Boodschappen betalen met een tas | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: At a shop checkout, a customer asks for a shopping bag, pays by card, and asks for the receipt in the bag..

NL → FR / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Boodschappen betalen met een tas oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

J'ai oublié mon sac de courses.

zjee oebliejee mon sak duh koers. Ik ben mijn boodschappentas vergeten.
B

Vous pouvez acheter un sac ici.

voe poevee asjtee uhn sak iesie. U kunt hier een tas kopen.
A

Un sac de courses m'aiderait.

uhn sak duh koers mèdrè. Een boodschappentas zou helpen.
B

Vous payez par carte ou en espèces ?

voe peejee par kart oe an nespès? Betaalt u met de kaart of contant?
A

Je paie par carte.

zjuh pè par kart. Ik betaal met de kaart.
B

Vous avez besoin d'un ticket ?

voe zaavee buhzwèn duhn tikè? Hebt u een bonnetje nodig?
A

Mettez le ticket dans le sac, s'il vous plaît.

mèttè luh tikè dan luh sak, sil voe plè. Leg het bonnetje alstublieft in de tas.
B

Voici vos courses.

vwasie vo koers. Hier zijn uw boodschappen.
A

Je peux les porter maintenant.

zjuh peu lee portè mèntenan. Ik kan ze nu dragen.

Uitleg van de zinnen

  1. J'ai oublié mon sac de courses.

    Ik ben mijn boodschappentas vergeten.

    J'ai
    ik heb
    oublié
    vergeten
    mon
    mijn
    sac
    tas
    courses
    boodschappen
    Uitgebreide uitleg

    J'ai bestaat uit j', de verkorte vorm van je (“ik”), en ai, de eerste persoon enkelvoud van avoir (“hebben”). Samen met het volgende voltooid deelwoord vormt het de passé composé. je wordt vóór een klinker verkort tot j'; dat gebeurt hier vóór ai. oublié komt van oublier (“vergeten”). Het is hier het voltooid deelwoord. De combinatie j'ai oublié betekent in natuurlijk Nederlands “ik ben vergeten”; grammaticaal bestaat de Franse passé composé hier uit het hulpwerkwoord avoir plus het voltooid deelwoord. Voorbeeld: J'ai oublié mon téléphone. — “Ik ben mijn telefoon vergeten.” mon betekent hier “mijn” en staat vóór het zelfstandig naamwoord sac. Het is de bezittelijke vorm bij een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord; de vorm volgt het bezeten woord, niet het geslacht van de bezitter. Bij een vrouwelijk enkelvoudig woord is doorgaans ma gebruikelijk, bijvoorbeeld ma voiture (“mijn auto”); bij een meervoudig woord mes. sac betekent “tas”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: un sac (“een tas”), le sac (“de tas”). In mon sac staat de bezittelijke vorm vóór het zelfstandig naamwoord. courses betekent hier “boodschappen”. Het is een meervoudsvorm in sac de courses, een tas die bedoeld is voor boodschappen. de verbindt het hoofdwoord met het soort of doel: un sac de courses betekent “een boodschappentas”. Samen vormen mon sac de courses en j'ai oublié de betekenis “Ik ben mijn boodschappentas vergeten.” De passé composé presenteert het vergeten als een gebeurtenis in het verleden. Het herbruikbare patroon is J'ai oublié + zelfstandig naamwoord: “Ik ben + zelfstandig naamwoord vergeten”.

  2. Vous pouvez acheter un sac ici.

    U kunt hier een tas kopen.

    Vous pouvez
    u kunt
    acheter
    kopen
    sac
    tas
    ici
    hier
    Uitgebreide uitleg

    Vous pouvez betekent hier “u kunt”. pouvez is de vorm van pouvoir (“kunnen”) voor vous in de tegenwoordige tijd. vous kan in het Frans naar één formeel aangesproken persoon of naar meerdere personen verwijzen; de zin bepaalt dat hier niet nader. Een veelgebruikt patroon is pouvoir + infinitief: Vous pouvez entrer. — “U kunt binnenkomen.” acheter betekent “kopen”. Dit is de infinitief, de vorm die na pouvez staat. Na een vervoegde vorm van pouvoir blijft het volgende werkwoord in de infinitief: Je peux attendre. — “Ik kan wachten.” sac betekent hier “tas”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; dat zie je in deze zin aan un sac. Het meervoud is des sacs: J’ai deux sacs. — “Ik heb twee tassen.” ici betekent “hier”. Het is een bijwoord van plaats en geeft de plaats aan die met “hier” wordt bedoeld. Bijvoorbeeld: Venez ici. — “Kom hier.” Samen vormen de delen: Vous pouvez (“u kunt”) + acheter (“kopen”) + un sac (“een tas”) + ici (“hier”). De volledige betekenis is: “U kunt hier een tas kopen.”

