Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Voorbereiden op regen buiten oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.
Dialoog
Il pleut dehors.
Iel pluh duh-ohr. Het regent buiten.Mets tes bottes avant de partir.
Mè tè bot a-vahn duh par-tiegh. Doe je laarzen aan voordat je weggaat.Il y a des flaques sur le chemin.
Iel ie a dè flak suur luh shuh-mèhn. Er liggen plassen op het pad.Passe lentement autour des flaques.
Pas lahn-tuh-mahn oo-toegh dee flak. Loop er langzaam omheen.Mon sac pourrait être mouillé.
Mohn sak poe-rè è-truh moe-jé. Mijn tas kan nat worden.Garde-le sous ton manteau.
Gard-luh soe tohn mahn-too. Houd hem onder je jas.Je devrais aussi prendre un parapluie.
Zjeh duh-vrè oo-see prahn-dr uhn pa-ra-pluu-jie. Ik zou ook een paraplu moeten meenemen.Ça t'aidera à rester au sec.
Sa tè-dra ah rèsté oo sek. Dat zal je helpen droog te blijven.Uitleg van de zinnen
Il pleut dehors.
Het regent buiten.
- Il pleut
- het regent
- dehors
- buiten
Uitgebreide uitleg
Il pleut betekent hier “het regent”. pleut is de tegenwoordige tijd van pleuvoir (“regenen”), in de derde persoon enkelvoud: il pleut. In deze weeruitdrukking is il een onpersoonlijk onderwerp; het verwijst niet naar een bepaalde persoon. Vergelijk: Il neige. — “Het sneeuwt.” dehors betekent “buiten” en is een bijwoord. Het geeft aan waar de regen wordt gesitueerd. Voor plaats contrasteert het bijvoorbeeld met dedans (“binnen”): Il fait froid dehors. — “Het is buiten koud.” Samen vormen de delen de eenvoudige mededeling Il pleut dehors.: “Het regent buiten.”
Mets tes bottes avant de partir.
Doe je laarzen aan voordat je weggaat.
- Mets
- trek aan
- tes
- je
- bottes
- laarzen
- avant de
- voordat …
- partir
- vertrekken
Uitgebreide uitleg
Mets betekent hier “trek aan” en is de gebiedende wijs van mettre (“aandoen”, ook “zetten/leggen” afhankelijk van de context). Deze bevelsvorm hoort bij tu, dus bij één aangesproken persoon; het onderwerp wordt in de gebiedende wijs weggelaten. De vorm is hier gelijk aan de tegenwoordige tijd bij tu: tu mets betekent bijvoorbeeld “jij doet aan” of “jij zet”. Voorbeeld: Mets ton manteau. — “Trek je jas aan.” tes is een Frans bezittelijk woord voor iets dat bij één aangesproken persoon hoort, vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord. De vorm tes wordt gebruikt bij een meervoudig bezit, ongeacht het grammaticale geslacht daarvan. Vergelijk ton bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord: ton manteau — “je jas”. bottes betekent hier “laarzen”. Het is het meervoud van botte, “laars”; het meervoud is hier in de spelling zichtbaar door de uitgang -s. Samen met tes vormt het de woordgroep “je laarzen”. avant de betekent “voordat …” wanneer er daarna een infinitief komt. Het is een herbruikbaar patroon: avant de + infinitief. Voorbeeld: Lave tes mains avant de manger. — “Was je handen voordat je eet.” partir is de infinitief “vertrekken” of “weggaan”. Na avant de blijft het werkwoord in de infinitief: avant de partir betekent “voordat je weggaat”. In een gewone persoonsvorm verandert het bijvoorbeeld in je pars — “ik vertrek”; dat is een andere vorm dan partir. Samen betekent Mets tes bottes “Doe je laarzen aan” en avant de partir “voordat je weggaat”. De hele zin is dus een bevel aan één aangesproken persoon om de laarzen aan te doen vóór het vertrek: “Doe je laarzen aan voordat je weggaat.”
Il y a des flaques sur le chemin.
Er liggen plassen op het pad.
- Il y a
- er is / er zijn
- flaques
- plassen
- sur
- op
- chemin
- pad
Uitgebreide uitleg
Il y a is een vaste Franse constructie om het bestaan of de aanwezigheid van iets aan te geven: “er is” bij één zaak en “er zijn” bij meerdere zaken. In deze zin verwijst y niet zelfstandig naar een bepaald eerder genoemd voorwerp; de hele constructie betekent hier dat er plassen aanwezig zijn. Voorbeeld: Il y a un livre sur la table. — Er ligt een boek op de tafel. flaques betekent hier “plassen”: ondiepe hoeveelheden water op de grond. Het is het meervoud van flaque; des flaques betekent “plassen”, zonder een bepaalde hoeveelheid te specificeren. Voorbeeld: Il y a une flaque devant la porte. — Er ligt een plas voor de deur. Het enkelvoudige une flaque en het meervoudige des flaques laten zien welk aantal wordt bedoeld. sur betekent “op” en drukt hier de plaats uit waar iets zich bevindt. Het wordt gebruikt om een positie op een oppervlak of gebied aan te geven. Voorbeeld: Le sac est sur la chaise. — De tas ligt op de stoel. le chemin betekent “het pad”. chemin is het zelfstandig naamwoord voor een pad of weggetje; le markeert hier een bepaald mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Le chemin est long. — Het pad is lang. Samen vormen de delen: Il y a + des flaques geeft aan dat er plassen zijn, en sur le chemin bepaalt hun plaats. De volledige betekenis is daarom: “Er liggen plassen op het pad.”
