casa.

aa soer-GIE-doe oem pro-BLEE-ma fa-mi-LJAR ie no PWEE-do sa-LIR dee KAA-sa. Er is iets in de familie gebeurd en ik kan het huis niet uit.
B

Lo entiendo, pero me habría gustado saberlo antes.

loo en-TJEN-do, pee-roo mee a-BRIE-a goes-TAA-do sa-BEER-loe AN-tes. Ik begrijp het, maar ik wou dat ik het eerder had geweten.
A

Tienes razón. Debería habértelo dicho en cuanto lo supe.

TJE-nes ra-SON. dee-bee-RIE-a a-BER-te-loe DÍ-tsjoo en KWAN-toe loo SOE-pee. Je hebt gelijk. Ik had het je moeten vertellen zodra ik het wist.
B

Te lo agradezco. Ya había empezado a prepararme.

tee loo a-gra-DES-ko. dja a-BIE-a em-pe-SAA-do a pre-pa-RAR-mee. Dat waardeer ik. Ik was me al aan het klaarmaken.
A

Déjame compensártelo eligiendo otra fecha que te venga bien.

DEE-ga-mee kom-pen-SAR-te-loe e-lee-GJEN-do O-tra FEE-tsja kee tee BEN-ga BJEN. Laat me het goedmaken door een andere datum te kiezen die jou uitkomt.
B

Podemos cambiar la fecha, pero confírmalo, por favor, cuando todo esté más tranquilo.

po-DE-mos kam-BJAR la FEE-tsja, pee-roo kon-FIR-ma-loe, por fa-BOR, KWAN-doe TO-do es-TEE mas tran-KIE-lo. We kunnen een nieuwe afspraak maken, maar bevestig het alsjeblieft zodra alles wat rustiger is.
A

Te escribiré cuando sepa más.

tee es-krie-bie-RE KWAN-doe SEE-pa mas. Ik stuur je een bericht als ik meer weet.
A

Sé que el cambio de última hora interrumpió tu noche.

SEE kee el KAM-bjo dee OEL-ti-ma O-ra in-te-roem-PJOO toe NÓ-tsjee. Ik weet dat de verandering op het laatste moment je avond heeft verstoord.
B

Espero que todo esté bien con tu familia.

es-PE-roo kee TO-do es-TEE BJEN kon toe fa-MIE-lja. Ik hoop dat alles goed gaat met je familie.

Uitleg van de zinnen

  1. Lo siento mucho, pero tengo que cancelar el plan de esta noche.

    Het spijt me echt, maar ik moet het plan voor vanavond afzeggen.

    Lo siento
    Het spijt me
    mucho
    erg; heel erg
    tengo que
    ik moet
    cancelar
    afzeggen; annuleren
    plan
    plan
    noche
    nacht
    Uitgebreide uitleg

    Lo siento is een vaste manier om “het spijt me” te zeggen. Siento is de ik-vorm van het werkwoord sentir in de tegenwoordige tijd; buiten deze uitdrukking kan het bijvoorbeeld “ik voel” betekenen. Lo verwijst hier niet naar een expliciet genoemd zelfstandig naamwoord, maar naar de situatie waarvoor de spreker zich verontschuldigt. Mucho versterkt de verontschuldiging: “heel erg” of “echt”. Hier werkt het als bijwoord en verandert het dus niet mee met een zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Te quiero mucho. — “Ik hou heel veel van je.” Tengo que drukt noodzakelijkheid of verplichting uit: “ik moet”. Tengo is de ik-vorm van tener (“hebben”); samen met que en een infinitief vormt het patroon tener que + infinitief. Voorbeeld: Tengo que trabajar. — “Ik moet werken.” Cancelar is een infinitief en betekent “afzeggen” of “annuleren”. Na tengo que blijft het werkwoord in de infinitief: tengo que cancelar, niet een vervoegde vorm. Voorbeeld: Tenemos que cancelar la reunión. — “We moeten de vergadering afzeggen.” Plan is een zelfstandig naamwoord voor een plan of gepland voornemen. Het is mannelijk: el plan. In deze zin is el plan het lijdend voorwerp van cancelar: het plan wordt afgezegd; het is niet de uitvoerder van de handeling. Noche betekent “nacht” of, afhankelijk van de context, “avond”. Het is vrouwelijk: la noche. In de esta noche betekent esta noche “vanavond”; esta past in vorm bij het vrouwelijke zelfstandig naamwoord noche. Samen betekent Lo siento mucho “Het spijt me echt”, pero “maar”, en tengo que cancelar el plan de esta noche “ik moet het plan voor vanavond afzeggen”. De volledige strekking is dus: “Het spijt me echt, maar ik moet het plan voor vanavond afzeggen.”

