Een plan op het laatste moment afzeggen | Leer spaans in het Nederlands

Spanish lesson set in a contemporary Madrid everyday setting: Before an evening plan, one friend apologizes for canceling late because of a family issue and offers to reschedule..

NL → ES / Niveau: B1

Over deze les

Met Een plan op het laatste moment afzeggen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het spaans.

Dialoog

A

Lo siento mucho, pero tengo que cancelar el plan de esta noche.

loo SJEN-too moet-SJOO, pee-roo TEN-goe kee kan-se-LAR el PLAN dee es-ta NÓ-tsjee. Het spijt me echt, maar ik moet het plan voor vanavond afzeggen.
B

Es decepcionante. ¿Ha ocurrido algo urgente?

es dee-see-pjoo-NAN-tee. aa o-koe-RIE-do AL-goe oer-GEN-tee? Dat is teleurstellend. Is er iets dringends gebeurd?
A

Ha surgido un problema familiar y no puedo salir de casa.

aa soer-GIE-doe oem pro-BLEE-ma fa-mi-LJAR ie no PWEE-do sa-LIR dee KAA-sa. Er is iets in de familie gebeurd en ik kan het huis niet uit.
B

Lo entiendo, pero me habría gustado saberlo antes.

loo en-TJEN-do, pee-roo mee a-BRIE-a goes-TAA-do sa-BEER-loe AN-tes. Ik begrijp het, maar ik wou dat ik het eerder had geweten.
A

Tienes razón. Debería habértelo dicho en cuanto lo supe.

TJE-nes ra-SON. dee-bee-RIE-a a-BER-te-loe DÍ-tsjoo en KWAN-toe loo SOE-pee. Je hebt gelijk. Ik had het je moeten vertellen zodra ik het wist.
B

Te lo agradezco. Ya había empezado a prepararme.

tee loo a-gra-DES-ko. dja a-BIE-a em-pe-SAA-do a pre-pa-RAR-mee. Dat waardeer ik. Ik was me al aan het klaarmaken.
A

Déjame compensártelo eligiendo otra fecha que te venga bien.

DEE-ga-mee kom-pen-SAR-te-loe e-lee-GJEN-do O-tra FEE-tsja kee tee BEN-ga BJEN. Laat me het goedmaken door een andere datum te kiezen die jou uitkomt.
B

Podemos cambiar la fecha, pero confírmalo, por favor, cuando todo esté más tranquilo.

po-DE-mos kam-BJAR la FEE-tsja, pee-roo kon-FIR-ma-loe, por fa-BOR, KWAN-doe TO-do es-TEE mas tran-KIE-lo. We kunnen een nieuwe afspraak maken, maar bevestig het alsjeblieft zodra alles wat rustiger is.
A

Te escribiré cuando sepa más.

tee es-krie-bie-RE KWAN-doe SEE-pa mas. Ik stuur je een bericht als ik meer weet.
A

Sé que el cambio de última hora interrumpió tu noche.

SEE kee el KAM-bjo dee OEL-ti-ma O-ra in-te-roem-PJOO toe NÓ-tsjee. Ik weet dat de verandering op het laatste moment je avond heeft verstoord.
B

Espero que todo esté bien con tu familia.

es-PE-roo kee TO-do es-TEE BJEN kon toe fa-MIE-lja. Ik hoop dat alles goed gaat met je familie.

