Dagelijkse acties op dit moment | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: A beginner practices six useful English phrases about basic actions happening now..

NL → FR / Niveau: A1

Over deze les

Met Dagelijkse acties op dit moment oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Qu'est-ce que tu fais ?

Kes kuh tuu feh? Wat ben je aan het doen?
B

Je mange maintenant.

Zjuh manjuh mentuhnan. Ik ben nu aan het eten.
A

Je bois de l'eau.

Zjuh bwaa duh loo. Ik drink water.
B

Je prépare le dîner.

Zjuh prehpahr luh die-neh. Ik maak het avondeten.
A

Je nettoie ma chambre.

Zjuh net-wah maa sjambre. Ik maak mijn kamer schoon.
B

Je prends une douche.

Zjuh pranduhr uun doesj. Ik neem een douche.

Woord voor woord

Qu'est-ce que “Qu'est-ce que” is hier de vaste vraaguitdrukking voor “wat” in “Qu'est-ce que tu fais ?”. “Qu'est-ce” vraagt naar wat iets is en “que” verbindt de vraaguitdrukking met de daaropvolgende zin. Gebruik deze uitdrukking om één persoon te vragen wat die aan het doen is.
tu “tu” betekent hier “jij” en verwijst naar de persoon die wordt aangesproken. Het staat als onderwerp vóór “fais” in “Qu'est-ce que tu fais ?”. Gebruik “tu” wanneer je één persoon rechtstreeks aanspreekt.
fais “fais” betekent hier “doet” in de vraag “Qu'est-ce que tu fais ?”. Het is de vorm van “faire” die hier bij “tu” hoort. De combinatie “tu fais” gebruik je om te vragen of te zeggen wat iemand doet.
Je “Je” betekent hier “ik” en is de persoon die de handeling uitvoert in “Je mange maintenant”. Het staat vóór de werkwoordsvorm. Gebruik “Je” aan het begin van een zin over wat je zelf doet.
mange “mange” betekent hier “eet” in “Je mange maintenant”. Het is de vorm van “manger” die hier bij “Je” hoort. Gebruik deze vorm om te zeggen dat je aan het eten bent.
maintenant “maintenant” betekent “nu” en geeft aan dat de handeling op het moment van spreken gebeurt. In “Je mange maintenant” staat het bij de handeling “mange”. Gebruik het om een huidige of onmiddellijke timing te benadrukken.
bois “bois” betekent hier “drink” in “Je bois de l'eau”. Het is de vorm van “boire” die hier bij “Je” hoort. Gebruik deze vorm vóór wat je drinkt, zoals in de combinatie “bois de l'eau”.
de “de” betekent hier niet gewoon “van”, maar maakt samen met “l'eau” de uitdrukking “de l'eau” voor water in “Je bois de l'eau”. Het staat vóór “l'eau” als deel van wat er wordt gedronken. Gebruik deze combinatie wanneer je over water als drank spreekt.
l'eau “l'eau” betekent hier “water” en is wat de spreker drinkt in “Je bois de l'eau”. De vorm bestaat uit “l'” vóór “eau”. Gebruik “l'eau” na een werkwoord zoals “bois” wanneer water het object van de handeling is.
prépare “prépare” betekent hier “bereidt” of “maakt” in “Je prépare le dîner”. Het is de vorm van “préparer” die hier bij “Je” hoort. Gebruik deze vorm om te zeggen dat je een maaltijd klaarmaakt.
le “le” is hier het lidwoord vóór “dîner” in “le dîner”. Samen verwijzen “le dîner” naar het avondeten of diner. Gebruik “le” vóór “dîner” wanneer je naar deze maaltijd verwijst.
dîner “dîner” betekent hier “avondeten” of “diner” in “Je prépare le dîner”. Door “le” ervoor is het hier de naam van de maaltijd. Gebruik deze combinatie wanneer je zegt dat je het avondeten klaarmaakt.
nettoie “nettoie” betekent hier “maakt schoon” in “Je nettoie ma chambre”. Het is de vorm van “nettoyer” die hier bij “Je” hoort. Gebruik deze vorm vóór datgene wat je schoonmaakt, zoals “ma chambre”.
ma “ma” betekent hier “mijn” en geeft in “ma chambre” aan dat de kamer bij de spreker hoort. Het staat direct vóór “chambre”. Gebruik “ma” vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je over iets van jezelf spreekt.
chambre “chambre” betekent hier “kamer” in “Je nettoie ma chambre”. Samen met “ma” vormt het de uitdrukking “ma chambre”, de kamer van de spreker. Gebruik het woord bijvoorbeeld als het gaat over een kamer die wordt schoongemaakt.
prends “prends” betekent hier “neem” in “Je prends une douche”. Het is de vorm van “prendre” die hier bij “Je” hoort; samen met “une douche” vormt het de gebruikelijke uitdrukking voor douchen. Gebruik de combinatie wanneer je zegt dat je gaat douchen of aan het douchen bent.
une “une” is hier het onbepaalde lidwoord vóór “douche” in “une douche” en betekent “een”. Het hoort direct bij het zelfstandig naamwoord. Gebruik “une” vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je naar één niet nader bepaalde zaak verwijst.
douche “douche” betekent hier “douche” in “Je prends une douche”. Samen met “prends” en “une” vormt het de uitdrukking voor een douche nemen. Gebruik “une douche” wanneer je over deze dagelijkse handeling spreekt.

Grammatica

Qu'est-ce que + sujet + verbe ?

Qu'est-ce que tu fais maintenant ?

Kes kuh tuu feh mentuhnan?

Wat doe je nu?

Dit is een vaste Franse vraagstructuur: qu'est-ce que komt vóór het onderwerp en het werkwoord.

prendre une douche

Je prends une douche.

Zjuh pran uun doesj.

Ik neem een douche.

Voor ‘douchen’ gebruikt het Frans de vaste uitdrukking prendre une douche, letterlijk ‘een douche nemen’.

Frans woordenschat

boire werkwoord
bwaar drinken bois

Je bois de l'eau.

chambre zelfstandig naamwoord
sjambre kamer ma chambre

Je nettoie ma chambre.

dîner zelfstandig naamwoord
die-neh avondeten le dîner

Je prépare le dîner.

eau zelfstandig naamwoord
oo water l'eau

Je bois de l'eau.

faire werkwoord
fehr doen fais

Qu'est-ce que tu fais ?

maintenant bijwoord
mentuhnan nu

Je mange maintenant.

manger werkwoord
manzjee eten mange

Je mange maintenant.

nettoyer werkwoord
net-wah-jee schoonmaken nettoie

Je nettoie ma chambre.

prendre werkwoord
pran-druh nemen prends

Je prends une douche.

préparer werkwoord
preh-pah-reh bereiden prépare

Je prépare le dîner.

qu'est-ce que uitdrukking
kes kuh wat Qu'est-ce que

Qu'est-ce que tu fais ?

tu voornaamwoord
tuu je

Qu'est-ce que tu fais ?

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Wat ben je aan het doen?

Antwoord tonenQu'est-ce que tu fais ?

Ik ben nu aan het eten.

Antwoord tonenJe mange maintenant.

Ik drink water.

Antwoord tonenJe bois de l'eau.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

bereiden

Antwoord tonenprépare

eten

Antwoord tonenmange

doen

Antwoord tonenfais

drinken

Antwoord tonenbois