Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Inschrijven voor een wandelevenement oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.
Dialoog
Combien faut-il payer pour participer à la marche?
kõmbjè̃ foo-tiel peejee poer partisipee aa laa marsj Hoeveel kost het om mee te doen aan het wandelevenement?C'est gratuit pour les habitants de la ville.
sè gratwie poer lee-zabietã de la viel Het is gratis voor inwoners van de stad.Nous voulons nous inscrire ensemble.
noe voelõ noe-zẽskrier ãsãbl We willen ons samen inschrijven.Veuillez écrire vos noms, adresses et numéros de téléphone sur ce formulaire.
vuh-jè-zee-krier vo nõ, adress ee nuumeroo duh telefoon suur suh formuulèèr Schrijf alstublieft jullie namen, adressen en telefoonnummers op dit formulier.Devons-nous aussi ajouter une adresse e-mail?
duh-võ noe ossie azjoetee uun adress ie-mèl Moeten we ook een e-mailadres toevoegen?Cette partie est facultative.
set paartie è fakültief Dat deel is optioneel.Qu'est-ce que vous allez envoyer si nous en ajoutons une?
kès-kuh voe-zalè ã-vwajee sie noe-zã azjoetõz uun Wat gaat u sturen als we er een toevoegen?Nous allons envoyer le programme du prochain événement.
noe-zalõ ã-vwajee luh prograam duu pro-sjè̃n ee-vuh-nuh-mã We sturen het programma voor het volgende evenement.Uitleg van de zinnen
Combien faut-il payer pour participer à la marche?
Hoeveel kost het om mee te doen aan het wandelevenement?
- Combien
- hoeveel
- faut-il
- moet men? / is het nodig?
- payer
- betalen
- participer
- deelnemen
- marche
- wandelevenement
Uitgebreide uitleg
Combien vraagt naar een hoeveelheid. In deze zin gaat het, door payer, om een bedrag: “hoeveel”. Het kan ook voor een hoeveelheid van iets anders worden gebruikt, bijvoorbeeld: Combien de personnes participent ? — “Hoeveel mensen doen mee?” faut-il is de vraagvorm van de onpersoonlijke constructie il faut: “is het nodig / moet men”. Het voornaamwoord il is hier geen concrete persoon; de constructie drukt noodzakelijkheid uit. In een vraag staat het werkwoord vóór il: Faut-il réserver ? — “Moet je reserveren?” De vorm faut hoort bij falloir; dit werkwoord wordt in deze betekenis alleen onpersoonlijk gebruikt. payer is de infinitief “betalen”. Na il faut volgt een infinitief wanneer de handeling in het algemeen of door een niet nader genoemde persoon moet gebeuren: Il faut payer. — “Men moet betalen.” De infinitief verandert niet met persoon of getal. participer betekent “deelnemen”. Met de activiteit wordt doorgaans participer à gebruikt: participer à la marche. De infinitief maakt hier duidelijk welke handeling nodig is. Voor een concrete persoon kan de vervoegde vorm bijvoorbeeld zijn: Je participe à la marche. — “Ik neem deel aan de wandeltocht.” marche is hier een zelfstandig naamwoord voor het wandelevenement, niet het werkwoord “loopt”. Het wordt voorafgegaan door la, dus het is in deze constructie vrouwelijk: la marche. Het voorzetsel à en het lidwoord vormen samen à la; dit drukt hier deelname aan het evenement uit. Samen vormt Combien faut-il payer de vraag “Hoeveel moet men betalen?” Daarna specificeert pour participer à la marche waarvoor die betaling nodig is: om aan het wandelevenement deel te nemen. De volledige betekenis is dus: “Hoeveel kost het om mee te doen aan het wandelevenement?” De formulering is een neutrale, natuurlijke manier om naar de deelnameprijs te vragen.
C'est gratuit pour les habitants de la ville.
Het is gratis voor inwoners van de stad.
