Naar een wandelevenement gaan | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: At an event registration desk, two adults ask what to bring and where to leave a bag before a walking event..

NL → FR / Niveau: A1

Over deze les

Met Naar een wandelevenement gaan oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

J’ai rempli le formulaire.

zjee ran-plie leu for-mu-lèr. Ik heb het formulier ingevuld.
B

Pouvons-nous participer à la prochaine marche ?

poe-von noe par-ti-sie-pé aa de pro-sjèn marsj? Kunnen we meedoen aan het volgende wandelevenement?
C

Oui, vous pouvez participer à la prochaine marche.

wie, voe poe-vé par-ti-sie-pé aa de pro-sjèn marsj. Ja, jullie kunnen meedoen aan het volgende wandelevenement.
A

Devons-nous apporter quelque chose ?

de-von noe a-por-té kel-keu sjooz? Moeten we iets meenemen?
C

Apportez une bouteille d’eau, s’il vous plaît.

a-por-té ün boe-tèj doo, sil voe plè. Neem alstublieft een waterfles mee.
C

Vous pouvez laisser un grand sac au comptoir.

voe poe-vé lè-sé un gran sak oo kon-twaar. Jullie kunnen een grote tas bij de balie achterlaten.
B

J’ai une petite bouteille d’eau avec moi.

zjee ün pe-tiet boe-tèj doo a-vek mwa. Ik heb een kleine waterfles bij me.
A

Je laisserai mon sac ici avant que nous commencions.

zjeu lè-seu-ré mon sak ie-sie a-van keu noe ko-man-sjon. Ik laat mijn tas hier achter voordat we beginnen.
B

J’ai hâte.

zjee aat. Ik kijk ernaar uit.

