Eerste les en de leraar | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: Before a language lesson, two adults meet, ask whether one person has been to class before, and talk about the teacher..

NL → FR / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Eerste les en de leraar oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Ravi de te rencontrer.

Raavie duh tuh rang-kong-tree. Leuk je te ontmoeten.
B

C'est ton premier cours ici ?

Seh tong pruh-mjee koer ie-sie? Is dit je eerste les hier?
A

Je suis déjà venu ici.

Zjuh swie dee-zjaa vuh-nuu ie-sie. Ik ben hier eerder geweest.
B

Je suis ici depuis un moment.

Zjuh swie ie-sie duh-pwie uhn mo-mang. Ik ben hier al een tijdje.
A

Comment est le professeur ?

Ko-mang eh luh pro-feh-seur? Hoe is de leraar?
B

Le professeur est très gentil.

Luh pro-feh-seur eh treh zjan-tie. De leraar is heel aardig.

Uitleg van de zinnen

  1. Ravi de te rencontrer.

    Leuk je te ontmoeten.

    Ravi de
    blij om
    rencontrer
    ontmoeten
    Uitgebreide uitleg

    Ravi de betekent hier dat de spreker blij is om iets te doen. ravi is de mannelijke enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord; bij een vrouwelijk enkelvoud is de vorm ravie. De vaste bruikbare combinatie is ravi(e) de + infinitief: bijvoorbeeld Je suis ravi de vous aider. — “Ik help u graag.” rencontrer is de infinitief van “ontmoeten”. De vorm blijft hier een infinitief omdat hij volgt op de in de combinatie ravi de + infinitief. Een vervoegde vorm is bijvoorbeeld Je rencontre Paul. — “Ik ontmoet Paul.” In de gegeven zin is te een objectvorm met de betekenis “jou”, zodat te rencontrer “jou ontmoeten” betekent. Samen vormen Ravi de te rencontrer de Franse begroetingsformule “Leuk je te ontmoeten” of letterlijker “Blij om je te ontmoeten”. Ravi stemt hier overeen met de spreker; de zin zelf geeft niet aan wie die spreker is.

  2. C'est ton premier cours ici ?

    Is dit je eerste les hier?

    C'est
    het is / dit is
    ton
    je
    premier
    eerste
    cours
    les / cursus
    ici
    hier
    Uitgebreide uitleg

    C'est is de vaste combinatie van ce en est (van être, “zijn”). Op zichzelf betekent ze “het is” of “dit is”; in deze zin krijgt ze door de vraagintonatie de betekenis “is dit …?”. Een andere veelgebruikte vraagvorm is Est-ce ton premier cours ici ? — “Is dit je eerste les hier?”. ton is hier een bezittelijk woord met de betekenis “je” voor de aangesprokene. In ton premier cours staat het vóór het enkelvoudige mannelijke zelfstandig naamwoord cours. De vormen bij een vrouwelijk enkelvoudig woord en bij meervoud zijn meestal ta en tes; vóór een vrouwelijk enkelvoudig woord dat met een klinker begint, wordt echter ook ton gebruikt. De vorm wordt dus bepaald door de bezitter én door het geslacht, getal en de beginklank van het daaropvolgende woord. premier betekent hier “eerste”. Het is de mannelijke enkelvoudsvorm van het rangtelwoord; de vrouwelijke vorm is première, zoals in ma première leçon — “mijn eerste les”. Het rangtelwoord geeft plaats in een volgorde aan, niet een hoeveelheid. cours betekent hier “les” of “cursus”. Het kan ook een cursus als geheel aanduiden. De spelling cours is voor enkelvoud en meervoud hetzelfde; een bepalend woord maakt het verschil zichtbaar, bijvoorbeeld un cours — “een les/cursus” en des cours — “lessen/cursussen”. Hier is cours enkelvoudig, zoals blijkt uit ton premier. ici betekent “hier”. Het is een bijwoord en verandert niet voor persoon of getal. Een mogelijk contrast is là-bas — “daar ginds”. Samen vormen C'est ton premier cours ici ? de vraagstructuur C'est + bezittelijk woord + rangtelwoord + zelfstandig naamwoord + plaatsaanduiding. De vaste vertaling is: “Is dit je eerste les hier?” De vraag gaat dus over de vraag of deze les voor de aangesprokene de eerste les op deze plaats is.