  2. Es decepcionante. ¿Ha ocurrido algo urgente?

    Dat is teleurstellend. Is er iets dringends gebeurd?

    decepcionante
    teleurstellend
    Ha ocurrido
    is gebeurd
    algo
    iets
    urgente
    dringend
    Uitgebreide uitleg

    decepcionante betekent hier dat iets teleurstelling veroorzaakt: “teleurstellend”. Het is een bijvoeglijk naamwoord bij es en heeft in het enkelvoud dezelfde vorm voor mannelijk en vrouwelijk; in het meervoud wordt het decepcionantes. Het komt van decepcionar (“teleurstellen”), maar decepcionante benoemt de eigenschap of werking van iets dat teleurstelt, niet een voltooide handeling. Voorbeeld: La noticia es decepcionante. — “Het nieuws is teleurstellend.” Ha ocurrido is de vorm voor “is gebeurd”. De basisvorm is ocurrir (“gebeuren”). ha is de derde persoon enkelvoud van haber als hulpwerkwoord; samen met het voltooid deelwoord ocurrido vormt dit de Spaanse perfecto compuesto. In deze constructie verandert ocurrido niet mee met een eventueel onderwerp in geslacht of getal: Ha ocurrido algo en bijvoorbeeld Han ocurrido varias cosas. algo betekent hier “iets”: een onbepaald voornaamwoord voor een niet nader geïdentificeerde zaak of gebeurtenis. Het drukt op zichzelf geen exact aantal uit. Het wordt vaak gevolgd door een bijvoeglijk naamwoord: algo importante — “iets belangrijks”. urgente betekent “dringend” of “urgent”. In algo urgente staat het in het enkelvoud; urgente heeft in het enkelvoud dezelfde vorm bij mannelijke en vrouwelijke referenten, terwijl het meervoud urgentes is. Het bijvoeglijk naamwoord specificeert wat voor soort “iets” bedoeld wordt. De eerste zin Es decepcionante bestaat uit es (“is”) en decepcionante (“teleurstellend”): “Dat is teleurstellend.” In de vraag maakt Ha ocurrido duidelijk dat het om een reeds gebeurd voorval gaat, algo houdt de gebeurtenis onbepaald en urgente beschrijft die als dringend. Samen betekent ¿Ha ocurrido algo urgente?: “Is er iets dringends gebeurd?”

  3. Ha surgido un problema familiar y no puedo salir de casa.

    Er is iets in de familie gebeurd en ik kan het huis niet uit.

    Ha surgido
    is ontstaan
    problema
    probleem
    familiar
    familie-
    no puedo
    ik kan niet
    salir
    naar buiten gaan
    de casa
    van huis
    Uitgebreide uitleg

