Een plan met een vriend veranderen | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: While adjusting plans with a friend, one person apologizes for an unexpected change and they choose another day..

NL → FR / Niveau: A2

Over deze les

Met Een plan met een vriend veranderen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Désolé, je dois changer notre plan.

dee-zo-lee, zju dwaa sjang-zjee notr plang. Het spijt me, ik moet ons plan veranderen.
B

C'est bien que tu me l'aies dit avant mon départ.

sè bjèng ke tu me lè die avang mong dee-paar. Fijn dat je het me vertelde voordat ik vertrok.
A

Quelque chose d'imprévu est arrivé.

kèlk sjooz dang-pre-vuu è ta-rie-vee. Er kwam iets onverwachts tussen.
B

Ce n'est pas grave. On peut choisir un autre jour.

suh nè paa graav. Ong puh sjwa-zier ung nootr zjoer. Dat is niet erg. We kunnen een andere dag kiezen.
A

Est-ce que plus tard cette semaine te convient ?

ès ke pluu taar sèt se-mèn te kong-vjèng? Zou later deze week voor jou uitkomen?
B

Plus tard cette semaine, ça me va.

pluu taar sèt se-mèn, saa me vaa. Later deze week komt voor mij goed uit.
A

Je peux t'envoyer le nouveau plan.

zju puh tang-vwa-jee le nu-voo plang. Ik kan je het nieuwe plan sturen.
B

Ça m'aide à adapter mon emploi du temps.

saa mèd a-dap-tee mong ang-plwaa duu tang. Dat helpt me om mijn planning aan te passen.