  3. Je suis déjà venu ici.

    Ik ben hier eerder geweest.

    Je suis
    ik ben
    déjà
    al; eerder
    venu
    gekomen; geweest
    ici
    hier
    Uitgebreide uitleg

    Je suis betekent hier ik ben en vormt samen met venu de voltooide verleden tijd. Je is de eerste persoon enkelvoud; suis is de vorm van être bij je. In deze constructie is être het hulpwerkwoord, niet de volledige betekenis van de handeling. déjà betekent hier eerder of al eerder: het maakt duidelijk dat dit bezoek vóór het huidige moment heeft plaatsgevonden. Een bruikbaar voorbeeld is: J'ai déjà vu ce film. — Ik heb die film al eerder gezien. venu is de vorm van venir (komen) in de voltooide tijd. Venir gebruikt in deze tijd être als hulpwerkwoord: je suis venu — ik ben gekomen. De vorm venu is hier mannelijk enkelvoud; bij een vrouwelijke spreker verschijnt in geschreven Frans venue. Het werkwoord venir betekent in andere tijden bijvoorbeeld je viens — ik kom. ici betekent hier en verwijst naar de plaats die in deze situatie als nabij of als huidige plaats wordt aangewezen. Het is een plaatsbijwoord en verandert niet naar persoon of getal. Het tegenovergestelde plaatsbijwoord is vaak là-bas — daar ginds. Samen vormen de delen Je suis déjà venu ici.: Ik ben hier eerder geweest. Letterlijker ligt de Franse vorm dichter bij Ik ben hier al gekomen, maar de natuurlijke Nederlandse vertaling drukt dezelfde eerdere aanwezigheid uit.

  4. Je suis ici depuis un moment.

    Ik ben hier al een tijdje.

    Je suis
    ik ben
    ici
    hier
    depuis
    sinds; al
    un moment
    een tijdje
    Uitgebreide uitleg

    Je suis is de eerste persoon enkelvoud van être (“zijn”): je suis = ik ben. Het onderwerp je staat hier samen met de werkwoordsvorm; bij andere personen verandert de vorm: tu es = jij bent, il/elle est = hij/zij is. Voorbeeld: Je suis prêt. — Ik ben klaar. ici betekent “hier” en geeft de plaats aan. Het is een bijwoord en verandert niet mee met het onderwerp. Voorbeeld: Nous sommes ici. — Wij zijn hier. depuis geeft aan dat iets op een eerder moment begon en nog steeds geldt op het bedoelde huidige moment. In combinatie met een tijdsduur, zoals depuis un moment, vertaal je het in deze zin natuurlijk met “al”. Met een beginpunt kan het ook “sinds” betekenen: J'habite ici depuis lundi. — Ik woon hier sinds maandag. In de Franse standaardconstructie staat bij een nog voortdurende situatie vaak de tegenwoordige tijd na depuis, ook al vertaal je die in het Nederlands soms met “al ...”. un moment betekent hier “een tijdje” of “een moment”. Het zelfstandig naamwoord moment is mannelijk, daarom staat het onbepaalde lidwoord in deze woordgroep als un. De woordgroep noemt een niet nader bepaalde korte tijdsduur; ze stelt niet noodzakelijk één exact geteld moment vast. Voorbeeld: Attends un moment. — Wacht een tijdje. Samen vormen depuis un moment de tijdsbepaling “al een tijdje”: de toestand is eerder begonnen en duurt nog voort. Je suis ici betekent “ik ben hier”, en met die tijdsbepaling wordt de volledige betekenis: “Ik ben hier al een tijdje.”

  5. Comment est le professeur ?

    Hoe is de leraar?

