Samen een rustig diner plannen | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: While making plans with a friend, two adults arrange a quiet dinner and choose familiar food at a calm place..

NL → FR / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Samen een rustig diner plannen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Tu veux dîner ensemble ?

Tuu vuh die-nee an-sambl? Wil je samen gaan eten?
B

J'aimerais bien. Un dîner tranquille, ça me semble bien.

Zjem-rèe bjè(n). Uhn die-nee tran-kiel, saa muh sambl bjè(n). Dat zou ik graag willen. Een rustig diner klinkt fijn.
A

Est-ce que je devrais choisir un endroit calme ?

Es-kuh zje duh-vrèe sjwa-zie uhn an-drwaa kalm? Zal ik een rustige plek kiezen?
B

Un endroit calme nous aiderait à parler.

Uhn an-drwaa kalm noe zè-duh-rèe aa par-lee. Een rustige plek zou ons helpen om te praten.
A

Tu préfères manger quelque chose de simple ou quelque chose de nouveau ?

Tuu pre-fèhr man-zjee kelk sjooz duh sènpl oe kelk sjooz duh noe-voo? Heb je liever eenvoudig eten of iets nieuws?
B

Je préférerais choisir quelque chose que je connais bien ce soir.

Zje pre-feh-rè sjwa-zie kelk sjooz kuh zje kuh-nè bjè(n) suh swaar. Ik zou vanavond liever iets kiezen dat ik goed ken.
A

Je peux réserver une table dans un restaurant près d'ici.

Zje puh reh-zehr-vee uun taabl dan-zuhn res-to-ran preh die-sie. Ik kan een tafel reserveren bij een restaurant in de buurt.
B

Envoie-moi les détails quand tu peux, s'il te plaît.

An-vwaa-mwaa lee duh-taj kan tuu puh, siel tuh pleh. Stuur me alsjeblieft de details wanneer je kunt.

Uitleg van de zinnen

  1. Tu veux dîner ensemble ?

    Wil je samen gaan eten?

    veux
    wilt
    dîner
    dineren
    ensemble
    samen
    Uitgebreide uitleg

    veux is hier de tegenwoordige tijd van vouloir (“willen”) bij tu: tu veux = “je wilt”. De vorm veux hoort dus bij de tweede persoon enkelvoud; bij je staat veux ook, maar met een ander onderwerp: je veux = “ik wil”. In deze vraag drukt veux een voorstel of vraag naar iemands bereidheid uit. dîner is hier een infinitief en betekent “dineren” of “gaan eten”. Na vouloir volgt in het Frans de infinitief: Je veux dîner = “Ik wil dineren”. Hetzelfde woord kan ook een zelfstandig naamwoord zijn (“diner”), maar in deze zin is het de handeling na veux. ensemble betekent “samen”. Het zegt dat de handeling gezamenlijk gebeurt. Bijvoorbeeld: Nous travaillons ensemble. — “Wij werken samen.” Samen vormen Tu veux dîner ensemble ? de vraag “Wil je samen gaan eten?”: tu is het onderwerp, veux vraagt of de aangesprokene dat wil, dîner benoemt de voorgestelde handeling en ensemble voegt toe dat die handeling samen gebeurt. De vraag is informeel, zoals blijkt uit het gebruik van tu.

  2. J'aimerais bien. Un dîner tranquille, ça me semble bien.

    Dat zou ik graag willen. Een rustig diner klinkt fijn.

    J'aimerais bien
    Dat zou ik graag willen
    dîner
    diner
    tranquille
    rustig
    ça me semble bien
    dat lijkt me fijn
    Uitgebreide uitleg