Woord voor woord

Lo siento “Lo siento” betekent hier “Het spijt me” en is een verontschuldiging voor het afzeggen. “Lo” verwijst naar de situatie, terwijl “siento” de ik-vorm van sentir is, “voelen”; samen vormen ze deze vaste manier om spijt te betuigen. Je gebruikt “Lo siento” bijvoorbeeld wanneer je iemand oprecht excuses aanbiedt.
mucho In “Lo siento mucho” versterkt “mucho” de verontschuldiging: “het spijt me erg”. Het staat hier na “Lo siento” om de ernst van de spijt te benadrukken. Deze combinatie past wanneer je je oprecht en nadrukkelijk wilt verontschuldigen.
pero “Pero” betekent hier “maar” en verbindt de verontschuldiging met de reden of mededeling die volgt. In “Lo siento mucho, pero...” leidt het een moeilijke of teleurstellende boodschap in. Je gebruikt het wanneer je na een verzachtende opmerking toch iets belangrijks moet zeggen.
tengo In “tengo que cancelar” betekent “tengo” niet alleen “ik heb”, maar maakt het samen met “que cancelar” de verplichting “ik moet annuleren”. “Tengo” is de ik-vorm van tener. De constructie “tengo que” wordt gebruikt vóór een infinitief om te zeggen dat iets noodzakelijk is.
que In “tengo que cancelar” verbindt “que” de vervoegde vorm met de infinitief “cancelar”; de hele constructie drukt uit dat iemand iets moet doen. Hier maakt “que” dus deel uit van de Spaanse moeten-constructie. Na “tengo que” volgt de handeling die noodzakelijk is.
cancelar “Cancelar” betekent hier “annuleren” en is de handeling die na “tengo que” wordt genoemd. Het is de infinitief van het werkwoord cancelar. Je gebruikt het met een afspraak, plan of andere geplande activiteit die niet doorgaat.
el “El” is hier het bepaalde lidwoord vóór “plan” en betekent “het”. Het verwijst naar een concreet plan dat de gesprekspartners kennen. Het staat vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord, zoals in “el plan”.
plan “Plan” betekent hier een afgesproken of voorgenomen activiteit. In “el plan de esta noche” gaat het om het plan voor vanavond. Je kunt het gebruiken voor een gezamenlijke afspraak of een voorgenomen activiteit.
de In “el plan de esta noche” betekent “de” “van” en verbindt het “plan” met het moment waarop het plaatsvindt. Het geeft hier een relatie tussen een zelfstandig naamwoord en een tijdsaanduiding aan. De combinatie “plan de...” benoemt welk plan bedoeld wordt.
esta “Esta” betekent hier “deze” in “esta noche”, dus “deze avond” of natuurlijk Nederlands “vanavond”. De vorm hoort bij het vrouwelijke woord “noche”. Je gebruikt “esta” vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord om iets als nabij of actueel aan te wijzen.
noche “Noche” betekent hier “avond” in de tijdsaanduiding “esta noche”, hoewel het ook “nacht” kan betekenen. Samen met “esta” verwijst het naar de huidige avond. Je gebruikt “esta noche” om plannen of gebeurtenissen voor vanavond te bespreken.
Es “Es” betekent hier “is” in “Es decepcionante”. Het is de vorm van ser die bij “het” of “dat” hoort. Je gebruikt “Es...” om een beoordeling of beschrijving van een situatie te geven, zoals teleurstelling over een afzegging.
decepcionante “Decepcionante” betekent hier “teleurstellend” en beschrijft de afzegging als een negatieve ervaring. In “Es decepcionante” staat het na “es” als beoordeling van de situatie. Je gebruikt het wanneer een gebeurtenis niet aan de verwachtingen voldoet.
Ha In “Ha ocurrido” betekent “Ha” “heeft” en helpt het een gebeurtenis als voltooid te beschrijven. “Ha” is een vorm van het hulpwerkwoord haber. Het staat hier vóór “ocurrido” om te vragen of er iets dringends is gebeurd.
ocurrido “Ocurrido” betekent hier “gebeurd” of “plaatsgevonden” in “Ha ocurrido algo urgente”. Het is de voltooide vorm van ocurrir. Je gebruikt “ha ocurrido” om te vragen of er onlangs iets is gebeurd.
algo “Algo” betekent hier “iets” en verwijst naar een nog niet nader genoemde gebeurtenis. In “Ha ocurrido algo urgente” is het wat er mogelijk gebeurd is. Je gebruikt “algo” wanneer je naar een onbepaalde zaak of gebeurtenis verwijst.
urgente “Urgente” betekent hier “dringend” en beschrijft “algo”, dus iets dat onmiddellijk aandacht nodig heeft. Het staat direct na het onbepaalde woord “algo”. Je gebruikt het om de noodzaak van snelle aandacht of actie aan te geven.
surgido “Surgido” betekent hier “opgekomen” of “ontstaan” in “Ha surgido un problema familiar”. Het is de voltooide vorm van surgir. Je gebruikt “ha surgido” wanneer een probleem of situatie onverwacht is ontstaan.