  3. Un sac de courses m'aiderait.

    Een boodschappentas zou helpen.

    sac
    tas
    courses
    boodschappen
    m'aiderait
    zou me helpen
    Uitgebreide uitleg

    sac betekent hier “tas”. Het zelfstandig naamwoord is mannelijk: un sac is dus “een tas”. Het meervoud is des sacs. In sac de courses specificeert de courses waarvoor de tas dient: voor boodschappen. courses betekent hier “boodschappen”. Het staat in het meervoud; het enkelvoud course kan onder andere een wedstrijd of een rit betekenen, dus de betekenis wordt door deze vaste uitdrukking bepaald. faire les courses is een veelgebruikte Franse uitdrukking voor “boodschappen doen”. m'aiderait betekent “zou me helpen”. Dit is de conditionnel présent van aider (“helpen”): il/elle aiderait = “hij/zij zou helpen”, met m' als verkorte vorm van me voor een klinker. De conditionnel presenteert de hulp hier als een mogelijke of gewenste uitkomst, niet als een vaststaand feit. Bijvoorbeeld: Cela m'aiderait. — “Dat zou me helpen.” Samen betekent Un sac de courses m'aiderait. letterlijk en natuurlijk: “Een boodschappentas zou me helpen.” Un introduceert hier een niet nader bepaalde tas; het drukt op zichzelf geen numerieke nadruk uit. sac de courses vormt de nominale groep “boodschappentas”, en m'aiderait zegt dat die tas de spreker zou helpen.

  4. Vous payez par carte ou en espèces ?

    Betaalt u met de kaart of contant?

    Vous
    u (beleefd of meervoud)
    payez
    betaalt / betalen
    par carte
    met de kaart
    ou
    of
    en espèces
    contant
    Uitgebreide uitleg

    Vous betekent hier “u” in de beleefde aanspreekvorm. Het kan in het Frans ook naar meerdere personen verwijzen; deze vorm zelf maakt niet duidelijk welke van die twee mogelijkheden bedoeld is. payez is de tegenwoordige tijd van payer bij vous: vous payez. Het betekent hier “betaalt”. Vergelijk: Je paie par carte. — “Ik betaal met de kaart.” De uitgang en de persoon veranderen dus met het onderwerp; je paie en vous payez zijn vormen van hetzelfde werkwoord. par carte is een vaste, veelgebruikte manier om een betaalmiddel aan te geven: “met de kaart” of letterlijk “per kaart”. par kan in andere contexten ook een route, middel of verdeling aangeven, maar hier gaat het om de betaalwijze. ou verbindt twee alternatieven en betekent “of”. Het maakt van par carte en en espèces twee mogelijke antwoorden op dezelfde vraag. en espèces betekent “contant” of “in contanten”. espèces staat hier in het meervoud in deze vaste uitdrukking. Het is niet hetzelfde als het algemene woord voor geld in elke context; samen met en duidt deze combinatie hier de contante betaalwijze aan. Als geheel vraagt Vous payez par carte ou en espèces ?: “Betaalt u met de kaart of contant?” De structuur is Vous payez [betaalwijze 1] ou [betaalwijze 2] ?: eerst het onderwerp en de werkwoordsvorm, daarna twee door ou verbonden alternatieven.

  5. Je paie par carte.

    Ik betaal met de kaart.

    Je
    ik
    paie
    betaal
    par
    met; via
    carte
    kaart
    Uitgebreide uitleg

    Je betekent hier “ik”. Het is de eerste persoon enkelvoud van het Franse persoonlijk voornaamwoord. In een andere rol gebruikt het Frans bijvoorbeeld tu voor “jij” in een informele aanspreking; dat is niet dezelfde persoon. paie is hier de vorm van het werkwoord payer (“betalen”) in de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud: je paie = “ik betaal”. De spelling paie is de vorm die in deze zin bij je hoort. Voorbeeld: Je paie maintenant. — “Ik betaal nu.” par geeft hier de betaalmethode aan: “met” of “via”. In par carte betekent het dus “met de kaart”. Het voorzetsel par kan in andere contexten ook een route of middel aangeven, maar hier gaat het om de manier van betalen. carte betekent hier “kaart”. Het is een zelfstandig naamwoord; met het bepaalde lidwoord wordt dat bijvoorbeeld la carte (“de kaart”). In deze vaste uitdrukking staat het zonder lidwoord: par carte. Samen vormen Je paie par carte de betekenis “Ik betaal met de kaart”: Je paie geeft aan wie betaalt en wat die persoon doet, en par carte geeft de gekozen betaalmethode aan. De formulering is een gewone, beknopte manier om in deze situatie te zeggen dat de betaling met een kaart gebeurt.

