Een plek vooraan kiezen | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: In a language classroom, two adults talk about sitting near the front, hearing the teacher clearly, and focusing during class..

NL → FR / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een plek vooraan kiezen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Tu t'assois toujours ici ?

tuu ta-swaa toe-zjoer ie-sie Zit je hier altijd?
B

J'aime m'asseoir devant.

zjem ma-swaar duh-vã Ik zit graag vooraan.
A

J'entends bien le professeur.

zjã-tã bjè̃ luh pro-fe-seur Ik kan de leraar goed horen.
B

Ici, il est facile de poser des questions.

ie-sie, iel è fa-siel duh po-zé dé kes-tyõ Hier kan ik gemakkelijk vragen stellen.
A

La prochaine fois, on s'assoit ensemble.

la pro-sjèn fwa, õ sa-swaa ã-sãbl Laten we de volgende keer samen zitten.
B

J'aimerais bien.

zjèm-rè bjè̃ Dat zou ik graag willen.
B

S'asseoir devant m'aide à me concentrer.

sa-swaar duh-vã mèd a muh kõ-sã-tré Vooraan zitten helpt me om me te concentreren.

Uitleg van de zinnen

  1. Tu t'assois toujours ici ?

    Zit je hier altijd?

    Tu
    jij
    t'assois
    zit / gaat zitten
    toujours
    altijd
    ici
    hier
    Uitgebreide uitleg

    Tu is de informele tweede persoon enkelvoud: “jij”. Het verwijst hier naar één aangesproken persoon. Vous kan daarentegen zowel een formele enkelvoudsvorm als een meervoudsvorm zijn. t'assois komt van het wederkerende werkwoord s'asseoir, “zitten/gaan zitten”. Hier staat het in de tegenwoordige tijd bij tu: tu t'assois. De vorm t' is het wederkerende voornaamwoord te, verkort vóór de klinker van assois. In de context staat het infinitief m'asseoir, met m' voor de eerste persoon. De tweede persoon en het enkelvoud blijken hier uit de combinatie van tu en de werkwoordsvorm; assois alleen komt bijvoorbeeld ook voor in je m'assois. toujours betekent hier “altijd”. Het geeft aan dat iets steeds of als gewoonte gebeurt. Bijvoorbeeld: Je viens toujours ici. — “Ik kom hier altijd.” ici betekent “hier” en duidt de plaats aan die in de gesprekssituatie als hier wordt aangewezen. Bijvoorbeeld: Reste ici. — “Blijf hier.” Samen vormt Tu t'assois toujours ici ? een vraag met de volgorde van een gewone mededeling en vraagintonatie: onderwerp tu, de werkwoordsgroep t'assois, daarna de frequentiebepaling toujours en de plaatsbepaling ici. De betekenis is: “Zit je hier altijd?”

  2. J'aime m'asseoir devant.

    Ik zit graag vooraan.

    J'aime
    ik vind het leuk
    m'asseoir
    zitten
    devant
    vooraan
    Uitgebreide uitleg

    J'aime betekent hier “ik vind het prettig / ik doe het graag”. Het is de eerste persoon enkelvoud van aimer (“leuk vinden, houden van”). Met een infinitief erna geeft aimer aan dat iemand iets graag doet: J'aime lire. — “Ik lees graag.” In deze zin zegt J'aime op zichzelf nog niet wát de spreker graag doet; dat wordt aangevuld door het volgende werkwoord. m'asseoir betekent hier “gaan zitten / zitten”. Dit is de infinitief van het wederkerende werkwoord s'asseoir; m' is de vorm die bij de spreker (“ik”) hoort. Voor de klinker van asseoir wordt me ingekort tot m'. Na aimer staat de infinitief: J'aime m'asseoir. — “Ik zit graag.” De vorm m'asseoir beschrijft dus de handeling die de spreker prettig vindt. devant betekent hier “vooraan” of “voorin”. Het is een bijwoord dat de plaats van het zitten aangeeft. Het kan ook vóór een genoemd element staan, bijvoorbeeld devant la porte — “voor de deur”, maar in deze zin staat het zelfstandig als plaatsaanduiding. Samen vormen de delen J'aime + m'asseoir + devant de betekenis: “Ik zit graag vooraan.” De zin drukt uit dat de spreker het prettig vindt om vooraan te zitten; devant bepaalt daarbij de plaats van m'asseoir.

  3. J'entends bien le professeur.

    Ik kan de leraar goed horen.