    Comment
    hoe
    est
    is
    professeur
    leraar of docent
    Uitgebreide uitleg

    Comment betekent hier ‘hoe’ en vraagt naar een eigenschap of toestand. Het staat vooraan als vraagwoord. Vergelijk: Comment va-t-il ? = ‘Hoe gaat het met hem?’; comment kan dus ook naar de manier waarop iets gebeurt vragen, afhankelijk van de rest van de zin. est is de vorm van être (‘zijn’) in de derde persoon enkelvoud van de tegenwoordige tijd: il/elle est, ‘hij/zij is’. In deze zin verbindt het de vraag naar een toestand met le professeur. Voorbeeld: Le professeur est calme. = ‘De leraar is rustig.’ professeur is een zelfstandig naamwoord voor een leraar of docent. Het kan naar een man of een vrouw verwijzen; het grammaticale geslacht van het woord in het Frans blijft mannelijk, zoals te zien is aan le professeur. Voor een vrouwelijke persoon kan in sommige contexten ook professeure worden gebruikt. Voorbeeld: Le professeur explique la règle. = ‘De docent legt de regel uit.’ Samen vormen Comment est le professeur ? een vraag naar de toestand of eigenschappen van de leraar: ‘Hoe is de leraar?’ Het lidwoord le maakt van professeur een bepaalde persoon, en comment bepaalt dat er naar diens toestand of kenmerken wordt gevraagd, niet naar diens identiteit.

  6. Le professeur est très gentil.

    De leraar is heel aardig.

    Le professeur
    de leraar
    est
    is
    très
    heel, erg
    gentil
    aardig
    Uitgebreide uitleg

    Le professeur betekent hier “de leraar”. Le is het bepaald lidwoord voor een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord; professeur is het zelfstandig naamwoord “leraar”. Het lidwoord drukt hier bepaaldheid uit, niet een numerieke hoeveelheid. Voor een vrouwelijk enkelvoudig onderwerp is bijvoorbeeld La professeure mogelijk. Est is de derde persoon enkelvoud van être (“zijn”) in de tegenwoordige tijd: être → est. Deze vorm past bij het enkelvoudige onderwerp Le professeur. Bijvoorbeeld: Le professeur est ici. — “De leraar is hier.” Très is een bijwoord dat een daaropvolgend bijvoeglijk naamwoord versterkt: “heel” of “erg”. Het verandert niet mee met het onderwerp. In très gentil maakt het de eigenschap sterker dan alleen gentil. Gentil betekent hier “aardig”. Het is de mannelijke enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord en stemt af op Le professeur. De vrouwelijke enkelvoudsvorm is gentille: La professeure est gentille. — “De lerares is aardig.” Samen vormen de delen Le professeur + est + très gentil: “De leraar is heel aardig.” De tegenwoordige tijd presenteert dit als een eigenschap van de leraar.

Grammatica

depuis + un moment

Je suis ici depuis un moment.

Zjuh swie ie-sie duh-pwie uhn mo-mang.

Ik ben hier al een tijdje.

Depuis geeft aan dat iets in het verleden begon en nog steeds duurt.

Frans woordenschat

comment bijwoord
ko-mang hoe

Comment est le professeur ?

cours zelfstandig naamwoord
koer les

C'est ton premier cours ici ?

déjà bijwoord
dee-zjaa al

Je suis déjà venu ici.

depuis voorzetsel
duh-pwie sinds

Je suis ici depuis un moment.

ici bijwoord
ie-sie hier

C'est ton premier cours ici ?

moment zelfstandig naamwoord
mo-mang tijdje

Je suis ici depuis un moment.

premier bijvoeglijk naamwoord
pruh-mjee eerste

C'est ton premier cours ici ?

professeur zelfstandig naamwoord
pro-feh-seur leraar

Comment est le professeur ?

ravi bijvoeglijk naamwoord
raavie blij

Ravi de te rencontrer.

rencontrer werkwoord
rang-kong-tree ontmoeten

Ravi de te rencontrer.

ton bepaler
tong jouw

C'est ton premier cours ici ?

venu werkwoord
vuh-nuu gekomen

Je suis déjà venu ici.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Leuk je te ontmoeten.

Antwoord tonenRavi de te rencontrer.

Is dit je eerste les hier?

Antwoord tonenC'est ton premier cours ici ?

Ik ben hier eerder geweest.

Antwoord tonenJe suis déjà venu ici.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

ontmoeten

Antwoord tonenrencontrer

al

Antwoord tonendéjà

eerste

Antwoord tonenpremier

gekomen

Antwoord tonenvenu