  6. Vous avez besoin d'un ticket ?

    Hebt u een bonnetje nodig?

    Vous
    u
    avez besoin
    nodig hebben
    ticket
    bonnetje
    Uitgebreide uitleg

    Vous betekent hier u en spreekt de aangesprokene(n) beleefd aan. De Nederlandse vertaling ondersteunt de beleefde aanspreekvorm u, maar legt niet vast of één persoon of meerdere personen worden aangesproken. In een andere zin kan hetzelfde Franse woord bijvoorbeeld jullie betekenen. avez besoin komt van avoir besoin de, een vaste Franse uitdrukking voor nodig hebben. avez is de tegenwoordige tijd van avoir bij vous; de vorm past dus bij deze aanspreekvorm. Het voorzetsel de hoort bij de uitdrukking en wordt vóór un samengetrokken tot d'un. Voorbeeld: J'ai besoin d'aide. — Ik heb hulp nodig. ticket betekent hier bonnetje of ticket. Het is een zelfstandig naamwoord; in andere contexten kan het ook een toegangs- of vervoersbewijs aanduiden, maar de vaste vertaling kiest hier de betekenis bonnetje. Voorbeeld: Le ticket est dans le sac. — Het bonnetje zit in de tas. De woordgroep d'un ticket betekent binnen de constructie avoir besoin de quelque chose dat een bonnetje nodig is. un is hier een onbepaald lidwoord; op zichzelf stelt het geen expliciete telhoeveelheid vast. Samen vormen Vous avez besoin d'un ticket ? de vraag Hebt u een bonnetje nodig? De vraag gebruikt de gewone woordvolgorde met vragende intonatie; vous is de aangesprokene(n), avez besoin de drukt de behoefte uit en un ticket is datgene wat eventueel nodig is.

  7. Mettez le ticket dans le sac, s'il vous plaît.

    Leg het bonnetje alstublieft in de tas.

    Mettez
    leg / doe
    le ticket
    het bonnetje
    dans
    in
    le sac
    de tas
    s'il vous plaît
    alstublieft
    Uitgebreide uitleg

    Mettez betekent hier “leg” of “doe” en is de gebiedende wijs van mettre (“leggen, doen/plaatsen”) voor vous. Dezelfde vorm kan ook een tegenwoordige tijdsvorm bij vous zijn, maar in deze zin geeft de positie aan het begin van de zin samen met de rest een verzoek of opdracht. Voor één persoon in de informele aanspreekvorm gebruik je mets. Voorbeeld: Mettez le livre ici. — Leg het boek hier. le ticket betekent hier “het bonnetje”. Ticket is een mannelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat ervoor het bepaalde lidwoord le. Het meervoud is les tickets. Voorbeeld: Le ticket est dans le sac. — Het bonnetje zit in de tas. dans betekent “in” en geeft hier de plaats aan waar iets terechtkomt. Het wordt gevolgd door een zelfstandig naamwoord of een woordgroep: dans le sac = “in de tas”. Voorbeeld: Mettez le livre dans la boîte. — Leg het boek in de doos. le sac betekent “de tas”. Sac is mannelijk, dus het bepaalde lidwoord is le; bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord zou bijvoorbeeld la staan. Het meervoud is les sacs. Voorbeeld: Le sac est ici. — De tas is hier. s'il vous plaît is een vaste beleefdheidsformule met de betekenis “alstublieft”. De vorm bevat vous als beleefde aanspreekvorm of als meervoudige aanspreekvorm. In een informele aanspreking van één persoon gebruikt men meestal s'il te plaît. Samen vormt Mettez le ticket dans le sac een gebiedende zin: de aangesprokene moet het bonnetje in de tas leggen. s'il vous plaît maakt van die opdracht een beleefd verzoek. De volledige betekenis is: “Leg het bonnetje alstublieft in de tas.”

  8. Voici vos courses.

    Hier zijn uw boodschappen.