un “Un” betekent hier “een” en introduceert “problema” als een niet eerder genoemde kwestie. Het staat vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Je gebruikt “un” wanneer je iets voor het eerst of niet nader bepaald noemt.
problema “Problema” betekent hier “probleem” en verwijst naar de familiekwestie die is ontstaan. In “un problema familiar” wordt het nader beschreven door “familiar”. Je gebruikt het voor een moeilijkheid die aandacht of een oplossing nodig heeft.
familiar “Familiar” betekent hier “met de familie te maken hebbend” en beschrijft het probleem. In “un problema familiar” maakt het duidelijk dat de kwestie de familie betreft. Je gebruikt deze vorm om een probleem, situatie of andere zaak aan de familie te koppelen.
y “Y” betekent “en” en verbindt hier de ontstane familiekwestie met de mededeling dat de spreker niet weg kan. Het voegt twee samenhangende delen van de zin samen. Je gebruikt “y” om informatie of handelingen naast elkaar te plaatsen.
no “No” ontkent hier de handeling “puedo salir”: de spreker kan niet naar buiten gaan. Het staat vóór de vervoegde werkwoordsvorm. Je gebruikt “no” direct vóór het werkwoord om een bewering of mogelijkheid te ontkennen.
puedo “Puedo” betekent hier “ik kan” in “no puedo salir de casa”. Het is de ik-vorm van poder. Je gebruikt “puedo” vóór een infinitief om een mogelijkheid of onmogelijkheid uit te drukken.
salir “Salir” betekent hier “naar buiten gaan” of “vertrekken”, specifiek in “salir de casa”: het huis verlaten. Het is de infinitief na “puedo”. Je gebruikt het met “de casa” wanneer je zegt dat je van huis weggaat.
casa “Casa” betekent hier “huis” in de vaste combinatie “salir de casa”, dus “het huis uit gaan”. Het benoemt de plaats die de spreker niet kan verlaten. Je gebruikt “de casa” om vanuit het perspectief van thuis weggaan te beschrijven.
entiendo “Entiendo” betekent hier “ik begrijp” in “Lo entiendo”. Het is de ik-vorm van entender. Je gebruikt het om te laten weten dat je de reden of situatie van de andere persoon begrijpt.
me In “me habría gustado” betekent “me” “mij” en geeft het aan voor wie iets prettig zou zijn geweest. De hele constructie drukt uit dat de spreker eerder had willen weten wat er aan de hand was. Je gebruikt “me” hier vóór de werkwoordelijke constructie om de betrokken persoon aan te wijzen.
habría In “me habría gustado” betekent “habría” “zou hebben” en vormt het met “gustado” een terugblikkende, niet-verwezenlijkte voorkeur. “Habría” is een vorm van haber. Deze vorm past wanneer iemand zegt dat iets in het verleden wenselijk was, maar niet zo is gebeurd.
gustado “Gustado” betekent hier “bevallen” of “prettig gevonden” in “me habría gustado saberlo antes”. Het is de voltooide vorm van gustar. In deze constructie gaat het om iets dat de spreker eerder had willen weten.
saberlo “Saberlo” betekent hier “het weten”: “saber” is “weten” en “lo” verwijst naar de eerder besproken situatie. In “me habría gustado saberlo antes” is het weten van die informatie de gewenste handeling. Je gebruikt een infinitief met “lo” eraan vast wanneer “het” het object van die handeling is.
antes “Antes” betekent hier “eerder” of “daarvoor” en verwijst naar een moment vóór de late mededeling. In “saberlo antes” gaat het om eerder over de situatie geïnformeerd zijn. Je gebruikt het om een vroeger tijdstip aan te geven.
Tienes “Tienes” betekent letterlijk “je hebt” en staat in de vaste uitdrukking “Tienes razón”, die “je hebt gelijk” betekent. “Tienes” is de jij-vorm van tener. Je gebruikt “Tienes razón” om toe te geven dat de andere persoon gelijk heeft.
razón “Razón” betekent hier “gelijk” in “Tienes razón”; in andere contexten kan het ook “reden” betekenen. In deze uitdrukking benoemt het dat iemands beoordeling juist is. Je gebruikt “tener razón” om te zeggen dat iemand gelijk heeft.
Debería “Debería” betekent hier “ik zou moeten” in “Debería habértelo dicho”. Het is de ik-vorm van deber in een voorwaardelijke vorm. Met “habértelo dicho” beschrijft het iets dat de spreker eerder had moeten vertellen.
habértelo “Habértelo” bestaat hier uit “haber” met “te” en “lo” eraan vast: “het aan jou hebben”. In “Debería habértelo dicho” verwijst “te” naar de luisteraar en “lo” naar de informatie die verteld moest worden. De vorm staat vóór “dicho” binnen de constructie voor iets dat eerder verteld had moeten worden.
dicho “Dicho” betekent hier “gezegd” of “verteld” in “habértelo dicho”. Het is de voltooide vorm van decir. Je gebruikt het met “haber” om te verwijzen naar iets dat iemand heeft gezegd of had moeten zeggen.
