Samen een eenvoudig uitstapje plannen | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: While planning a simple outing, two friends choose a calm indoor place and decide to buy food there..

NL → FR / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Samen een eenvoudig uitstapje plannen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Tu veux qu'on organise une sortie simple ensemble ?

Tuu vuh kong-nor-ga-niez uhng sor-tie sengpl ang-sangbl? Wil je samen een eenvoudig uitstapje plannen?
B

Oui, tant qu'on garde ça simple.

Wie, tang kong gard sa sengpl. Dat wil ik, zolang we het eenvoudig houden.
A

On peut choisir un endroit calme à l'intérieur.

Ong peuh sjwa-zier eung nang-drua kalm aa leng-teer-zjeur. We kunnen een rustige plek binnen kiezen.
B

Ce serait confortable pour moi.

Suh suh-reh kong-for-tabl poer mwa. Dat zou prettig voor mij zijn.
A

Est-ce qu'on apporte quelque chose à manger ou est-ce qu'on achète quelque chose là-bas ?

Ès kong-na-port kel-kuh sjoos aa mang-zee oe ès kong-na-sjet kel-kuh sjoos laa-baa? Zullen we eten meenemen of daar iets kopen?
B

Je préfère acheter quelque chose là-bas.

Zjuh preh-fehr a-sjuh-tee kel-kuh sjoos laa-baa. Ik zou liever daar iets kopen.
A

Je vais noter les détails et les partager avec toi.

Zjuh veh no-tee lee deh-taj ee lee par-ta-zjee a-vek twa. Ik zal de details opschrijven en ze met je delen.
B

J'ai hâte.

Zjee aat. Ik kijk ernaar uit.

Uitleg van de zinnen

  1. Tu veux qu'on organise une sortie simple ensemble ?

    Wil je samen een eenvoudig uitstapje plannen?

    veux
    wilt
    qu'on
    dat we
    organise
    organiseren
    sortie
    uitstapje
    simple
    eenvoudig
    ensemble
    samen
    Uitgebreide uitleg

    veux betekent hier “wilt” in de vraag. Het is de vorm van vouloir (“willen”) voor tu in de tegenwoordige tijd: tu veux. Andere nuttige vormen zijn je veux en nous voulons. Voorbeeld: Tu veux venir ? — “Wil je komen?” qu'on bestaat uit que + on. Que leidt hier de gewenste handeling in; on is het grammaticale onderwerp van die handeling en wordt in deze vertaling als “we” weergegeven. Na vouloir que staat in het Frans de subjonctif: qu'on organise. Voorbeeld: Je veux qu'on parte. — “Ik wil dat we vertrekken.” organise betekent hier “organiseren” en is de subjonctif présent van organiser bij on. Bij dit werkwoord ziet deze vorm er hetzelfde uit als de derde persoon enkelvoud van de indicatif, maar de constructie vouloir que bepaalt hier de subjonctif. Het basiswerkwoord is organiser, niet organisation of een ander zelfstandig naamwoord. sortie is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en betekent hier “uitstapje”. Het kan ook een uitgang of een uitgaan betekenen, afhankelijk van de context; hier bepaalt de vaste vertaling de betekenis “uitstapje”. Voorbeeld: Nous préparons une sortie. — “We bereiden een uitstapje voor.” simple betekent hier “eenvoudig”. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat bij het vrouwelijke enkelvoud sortie past. De mannelijke enkelvoudsvorm is ook simple; bijvoorbeeld un plan simple — “een eenvoudig plan”. ensemble is een bijwoord met de betekenis “samen”. Het beschrijft hier dat het organiseren gezamenlijk gebeurt. Voorbeeld: Nous travaillons ensemble. — “We werken samen.” Samen vormen de delen Tu veux + qu'on organise + une sortie simple + ensemble een vraag naar de wens om gezamenlijk een eenvoudig uitstapje te organiseren. De volledige betekenis is: “Wil je samen een eenvoudig uitstapje plannen?”

  2. Oui, tant qu'on garde ça simple.

    Dat wil ik, zolang we het eenvoudig houden.

