De weg naar de vergaderruimte vragen | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: At a reception desk, a visitor asks how to find a conference room and checks whether there is a map..

NL → FR / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met De weg naar de vergaderruimte vragen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Pouvez-vous me dire où est la salle de réunion ?

poe-vee vuu muh dier oe è la sal duh ree-uu-njong? Kunt u me vertellen waar de vergaderruimte is?
B

Passez le hall. Elle est près des ascenseurs.

pa-see luh al. Èl è preh deh-zassang-seur. Ga voorbij de lobby. De ruimte is bij de liften.
A

Est-ce que je dois prendre l'ascenseur d'ici ?

Ès-kuh zjuh dwa prangdr lassang-seur die-sie? Moet ik vanaf hier de lift nemen?
B

Prenez l'ascenseur jusqu'à l'étage au-dessus.

Pruh-nee lassang-seur zjuuska lee-taazj oo duh-suu. Neem de lift één verdieping omhoog.
B

Ensuite, tournez à gauche dans le couloir.

Ang-swiet toer-nee aa goosj dang luh koe-lwaar. Ga daarna links de gang in.
A

Est-ce qu'il y a une carte que je peux utiliser ?

Ès-kiel-ja uun kaart kuh zjuh peu uu-ti-li-zee? Is er een kaart die ik kan gebruiken?
B

Il y en a une près de l'accueil.

Iel jang-na uun preh duh la-keuj. Er ligt er een bij de receptiebalie.
A

Cela m'aide. C'est la première fois que je viens dans ce bâtiment.

Suh-la mèd. Sè la pruh-mjèr fwa kuh zjuh vjèng dang suh ba-ti-mang. Dat helpt. Ik ben voor het eerst in dit gebouw.
B

La salle est indiquée près du bout du couloir.

La sal è èng-di-kee preh duu boe duu koe-lwaar. De ruimte staat aangegeven bij het einde van de gang.

Uitleg van de zinnen

  1. Pouvez-vous me dire où est la salle de réunion ?

    Kunt u me vertellen waar de vergaderruimte is?

    Pouvez-vous
    kunt u
    dire
    zeggen, vertellen
    où
    waar
    est
    is
    salle
    zaal, ruimte
    réunion
    vergadering
    Uitgebreide uitleg

    Pouvez-vous betekent hier “kunt u” en vormt een beleefde vraag. pouvez is de vorm van pouvoir (“kunnen”) voor vous in de tegenwoordige tijd. De omkering van werkwoord en onderwerp — pouvez-vous — markeert hier de vraag; vous kan één aangesproken persoon of meerdere personen aanduiden. Voorbeeld: Pouvez-vous attendre ? — “Kunt u wachten?” dire betekent “zeggen” of “vertellen”. Het is de infinitief van dire; na een vervoegd werkwoord zoals pouvez blijft het in de infinitief. In pouvez-vous me dire betekent me “mij”: “kunt u mij vertellen”. Voorbeeld: Pouvez-vous me dire votre nom ? — “Kunt u mij uw naam vertellen?” où is het vraagwoord “waar”. Het vraagt naar een plaats. In où est ... ? staat het vóór est, omdat de vraag naar de locatie van iets wordt opgebouwd. Voorbeeld: Où est l’entrée ? — “Waar is de ingang?” est betekent hier “is”. Dit is de derde persoon enkelvoud van être (“zijn”) in de tegenwoordige tijd. De vorm est hoort bij het onderwerp dat daarna in de vraagconstructie komt, namelijk la salle de réunion; hij wordt dus niet gevormd door réunion afzonderlijk. salle betekent hier “zaal” of “ruimte”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: une salle, la salle. Het woord kan ook in andere contexten bijvoorbeeld een kamer of zaal aanduiden; de precieze soort ruimte komt hier uit de réunion. réunion betekent “vergadering”. In salle de réunion staat de réunion achter salle en specificeert het soort ruimte: een vergaderruimte. réunion is hier een zelfstandig naamwoord, niet een werkwoordsvorm. Voorbeeld: La salle de réunion est grande. — “De vergaderruimte is groot.” De onderdelen worden samen Pouvez-vous me dire où est la salle de réunion ? — “Kunt u mij vertellen waar de vergaderruimte is?” Pouvez-vous me dire is de beleefde hoofdvraag, en où est la salle de réunion is de ingebedde vraag naar de locatie. De volledige uiting vraagt dus om informatie over de plaats van de vergaderruimte.