Woord voor woord

J’ai In "J’ai rempli le formulaire" betekent "J’ai" hier "ik heb" en helpt het te zeggen dat de handeling is uitgevoerd. Een bruikbaar patroon is "J’ai" + een voltooid werkwoord om te zeggen wat je hebt gedaan.
rempli In "J’ai rempli le formulaire" betekent "rempli" dat het formulier is ingevuld. Het is de vorm van remplir die hier na J’ai staat; gebruik "rempli le formulaire" wanneer je meldt dat een formulier klaar is.
le In "le formulaire" is "le" het bepaalde lidwoord bij het formulier: "het". Het staat vóór formulaire en verwijst hier naar een specifiek formulier, bijvoorbeeld aan een inschrijvingsbalie.
formulaire In "le formulaire" betekent "formulaire" "formulier". Het woord verwijst hier naar het formulier dat de spreker heeft ingevuld; gebruik het bij formulieren voor registratie of aanvraag.
Pouvons In "Pouvons-nous participer à la prochaine marche ?" betekent "Pouvons" "kunnen" voor nous. De omgekeerde volgorde "pouvons-nous" maakt hier een vraag; gebruik "Pouvons-nous + infinitief?" om te vragen of jullie iets kunnen doen.
nous In "Pouvons-nous" verwijst "nous" naar de groep die spreekt: "wij/we". Het staat hier na de werkwoordsvorm in de vraag en komt ook voor in "avant que nous commencions".
participer In "participer à la prochaine marche" betekent "participer" "deelnemen". Het werkwoord staat hier na pouvons en wordt gebruikt met à voor de activiteit of het evenement waaraan je deelneemt.
à In "participer à la prochaine marche" verbindt "à" participer met het evenement waaraan wordt deelgenomen. Een bruikbaar patroon is "participer à + activiteit of evenement".
la In "la prochaine marche" is "la" het bepaalde lidwoord bij marche: "de". Het staat vóór een specifiek genoemde wandeltocht; gebruik het vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je naar die bepaalde zaak verwijst.
prochaine In "la prochaine marche" betekent "prochaine" "volgende" en beschrijft het de marche. De vorm staat vóór het zelfstandig naamwoord in deze woordgroep; gebruik het patroon "la prochaine + zelfstandig naamwoord" voor iets dat daarna komt.
marche In "la prochaine marche" betekent "marche" hier "wandeltocht" of "wandelevenement". Het is het evenement waaraan men wil deelnemen; gebruik de woordgroep "participer à une marche" voor deelnemen aan een wandeling.
Oui "Oui" is hier een bevestigend antwoord: "ja". Je gebruikt het om een vraag positief te beantwoorden, zoals de vraag of de deelnemers aan de volgende marche kunnen deelnemen.
vous In "vous pouvez participer" betekent "vous" hier "jullie" en verwijst het naar de aangesproken deelnemers. Het staat als onderwerp vóór een vervoegde werkwoordsvorm; gebruik "vous + werkwoord" wanneer je meerdere personen aanspreekt.
pouvez In "vous pouvez participer" betekent "pouvez" "kunnen" en is het de vorm die bij vous hoort. Gebruik "vous pouvez + infinitief" om te zeggen wat de aangesprokene(n) kunnen doen.
Devons In "Devons-nous apporter quelque chose ?" betekent "Devons" "moeten" voor nous. De vraag gaat hier over wat de groep moet meebrengen; gebruik "Devons-nous + infinitief?" voor zo’n vraag.
apporter In "Devons-nous apporter quelque chose ?" betekent "apporter" iets meebrengen naar deze plek. Het staat na devons; een bruikbaar patroon is "apporter + voorwerp" wanneer je zegt wat iemand moet meebrengen.
quelque In "quelque chose" draagt "quelque" bij aan de betekenis "iets" of "een bepaald ding". Samen met "chose" vormt het de vaste uitdrukking voor "iets"; gebruik de hele combinatie in "apporter quelque chose".
chose In "quelque chose" betekent "chose" letterlijk "ding" en vormt het samen met "quelque" de uitdrukking "iets". Gebruik "quelque chose" als voorwerp na een werkwoord wanneer het ding niet nader wordt genoemd.
Apportez In "Apportez une bouteille d’eau, s’il vous plaît" geeft "Apportez" de instructie "breng mee" aan de aangesprokene(n). Het is de vorm van apporter die hier vooraan staat; gebruik "Apportez + voorwerp" bij een verzoek of instructie aan een deelnemer.
une In "une bouteille d’eau" betekent "une" "een" en staat het vóór bouteille. Het introduceert hier één niet nader bepaalde waterfles; gebruik "une + zelfstandig naamwoord" om één dergelijke zaak te noemen.
bouteille In "une bouteille d’eau" betekent "bouteille" "fles". Samen met "d’eau" verwijst het naar een waterfles; de combinatie is bruikbaar wanneer je zegt wat iemand moet meenemen.
d’eau In "bouteille d’eau" geeft "d’eau" aan dat het om water gaat; de hele woordgroep betekent "waterfles". De apostrof in "d’eau" is de verkorte schrijfwijze van de vóór eau; gebruik het patroon "voorwerp + d’eau" om water als inhoud te noemen.
s’il vous plaît De hele uitdrukking "s’il vous plaît" betekent "alstublieft" en maakt het verzoek beleefd. In deze vaste uitdrukking draagt "s’il" het voorwaardelijke deel bij, verwijst "vous" naar de aangesprokene en draagt "plaît" het idee "bevalt" of "pleziert" bij; gebruik de volledige uitdrukking bij een verzoek.
laisser In "Vous pouvez laisser un grand sac au comptoir" betekent "laisser" een tas ergens achterlaten. Het staat na pouvez; gebruik "laisser + voorwerp + plaats" wanneer je zegt waar je iets achterlaat.
un In "un grand sac" betekent "un" "een" en introduceert het één niet nader bepaalde tas. Het staat vóór grand sac; gebruik "un + zelfstandig naamwoord" om één zaak te noemen.
grand In "un grand sac" betekent "grand" "groot" en beschrijft het de tas. Het staat vóór sac; gebruik het patroon "un grand + zelfstandig naamwoord" voor een groot object.
sac In "un grand sac" betekent "sac" "tas". In deze situatie is het de tas die bij het comptoir kan worden achtergelaten; gebruik "laisser un sac au comptoir" voor dezelfde handeling.
au In "au comptoir" betekent "au" "bij de" of "aan de" en geeft het de plaats aan waar de tas wordt achtergelaten. "Au" is hier de vaste samentrekking van à + le; gebruik "au + plaats" om zo’n locatie aan te geven.
comptoir In "au comptoir" betekent "comptoir" "balie". Hier is het de balie van het evenement waar een grote tas kan worden achtergelaten; gebruik "au comptoir" om aan te geven dat iets bij die balie gebeurt.
petite In "une petite bouteille d’eau" betekent "petite" "klein" en beschrijft het de bouteille. Deze vorm staat vóór bouteille; gebruik "une petite + zelfstandig naamwoord" voor een klein object.
avec In "avec moi" betekent "avec" "met" en het geeft aan dat de fles samen met de spreker is. Gebruik "avec + persoon of zaak" om aan te geven dat iets samen met iemand of iets is.
moi In "avec moi" betekent "moi" "mij" en staat het na avec. De hele combinatie geeft aan dat de waterfles bij de spreker is; gebruik "avec moi" wanneer je zegt dat iets bij jou is.
Je In "Je laisserai mon sac ici" betekent "Je" "ik" en is het het onderwerp van de zin. Het staat vóór de vervoegde werkwoordsvorm; gebruik "Je + werkwoord" om over jezelf te spreken.
laisserai In "Je laisserai mon sac ici" betekent "laisserai" "zal achterlaten". Het is de toekomende vorm van laisser bij Je; gebruik "Je laisserai + voorwerp + plaats" om te zeggen wat je later ergens zult achterlaten.
mon In "mon sac" betekent "mon" "mijn" en geeft het aan dat de tas van de spreker is. Het staat vóór sac; gebruik "mon + zelfstandig naamwoord" om bezit door de spreker aan te geven.
ici In "Je laisserai mon sac ici" betekent "ici" "hier" en wijst het de plaats van het achterlaten aan. Gebruik "ici" wanneer de bedoelde plek de plaats van het gesprek of de handeling is.
avant In "avant que nous commencions" betekent "avant" "voordat" en plaatst het het achterlaten vóór het begin. Hier hoort het bij de hele verbinding "avant que"; gebruik "avant que + zin" om twee gebeurtenissen in die volgorde te verbinden.
que In "avant que nous commencions" helpt "que" de bijzin in te leiden die zegt wat later gebeurt: nous commencions. De hele verbinding "avant que + zin" betekent "voordat ..."; gebruik que hier dus samen met avant, niet los.
commencions In "avant que nous commencions" betekent "commencions" "beginnen" en verwijst het naar nous. Het is de werkwoordsvorm in de bijzin na "avant que"; gebruik de hele combinatie om te zeggen dat iets gebeurt voordat jullie beginnen.
hâte In "J’ai hâte" drukt "hâte" sterke verwachting uit; de hele uitdrukking betekent "ik kijk ernaar uit". Gebruik de vaste combinatie "J’ai hâte" in een positieve reactie wanneer je zegt dat je iets graag ziet of doet.

