Een rustige afspraak in een café | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: At a cafe, two friends plan to meet in a quiet place, bring a book, and read for a while..

NL → FR / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een rustige afspraak in een café oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Tu veux qu’on se retrouve dans un café ?

tuu vuh kong seuh reutroev dahnz eun kafee? Wil je in een café afspreken?
B

Ça a l’air reposant.

saa aa lehr ruh-po-zong. Dat klinkt ontspannend.
A

Quel café tu aimes ?

kel kafee tuu em? Welk café vind je leuk?
B

J’aime le café calme près du parc.

zjem leuh kafee kalm preh duu park. Ik vind het rustige café bij het park leuk.
A

On se retrouve là-bas et on profite du calme.

ong seuh reutroev laa-baa ee ong pro-feet duu kalm. Laten we daar afspreken en van de rust genieten.
B

Je peux apporter un livre.

zjeuh peuh a-por-tee eun lievr. Ik kan een boek meenemen.
A

On peut y lire un moment.

ong peuh ie lie(r) eun mo-mong. We kunnen daar een tijdje lezen.
B

Ce serait une bonne pause.

seuh suh-reh uun bon pooz. Dat zou een fijne pauze zijn.

Uitleg van de zinnen

  1. Tu veux qu’on se retrouve dans un café ?

    Wil je in een café afspreken?

    Tu
    je
    veux
    wilt
    qu’on
    dat we
    se retrouve
    afspreken
    dans
    in
    un café
    een café
    Uitgebreide uitleg

    Tu betekent hier “je/jij” als aangesproken persoon: het is de informele enkelvoudige vorm van het Franse persoonlijk voornaamwoord. De formele of meervoudige tegenhanger is vous. veux is de vorm van vouloir (“willen”) voor tu in de tegenwoordige tijd: je veux, tu veux, il/elle veut. In deze vraag drukt tu veux een voorstel of vraag naar bereidheid uit. Bijvoorbeeld: Tu veux venir ? — “Wil je komen?” qu’on bestaat uit que (“dat”) en on. Voor een klinker wordt que verkort tot qu’. Hier betekent on volgens de vertaling “we”, dus qu’on betekent “dat we”. In andere contexten kan on ook een onbepaald “men” betekenen; die lezing past hier niet bij de vaste vertaling. se retrouve komt van se retrouver, hier “elkaar ontmoeten/afspreken”. Na vouloir que staat in het Frans de subjonctif: se retrouve is hier de tegenwoordige subjonctif bij on. De vorm retrouve ziet er bij dit werkwoord hetzelfde uit als sommige tegenwoordige indicatiefvormen, maar de constructie vouloir que bepaalt hier de grammaticale keuze. Het wederkerende se hoort bij se retrouver en geeft aan dat de betrokken personen elkaar ontmoeten. dans betekent “in” en geeft hier de plaats aan. Het is een voorzetsel; bijvoorbeeld dans un parc betekent “in een park”. un café betekent “een café”. un is het enkelvoudige onbepaalde lidwoord bij het mannelijke zelfstandig naamwoord café; het drukt hier niet op zichzelf een geteld aantal uit. Bijvoorbeeld: dans un restaurant — “in een restaurant”. Samen vormen de delen Tu veux que + on se retrouve de vraag of de gesprekspartner wil dat jullie afspreken. dans un café voegt de plaats toe. De volledige betekenis is dus: “Wil je in een café afspreken?” De vraag is informeel door tu; de vraagvorm wordt hier door de intonatie en het vraagteken aangegeven.

  2. Ça a l’air reposant.

    Dat klinkt ontspannend.

    Ça a l’air
    Het lijkt…
    reposant
    ontspannend; rustgevend
    Uitgebreide uitleg