    Ha surgido betekent hier dat er iets is ontstaan of zich heeft voorgedaan. Het is de vorm van het Spaanse surgir (“ontstaan, opkomen”): ha is de derde persoon enkelvoud van haber als hulpwerkwoord en surgido is het voltooid deelwoord. Samen vormen ze de perfecto compuesto: iets is zojuist of inmiddels gebeurd en is nu relevant. Voorbeeld: Ha surgido una dificultad. — “Er is een moeilijkheid ontstaan.” problema betekent “probleem”. Het zelfstandig naamwoord is in het Spaans mannelijk, ook al eindigt het op -a: un problema, el problema, problemas. Het meervoud krijgt -s. familiar betekent hier “familie-” of “met de familie verband houdend”: een probleem dat met de familie te maken heeft. Als bijvoeglijk naamwoord verandert deze vorm niet voor mannelijk of vrouwelijk enkelvoud; in het meervoud wordt het familiares. Voorbeeld: una situación familiar — “een familiesituatie”. no puedo betekent “ik kan niet”. puedo is de eerste persoon enkelvoud van poder (“kunnen”); no maakt de mededeling negatief. poder wordt gevolgd door een infinitief om uit te drukken wat iemand wel of niet kan doen: No puedo venir. — “Ik kan niet komen.” salir betekent “naar buiten gaan” of “vertrekken”. Het is hier een infinitief na puedo. De combinatie poder + infinitief geeft mogelijkheid of onmogelijkheid aan. salir is niet hetzelfde als irse: salir legt de nadruk op naar buiten gaan of vertrekken, terwijl irse vooral “weggaan” betekent. de casa betekent hier “van huis” of “het huis uit”. de geeft de plaats van vertrek aan. In de vaste uitdrukking salir de casa staat casa zonder lidwoord; met een specifiek ander huis kan bijvoorbeeld salir de la casa worden gebruikt. Samen betekent Ha surgido un problema familiar dat er een familieprobleem is ontstaan of dat er iets in de familie is gebeurd. y no puedo salir de casa voegt eraan toe dat de spreker daardoor niet van huis kan. De volledige betekenis is dus: “Er is iets in de familie gebeurd en ik kan het huis niet uit.”

  4. Lo entiendo, pero me habría gustado saberlo antes.

    Ik begrijp het, maar ik wou dat ik het eerder had geweten.

    Lo
    het
    entiendo
    ik begrijp
    pero
    maar
    me habría gustado
    ik had graag gewild
    saberlo
    het weten
    antes
    eerder
    Uitgebreide uitleg

    Lo betekent hier “het” als lijdend voorwerp van entiendo. De vorm is mannelijk enkelvoud óf onzijdig; op zichzelf bepaalt lo dus niet welk concreet ding bedoeld wordt. In deze zin blijft de verwijzing algemeen: wat de spreker begrijpt. Entiendo komt van entender (“begrijpen”) en is de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud: “ik begrijp”. Vergelijk entiendo met entiendes (“jij begrijpt”) en entienden (“zij/ze begrijpen”). Het voornaamwoord lo staat vóór de vervoegde vorm: Lo entiendo. Pero betekent “maar” en verbindt twee delen met een tegenstelling: eerst begrijpt de spreker iets, daarna volgt een niet helemaal overeenkomstige wens of spijt. Me habría gustado komt van gustar. De combinatie bestaat uit me (“aan mij”) + habría (de voorwaardelijke vorm van haber) + gustado (het voltooid deelwoord van gustar). Letterlijk is de constructie ongeveer “het zou mij bevallen hebben”; in deze zin betekent ze natuurlijk “ik had graag gewild”. De voorwaardelijke voltooide vorm verwijst naar een niet-vervulde wens in het verleden. Me is hier geen lijdend voorwerp, maar geeft aan wie de wens ervaart. Een vergelijkbaar patroon is Me habría gustado verlo — “Ik had hem/het graag willen zien.” Saberlo is saber (“weten”) met het voornaamwoord lo eraan vast: saber + lo. Na een infinitief kan een objectvoornaamwoord zo achteraan worden toegevoegd. Hier betekent het geheel “het weten” of natuurlijker “het te weten”. Het tweede lo verwijst naar dezelfde niet nader genoemde informatie of zaak als in Lo entiendo; de vorm blijft mannelijk enkelvoud of onzijdig volgens de grammaticale mogelijkheden van lo. Antes is een bijwoord en betekent hier “eerder”, dus op een vroeger moment dan het moment waarover de spreker spreekt. Het staat na saberlo, maar bepaalt inhoudelijk wanneer dat weten had moeten plaatsvinden. Vergelijk Lo supe antes — “Ik kwam het eerder te weten.” Samen vormen de delen: Lo entiendo = “Ik begrijp het”, pero = “maar”, en me habría gustado saberlo antes = “ik had het graag eerder geweten”. De volledige betekenis is daarom: “Ik begrijp het, maar ik wou dat ik het eerder had geweten.”

