Praten over keelpijn | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: At home, one adult has a sore throat while another makes warm tea and suggests resting the voice..

NL → FR / Niveau: A1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Praten over keelpijn oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

J'ai un peu mal à la gorge.

zjee uhn puh mal aa la gorzj. Mijn keel doet een beetje pijn.
B

Essaie de boire quelque chose de chaud.

èssee duh bwaar kelk sjoz duh sjoo. Probeer iets warms te drinken.
A

Tu peux me faire du thé ?

tuu puh muh feer duu tee? Kun je wat thee voor me maken?
B

Je vais faire du thé maintenant.

zjuh vè feer duu tee men-tenan. Ik maak nu wat thee.
A

Ma voix est bizarre aujourd'hui.

ma vwaa è bie-zarr oo-zjoer-dwie. Mijn stem klinkt vandaag vreemd.
B

Essaie de moins parler pour le moment.

èssee duh mwen par-lee poer luh mo-man. Probeer voorlopig minder te praten.
A

Je vais me reposer après avoir bu le thé.

zjuh vè muh ruh-poo-zee aa-preh a-vwaar buu luh tee. Ik ga rusten nadat ik de thee heb gedronken.
B

Ça devrait aider ta gorge.

sa duh-vreh eh-deh ta gorzj. Dat zou je keel moeten helpen.

Uitleg van de zinnen

  1. J'ai un peu mal à la gorge.

    Mijn keel doet een beetje pijn.

    J'ai
    ik heb
    un peu
    een beetje
    mal
    pijn
    à
    aan/in
    gorge
    keel
    Uitgebreide uitleg

    J'ai is de vorm van avoir in de eerste persoon enkelvoud van de tegenwoordige tijd: j'ai = “ik heb”. De apostrof markeert de verplichte samentrekking van je voor een klinkerklank. Samen met mal vormt dit de veelgebruikte constructie avoir mal à + lichaamsdeel. un peu betekent “een beetje” en maakt de mate van wat volgt kleiner. Voorbeeld: Je suis un peu fatigué. — “Ik ben een beetje moe.” mal betekent hier “pijn” binnen de constructie avoir mal; het beschrijft lichamelijk ongemak. Dat verschilt van ander gebruik van mal, bijvoorbeeld als “slecht”. Voorbeeld: J'ai mal. — “Ik heb pijn.” à verbindt de pijn met het lichaamsdeel in de constructie avoir mal à + lichaamsdeel. Hier staat het in à la gorge: à + la + gorge. Het lidwoord la hoort bij het vrouwelijke zelfstandig naamwoord gorge. gorge is het zelfstandig naamwoord “keel”. Het is vrouwelijk: la gorge. Voorbeeld: Ma gorge me fait mal. — “Mijn keel doet pijn.” Samen vormen J'ai + un peu + mal + à la gorge de betekenis: “Mijn keel doet een beetje pijn.” Het Frans gebruikt hiervoor letterlijk de structuur “ik heb een beetje pijn aan de keel”; het Nederlands drukt dezelfde lichamelijke klacht uit met “doet pijn”. De herbruikbare vorm is J'ai [hoeveelheid] mal à [lichaamsdeel], bijvoorbeeld J'ai beaucoup mal au dos. — “Mijn rug doet veel pijn.”

  2. Essaie de boire quelque chose de chaud.

    Probeer iets warms te drinken.

    Essaie
    probeer
    boire
    drinken
    quelque chose
    iets
    chaud
    warm
    Uitgebreide uitleg

    Essaie is de gebiedende wijs voor één aangesproken persoon van essayer (“proberen”): essaie = “probeer”. In het Frans staat het onderwerp bij een bevestigende imperatief meestal niet uitgedrukt. De volgende context met Tu ondersteunt hier de informele enkelvoudige aanspreekvorm. Vergelijk: Essaie encore. — “Probeer het nog eens.” boire is het infinitief (“drinken”). Na essayer gebruikt het Frans hier de plus een infinitief: essayer de boire = “proberen te drinken”. De combinatie maakt duidelijk wat de aangesproken persoon moet proberen te doen. quelque chose is een onbepaald voornaamwoord: “iets”. Het verwijst hier naar iets waarvan de precieze aard niet wordt genoemd. Het is een vaste woordgroep; chose betekent op zichzelf “ding”, maar samen betekent de groep “iets”. Vergelijk: Je veux quelque chose. — “Ik wil iets.” chaud betekent hier “warm”. In quelque chose de chaud staat een bijvoeglijk naamwoord na quelque chose; het verschijnt daar in de mannelijke enkelvoudsvorm chaud. Dat is de gebruikelijke vorm in deze constructie, ook al gaat het om iets dat niet nader geïdentificeerd is. Vergelijk: quelque chose de froid — “iets kouds”. Samen vormt Essaie de boire quelque chose de chaud. de aansporing: “Probeer iets warms te drinken.” Essaie de boire geeft de handeling weer die de aangesproken persoon moet proberen, en quelque chose de chaud benoemt wat die persoon probeert te drinken. De zin is een informele, directe aanbeveling; in de gegeven context past die bij de klacht over keelpijn.

