Meer tijd voor het rapport | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: At work, two adults talk about moving a report deadline because some information is still missing..

NL → FR / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Meer tijd voor het rapport oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

J'ai besoin de plus de temps pour le rapport.

zjee buh-zwee(n) duh pluu duh tang poe(r) luh ra-poor Ik heb meer tijd nodig voor het rapport.
B

Qu'est-ce qui ralentit les choses ?

kès kie ra-lang-tie lè sjooz Wat zorgt voor vertraging?
A

Il manque encore des informations.

iel mang ang-kor dè-zẽ-for-ma-sjong Er ontbreekt nog wat informatie.
B

Tu as besoin de combien de temps en plus ?

tuu aa buh-zwee(n) duh kom-bjee(n) duh tang ang pluu Hoeveel extra tijd heb je nodig?
A

Est-ce qu'on peut repousser la date limite à plus tard cette semaine ?

ès-kong puh ruh-poe-see la dat lie-miet aa pluu tar set suh-men Kunnen we de deadline verplaatsen naar later deze week?
B

Ça marche, mais envoie une courte mise à jour à l'équipe.

saa marsj, mè ang-vwaa uun koert mie-z aa zjoer aa lee-kiep Dat kan, maar stuur het team een korte update.
A

Je vais expliquer ce qui est prêt et ce qui manque encore.

zuh vè eks-plee-kee suh kie è prè ee suh kie mang ang-kor Ik zal uitleggen wat klaar is en wat nog ontbreekt.
B

Ça aidera tout le monde à adapter son planning au retard.

saa èd-raa toe luh mond aa aa-dap-tee song pla-ning oo ruh-tar Dat helpt iedereen om de planning aan de vertraging aan te passen.

Uitleg van de zinnen

  1. J'ai besoin de plus de temps pour le rapport.

    Ik heb meer tijd nodig voor het rapport.

    J'ai besoin de
    ik heb ... nodig
    plus
    meer
    temps
    tijd
    rapport
    rapport
    Uitgebreide uitleg

    J'ai besoin de betekent hier dat de spreker iets nodig heeft. Dit is een vaste constructie met avoir besoin de: j'ai besoin de ... = “ik heb ... nodig”. J'ai is de samentrekking van je en ai, de eerste persoon enkelvoud van avoir; de ontkenning is bijvoorbeeld je n'ai pas besoin de ... = “ik heb ... niet nodig”. Na besoin de volgt wat nodig is: J'ai besoin de repos. = “Ik heb rust nodig.” plus geeft hier een grotere hoeveelheid aan: “meer”. In deze zin staat het vóór de temps, omdat het een hoeveelheid van die naamwoordgroep aanduidt. Een vergelijkbaar patroon is plus de pratique = “meer oefening”. temps betekent hier “tijd”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; in deze betekenis verwijst het naar de hoeveelheid beschikbare tijd, niet naar een specifiek tijdstip. J'ai peu de temps. = “Ik heb weinig tijd.” rapport betekent “rapport”. Met het lidwoord le vormt het le rapport, “het rapport”. pour le rapport geeft aan waarvoor de tijd nodig is: voor het rapport. Het voorzetsel pour kan in zulke contexten een doel of bestemming aangeven. Samen vormen de delen: J'ai besoin de + plus de temps + pour le rapport. De volledige betekenis is: “Ik heb meer tijd nodig voor het rapport.”

  2. Qu'est-ce qui ralentit les choses ?

    Wat zorgt voor vertraging?

    Qu'est-ce qui
    wat ...?
    ralentit
    vertraagt
    choses
    dingen
    Uitgebreide uitleg

