Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Beoordeling, grootte en moeilijkheid oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.
Dialoog
C'est très bien.
sè tre bjè(n) Dit is heel goed.Ce n'est pas bien.
suh nè pah bjè(n) Dat is niet goed.C'est trop grand.
sè troh gra(n) Dit is te groot.C'est trop petit.
sè troh puh-tie Dit is te klein.C'est très facile.
sè treh fah-seel Het is heel gemakkelijk.C'est très difficile.
sè treh die-fee-seel Het is heel moeilijk.Uitleg van de zinnen
C'est très bien.
Dit is heel goed.
- C'est
- dit is
- très
- heel, zeer
- bien
- goed
Uitgebreide uitleg
C'est is een vaste, zeer bruikbare samentrekking van ce en est: ce betekent hier “dit/dat” en est is de tegenwoordige tijd van être (“zijn”) in de derde persoon enkelvoud. De vorm ce zelf geeft geen specifiek zelfstandig naamwoord aan; de vertaling maakt hier de betekenis “dit” duidelijk. Voor een ander onderwerp verandert alleen het werkwoord, bijvoorbeeld: Ce sont des livres. — “Dit zijn boeken.” très is een bijwoord dat de daaropvolgende beoordeling versterkt: “heel” of “zeer”. Het verandert niet mee voor getal of geslacht. Het staat vaak vóór een bijvoeglijk naamwoord of ander woord dat het versterkt, bijvoorbeeld: très utile — “heel nuttig”. bien betekent hier “goed” en vormt met c'est de algemene beoordeling c'est bien: “dit/dat is goed”. In deze zin werkt bien als een bijwoordelijke beoordeling; het is dus niet het bijvoeglijk naamwoord bon dat vóór een zelfstandig naamwoord staat. Vergelijk: un bon livre — “een goed boek”, maar Le livre est bien. — “Het boek is goed.” Samen betekent C'est très bien. letterlijk in deze context: “Dit is heel goed.” Het patroon C'est très + beoordeling is herbruikbaar om iets positief te beoordelen. De volgende contextzin laat het tegengestelde patroon zien: Ce n'est pas bien. — “Dat is niet goed.” Daar omsluit ne ... pas het werkwoord en maakt het de uitspraak ontkennend.
Ce n'est pas bien.
Dat is niet goed.
- Ce
- dit/dat
- n'est pas
- is niet
- bien
- goed
Uitgebreide uitleg
Ce betekent hier “dit/dat” en is het aanwijzende voornaamwoord in de vaste combinatie c'est (“dit/dat is”). De zin bepaalt niet welk concreet ding het aanwijst. In het herbruikbare patroon c'est + beschrijving staat ce vóór de vorm van être; ook vóór een zelfstandig naamwoord kan Frans bijvoorbeeld c'est + zelfstandig naamwoord gebruiken. n'est pas bevat de vorm est van être (“zijn”) met de ontkenning ne ... pas. De e van ne valt vóór est weg: ne est wordt n'est. De bevestigende combinatie is c'est; de ontkende combinatie is ce n'est pas. In gewone spreektaal kan ne soms wegvallen, maar de volledige vorm in deze zin is n'est pas. bien betekent hier “goed”. Bij être kan het een beoordeling als “goed” of “in orde” uitdrukken. In C'est très bien betekent très bien “heel goed”: très versterkt bien. Hier ontkent n'est pas die beoordeling. Samen vormen Ce + n'est pas + bien de betekenis “Dat is niet goed.” Het herbruikbare patroon is Ce n'est pas + beschrijving, waarmee je een negatieve beoordeling geeft.
C'est trop grand.
Dit is te groot.
- C'est
- dit is
- trop
- te
- grand
- groot
Uitgebreide uitleg
C'est betekent hier “dit is”. Het is de vaste samentrekking van ce (“dit/dat”) en est, de derde persoon enkelvoud van être (“zijn”). In deze zin wordt geen specifiek zelfstandig naamwoord genoemd; ce verwijst dus naar wat in de situatie wordt aangewezen of besproken. Een vergelijkbaar patroon is C'est petit. — “Dit is klein.” trop betekent hier “te”, in de betekenis “meer dan wenselijk of passend”. Het staat vóór het bijvoeglijk naamwoord en versterkt niet alleen de mate, maar geeft aan dat de grootte een grens overschrijdt. Vergelijk trop petit — “te klein”. grand betekent hier “groot”. Het is de mannelijke enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord; bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord is de vorm doorgaans grande, en bij meervoud komen vormen als grands of grandes voor. In deze uiting is het beoordeelde ding niet met een zelfstandig naamwoord benoemd, dus de vertaling geeft alleen de betekenis “groot” weer. Voorbeeld: La maison est grande. — “Het huis is groot.” Samen vormen C'est trop grand. een beoordeling: “Dit is te groot.” De volgorde is “dit is” + “te” + “groot”. De volgende zin C'est trop petit. gebruikt hetzelfde patroon, maar vervangt grand door petit (“klein”).
C'est trop petit.