- C'est
- het is
- gratuit
- gratis
- pour
- voor
- habitants
- inwoners
- ville
- stad
Uitgebreide uitleg
C'est is de samentrekking van ce en est, dus van een aanwijzend voornaamwoord en de tegenwoordige tijd van être (“zijn”). In deze constructie kan ce als een neutraal demonstratief onderwerp worden gebruikt; het bijvoeglijk naamwoord staat daarbij in de mannelijke enkelvoudsvorm. Het patroon C'est + bijvoeglijk naamwoord is breed herbruikbaar: C'est important. — “Het is belangrijk.” Hier verwijst het, zoals ook uit de vertaling en de voorafgaande vraag blijkt, naar de activiteit waarover men vraagt; de Franse zin benoemt die activiteit niet opnieuw. gratuit betekent hier dat er geen betaling nodig is. Dit is de mannelijke enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord. Bij een vrouwelijk enkelvoud is de vorm gratuite: L'entrée est gratuite. — “De toegang is gratis.” pour leidt hier de groep aan voor wie de voorwaarde geldt: “voor”. Het patroon gratuit pour + groep is herbruikbaar: C'est gratuit pour les enfants. — “Het is gratis voor kinderen.” habitants is het meervoud van het zelfstandig naamwoord habitant, “inwoner”. De uitgang -s markeert hier het meervoud; les is het bepaald lidwoord bij deze meervoudige groep. Een bruikbaar contrast is un habitant — “een inwoner” tegenover des habitants — “inwoners”. ville is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: “stad”. In la ville betekent het “de stad”. In de volledige groep staat het na de la: de is hier de voorzetselvorm en la het vrouwelijke enkelvoudige bepaalde lidwoord. Het patroon les habitants de la ville betekent “de inwoners van de stad”. Samen vormen C'est gratuit (“Het is gratis”) en pour les habitants de la ville (“voor de inwoners van de stad”) de volledige betekenis: “Het is gratis voor inwoners van de stad.” De zin zegt dat voor die groep geen betaling nodig is.
Nous voulons nous inscrire ensemble.
We willen ons samen inschrijven.
- Nous
- wij
- voulons
- willen
- nous inscrire
- ons inschrijven
- ensemble
- samen
Uitgebreide uitleg
Nous betekent hier “wij” en is het onderwerp: de spreker spreekt namens zichzelf en minstens één andere persoon. Als onderwerp staat het vóór de persoonsvorm. Het bijbehorende onderwerp in het enkelvoud is je (“ik”); nous zelf verandert niet naar geslacht. voulons is de tegenwoordige tijd van vouloir (“willen”) bij nous: nous voulons = “wij willen”. De uitgang en de vorm van het werkwoord drukken hier de combinatie eerste persoon meervoud + tegenwoordige tijd uit. Na vouloir volgt vaak een infinitief: Je veux partir. = “Ik wil vertrekken.” nous inscrire bestaat uit het wederkerende voornaamwoord nous en de infinitief inscrire in de wederkerende constructie s’inscrire (“zich inschrijven”). In deze vorm verwijst nous naar dezelfde groep als het onderwerp nous: “ons inschrijven”. Het infinitief blijft na voulons staan; daardoor betekent nous voulons nous inscrire letterlijk opgebouwd “wij willen ons inschrijven”. Voor een andere persoon verandert het wederkerende voornaamwoord, bijvoorbeeld Je veux m’inscrire. = “Ik wil me inschrijven.” ensemble betekent “samen” en voegt toe dat de betrokken personen gezamenlijk handelen. Het is een bijwoord en verandert niet mee voor persoon of aantal. Voorbeeld: Nous travaillons ensemble. = “Wij werken samen.” Samen vormen de delen Nous voulons + nous inscrire + ensemble de zin “Wij willen ons samen inschrijven.” De eerste nous is de groep die iets wil; de tweede nous maakt van inscrire de wederkerende betekenis “ons inschrijven”; ensemble zegt dat zij dit samen willen doen. De tegenwoordige tijd van voulons geeft hier de actuele wens of bedoeling weer.
Veuillez écrire vos noms, adresses et numéros de téléphone sur ce formulaire.
Schrijf alstublieft jullie namen, adressen en telefoonnummers op dit formulier.