Passe lentement autour des flaques.
Loop er langzaam omheen.
- Passe
- loop
- lentement
- langzaam
- autour des
- om de … heen
- flaques
- plassen
Uitgebreide uitleg
Passe betekent hier “loop” en is de gebiedende wijs van passer (“gaan/lopen; passeren”). De vorm richt zich op één aangesproken persoon: Passe ! = “Loop!”. In een andere context kan passer ook “passeren” betekenen; hier past “lopen” bij de vaste vertaling. lentement is een bijwoord en betekent “langzaam”. Het beschrijft hoe de handeling gebeurt. Het bijvoeglijk naamwoord is lent (mannelijk) of lente (vrouwelijk); lentement is daarvan de bijwoordelijke vorm. Bijvoorbeeld: Marche lentement. = “Loop langzaam.” autour des betekent “om de … heen”. Dit is de combinatie autour de + les: vóór les wordt de de vorm des. De uitdrukking geeft een route rondom iets aan. Bijvoorbeeld: Passe autour de l’arbre. = “Loop om de boom heen.” flaques betekent hier “plassen”. Het enkelvoud is flaque, het meervoud flaques; het meervoud wordt in de spelling met -s gevormd, terwijl die uitgang doorgaans niet afzonderlijk wordt uitgesproken. des flaques betekent “plassen” in deze context. Samen vormen de delen een instructie: Passe + lentement zegt dat iemand langzaam moet lopen, en autour des flaques specificeert dat de route om de plassen heen gaat. De volledige betekenis is daarom: “Loop langzaam om de plassen heen.”
Mon sac pourrait être mouillé.
Mijn tas kan nat worden.
- sac
- tas
- pourrait
- zou kunnen
- être
- zijn
- mouillé
- nat
Uitgebreide uitleg
sac betekent hier “tas”. Het is een mannelijk, enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Daarom staat ervoor mon (“mijn”): die vorm past bij het grammaticale geslacht en getal van sac; mon zegt niet dat er één tas als telhoeveelheid wordt benadrukt. pourrait is de vorm van pouvoir (“kunnen”) voor de derde persoon enkelvoud in de conditionnel présent. In deze zin drukt het een mogelijkheid uit, niet zekerheid: “zou kunnen”. Een bruikbaar patroon is pourrait + infinitief, bijvoorbeeld: Il pourrait venir. — “Hij zou kunnen komen.” être is de infinitief van “zijn”. Na pourrait blijft het werkwoord in de infinitief: pourrait être — “zou kunnen zijn”. mouillé betekent hier “nat”. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat in het mannelijk enkelvoud staat en overeenkomt met sac. De vrouwelijke vorm is mouillée, bijvoorbeeld in une veste mouillée — “een natte jas”. Samen vormen Mon sac en pourrait être mouillé de betekenis: “Mijn tas kan nat worden.” In het Frans staat de mogelijkheid in pourrait, gevolgd door être en de toestand mouillé; de vaste Nederlandse vertaling geeft dit natuurlijk weer als “kan nat worden”.
Garde-le sous ton manteau.
Houd hem onder je jas.
- Garde-le
- Houd hem
- sous
- onder
- ton
- je
- manteau
- jas
Uitgebreide uitleg
Garde-le betekent hier “houd hem”. Garde is de gebiedende wijs van garder (“houden/bewaren”), gericht aan één persoon met tu. In een bevestigende gebiedende zin staat het objectpronomen achter het werkwoord en wordt het met een koppelteken verbonden: garde-le. Le verwijst hier, volgens de vaste vertaling, naar “hem”. Vergelijk in een gewone mededelende zin de positie: Tu le gardes = “Je houdt hem”. sous betekent “onder” en geeft de plaats aan. Het is een voorzetsel: sous la table = “onder de tafel”. ton betekent hier “je/jouw”, niet “ik”. Het is het bezittelijk woord bij manteau. De vorm ton staat bij een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord; bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord staat doorgaans ta, en bij meervoud tes. Bijvoorbeeld: ton livre = “je boek”, ta veste = “je jas/jasje”, tes livres = “je boeken”. manteau betekent “jas” of “mantel”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: un manteau = “een jas”, le manteau = “de jas”. Samen vormen de delen de gebiedende zin Garde-le sous ton manteau.: “Houd hem onder je jas.” De plaatsbepaling sous ton manteau zegt waar hij gehouden moet worden; garde-le geeft de opdracht.