  3. Tu peux me faire du thé ?

    Kun je wat thee voor me maken?

    Tu peux
    kun je
    me
    voor mij
    faire
    maken
    thé
    thee
    Uitgebreide uitleg

    Tu peux betekent hier “kun je”. peux is de tegenwoordige tijd van pouvoir bij tu, dus de vorm voor één aangesproken persoon. Na pouvoir volgt een infinitief: Tu peux venir ? = “Kun je komen?” me betekent hier “voor mij” en staat vóór het werkwoord waarmee de handeling wordt uitgedrukt. Het is een kort voornaamwoord dat als object of meewerkend voornaamwoord kan functioneren. Als de ontvanger de aangesproken persoon zelf is, staat bij tu vaak het wederkerende te: Tu peux te faire un café ? = “Kun je voor jezelf een koffie maken?” Hier blijft de persoon van het onderwerp tu; alleen het voornaamwoord voor degene die baat heeft bij de handeling verandert. faire betekent hier “maken”. Dit is de infinitief; na peux blijft die vorm onveranderd. De combinatie pouvoir + infinitief drukt mogelijkheid of vermogen uit en kan in een vraag ook als alledaags verzoek worden gebruikt: Elle peut aider. = “Zij kan helpen.” thé betekent “thee”. In du thé staat du bij een niet-afgebakende hoeveelheid van deze drank. Het zegt hier niet precies hoeveel thee het is. Voorbeeld: Je bois du thé. = “Ik drink thee.” Samen vormen Tu peux me faire du thé ? de alledaagse vraag “Kun je wat thee voor me maken?” De opbouw is: Tu peux + infinitief faire + me voor degene voor wie de handeling gebeurt + du thé als wat er wordt gemaakt. De vraag wordt hier gevormd door dezelfde woordvolgorde met vragende intonatie; een vraagwoord is niet nodig.

  4. Je vais faire du thé maintenant.

    Ik maak nu wat thee.

    Je vais
    ik ga
    faire
    maken; doen
    thé
    thee
    maintenant
    nu
    Uitgebreide uitleg

    Je vais betekent hier “ik ga” en vormt samen met het daaropvolgende werkwoord de Franse futur proche: présent van aller + infinitief. vais is de vorm van aller voor je; de vorm drukt hier een nabije of voorgenomen handeling uit, niet alleen verplaatsing. Voorbeeld: Je vais partir. — “Ik ga vertrekken.” faire is de infinitief van het werkwoord “maken/doen”. In faire du thé krijgt het de concrete betekenis “thee maken” of “thee zetten”. Na vais blijft het werkwoord in de infinitief: Je vais faire..., niet een vervoegde vorm. Voorbeeld: Elle va faire un gâteau. — “Zij gaat een taart maken.” thé is het zelfstandig naamwoord “thee”. In de vaste uitdrukking du thé staat du ervoor: dat is de samentrekking van de + le en het geeft hier een niet nader bepaalde hoeveelheid van een stof aan. Het is dus niet nodig om thé als meervoud te maken. Voorbeeld: Je bois du thé. — “Ik drink thee.” maintenant betekent “nu” en plaatst de handeling in het huidige moment. Het verandert niet mee met persoon of getal. Voorbeeld: Nous commençons maintenant. — “We beginnen nu.” Samen vormen de delen Je vais faire du thé maintenant. de betekenis: “Ik maak nu wat thee.” De structuur is letterlijk een nabije-toekomstconstructie: “Ik ga nu thee maken”; in natuurlijk Nederlands kan dat, gezien de bedoelde handeling, worden weergegeven als “Ik maak nu wat thee.”

  5. Ma voix est bizarre aujourd'hui.

    Mijn stem klinkt vandaag vreemd.