- Veuillez
- gelieve; alstublieft
- écrire
- schrijven
- vos
- jullie
- noms
- namen
- adresses
- adressen
- numéros de téléphone
- telefoonnummers
- sur
- op
- ce
- dit
- formulaire
- formulier
Uitgebreide uitleg
Veuillez is hier een beleefde aansporing: “gelieve” of “alstublieft”. Het is de gebiedende vorm van vouloir voor vous, gebruikt vóór een infinitief om een formeel verzoek te formuleren. Een herbruikbaar patroon is Veuillez + infinitief, bijvoorbeeld: Veuillez attendre. — “Gelieve te wachten.” écrire betekent “schrijven”. Dit is de infinitief die na veuillez staat. De combinatie Veuillez écrire betekent dus “gelieve te schrijven”, niet alleen “gelieve”. vos is hier een bezittelijk woord bij een meervoudig zelfstandig naamwoord en betekent, in deze context, “jullie”. Het verwijst naar meerdere aangesproken personen; daarom past het bij noms, adresses en numéros. Bij één bezittelijk zelfstandig naamwoord staat votre, bijvoorbeeld votre nom — “jullie naam” wanneer meerdere personen worden aangesproken, of “uw naam” bij één formeel aangesproken persoon. Bij meervoudige bezittelijke zaken staat vos, bijvoorbeeld vos noms — “jullie namen”. noms is het meervoud van nom, “naam”. De uitgang -s markeert hier het meervoud. un nom betekent “een naam”; des noms betekent “namen”. adresses is het meervoud van adresse, “adres”. Ook hier geeft -s het meervoud aan: une adresse — “een adres”, des adresses — “adressen”. numéros de téléphone betekent “telefoonnummers”. numéro is “nummer” en téléphone specificeert welk soort nummer; samen vormen ze de woordgroep “telefoonnummer”. Het meervoud staat op numéros, niet op téléphone: un numéro de téléphone — “een telefoonnummer”, des numéros de téléphone — “telefoonnummers”. sur geeft hier de plaatsrelatie “op” aan. In combinatie met een formulier betekent sur un formulaire “op een formulier”. De betekenis komt uit de hele verbinding sur ce formulaire, niet uit sur als los woord. ce betekent hier “dit” en staat vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Het stemt af op formulaire. Voor een vrouwelijk enkelvoud gebruik je cette, bijvoorbeeld cette adresse — “dit adres”. Voor het meervoud gebruik je ces, bijvoorbeeld ces formulaires — “deze formulieren”. Het grammaticale geslacht hoort bij het Franse zelfstandig naamwoord, niet bij het natuurlijke geslacht van een persoon of zaak. formulaire betekent “formulier”. Het is hier mannelijk enkelvoud, wat de vorm ce formulaire verklaart. Een meervoudige versie is des formulaires — “formulieren”. Samen vormt Veuillez écrire vos noms, adresses et numéros de téléphone een beleefd verzoek om de namen, adressen en telefoonnummers van de aangesproken groep op te schrijven. sur ce formulaire bepaalt waar dat moet gebeuren: “op dit formulier”. De volledige betekenis is: “Schrijf alstublieft jullie namen, adressen en telefoonnummers op dit formulier.”
Devons-nous aussi ajouter une adresse e-mail?
Moeten we ook een e-mailadres toevoegen?
- Devons-nous
- moeten we
- aussi
- ook
- ajouter
- toevoegen
- une adresse e-mail
- een e-mailadres
Uitgebreide uitleg
Devons-nous betekent hier “moeten we?”. Het is de vorm van devoir (“moeten”) voor nous in de tegenwoordige tijd: nous devons. In een formele vraag staat het werkwoord vóór het onderwerp en worden ze met een koppelteken verbonden: Devons-nous ... ? Het gaat hier om de vraag of iets nodig of verplicht is. aussi betekent “ook”. Het voegt deze handeling toe aan iets dat al genoemd of overwogen is. Het verandert niet de vraag naar wie iets doet: Nous devons aussi ... betekent “We moeten ook ...”. ajouter betekent “toevoegen”. Dit is de infinitief. Na devoir blijft het volgende werkwoord in de infinitief: Nous devons ajouter ... = “We moeten ... toevoegen”. Bijvoorbeeld: Je dois ajouter une date. — “Ik moet een datum toevoegen.” une adresse e-mail betekent “een e-mailadres”. adresse is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat hier het vrouwelijke onbepaalde lidwoord une. Het enkelvoudige une past bij één niet nader bepaalde adresse; het is niet op zichzelf een expliciete telling in de betekenis van de hele vraag. Het meervoud is des adresses e-mail. Samen vormen de delen de vraag: Devons-nous + aussi + ajouter + une adresse e-mail → “Moeten we ook een e-mailadres toevoegen?” De vraag gebruikt een formele woordvolgorde met inversie; in alledaagse gesproken Franse taal komt ook Est-ce que nous devons aussi ajouter une adresse e-mail ? voor.
