Een ander perron vinden | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: At a train station, two adults respond to a platform change and keep their tickets ready before boarding..

NL → FR / Niveau: A2

Over deze les

Met Een ander perron vinden oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Est-ce que tu as entendu l'annonce à l'instant ?

Es-ku tü aa antandu lanongs aa lèngstang? Heb je de omroep net gehoord?
B

Le train part d'un autre quai.

Lu treng par deun nootr kee. De trein vertrekt van een ander perron.
A

Le panneau indique que nous devons prendre l'autre quai.

Lu pano èngdikee kuh nuu duvong prangdr lootr kee. Op het bord staat dat we het andere perron moeten nemen.
B

Alors, nous devons suivre les panneaux maintenant.

Al oor, nuu duvong swievr lee pano mèngt'nang. Dan moeten we nu de borden volgen.
A

Est-ce que nous avons assez de temps pour y arriver ?

Es-ku nuu zavong assee duh tang poer ie arrivee? Hebben we genoeg tijd om daar te komen?
B

Oui, si nous partons maintenant.

Wie, sie nuu partong mèngt'nang. Ja, als we nu vertrekken.
A

Je garde mon billet prêt.

Juh gard mong bijè prè. Ik houd mijn ticket klaar.
B

Garde-le à portée de main ; le personnel peut le vérifier avant de monter dans le train.

Gard-luh aa porte duh mèng; luh perssonèl puh luh verifiee avang duh mongtee dang luh treng. Houd het bij de hand; het personeel kan het controleren voordat we instappen.