    Qu'est-ce qui vormt hier een vraag naar datgene wat de handeling uitvoert: “wat ...?”. In deze constructie staat qui voor het onderwerp van het werkwoord. Vergelijk: Qu'est-ce qui change ? — “Wat verandert er?” Bij een vraag naar het voorwerp staat in plaats daarvan Qu'est-ce que, bijvoorbeeld Qu'est-ce que tu changes ? — “Wat verander je?” De apostrof in Qu'est-ce hoort bij de vaste schrijfwijze van deze vraagvorm. ralentit betekent hier “vertraagt” en komt van ralentir. Dit is de tegenwoordige tijd, derde persoon enkelvoud: il/elle ralentit, “hij/zij vertraagt” of “het vertraagt”. In deze zin is het onderwerp de onbepaalde “wat” uit Qu'est-ce qui, niet een expliciet genoemd persoon of ding. Een bruikbaar voorbeeld is Cette décision ralentit le projet. — “Deze beslissing vertraagt het project.” choses is het meervoud van chose, “zaak” of “ding”. Het meervoud geeft aan dat het om meerdere zaken gaat; het lidwoord les staat ervoor in de volledige uitdrukking les choses. In ralentir les choses verwijst les choses vaak ruim naar de gang van zaken of een proces, zodat de uitdrukking natuurlijk kan worden weergegeven als “voor vertraging zorgen”. Een enkelvoudig voorbeeld is une chose importante — “een belangrijke zaak/een belangrijk ding”. Samen vormt Qu'est-ce qui ralentit les choses ? de vraag: “Wat vertraagt de gang van zaken?” De vaste vertaling Wat zorgt voor vertraging? geeft dezelfde bedoelde betekenis natuurlijk weer. De vraag zoekt dus naar de oorzaak of factor die het verloop vertraagt.

  3. Il manque encore des informations.

    Er ontbreekt nog wat informatie.

    Il manque
    er ontbreekt
    encore
    nog
    informations
    informatie
    Uitgebreide uitleg

    Il manque is een vaste Franse constructie voor “er ontbreekt” of “er is nog niet genoeg”. Il is hier een onpersoonlijk onderwerp; het verwijst niet naar een concreet persoon of ding. Het werkwoord is manquer, met als nuttige vormen: il manque = er ontbreekt, ils manquent = ze ontbreken. Voorbeeld: Il manque une page. — Er ontbreekt een pagina. encore betekent hier “nog”: de ontbrekende informatie is op dit moment nog steeds niet aanwezig. Het is niet hetzelfde als “opnieuw”; die betekenis kan encore in een andere context wel hebben. Voorbeeld: Il travaille encore. — Hij werkt nog steeds. informations is het meervoud van information, “informatie”. Het meervoud krijgt in het Frans de uitgang -s, die hier niet wordt uitgesproken. In de constructie il manque des informations staat deze woordgroep voor wat ontbreekt. Voorbeeld: Il manque des informations importantes. — Er ontbreekt belangrijke informatie. Samen betekent Il manque encore des informations.: “Er ontbreekt nog wat informatie.” De onpersoonlijke constructie il manque geeft aan dat iets niet aanwezig of niet compleet is; encore plaatst dat voortduren in de tijd; des informations benoemt wat ontbreekt.

  4. Tu as besoin de combien de temps en plus ?

    Hoeveel extra tijd heb je nodig?

    as besoin de
    nodig hebben
    combien
    hoeveel
    temps
    tijd
    en plus
    extra
    Uitgebreide uitleg

    as besoin de hoort bij de vaste Franse constructie avoir besoin de = iets nodig hebben. In deze zin staat as, de vorm van avoir bij tu in de tegenwoordige tijd: tu as besoin de .... Het deel na de benoemt wat nodig is. Voorbeeld: J’ai besoin de repos. = Ik heb rust nodig. combien betekent hier “hoeveel” en vraagt naar een hoeveelheid. In combinatie met de staat het voor een zelfstandig naamwoord: combien de temps = hoeveel tijd. Voorbeeld: Combien de jours restes-tu ? = Hoeveel dagen blijf je? 'temps betekent hier “tijd”. Dit zelfstandig naamwoord kan in het Frans zowel naar tijdsduur als naar tijd in bredere zin verwijzen; in combien de temps gaat het om de benodigde tijdsduur. Voorbeeld: J’ai peu de temps.` = Ik heb weinig tijd. en plus betekent “extra” of “bijkomend”. Het staat hier na temps en maakt duidelijk dat het om extra tijd gaat, niet alleen om tijd in het algemeen. Voorbeeld: Il me faut dix minutes en plus. = Ik heb tien minuten extra nodig. Samen vormen de delen: Tu as besoin de combien de temps en plus ? Letterlijk opgebouwd als “Jij hebt nodig hoeveel tijd extra?”, natuurlijk vertaald als: “Hoeveel extra tijd heb je nodig?” Het is een directe vraag naar de hoeveelheid extra tijd die de aangesprokene nodig heeft.