  5. Tienes razón. Debería habértelo dicho en cuanto lo supe.

    Je hebt gelijk. Ik had het je moeten vertellen zodra ik het wist.

    Tienes razón
    je hebt gelijk
    Debería
    zou moeten
    habértelo dicho
    het je verteld hebben
    en cuanto
    zodra
    supe
    wist
    Uitgebreide uitleg

    Tienes razón betekent hier “je hebt gelijk”. Tienes is de tegenwoordige tijd van tener voor tú (jij): tener → tienes. In deze vaste uitdrukking betekent het niet letterlijk dat je “reden bezit”, maar dat wat de ander zegt juist is. Een bruikbaar voorbeeld is Tienes razón sobre eso. — “Daarover heb je gelijk.” Debería komt van deber en is de voorwaardelijke vorm voor de eerste persoon enkelvoud: “ik zou moeten”. Het onderwerp “ik” staat niet apart, maar zit in de werkwoordsvorm. Hier drukt de vorm achteraf uitgesproken plicht of spijt uit: de spreker zegt dat hij iets had moeten doen. Vergelijk debo — “ik moet” — met debería — “ik zou moeten”. habértelo dicho bestaat uit haber + te + lo + dicho. Dicho is het voltooid deelwoord van decir (“zeggen/vertellen”): decir → dicho; het is dus geen vorm van hablar. De combinatie debería haber + voltooid deelwoord geeft aan dat iets eerder had moeten gebeuren: “had moeten vertellen”. De voornaamwoorden zijn aan het infinitief vastgehecht. Te verwijst hier naar de aangesproken persoon en is het meewerkend voorwerp (“aan jou/je”); lo is het lijdend voorwerp (“het”), namelijk de informatie waarover gesproken wordt. Samen geeft habértelo dicho dus “het je verteld hebben”. Bij een ander vrouwelijk lijdend voorwerp zou het bijvoorbeeld habértela dicho zijn. En cuanto is een vaste verbindingsuitdrukking met de betekenis “zodra”. Ze introduceert de gebeurtenis die het tijdstip bepaalt. In en cuanto lo supe gaat het dus om het moment waarop de spreker het wist of te weten kwam. Supe is de verleden tijd van saber voor de eerste persoon enkelvoud: saber → supe. De preteritumsvorm presenteert het weten of vernemen hier als een afgerond moment. Lo is opnieuw het lijdend voorwerp en betekent “het”; het verwijst hier naar de informatie die de spreker te weten kwam. In een voorbeeld als Lo supe ayer. betekent dat “Ik kwam het gisteren te weten.” Samen betekent Debería habértelo dicho en cuanto lo supe: “Ik had het je moeten vertellen zodra ik het wist.” De spreker erkent eerst dat de ander gelijk heeft en zegt daarna dat hij de informatie eerder had moeten doorgeven, namelijk onmiddellijk nadat hij die had vernomen. Debería haber + deelwoord maakt de terugblik op de niet-uitgevoerde verplichting, en en cuanto koppelt het vertellen aan het moment van weten.

  6. Te lo agradezco. Ya había empezado a prepararme.

    Dat waardeer ik. Ik was me al aan het klaarmaken.

    Te lo agradezco
    Dat waardeer ik.
    Ya
    al
    había empezado
    was begonnen
    prepararme
    me klaar te maken
    Uitgebreide uitleg