    Oui
    ja
    tant qu'on
    zolang we
    garde
    houden
    ça
    het/dat
    simple
    eenvoudig
    Uitgebreide uitleg

    Oui betekent hier “ja” en bevestigt het voorstel of de vraag uit de vorige zin. Het is een zelfstandig antwoord en verandert niet naar persoon of getal. tant qu'on vormt het begin van een voorwaardelijke tijdsconstructie: “zolang we …”. tant que leidt hier een voorwaarde in, en on heeft de bedoelde betekenis “we”. In de standaardvervoeging krijgt het werkwoord na on de vorm van de derde persoon enkelvoud, ook wanneer on naar “we” verwijst. garde komt van garder, “houden” of “bewaren”. In on garde is het de tegenwoordige tijd: “we houden”. De vorm garde past bij het grammaticale onderwerp on; met tu staat er tu gardes. ça is een aanwijzend voornaamwoord met de betekenis “dat”, “dit” of “het”, afhankelijk van de context. Hier is het het directe object van garder; de vaste vertaling ondersteunt de algemene betekenis “het”, maar identificeert geen afzonderlijk zelfstandig naamwoord als referent. simple betekent “eenvoudig” of “simpel”. In garder ça simple beschrijft het bijvoeglijk naamwoord de toestand waarin ça gehouden wordt: “het eenvoudig houden”. De basisvorm is simple; het meervoud is simples, terwijl de uitspraak in deze twee vormen doorgaans hetzelfde blijft. Voorbeeld: On garde le plan simple. — “We houden het plan eenvoudig.” Samen vormen Oui en tant qu'on garde ça simple de betekenis: “Ja, zolang we het eenvoudig houden.” De zin bevestigt dus instemming met het voorstel, met de voorwaarde dat de aanpak eenvoudig blijft. tant que kan ook een voorwaarde met tijdsbetekenis inleiden, bijvoorbeeld: Tu peux rester tant que tu es calme. — “Je mag blijven zolang je rustig bent.”

  3. On peut choisir un endroit calme à l'intérieur.

    We kunnen een rustige plek binnen kiezen.

    On peut
    men kan
    choisir
    kiezen
    endroit
    plek
    calme
    rustig
    à l'intérieur
    binnen
    Uitgebreide uitleg

    On peut betekent hier “we kunnen”. On is een persoonlijk voornaamwoord; in deze zin verwijst het volgens de vertaling naar “we”. Het werkwoord staat in de derde persoon enkelvoud: on peut, de vorm van pouvoir (“kunnen”). In de tegenwoordige tijd is de relevante reeks bijvoorbeeld je peux, on peut, ils peuvent. De vorm peut draagt dus niet zelf een meervoudsuitgang, ook al kan on naar meerdere mensen verwijzen. choisir betekent “kiezen”. Na peut staat het volgende werkwoord in de infinitief: on peut choisir = “we kunnen kiezen”. Het onderwerp van beide werkwoorden blijft hier hetzelfde. Een herbruikbaar patroon is on peut + infinitief, bijvoorbeeld: On peut attendre. — “We kunnen wachten.” endroit betekent hier “plek” of “plaats”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat ervoor het onbepaalde lidwoord un: un endroit = “een plek”. Het lidwoord geeft hier geen specifiek numeriek aantal als leerpunt, maar introduceert een niet nader bepaalde plek. Het meervoud is des endroits. calme beschrijft endroit en betekent hier “rustig”. In deze vorm is het een enkelvoudige vorm die bij het mannelijke endroit past. De geschreven vorm is in het enkelvoud hetzelfde bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; in het meervoud wordt het calmes. Bijvoorbeeld: une rue calme — “een rustige straat”. à l'intérieur betekent “binnen” of “aan de binnenkant”. à maakt deel uit van deze plaatsaanduiding, en l' is de verkorte vorm van het lidwoord voor een woord dat met een klinkerklank begint. De uitdrukking geeft de locatie van de gekozen plek aan; ze betekent hier niet dat iemand naar binnen gaat. Samen vormen de delen: On peut + choisir + un endroit calme + à l'intérieur. De volledige betekenis is daarom: “We kunnen binnen een rustige plek kiezen.”