  5. Est-ce qu'on peut repousser la date limite à plus tard cette semaine ?

    Kunnen we de deadline verplaatsen naar later deze week?

    Est-ce qu'on peut
    kunnen we …?
    repousser
    uitstellen; verschuiven
    la date limite
    de deadline
    plus tard
    later
    cette semaine
    deze week
    Uitgebreide uitleg

    Est-ce qu'on peut vormt hier een vraag naar de mogelijkheid: “kunnen we …?” Het is een vaste vraaginleiding met est-ce que; voor on wordt peut gebruikt, de derde persoon enkelvoud van pouvoir (“kunnen”). In deze zin betekent on “we”. In een andere context kan on ook een onbepaald persoon of “men” betekenen. Voorbeeld: Est-ce qu'on peut commencer ? — “Kunnen we beginnen?” repousser betekent hier een geplande datum naar een later moment verschuiven. Dit is een infinitief na peut: pouvoir + infinitief, bijvoorbeeld On peut attendre. — “We kunnen wachten.” De vorm repousser zelf draagt hier geen tijds- of persoonsuitgang; peut draagt de vervoegde vorm. Het werkwoord kan ook andere zaken naar later verschuiven, maar hier gaat het specifiek om een deadline. la date limite is “de deadline” of “de uiterste datum”. date is een zelfstandig naamwoord en limite preciseert welk soort datum bedoeld wordt. Het lidwoord la hoort bij het vrouwelijke zelfstandige naamwoord date; limite verandert hier niet om een meervoud aan te geven. Voorbeeld: La date limite est vendredi. — “De deadline is vrijdag.” plus tard betekent “later”. plus maakt in deze uitdrukking een vergelijking met een later tijdstip, zonder dat er een expliciet eerder tijdstip genoemd hoeft te worden. Vergelijk tard (“laat”) met plus tard (“later”). Voorbeeld: Je reviendrai plus tard. — “Ik kom later terug.” cette semaine betekent “deze week”. cette is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van het aanwijzende woord bij semaine; de vorm stemt af op semaine, niet op een persoon. Vergelijk bijvoorbeeld ce mois — “deze maand” — waarbij mois een andere vorm krijgt. Hier begrenst cette semaine het latere tijdstip: het gaat om later binnen deze week. Samen vraagt Est-ce qu'on peut repousser la date limite à plus tard cette semaine ? of de groep de deadline kan verschuiven naar een later moment deze week. à plus tard cette semaine geeft het beoogde latere tijdstip aan; de hele zin is dus een beleefd verzoek om uitstel, niet een bewering dat de deadline al is verplaatst.

  6. Ça marche, mais envoie une courte mise à jour à l'équipe.

    Dat kan, maar stuur het team een korte update.

    Ça marche
    Dat kan
    envoie
    stuur
    courte
    kort
    mise à jour
    update
    équipe
    team
    Uitgebreide uitleg

    Ça marche is hier een vaste, alledaagse uitdrukking. Letterlijk verwijst marche naar werken of functioneren, maar in deze context betekent de hele uitdrukking: “Dat kan” of “Dat is goed”. Het is dus niet hetzelfde als alleen het werkwoord marcher in de betekenis “lopen”. Voorbeeld: Ça marche ! — “Dat is goed!” envoie is hier de gebiedende wijs voor één aangesproken persoon van envoyer (“sturen”). De vorm richt zich rechtstreeks tot de ontvanger: “stuur”. De gebiedende wijs staat zonder uitgedrukt onderwerp. Voorbeeld: Envoie le fichier. — “Stuur het bestand.” courte betekent hier “korte”. Het bijvoeglijk naamwoord court heeft hier de vrouwelijke enkelvoudsvorm courte, omdat het overeenkomt met het zelfstandig naamwoord mise, dat vrouwelijk en enkelvoudig is. De vormen zijn bijvoorbeeld court (mannelijk enkelvoud), courte (vrouwelijk enkelvoud), courts (mannelijk meervoud) en courtes (vrouwelijk meervoud). Voorbeeld: une courte réponse — “een kort antwoord”. mise à jour is een vaste zelfstandige woordgroep voor “update”. In deze zin gaat het om een korte update die naar het team gestuurd moet worden. De woordgroep functioneert als één naam voor de informatie die wordt verstuurd. Voorbeeld: J’envoie une mise à jour. — “Ik stuur een update.” équipe betekent “team” of “ploeg”. In à l’équipe geeft à de ontvanger aan: de update wordt naar het team gestuurd. l’ is de bepaalde vorm vóór een woord dat met een klinkerklank begint; het verandert niet het geslacht van équipe. Voorbeeld: Je parle à l’équipe. — “Ik praat met het team.” Samen vormen de delen: Ça marche geeft aan dat het voorgestelde plan aanvaardbaar is; mais markeert daarna een tegenstelling; envoie geeft de opdracht; en une courte mise à jour à l’équipe benoemt wat er gestuurd moet worden en aan wie. De volledige betekenis is daarom: “Dat kan, maar stuur het team een korte update.”