    J'entends
    ik hoor
    bien
    goed
    professeur
    leraar
    Uitgebreide uitleg

    J'entends betekent hier “ik hoor”. Het is de tegenwoordige tijd van entendre (“horen”) in de eerste persoon enkelvoud: j'entends = “ik hoor”. De apostrof in J' is de verkorte vorm van je voor een woord dat met een klinker begint. Voorbeeld: J'entends la musique. — “Ik hoor de muziek.” bien is hier een bijwoord en versterkt de manier waarop het horen gebeurt: “goed”. Het staat na de vervoegde werkwoordsvorm. Voorbeeld: J'entends bien. — “Ik hoor het goed.” professeur betekent hier “leraar” of “docent”. Het is een zelfstandig naamwoord; het meervoud is professeurs. In deze zin staat het met het bepaalde lidwoord le, dus le professeur betekent “de leraar” of “de docent”. Samen vormen J'entends bien en le professeur de betekenis: “Ik kan de leraar goed horen.” Le professeur is daarbij degene die gehoord wordt; de zin zegt niets over wat de leraar zegt, alleen dat de spreker hem goed kan horen.

  4. Ici, il est facile de poser des questions.

    Hier kan ik gemakkelijk vragen stellen.

    Ici
    hier
    il est facile
    het is gemakkelijk
    poser
    stellen
    des questions
    vragen
    Uitgebreide uitleg

    Ici betekent hier hier en verwijst naar de plaats van spreken of naar de plaats die in de context bedoeld is. Het is een bijwoord; het verandert niet naar getal of geslacht. Voor een plaats op grotere afstand staat vaak là-bas (“daar/ginds”). il est facile betekent hier “het is gemakkelijk”. In deze vaste onpersoonlijke constructie verwijst il niet naar een genoemde persoon: il est facile de + infinitief betekent “het is gemakkelijk om …”. Het bijvoeglijk naamwoord facile heeft dezelfde vorm bij mannelijk en vrouwelijk enkelvoud; het meervoud is faciles. Bijvoorbeeld: Il est facile de comprendre. — “Het is gemakkelijk om te begrijpen.” poser is de infinitief van het werkwoord “stellen” in de uitdrukking poser une question / poser des questions: “een vraag stellen” / “vragen stellen”. De infinitief verschijnt hier na de in il est facile de poser. In andere tijden verandert het werkwoord, bijvoorbeeld je pose (“ik stel”) en j'ai posé (“ik heb gesteld”). des questions betekent “vragen”. questions is het zelfstandig naamwoord question (“vraag”) in het meervoud; des is hier het meervoudige onbepaalde lidwoord. Het zegt niet op zichzelf hoeveel vragen het zijn. Een enkelvoudig voorbeeld is une question — “een vraag”. Samen vormen de delen: Ici + il est facile de poser des questions → “Hier is het gemakkelijk om vragen te stellen.” De vaste Nederlandse vertaling geeft dit weer als “Hier kan ik gemakkelijk vragen stellen”; de Franse vorm zelf noemt geen afzonderlijk onderwerp zoals ik, maar gebruikt de onpersoonlijke constructie om de handeling als gemakkelijk voor te stellen.

  5. La prochaine fois, on s'assoit ensemble.

    Laten we de volgende keer samen zitten.

    prochaine
    volgende
    fois
    keer
    s'assoit
    gaat zitten
    ensemble
    samen
    Uitgebreide uitleg

    prochaine betekent hier “volgende” en beschrijft fois. Het is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van prochain; de vorm past zich aan aan het zelfstandig naamwoord: un prochain rendez-vous, maar une prochaine fois. In de vaste uitdrukking la prochaine fois betekent het geheel “de volgende keer”. fois betekent “keer” of “maal”. Het is een zelfstandig naamwoord; la prochaine fois is een veelgebruikte tijdsbepaling voor een volgende gelegenheid. Voorbeeld: La prochaine fois, je viendrai plus tôt. — “De volgende keer kom ik eerder.” on s'assoit vormt in deze zin de kern “we gaan zitten”. on is grammaticaal enkelvoud en krijgt daarom de derde persoon enkelvoud, hoewel het in deze context de spreker en minstens één andere persoon aanduidt, zoals de vertaling “laten we” bevestigt. s'assoit is de tegenwoordige tijd van s'asseoir bij on; de apostrof hoort bij het wederkerende voornaamwoord vóór een klinker. De vorm verwijst hier naar gaan zitten, niet naar een algemene eigenschap. Voorbeeld: On s'assoit ici. — “We gaan hier zitten.” ensemble betekent “samen” en maakt duidelijk dat het zitten gezamenlijk gebeurt. Het is een bijwoord en verandert hier niet mee met de personen. Voorbeeld: Nous travaillons ensemble. — “Wij werken samen.” De hele zin begint met de tijdsbepaling La prochaine fois (“de volgende keer”). Daarna geeft on s'assoit aan dat de betrokkenen gaan zitten, en ensemble voegt toe dat ze dat samen doen. Samen betekent La prochaine fois, on s'assoit ensemble.: “Laten we de volgende keer samen zitten.” De tegenwoordige tijd kan hier, in deze vaste context, een voorstel voor een toekomstige gelegenheid uitdrukken.

  6. J'aimerais bien.

    Dat zou ik graag willen.