    Te lo agradezco betekent hier letterlijk ongeveer: “Ik waardeer dat aan jou”, natuurlijk vertaald als “Dat waardeer ik”. Agradezco is de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud, van agradecer (“waarderen”, “dankbaar zijn voor”). In deze constructie is te het indirecte object (“aan jou”) en lo het directe object (“dat/het”); lo verwijst hier naar iets dat de spreker waardeert, zonder dat de zin zelf een zelfstandig naamwoord noemt. Voorbeeld: Te agradezco la ayuda. — “Ik waardeer je hulp.” Het ding dat wordt gewaardeerd kan dus als zelfstandig naamwoord komen (la ayuda) of als voornaamwoord (lo). Ya betekent hier “al” en geeft aan dat iets vóór een relevant moment begonnen was. Het betekent in deze zin niet “nu meteen”. Había empezado bestaat uit había, de eerste persoon enkelvoud van de onvoltooid verleden tijd van haber, plus het voltooid deelwoord empezado van empezar (“beginnen”). Samen vormen ze de voltooid verleden tijd: de spreker zegt dat het beginnen al vóór een ander verleden moment had plaatsgevonden. Het impliciete onderwerp is yo (“ik”): había empezado = “ik was begonnen / ik had begonnen”. Voorbeeld: Cuando llegaste, ya había empezado. — “Toen je aankwam, was het al begonnen.” Prepararme is het infinitief preparar (“voorbereiden, klaarmaken”) met het wederkerende voornaamwoord me eraan vast. Prepararme betekent hier “me klaarmaken”: me verwijst naar de spreker en maakt de vorm wederkerend. De vorm preparar zonder me zou betekenen dat iemand iets of iemand anders voorbereidt; prepararse betekent “zich klaarmaken” of “zich voorbereiden”. Voorbeeld: Necesito prepararme. — “Ik moet me klaarmaken.” Samen geven de delen de betekenis: “Dat waardeer ik. Ik was me al aan het klaarmaken.” Ya había empezado a prepararme verbindt het eerdere beginnen met de handeling die begonnen was: de spreker was vóór het bedoelde moment al begonnen zichzelf klaar te maken.

  7. Déjame compensártelo eligiendo otra fecha que te venga bien.

    Laat me het goedmaken door een andere datum te kiezen die jou uitkomt.

    Déjame
    laat me
    compensártelo
    het voor je goedmaken
    eligiendo
    kiezen
    otra
    andere
    fecha
    datum
    te venga bien
    jou uitkomen
    Uitgebreide uitleg

    Déjame is de bevestigende gebiedende wijs van dejar voor tú, met het voornaamwoord me eraan vast: “laat mij”. De vorm is dus gericht aan één aangesproken persoon; me verwijst naar de spreker. Een bruikbaar patroon is Déjame + infinitief: “Laat me …”. Voorbeeld: Déjame ayudarte. — “Laat me je helpen.” compensártelo heeft als basisinfinitief compensar en bevat twee aangehechte voornaamwoorden: te voor degene voor wie iets wordt goedgemaakt en lo voor datgene of die situatie. In deze zin betekent het geheel “het voor je goedmaken”. De infinitief staat na déjame; samen vormen ze “laat me het voor je goedmaken”. De klemtoon blijft in de spelling zichtbaar met het accentteken in compensártelo. Voorbeeld: Quiero compensártelo. — “Ik wil het voor je goedmaken.” eligiendo is het gerundium van elegir (“kiezen”). Het beschrijft hier de manier waarop de spreker het wil goedmaken: door een andere datum te kiezen. Voorbeeld: Lo resolveremos eligiendo otra opción. — “We lossen het op door een andere optie te kiezen.” otra is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van otro en betekent hier “een andere”. De vorm stemt af op het vrouwelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord fecha; het drukt niet op zichzelf een specifiek aantal uit. Vergelijk otro día — “een andere dag” — met otra fecha — “een andere datum”. fecha is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord voor “datum”. In otra fecha krijgt het de bepaling otra; in de context gaat het om een alternatieve datum voor de eerder besproken afspraak of planning. Voorbeeld: Necesitamos una fecha nueva. — “We hebben een nieuwe datum nodig.” te venga bien is de vaste uitdrukking venir bien a alguien: iets komt iemand goed uit of past iemand. te is hier het voornaamwoord voor degene aan wie iets goed uitkomt; venga is de derde persoon enkelvoud van de conjunctief van venir, omdat het onderwerp van venga de enkelvoudige datum is: “een datum die jou goed uitkomt”. De conjunctief past bij een datum die nog gezocht of gekozen wordt, niet bij een al vastgestelde datum. Voorbeeld: Busco una hora que te venga bien. — “Ik zoek een tijdstip dat jou uitkomt.” Als geheel bestaat de zin uit Déjame + compensártelo (“laat me het voor je goedmaken”), gevolgd door eligiendo otra fecha (“door een andere datum te kiezen”) en de relatieve bepaling que te venga bien (“die jou uitkomt”). De volledige betekenis is dus: “Laat me het goedmaken door een andere datum te kiezen die jou uitkomt.”