    Ça a l’air is een vaste, veelgebruikte Franse constructie met de betekenis “het lijkt…” of, afhankelijk van de context, “dat klinkt…”. Ça is een informele vorm van cela en verwijst hier naar wat in de uiting wordt beoordeeld; a is de derde persoon enkelvoud van avoir. In het patroon ça a l’air + bijvoeglijk naamwoord volgt een beschrijving van de indruk die iets maakt. Voorbeeld: Ça a l’air intéressant. — “Dat lijkt interessant.” reposant betekent hier “ontspannend” of “rustgevend”: iets geeft rust. Het is een bijvoeglijk naamwoord, gevormd bij het werkwoord reposer (“rust geven”/“doen rusten”). De vorm in de zin is mannelijk enkelvoud; bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord wordt doorgaans reposante gebruikt. Voorbeeld: Une promenade reposante. — “Een ontspannende wandeling.” Samen vormt Ça a l’air reposant de beoordeling “Dat lijkt ontspannend” — in de vaste vertaling weergegeven als “Dat klinkt ontspannend.” De zin beschrijft dus de indruk die iets maakt, zonder verder te specificeren welk aspect precies ontspannend zou zijn.

  3. Quel café tu aimes ?

    Welk café vind je leuk?

    Quel
    welk(e)
    café
    café
    aimes
    vindt leuk
    Uitgebreide uitleg

    Quel staat hier vóór café en vraagt welk exemplaar bedoeld wordt: “welk(e)”. Het past zich in het Frans aan het zelfstandig naamwoord aan. café is mannelijk enkelvoud, daarom is de vorm quel. Vergelijk: quelle bij een vrouwelijk enkelvoudig woord, quels bij mannelijk meervoud en quelles bij vrouwelijk meervoud. café betekent hier “café”, dus een gelegenheid. Het woord kan in andere contexten ook naar de drank verwijzen; de vertaling en de context ondersteunen hier de betekenis van de gelegenheid. Een bruikbaar voorbeeld is: Quel café préfères-tu ? — “Welk café heeft je voorkeur?” aimes komt van aimer, “leuk vinden” of “houden van”. Dit is de tegenwoordige tijd bij tu: tu aimes. De uitgang -es hoort dus bij de tweede persoon enkelvoud. Andere basisvormen zijn bijvoorbeeld j’aime — “ik vind leuk” en ils aiment — “zij vinden leuk”. In deze zin drukt aimes samen met tu uit dat de aangesprokene iets leuk vindt; het betekent hier niet zelfstandig “je houdt van” zonder genoemd object. Samen vormen Quel café en tu aimes een informele Franse vraag. De woordvolgorde is Quel + zelfstandig naamwoord + tu + werkwoord: het gevraagde café staat vooraan, gevolgd door het onderwerp en het werkwoord. De volledige betekenis is: “Welk café vind je leuk?”

  4. J’aime le café calme près du parc.

    Ik vind het rustige café bij het park leuk.

    J’aime
    ik vind leuk
    café
    café
    calme
    rustig
    près du
    bij, dichtbij
    parc
    park
    Uitgebreide uitleg

    J’aime betekent hier dat de spreker het café prettig vindt. Het is de vorm van aimer (leuk vinden, houden van) in de tegenwoordige tijd voor je (ik): j’aime. Voor een klinker wordt je verkort tot j’; de apostrof hoort dus bij deze Franse vorm. Voorbeeld: J’aime le thé. — Ik vind thee lekker. café is hier een zelfstandig naamwoord en betekent “café”. Het Franse woord is mannelijk; daarom staat ervoor le in le café. In deze zin verwijst het niet alleen naar de drank, maar naar de bedoelde horecazaak, zoals ook uit de Nederlandse vertaling blijkt. calme beschrijft hier café: het café is rustig. Het bijvoeglijk naamwoord staat na het zelfstandig naamwoord en heeft hier de vorm calme voor mannelijk enkelvoud. Dezelfde vorm kan ook bij vrouwelijk enkelvoud voorkomen; het woord zelf verandert hier dus niet zichtbaar. Voorbeeld: une rue calme — een rustige straat. près du geeft een plaatsrelatie aan: dichtbij of bij. De vaste combinatie is près de (“dicht bij”); vóór het mannelijke enkelvoudige lidwoord le wordt de le samengevoegd tot du: près du parc. Voorbeeld: Le magasin est près du métro. — De winkel is bij de metro. parc betekent “park”. Het is hier het zelfstandig naamwoord na du: du parc betekent “bij het park” of letterlijk “dicht bij het park”. Samen opgebouwd: J’aime + le café calme + près du parc betekent: “Ik vind het rustige café bij het park leuk.” le café calme is het café dat rustig is, en près du parc specificeert waar dat café zich bevindt.