en cuanto “En cuanto” betekent hier “zodra” in “en cuanto lo supe”. De delen “en” en “cuanto” vormen samen één tijdsaanduiding die het moment van de kennis koppelt aan de handeling die had moeten volgen. Je gebruikt “en cuanto” om te zeggen dat iets onmiddellijk gebeurt nadat een andere gebeurtenis plaatsvindt.
Te In “Te lo agradezco” betekent “Te” “jou” of “aan jou”. Het verwijst naar de persoon die de waardering ontvangt en staat vóór het werkwoord. Je gebruikt deze vorm om de persoon aan te wijzen voor wie een handeling of mededeling bedoeld is.
lo In “Te lo agradezco” betekent “lo” “het” en verwijst het naar wat de andere persoon heeft gezegd of gedaan. Het staat samen met “Te” vóór “agradezco”. Je gebruikt “lo” hier om de gewaardeerde zaak als object aan te duiden.
agradezco “Agradezco” betekent hier “ik waardeer dat” of “ik bedank je daarvoor” in “Te lo agradezco”. Het is de ik-vorm van agradecer. Je gebruikt deze uitdrukking om waardering te tonen voor een opmerking, begrip of gebaar.
Ya “Ya” betekent hier “al” of “inmiddels” in “Ya había empezado a prepararme”. Het laat zien dat de voorbereiding op dat moment al begonnen was. Je gebruikt “ya” om aan te geven dat iets vóór een genoemd moment reeds het geval was.
había In “Ya había empezado” betekent “había” “had” en helpt het een eerdere handeling in het verleden te beschrijven. “Había” is een vorm van haber. Het staat vóór “empezado” wanneer je aangeeft dat de voorbereiding al bezig was voordat de afzegging kwam.
empezado “Empezado” betekent hier “begonnen” in “había empezado a prepararme”. Het is de voltooide vorm van empezar. Je gebruikt het met “haber” om te zeggen dat een activiteit al een begin had genomen.
a In “empezado a prepararme” verbindt “a” het werkwoord “empezado” met de infinitief “prepararme”. De combinatie geeft aan welke handeling begonnen is. Je gebruikt “empezar a” vóór een infinitief om het begin van een activiteit te beschrijven.
prepararme “Prepararme” betekent hier “me klaarmaken” en bestaat uit “preparar” met “me” eraan vast. Het verwijst naar de voorbereiding van de spreker zelf vóór het plan. Je gebruikt deze vorm na “empezado a” om te zeggen dat je begonnen bent jezelf klaar te maken.
Déjame “Déjame” betekent hier “laat me” en leidt het aanbod in “Déjame compensártelo”. Het bestaat uit de gebiedende vorm van dejar met “me”, dat naar de spreker verwijst. Je gebruikt “Déjame” om toestemming te vragen of een voorstel te doen om zelf iets te doen.
compensártelo “Compensártelo” betekent hier “het je goedmaken” of “je ervoor compenseren”. De vorm bestaat uit “compensar” met “te” voor de persoon en “lo” voor datgene wat wordt gecompenseerd, beide aan het infinitief vast. In “Déjame compensártelo” biedt de spreker aan de negatieve gevolgen van de late afzegging goed te maken.
eligiendo “Eligiendo” betekent hier “door te kiezen” in “eligiendo otra fecha”. Het is de gerundiumvorm van elegir en beschrijft de manier waarop de spreker het wil goedmaken. Je gebruikt het om een handeling te verbinden aan de manier waarop iets gebeurt.
otra “Otra” betekent hier “een andere” en beschrijft “fecha”: het gaat om een nieuwe datum in plaats van de oorspronkelijke. De vorm staat vóór het vrouwelijke enkelvoudige woord “fecha”. Je gebruikt “otra” om een alternatief of vervangende mogelijkheid aan te wijzen.
fecha “Fecha” betekent hier “datum” in “otra fecha”. Het verwijst naar een mogelijk nieuw moment voor de afspraak. Je gebruikt het wanneer je een concrete kalenderdatum voor een plan of afspraak bespreekt.
venga In “te venga bien” betekent “venga” samen met “bien” dat iets jou goed uitkomt of geschikt voor je is. “Venga” is een vorm van venir. Je gebruikt “te venga bien” om te zeggen dat een voorgestelde datum of keuze voor iemand passend is.
bien In “te venga bien” betekent “bien” hier “goed” in de betekenis “geschikt” of “handig”. Het maakt samen met “venga” duidelijk dat de datum voor de ander past. Je gebruikt “venir bien” wanneer een tijdstip, voorstel of oplossing iemand goed uitkomt.
Podemos “Podemos” betekent hier “we kunnen” in “Podemos cambiar la fecha”. Het is de wij-vorm van poder. Je gebruikt het vóór een infinitief om een gezamenlijke mogelijkheid of optie te bespreken.
cambiar “Cambiar” betekent hier “veranderen” of “wijzigen” in “cambiar la fecha”. Het is de infinitief na “podemos”. Je gebruikt het met “la fecha” wanneer je een bestaande afspraak naar een andere datum verplaatst.
