Een studieruimte vinden | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: In a library, one person asks whether a study room is available for quiet reading..

NL → FR / Niveau: A1

Over deze les

Met Een studieruimte vinden oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Y a-t-il une salle d'étude disponible ?

ie aa tiel uun sal dee-tüüd dis-poniebl? Is er een studieruimte beschikbaar?
B

Il y en a une de libre maintenant.

iel ie an-na uun duh liebr men-tuh-nan. Er is er nu één vrij.
A

Est-ce que je peux y lire ?

ès-kuh zjuh peu ie lier? Kan ik daar lezen?
B

Vous pouvez l'utiliser pour lire et fermer la porte.

voe poe-vee lüü-tie-lie-zee poer lier ee fer-mee la port. U kunt de ruimte gebruiken om te lezen en de deur dichtdoen.
A

Est-ce que ça restera calme ?

ès-kuh sa res-tuh-raa kalm? Blijft het stil?
B

Les murs bloquent la plupart du bruit.

lee muur blok la plüü-par düü brwie. De muren houden het meeste lawaai tegen.
A

Cette salle me convient.

set sal muh kon-vjèn. Deze ruimte is goed voor mij.
B

Laissez-la propre pour les autres, s'il vous plaît.

lè-see-la propr poer lee-zotr, siel voe plè. Laat de ruimte schoon achter voor andere mensen.

