Est-ce que
«Est-ce que» vormt hier de vaste vraaginleiding voor een ja/nee-vraag. «Est-ce» opent de vraag en «que» verbindt die vraaginleiding met «qu'on peut revoir». Je gebruikt de hele uitdrukking vóór de zin waarover je een ja/nee-antwoord verwacht.
qu'on
In «Est-ce qu'on peut revoir...» verbindt «qu'» de vraaginleiding met «on peut», terwijl «on» hier naar de spreker en de gesprekspartner samen verwijst: wij. De apostrof in «qu'on» ontstaat doordat que vóór on wordt verkort. Een bruikbaar patroon is «qu'on peut» gevolgd door een werkwoord.
peut
«peut» betekent hier dat iets mogelijk is: kunnen. Het staat na «on» en vóór het werkwoord «revoir». Een veelgebruikt patroon is «on peut» plus een werkwoord.
revoir
«revoir» betekent hier opnieuw bekijken of doornemen, namelijk de actiepunten. Het is het werkwoord dat volgt op «peut» en krijgt «les points d'action» als object. Je kunt «revoir» gebruiken met iets dat je opnieuw wilt bekijken.
les
In «les points d'action» is «les» het bepaalde lidwoord bij de actiepunten. In «regardons-les» verwijst «les» naar diezelfde punten en betekent het ze. De plaats vóór een zelfstandig naamwoord en de plaats achter een werkwoord laten deze twee functies zien.
points
«points» betekent hier punten of afzonderlijke actiepunten binnen een vergadering. In «les points d'action» wordt het nader bepaald door «d'action». Je kunt «points» gebruiken voor afzonderlijke onderwerpen of items die je samen bespreekt.
d'action
In «les points d'action» betekent «d'action» van actie en bepaalt het welk soort punten bedoeld zijn. «d'» is de verkorte vorm van de verbinding met action, dat met een klinker begint. De volledige combinatie «points d'action» is bruikbaar voor concrete taken die uit een bespreking voortkomen.
de
In «de la réunion» geeft «de» de relatie aan: de actiepunten komen uit of horen bij de vergadering. Het staat samen met «la» vóór «réunion». Een betrouwbaar patroon is «de» plus een zelfstandig naamwoord om een relatie of herkomst aan te geven.
la
«la» is hier het bepaalde lidwoord vóór «réunion» in «la réunion». Het maakt duidelijk dat het om een specifieke vergadering gaat. Je gebruikt het in deze woordgroep vóór het zelfstandig naamwoord «réunion».
réunion
«réunion» betekent hier vergadering, de bijeenkomst waaruit de actiepunten komen. In «de la réunion» wordt de vergadering als bron van de punten genoemd. Je kunt «réunion» gebruiken voor een werk- of andere bijeenkomst.
J'ai
In «J'ai le résumé ouvert» betekent «J'ai» dat de spreker de samenvatting open heeft staan. Het is de vorm van avoir bij je en staat vóór wat de spreker open heeft. Een bruikbaar patroon is «J'ai» plus iets dat je hebt of beschikbaar hebt.
le
«le» is hier het bepaalde lidwoord vóór «résumé» in «le résumé ouvert». Het verwijst naar een specifieke samenvatting die al bekend is in de situatie. Het staat direct vóór het zelfstandig naamwoord.
résumé
«résumé» betekent hier samenvatting van de vergadering. In «J'ai le résumé ouvert» is het de samenvatting die openstaat. Je kunt «résumé» gebruiken voor een beknopte weergave van informatie.
ouvert
«ouvert» beschrijft in «le résumé ouvert» de toestand van de samenvatting: die staat open. Het staat na «le résumé» en zegt hoe dat document beschikbaar is. Deze vorm kun je gebruiken wanneer je de open toestand van iets beschrijft.
alors
«alors» betekent hier dus of dan en verbindt een gevolg of vervolgstap met wat eraan voorafgaat. In «J'ai le résumé ouvert, alors regardons-les» leidt het de voorgestelde volgende actie in. Aan het begin van een zin verschijnt dezelfde vorm als «Alors».
regardons
«regardons» betekent hier laten we bekijken. In «regardons-les» is het een aansporing om samen naar de actiepunten te kijken. Een bruikbaar patroon is «regardons» gevolgd door wat je samen wilt bekijken.