  8. Podemos cambiar la fecha, pero confírmalo, por favor, cuando todo esté más tranquilo.

    We kunnen een nieuwe afspraak maken, maar bevestig het alsjeblieft zodra alles wat rustiger is.

    Podemos
    we kunnen
    cambiar
    veranderen
    la fecha
    de datum
    confírmalo
    bevestig het
    por favor
    alsjeblieft
    todo
    alles
    más tranquilo
    rustiger
    Uitgebreide uitleg

    Podemos komt van poder en is de tegenwoordige tijd voor nosotros/nosotras: “wij kunnen”. In combinatie met een infinitief drukt het mogelijkheid of haalbaarheid uit. Voorbeeld: Podemos esperar. — “We kunnen wachten.” cambiar is een infinitief en betekent hier “veranderen” of “wijzigen”. Na podemos blijft het tweede werkwoord in de infinitief: Podemos cambiar ... — “We kunnen ... wijzigen”. Voorbeeld: Quiero cambiar la hora. — “Ik wil de tijd wijzigen.” la fecha betekent “de datum”. Fecha is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord, daarom staat hier het bepaalde lidwoord la. Voorbeeld: La fecha es importante. — “De datum is belangrijk.” confírmalo is een bevestigend bevel aan één aangesproken persoon in de tú-vorm: “bevestig het”. Het bestaat uit het bevel confirma van confirmar plus het lijdendvoorwerpsvoornaamwoord lo, dat hier “het” betekent. Bij een bevestigend bevel wordt dit voornaamwoord aan het werkwoord vastgeschreven; het accent in confírmalo bewaart de juiste klemtoon. Voorbeeld: Confírmalo hoy. — “Bevestig het vandaag.” Het meervoudige bevel aan meerdere personen zou bijvoorbeeld confírmenlo zijn; dat is een andere vorm. por favor is een vaste beleefdheidsuitdrukking: “alsjeblieft”. Ze verzacht het verzoek, maar verandert de persoon van het bevel niet: confírmalo blijft een bevel in de tú-vorm. todo betekent hier “alles” en fungeert als een onbepaald voornaamwoord: het verwijst niet naar één specifiek genoemd zelfstandig naamwoord. In cuando todo esté ... is todo het onderwerp van de bijzin. Voorbeeld: Todo está listo. — “Alles is klaar.” más tranquilo betekent “rustiger”. Tranquilo is het bijvoeglijk naamwoord; más maakt er de vergelijkende vorm van. De vorm staat hier in het mannelijk enkelvoud en sluit aan bij todo in deze uitdrukking. De basisvorm is tranquilo, de vergelijking más tranquilo; het tegenovergestelde is más agitado — “onrustiger”. Voorbeeld: El lugar está más tranquilo por la mañana. — “De plek is ’s ochtends rustiger.” In het laatste deel staat cuando todo esté más tranquilo: “wanneer alles rustiger is”. Esté is de vorm van estar in de conjunctief, hier gebruikt na cuando voor een toekomstige of nog niet vaststaande omstandigheid. De hoofdzin zegt eerst wat mogelijk is: Podemos cambiar la fecha — “We kunnen de datum wijzigen”. Daarna volgt het verzoek met tegenstelling: pero confírmalo, por favor — “maar bevestig het alsjeblieft”. Het verzoek moet gebeuren wanneer de genoemde toestand intreedt: cuando todo esté más tranquilo. Samen betekent de volledige uiting: “We kunnen een nieuwe afspraak maken, maar bevestig het alsjeblieft zodra alles wat rustiger is.”

  9. Te escribiré cuando sepa más.

    Ik stuur je een bericht als ik meer weet.