Cette partie est facultative.
Dat deel is optioneel.
- Cette
- dat
- partie
- deel
- est
- is
- facultative
- optioneel
Uitgebreide uitleg
Cette betekent hier “dat” en staat bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud. De vorm stemt af op het grammaticale geslacht en getal van partie; op zichzelf bepaalt cette niet of het deel dichtbij of ver weg is. Vergelijk: ce livre = “dit/dat boek” (mannelijk enkelvoud), cette partie = “dit/dat deel” (vrouwelijk enkelvoud). partie betekent hier “deel” of “onderdeel”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: une partie, la partie. Het meervoud is parties: ces parties = “deze/die delen”. est is de derde persoon enkelvoud van être (“zijn”) in de tegenwoordige tijd. De relevante vormreeks is: je suis, tu es, il/elle est, nous sommes, vous êtes, ils/elles sont. In deze zin verbindt est het onderwerp met een eigenschap. facultative betekent “optioneel” of “niet verplicht”. Dit is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord facultatif: un élément facultatif (mannelijk), une partie facultative (vrouwelijk). Het bijvoeglijk naamwoord past zich hier dus aan partie aan. Samen vormen de woorden: Cette partie = “dat deel”, est = “is”, en facultative = “optioneel”. De volledige betekenis is: “Dat deel is optioneel.”
Qu'est-ce que vous allez envoyer si nous en ajoutons une?
Wat gaat u sturen als we er een toevoegen?
- Qu'est-ce que
- wat ...?
- vous allez
- u gaat
- envoyer
- sturen
- si
- als
- nous
- wij
- en
- er
- ajoutons
- toevoegen
- une
- één
Uitgebreide uitleg
Qu'est-ce que is een vaste manier om naar het lijdend voorwerp te vragen: “wat ...?”. In deze zin vraagt het geheel wat er verstuurd zal worden. Het is niet hetzelfde als alleen que in elke mogelijke vraag; leer dit hier als een herbruikbaar vraagpatroon: Qu'est-ce que ... ? vous allez bestaat uit vous en de tegenwoordige tijd van aller. Samen met het daaropvolgende infinitief envoyer vormt dit de nabije toekomst: “u gaat ...” of “u zult ...”. Vous kan in het Frans naar één formeel aangesproken persoon of naar meerdere personen verwijzen; de vaste vertaling kiest hier voor “u”. envoyer is het infinitief “sturen”. Na aller blijft het werkwoord in de infinitief: vous allez envoyer = “u gaat sturen”. Een voorbeeld: Nous allons envoyer le programme. — “We gaan het programma sturen.” si betekent hier “als” en leidt de voorwaarde in. Na si staat in deze zin de tegenwoordige tijd, niet de Franse voorwaardelijke wijs: si nous ajoutons ... = “als we ... toevoegen”. nous betekent “wij” en is hier het onderwerp van ajoutons. Het onderwerp is dus anders dan vous in het eerste deel: eerst gaat het over “u”, daarna over “wij”. en is hier een Frans voornaamwoord dat naar een eerder of uit de context begrepen hoeveelheid of verzameling verwijst; in deze constructie wordt het natuurlijk weergegeven met “er”. Het betekent hier niet het Nederlandse voegwoord “en”. ajoutons is de vorm van ajouter (“toevoegen”) voor de eerste persoon meervoud in de tegenwoordige tijd: nous ajoutons = “wij voegen toe”. Dezelfde vorm kan in een andere context ook een bevel aan nous uitdrukken, maar na si werkt hij hier als een gewone voorwaardelijke bijzin: “als wij toevoegen”. une is hier een zelfstandig gebruikt vrouwelijk enkelvoudig onbepaald voornaamwoord: “één” of natuurlijker “er een”. Het verwijst naar een niet nader benoemd vrouwelijk element; de concrete referent wordt door deze zin en vertaling niet uniek vastgesteld. De vorm contrasteert met mannelijk un wanneer het bedoelde zelfstandig naamwoord mannelijk is. In en ajoutons une betekent de combinatie “er een toevoegen”. De delen worden van links naar rechts gecombineerd als volgt: Qu'est-ce que vraagt naar het object, vous allez envoyer geeft de nabije toekomstige handeling, en si nous en ajoutons une geeft de voorwaarde. Samen betekent de zin: “Wat gaat u sturen als we er een toevoegen?”