  5. On se retrouve là-bas et on profite du calme.

    Laten we daar afspreken en van de rust genieten.

    On
    we
    se retrouve
    spreekt af; komt samen
    là-bas
    daar
    profite
    geniet
    calme
    rust
    Uitgebreide uitleg

    On is hier het onderwerp met de betekenis we; in hedendaags Frans gebruikt men on vaak voor een informele of neutrale wij. Het werkwoord staat toch in de derde persoon enkelvoud: on se retrouve, niet in een aparte meervoudsvorm. se retrouve komt van se retrouver. In deze zin is dat de vaste, wederzijdse manier om te zeggen dat de betrokkenen afspreken of samenkomen. retrouve staat in de tegenwoordige tijd bij on, en se hoort bij de pronominale werkwoordsvorm. Een bruikbaar contrast is Je retrouve Paul = Ik vind Paul terug, tegenover On se retrouve = We spreken af. là-bas betekent daar, op een plaats die als niet-hier wordt aangewezen. Het is een plaatsbepaling en zegt op zichzelf niet welke concrete plaats bedoeld is. et verbindt de twee handelingen: en. profite komt van profiter en betekent hier geniet van. De constructie is profiter de + iets: Je profite du soleil = Ik geniet van de zon. Profite is de tegenwoordige tijd bij on. du calme betekent van de rust. Du is de samentrekking van de + le; het drukt hier geen afzonderlijke hoeveelheid uit. Calme is in deze zin een zelfstandig naamwoord, mannelijk enkelvoud, met de betekenis rust. Het kan ook een bijvoeglijk naamwoord zijn, zoals in un café calme = een rustig café; daar beschrijft het een zelfstandig naamwoord, terwijl het hier zelf benoemt waarvan men geniet. Samen vormt de zin On se retrouve là-bas = Laten we daar afspreken, gevolgd door et on profite du calme = en laten we van de rust genieten. De twee delen hebben hetzelfde onderwerp on en staan in de tegenwoordige tijd. De volledige bedoeling is: Laten we daar afspreken en van de rust genieten.

  6. Je peux apporter un livre.

    Ik kan een boek meenemen.

    Je peux
    ik kan
    apporter
    meenemen
    livre
    boek
    Uitgebreide uitleg

    Je peux betekent hier “ik kan”. peux is de vorm van pouvoir (“kunnen”) bij je; hier drukt die mogelijkheid of vermogen uit. Het patroon is je peux + infinitief: “ik kan …”. Voorbeeld: Je peux aider. — “Ik kan helpen.” apporter betekent hier “meenemen” of “brengen”. Het is een infinitief en staat na peux; na pouvoir blijft het volgende werkwoord in de infinitief. Voorbeeld: Je peux apporter de l’eau. — “Ik kan water meenemen.” livre betekent “boek”. Het is een zelfstandig naamwoord. In combinatie met un verwijst un livre naar een niet nader bepaald boek; un is hier een onbepaald lidwoord en moet niet automatisch als een numerieke telling worden opgevat. Voorbeeld: Je lis un livre. — “Ik lees een boek.” Samen vormen de delen Je peux apporter un livre. de betekenis “Ik kan een boek meenemen.” De spreker geeft aan dat die persoon de mogelijkheid heeft om een boek mee te nemen.

  7. On peut y lire un moment.

    We kunnen daar een tijdje lezen.

    On peut
    we kunnen
    y
    daar
    lire
    lezen
    moment
    moment; tijdje
    Uitgebreide uitleg