Grammatica

avant que + subjonctif

avant que nous commencions

a-van keu noe ko-man-sjon

voordat we beginnen

Na avant que staat de subjonctif. commencions is hier de subjonctif van commencer.

futur simple: laisserai

je laisserai

zjeu lè-sé-ré

ik zal achterlaten

laisserai is de futur simple van laisser in de ik-vorm: de stam laisser- plus -ai.

Frans woordenschat

apporter werkwoord
a-por-té meenemen

Devons-nous apporter quelque chose ?

apportez werkwoord
a-por-té neem mee

Apportez une bouteille d’eau, s’il vous plaît.

bouteille zelfstandig naamwoord
boe-tèj fles

Apportez une bouteille d’eau, s’il vous plaît.

eau zelfstandig naamwoord
oo water

Apportez une bouteille d’eau, s’il vous plaît.

formulaire zelfstandig naamwoord
for-mu-lèr formulier

J’ai rempli le formulaire.

laisser werkwoord
lè-sé achterlaten

Vous pouvez laisser un grand sac au comptoir.

marche zelfstandig naamwoord
marsj wandeltocht

Pouvons-nous participer à la prochaine marche ?

participer werkwoord
par-ti-sie-pé deelnemen

Pouvons-nous participer à la prochaine marche ?

prochaine bijvoeglijk naamwoord
pro-sjèn volgende

Pouvons-nous participer à la prochaine marche ?

quelque chose voornaamwoord
kel-keu sjooz iets

Devons-nous apporter quelque chose ?

rempli werkwoord
ran-plie ingevuld

J’ai rempli le formulaire.

s’il vous plaît uitdrukking
sil voe plè alstublieft

Apportez une bouteille d’eau, s’il vous plaît.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik heb het formulier ingevuld.

Antwoord tonenJ’ai rempli le formulaire.

Moeten we iets meenemen?

Antwoord tonenDevons-nous apporter quelque chose ?

Ik kijk ernaar uit.

Antwoord tonenJ’ai hâte.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

wandeltocht

Antwoord tonenmarche

formulier

Antwoord tonenformulaire

fles

Antwoord tonenbouteille

meenemen

Antwoord tonenapporter