  4. Ce serait confortable pour moi.

    Dat zou prettig voor mij zijn.

    Ce serait
    dat zou zijn
    confortable
    comfortabel; prettig
    pour moi
    voor mij
    Uitgebreide uitleg

    Ce serait betekent hier “dat zou zijn”. serait is de vorm van het werkwoord être (“zijn”) voor de derde persoon enkelvoud in de conditionnel présent: être → il/elle serait. Deze vorm drukt hier een voorwaardelijke of hypothetische beoordeling uit, niet een vaststaand feit. Vergelijk: C’est confortable. = “Dat is comfortabel.” tegenover Ce serait confortable. = “Dat zou comfortabel zijn.” Ce is hier het onderwerp in de betekenis “dat”; de vorm zelf geeft niet aan welke concrete zaak ermee bedoeld wordt. Confortable beschrijft hier hoe iets voor de spreker zou zijn: “comfortabel” of “prettig”. Het bijvoeglijk naamwoord verandert niet voor mannelijk en vrouwelijk enkelvoud: un siège confortable, une chaise confortable. In het meervoud wordt het confortables: des sièges confortables. Voor een andere betekenisnuance kan bijvoorbeeld agréable (“aangenaam”) worden gebruikt, maar dat is niet dezelfde vorm als confortable. Pour moi betekent “voor mij”. Pour is hier het voorzetsel “voor” en moi is de beklemtoonde vorm van het persoonlijke voornaamwoord na een voorzetsel. Vergelijk in dezelfde structuur: pour toi = “voor jou” en pour lui = “voor hem”. Moi is dus niet de gewone onderwerpvorm; als onderwerp staat bijvoorbeeld je in Je suis confortable — al zou Frans voor de bedoelde betekenis meestal een andere formulering kiezen. Samen vormen de delen: Ce (“dat”) + serait (“zou zijn”) + confortable (“comfortabel/prettig”) + pour moi (“voor mij”). De volledige betekenis is daarom: “Dat zou prettig voor mij zijn.” De zin geeft een persoonlijke, voorwaardelijke beoordeling van een nog niet als feit vastgestelde situatie.

  5. Est-ce qu'on apporte quelque chose à manger ou est-ce qu'on achète quelque chose là-bas ?

    Zullen we eten meenemen of daar iets kopen?

    Est-ce qu'on
    zullen we …?
    apporte
    meeneemt
    quelque chose
    iets
    à manger
    om te eten
    achète
    koopt
    là-bas
    daar
    Uitgebreide uitleg

    Est-ce qu'on opent hier een gewone Franse ja/nee-vraag. est-ce que is een vraagconstructie; on is grammaticaal enkelvoud, maar betekent in deze zin volgens de vertaling we. Daarom staat er apporte en later achète in de derde persoon enkelvoud. De vorm qu'on is de samentrekking van que voor de klinker van on. In deze context maakt de tegenwoordige tijd een voorstel: “Zullen we …?” apporte is de vorm van apporter (“brengen/meenemen”) bij on. De infinitief is apporter; de stam draagt hier de uitgang van de derde persoon enkelvoud. In deze zin gaat het om iets meenemen naar de bedoelde plaats. Voorbeeld: J’apporte du pain. — “Ik neem brood mee.” quelque chose is een onbepaald voornaamwoord met de betekenis “iets”. Het verwijst hier naar een niet nader bepaald eetbaar ding. Het blijft als uitdrukking onveranderd; het krijgt dus geen meervoudsvorm. Voorbeeld: Tu veux quelque chose ? — “Wil je iets?” à manger bestaat uit à plus de infinitief manger (“eten”). Na een onbepaald woord geeft deze combinatie aan waarvoor iets dient: quelque chose à manger betekent letterlijk “iets om te eten”, dus “iets te eten”. De infinitief verandert hier niet met de persoon. Voorbeeld: Nous avons quelque chose à manger. — “We hebben iets te eten.” achète is de vorm van acheter (“kopen”) bij on. De spelling bevat in deze vorm è: j’achète, tu achètes, il/elle/on achète; de infinitief blijft acheter. Het onderwerp blijft grammaticaal enkelvoud, ook al verwijst on hier naar “we”. Voorbeeld: On achète du pain. — “We kopen brood.” là-bas is een bijwoord van plaats: “daar”, met de betekenis van een plaats die niet hier is. Het benoemt de plaats van het kopen en zegt op zichzelf niet welke concrete plaats dat is. Voorbeeld: Le magasin est là-bas. — “De winkel is daar.” De tweede vraag gebruikt opnieuw dezelfde vraagconstructie vóór achète. De eerste keuze is on apporte quelque chose à manger: iets te eten meenemen. ou verbindt die keuze met on achète quelque chose là-bas: daar iets kopen. Samen betekent de hele uiting: “Zullen we iets te eten meenemen of daar iets kopen?” Het is een neutrale, alledaagse manier om tussen twee mogelijkheden te vragen.

