Samen wandelen plannen | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: Before a walk, two friends choose where to meet, agree to send a message, and decide to bring water..

NL → FR / Niveau: A1

Over deze les

Met Samen wandelen plannen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Allons nous promener ensemble.

Alõ noe proomnee ansãbl. Laten we samen gaan wandelen.
B

Une petite promenade, ça a l'air bien.

Uun pə-tiet proomenaad, saa aa leer bjẽ. Een korte wandeling klinkt leuk.
A

Où est-ce qu'on se retrouve ?

Oe es-ke kõ se reetroef? Waar spreken we af?
B

L'entrée du parc, ça me va.

Lãtree duu park, saa me vaa. Voor mij is de ingang van het park prima.
A

Je t'envoie un message avant de partir.

Zje tãvwaa un mesaazj avã de partiir. Ik stuur je een bericht voordat ik vertrek.
B

Ça m'aide à être là à l'heure.

Saa med aa etr laa aa leur. Dat helpt me om daar op tijd te zijn.
A

Est-ce que je dois apporter de l'eau ?

Es-ke zje dwaa apoortee de loo? Moet ik water meenemen?
B

Prends-en assez pour toi.

Prã-zã asee poer twaa. Neem genoeg mee voor jezelf.

Woord voor woord

Allons Allons betekent hier 'laten we ...' en stelt een gezamenlijke activiteit voor. Het is de wij-vorm van de gebiedende wijs van aller en staat in Allons nous promener vóór de infinitief. Een bruikbaar patroon is Allons + infinitief wanneer je samen iets wilt voorstellen.
nous Nous verwijst hier naar de mensen die zelf gaan wandelen en werkt samen met promener in Allons nous promener. Het is dus het wederkerende voornaamwoord in de combinatie 'onszelf gaan wandelen', niet een apart genoemd voorwerp. Je gebruikt nous op deze manier wanneer de groep zelf de activiteit uitvoert.
promener Promener betekent hier wandelen in de combinatie nous promener. Met het wederkerende voornaamwoord nous vormt het de uitdrukking voor zelf gaan wandelen. Het staat na Allons in een voorstel om samen iets te doen.
ensemble Ensemble betekent hier samen en maakt duidelijk dat de wandeling met de andere persoon gebeurt. Het staat achter de werkwoordgroep in Allons nous promener ensemble. Je kunt ensemble vaak achter een activiteit zetten om gezamenlijkheid aan te geven.
Une Une betekent hier 'een' en introduceert één promenade. Deze vorm staat vóór promenade in Une petite promenade, omdat promenade een vrouwelijk woord is. Een bruikbaar patroon is une + zelfstandig naamwoord.
petite Petite betekent hier kort of klein en beschrijft de promenade als niet lang. Het is de vrouwelijke vorm van petit en staat vóór promenade in Une petite promenade. Je kunt petite vóór een vrouwelijk zelfstandig naamwoord gebruiken om een kleine of korte zaak te beschrijven.
promenade Promenade betekent hier een wandeling. In Une petite promenade verwijst het naar de geplande korte wandeling. Je kunt het gebruiken als zelfstandig naamwoord na une, bijvoorbeeld in een gesprek over een activiteit die je wilt maken.
ça Ça verwijst hier naar iets dat al besproken is en betekent 'dat' of 'het'. In ça a l'air bien verwijst het naar het voorstel voor de wandeling; in Ça me va verwijst het naar de gekozen ingang. De patronen ça a l'air bien en Ça me va zijn bruikbaar om een voorstel te beoordelen of ermee in te stemmen.
a A is hier een vorm van avoir en verbindt ça met l'air in ça a l'air bien. De combinatie ça a l'air bien betekent dat iets er goed uitziet of prettig klinkt; a betekent daar niet op zichzelf 'lijken'. Een bruikbaar patroon is ça a l'air + bijvoeglijk naamwoord.
l'air L'air betekent in ça a l'air bien de indruk of aanblik. Samen met a vormt het de uitdrukking ça a l'air bien, waarmee je zegt dat iets goed of prettig lijkt; het gaat hier niet om fysieke lucht. Een bruikbaar patroon is avoir l'air + bijvoeglijk naamwoord.
bien Bien betekent hier goed of prettig in ça a l'air bien. Het beoordeelt het voorstel voor een korte wandeling positief. Je kunt bien in het patroon avoir l'air bien gebruiken om te zeggen dat iets goed lijkt.
Où betekent hier waar en vraagt naar de plaats van de afspraak. Het staat aan het begin van Où est-ce qu'on se retrouve ?. Een bruikbaar patroon is Où + werkwoord om naar een locatie te vragen.
est-ce que Est-ce que is hier een vaste vraaginleiding. De combinatie bestaat uit est-ce en que: samen maken ze van de volgende zin een vraag, zonder dat je de delen afzonderlijk als 'is het dat' vertaalt. Een bruikbaar patroon is est-ce que + gewone zinsvolgorde, zoals in Où est-ce qu'on se retrouve ?.
qu'on Qu'on is een samentrekking van que en on. In Où est-ce qu'on se retrouve ? hoort que bij de vraaginleiding en is on het onderwerp dat elkaar ontmoet; on betekent hier 'we'. Je kunt het patroon est-ce qu'on + werkwoord gebruiken om te vragen wat we doen of waar we elkaar ontmoeten.
se Se is hier het wederkerende voornaamwoord in se retrouve. Samen met retrouve geeft het aan dat de betrokken personen elkaar ontmoeten, zoals in Où est-ce qu'on se retrouve ?. Je gebruikt se op deze manier bij een werkwoord wanneer de handeling op de betrokken personen zelf of onderling gericht is.
retrouve Retrouve betekent hier elkaar ontmoeten in de combinatie se retrouve. Het is de vorm van retrouver die bij on hoort in Où est-ce qu'on se retrouve ?. Een bruikbaar patroon is on se retrouve + plaats of tijd wanneer je een afspraak maakt.
L'entrée L'entrée betekent hier de ingang. In L'entrée du parc benoemt het de plek waar de twee personen kunnen afspreken; l' is de verkorte vorm van het bepaalde lidwoord vóór een klinker. Een bruikbaar patroon is l'entrée du/de + plaats.