Woord voor woord

Est-ce ‘Est-ce’ maakt van de mededeling een vraag in de exacte constructie ‘Est-ce que tu as entendu l'annonce à l'instant ?’. Het staat samen met ‘que’ vóór het onderwerp; je gebruikt ‘Est-ce que’ bijvoorbeeld om op een duidelijke manier een vraag te beginnen.
que ‘Que’ is hier onderdeel van de vraagconstructie ‘Est-ce que’ en betekent niet afzonderlijk ‘dat’ in de Nederlandse vertaling. Samen met ‘Est-ce’ leidt het de vraag in, zoals in ‘Est-ce que tu as entendu l'annonce à l'instant ?’.
tu ‘Tu’ betekent hier ‘je’ of ‘jij’ en is de aangesproken persoon in ‘Est-ce que tu as entendu l'annonce à l'instant ?’. Het staat vóór de werkwoordsvormen in deze vraag; je gebruikt het in een directe aanspreking van één persoon.
as ‘As’ betekent hier ‘hebt’ in ‘Est-ce que tu as entendu l'annonce à l'instant ?’. Het staat bij ‘tu’ en vormt samen met ‘entendu’ de uitdrukking voor iets dat je hebt gehoord; dezelfde combinatie kan met een ander voltooid deelwoord worden gebruikt.
entendu ‘Entendu’ betekent hier ‘gehoord’ in ‘tu as entendu l'annonce’. Het hoort bij ‘as’ en verwijst naar het horen van ‘l'annonce’; je kunt ‘as’ met een ander voltooid deelwoord combineren voor een andere voltooide handeling.
l'annonce ‘L'annonce’ betekent hier ‘de aankondiging’, namelijk de omroep op het station. De vorm begint met ‘l’ omdat het lidwoord vóór de klinker in ‘annonce’ is verkort; je gebruikt het als het bedoelde bericht of de bedoelde aankondiging al duidelijk is.
à ‘À’ maakt hier samen met ‘l'instant’ de tijdsaanduiding ‘à l'instant’, met de betekenis ‘zojuist’ of ‘net’. In deze vaste combinatie verwijst het naar een moment vlak vóór het spreken; je gebruikt ‘à’ dus vóór ‘l'instant’.
l'instant ‘L'instant’ betekent in ‘à l'instant’ ‘het moment’ en geeft hier aan dat iets zojuist gebeurde. Samen met ‘à’ vormt het de tijdsaanduiding ‘à l'instant’; de apostrof is de verkorte vorm van het lidwoord vóór de klinker.
Le ‘Le’ betekent hier ‘de’ in ‘Le train part d'un autre quai’ en staat vóór ‘train’. Het is het bepaalde lidwoord bij dit enkelvoudige mannelijke zelfstandig naamwoord; je gebruikt het wanneer je naar de bedoelde trein verwijst.
train ‘Train’ betekent hier ‘trein’ in ‘Le train part d'un autre quai’. Het staat na het lidwoord ‘Le’ en is het onderwerp van ‘part’; je kunt ‘train’ combineren met informatie over vertrek of een perron.
part ‘Part’ betekent hier ‘vertrekt’ in ‘Le train part d'un autre quai’. Het is de werkwoordsvorm die bij ‘Le train’ hoort en beschrijft het vertrek van de trein; je gebruikt ‘part’ hier met een vertrekplaats die met ‘d’ wordt ingeleid.
d'un ‘D'un’ betekent hier ‘van een’ in ‘d'un autre quai’ en geeft het andere perron aan waarvan de trein vertrekt. Het is de samengevoegde vorm van ‘de’ en ‘un’; je gebruikt de combinatie vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord zoals ‘quai’.
autre ‘Autre’ betekent hier ‘ander’ in ‘un autre quai’, dus een perron dat verschilt van het eerder bedoelde perron. Het staat vóór ‘quai’ en volgt het lidwoord ‘un’; je gebruikt dit patroon om een alternatief aan te wijzen.
quai ‘Quai’ betekent hier ‘perron’ in ‘un autre quai’. Het staat na ‘autre’ en wordt ook gebruikt in ‘prendre l'autre quai’ voor het perron dat men moet nemen; het woord past dus bij vertrekken vanaf of zich verplaatsen naar een perron.
panneau ‘Panneau’ betekent hier ‘bord’ of ‘informatiebord’ in ‘Le panneau indique que nous devons prendre l'autre quai’. Het is het onderwerp van ‘indique’ en geeft de informatie over de route of het perron aan; je kunt ‘panneau’ gebruiken voor een bord dat iets aangeeft.
indique ‘Indique’ betekent hier ‘geeft aan’ in ‘Le panneau indique que nous devons prendre l'autre quai’. Het verbindt het informatiebord met de inhoud die erop staat, ingeleid door ‘que’; je gebruikt ‘indique que’ om te zeggen wat een bord of andere bron aangeeft.
nous ‘Nous’ betekent hier ‘wij’ in ‘nous devons prendre l'autre quai’ en verwijst naar de twee reizigers samen. Het staat als onderwerp vóór ‘devons’; je gebruikt het om een handeling van de spreker en minstens één andere persoon aan te duiden.
devons ‘Devons’ betekent hier ‘moeten’ in ‘nous devons prendre l'autre quai’. Het staat bij ‘nous’ en wordt gevolgd door de infinitief ‘prendre’; je gebruikt het patroon ‘nous devons + infinitief’ om een noodzakelijke handeling voor te stellen.
prendre ‘Prendre’ betekent hier ‘nemen’ in ‘prendre l'autre quai’, waarbij de reizigers het andere perron moeten nemen. Het is de infinitief na ‘devons’; je gebruikt ‘prendre’ hier rechtstreeks met het object ‘l'autre quai’.
l'autre ‘L'autre’ betekent hier ‘het andere’ in ‘l'autre quai’ en verwijst naar het alternatieve perron. De vorm bevat het verkorte lidwoord vóór de klinker van ‘autre’; je gebruikt ‘l'autre’ vóór een zelfstandig naamwoord om één andere, al bepaalde mogelijkheid aan te wijzen.
Alors ‘Alors’ betekent hier ‘dan’ of ‘in dat geval’ in ‘Alors, nous devons suivre les panneaux maintenant’. Het verbindt de nieuwe beslissing met de informatie over het gewijzigde perron; je kunt ‘Alors’ aan het begin gebruiken om op een situatie te reageren.
suivre ‘Suivre’ betekent hier ‘volgen’ in ‘suivre les panneaux’. Het is de infinitief na ‘devons’ en krijgt ‘les panneaux’ als object; je gebruikt het patroon ‘suivre + aanwijzing of route-informatie’ om een weg of bewegwijzering te volgen.
les ‘Les’ betekent hier ‘de’ in ‘les panneaux’ en staat vóór het meervoudige zelfstandig naamwoord ‘panneaux’. Het is het bepaalde lidwoord voor meerdere bedoelde borden; je gebruikt ‘les’ wanneer de betreffende borden in de situatie bekend zijn.
panneaux ‘Panneaux’ betekent hier ‘borden’ of ‘bewegwijzering’ in ‘suivre les panneaux’. Het is het meervoud van het bord waarnaar eerder wordt verwezen; je gebruikt het met ‘suivre’ wanneer de borden de route aangeven.