  7. Je vais expliquer ce qui est prêt et ce qui manque encore.

    Ik zal uitleggen wat klaar is en wat nog ontbreekt.

    Je vais
    ik zal / ik ga
    expliquer
    uitleggen
    ce qui
    wat ... / datgene wat ...
    prêt
    klaar
    manque
    ontbreekt
    encore
    nog
    Uitgebreide uitleg

    Je vais geeft hier de nabije toekomst aan: vais is de eerste persoon enkelvoud van aller in de tegenwoordige tijd, gevolgd door een infinitief. Het onderwerp is je, dus de spreker kondigt aan wat die zal doen. Herbruikbaar patroon: Je vais + infinitief. Voorbeeld: Je vais répondre demain. — Ik zal morgen antwoorden. expliquer is de infinitief en betekent hier dat de spreker informatie zal toelichten. Na vais blijft het werkwoord in de infinitief: Je vais expliquer, niet een vervoegde vorm. Voorbeeld: Elle explique le problème. — Zij legt het probleem uit. ce qui betekent hier wat ... of datgene wat .... Het is geen vraagwoord, maar een betrekkelijke constructie die zelf het onderwerp is van het volgende werkwoord. Daarom volgt in ce qui est prêt de vorm est. Een nuttig contrast is ce que, wanneer wat het lijdend voorwerp is: Je comprends ce que tu dis. — Ik begrijp wat je zegt. Dezelfde constructie ce qui komt in de zin nogmaals voor in ce qui manque encore. prêt is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis klaar of gereed. De vorm is hier mannelijk enkelvoud: prêt; mogelijke andere vormen zijn prête, prêts en prêtes. In ce qui est prêt beschrijft het woord wat gereed is, zonder dat de concrete referent in deze zin wordt genoemd. Voorbeeld: Le document est prêt. — Het document is klaar. manque komt van het werkwoord manquer en is de derde persoon enkelvoud van de tegenwoordige tijd. In deze constructie betekent het ontbreekt of niet aanwezig zijn; het onderwerp is ce qui, dus ce qui manque betekent wat ontbreekt. Voorbeeld: Il manque une page. — Er ontbreekt een pagina. Manquer kan in andere contexten ook andere betekenissen hebben, maar hier gaat het om iets dat ontbreekt. encore betekent hier nog of nog steeds. Het versterkt de mededeling dat iets op dit moment ontbreekt; het betekent in deze zin niet opnieuw. In encore une fois betekent hetzelfde woord bijvoorbeeld wel opnieuw. Voorbeeld: Le problème existe encore. — Het probleem bestaat nog steeds. De twee delen ce qui est prêt en ce qui manque encore zijn parallel opgebouwd. et verbindt ze: de spreker zal uitleggen wat klaar is én wat nog ontbreekt. Samen betekent de volledige zin: Ik zal uitleggen wat klaar is en wat nog ontbreekt.

  8. Ça aidera tout le monde à adapter son planning au retard.

    Dat helpt iedereen om de planning aan de vertraging aan te passen.

