Koffie tijdens de pauze | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: During a classroom break, two adults talk about coffee, sugar, and milk when milk is not available..

NL → FR / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Koffie tijdens de pauze oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Tu veux du café ?

Tü veu dü kafee? Wil je koffie?
B

Oui, s'il te plaît. Juste une petite tasse.

Wie, sil te plee. Zjuust ün puh-tiet tass. Ja, graag. Alleen een klein kopje.
A

Voilà.

Vwaa-laa. Alsjeblieft.
B

Ça sent bon.

Sa san bon. Het ruikt lekker.
A

Tu as besoin de sucre ?

Tü aa buh-zwan duh sükr? Heb je suiker nodig?
B

Non, juste du lait, s'il te plaît.

Non, zjuust dü lè, sil te plee. Nee, alleen melk, graag.
A

Pardon, il n'y a pas de lait.

Par-don, il njaa pa duh lè. Sorry, er is geen melk.
B

D'accord.

Da-kor. Dat is goed.

Uitleg van de zinnen

  1. Tu veux du café ?

    Wil je koffie?

    Tu
    jij
    veux
    wilt
    du café
    koffie (een niet-afgebakende hoeveelheid)
    Uitgebreide uitleg

    Tu is het onderwerp en betekent hier jij. Het is de onderwerpsvorm voor één aangesproken persoon. In een andere persoon verandert het voornaamwoord, bijvoorbeeld Vous voulez du café ? = Wilt u koffie? of Willen jullie koffie?; vous kan dus beleefd enkelvoud of meervoud zijn. veux komt van vouloir (willen). In deze zin is veux de vorm voor tu in de tegenwoordige tijd: tu veux. Dezelfde vorm kan in een andere context ook je veux zijn, maar bij tu is het onderwerp hier expliciet aanwezig. Een bruikbaar patroon is Tu veux ... ? = Wil je ...?, bijvoorbeeld: Tu veux du thé ? = Wil je thee? du café betekent hier koffie, opgevat als een niet-afgebakende hoeveelheid. Du is de samentrekking van de en le en staat hier voor een stof of hoeveelheid die niet als afzonderlijke porties wordt benoemd. Het gaat dus niet om een expliciet geteld aantal kopjes. Ter vergelijking: une tasse de café = een kopje koffie, waarbij une tasse wél één afzonderlijke portie benoemt. Samen vormen Tu veux du café ? het vraagpatroon Tu veux + een aangeboden of gevraagde hoeveelheid van iets: Wil je koffie? De vraag richt zich rechtstreeks tot één persoon en gebruikt de tegenwoordige tijd van vouloir.`

  2. Oui, s'il te plaît. Juste une petite tasse.

    Ja, graag. Alleen een klein kopje.

    Oui
    ja
    s'il te plaît
    alsjeblieft; graag
    Juste
    alleen
    petite
    klein
    tasse
    kopje
    Uitgebreide uitleg

    Oui betekent hier een bevestigend antwoord: “ja”. Het bevestigt het aanbod of de vraag uit de vorige zin. Een bruikbaar contrast is non = “nee”. s'il te plaît is de vaste Franse beleefdheidsformule voor “alsjeblieft” of “graag” bij één persoon die je informeel aanspreekt. te hoort bij de informele enkelvoudige aanspreekvorm; bij een formele of meervoudige aanspreekvorm staat in dezelfde formule s'il vous plaît. De schrijfwijze s'il is een samentrekking van si en il; leer de hele uitdrukking vooral als vaste formule. Juste betekent hier “alleen” en beperkt wat er gevraagd wordt. Het kan in andere zinnen ook “net” of “precies” betekenen, maar in deze zin is de beperkende betekenis bedoeld. Voorbeeld: Juste un peu d'eau. — “Alleen een beetje water.” petite betekent hier “klein”. Dit is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van petit, omdat het bij tasse hoort. De basisvormen zijn petit (mannelijk enkelvoud), petite (vrouwelijk enkelvoud), petits (mannelijk meervoud) en petites (vrouwelijk meervoud). Voorbeeld: une petite maison — “een klein huis.” tasse betekent hier “kopje” of “beker”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat ervoor une en heeft het bijvoeglijk naamwoord de vorm petite. Voorbeeld: une tasse chaude — “een warme kop.” Samen vormen Juste une petite tasse de beperkte bestelling “Alleen een klein kopje.” une is hier een onbepaald lidwoord; deze zin legt niet zelfstandig een numerieke nadruk op het aantal. De volledige uiting combineert eerst de bevestiging Oui met de beleefdheidsformule s'il te plaît, en specificeert daarna met Juste dat de spreker alleen een klein kopje wil: “Ja, graag. Alleen een klein kopje.”