maintenant ‘Maintenant’ betekent hier ‘nu’ in ‘nous devons suivre les panneaux maintenant’. Het geeft aan dat de actie meteen moet gebeuren na de verandering van perron; je kunt het aan het einde van de zin plaatsen om het tijdstip te benadrukken.
avons ‘Avons’ betekent hier ‘hebben’ in ‘Est-ce que nous avons assez de temps pour y arriver ?’. Het staat bij ‘nous’ en vormt samen met ‘assez de temps’ de vraag of er voldoende tijd is; je gebruikt ‘nous avons’ met een hoeveelheid of bezit.
assez ‘Assez’ betekent hier ‘genoeg’ in ‘assez de temps’. Het geeft aan dat de hoeveelheid tijd voldoende is en staat vóór ‘de temps’; je gebruikt het patroon ‘assez de + zelfstandig naamwoord’ om een voldoende hoeveelheid aan te duiden.
de ‘De’ hoort hier bij de hoeveelheidsuitdrukking ‘assez de temps’ en verbindt ‘assez’ met de hoeveelheid ‘temps’. In deze constructie staat ‘de’ na een aanduiding van hoeveelheid; je gebruikt hetzelfde patroon in ‘assez de’ gevolgd door wat er voldoende is.
temps ‘Temps’ betekent hier ‘tijd’ in ‘assez de temps pour y arriver’. Het benoemt de beschikbare tijd en staat na ‘assez de’; je gebruikt het in deze constructie om te vragen of er voldoende tijd is voor een handeling.
pour ‘Pour’ betekent hier ‘om te’ in ‘pour y arriver’ en leidt het doel van de beschikbare tijd in. Het staat vóór de infinitief ‘arriver’ en vóór het voornaamwoord ‘y’; je gebruikt ‘pour + infinitief’ om het doel van een handeling of hoeveelheid aan te geven.
y ‘Y’ betekent hier ‘daarheen’ of ‘daar’ in ‘pour y arriver’, met verwijzing naar het andere perron. Het staat vóór de infinitief ‘arriver’; je gebruikt ‘y’ om een al genoemde plaats niet opnieuw te hoeven herhalen.
arriver ‘Arriver’ betekent hier ‘aankomen’ of ‘er komen’ in ‘pour y arriver’, dus het andere perron bereiken. Het is de infinitief na ‘pour’ en wordt gecombineerd met ‘y’ voor de bestemming; je gebruikt het patroon ‘y arriver’ voor het bereiken van een eerder genoemde plaats of doel.
Oui ‘Oui’ betekent hier ‘ja’ in ‘Oui, si nous partons maintenant’. Het bevestigt dat er genoeg tijd is, onder de voorwaarde die daarna volgt; je kunt ‘Oui’ aan het begin gebruiken als direct antwoord op een vraag.
si ‘Si’ betekent hier ‘als’ in ‘si nous partons maintenant’ en leidt de voorwaarde voor genoeg tijd in. Het staat vóór ‘nous partons’; je gebruikt ‘si’ om een voorwaarde te verbinden met het gevolg dat in de context wordt bedoeld.
partons ‘Partons’ betekent hier ‘vertrekken’ in ‘si nous partons maintenant’. Het staat bij ‘nous’ en geeft de voorwaarde aan waaronder er genoeg tijd is; je gebruikt ‘nous partons’ om het vertrek van de spreker en een andere persoon te beschrijven.
Je ‘Je’ betekent hier ‘ik’ in ‘Je garde mon billet prêt’. Het is het onderwerp van ‘garde’ en verwijst naar de spreker; je gebruikt ‘Je’ vóór een werkwoord om een handeling van jezelf uit te drukken.
garde ‘Garde’ betekent hier ‘houd’ of ‘bewaar’ in ‘Je garde mon billet prêt’. Het beschrijft dat de spreker het ticket gereed houdt en staat bij ‘Je’; je gebruikt ‘garder’ met een voorwerp wanneer je dat voorwerp behoudt of beschikbaar houdt.
mon ‘Mon’ betekent hier ‘mijn’ in ‘mon billet’ en geeft aan dat het ticket van de spreker is. Het staat vóór ‘billet’; je gebruikt ‘mon’ hier bij dit enkelvoudige mannelijke zelfstandig naamwoord om bezit uit te drukken.
billet ‘Billet’ betekent hier ‘kaartje’ of ‘ticket’ in ‘mon billet’. Het is het voorwerp dat de spreker gereed houdt en dat het personeel mogelijk controleert; je gebruikt het in deze situatie voor het vervoersbewijs.
prêt ‘Prêt’ betekent hier ‘klaar’ in ‘mon billet prêt’. Het beschrijft de toestand waarin het ticket wordt gehouden, zodat het direct kan worden getoond; je gebruikt het na een zelfstandig naamwoord om aan te geven dat iets gereed is.
Garde-le ‘Garde-le’ betekent hier ‘houd het bij je’ of ‘bewaar het’ en verwijst naar het ticket in ‘Garde-le à portée de main’. Het is een directe instructie met ‘le’ als verwijzing naar het ticket; je gebruikt deze vorm om iemand te vragen iets beschikbaar of binnen bereik te houden.
à portée de main ‘À portée de main’ betekent hier ‘binnen handbereik’ of ‘bij de hand’ in ‘Garde-le à portée de main’. In de hele uitdrukking geeft ‘à’ de positie aan, ‘portée’ het bereik, ‘de’ de verbinding en ‘main’ de hand; je gebruikt het patroon om te zeggen dat iets gemakkelijk gepakt kan worden.
personnel ‘Personnel’ betekent hier ‘personeel’ in ‘Le personnel peut le vérifier’. Het verwijst naar de medewerkers die het ticket kunnen controleren; je gebruikt het met ‘le’ wanneer je het personeel van een bepaalde plaats bedoelt.
peut ‘Peut’ betekent hier ‘kan’ in ‘Le personnel peut le vérifier’ en drukt uit dat controle mogelijk is. Het staat bij ‘Le personnel’ en wordt gevolgd door de infinitief ‘vérifier’; je gebruikt het patroon ‘kan + infinitief’ om mogelijkheid of bevoegdheid uit te drukken.
vérifier ‘Vérifier’ betekent hier ‘controleren’ in ‘le vérifier’, waarbij ‘le’ naar het ticket verwijst. Het is de infinitief na ‘peut’; je gebruikt ‘vérifier’ met een voorwerp wanneer je nagaat of het correct of geldig is.
avant ‘Avant’ betekent hier ‘voordat’ in ‘avant de monter dans le train’. Het geeft aan dat de ticketcontrole plaatsvindt vóór het instappen; je gebruikt het patroon ‘avant de + infinitief’ om de volgorde van twee handelingen aan te geven.
monter ‘Monter’ betekent hier ‘instappen’ in ‘avant de monter dans le train’. Het is de infinitief na ‘de’ in de constructie ‘avant de monter’; je gebruikt het hier met ‘dans le train’ om het binnengaan van de trein vóór de reis aan te duiden.
dans ‘Dans’ betekent hier ‘in’ of ‘naar binnen in’ in ‘monter dans le train’. Het geeft aan in welk vervoermiddel men instapt en staat vóór ‘le train’; je gebruikt ‘dans’ hier met een vervoermiddel na ‘monter’.