du Du betekent hier van het in du parc. Het is de samentrekking van de en le en verbindt l'entrée met parc in L'entrée du parc. Een bruikbaar patroon is een zelfstandig naamwoord + du + zelfstandig naamwoord om een relatie met een mannelijk woord aan te geven.
parc Parc betekent hier park. In L'entrée du parc specificeert het welk terrein bij de ingang hoort en vormt het de afgesproken ontmoetingsplek. Je kunt parc gebruiken wanneer je een park als plaats of bestemming noemt.
me Me verwijst in Ça me va naar de persoon voor wie iets geschikt of akkoord is: voor mij. De volledige uitdrukking Ça me va betekent dat iets voor mij goed is of mij uitkomt. Je kunt Ça me va gebruiken om met een voorstel in te stemmen.
va Va is een vorm van aller en betekent in Ça me va dat iets werkt, past of goed is voor iemand. De volledige uitdrukking Ça me va gebruik je om te zeggen dat je akkoord bent met een plaats, tijd of voorstel. Een bruikbaar patroon is Ça me va voor een praktische afspraak.
Je Je betekent hier ik en is het onderwerp van Je t'envoie un message. Het staat vóór het werkwoord om aan te geven wie het bericht zal sturen. Een bruikbaar patroon is Je + werkwoord om over je eigen handeling te spreken.
t'envoie T'envoie betekent hier stuur je en bestaat uit t' als verkorte vorm van te plus envoie, een vorm van envoyer. In Je t'envoie un message zegt de spreker dat hij of zij een bericht naar de andere persoon stuurt. Een bruikbaar patroon is Je t'envoie + voorwerp, bijvoorbeeld een bericht of een foto.
un Un betekent hier een en introduceert één message in un message. Deze vorm staat vóór het mannelijke zelfstandig naamwoord message. Een bruikbaar patroon is un + mannelijk zelfstandig naamwoord.
message Message betekent hier bericht. In Je t'envoie un message gaat het om een bericht dat vóór het vertrek wordt gestuurd. Je kunt message gebruiken voor een korte schriftelijke mededeling die je iemand stuurt.
avant Avant betekent hier voordat en geeft aan dat het bericht vóór het vertrek wordt gestuurd. In avant de partir staat het vóór de constructie met een infinitief. Een bruikbaar patroon is avant de + infinitief.
de De staat hier in avant de partir en verbindt avant met de infinitief partir. In deze constructie helpt de om 'voordat je vertrekt' uit te drukken, in plaats van zelfstandig 'naar' te betekenen. Een bruikbaar patroon is avant de + infinitief.
partir Partir betekent hier vertrekken of weggaan. Het staat als infinitief na de in avant de partir, dus het bericht wordt vóór het vertrek gestuurd. Je kunt partir na avant de gebruiken om een handeling aan te geven die nog moet gebeuren.
m'aide M'aide betekent hier helpt me en bestaat uit m' als verkorte vorm van me plus aide, een vorm van aider. In Ça m'aide à être là à l'heure gaat het om iets dat het voor de spreker gemakkelijker maakt om op tijd aanwezig te zijn. Een bruikbaar patroon is Ça m'aide à + infinitief.
à À introduceert hier de handeling die door de hulp mogelijk of gemakkelijker wordt gemaakt: à être là. In Ça m'aide à être là à l'heure hoort à bij de constructie met aider. Een bruikbaar patroon is aider iemand à + infinitief.
être Être betekent hier zijn of zich bevinden. In à être là verwijst het naar aanwezig zijn op de afgesproken plaats. Het staat als infinitief na à in de constructie m'aide à être.
Là betekent hier daar en verwijst naar de plaats waar de afspraak plaatsvindt. In être là betekent het aanwezig zijn op die plek. Een bruikbaar patroon is être là wanneer je zegt dat iemand op een bepaalde plaats aanwezig is.
l'heure L'heure betekent hier de tijd of het juiste moment. Samen met à vormt het de vaste uitdrukking à l'heure, die op tijd betekent; het gaat dus niet alleen om een los uur. Je kunt à l'heure gebruiken om punctualiteit bij een afspraak te beschrijven.
dois Dois is een vorm van devoir en betekent hier moet of zou moeten in Est-ce que je dois apporter de l'eau ?. De spreker vraagt of het nodig of gewenst is om water mee te brengen. Een bruikbaar patroon is je dois + infinitief voor een verplichting of noodzakelijke handeling.
apporter Apporter betekent hier meebrengen of meenemen naar de afgesproken plaats. Het staat als infinitief na dois in Est-ce que je dois apporter de l'eau ?. Een bruikbaar patroon is apporter + voorwerp wanneer je zegt wat iemand moet meebrengen.
d'eau In de uitdrukking de l'eau verwijst dit woorddeel naar water. De apostrof in l'eau is een verkorte vorm vóór eau; samen staat de l'eau na apporter om aan te geven wat iemand moet meebrengen. Een bruikbaar patroon is apporter de l'eau wanneer je water wilt meenemen.
Prends-en Prends-en betekent hier neem er genoeg van mee. Prends is de gebiedende wijs van prendre en en verwijst naar het eerder genoemde water, zodat het voorwerp niet opnieuw wordt herhaald. Je kunt Prends-en gebruiken wanneer je iemand aanspoort om een bepaalde hoeveelheid van iets mee te nemen.
assez Assez betekent hier genoeg en geeft aan dat de hoeveelheid water voldoende moet zijn. In Prends-en assez pour toi bepaalt het de hoeveelheid die voor de ander nodig is. Een bruikbaar patroon is assez pour + persoon om een voldoende hoeveelheid voor iemand aan te geven.
pour Pour betekent hier voor en markeert voor wie de hoeveelheid bedoeld is. In assez pour toi maakt het duidelijk dat het water voor de aangesprokene bestemd is. Een bruikbaar patroon is pour + persoon om een begunstigde of bestemming aan te geven.
toi Toi betekent hier jou of jezelf en staat na pour in pour toi. Na een voorzetsel gebruikt het Frans deze beklemtoonde vorm om de persoon aan te wijzen voor wie iets bedoeld is. Je kunt pour toi gebruiken wanneer je nadruk legt op de persoon die iets krijgt of gebruikt.