  2. Passez le hall. Elle est près des ascenseurs.

    Ga voorbij de lobby. De ruimte is bij de liften.

    Passez
    ga voorbij; passeer
    le hall
    de hal; de lobby
    Elle est
    de ruimte is
    près
    dicht bij
    ascenseurs
    liften
    Uitgebreide uitleg

    Passez komt van passer en is hier de gebiedende wijs voor vous: één formeel aangesproken persoon of meerdere personen. In deze zin betekent het “ga voorbij” of “passeer”. Voor een informele opdracht aan één persoon is de vorm passe. le hall betekent hier “de hal/lobby”. hall is een mannelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat het bepaalde lidwoord le ervoor. Het lidwoord drukt hier bepaaldheid uit, niet een aantal. Elle est bestaat uit het voornaamwoord elle (“zij/ze”) en est, de vorm van être (“zijn”) voor de derde persoon enkelvoud. De vaste vertaling maakt hier duidelijk dat elle naar de ruimte verwijst: “de ruimte is ...”. Elle is een vrouwelijke enkelvoudsvorm; est zelf markeert echter geen grammaticaal geslacht en wordt ook gebruikt bij een mannelijk enkelvoudig onderwerp, bijvoorbeeld Le bureau est près de l’entrée (“Het bureau is dicht bij de ingang”). près betekent hier “dicht bij”. In deze betekenis wordt het normaal gebruikt in de constructie près de + zelfstandig naamwoord: près de la gare betekent “dicht bij het station”. De relatie met de liften ontstaat dus door de volledige constructie près des ascenseurs. ascenseurs is het meervoud van ascenseur, “lift”. In près des ascenseurs is des de samentrekking van de + les: “dicht bij de liften”. Het meervoud wordt zichtbaar aan -s in ascenseurs; het enkelvoud is un ascenseur of l’ascenseur. Samen geeft Passez le hall de instructie “Ga voorbij de lobby” en geeft Elle est près des ascenseurs de locatie-informatie “De ruimte is bij de liften”. De volledige betekenis is: “Ga voorbij de lobby. De ruimte is bij de liften.”

  3. Est-ce que je dois prendre l'ascenseur d'ici ?

    Moet ik vanaf hier de lift nemen?

    Est-ce que
    vraagmarkering
    je dois
    moet ik
    prendre
    nemen
    l'ascenseur
    de lift
    d'ici
    vanaf hier
    Uitgebreide uitleg

    Est-ce que is een vaste manier om in het Frans een gewone zin in een ja-neevraag te veranderen. De woordvolgorde van de mededeling blijft hierbij behouden. Bijvoorbeeld: Est-ce que tu viens ? = Kom je? je dois komt van devoir en is hier de tegenwoordige tijd van de eerste persoon enkelvoud: je dois = ik moet. Met een infinitief erna drukt het een verplichting of noodzaak uit: je dois prendre = ik moet nemen. Andere nuttige vormen zijn tu dois = jij moet en il doit = hij/zij moet; het onderwerp bepaalt dus de vorm van devoir. prendre is een infinitief en betekent hier ‘nemen’. Na devoir blijft het werkwoord in de infinitief: je dois prendre. De vorm prendre kan ook in andere contexten bijvoorbeeld ‘pakken’ of ‘meenemen’ betekenen; hier gaat het, volgens de vaste vertaling, om de lift nemen. l'ascenseur betekent ‘de lift’. ascenseur is een mannelijk zelfstandig naamwoord; voor een klinker wordt le verkort tot l': le + ascenseur → l'ascenseur. Het meervoud is les ascenseurs, zoals in de contextzin over meerdere liften. d'ici betekent ‘vanaf hier’. Het is de + ici en geeft het vertrekpunt aan. In deze zin verwijst ici naar de plaats die in de vraag als uitgangspunt wordt genomen; de vaste vertaling ondersteunt de betekenis ‘vanaf hier’. Samen vormen de delen de vraag: Est-ce que maakt er een vraag van, je dois prendre vraagt of de spreker verplicht of verondersteld is iets te nemen, l'ascenseur benoemt wat wordt genomen, en d'ici geeft het vertrekpunt aan. De volledige betekenis is daarom: ‘Moet ik vanaf hier de lift nemen?’