    Te
    je
    escribiré
    zal schrijven
    cuando
    wanneer; zodra
    sepa
    weet
    más
    meer
    Uitgebreide uitleg

    Te is een onbeklemtoond persoonlijk voornaamwoord voor de aangesproken persoon in het enkelvoud. Hier is het de ontvanger van de handeling: “jou schrijven” of natuurlijker “je een bericht sturen”. Het hoort bij een tú-achtige aanspreekvorm; voor usted zou doorgaans le worden gebruikt. Voorbeeld: Te llamaré mañana. — “Ik bel je morgen.” escribiré komt van escribir, “schrijven”, en is de toekomende tijd in de eerste persoon enkelvoud: “ik zal schrijven”. De uitgang -é markeert hier “ik”; het voornaamwoord te geeft aan aan wie er geschreven wordt. Voorbeeld: Escribiré a mi hermana esta noche. — “Ik schrijf vanavond aan mijn zus.” cuando is een tijdsvoegwoord: “wanneer” of, in deze toekomstige context, “zodra/als”. Na cuando gebruikt het Spaans de subjuntivo wanneer de gebeurtenis nog moet plaatsvinden of als voorwaarde wordt voorgesteld. Voorbeeld: Te llamaré cuando llegue. — “Ik bel je zodra ik aankom.” sepa komt van saber, “weten”, en is hier de tegenwoordige subjuntivo in de eerste persoon enkelvoud: “ik weet”. De vertaling maakt duidelijk dat dezelfde spreker als bij escribiré degene is die meer te weten komt. De vorm is dus geen bevel; cuando sepa más betekent hier “wanneer ik meer weet”. Ter vergelijking: sé is de tegenwoordige indicatief van saber: “ik weet”. más betekent “meer” en geeft hier een grotere hoeveelheid kennis of informatie aan. Het vormt een tegenstelling met menos, “minder”. Voorbeeld: Necesito más tiempo. — “Ik heb meer tijd nodig.” Samen bestaat de zin uit Te escribiré (“Ik zal je schrijven/een bericht sturen”) en cuando sepa más (“wanneer ik meer weet”). De volledige betekenis is: “Ik stuur je een bericht als ik meer weet.” De formulering is neutraal en bruikbaar om aan te geven dat de spreker later contact zal opnemen zodra er meer informatie is.

  10. Sé que el cambio de última hora interrumpió tu noche.

    Ik weet dat de verandering op het laatste moment je avond heeft verstoord.

    Sé
    ik weet
    cambio
    verandering
    última
    laatste
    hora
    uur; tijd
    interrumpió
    verstoorde
    noche
    avond
    Uitgebreide uitleg

    Sé is de eerste persoon enkelvoud van saber (“weten”) in de tegenwoordige tijd: yo sé. Sé que ... is een herbruikbaar patroon voor “Ik weet dat ...”; que leidt de inhoud in van wat iemand weet. cambio is hier het zelfstandig naamwoord “verandering”. Het is enkelvoud en vervult de rol van onderwerp bij interrumpió; de verandering veroorzaakte dus de onderbreking. Het meervoud is cambios. última is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van último (“laatste”). Het bijvoeglijk naamwoord stemt overeen met het vrouwelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord hora. Samen met de vormt dit de última hora, een vaste uitdrukking voor “op het laatste moment” of “last-minute”; hora verwijst hier dus niet naar een letterlijk uur op de klok. Vergelijk el último día (“de laatste dag”): daar is de vorm mannelijk enkelvoud. hora is hier het zelfstandig naamwoord in de uitdrukking de última hora; in die uitdrukking betekent het “moment”. De volledige woordgroep el cambio de última hora betekent “de verandering op het laatste moment”. interrumpió is de derde persoon enkelvoud van interrumpir (“onderbreken”) in de Spaanse verleden tijd: interrumpir → interrumpió. Deze vorm presenteert de onderbreking als een afgeronde gebeurtenis in het verleden. De derde persoon enkelvoud hoort bij het enkelvoudige onderwerp el cambio, niet bij tu noche, dat de getroffen zaak aanduidt. noche is het vrouwelijke zelfstandig naamwoord “nacht”; in deze zin wordt het volgens de vaste vertaling weergegeven als “avond”. tu betekent “je/jouw” bij één bezitter en verandert niet mee met het grammaticale geslacht van het bezeten zelfstandig naamwoord: tu noche, maar ook tu libro. Let op het verschil met tú, het persoonlijk voornaamwoord “jij”. De hele zin combineert Sé que (“Ik weet dat”) met el cambio de última hora (“de verandering op het laatste moment”) als onderwerp en interrumpió tu noche (“je avond verstoorde”) als afgeronde gebeurtenis: “Ik weet dat de verandering op het laatste moment je avond heeft verstoord.”