    J'aimerais bien betekent hier dat de spreker graag met het voorgestelde diner zou instemmen. J'aimerais is de conditionnel présent van aimer: j'aime = ik houd van/ik vind leuk, j'aimerais = ik zou graag willen. In deze vaste uitdrukking betekent aimer niet letterlijk alleen “houden van”, maar drukt het een beleefde of voorzichtige wens uit. Bien versterkt hier die wens; samen vormen ze een veelgebruikte manier om “graag” te zeggen. Dîner betekent in Un dîner tranquille “een diner” en is hier een zelfstandig naamwoord. Hetzelfde woord kan ook een werkwoord zijn: dîner = dineren/eten als avondmaaltijd. Voorbeelden: Nous dînons à huit heures. — “We dineren om acht uur.” Un dîner léger — “een lichte maaltijd.” Het onbepaalde lidwoord un markeert hier een enkelvoudig zelfstandig naamwoord, maar de zin legt niet zelfstandig een numerieke nadruk op het aantal. Tranquille beschrijft dîner: het gaat om een rustig of ontspannen diner. Het is een bijvoeglijk naamwoord. In het enkelvoud luidt de vorm zowel mannelijk als vrouwelijk tranquille; in het meervoud wordt dat tranquilles. Voorbeeld: une soirée tranquille — “een rustige avond.” Ça me semble bien betekent hier “dat lijkt me fijn”. Ça is een aanwijzend voornaamwoord voor iets dat uit de situatie of het voorafgaande voorstel blijkt; de exacte referent wordt in deze zin niet met een zelfstandig naamwoord herhaald. Me is het voornaamwoord voor de persoon die dit beoordeelt, en semble is de derde persoon enkelvoud van sembler — “lijken”. Het patroon ça me semble + beoordeling drukt uit dat iets volgens de spreker een bepaalde indruk of beoordeling geeft. In deze zin is bien een bijwoord met de betekenis “goed/fijn”. Voorbeeld: Cette idée me semble bonne. — “Dit idee lijkt me goed.” Samen zegt de spreker eerst dat die graag wil instemmen. Daarna wordt het voorgestelde plan nader ingevuld als un dîner tranquille, en ça me semble bien geeft de beoordeling daarvan: zo’n rustig diner lijkt de spreker fijn. De volledige betekenis is daarom: “Dat zou ik graag willen. Een rustig diner lijkt me fijn.”

  3. Est-ce que je devrais choisir un endroit calme ?

    Zal ik een rustige plek kiezen?

    Est-ce que
    vraagmarkering
    je devrais
    zou ik moeten
    choisir
    kiezen
    endroit
    plek
    calme
    rustig
    Uitgebreide uitleg

    Est-ce que staat aan het begin van een directe vraag. Het is een vaste vraagmarkering: de daaropvolgende woordvolgorde blijft die van een gewone mededelende zin. Bijvoorbeeld: Est-ce que tu viens ? — Kom je? je devrais is de vorm van devoir voor de eerste persoon enkelvoud in de conditionnel présent: je devrais. In deze zin drukt die vorm een overweging of voorstel uit, ongeveer “zou ik moeten …?”; de vaste vertaling geeft dat weer als “zal ik …?”. De tegenwoordige basisvorm is je dois (“ik moet”), terwijl je devrais minder stellig is. Bijvoorbeeld: Je devrais partir. — Ik zou moeten vertrekken. choisir is een infinitief en betekent “kiezen”. Na devoir staat het volgende werkwoord in de infinitief: je devrais choisir — ik zou moeten kiezen. De infinitief blijft hier onveranderd; de persoon en de conditionele vorm zitten in devrais, niet in choisir. endroit is een mannelijk zelfstandig naamwoord voor een plek of plaats. Het onbepaalde lidwoord un past hierbij: un endroit — een plek. Het lidwoord maakt de plek onbepaald, maar zegt op zichzelf niet hoeveel plekken er zijn. Bijvoorbeeld: Je cherche un endroit. — Ik zoek een plek. calme is hier een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis “rustig”. Het beschrijft endroit en staat er in deze woordgroep achter: un endroit calme. Bij een mannelijk enkelvoud blijft de vorm calme; bij een vrouwelijk enkelvoud kan dezelfde geschreven vorm voorkomen, bijvoorbeeld une rue calme. Het meervoud krijgt doorgaans calmes, bijvoorbeeld des endroits calmes — rustige plekken. Samen vormen de delen de vraag Est-ce que je devrais choisir un endroit calme ?: “Zou ik een rustige plek moeten kiezen?” of, volgens de vaste vertaling, “Zal ik een rustige plek kiezen?” De vraagmarkering maakt er een vraag van, je devrais choisir geeft de voorzichtige overweging over het kiezen weer, en un endroit calme benoemt de voorgestelde soort plek.