  4. Prenez l'ascenseur jusqu'à l'étage au-dessus.

    Neem de lift één verdieping omhoog.

    Prenez
    neem
    l'ascenseur
    de lift
    jusqu'à
    tot aan
    l'étage
    de verdieping
    au-dessus
    erboven
    Uitgebreide uitleg

    Prenez betekent hier “neem” en is de gebiedende wijs van prendre (“nemen”). De vorm prenez wordt gebruikt voor vous: voor één persoon in een beleefde aanspreekvorm of voor meerdere personen. Voorbeeld: Prenez la première rue. — “Neem de eerste straat.” l'ascenseur betekent “de lift”. l' is de verkorte vorm van le vóór een klinker; het zelfstandig naamwoord blijft ascenseur. Voorbeeld: L'ascenseur est à droite. — “De lift is rechts.” jusqu'à betekent “tot aan” of “tot”. Het is de vaste combinatie van jusque met à; vóór een klinker wordt à niet nog verder aangepast. Hier geeft de combinatie het eindpunt van de beweging aan. l'étage betekent “de verdieping”. Ook hier is l' de verkorte vorm van le vóór een klinker. étage is een mannelijk zelfstandig naamwoord; het lidwoord is dus le, met verkorting tot l'. au-dessus betekent hier “erboven” of “hoger”. De uitdrukking verwijst naar een plaats of niveau dat boven het huidige punt ligt. In l'étage au-dessus beschrijft ze de verdieping die boven de huidige verdieping ligt. Samen vormt Prenez l'ascenseur een beleefde of meervoudige instructie: “Neem de lift”. jusqu'à l'étage au-dessus voegt het eindpunt toe: ga met de lift tot de verdieping erboven. De vaste vertaling geeft dit natuurlijk weer als: “Neem de lift één verdieping omhoog.”

  5. Ensuite, tournez à gauche dans le couloir.

    Ga daarna links de gang in.

    Ensuite
    daarna
    tournez
    draai / ga
    à gauche
    naar links
    couloir
    gang
    Uitgebreide uitleg

    Ensuite betekent hier “daarna” en plaatst deze instructie na een eerdere handeling. Het is een nuttig verbindingswoord voor de volgorde: Ensuite, ... = “Daarna ...”. tournez is de gebiedende wijs van tourner (“draaien”). Deze vorm hoort bij vous: dat kan één persoon in de beleefdheidsvorm zijn of meerdere personen aanspreken. In een routebeschrijving betekent tourner vaak “afslaan” of “gaan”, niet alleen letterlijk rond zijn as draaien. Vergelijk: Tournez à droite. = “Sla rechtsaf.” à gauche betekent “naar links” en geeft de richting van het afslaan aan. Het vaste patroon tourner à gauche betekent “linksaf slaan”; het tegenovergestelde is tourner à droite (“rechtsaf slaan”). couloir betekent “gang”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: un couloir, le couloir. In de zin staat het na le, dus het gaat om een bepaalde gang. Het woord dans vóór le couloir voegt de bestemming of richting toe: “de gang in” / “naar binnen in de gang”. Samen vormen de delen: Ensuite (“daarna”) + tournez à gauche (“sla linksaf”) + dans le couloir (“de gang in”). De volledige instructie betekent dus: “Ga daarna links de gang in.”

  6. Est-ce qu'il y a une carte que je peux utiliser ?

    Is er een kaart die ik kan gebruiken?

    Est-ce qu'il y a
    is er …?
    carte
    kaart
    je peux
    ik kan
    utiliser
    gebruiken
    Uitgebreide uitleg