  11. Espero que todo esté bien con tu familia.

    Ik hoop dat alles goed gaat met je familie.

    Espero
    ik hoop
    todo
    alles
    esté bien
    goed is / in orde is
    familia
    familie
    Uitgebreide uitleg

    Espero betekent hier “ik hoop”. Het is de vorm van esperar voor de eerste persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd: yo espero. Een bruikbaar patroon is Espero que + ...: “Ik hoop dat ...”. Na que gebruikt Spaans bij deze uitdrukking de aanvoegende wijs. todo betekent hier “alles”. In deze zin is het een onbepaald voornaamwoord in het onzijdig enkelvoud; het verwijst niet naar een specifiek genoemd zelfstandig naamwoord. Todos en todas zijn meervoudsvormen wanneer het om meervoudige personen of dingen gaat. esté bien betekent hier “goed is” of “in orde is”. Esté komt van estar en is de tegenwoordige aanvoegende wijs, derde persoon enkelvoud. Die vorm past bij het enkelvoudige todo; bien is een bijwoord en betekent “goed”. Een herbruikbaar voorbeeld is: Espero que todo esté bien. — “Ik hoop dat alles goed is.” familia betekent “familie”. Het is een zelfstandig naamwoord in het vrouwelijk enkelvoud. In tu familia betekent tu “je/jouw”; tu verandert hier niet mee met het geslacht van familia. Samen vormen de delen Espero que = “Ik hoop dat”, todo esté bien = “alles goed is” en con tu familia = “met je familie”. De volledige betekenis is: “Ik hoop dat alles goed gaat met je familie.”

Grammatica

haber + participio

Ha surgido un problema familiar.

aa soer-GIE-doe oem pro-BLEE-ma fa-mi-LJAR.

Er is een familieprobleem opgedoken.

De perfecto-vorm met ha + voltooid deelwoord beschrijft iets dat onlangs is gebeurd.

en cuanto + subjuntivo

En cuanto te venga bien, cambiaré la fecha.

en KWAN-toe tee BEN-ga BJEN, kam-bja-RE la FEE-tsja.

Zodra het jou uitkomt, zal ik de datum verzetten.

Na en cuanto gebruik je de subjuntivo voor een toekomstige gebeurtenis.

Spaans woordenschat

antes bijwoord
AN-tes eerder
cancelar werkwoord
kan-se-LAR afzeggen
decepcionante bijvoeglijk naamwoord
dee-see-pjoo-naan-TEE teleurstellend
entender werkwoord
en-ten-DER begrijpen entiendo
gustar werkwoord
goes-TAR bevallen me habría gustado
lo siento uitdrukking
loo SJEN-too het spijt me Lo siento
ocurrir werkwoord
o-koe-RIR gebeuren Ha ocurrido
plan zelfstandig naamwoord
PLAN plan
problema familiar uitdrukking
pro-BLEE-ma fa-mi-LJAR familieprobleem un problema familiar
salir de casa uitdrukking
sa-LIR dee KAA-sa het huis verlaten
surgir werkwoord
soer-GIR opduiken Ha surgido
urgente bijvoeglijk naamwoord
oer-GEN-tee dringend

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Dat is teleurstellend. Is er iets dringends gebeurd?

Antwoord tonenEs decepcionante. ¿Ha ocurrido algo urgente?

Ik stuur je een bericht als ik meer weet.

Antwoord tonenTe escribiré cuando sepa más.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

afzeggen

Antwoord tonencancelar

dringend

Antwoord tonenurgente

plan

Antwoord tonenplan

eerder

Antwoord tonenantes