Dit is te klein.
- C'est
- dit is / het is
- trop
- te
- petit
- klein
Uitgebreide uitleg
C'est is de elisie van ce + est. Est is de derde persoon enkelvoud van être in de tegenwoordige tijd. Hier betekent de combinatie “dit is”. Het specifieke ding waar ce naar verwijst, wordt niet benoemd. Voorbeeld: C'est très facile. = “Het is heel gemakkelijk.” trop staat vóór het bijvoeglijk naamwoord en betekent hier “te”. Het geeft aan dat een eigenschap een grens of gewenst niveau overschrijdt. Dat verschilt van très (“heel/erg”), dat alleen een hoge graad uitdrukt. Voorbeeld: C'est trop grand. = “Dit is te groot.” petit betekent hier “klein”. Dit is de mannelijke enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord. De andere veelgebruikte vormen zijn petite (vrouwelijk enkelvoud), petits (mannelijk meervoud) en petites (vrouwelijk meervoud). Na c'est staat in deze zin de vorm petit; die vorm geeft op zichzelf niet aan welk specifiek ding de spreker bedoelt of wat het natuurlijke geslacht daarvan is. Samen vormen C'est trop petit de structuur C'est + trop + bijvoeglijk naamwoord: “Dit is te klein.” De zin zegt dat het bedoelde ding een onvoldoende grote afmeting heeft in de relevante situatie, zonder te zeggen hoeveel kleiner het is.
C'est très facile.
Het is heel gemakkelijk.
- C'est
- het is
- très
- heel, erg
- facile
- gemakkelijk
Uitgebreide uitleg
C'est is de verkorte vorm van ce est; vóór een klinker wordt ce in deze vaste vorm c'. est is de tegenwoordige tijd van être voor de derde persoon enkelvoud. In deze zin betekent de volledige constructie “het is”. Het aanwijzende element ce heeft hier de onpersoonlijke betekenis “het”; de concrete referent wordt door deze zin niet nader benoemd. très is een bijwoord dat een bijvoeglijk naamwoord sterk maakt: “heel” of “erg”. Het staat hier vóór facile. Vergelijk het patroon très + bijvoeglijk naamwoord, bijvoorbeeld très difficile = “heel moeilijk”. facile betekent hier “gemakkelijk”. Het is een bijvoeglijk naamwoord. De vorm facile heeft in het enkelvoud dezelfde spelling bij mannelijk en vrouwelijk; in het meervoud komt doorgaans -s: faciles. Voorbeeld: Cette tâche est facile. = “Deze taak is gemakkelijk.” Samen vormen de delen C'est très facile. de betekenis “Het is heel gemakkelijk.” De constructie c'est + très + bijvoeglijk naamwoord is herbruikbaar om met c'est een beoordeling of eigenschap uit te drukken.
C'est très difficile.
Het is heel moeilijk.
- C'est
- het is
- très
- heel, erg
- difficile
- moeilijk
Uitgebreide uitleg
C'est betekent hier “het is”. Het is de samentrekking van ce en est, de derde persoon enkelvoud van être (“zijn”): ce + est → c'est. De eindklinker van ce valt weg voor de klinkerklank aan het begin van est; de apostrof markeert die weglating. Dit is een veelgebruikt patroon om iets te benoemen of te beoordelen, bijvoorbeeld: C'est important. — “Het is belangrijk.” très versterkt het woord dat erop volgt: “heel” of “erg”. Het staat hier vóór het bijvoeglijk naamwoord en verandert diens vorm niet. Bijvoorbeeld: très simple — “heel eenvoudig”. difficile betekent hier “moeilijk” en is een bijvoeglijk naamwoord. Deze vorm is hetzelfde voor mannelijk en vrouwelijk enkelvoud; in het meervoud krijgt het -s: difficiles. Voor een vergelijking kun je plus difficile (“moeilijker”) en moins difficile (“minder moeilijk”) gebruiken. In de vorige zin staat het tegengestelde bijvoeglijk naamwoord facile (“gemakkelijk”). Samen vormen de delen C'est très difficile. de betekenis “Het is heel moeilijk.” Het herbruikbare patroon is C'est très + bijvoeglijk naamwoord, bijvoorbeeld C'est très facile. — “Het is heel gemakkelijk.”
Grammatica
C'est + adjectif
C'est facile.
sè fah-seelHet is gemakkelijk.
Na C'est staat een bijvoeglijk naamwoord om iets te beschrijven.
très / trop + adjectif
C'est trop difficile.
sè troh die-fee-seelHet is te moeilijk.
Très betekent ‘heel’; trop betekent ‘te’. Ze staan vóór het bijvoeglijk naamwoord.
Frans woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Dit is heel goed.
Antwoord tonen
C'est très bien.Dat is niet goed.
Antwoord tonen
Ce n'est pas bien.Dit is te groot.
Antwoord tonen
C'est trop grand.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
heel / zeer
Antwoord tonen
trèste
Antwoord tonen
tropklein
Antwoord tonen
petitgoed