J'ai
"J'ai" betekent hier "ik heb" en helpt samen met "acheté" om een voltooide handeling uit te drukken: ik heb dit shirt gekocht. Het is de vorm van avoir bij je. Een bruikbaar patroon is: J'ai + voltooid deelwoord.
acheté
"acheté" betekent hier "gekocht" in de zin J'ai acheté cette chemise. Het is de voltooide vorm van acheter, die met J'ai een afgeronde aankoop beschrijft. Een bruikbaar patroon is: J'ai acheté + een voorwerp.
cette
"cette" betekent hier "deze" en verwijst naar het shirt dat de spreker bij zich heeft. Het staat vóór het vrouwelijke enkelvoudige woord chemise. Een bruikbaar patroon is: cette + zelfstandig naamwoord.
chemise
"chemise" betekent hier "shirt" en is het kledingstuk dat de klant heeft gekocht. Het woord staat in cette chemise. Je kunt het gebruiken in een winkel wanneer je naar een shirt verwijst.
Ça
"Ça" betekent hier "dat" of "het" en verwijst naar het shirt. Het is het onderwerp van Ça ne me va pas. Een bruikbaar patroon is: Ça + werkwoord om te zeggen wat iets doet of veroorzaakt.
ne
"ne" is hier het eerste deel van de ontkenning in Ça ne me va pas. Samen met pas maakt het de betekenis negatief: het past mij niet. In schrijftaal staan ne en pas rond het vervoegde werkwoord.
me
"me" betekent hier "mij" in de uitdrukking Ça ne me va pas. Het geeft aan voor wie het shirt niet goed past. Je gebruikt dezelfde positie vóór het werkwoord in vergelijkbare zinnen met een persoon als betrokken persoon.
va
"va" is hier de werkwoordsvorm die in Ça ne me va pas aangeeft of iets iemand goed past. De vorm hoort bij aller en staat bij Ça. In een winkel kun je deze vorm gebruiken om te zeggen dat een kledingstuk wel of niet goed zit.
pas
"pas" is hier het tweede deel van de ontkenning in Ça ne me va pas en betekent samen met ne dat het shirt niet past. Het staat na het vervoegde werkwoord va. Een bruikbaar patroon is: ne + werkwoord + pas.
Vous
"Vous" betekent hier "u" en richt de vraag beleefd aan de medewerker. Het staat aan het begin van Vous avez encore le ticket et l'étiquette ? Een bruikbaar vraagpatroon is: Vous avez + voorwerp?
avez
"avez" betekent hier "heeft u" in Vous avez encore le ticket et l'étiquette ? Het is de vorm van avoir bij vous en vormt hier een vraag zonder omkering. Een bruikbaar patroon is: Vous avez + zelfstandig naamwoord?
encore
"encore" betekent hier "nog": de medewerker vraagt of de klant de bon en het label nog heeft. Het staat vóór de voorwerpen in Vous avez encore le ticket et l'étiquette ? Je kunt het gebruiken om te vragen of iets nog beschikbaar of aanwezig is.
le
"le" is hier het bepaalde lidwoord vóór ticket en betekent in het Nederlands "de". Het maakt duidelijk dat naar een specifiek ticket wordt gevraagd. Een bruikbaar patroon is: le + zelfstandig naamwoord.
ticket
"ticket" betekent hier "bon" en verwijst naar het aankoopbewijs. Het staat na le in le ticket. In een winkel kun je naar dit document vragen bij een retour of omruiling.
et
"et" betekent "en" en verbindt hier de twee gevraagde voorwerpen: le ticket et l'étiquette. Het staat tussen de twee delen van de opsomming. Een bruikbaar patroon is: voorwerp et voorwerp.
l'étiquette
"l'étiquette" betekent hier "het kaartje" of "het label" dat nog aan het kledingstuk kan zitten. De vorm l' staat vóór étiquette omdat het woord met een klinker begint. Je gebruikt het in een kledingwinkel wanneer je naar het label van een artikel verwijst.
gardé
"gardé" betekent hier "bewaard" in J'ai gardé les deux dans le sac. Het is de voltooide vorm van garder en beschrijft dat de spreker beide dingen heeft gehouden. Een bruikbaar patroon is: J'ai gardé + voorwerp + plaats.
les
"les" is hier het meervoudige bepaalde lidwoord bij deux en verwijst naar de twee eerder genoemde dingen. In Les cabines d'essayage staat dezelfde vorm aan het begin van de zin, met een hoofdletter. Een bruikbaar patroon is: les + meervoudig zelfstandig naamwoord.