    On peut betekent hier “we kunnen”. on is een Frans persoonlijk voornaamwoord dat in deze zin volgens de vaste vertaling naar “we” verwijst. Het werkwoord peut is de tegenwoordige tijd van pouvoir (“kunnen”): je peux, il/elle/on peut, nous pouvons. In de bronzin staat dus niet nous pouvons, maar de vorm met on. y verwijst hier naar “daar”, zoals de vaste vertaling aangeeft. Dit korte voornaamwoord staat vóór het werkwoord: On peut y lire = “We kunnen daar lezen”. Het kan in andere zinnen naar een eerder genoemde plaats of situatie verwijzen; het hoeft niet altijd letterlijk een fysieke plaats te zijn. lire betekent “lezen”. Dit is de infinitief, die na pouvoir gebruikt wordt: peut lire = “kan lezen” of “kunnen lezen”. Het werkwoord na pouvoir blijft in de infinitief, bijvoorbeeld On peut écrire = “We kunnen schrijven”. moment betekent hier “een tijdje”. Het zelfstandige naamwoord heeft in andere contexten ook de betekenis “moment”. In un moment geeft het geheel een korte tijdsduur aan: Attends un moment. = “Wacht even.” Het onbepaalde lidwoord un hoort bij het mannelijke zelfstandige naamwoord moment; het drukt hier niet op zichzelf een exact aantal uit. Samen vormen de delen On peut y lire un moment de betekenis: “We kunnen daar een tijdje lezen.” De volgorde is: de spreker(s) als onderwerp, de mogelijkheid (peut), de plaatsaanduiding (y), de handeling (lire) en ten slotte de duur (un moment).

  8. Ce serait une bonne pause.

    Dat zou een fijne pauze zijn.

    Ce
    dit/dat
    serait
    zou zijn
    bonne
    goed; fijn
    pause
    pauze
    Uitgebreide uitleg

    Ce betekent hier “dat” en verwijst in deze zin niet naar een specifiek benoemd zelfstandig naamwoord. In de vaste combinatie ce serait is het een onpersoonlijk onderwerp: de zin beoordeelt een mogelijke situatie. serait is de condition présent van être (“zijn”): de vorm betekent hier “zou zijn”. De derde persoon enkelvoud is hetzelfde voor een mannelijk en een vrouwelijk onderwerp wanneer être met ce wordt gebruikt. Vergelijk: Ce serait utile. — “Dat zou nuttig zijn.” bonne betekent hier “fijne” of “goede” en is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord bon. Het past zich aan pause aan; de vorm bon gebruik je bijvoorbeeld bij een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: C’est une bonne idée. — “Dat is een goed idee.” pause is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord voor een onderbreking of rusttijd. Het meervoud is pauses. Voorbeeld: J’ai besoin d’une pause. — “Ik heb een pauze nodig.” Samen vormen Ce serait (“Dat zou zijn”) en une bonne pause (“een fijne pauze”) de volledige betekenis: “Dat zou een fijne pauze zijn.” Une markeert hier een onbepaald zelfstandig naamwoord; de zin legt niet zelfstandig een exact aantal pauzes vast.

Grammatica

avoir l’air + adjectif

Ça a l’air reposant.

saa aa lehr ruh-po-zong.

Dat ziet er ontspannend uit.

Na avoir l’air volgt een bijvoeglijk naamwoord. De uitdrukking betekent dat iets een bepaalde indruk geeft.

profiter de + nom

On profite du calme.

ong pro-feet duu kalm.

We genieten van de rust.

profiter de betekent ‘genieten van’. de + le wordt du: profiter du calme.

Frans woordenschat

aimer werkwoord
eh-mee leuk vinden, houden van aimes

Quel café tu aimes ?

avoir l’air uitdrukking
a-vwaar lehr eruitzien, lijken a l’air

Ça a l’air reposant.

ça voornaamwoord
saa dat

Ça a l’air reposant.

café zelfstandig naamwoord
kafee café

dans un café

calme bijvoeglijk naamwoord
kalm rustig

le café calme

dans voorzetsel
dahng in

dans un café

parc zelfstandig naamwoord
park park

près du parc

près de voorzetsel
preh deuh vlak bij

près du parc

quel bepaler
kel welk

Quel café tu aimes ?

reposant bijvoeglijk naamwoord
ruh-po-zong ontspannend, rustgevend

Ça a l’air reposant.

se retrouver werkwoord
seuh reutroev-ee afspreken se retrouve

Tu veux qu’on se retrouve dans un café ?

vouloir werkwoord
voe-lwaar willen veux

Tu veux qu’on se retrouve dans un café ?

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Dat klinkt ontspannend.

Antwoord tonenÇa a l’air reposant.

Welk café vind je leuk?

Antwoord tonenQuel café tu aimes ?

Ik kan een boek meenemen.

Antwoord tonenJe peux apporter un livre.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

willen

Antwoord tonenveux

in

Antwoord tonendans

welk

Antwoord tonenquel

ontspannend, rustgevend

Antwoord tonenreposant