    Est-ce qu'il y a is een vaste vraagconstructie om te vragen of iets ergens bestaat of aanwezig is. Il y a betekent letterlijk ongeveer ‘er is/er zijn’; in deze vraag maakt Est-ce que er een ja-neevraag van. Bijvoorbeeld: Est-ce qu'il y a une pharmacie ici ? — ‘Is er hier een apotheek?’ carte betekent hier ‘kaart’. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: une carte. Het onbepaalde lidwoord une geeft hier niet op zichzelf een aantal aan; het introduceert een kaart die de spreker zoekt. Bijvoorbeeld: J'ai une carte. — ‘Ik heb een kaart.’ je peux komt van het werkwoord pouvoir, ‘kunnen’. peux is de tegenwoordige tijd bij je; het drukt hier mogelijkheid of bekwaamheid uit. De infinitief blijft na pouvoir: je peux utiliser — ‘ik kan gebruiken’. Vergelijk: je peux — ‘ik kan’, tu peux — ‘jij kunt’. utiliser betekent ‘gebruiken’. Dit is de infinitief die volgt op peux. Bijvoorbeeld: Je peux utiliser cette carte. — ‘Ik kan deze kaart gebruiken.’ que je peux utiliser is een betrekkelijke bijzin die une carte nader beschrijft: het gaat om een kaart die de spreker kan gebruiken. que is hier het voorwerp van utiliser, terwijl je het onderwerp van peux is. Samen betekent Est-ce qu'il y a une carte que je peux utiliser ?: ‘Is er een kaart die ik kan gebruiken?’ De vraag begint met de vraagconstructie, noemt daarna het gezochte voorwerp en specificeert ten slotte welke kaart bedoeld is.

  7. Il y en a une près de l'accueil.

    Er ligt er een bij de receptiebalie.

    Il y en a une
    Er is er een
    près de
    bij; vlak bij
    l'accueil
    de receptie
    Uitgebreide uitleg

    Il y en a une betekent hier dat er één exemplaar van het eerder bedoelde vrouwelijke soort aanwezig is. Il is in deze bestaansconstructie een onpersoonlijk onderwerp; het verwijst niet naar een man. y avoir is de vaste constructie voor “er zijn”. a is de tegenwoordige tijd van avoir in de derde persoon enkelvoud. en verwijst hier terug naar het eerder genoemde soort, de kaart, en une is het vrouwelijke enkelvoudige vormwoord voor “één exemplaar”. Vergelijk: Il y a une carte. — “Er is een kaart.” en Il y en a une. — “Er is er een.” près de drukt nabijheid uit: “bij” of “vlak bij”. Het is een vaste voorzetselgroep die vóór de plaats of het ding staat: près de la porte — “bij de deur”. In l'accueil is accueil een zelfstandig naamwoord voor de receptie of ontvangstbalie in deze context. l' is de verkorte vorm van le vóór een klinkerklank; de apostrof hoort bij de Franse schrijfwijze. De woordgroep betekent hier dus “de receptiebalie”. Samen geeft Il y en a une aan dat er één kaart van het bedoelde type is, en près de l'accueil lokaliseert die: ze ligt bij de receptiebalie. De volledige betekenis is: “Er ligt er een bij de receptiebalie.”

  8. Cela m'aide. C'est la première fois que je viens dans ce bâtiment.

    Dat helpt. Ik ben voor het eerst in dit gebouw.

    Cela
    Dat
    m'aide
    helpt me
    C'est
    het is
    la première fois
    de eerste keer
    je viens
    ik kom
    dans
    in
    ce
    dit/dat
    bâtiment
    gebouw
    Uitgebreide uitleg

    Cela betekent hier “dat” en is een aanwijzend voornaamwoord. Het verwijst naar iets dat in de situatie of het gesprek bekend is, zonder dat de zin zelf precies benoemt waarnaar. m'aide bestaat uit het enclitisch uitgesproken en geschreven m', de verkorte vorm van me (“mij”), en aide, de vorm van aider (“helpen”). aide is de tegenwoordige tijd bij een enkelvoudig onderwerp in de derde persoon; Cela is hier het onderwerp. Voor een ik-onderwerp krijg je bijvoorbeeld j'aide — “ik help”. C'est bestaat uit ce en est en betekent hier “het is”. est komt van être (“zijn”) en is de tegenwoordige tijd bij een enkelvoudig onderwerp in de derde persoon. Voorbeeld: C'est important. — “Het is belangrijk.” la première fois betekent “de eerste keer”. première is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van premier (“eerste”); die vorm past bij fois, een vrouwelijk zelfstandig naamwoord. De constructie C'est la première fois que ... is een herbruikbaar patroon voor “Het is de eerste keer dat ...”. je viens betekent hier “ik kom”. viens komt van venir (“komen”) en is de tegenwoordige tijd bij je. venir is onregelmatig: vergelijk je viens met nous venons — “ik kom” tegenover “wij komen”. Ook tu viens en il vient hebben hier een vorm met vien-. dans geeft hier de plaatsrelatie “in” aan: iets of iemand bevindt zich binnen een ruimte of gebied. Voorbeeld: Je suis dans la salle. — “Ik ben in de ruimte.” ce is hier een aanwijzend bepalend woord vóór een zelfstandig naamwoord. Het is de mannelijke enkelvoudsvorm en stemt af op bâtiment; in deze zin betekent het “dit”. Andere vormen zijn bijvoorbeeld cette bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord (cette salle — “deze ruimte”) en ces bij het meervoud. bâtiment betekent “gebouw”. Het is een zelfstandig naamwoord; het accentteken op â hoort bij de Franse spelling. In ce bâtiment staat de mannelijke enkelvoudige aanwijzende bepaler ce vóór dit mannelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord. Samen betekent Cela m'aide. “Dat helpt.” Daarna betekent C'est la première fois que je viens dans ce bâtiment. “Het is de eerste keer dat ik in dit gebouw kom”; natuurlijk vertaald: “Ik ben voor het eerst in dit gebouw.”