Qui
«Qui» vraagt hier naar de persoon die de handeling moet uitvoeren: wie. Het staat aan het begin van «Qui doit contacter le client ?». Een veelgebruikt patroon is «Qui» gevolgd door een werkwoord.
doit
«doit» betekent hier moet of hoort te en drukt een verplichting of taak uit. Het staat na «Qui» en vóór het werkwoord «contacter». Een betrouwbaar patroon is «doit» plus een werkwoord.
contacter
«contacter» betekent hier contact opnemen met iemand, namelijk met de klant. Het staat als werkwoord na «doit» en vóór «le client». Je gebruikt «contacter» met de persoon of organisatie met wie je contact opneemt.
client
«client» betekent hier klant in «le client». Het is de persoon of organisatie die door iemand van het project gecontacteerd moet worden. Je kunt «client» gebruiken na een lidwoord, zoals in «le client».
chef
In «le chef de projet» betekent «chef» hier leidinggevende of verantwoordelijke, niet iemand die kookt. Samen met «de projet» vormt het de functienaam voor degene die een project leidt. Je kunt «chef de» gebruiken als onderdeel van een professionele rol of verantwoordelijkheid.
projet
«projet» betekent hier project in de functienaam «chef de projet». Het noemt het werkgebied waarvoor de chef verantwoordelijk is. Je kunt «projet» gebruiken voor een georganiseerde opdracht of reeks werkzaamheden.
s'en
In «s'en occupera» verwijst «s'en» naar de eerder genoemde taak, hier het contact met de klant. De betekenis dat iemand die taak zal regelen ontstaat in de volledige uitdrukking «s'en occupera», niet uit «s'en» alleen. Gebruik deze vorm dus als onderdeel van die volledige constructie wanneer je naar een eerder genoemde zaak verwijst.
occupera
In «s'en occupera» betekent «occupera» dat iemand het zal regelen of afhandelen. De toekomstige betekenis en de verwijzing naar de taak komen uit de volledige uitdrukking «s'en occupera». Je kunt deze constructie gebruiken om aan te geven dat iemand een eerder genoemde taak op zich neemt.
Qu'est-ce que
«Qu'est-ce que» vormt hier samen de vraagvorm voor wat in «Qu'est-ce que je dois faire ensuite ?». «Qu'est-ce» vormt het vraagdeel en «que» koppelt dit aan «je dois faire». Gebruik de volledige uitdrukking vóór de zin waarin je vraagt wat iemand moet doen.
je
«je» betekent hier ik en is de persoon die de volgende taak moet uitvoeren. Het staat vóór «dois» in «je dois faire». Een bruikbaar patroon is «je» plus een werkwoord om over jezelf te spreken.
dois
«dois» betekent hier moet en drukt uit dat de spreker een volgende handeling moet uitvoeren. Het staat in «je dois faire» vóór het werkwoord «faire». Een betrouwbaar patroon is «je dois» plus een werkwoord.
faire
«faire» betekent hier doen en noemt de handeling waarnaar wordt gevraagd. Het staat na «je dois» in «je dois faire». Je gebruikt «devoir» in deze combinatie met een werkwoord om een noodzakelijke handeling te benoemen.
ensuite
«ensuite» betekent hier daarna en plaatst de gevraagde handeling na eerdere stappen in het gesprek. In «je dois faire ensuite» verwijst het naar de volgende stap. Je kunt «ensuite» gebruiken om de volgorde van handelingen aan te geven.