deux
"deux" betekent "twee" en verwijst hier naar het ticket en het label samen. Het staat in les deux, waarbij les beide eerder genoemde voorwerpen aanduidt. Je kunt deux gebruiken om een aantal aan te geven.
dans
"dans" betekent hier "in" en geeft de plaats aan waar de twee dingen zijn bewaard. Het staat vóór le sac in dans le sac. Een bruikbaar patroon is: dans + plaats of voorwerp.
sac
"sac" betekent hier "tas" en is de plaats waarin het ticket en het label zijn bewaard. Het staat na le in le sac. In een winkel kun je dit woord gebruiken om te zeggen waar iets zit.
Alors
"Alors" betekent hier "dan" of "in dat geval" en leidt de reactie van de medewerker in: als beide documenten er zijn, kan hij helpen. Het staat aan het begin van de zin Alors, je peux vous aider. Je kunt het gebruiken om een gevolgtrekking of reactie in te leiden.
je
"je" betekent "ik" en is hier het onderwerp van je peux vous aider. Het verwijst naar de medewerker die hulp aanbiedt. Het staat vóór het vervoegde werkwoord, zoals in je peux.
peux
"peux" betekent hier "kan" in je peux vous aider. Het is de vorm van pouvoir bij je en wordt gevolgd door de infinitief aider. Een bruikbaar patroon is: je peux + infinitief.
aider
"aider" betekent "helpen" en staat na peux in je peux vous aider. Als infinitief benoemt het de handeling die de medewerker kan uitvoeren. Een bruikbaar patroon is: pouvoir + aider + iemand.
pour
"pour" betekent hier "voor" en leidt het doel of de soort hulp aan: een retour of een omruiling. Het staat vóór un retour ou un échange. Een bruikbaar patroon is: aider quelqu'un pour + doel of situatie.
un
"un" betekent hier "een" en staat vóór retour. Het introduceert één mogelijke retour. Een bruikbaar patroon is: un + mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
retour
"retour" betekent hier "retour" en verwijst naar het terugbrengen van het artikel. Het staat in un retour, als één van de twee mogelijke oplossingen. In een winkel kun je dit woord gebruiken wanneer je iets wilt terugbrengen.
ou
"ou" betekent "of" en verbindt hier de twee mogelijkheden un retour en un échange. Het geeft een keuze aan tussen terugbrengen en omruilen. Een bruikbaar patroon is: mogelijkheid ou mogelijkheid.
échange
"échange" betekent hier "ruiling" of "omruiling" en verwijst naar het vervangen van het shirt door een ander exemplaar of een andere maat. Het staat in un échange. In een winkel kun je dit woord gebruiken wanneer je een artikel wilt omruilen.
préfère
"préfère" betekent hier "verkiest" of "wil liever" in Je préfère l'échanger contre une taille plus grande. Het is de vorm van préférer bij je en drukt een voorkeur uit. Een bruikbaar patroon is: Je préfère + infinitief.
l'échanger
"l'échanger" betekent hier "het omruilen": l' verwijst naar het shirt en échanger betekent omruilen. De vorm staat na Je préfère en benoemt wat de klant liever doet. Een bruikbaar patroon is: Je préfère l'échanger contre + iets anders.
contre
"contre" betekent hier "voor" of "in ruil voor" in l'échanger contre une taille plus grande. Het geeft aan wat de klant in plaats van het huidige shirt wil krijgen. Een bruikbaar patroon is: échanger iets contre + vervanging.
une
"une" betekent hier "een" en staat vóór taille. Het introduceert de gewenste maat. Een bruikbaar patroon is: une + vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
taille
"taille" betekent hier "maat" en verwijst naar de maat van het shirt. Het staat in une taille plus grande. In een kledingwinkel kun je dit woord gebruiken om naar een andere maat te vragen.
plus
"plus" betekent hier "meer" en maakt samen met grande de vergelijking "groter" in une taille plus grande. Het staat vóór het bijvoeglijk naamwoord grande. Een bruikbaar patroon is: plus + bijvoeglijk naamwoord om een hogere graad aan te geven.
grande
"grande" betekent hier "groter" en beschrijft de gewenste maat. Het staat na plus in une taille plus grande en past bij taille. Je kunt het in een winkel gebruiken om een grotere maat te vragen.