    Ça
    dat
    aidera
    zal helpen
    tout le monde
    iedereen
    adapter
    aanpassen
    son
    zijn/haar eigen
    planning
    planning
    retard
    vertraging
    Uitgebreide uitleg

    Ça is hier een aanwijzend voornaamwoord met de betekenis “dat/dit” als onderwerp. De precieze verwijzing wordt in deze zin niet verder vastgelegd; de vorm zelf drukt geen grammaticaal geslacht uit. aidera komt van aider (“helpen”). De uitgang -a markeert hier de futur simple voor de derde persoon enkelvoud: il/elle/ça aidera = “hij/zij/dat zal helpen”. Het onderwerp is Ça, niet tout le monde. Voorbeeld: Ça aidera beaucoup. — “Dat zal veel helpen.” tout le monde is een vaste uitdrukking voor “iedereen”. Hoewel de uitdrukking naar meerdere personen verwijst, wordt ze grammaticaal als enkelvoud behandeld: Tout le monde vient = “Iedereen komt”. In deze zin is zij het object van aidera: dat zal iedereen helpen. adapter betekent “aanpassen”. Na aider staat hier de infinitiefconstructie aider quelqu’un à adapter quelque chose: “iemand helpen iets aan te passen”. De infinitief verandert niet mee met persoon of tijd. Voorbeeld: Elle aide son équipe à s’adapter. — “Zij helpt haar team zich aan te passen.” son is een bezittelijk bijvoeglijk woord. Het betekent hier “zijn/haar” en verwijst naar iets dat bij de bedoelde persoon of groep hoort; de vorm son wordt gekozen omdat het bezeten zelfstandig naamwoord planning mannelijk enkelvoud is. Het geslacht van de bezitter bepaalt deze vorm niet. Voorbeeld: son livre = “zijn/haar boek”. planning is het zelfstandig naamwoord voor een planning of tijdschema. Het is in het Frans mannelijk enkelvoud, wat ook de vorm son verklaart. Het Engelse leenwoord wordt in het Frans gebruikt; een gebruikelijker alternatief in sommige contexten is programme, maar dat is niet dezelfde vorm als in de vaste zin. retard betekent “vertraging”. In au retard staat het na à + le, samengevoegd tot au; deze woordgroep geeft aan waaraan de planning wordt aangepast: aan de vertraging. Voorbeeld: Le train est en retard. — “De trein heeft vertraging.” Samen vormen de delen: Ça aidera = “Dat zal helpen”, tout le monde = “iedereen”, en à adapter son planning au retard = “om zijn/haar planning aan de vertraging aan te passen”. De volledige betekenis is dus: “Dat helpt iedereen om de planning aan de vertraging aan te passen.”

Grammatica

Futur simple : aidera

Tout le monde aidera l'équipe.

toe luh mond èd-raa lee-kiep

Iedereen zal het team helpen.

De uitgang -a in aidera geeft de toekomende tijd aan: ‘zal helpen’.

Ça marche !

Ça marche !

saa marsj

Dat is goed!

Deze vaste uitdrukking betekent letterlijk ‘dat werkt’, maar wordt vaak gebruikt als instemming: ‘oké’ of ‘dat is goed’.

Frans woordenschat

besoin zelfstandig naamwoord
buh-zwee(n) behoefte

J'ai besoin de plus de temps.

combien bijwoord
kom-bjee(n) hoeveel

Tu as besoin de combien de temps ?

date limite uitdrukking
dat lie-miet deadline

la date limite

en plus uitdrukking
ang pluu extra

de temps en plus

information zelfstandig naamwoord
ẽ-for-ma-sjong informatie informations

des informations

les choses zelfstandig naamwoord
lè sjooz de dingen

ralentit les choses

manquer werkwoord
mang-kee ontbreken manque

Il manque encore des informations.

plus bijwoord
pluu meer

J'ai besoin de plus de temps.

ralentir werkwoord
ra-lang-tie(r) vertragen ralentit

Qu'est-ce qui ralentit les choses ?

rapport zelfstandig naamwoord
ra-poor rapport

pour le rapport

repousser werkwoord
ruh-poe-see uitstellen; verschuiven

repousser la date limite

temps zelfstandig naamwoord
tang tijd

J'ai besoin de plus de temps pour le rapport.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Wat zorgt voor vertraging?

Antwoord tonenQu'est-ce qui ralentit les choses ?

Er ontbreekt nog wat informatie.

Antwoord tonenIl manque encore des informations.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

meer

Antwoord tonenplus

tijd

Antwoord tonentemps

informatie

Antwoord toneninformations

ontbreken

Antwoord tonenmanque