  3. Voilà.

    Alsjeblieft.

    Voilà.
    Alsjeblieft.
    Uitgebreide uitleg

    Voilà. is hier een vaste Franse presentatieve uitdrukking: de spreker reikt iets aan en zegt ongeveer “alsjeblieft” of “daar is het”. De vorm blijft in deze gebruikswijze onveranderd; hij krijgt geen aparte vorm voor persoon of aantal. De betekenis komt uit de situatie: na het verzoek om een klein kopje kondigt de spreker aan dat het gevraagde er is. Voorbeeld: Voilà votre café. — “Hier is uw koffie.” In dat voorbeeld staat voilà vooraan om het aangeboden of aangewezen resultaat te presenteren; votre café noemt wat het is. Het kan ook bij aanwijzen worden gebruikt, maar in deze zin past de aanbiedingsbetekenis bij “alsjeblieft”. Samen vormt het ene woord Voilà. een volledige, korte uiting. Het presenteert het gevraagde kopje en wordt daarom natuurlijk vertaald als “Alsjeblieft.”

  4. Ça sent bon.

    Het ruikt lekker.

    Ça
    het
    sent
    ruikt
    bon
    lekker
    Uitgebreide uitleg

    Ça is een aanwijzend voornaamwoord dat hier als onderwerp dient. In deze vaste betekenis vertaal je het natuurlijk met “het” in “het ruikt lekker”; de zin noemt niet wat precies de geur veroorzaakt. Ça kan in andere zinnen ook naar “dat” verwijzen, maar die mogelijke betekenis verandert deze vertaling niet. sent komt van het werkwoord sentir (“ruiken” of “voelen”). Het is de tegenwoordige tijd, derde persoon enkelvoud: je sens, tu sens, il/elle/on sent. In deze zin betekent het “ruikt”. Een bruikbaar patroon is ça sent + bijvoeglijk naamwoord, bijvoorbeeld: Ça sent mauvais. — “Het ruikt slecht.” bon betekent hier “lekker” in de uitdrukking sentir bon: de geur is aangenaam. Het is dezelfde vorm als het mannelijke enkelvoud van het bijvoeglijk naamwoord bon (“goed”), maar in deze uitdrukking beschrijft het de kwaliteit van de geur. Het tegengestelde is mauvais in sentir mauvais (“slecht ruiken”). Voorbeeld: Le pain sent bon. — “Het brood ruikt lekker.” Samen vormen Ça + sent + bon de eenvoudige mededeling “Het ruikt lekker.” De volgorde is onderwerp + werkwoord + beschrijving van de geur. De formulering is alledaags en natuurlijk Frans.