Cela
"Cela" betekent hier "dat" en verwijst naar de voorgestelde omruiling. Het is het onderwerp van Cela devrait être possible. Een bruikbaar patroon is: Cela + werkwoord om naar een eerder genoemde mogelijkheid of situatie te verwijzen.
devrait
"devrait" betekent hier "zou moeten" en drukt uit dat iets naar verwachting mogelijk is. Het is de vorm van devoir bij Cela in Cela devrait être possible. Je kunt deze vorm gebruiken om een voorzichtige verwachting of beoordeling te geven.
être
"être" betekent "zijn" en staat in devrait être possible. Het verbindt de verwachting devrait met de beoordeling possible. Een bruikbaar patroon is: devrait être + bijvoeglijk naamwoord.
possible
"possible" betekent hier "mogelijk" in Cela devrait être possible. Het beschrijft dat de omruiling kan doorgaan als aan de voorwaarde wordt voldaan. Je kunt het gebruiken om haalbaarheid of toestemming voorzichtig te beoordelen.
si
"si" betekent "als" en leidt hier de voorwaarde in waaronder de omruiling mogelijk is. Het staat vóór si la chemise n'a pas été portée. Een bruikbaar patroon is: si + voorwaarde, gevolg.
la
"la" is hier het vrouwelijke bepaalde lidwoord vóór chemise en betekent "de". Het verwijst naar het specifieke shirt uit het gesprek. Een bruikbaar patroon is: la + vrouwelijk zelfstandig naamwoord.
n'a
"n'a" bestaat hier uit ne en de vorm a van avoir en vormt het eerste deel van de ontkenning in n'a pas été portée. Samen met pas betekent het dat de chemise niet gedragen is. De apostrof laat ne vóór a verkorten.
été
"été" betekent hier niet zelfstandig "geweest", maar maakt deel uit van n'a pas été portée. Het is de voltooide vorm van être die hier helpt om te zeggen dat de chemise gedragen is of niet gedragen is. Een bruikbaar patroon is: a été + voltooid deelwoord.
portée
"portée" betekent hier "gedragen" in si la chemise n'a pas été portée. Het is de voltooide vorm van porter en verwijst naar het dragen van de chemise. De vorm staat in de ontkende voorwaarde dat het shirt ongebruikt is.
Où
"Où" betekent "waar" en vraagt hier naar de plaats van de paskamers. Het staat aan het begin van Où puis-je essayer la taille plus grande ? Een bruikbaar vraagpatroon is: Où + vraagzin om naar een plaats te vragen.
puis-je
"puis-je" betekent hier "kan ik" en vormt een beleefde vraag door de vorm puis vóór je te plaatsen. Het staat in Où puis-je essayer la taille plus grande ? en wordt gevolgd door de infinitief essayer. Een bruikbaar patroon is: Où puis-je + infinitief?
essayer
"essayer" betekent hier "passen" en verwijst naar het uitproberen van de grotere maat. Het staat na puis-je in Où puis-je essayer la taille plus grande ? In een kledingwinkel kun je dit werkwoord gebruiken om te vragen of je iets mag passen.
cabines
"cabines" betekent hier "cabines" of "hokjes" en verwijst naar de paskamers. Het woord staat in Les cabines d'essayage. Een bruikbaar patroon is: les cabines + bepaling.
d'essayage
"d'essayage" betekent hier "om kleding te passen" en specificeert het soort cabines. De vorm bestaat uit d' en essayage en staat na cabines in cabines d'essayage. Je gebruikt deze uitdrukking in een kledingwinkel om paskamers aan te duiden.
sont
"sont" betekent "zijn" in Les cabines d'essayage sont derrière ce présentoir. Het is de vorm van être bij het meervoudige onderwerp Les cabines d'essayage. Een bruikbaar patroon is: zelfstandig naamwoord + sont + plaatsbepaling.
derrière
"derrière" betekent "achter" en geeft de plaats van de paskamers aan. Het staat vóór ce présentoir in derrière ce présentoir. Een bruikbaar patroon is: être derrière + plaats of voorwerp.
ce
"ce" betekent hier "die" of "dat" en wijst het presentatiemeubel aan. Het staat vóór présentoir in ce présentoir. Een bruikbaar patroon is: ce + mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
présentoir
"présentoir" betekent hier "display" of "presentatiemeubel" en is het meubel waarachter de paskamers zijn. Het staat in ce présentoir. In een winkel kun je dit woord gebruiken om naar een display of uitstalmeubel te verwijzen.