Woord voor woord

Y In “Y a-t-il une salle d'étude disponible ?” betekent “Y” hier “daar” en maakt het deel uit van de vaste vraag naar het bestaan of de beschikbaarheid van iets. Gebruik “Y a-t-il...” om te vragen of iets ergens aanwezig of beschikbaar is.
a-t-il “a-t-il” is de omgekeerde vraagvorm in “Y a-t-il une salle d'étude disponible ?” en vormt samen met “Y” de vraag “is er?”. De werkwoordsvorm staat vóór “il”, zoals in deze formele vraag naar aanwezigheid of beschikbaarheid.
une In “Y a-t-il une salle d'étude disponible ?” is “une” het onbepaalde lidwoord bij “salle”. In “Il y en a une de libre maintenant” staat “une” zelfstandig voor één beschikbare zaal en verwijst de vorm naar het vrouwelijke woord “salle”.
salle “salle” betekent hier “zaal” of “ruimte”, meer bepaald een studieruimte in “une salle d'étude”. Gebruik “salle” samen met een bepaling om een soort ruimte aan te duiden.
d'étude “d'étude” betekent hier “voor studie” of “van studie” en specificeert het soort zaal in “une salle d'étude”. De vorm “d'” is de verkorte vorm van “de” vóór de klinker in “étude”.
disponible “disponible” betekent hier “beschikbaar” en beschrijft de zaal in “une salle d'étude disponible”. Je gebruikt het na een zelfstandig naamwoord om aan te geven dat iets beschikbaar is.
Il In “Il y en a une de libre maintenant” begint “Il” de Franse uitdrukking om aan te geven dat er iets is; het verwijst hier niet naar een persoon. Gebruik “Il y en a...” om mee te delen dat er een bepaalde hoeveelheid van iets aanwezig of beschikbaar is.
en In “Il y en a une de libre maintenant” verwijst “en” naar de zalen waarover gesproken wordt en draagt het de betekenis “ervan” of “er”. Samen met “une” maakt het duidelijk dat er één van die zalen beschikbaar is; gebruik “en” zo bij een hoeveelheid van iets dat al genoemd of begrepen is.
a In “Il y en a une de libre maintenant” is “a” de werkwoordsvorm van “avoir” binnen de uitdrukking die aangeeft dat er één zaal is. Het hoort bij de vaste combinatie “Il y en a...” en krijgt zijn betekenis niet los van die hele uitdrukking.
de In “Il y en a une de libre maintenant” verbindt “de” het woord “une” met “libre” in de uitdrukking “une de libre”. Zo wordt één exemplaar als beschikbaar aangeduid; “de libre” is een bruikbaar patroon na een hoeveelheid of aanwijzing naar een plaats of voorwerp.
libre “libre” betekent hier “vrij” of “beschikbaar” in “une de libre”. Het beschrijft dat één van de zalen op dit moment niet bezet is; gebruik het in deze context om een vrije plaats of ruimte aan te duiden.
maintenant “maintenant” betekent “nu” en geeft in “Il y en a une de libre maintenant” aan dat de beschikbaarheid op dit moment geldt. Je kunt het gebruiken om een mededeling of vraag aan het huidige moment te koppelen.
Est-ce que “Est-ce que” markeert in “Est-ce que je peux y lire ?” een ja-neevraag. “Est-ce” opent de vraag en “que” verbindt die vraagvorm met de daaropvolgende zin; gebruik de hele uitdrukking vóór een gewone vraagzin.
je “je” betekent “ik” en is in “Est-ce que je peux y lire ?” het onderwerp van de vraag. Gebruik “je” vóór een werkwoord om jezelf als handelende persoon aan te geven, zoals in “je peux”.
peux “peux” betekent hier “kan” of “mag” in “je peux y lire”. Dit is de vorm van “pouvoir” die bij “je” hoort en gevolgd wordt door een infinitief; gebruik het patroon “je peux” om naar je mogelijkheid of toestemming voor een handeling te vragen.
lire “lire” betekent “lezen” in “je peux y lire”. Het staat na “peux” en benoemt de handeling die mogelijk of toegestaan is; gebruik na “pouvoir” een infinitief voor de handeling die iemand kan uitvoeren.
Vous “Vous” betekent hier “u” en is het onderwerp in “Vous pouvez l'utiliser pour lire et fermer la porte”. De vorm spreekt de andere persoon rechtstreeks aan en past bij een beleefde of formele aanspreekvorm.
pouvez “pouvez” betekent “kunt” in “Vous pouvez l'utiliser”. Het is de vorm van “pouvoir” die bij “vous” hoort; gebruik het patroon “Vous pouvez + infinitief” om iemand een mogelijkheid of toestemming te geven.
l'utiliser “l'utiliser” betekent “het gebruiken” in “Vous pouvez l'utiliser pour lire”. “l'” verwijst naar de zaal en “utiliser” benoemt de handeling; samen vormt dit de constructie “iets gebruiken om te lezen”.
pour “pour” betekent hier “om te” in “pour lire” en geeft het doel van het gebruik van de zaal aan. Gebruik “pour + infinitief” om uit te leggen waarvoor iemand iets doet.
et “et” betekent “en” en verbindt in “lire et fermer la porte” twee handelingen. Gebruik “et” om gelijkwaardige handelingen of onderdelen met elkaar te verbinden.
fermer “fermer” betekent “sluiten” in “fermer la porte”. Het staat als infinitief naast “lire” en benoemt de tweede handeling; gebruik het met een object zoals “la porte” wanneer je zegt wat gesloten wordt.
la “la” is in “la porte” het bepaalde lidwoord voor het vrouwelijke enkelvoud en betekent hier “de”. Het staat vóór “porte” om naar de deur als een bepaalde, herkenbare zaak te verwijzen.
porte “porte” betekent “deur” in “fermer la porte”. Gebruik het na een passend lidwoord, zoals in de vaste combinatie “fermer la porte” voor “de deur sluiten”.
ça “ça” betekent hier “het” of “dat” in “Est-ce que ça restera calme ?” en verwijst naar de zaal of de situatie die al besproken wordt. Gebruik “ça” als onderwerp wanneer iets uit de context al duidelijk is.
restera “restera” betekent “zal blijven” in “ça restera calme” en geeft aan dat de rust in de toekomst behouden blijft. Dit is de toekomstige vorm van “rester”; gebruik haar met een bijvoeglijk naamwoord wanneer je zegt hoe iets zal blijven.
calme “calme” betekent “rustig” in “ça restera calme” en beschrijft de verwachte toestand van de ruimte of situatie. Gebruik “rester + calme” om te vragen of te zeggen dat iets rustig blijft.
Les “Les” en “les” zijn dezelfde bepaalde bepaler voor het meervoud: in “Les murs” betekent de vorm “de” vóór “murs”, en in “les autres” hoort hij bij “autres”. Gebruik “les” vóór een meervoudige groep die als bepaald of herkenbaar wordt voorgesteld.
murs “murs” betekent “muren” in “Les murs bloquent la plupart du bruit”. Het is de meervoudsvorm van “mur” en vormt samen met “Les” het onderwerp van de zin; gebruik het voor de muren van een ruimte of gebouw.
bloquent “bloquent” betekent hier “blokkeren” of “tegenhouden” in “Les murs bloquent la plupart du bruit”. Het is de vorm van “bloquer” bij het meervoudige onderwerp “Les murs”; gebruik “bloquer + object” om te zeggen wat wordt tegengehouden.
la plupart “la plupart” betekent “het grootste deel” of “de meeste” in “la plupart du bruit”. “la” is het lidwoord en “plupart” duidt het grootste deel aan; gebruik de hele uitdrukking vóór “de” om naar het merendeel van iets te verwijzen.
du “du” betekent hier “van het” in “la plupart du bruit”. Het is de samengevoegde vorm van “de” en “le” en verbindt “la plupart” met “bruit”; gebruik “la plupart du...” vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
bruit “bruit” betekent “lawaai” of “geluid” in “la plupart du bruit”. Het is datgene wat de muren tegenhouden; gebruik het in een uitdrukking zoals “bloquer le bruit” wanneer geluid wordt gedempt of tegengehouden.
Cette “Cette” betekent “deze” in “Cette salle me convient” en staat vóór het vrouwelijke enkelvoud “salle”. Gebruik “cette + zelfstandig naamwoord” om naar één bepaalde vrouwelijke zaak in de buurt of in de situatie te verwijzen.
me “me” betekent “mij” in “Cette salle me convient” en geeft aan voor wie de zaal geschikt is. In het patroon “... me convient” staat de persoon die iets passend of geschikt vindt vóór “convient”.
convient “convient” betekent hier “past bij” of “is geschikt voor” in “Cette salle me convient”. Het is een vorm van “convenir” met “Cette salle” als datgene wat geschikt is; gebruik het patroon “... me convient” om te zeggen dat iets voor jou werkt.
Laissez-la “Laissez-la” betekent hier “laat het achter” in “Laissez-la propre, s'il vous plaît”. “Laissez” is een verzoek om iets achter te laten en “-la” verwijst naar de vrouwelijke zaal; samen gebruik je het om te vragen dat de zaal in een bepaalde toestand wordt achtergelaten.
propre “propre” betekent “schoon” in “Laissez-la propre”. Het beschrijft de toestand waarin de zaal moet worden achtergelaten; gebruik het patroon “laisser quelque chose propre” om te vragen dat iets schoon blijft.
autres “autres” betekent hier “anderen” of “andere mensen” in “pour les autres”. Samen met “les” verwijst het naar de mensen die de ruimte later ook zullen gebruiken; gebruik “les autres” om naar andere personen dan de gesprekspartner of de eerder genoemde personen te verwijzen.
s'il vous plaît “s'il vous plaît” maakt het verzoek in “Laissez-la propre, s'il vous plaît” beleefd en betekent “alstublieft”. “s'il” opent de voorwaardelijke uitdrukking, “vous” verwijst naar de aangesprokene en “plaît” is een vorm van “plaire”; samen is dit een vaste uitdrukking die je na een verzoek gebruikt.