Grammatica

avant de + infinitif

Vérifier le billet avant de monter.

Verifiee luh bijè avang duh mongtee.

Controleer het kaartje voordat je instapt.

Na « avant de » volgt een infinitief. De twee handelingen hebben dezelfde uitvoerder.

Frans woordenschat

à l'instant bijwoord
aa lèngstang net; zojuist
alors bijwoord
aloor dan; dus
annonce zelfstandig naamwoord
anongs omroepbericht; aankondiging

l'annonce

autre bijvoeglijk naamwoord
ootr ander; andere

un autre quai; l'autre quai

entendre werkwoord
antandr horen entendu

tu as entendu

indiquer werkwoord
èngdikee aangeven indique

Le panneau indique

panneau zelfstandig naamwoord
pano bord; informatiebord panneaux

Le panneau; les panneaux

partir werkwoord
partier vertrekken part

Le train part

prendre werkwoord
prangdr nemen

prendre l'autre quai

quai zelfstandig naamwoord
kee perron

un autre quai

suivre werkwoord
swievr volgen

suivre les panneaux

train zelfstandig naamwoord
treng trein

Le train

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

De trein vertrekt van een ander perron.

Antwoord tonenLe train part d'un autre quai.

Ja, als we nu vertrekken.

Antwoord tonenOui, si nous partons maintenant.

Ik houd mijn ticket klaar.

Antwoord tonenJe garde mon billet prêt.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

aangeven

Antwoord tonenindique

vertrekken

Antwoord tonenpart

trein

Antwoord tonentrain

perron

Antwoord tonenquai