  5. Tu as besoin de sucre ?

    Heb je suiker nodig?

    as besoin de
    nodig hebben
    sucre
    suiker
    Uitgebreide uitleg

    as besoin de hoort bij de vaste Franse constructie avoir besoin de = “nodig hebben”. In deze zin is as de vorm van avoir bij tu in de tegenwoordige tijd: tu as. De constructie wordt herbruikbaar als avoir besoin de + zelfstandig naamwoord of avoir besoin de + infinitief. Voorbeeld: J’ai besoin d’eau. — “Ik heb water nodig.” Hier verandert avoir mee met de persoon: j’ai, tu as, il/elle a. Het voorzetsel de maakt deel uit van de constructie; voor een klinker wordt het vaak d’, zoals in d’eau. sucre betekent hier “suiker”. Het is een zelfstandig naamwoord. In deze vraag staat het zonder lidwoord, wat past bij suiker als ongespecificeerde stof of hoeveelheid. Dat betekent niet dat er een bepaald aantal wordt genoemd. Voorbeeld: J’achète du sucre. — “Ik koop suiker.” In die mededeling gebruikt het Frans du bij een onbepaalde hoeveelheid van een stof; dat is een andere vorm dan de vraag hier. Samen vormen Tu + as besoin de + sucre de vraag Tu as besoin de sucre ? — “Heb je suiker nodig?” Tu is de informele enkelvoudige vorm van “je/jij”; de vraag wordt hier door de woordvolgorde en de vraagintonatie gevormd, zonder omkering van onderwerp en werkwoord.

  6. Non, juste du lait, s'il te plaît.

    Nee, alleen melk, graag.

    Non
    nee
    juste
    alleen; gewoon
    du
    wat ... van
    lait
    melk
    s'il te plaît
    alsjeblieft; graag
    Uitgebreide uitleg

    Non betekent hier “nee” en ontkent of corrigeert wat eraan voorafgaat. Het is een zelfstandig antwoordwoord; het verandert niet mee met persoon of getal. Het tegenovergestelde is oui (“ja”). juste betekent hier “alleen”, dus het beperkt wat gewenst is tot melk. In andere contexten kan juste ook “juist” of “net” betekenen, maar hier past de beperkende betekenis. Een herbruikbaar patroon is juste + zelfstandig naamwoord: juste de l'eau = “alleen water”. du staat vóór lait en is hier de Franse delend bepaalde vorm, gevormd uit de + le. Hij verwijst naar een niet nader bepaalde hoeveelheid van een stof of product; hij drukt op zichzelf geen exact aantal uit. Vergelijk du lait (“melk / wat melk”) met le lait (“de melk” als bepaalde stof of hoeveelheid) en un lait (“een melk”, bijvoorbeeld één portie of bestelling, wanneer die lezing bedoeld is). Welke vorm passend is, hangt dus niet alleen van het feit af dat lait enkelvoudig is, maar ook van bepaaldheid en hoeveelheid. lait betekent “melk”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; daarom verschijnt hier de combinatie du lait, niet de la lait. Het meervoud is laits, maar dat is in deze concrete betekenis niet nodig. Een kort voorbeeld is Je bois du lait. — “Ik drink melk.” s'il te plaît is een vaste beleefdheidsuitdrukking voor “alsjeblieft” of “graag”. In de vorm is s'il een samentrekking van si + il, te verwijst naar één aangesproken persoon in de informele aanspreekvorm, en plaît is de vorm van plaire (“bevallen”) die bij il/elle hoort. Als men één persoon formeel aanspreekt of meerdere personen aanspreekt, gebruikt men s'il vous plaît. Samen betekent Non, juste du lait, s'il te plaît.: “Nee, alleen melk, graag.” Non corrigeert de voorafgaande verwachting; juste du lait beperkt de gewenste inhoud tot een niet nader bepaalde hoeveelheid melk; s'il te plaît maakt het verzoek beleefd. De komma’s geven de opbouw van het korte antwoord weer: ontkenning, beperking en beleefd verzoek.

  7. Pardon, il n'y a pas de lait.

    Sorry, er is geen melk.