Grammatica

pouvoir + infinitif

Je peux y lire maintenant.

zjuh peu ie lier men-tuh-nan.

Ik kan daar nu lezen.

Na peux volgt het hele werkwoord lire. Het voornaamwoord y staat vóór het vervoegde werkwoord.

y als plaatsvervangend voornaamwoord

Je peux y utiliser la salle d'étude.

zjuh peu ie lüü-tie-lie-zee la sal dee-tüüd.

Ik kan de studieruimte daar gebruiken.

Y verwijst naar een eerder genoemde plaats en staat vóór het werkwoord.

Frans woordenschat

calme bijvoeglijk naamwoord
kalm stil, rustig
disponible bijvoeglijk naamwoord
dis-poniebl beschikbaar
fermer werkwoord
fèr-mee sluiten
libre bijvoeglijk naamwoord
liebr vrij
lire werkwoord
lier lezen
maintenant bijwoord
men-tuh-nan nu
porte zelfstandig naamwoord
port deur
pouvoir werkwoord
poe-vwaar kunnen peux
rester werkwoord
res-tee blijven restera
salle d'étude zelfstandig naamwoord
sal dee-tüüd studieruimte
utiliser werkwoord
lüü-tie-lie-zee gebruiken
y voornaamwoord
ie daar, erin

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Blijft het stil?

Antwoord tonenEst-ce que ça restera calme ?

Deze ruimte is goed voor mij.

Antwoord tonenCette salle me convient.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

sluiten

Antwoord tonenfermer

gebruiken

Antwoord tonenutiliser

vrij

Antwoord tonenlibre

nu

Antwoord tonenmaintenant