la “La” is hier het bepaalde lidwoord vóór “fecha” en betekent “de”. Het verwijst naar de concrete datum die in het gesprek wordt aangepast of bevestigd. Het staat vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord, zoals in “la fecha”.
confírmalo “Confírmalo” betekent hier “bevestig het”. Het bestaat uit “confirmar” met “lo” eraan vast; “lo” verwijst naar wat eerder over de afspraak of datum is besproken. Je gebruikt deze vorm om iemand te vragen later een eerder genoemde zaak te bevestigen.
por favor “Por favor” betekent hier “alsjeblieft” en maakt “confírmalo” beleefder. “Por” en “favor” vormen samen een vaste formule voor een beleefd verzoek. Je gebruikt “por favor” wanneer je iemand vriendelijk om een handeling vraagt.
cuando “Cuando” betekent hier “wanneer” of “als” en introduceert het moment waarop alles rustiger is. In “cuando todo esté más tranquilo” verwijst het naar een toekomstige voorwaarde. Je gebruikt “cuando” om een tijdstip of voorwaarde voor een andere handeling aan te geven.
todo “Todo” betekent hier “alles” en verwijst naar de volledige situatie in “todo esté más tranquilo”. Het is het onderwerp van de bijzin. Je gebruikt “todo” wanneer je naar alle relevante zaken of omstandigheden samen verwijst.
esté “Esté” betekent hier “is” in de bijzin “todo esté más tranquilo”. Het is een vorm van estar en beschrijft de toestand waarin alles zich later bevindt. Je gebruikt deze vorm na “cuando” voor een nog niet vaststaand toekomstig moment.
más “Más” betekent hier “meer” in “más tranquilo” en maakt een vergelijking met de huidige, onrustigere situatie. Het staat vóór “tranquilo”. Je gebruikt “más” vóór een beschrijving om een hogere graad aan te geven.
tranquilo “Tranquilo” betekent hier “rustig” en in “más tranquilo” dus “rustiger”. Het beschrijft de toestand van de volledige situatie. Je gebruikt deze vorm om aan te geven dat de omstandigheden minder druk of gespannen zijn.
escribiré “Escribiré” betekent hier “ik zal schrijven” en in “Te escribiré” natuurlijk “ik zal je een bericht sturen”. Het is de ik-vorm van escribir in de toekomstige tijd. Je gebruikt het om een toekomstige schriftelijke boodschap aan iemand toe te zeggen.
sepa “Sepa” betekent hier “ik weet” in “cuando sepa más”: “wanneer ik meer weet”. Het is een vorm van saber en staat in de toekomstige tijdsbepaling na “cuando”. Je gebruikt “cuando sepa más” om te zeggen dat je iemand informeert zodra je nieuwe informatie hebt.
“Sé” betekent hier “ik weet” in “Sé que...”. Het is een vorm van saber en leidt de kennis of erkenning van de spreker in. Je gebruikt “Sé que” om aan te geven dat je je bewust bent van een feit of situatie.
cambio “Cambio” betekent hier “verandering” of “wijziging” in “el cambio de última hora”. Door “el” ervoor is het hier een zelfstandig naamwoord en geen handeling. Je gebruikt het om een wijziging in een plan, afspraak of situatie te benoemen.
de última hora “De última hora” betekent als geheel “op het laatste moment”. “De” verbindt de omschrijving met “cambio”, terwijl “última hora” het zeer late tijdstip aanduidt. Je gebruikt “cambio de última hora” voor een wijziging die kort vóór de geplande gebeurtenis plaatsvindt.
interrumpió “Interrumpió” betekent hier “verstoorde” of “onderbrak” in “interrumpió tu noche”. Het is de verleden tijd van interrumpir en verwijst naar het effect van de late wijziging. Je gebruikt het wanneer een gebeurtenis een activiteit of iemands geplande tijd onderbreekt.
tu “Tu” betekent hier “jouw” in “tu noche” en geeft aan dat de avond van de gesprekspartner bedoeld wordt. Het staat vóór het zelfstandig naamwoord “noche”. Je gebruikt “tu” om bezit of verbondenheid met één aangesproken persoon aan te geven.
Espero “Espero” betekent hier “ik hoop” in “Espero que todo esté bien con tu familia”. Het is de ik-vorm van esperar. Je gebruikt “Espero que...” om een goede wens of bezorgdheid over een situatie uit te drukken.
con “Con” betekent hier “met” in “con tu familia” en verbindt de goede toestand met de familie van de ander. Het introduceert de persoon of groep waarop de wens betrekking heeft. Je gebruikt “con” om aan te geven met wie of waarmee iets verbonden is.
familia “Familia” betekent hier “familie” in “tu familia”. Het verwijst naar de familie van de aangesproken persoon, over wie de spreker bezorgdheid uit. Je gebruikt het om de gezins- of familiekring als betrokken groep te benoemen.