    J'aimerais bien
    ik zou graag willen
    Uitgebreide uitleg

    J'aimerais bien betekent hier: “Dat zou ik graag willen.” J'aimerais is de eerste persoon enkelvoud van aimer in de conditionnel présent: j'aimerais = “ik zou graag willen” of letterlijk “ik zou leuk vinden”. In deze vaste uiting drukt die vorm een wens op een beleefde, niet-dwingende manier uit. Vergelijk: j'aime = “ik vind leuk / ik houd van” en j'aimerais = “ik zou graag willen”. bien versterkt hier de wens: “graag” of “heel graag”. Het betekent in deze combinatie niet simpelweg “goed”. De herbruikbare constructie is J'aimerais bien + zelfstandig naamwoord of J'aimerais bien + infinitief, bijvoorbeeld: J'aimerais bien venir. — “Ik zou graag komen.” Samen vormt J'aimerais bien een complete, verkorte wens. Het voorwerp van de wens wordt in deze zin niet uitgesproken; uit de vaste vertaling en de context blijkt dat de spreker instemt met het idee om de volgende keer samen te zitten. De uiting betekent dus natuurlijk: “Dat zou ik graag willen.”

  7. S'asseoir devant m'aide à me concentrer.

    Vooraan zitten helpt me om me te concentreren.

    S'asseoir
    zitten
    devant
    vooraan
    m'aide
    helpt me
    à me concentrer
    om me te concentreren
    Uitgebreide uitleg

    S'asseoir betekent hier ‘zitten’ als activiteit: het is de infinitief van het wederkerende werkwoord s'asseoir. De vorm staat aan het begin als onderwerp van de zin. Voorbeeld: S'asseoir aide à réfléchir. — ‘Zitten helpt om na te denken.’ devant betekent hier ‘vooraan’ en duidt een plaats vóór iets of iemand aan. In deze zin geeft de vaste vertaling de bedoelde plaats weer als ‘vooraan’. m'aide bestaat uit m' = me en aide, de tegenwoordige tijd van aider bij een enkelvoudig onderwerp in de derde persoon. Voor een klinker wordt me verkort tot m'. Omdat S'asseoir hier het onderwerp is, staat het werkwoord in de enkelvoudsvorm: S'asseoir m'aide — ‘Zitten helpt me’. Aider kan met à gevolgd worden door een infinitief: Cela m'aide à comprendre. — ‘Dat helpt me om het te begrijpen.’ à me concentrer geeft aan waarbij de hulp nuttig is: ‘om me te concentreren’. me concentrer is de infinitief van het wederkerende werkwoord se concentrer; me past hier bij de spreker als degene die zich concentreert. De combinatie aider quelqu'un à + infinitief betekent ‘iemand helpen om iets te doen’. Samen betekent S'asseoir devant m'aide à me concentrer.: ‘Vooraan zitten helpt me om me te concentreren.’ De activiteit S'asseoir devant is het onderwerp; die activiteit helpt de spreker (m') bij het zich concentreren (à me concentrer).

Grammatica

J’aimerais + infinitif

J’aimerais me concentrer.

zjèm-rè muh kõ-sã-tré

Ik zou me graag willen concentreren.

J’aimerais drukt een beleefde wens uit. Daarna volgt een infinitief, zoals me concentrer.

Frans woordenschat

aimer werkwoord
é-mé leuk vinden J'aime

J'aime m'asseoir devant.

devant bijwoord
duh-vã vooraan

J'aime m'asseoir devant.

entendre werkwoord
ã-tãdr horen J'entends

J'entends bien le professeur.

facile bijvoeglijk naamwoord
fa-siel gemakkelijk

Ici, il est facile de poser des questions.

fois zelfstandig naamwoord
fwa keer

La prochaine fois, on s'assoit ensemble.

ici bijwoord
ie-sie hier

Tu t'assois toujours ici ?

poser werkwoord
po-zé stellen

Ici, il est facile de poser des questions.

prochain bijvoeglijk naamwoord
pro-sjè̃ volgend prochaine

La prochaine fois, on s'assoit ensemble.

professeur zelfstandig naamwoord
pro-fe-seur leraar

J'entends bien le professeur.

question zelfstandig naamwoord
kes-tyõ vraag questions

Ici, il est facile de poser des questions.

s'asseoir werkwoord
sa-swaar zitten t'assois

Tu t'assois toujours ici ?

toujours bijwoord
toe-zjoer altijd

Tu t'assois toujours ici ?

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Zit je hier altijd?

Antwoord tonenTu t'assois toujours ici ?

Ik zit graag vooraan.

Antwoord tonenJ'aime m'asseoir devant.

Ik kan de leraar goed horen.

Antwoord tonenJ'entends bien le professeur.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

gemakkelijk

Antwoord tonenfacile

altijd

Antwoord tonentoujours

leraar

Antwoord tonenprofesseur

stellen

Antwoord tonenposer