    Ma
    mijn
    voix
    stem
    bizarre
    vreemd
    aujourd'hui
    vandaag
    Uitgebreide uitleg

    Ma betekent hier ‘mijn’ en staat bij het vrouwelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord voix. Het is de bezittelijke vorm voor de eerste persoon enkelvoud; het verwijst dus naar de spreker als bezitter. Voor een mannelijk enkelvoudig woord staat mon, en voor meervoud staat mes. voix betekent hier ‘stem’. Dit zelfstandig naamwoord is vrouwelijk: daarom staat ervoor ma. De spelling voix is in het enkelvoud en meervoud hetzelfde; het meervoud blijkt dan uit andere woorden, zoals mes voix (‘mijn stemmen’). bizarre betekent hier ‘vreemd’ of ‘raar’. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat de stem beschrijft. In deze zin hoort het bij het vrouwelijke enkelvoud voix; de vorm blijft hier geschreven bizarre. In het meervoud komt er een s bij: des voix bizarres (‘vreemde stemmen’). Voorbeeld: Une idée bizarre. — ‘Een vreemd idee.’ aujourd'hui betekent ‘vandaag’. De apostrof hoort bij de vaste spelling van dit bijwoord. Het geeft aan wanneer de toestand geldt en staat hier aan het einde van de zin. Samen vormen Ma voix (‘mijn stem’) en est bizarre (‘is vreemd’) de beschrijving van de stem. Aujourd'hui bepaalt de tijd: de spreker zegt dat zijn of haar stem vandaag vreemd klinkt. De volledige betekenis is dus: ‘Mijn stem klinkt vandaag vreemd.’

  6. Essaie de moins parler pour le moment.

    Probeer voorlopig minder te praten.

    Essaie de
    probeer te
    moins
    minder
    parler
    praten
    pour le moment
    voorlopig
    Uitgebreide uitleg

    Essaie de betekent hier “probeer te”. Essaie is de gebiedende wijs van essayer (“proberen”) voor tu; de uitgangsvorm is dus essayer. In het Frans volgt na essayer vaak de plus een infinitief: Essaie de comprendre. — “Probeer het te begrijpen.” De vorm essaie spreekt één aangesproken persoon aan; voor een beleefde of meervoudige aanspreking zou Frans een andere imperatiefvorm gebruiken. moins betekent hier “minder”. Het is een bijwoord van vergelijking en vermindert de mate waarin de handeling gebeurt. Het vormt een nuttig contrast met plus (“meer”): parler moins — “minder praten”; parler plus — “meer praten”. In deze zin hoort moins bij de handeling parler, niet bij een zelfstandig naamwoord. parler betekent “praten” en staat als infinitief na de. De infinitief benoemt de handeling zonder zelf persoon of tijd uit te drukken; de aansporing en de aangesproken persoon zitten in Essaie. Bijvoorbeeld: Essaie de parler lentement. — “Probeer langzaam te praten.” pour le moment is een vaste tijdsbepaling met de betekenis “voorlopig” of “op dit moment”. Ze begrenst de aansporing in de tijd: het verzoek geldt nu, zonder hier te zeggen hoe lang het daarna nog geldt. Een vergelijkbaar gebruik is Reste ici pour le moment. — “Blijf voorlopig hier.” Samen bestaat de zin uit het patroon Essaie de + infinitief, waarbij moins de mate van die handeling vermindert, gevolgd door pour le moment als tijdsbepaling. De volledige betekenis is daarom: “Probeer voorlopig minder te praten.”

  7. Je vais me reposer après avoir bu le thé.

    Ik ga rusten nadat ik de thee heb gedronken.

    Je vais
    ik ga
    me reposer
    rusten
    après avoir bu
    nadat ik heb gedronken
    le thé
    de thee
    Uitgebreide uitleg

    Je vais geeft hier samen met een daaropvolgend infinitief een nabije toekomstige handeling aan: “ik ga …”. vais is de vorm van aller bij je; het is dus niet het gewone Nederlandse werkwoord “gaan” als zelfstandige beweging. Patroon: je vais + infinitief. Voorbeeld: Je vais partir. — “Ik ga vertrekken.” me reposer betekent hier “rusten”. reposer is de infinitief; met me vormt het de pronominale constructie se reposer (“rusten”), waarbij me bij de eerste persoon enkelvoud hoort. In een andere persoon verandert het voornaamwoord: Tu vas te reposer. — “Je gaat rusten.” après avoir bu plaatst deze handeling na het drinken. avoir is hier de infinitief van avoir, en bu is het voltooid deelwoord van boire (“drinken”): boire → bu. De constructie après avoir + voltooid deelwoord wordt gebruikt voor een eerdere handeling, vaak met dezelfde uitvoerder als in de hoofdzin. Après avoir mangé, elle travaille. — “Nadat ze heeft gegeten, werkt ze.” le thé betekent “de thee”. thé is een mannelijk zelfstandig naamwoord, daarom staat het bepaalde lidwoord le ervoor. le drukt hier bepaaldheid uit, niet op zichzelf een hoeveelheid. Voorbeeld: Le thé est chaud. — “De thee is warm.” Samen betekent Je vais me reposer “Ik ga rusten”, en après avoir bu le thé “nadat ik de thee heb gedronken”. De hele zin zegt dus: “Ik ga rusten nadat ik de thee heb gedronken.”