  4. Un endroit calme nous aiderait à parler.

    Een rustige plek zou ons helpen om te praten.

    endroit
    plek
    calme
    rustig
    nous
    ons
    aiderait
    zou helpen
    parler
    praten
    Uitgebreide uitleg

    endroit betekent hier “plek”. Het is een zelfstandig naamwoord; het lidwoord un maakt de uitdrukking onbepaald, maar zegt op zichzelf niet hoeveel plekken er zijn. Een bruikbaar voorbeeld is: Je cherche un endroit calme. — “Ik zoek een rustige plek.” calme beschrijft endroit: de plek is rustig. Het bijvoeglijk naamwoord staat hier na het zelfstandig naamwoord. De basisvorm is calme; dezelfde vorm kan ook bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord staan, terwijl het meervoud normaal calmes krijgt. Voorbeeld: une rue calme — “een rustige straat”. nous betekent hier “ons” en is het voornaamwoord voor de betrokken personen als lijdend voorwerp van aiderait: de plek zou óns helpen. Het onderwerp van de zin is niet nous, maar Un endroit calme. In een ander patroon kan nous ook “wij” betekenen, bijvoorbeeld als onderwerp; de functie moet dus uit de zin blijken. aiderait is een vorm van aider, “helpen”. De uitgang -ait markeert hier de conditionnel présent, in de derde persoon enkelvoud: “zou helpen”. Het onderwerp is Un endroit calme, daarom staat de werkwoordsvorm in het enkelvoud. Vergelijk: Cela aiderait. — “Dat zou helpen.” De voorwaardelijke vorm drukt hier een mogelijke of voorgestelde uitkomst uit; aidera zou daarentegen “zal helpen” betekenen. parler is de infinitief van “praten”. Na aider kan een persoon gevolgd worden door à en een infinitief: aider quelqu’un à faire quelque chose — “iemand helpen om iets te doen”. In deze zin is parler dus de handeling waarbij de hulp nuttig zou zijn. Voorbeeld: Ce conseil m’aide à comprendre. — “Dit advies helpt me om te begrijpen.” Samen vormen Un endroit calme en nous aiderait de kern: “Een rustige plek zou ons helpen”. à parler specificeert waarvoor die hulp nuttig zou zijn: “om te praten”. De volledige betekenis is daarom: “Een rustige plek zou ons helpen om te praten.”

  5. Tu préfères manger quelque chose de simple ou quelque chose de nouveau ?

    Heb je liever eenvoudig eten of iets nieuws?

    Tu préfères
    je hebt liever
    manger
    eten
    quelque chose
    iets
    simple
    eenvoudig
    nouveau
    nieuw
    Uitgebreide uitleg

    Tu préfères komt van préférer en betekent hier dat je een voorkeur vraagt: “heb je liever …?”. De vorm préfères is de tegenwoordige tijd bij tu; de infinitief is préférer. Een bruikbaar patroon is Tu préfères X ou Y ? — “Heb je liever X of Y?”. Voorbeeld: Tu préfères rester ici ou sortir ? — “Blijf je liever hier of ga je liever naar buiten?” manger is de infinitief “eten”. Na préférer kan een infinitief een activiteit uitdrukken: Je préfère marcher. — “Ik loop liever.” Hier is manger quelque chose samen “iets eten”. quelque chose is een vaste onbepaalde uitdrukking voor “iets”. Ze kan zelfstandig als onderwerp of object worden gebruikt: Je cherche quelque chose. — “Ik zoek iets.” In deze zin komt ze twee keer voor; telkens is ze het object van manger dat door een bijvoeglijk naamwoord nader wordt beschreven. simple betekent hier “eenvoudig” en beschrijft quelque chose: quelque chose de simple betekent “iets eenvoudigs”. Na quelque chose gebruikt het Frans in dit patroon de vóór het bijvoeglijk naamwoord. Simple heeft dezelfde vorm voor mannelijk en vrouwelijk; de vorm verandert hier dus niet door grammaticaal geslacht. nouveau betekent hier “nieuw” en beschrijft de tweede quelque chose: quelque chose de nouveau betekent “iets nieuws”. Nouveau is de mannelijke enkelvoudsvorm; de vrouwelijke vorm is nouvelle, bijvoorbeeld in une idée nouvelle — “een nieuw idee”. In de vaste uitdrukking met quelque chose blijft nouveau de vorm die bij dit patroon hoort. Ou verbindt de twee keuzemogelijkheden: eenvoudig eten tegenover iets nieuws. De hele vraag bouwt dus op als Tu préfères + manger + quelque chose de simple + ou + quelque chose de nouveau ?: “Heb je liever iets eenvoudigs te eten of iets nieuws?” De formulering vraagt om een voorkeur tussen deze twee mogelijkheden.