  9. La salle est indiquée près du bout du couloir.

    De ruimte staat aangegeven bij het einde van de gang.

    salle
    ruimte
    indiquée
    aangegeven
    près du
    dicht bij de
    bout
    einde
    couloir
    gang
    Uitgebreide uitleg

    salle betekent hier “ruimte” of “zaal”. Het is een zelfstandig naamwoord; in la salle staat het met het vrouwelijke enkelvoudige lidwoord la. Een bruikbaar contrast is la salle tegenover les salles voor het meervoud. indiquée betekent hier “aangegeven” of “aangeduid”. De basisvorm van het werkwoord is indiquer. In est indiquée vormt est van être samen met het voltooid deelwoord een passieve constructie: de ruimte wordt aangegeven, zonder dat de zin zegt wie dat doet. indiquée krijgt de vrouwelijke enkelvoudsvorm omdat het verwijst naar la salle; de uitgang -e hoort dus bij dit deelwoord, niet bij salle. près du drukt nabijheid uit: “dicht bij de” of “in de buurt van de”. De vaste prepositie is près de. Voor een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord wordt de + le samengevoegd tot du. Hier volgt bout, dus près du bout betekent “bij het einde”. bout betekent in deze context “einde”. Het kan ook een uiteinde of eindpunt van iets aanduiden. In le bout du couloir is het het eindpunt van de gang. Het patroon le bout de ... is breed bruikbaar, bijvoorbeeld le bout de la rue — “het einde van de straat”. couloir betekent “gang”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord, wat zichtbaar is in du couloir: ook hier is du de samenvoeging van de + le. Dit is een tweede du in de zin, met een andere functie dan het eerste: du bout hoort bij près de, terwijl du couloir de relatie “van de gang” uitdrukt. Samen opgebouwd: La salle is “de ruimte”, est indiquée zegt dat die ruimte aangegeven is, en près du bout du couloir plaatst haar bij het einde van de gang. De volledige betekenis is daarom: “De ruimte staat aangegeven bij het einde van de gang.”

Grammatica

Pouvez-vous + infinitif ?

Pouvez-vous dire ?

poe-vee vuu dier?

Kunt u het zeggen?

De beleefde vraag gebruikt inversie: het werkwoord staat vóór vous.

Il y en a + lieu

Il y en a près de l'accueil.

iel jang-na preh duh la-keuj.

Er zijn er enkele dicht bij de receptie.

Il y en a verwijst naar eerder genoemde zaken zonder ze opnieuw te herhalen.

Frans woordenschat

ascenseur zelfstandig naamwoord
assang-seur lift ascenseurs
au-dessus bijwoord
oo duh-suu erboven
d'ici bijwoord
die-sie vanaf hier
dire werkwoord
dier zeggen
étage zelfstandig naamwoord
ee-taazj verdieping
hall zelfstandig naamwoord
al hal
jusqu'à voorzetsel
zjuuska tot aan
passer werkwoord
pa-see voorbijgaan Passez
pouvoir werkwoord
poe-vwaar kunnen Pouvez-vous
prendre werkwoord
prangdr nemen
près de voorzetsel
preh duh dicht bij
salle de réunion uitdrukking
sal duh ree-uu-njong vergaderruimte

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Neem de lift één verdieping omhoog.

Antwoord tonenPrenez l'ascenseur jusqu'à l'étage au-dessus.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

hal

Antwoord tonenhall

voorbijgaan

Antwoord tonenPassez

zeggen

Antwoord tonendire

nemen

Antwoord tonenprendre