  6. Je préfère acheter quelque chose là-bas.

    Ik zou liever daar iets kopen.

    préfère
    geeft de voorkeur aan
    acheter
    kopen
    quelque chose
    iets
    là-bas
    daar
    Uitgebreide uitleg

    préfère betekent hier “geef de voorkeur aan”. Het is de vorm van het werkwoord préférer bij je in de tegenwoordige tijd: je préfère. De stamklinker en het accent in deze vorm horen bij de vervoeging; het onderwerp je maakt duidelijk wie de voorkeur heeft. Een herbruikbaar patroon is Je préfère + infinitief: Je préfère rester. — “Ik blijf liever.” acheter is de infinitief “kopen”. Na préférer kan een infinitief volgen om de gekozen handeling te noemen: Je préfère acheter — “Ik koop liever / Ik geef er de voorkeur aan om te kopen.” De infinitief heeft hier geen eigen persoon of tijd; préfère draagt die informatie. quelque chose is een onbepaald voornaamwoord met de betekenis “iets”, letterlijk een onbepaalde zaak. Het verwijst hier naar iets dat gekocht wordt, zonder te specificeren wat. Het patroon acheter quelque chose betekent “iets kopen”. Voor een persoon gebruikt het Frans een ander woord: quelqu’un betekent “iemand”. là-bas betekent “daar”, met de betekenis van een plaats die niet hier is. Het is een vaste plaatsaanduiding; là alleen kan ook “daar” betekenen, terwijl là-bas de verwijderde of aangewezen plaats duidelijker markeert. Voorbeeld: Je travaille là-bas. — “Ik werk daar.” Samen vormen de delen Je préfère + acheter quelque chose + là-bas de betekenis: “Ik zou liever daar iets kopen.” De spreker geeft dus de voorkeur aan de handeling “iets kopen” en plaatst die handeling op de locatie die met là-bas wordt aangeduid. De vorm je préfère staat in de tegenwoordige tijd; de Nederlandse vertaling gebruikt “zou liever” om dezelfde voorkeur natuurlijk weer te geven.

  7. Je vais noter les détails et les partager avec toi.

    Ik zal de details opschrijven en ze met je delen.

    Je vais
    ik zal / ik ga
    noter
    opschrijven, noteren
    détails
    details
    partager
    delen
    avec toi
    met jou
    Uitgebreide uitleg

    Je vais betekent hier dat de spreker iets van plan is of het binnenkort zal doen. vais is de vorm van aller voor je; samen met een infinitief vormt dit de futur proche: je vais + infinitief. Voorbeeld: Je vais répondre. — Ik ga antwoorden. noter betekent hier iets opschrijven of noteren. Het is de infinitief van een regelmatig werkwoord op -er; na vais blijft het in de infinitief. Voorbeeld: Je vais noter l'adresse. — Ik ga het adres opschrijven. détails is het meervoud van détail, een detail. Het meervoud wordt hier zichtbaar door les: les détails betekent “de details”. les is een bepaald lidwoord voor een meervoudige nominale groep; het drukt op zichzelf geen exact aantal uit. partager betekent delen. Ook dit is een infinitief, gecoördineerd met noter door et: noter ... et partager .... Voorbeeld: Nous allons partager les informations. — We gaan de informatie delen. avec toi betekent “met jou”. toi is de beklemtoonde vorm die na het voorzetsel avec wordt gebruikt; na andere voorzetsels staat bijvoorbeeld ook avec moi voor “met mij”. In het volledige patroon staat eerst Je vais, gevolgd door twee gecoördineerde infinitieven: Je vais noter ... et ... partager .... In les partager verwijst les naar les détails; het voornaamwoord staat vóór de infinitief partager. Zo betekent de hele zin: “Ik ga de details opschrijven en ze met je delen.”