Grammatica

avant de + infinitif

Avant de partir, envoie un message.

Avã de partiir, ãvwa un mesaazj.

Voordat je vertrekt, stuur een bericht.

Na avant de komt een infinitief: avant de partir betekent ‘voordat je vertrekt’.

avoir l'air + adjectif

La promenade a l'air petite.

La proomenaad aa leer pə-tiet.

De wandeling lijkt kort.

Na avoir l'air volgt een bijvoeglijk naamwoord. Petite past zich aan promenade aan.

Frans woordenschat

aller werkwoord
alee gaan; goed zijn voor va

L'entrée du parc, ça me va.

avoir l'air uitdrukking
avwaar leer lijken; eruitzien a l'air

Une petite promenade, ça a l'air bien.

bien bijwoord
bjẽ goed; leuk

Une petite promenade, ça a l'air bien.

ensemble bijwoord
ãsãbl samen

Allons nous promener ensemble.

entrée zelfstandig naamwoord
ãtree ingang L'entrée

L'entrée du parc, ça me va.

envoyer werkwoord
ãvwaajee sturen envoie

Je t'envoie un message avant de partir.

bijwoord
oe waar

Où est-ce qu'on se retrouve ?

parc zelfstandig naamwoord
par park

L'entrée du parc, ça me va.

petit bijvoeglijk naamwoord
pə-tie klein; kort petite

Une petite promenade, ça a l'air bien.

promenade zelfstandig naamwoord
proomenaad wandeling

Une petite promenade, ça a l'air bien.

se promener werkwoord
se proomnee wandelen nous promener

Allons nous promener ensemble.

se retrouver werkwoord
se reetroeve elkaar ontmoeten; afspreken on se retrouve

Où est-ce qu'on se retrouve ?

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Laten we samen gaan wandelen.

Antwoord tonenAllons nous promener ensemble.

Waar spreken we af?

Antwoord tonenOù est-ce qu'on se retrouve ?

Voor mij is de ingang van het park prima.

Antwoord tonenL'entrée du parc, ça me va.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

wandeling

Antwoord tonenpromenade

samen

Antwoord tonenensemble

klein; kort

Antwoord tonenpetite

goed; leuk

Antwoord tonenbien