  6. Je préférerais choisir quelque chose que je connais bien ce soir.

    Ik zou vanavond liever iets kiezen dat ik goed ken.

    Je préférerais
    ik zou liever hebben
    choisir
    kiezen
    quelque chose
    iets
    connais
    ken
    bien
    goed
    ce soir
    vanavond
    Uitgebreide uitleg

    Je préférerais betekent hier dat de spreker een voorkeur uitdrukt: “ik zou liever …”. Dit is de conditionnel présent, eerste persoon enkelvoud, van préférer. De uitgang -ais markeert hier niet een verleden tijd, maar deze voorwaardelijke of afgezwakte voorkeur. Vergelijk: je préfère = “ik heb liever / ik verkies”, tegenover je préférerais = “ik zou liever hebben”. choisir is het infinitief “kiezen”. Na préférerais staat het werkwoord dat de gewenste handeling noemt in de infinitief: Je préférerais rester betekent bijvoorbeeld “ik zou liever blijven”. Het is dus choisir dat “kiezen” betekent, niet préférerais. quelque chose is een onbepaald voornaamwoord met de betekenis “iets”. Het verwijst hier naar een niet nader gespecificeerd ding dat de spreker wil kiezen. Voor een persoon gebruikt het Frans niet dit voornaamwoord; daarvoor is bijvoorbeeld quelqu'un gebruikelijk. Voorbeeld: Je cherche quelque chose de simple. — “Ik zoek iets eenvoudigs.” que je connais bien bepaalt nader wat voor iets bedoeld wordt. que is hier een betrekkelijk voornaamwoord en staat voor het directe object van connais: letterlijk is de structuur “iets dat ik goed ken”. In deze constructie is que niet het onderwerp; je is het onderwerp van connais. connais is de vorm van connaître voor je in de tegenwoordige tijd: je connais = “ik ken”. Het werkwoord connaître wordt gebruikt voor vertrouwdheid met een persoon, plaats of zaak. Voorbeeld: Je connais bien ce quartier. — “Ik ken deze wijk goed.” De vorm connais hoort bij je; andere personen krijgen andere vormen, zoals tu connais en il connaît. bien is hier een bijwoord bij connais en betekent “goed”: de spreker kent het genoemde ding goed of is er goed mee vertrouwd. Het betekent hier niet dat de keuze zelf goed is. Voorbeeld: Elle connaît bien la ville. — “Zij kent de stad goed.” ce soir is een tijdsbepaling met de betekenis “vanavond”. ce verwijst in deze vaste uitdrukking niet naar een zelfstandig naamwoord dat apart vertaald moet worden; samen met soir vormt het de gebruikelijke aanduiding voor de avond van vandaag. Voorbeeld: Nous travaillons ce soir. — “Wij werken vanavond.” Samen wordt de voorkeur (Je préférerais) gekoppeld aan de handeling choisir: de spreker zou liever kiezen. quelque chose is het gekozen, nog niet nader benoemde ding; que je connais bien beperkt dat tot iets waarmee de spreker goed vertrouwd is. ce soir plaatst die keuze in de avond van vandaag. De volledige bedoeling is dus: de spreker zou vanavond liever iets kiezen dat die goed kent.

  7. Je peux réserver une table dans un restaurant près d'ici.

    Ik kan een tafel reserveren bij een restaurant in de buurt.

    Je peux
    ik kan
    réserver
    reserveren
    table
    tafel
    restaurant
    restaurant
    près d'ici
    hier in de buurt
    Uitgebreide uitleg