    Voici
    hier is/zijn; zie hier
    vos
    uw (meervoudige of formele aanspreekvorm)
    courses
    boodschappen
    Uitgebreide uitleg

    Voici staat aan het begin van een aanwijzende presentatieve constructie: het kondigt aan of toont wat erop volgt. Het kan met een enkelvoudig of meervoudig element worden gebruikt; de vorm zelf verandert hier niet. Bijvoorbeeld: Voici le livre. — Hier is het boek. vos is een bezittelijk bepalend woord voor de tweede persoon meervoud. In deze zin betekent het uw en verwijst het naar de aangesprokene(n), op een formele manier of naar meerdere personen. De vorm vos hoort bij een meervoudig zelfstandig naamwoord; bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord staat bijvoorbeeld votre. courses is het meervoud van course. In deze vaste zin betekent het boodschappen. Het meervoud is hier belangrijk: vos courses betekent uw boodschappen, niet één afzonderlijke boodschap. Een ander gebruik van het enkelvoud course kan bijvoorbeeld een loopwedstrijd zijn, maar dat is niet de betekenis in deze zin. Samen vormen Voici vos courses de constructie Voici + bezittelijke bepaling + zelfstandig naamwoord: Hier zijn uw boodschappen. De vaste vertaling maakt duidelijk dat courses hier naar boodschappen verwijst. De punt sluit de korte mededeling af.

  9. Je peux les porter maintenant.

    Ik kan ze nu dragen.

    Je peux
    ik kan
    les
    ze
    porter
    dragen
    maintenant
    nu
    Uitgebreide uitleg

    Je peux betekent hier “ik kan”. peux is de tegenwoordige tijd van pouvoir (“kunnen”) in de eerste persoon enkelvoud: je peux. Na pouvoir volgt doorgaans een infinitief: Je peux venir = “Ik kan komen”. De vorm peux hoort dus bij je; ze is niet de infinitief. les is hier een meervoudig lijdend voornaamwoord: “ze” of “hen”. In de gegeven context verwijst het naar de boodschappen uit vos courses. Het voornaamwoord staat vóór het werkwoord: Je les porte = “Ik draag ze”. les geeft meervoud aan, maar op zichzelf geen mannelijk of vrouwelijk enkelvoud. porter betekent hier “dragen”. Dit is de infinitiefvorm, die na peux blijft staan. De tegenwoordige vormen zijn bijvoorbeeld je porte (“ik draag”) en ils portent (“zij dragen”); in Je peux les porter draagt peux de persoons- en tijdsinformatie, terwijl porter de handeling benoemt. maintenant betekent “nu”. Het bepaalt wanneer de mogelijkheid of handeling geldt. Bijvoorbeeld: Je peux partir maintenant = “Ik kan nu vertrekken”. Samen vormen de delen Je peux + les + porter + maintenant de zin: “Ik kan ze nu dragen.” De structuur is onderwerp + pouvoir + objectvoornaamwoord + infinitief + tijdsbepaling. De spreker zegt dus dat hij of zij de bedoelde boodschappen op dit moment kan dragen.

Grammatica

Mettez + zelfstandig naamwoord + dans ..., s'il vous plaît

Mettez le ticket dans le sac, s'il vous plaît.

mèttè luh tikè dan luh sak, sil voe plè.

Leg het bonnetje in de tas, alstublieft.

Mettez is de gebiedende wijs van mettre voor vous. s'il vous plaît maakt het verzoek beleefd.

Frans woordenschat

acheter werkwoord
asjtee kopen
aider werkwoord
eedee helpen aiderait
besoin zelfstandig naamwoord
buhzwèn behoefte
carte zelfstandig naamwoord
kart kaart
en espèces uitdrukking
an nespès contant
ici bijwoord
iesie hier
oublier werkwoord
oebliejee vergeten oublié
par carte uitdrukking
par kart met de kaart
payer werkwoord
peejee betalen
sac zelfstandig naamwoord
sak tas
sac de courses uitdrukking
sak duh koers boodschappentas
ticket zelfstandig naamwoord
tikè bonnetje

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik ben mijn boodschappentas vergeten.

Antwoord tonenJ'ai oublié mon sac de courses.

U kunt hier een tas kopen.

Antwoord tonenVous pouvez acheter un sac ici.

Een boodschappentas zou helpen.

Antwoord tonenUn sac de courses m'aiderait.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

betalen

Antwoord tonenpayer

helpen

Antwoord tonenaiderait

kopen

Antwoord tonenacheter

vergeten

Antwoord tonenoublié