  8. J'ai hâte.

    Ik kijk ernaar uit.

    J'ai hâte
    Ik kijk ernaar uit
    Uitgebreide uitleg

    J'ai hâte is een vaste Franse uitdrukking met de betekenis “ik kijk ernaar uit” of “ik heb er zin in”. J'ai bestaat uit je (“ik”) en de vorm ai van avoir (“hebben”): je ai wordt vóór een klinker samengevoegd tot j'ai. De vorm ai hoort bij de eerste persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd. Dit is dus niet het Franse werkwoord voor “kijken”; de volledige uitdrukking draagt de bedoelde betekenis. hâte is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord dat hier deel uitmaakt van de vaste constructie avoir hâte. In de veelgebruikte vorm avoir hâte de + infinitief volgt wat iemand verwacht of graag wil meemaken, bijvoorbeeld: J'ai hâte de commencer. — “Ik kijk ernaar uit om te beginnen.” In de gegeven zin staat die aanvulling niet; J'ai hâte. is zelfstandig en laat onuitgesproken waarnaar wordt uitgekeken. Samen betekent J'ai + hâte hier dus “Ik kijk ernaar uit.” De uitdrukking drukt positieve verwachting uit. In een volledige vervolgconstructie blijft avoir aangepast aan de persoon: Tu as hâte de partir. — “Jij kijkt ernaar uit om te vertrekken.”

Grammatica

tant que + zin

Tant que nous gardons un endroit calme, c'est simple.

Tang kuh noe gardong-zung nang-drua kalm, seh sengpl.

Zolang we een rustige plek houden, is het eenvoudig.

‘Tant que’ betekent ‘zolang’ en wordt gevolgd door een volledige zin met een vervoegd werkwoord.

avoir hâte de + infinitief

J'ai hâte d'organiser la sortie.

Zjee aat dor-ga-nie-zee laa sor-tie.

Ik kijk ernaar uit om het uitstapje te organiseren.

Na ‘avoir hâte’ staat ‘de’ vóór een infinitief: ‘J'ai hâte de…’ betekent ‘ik kijk ernaar uit om…’.

Frans woordenschat

à l'intérieur bijwoord
aa leng-teer-zjeur binnen

à l'intérieur

apporter werkwoord
a-por-tee meenemen apporte

Est-ce qu'on apporte quelque chose à manger ?

calme bijvoeglijk naamwoord
kalm rustig

un endroit calme

choisir werkwoord
sjwa-zier kiezen

On peut choisir un endroit calme

confortable bijvoeglijk naamwoord
kong-for-tabl comfortabel, prettig

Ce serait confortable pour moi

endroit zelfstandig naamwoord
ang-drua plek

un endroit calme

ensemble bijwoord
ang-sangbl samen

organise une sortie simple ensemble

garder werkwoord
gar-dee houden garde

tant qu'on garde ça simple

organiser werkwoord
or-ga-nie-zee organiseren organise

Tu veux qu'on organise une sortie simple ensemble ?

simple bijvoeglijk naamwoord
sengpl eenvoudig

une sortie simple

sortie zelfstandig naamwoord
sor-tie uitstapje

une sortie simple

tant que voegwoord
tang kuh zolang

tant qu'on garde ça simple

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Dat wil ik, zolang we het eenvoudig houden.

Antwoord tonenOui, tant qu'on garde ça simple.

Dat zou prettig voor mij zijn.

Antwoord tonenCe serait confortable pour moi.

Ik zou liever daar iets kopen.

Antwoord tonenJe préfère acheter quelque chose là-bas.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

eenvoudig

Antwoord tonensimple

organiseren

Antwoord tonenorganise

kiezen

Antwoord tonenchoisir

uitstapje

Antwoord tonensortie