    Je peux betekent hier “ik kan”. peux is de tegenwoordige tijd van pouvoir voor je; het drukt mogelijkheid of vermogen uit. Na pouvoir volgt een infinitief: Je peux réserver = “ik kan reserveren”. Vergelijk: Je ne peux pas venir = “Ik kan niet komen.” réserver betekent “reserveren”. Dit is de infinitief, dus de vorm die na peux nodig is. Het werkwoord kan ook zelfstandig met een ander onderwerp worden vervoegd, bijvoorbeeld Nous réservons une table = “Wij reserveren een tafel.” table betekent hier “tafel”, in de context een tafel in een restaurant. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: une table. Het meervoud is des tables. restaurant betekent “restaurant”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord, daarom staat er un restaurant. Het meervoud is des restaurants. près d'ici betekent “hier in de buurt”. près de geeft nabijheid aan; voor ici wordt de ici door weglating d'ici. Vergelijk: près de la gare = “vlak bij het station”. Samen vormen Je peux réserver une table en dans un restaurant près d'ici de betekenis: “Ik kan een tafel reserveren bij een restaurant in de buurt.” une markeert hier een niet nader bepaalde tafel; dans un restaurant plaatst de tafelreservering in een restaurant, en près d'ici bepaalt dat dit restaurant dichtbij is.

  8. Envoie-moi les détails quand tu peux, s'il te plaît.

    Stuur me alsjeblieft de details wanneer je kunt.

    Envoie-moi
    stuur me
    détails
    details
    quand
    wanneer
    peux
    kunt
    s'il te plaît
    alsjeblieft
    Uitgebreide uitleg

    Envoie-moi is een bevelsvorm van envoyer (“sturen”), gericht aan één persoon met tu. In de gebiedende wijs staat het voornaamwoord moi (“mij”) achter het werkwoord en wordt het met een koppelteken verbonden: Envoie-moi ... = “Stuur mij ...”. In een gewone mededelende zin staat hetzelfde voornaamwoord vóór het werkwoord: Tu m'envoies les détails. détails betekent hier “details”. Het is het meervoud van détail; het meervoud wordt in de spelling gemarkeerd door -s. Het lidwoord les maakt duidelijk dat het om bepaalde, contextueel bedoelde details gaat. Een bruikbaar enkelvoudig voorbeeld is: Envoie-moi le détail. — “Stuur me het detail.” quand leidt hier een tijdsbepalende bijzin in en betekent “wanneer”. Het verbindt quand tu peux met het verzoek: stuur ze op het moment dat je kunt. Het is dus niet zelf de vorm die “kunt” uitdrukt. peux is de tegenwoordige tijd van pouvoir (“kunnen”) bij tu: tu peux = “jij kunt”. De vorm peux hoort bij tu; bij je is de vorm ook peux, terwijl bij il/elle/on de vorm peut is. In quand tu peux blijft het onderwerp tu uitgedrukt, zodat duidelijk is wie kan sturen of handelen. s'il te plaît is een vaste beleefdheidsformule die letterlijk ongeveer “als het je belieft” betekent en in deze zin “alsjeblieft” toevoegt. te verwijst daarbij naar de aangesprokene met tu; de formule is daarom informeel enkelvoud. Tegen meerdere personen of in een formele aanspreekvorm wordt doorgaans s'il vous plaît gebruikt. Samen vormt Envoie-moi les détails het verzoek “Stuur me de details”. quand tu peux bepaalt wanneer dat kan gebeuren, en s'il te plaît verzacht het verzoek als beleefde toevoeging. De volledige betekenis is dus: “Stuur me alsjeblieft de details wanneer je kunt.”

Grammatica

J'aimerais + infinitif

J'aimerais dîner ensemble.

Zjem-rèe die-nee an-sambl.

Ik zou graag samen willen dineren.

J'aimerais is een beleefde manier om een wens uit te drukken; daarna volgt de infinitief.

Frans woordenschat

aider werkwoord
èe-dee helpen aiderait
aimer werkwoord
ee-mee houden van; graag willen J'aimerais
bien bijwoord
bjè(n) goed; wel
calme bijvoeglijk naamwoord
kalm kalm; rustig
choisir werkwoord
sjwa-zie kiezen
dîner werkwoord
die-nee dineren
endroit zelfstandig naamwoord
an-drwaa plek; plaats
ensemble bijwoord
an-sambl samen
parler werkwoord
par-lee praten
sembler werkwoord
sam-blee lijken semble
tranquille bijvoeglijk naamwoord
tran-kiel rustig
vouloir werkwoord
voe-lwaar willen veux

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Wil je samen gaan eten?

Antwoord tonenTu veux dîner ensemble ?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

lijken

Antwoord tonensemble

willen

Antwoord tonenveux

samen

Antwoord tonenensemble

rustig

Antwoord tonentranquille