Nous allons envoyer le programme du prochain événement.
We sturen het programma voor het volgende evenement.
- Nous allons
- wij gaan …
- envoyer
- sturen
- programme
- programma
- prochain
- volgende
- événement
- evenement
Uitgebreide uitleg
Nous allons betekent hier dat de spreker met minstens één andere persoon iets zal doen: nous is het onderwerp “wij”, en allons is de vorm van aller bij nous. Samen met een infinitief vormt dit vaak de nabije toekomst: nous allons + infinitif = “wij gaan …”. Vergelijk in de vorige zin vous allez envoyer: allez hoort bij vous, terwijl allons bij nous hoort. Voorbeeld: Nous allons commencer. — “Wij gaan beginnen.” envoyer is de infinitief “sturen”. Na allons blijft het werkwoord in de infinitief; het is dus niet vervoegd als *envoyons*. De stam in andere vormen is niet volledig regelmatig gespeld: j'envoie = “ik stuur”, nous envoyons = “wij sturen”. Voorbeeld: Ils vont envoyer un message. — “Zij gaan een bericht sturen.” programme is een zelfstandig naamwoord voor een programma. In deze zin staat het na le: le programme, dus “het programma”. Het woord is mannelijk; dat zie je bijvoorbeeld aan le, niet aan de uitgang alleen. Voorbeeld: Le programme est court. — “Het programma is kort.” prochain betekent hier “volgende” en beschrijft événement. Het is een bijvoeglijk naamwoord in de mannelijke enkelvoudsvorm, passend bij het mannelijke enkelvoud van événement. De vrouwelijke enkelvoudsvorm is prochaine, bijvoorbeeld in la prochaine réunion — “de volgende vergadering”. Voorbeeld: le prochain train — “de volgende trein”. événement is een zelfstandig naamwoord voor “evenement”. Het is mannelijk en staat hier in het enkelvoud: le prochain événement. In du prochain événement is du de samentrekking van de en le; de hele groep betekent “van het volgende evenement” of, zoals in de vaste vertaling, “voor het volgende evenement”. Samen vormt Nous allons envoyer de constructie “wij gaan sturen”. Daarna is le programme het ding dat wordt gestuurd. du prochain événement specificeert welk programma: het programma voor het volgende evenement. De volledige betekenis is dus: “Wij sturen het programma voor het volgende evenement.”
Grammatica
Il faut + infinitif
Il faut payer.
iel foo peejeeJe moet betalen.
Il faut drukt een algemene noodzaak uit. Het volgende werkwoord staat in de infinitief.
vouloir + infinitif
Nous voulons nous inscrire ensemble.
noe voelõ noe-zẽskrier ãsãblWe willen ons samen inschrijven.
Na vouloir volgt een tweede werkwoord in de infinitief; bij een wederkerend werkwoord blijft nous behouden.
Frans woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
We willen ons samen inschrijven.
Antwoord tonen
Nous voulons nous inscrire ensemble.Moeten we ook een e-mailadres toevoegen?
Antwoord tonen
Devons-nous aussi ajouter une adresse e-mail?Dat deel is optioneel.
Antwoord tonen
Cette partie est facultative.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
inwoner
Antwoord tonen
habitantsstad
Antwoord tonen
villemoeten; nodig zijn
Antwoord tonen
fautwandeling