Grammatica

haber + participio

Ha surgido un problema familiar.

aa soer-GIE-doe oem pro-BLEE-ma fa-mi-LJAR.

Er is een familieprobleem opgedoken.

De perfecto-vorm met ha + voltooid deelwoord beschrijft iets dat onlangs is gebeurd.

en cuanto + subjuntivo

En cuanto te venga bien, cambiaré la fecha.

en KWAN-toe tee BEN-ga BJEN, kam-bja-RE la FEE-tsja.

Zodra het jou uitkomt, zal ik de datum verzetten.

Na en cuanto gebruik je de subjuntivo voor een toekomstige gebeurtenis.

Spaans woordenschat

antes bijwoord
AN-tes eerder
cancelar werkwoord
kan-se-LAR afzeggen
decepcionante bijvoeglijk naamwoord
dee-see-pjoo-naan-TEE teleurstellend
entender werkwoord
en-ten-DER begrijpen entiendo
gustar werkwoord
goes-TAR bevallen me habría gustado
lo siento uitdrukking
loo SJEN-too het spijt me Lo siento
ocurrir werkwoord
o-koe-RIR gebeuren Ha ocurrido
plan zelfstandig naamwoord
PLAN plan
problema familiar uitdrukking
pro-BLEE-ma fa-mi-LJAR familieprobleem un problema familiar
salir de casa uitdrukking
sa-LIR dee KAA-sa het huis verlaten
surgir werkwoord
soer-GIR opduiken Ha surgido
urgente bijvoeglijk naamwoord
oer-GEN-tee dringend

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Dat is teleurstellend. Is er iets dringends gebeurd?

Antwoord tonenEs decepcionante. ¿Ha ocurrido algo urgente?

Ik stuur je een bericht als ik meer weet.

Antwoord tonenTe escribiré cuando sepa más.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

afzeggen

Antwoord tonencancelar

dringend

Antwoord tonenurgente

plan

Antwoord tonenplan

eerder

Antwoord tonenantes