Je devrais aussi prendre un parapluie.
Ik zou ook een paraplu moeten meenemen.
- Je devrais
- ik zou moeten
- aussi
- ook
- prendre
- nemen
- parapluie
- paraplu
Uitgebreide uitleg
Je devrais betekent hier: “ik zou moeten”. devrais is de conditionnel présent van devoir bij de eerste persoon enkelvoud: je dois = “ik moet”, je devrais = “ik zou moeten”. Deze vorm drukt hier een voorzichtige aanbeveling of passende keuze uit, niet een vaststaand feit. Voorbeeld: Tu devrais partir. — “Je zou moeten vertrekken.” aussi betekent “ook”. Het voegt deze handeling toe aan iets anders dat al geldt. In deze zin staat het na Je devrais en vóór het hoofdwerkwoord. Voorbeeld: Je prends aussi de l'eau. — “Ik neem ook water mee.” prendre betekent hier “nemen” en staat in de infinitief. Na devoir blijft het volgende werkwoord in de infinitief: Je devrais prendre ... — “Ik zou ... moeten nemen.” De infinitief is niet vervoegd naar je; de persoon en de conditionele betekenis zitten in devrais. prendre kan in andere contexten ook “meenemen” betekenen, zoals in de vaste vertaling hier. un parapluie betekent “een paraplu”. parapluie is een mannelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat ervoor het mannelijke onbepaalde lidwoord un. Het zelfstandig naamwoord zelf geeft hier geen expliciete hoeveelheid als telhandeling weer; un maakt de woordgroep onbepaald. Voorbeeld: J'ai un parapluie. — “Ik heb een paraplu.” Samen vormt de zin Je devrais aussi prendre un parapluie.: “Ik zou ook een paraplu moeten meenemen.” De voorzichtige aanbeveling Je devrais neemt het werkwoord prendre in de infinitief, aussi voegt deze keuze toe, en un parapluie is wat meegenomen zou moeten worden.
Ça t'aidera à rester au sec.
Dat zal je helpen droog te blijven.
- Ça
- dat
- t'aidera
- zal je helpen
- rester
- blijven
- au sec
- droog
Uitgebreide uitleg
Ça is een aanwijzend voornaamwoord en betekent hier “dat”: het verwijst naar iets dat in de situatie al bekend is, zonder dat de zin zelf precies benoemt wat dat is. In andere contexten kan ça ook “dit” betekenen. t'aidera bestaat uit t' en aidera. t' is de verkorte vorm van te, het voornaamwoord voor “jou” als degene die geholpen wordt. aidera is de futur simple van aider (“helpen”): j'aiderai, tu aideras, il/elle aidera. Hier staat aidera bij ça, dus de vorm is derde persoon enkelvoud: “zal helpen”. Voor een herbruikbaar patroon staat na aider vaak à plus een infinitief: Ça t'aidera à comprendre. — “Dat zal je helpen het te begrijpen.” rester is de infinitief van “blijven”. Na aider ... à blijft het volgende werkwoord in de infinitief: aider à rester betekent “helpen om te blijven”. De infinitief drukt hier niet zelf de tijd uit; de toekomstige tijd zit in aidera. au sec is een vaste uitdrukking voor “droog”, vooral in de betekenis “niet nat worden” of “droog blijven”. au is de samentrekking van à en le; in deze uitdrukking hoort het geheel au sec bij elkaar. sec is hier een bijvoeglijk element in de uitdrukking, niet een zelfstandig naamwoord. Samen vormen de delen: Ça (“dat”) + t'aidera à rester (“zal je helpen om te blijven”) + au sec (“droog”). De volledige betekenis is: “Dat zal je helpen droog te blijven.” In de voorafgaande context wordt een paraplu genoemd, maar de Franse zin benoemt niet opnieuw waar Ça precies naar verwijst.
Grammatica
avant de + infinitif
Avant de partir, mets tes bottes.
A-vahn duh par-tiegh, mè tè bot.Voordat je vertrekt, trek je laarzen aan.
Na « avant de » volgt een infinitief. Gebruik dit om aan te geven wat eerst gebeurt.
conditionnel présent : pourrait / devrait
Le sac pourrait être mouillé.
Luh sak poe-rè è-truh moe-jé.De tas zou nat kunnen worden.
« Pourrait » drukt een mogelijkheid uit; « devrait » drukt een advies of verwachting uit.
Frans woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Het regent buiten.
Antwoord tonen
Il pleut dehors.Doe je laarzen aan voordat je weggaat.
Antwoord tonen
Mets tes bottes avant de partir.Loop er langzaam omheen.
Antwoord tonen
Passe lentement autour des flaques.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
regenen
Antwoord tonen
pleutpad
Antwoord tonen
cheminlaarzen
Antwoord tonen
botteslopen of gaan