Mets
«Mets» is hier een directe opdracht om iets bij te werken of in een bepaalde toestand te brengen. In «Mets les notes à jour» krijgt het de specifieke betekenis update de notities; die betekenis komt uit de hele constructie. Het wordt gevolgd door «les notes» en «à jour».
notes
«notes» betekent hier de notities van de vergadering. In «Mets les notes à jour» is het wat bijgewerkt moet worden. Je kunt «notes» gebruiken voor geschreven informatie die je tijdens of na een bespreking bewaart.
à jour
«à jour» is samen de vaste uitdrukking voor bijgewerkt of actueel. «à» en «jour» vormen hier één geheel; «jour» betekent in deze uitdrukking niet afzonderlijk letterlijk dag. In «Mets les notes à jour» volgt «à jour» op het object om aan te geven dat dit actueel gemaakt moet worden.
et
«et» betekent hier en en verbindt twee opdrachten: «Mets les notes à jour» en «partage le fichier». Het laat zien dat beide handelingen bij dezelfde instructie horen. Je kunt «et» gebruiken om twee werkwoorden of handelingen naast elkaar te verbinden.
partage
«partage» is hier een directe opdracht om het bestand te delen. In «partage le fichier» staat het vóór het object van de handeling. Een bruikbaar patroon is «partage» plus wat je met anderen wilt delen.
fichier
«fichier» betekent hier bestand, namelijk het bestand dat gedeeld moet worden. In «partage le fichier» is het het object van de opdracht. Je kunt «fichier» gebruiken voor een digitaal document of ander digitaal bestand.
vais
In «Je vais envoyer la mise à jour» drukt «vais» samen met «envoyer» een voorgenomen toekomstige handeling uit: ik ga sturen. Het is de vorm van aller bij je en wordt gevolgd door een werkwoord. Een bruikbaar patroon is «Je vais» plus een werkwoord.
envoyer
«envoyer» betekent hier sturen en heeft «la mise à jour» als wat verstuurd wordt. In «Je vais envoyer la mise à jour à l'équipe» staat ook «à l'équipe» als ontvanger. Een betrouwbaar patroon is «envoyer» plus iets, eventueel gevolgd door «à» en de ontvanger.
mise à jour
«mise à jour» betekent hier update of bijgewerkte informatie. «mise» noemt het aanbrengen van de verandering, terwijl «à» en «jour» samen de vaste uitdrukking «à jour» vormen en aangeven dat iets actueel wordt. In «envoyer la mise à jour» is het de informatie die naar het team wordt gestuurd.
l'équipe
«l'équipe» betekent hier het team, de groep die de update ontvangt. «l'» is de verkorte vorm van het bepaalde lidwoord vóór «équipe», dat met een klinker begint. In «à l'équipe» wordt het team als ontvanger na «à» genoemd.
tout le monde
«tout le monde» betekent samen iedereen. «tout» geeft de volledige groep aan en «le monde» verwijst hier gezamenlijk naar de mensen; de hele uitdrukking is dus niet letterlijk de hele wereld. In «tout le monde aura la dernière version» is de uitdrukking het onderwerp en staat het werkwoord in het enkelvoud.
aura
«aura» betekent hier zal hebben en verwijst naar het moment waarop iedereen over de versie beschikt. Het staat na «tout le monde» en vóór «la dernière version». Een bruikbaar patroon is «tout le monde aura» plus wat iedereen zal hebben.
dernière
«dernière» betekent hier laatste in de betekenis van meest recente, zoals in «la dernière version». Het beschrijft welke versie iedereen zal hebben. Je kunt «dernière» vóór een zelfstandig naamwoord gebruiken om de meest recente versie of stand aan te duiden.
version
«version» betekent hier versie van het bestand of document. In «la dernière version» gaat het om de meest recente versie die met het team gedeeld wordt. Je kunt «version» gebruiken om verschillende uitgaven of bijgewerkte standen van hetzelfde bestand te onderscheiden.