  8. Ça devrait aider ta gorge.

    Dat zou je keel moeten helpen.

    Ça
    dat
    devrait
    zou moeten
    aider
    helpen
    gorge
    keel
    Uitgebreide uitleg

    Ça is een aanwijzend voornaamwoord. In deze zin betekent het, volgens de vaste vertaling, dat: het verwijst naar iets dat in de context al bekend is. De vorm ça staat los van het grammaticale geslacht en getal van het bedoelde; een andere veelgebruikte vorm is cela, die formeler klinkt. devrait is de derde persoon enkelvoud van de voorwaardelijke vorm van devoir; de basisvorm is devoir. Hier drukt die vorm een verwachting uit: zou moeten, niet een vaststaand bevel. Vergelijk: Ça doit aider. = Dat moet helpen. tegenover Ça devrait aider. = Dat zou moeten helpen. aider is het infinitief en betekent helpen. Na een vervoegde vorm van devoir blijft het volgende werkwoord in het infinitief: Il devrait venir. = Hij zou moeten komen., waarbij venir dus niet vervoegd wordt. ta betekent hier je als bezitsbepaler: jouw. Deze vorm staat bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Het bezittelijke woord past zich in het Frans aan het bezeten zelfstandig naamwoord aan, niet aan de bezitter: ta gorge, maar ton nez bij een mannelijk enkelvoudig woord. In de vaste zin is ta samen met gorge de woordgroep jouw keel. gorge is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en betekent keel. Het staat hier in het enkelvoud; het bezittelijk woord ta vervult hier de bepalende functie, zodat er geen apart lidwoord vóór staat. Het meervoud is gorges, bijvoorbeeld in mes gorges = mijn kelen. Samen vormen Ça devrait aider ta gorge de structuur dat zou jouw keel moeten helpen. De volgorde is: het onderwerp ça, daarna de voorwaardelijke vorm devrait, vervolgens het infinitief aider, en ten slotte het lijdend voorwerp ta gorge. De volledige betekenis is daarom: Dat zou je keel moeten helpen.

Grammatica

avoir mal à + lichaamsdeel

J'ai mal à la gorge.

zjee mal aa la gorzj.

Ik heb keelpijn.

Gebruik avoir mal à om pijn aan een lichaamsdeel uit te drukken. Het lichaamsdeel krijgt meestal een bepaald lidwoord.

Essaie de + infinitif

Essaie de boire quelque chose de chaud.

èssee duh bwaar kelk sjoz duh sjoo.

Probeer iets warms te drinken.

Na Essaie volgt de plus een infinitief wanneer je iemand aanspoort iets te doen.

Frans woordenschat

aujourd'hui bijwoord
oo-zjoer-dwie vandaag

Ma voix est bizarre aujourd'hui.

avoir mal à uitdrukking
a-vwaar mal aa pijn hebben aan J'ai mal à la gorge

J'ai un peu mal à la gorge.

bizarre bijvoeglijk naamwoord
bie-zarr vreemd

Ma voix est bizarre aujourd'hui.

boire werkwoord
bwaar drinken

Essaie de boire quelque chose de chaud.

chaud bijvoeglijk naamwoord
sjoo warm

quelque chose de chaud

essayer werkwoord
ès-sè-yay proberen Essaie

Essaie de boire quelque chose de chaud.

faire werkwoord
feer maken

Tu peux me faire du thé ?

gorge zelfstandig naamwoord
gorzj keel la gorge

J'ai un peu mal à la gorge.

maintenant bijwoord
men-tenan nu

Je vais faire du thé maintenant.

quelque chose voornaamwoord
kelk sjoz iets

Essaie de boire quelque chose de chaud.

thé zelfstandig naamwoord
tee thee

Tu peux me faire du thé ?

voix zelfstandig naamwoord
vwaa stem

Ma voix est bizarre aujourd'hui.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik maak nu wat thee.

Antwoord tonenJe vais faire du thé maintenant.

Mijn stem klinkt vandaag vreemd.

Antwoord tonenMa voix est bizarre aujourd'hui.

Dat zou je keel moeten helpen.

Antwoord tonenÇa devrait aider ta gorge.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

proberen

Antwoord tonenEssaie

nu

Antwoord tonenmaintenant

drinken

Antwoord tonenboire

maken

Antwoord tonenfaire