    Pardon
    sorry
    il n'y a pas
    er is niet / er zijn niet
    lait
    melk
    Uitgebreide uitleg

    Pardon betekent hier “sorry” en is een zelfstandig beleefdheidswoord. Je kunt het ook gebruiken om iemands aandacht te vragen. il n'y a pas is samen met wat erop volgt de Franse constructie voor “er is/zijn niet” of “er is/zijn geen”. De bevestigende vorm is il y a (“er is/zijn”); ne ... pas maakt die constructie ontkennend. Voor een bevestigende zin kun je bijvoorbeeld zeggen: Il y a du pain. — “Er is brood.” Il is hier een onpersoonlijk onderwerp en verwijst niet naar een bepaalde man. lait betekent hier “melk”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: le lait. Als je melk als onbepaalde hoeveelheid noemt, staat vaak du lait; na ontkenning wordt dat in deze constructie de lait: Il n'y a pas de lait. — “Er is geen melk.” Het woord de is hier dus onderdeel van de vorm van de naamwoordgroep na ontkenning; de ontkenning zelf wordt gevormd door ne ... pas. Samen vormen de delen Pardon + il n'y a pas de lait de betekenis: “Sorry, er is geen melk.”

  8. D'accord.

    Dat is goed.

    D'accord.
    Dat is goed; akkoord.
    Uitgebreide uitleg

    D'accord. is hier een vaste Franse uitdrukking om instemming te tonen: “Dat is goed” of “Akkoord”. De uitdrukking kan als zelfstandige reactie worden gebruikt, zonder dat er een expliciet onderwerp of werkwoord bij staat. De spelling d'accord bevat een apostrof. Die markeert de weggelaten klinker van de vóór de klinker in accord; deze spelling moet je als vaste vorm onthouden. Accord houdt verband met overeenstemming of akkoord. In andere contexten kan accord bijvoorbeeld ook “overeenkomst” betekenen, maar in deze uitdrukking gaat het om instemming. Voorbeeld: D'accord, je viens. — “Akkoord, ik kom.” Hier geeft D'accord aan dat de spreker instemt met wat eraan voorafging; je viens voegt de concrete handeling toe. Als geheel betekent D'accord. dus eenvoudig “Dat is goed.” In de gegeven context is het een instemmende reactie op de mededeling dat er geen melk is.

Grammatica

il n'y a pas de + nom

Il n'y a pas de sucre.

Il njaa pa duh sükr.

Er is geen suiker.

Na de ontkenning il n'y a pas gebruik je de vóór een zelfstandig naamwoord.

avoir besoin de + nom

Tu as besoin de lait.

Tü aa buh-zwan duh lè.

Je hebt melk nodig.

De vaste uitdrukking avoir besoin de betekent ‘iets nodig hebben’; de hoort bij de uitdrukking.

Frans woordenschat

as werkwoord
aa hebben

Tu as besoin de sucre ?

besoin zelfstandig naamwoord
buh-zwan behoefte

Tu as besoin de sucre ?

bon bijvoeglijk naamwoord
bon lekker

Ça sent bon.

café zelfstandig naamwoord
kafee koffie

Tu veux du café ?

juste bijwoord
zjuust alleen

Juste une petite tasse.

oui tussenwerpsel
wie ja

Oui, s'il te plaît.

petite bijvoeglijk naamwoord
puh-tiet klein

Juste une petite tasse.

s'il te plaît uitdrukking
sil te plee alsjeblieft

Oui, s'il te plaît.

sent werkwoord
san ruiken

Ça sent bon.

tasse zelfstandig naamwoord
tass kopje

Juste une petite tasse.

veux werkwoord
veu willen

Tu veux du café ?

voilà tussenwerpsel
vwaa-laa hier is het

Voilà.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Wil je koffie?

Antwoord tonenTu veux du café ?

Het ruikt lekker.

Antwoord tonenÇa sent bon.

Heb je suiker nodig?

Antwoord tonenTu as besoin de sucre ?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

klein

Antwoord tonenpetite

hier is het

Antwoord tonenvoilà

willen

Antwoord tonenveux

alleen

Antwoord tonenjuste