Woord voor woord

Désolé Désolé betekent hier sorry en verontschuldigt de spreker voor het wijzigen van het plan. Het staat aan het begin van Désolé, je dois changer notre plan. Je gebruikt het bijvoorbeeld om je bij een vriend te verontschuldigen.
je je betekent ik en verwijst hier naar de spreker die het plan moet veranderen. In je dois staat je vóór dois. Gebruik je + werkwoord om iets over jezelf te zeggen.
dois dois betekent moet in je dois changer notre plan. Het drukt hier uit dat de spreker noodzakelijkerwijs het plan moet wijzigen; na dois volgt changer. Gebruik je dois + infinitief om een noodzaak voor jezelf uit te drukken.
changer changer betekent veranderen en benoemt hier de handeling die met het plan moet gebeuren. In je dois changer notre plan volgt het na dois. Gebruik changer + een object om te zeggen wat je verandert.
notre notre betekent ons in notre plan en geeft aan dat het plan van beide gesprekspartners is. Het staat direct vóór plan. Gebruik notre + zelfstandig naamwoord om gezamenlijk bezit aan te geven.
plan plan betekent plan en verwijst hier naar de afspraak die moet worden veranderd. In notre plan staat het na notre. Je kunt plan gebruiken voor een voorgestelde afspraak of aanpak.
C'est C'est betekent hier het is in C'est bien que ...; samen met bien geeft het aan dat de spreker iets fijn vindt. C'est staat aan het begin van de mededeling en que leidt daarna de inhoud in. Gebruik C'est bien que ... om positief te reageren op iets dat iemand heeft gedaan.
bien bien betekent hier goed of fijn in C'est bien que tu me l'aies dit. Het vormt samen met C'est en que de reactie dat iets fijn is. Gebruik C'est bien que ... om waardering uit te spreken voor een gebeurtenis.
que que betekent hier dat en verbindt C'est bien met tu me l'aies dit. De hele constructie C'est bien que ... drukt uit dat iets fijn is. Gebruik que om na zo'n beoordeling de betreffende handeling of gebeurtenis te noemen.
tu tu betekent jij en verwijst naar de persoon die de informatie heeft verteld. In que tu me l'aies dit staat tu vóór l'aies dit. Gebruik tu + werkwoord om rechtstreeks tegen één persoon te spreken.
me me betekent mij of me in tu me l'aies dit en verwijst naar degene aan wie iets is verteld. Het staat vóór l'aies dit, terwijl tu de verteller is. Gebruik tu me ... wanneer je zegt dat iemand iets aan jou vertelt.
l'aies l'aies betekent hier het hebt in tu me l'aies dit. l' verwijst naar wat verteld is en aies draagt hier het element hebt; samen met dit betekent l'aies dit hebt gezegd. Gebruik tu me l'aies dit om te zeggen dat iemand jou iets heeft verteld.
dit dit betekent gezegd in tu me l'aies dit. Dit is hier de vorm van dire die de meegedeelde inhoud weergeeft en staat na l'aies. Gebruik l'aies dit om te zeggen dat iemand iets heeft verteld.
avant avant betekent voordat of vóór en plaatst mon départ vóór het moment van vertrek. In avant mon départ staat avant vóór een zelfstandig naamwoordelijke uitdrukking. Gebruik avant + tijdstip of gebeurtenis om aan te geven dat iets eerder gebeurt.
mon mon betekent mijn in mon départ en geeft aan dat het vertrek bij de spreker hoort. Het staat vóór départ. Gebruik mon + zelfstandig naamwoord om bezit van de spreker aan te geven.
départ départ betekent vertrek en verwijst hier naar het moment waarop B zou vertrekken. In avant mon départ is het de gebeurtenis waarvoor iets eerder plaatsvindt. Gebruik départ wanneer je het vertrek van een reis of persoon bespreekt.
Quelque chose Quelque chose betekent iets: een niet nader genoemd ding of een niet nader genoemde gebeurtenis. Quelque draagt bij aan het onbepaalde karakter en chose betekent ding; samen vormen ze de uitdrukking voor iets. In Quelque chose d'imprévu est arrivé is het de gebeurtenis die onverwacht was.
d'imprévu d'imprévu betekent hier onverwachts of onvoorzien in Quelque chose d'imprévu. d' verbindt de uitdrukking met imprévu, dat de aard van quelque chose beschrijft. Gebruik quelque chose d'imprévu om een onverwachte gebeurtenis te benoemen.
est est betekent hier is in est arrivé, maar samen met arrivé beschrijft het een gebeurtenis die heeft plaatsgevonden. Het verbindt quelque chose d'imprévu met arrivé in de zin. Gebruik est arrivé om te zeggen dat iets is gebeurd of aangekomen, afhankelijk van de context.
arrivé arrivé betekent hier gebeurd in Quelque chose d'imprévu est arrivé, niet aangekomen. Arrivé is hier de vorm van arriver die de gebeurtenis als plaatsgevonden weergeeft. Gebruik est arrivé wanneer je meldt dat iets onverwachts is gebeurd.
Ce Ce betekent hier dat of het in Ce n'est pas grave en verwijst naar de gewijzigde situatie. Samen met n'est pas grave vormt het een geruststellende reactie. Gebruik Ce n'est pas grave wanneer je wilt zeggen dat een probleem of wijziging niet erg is.
n'est n'est combineert ne en est en betekent hier is niet in n'est pas grave. Pas maakt de ontkenning compleet, zodat de spreker zegt dat de situatie niet ernstig is. Gebruik n'est pas + beschrijving om iets te ontkennen.
pas pas betekent niet en werkt hier samen met n'est in n'est pas grave. Het maakt van de beschrijving grave de ontkenning is niet ernstig. Gebruik pas samen met ne of n' om een ontkenning te vormen.
grave grave betekent hier erg of ernstig in Ce n'est pas grave. In de volledige uitdrukking Ce n'est pas grave wordt een wijziging of probleem geruststellend afgezwakt tot dat is niet erg. Gebruik deze reactie na een verontschuldiging of kleine tegenvaller.
On On betekent hier we en verwijst naar beide gesprekspartners in On peut choisir un autre jour. Het onderwerp staat vóór peut en maakt het voorstel gezamenlijk. Gebruik on peut + infinitief om een gezamenlijke mogelijkheid of een voorstel te formuleren.
peut peut betekent hier kan in On peut choisir. Het drukt de mogelijkheid uit en wordt gevolgd door de infinitief choisir. Gebruik on peut + infinitief om voor te stellen wat jullie kunnen doen.
choisir choisir betekent kiezen en benoemt de actie na peut in On peut choisir un autre jour. Na peut staat choisir in de infinitief. Gebruik choisir + een optie, bijvoorbeeld een dag of tijd.
un un betekent een in un autre jour en introduceert één niet nader bepaalde dag. Het staat vóór autre jour. Gebruik un + zelfstandig naamwoord om naar één niet-specifiek item te verwijzen.
autre autre betekent andere in un autre jour en laat zien dat het om een alternatief voor de eerdere dag gaat. Het staat vóór jour. Gebruik un autre + zelfstandig naamwoord wanneer je een alternatief voorstelt.
jour jour betekent dag en is de nieuwe keuze in un autre jour. Samen met un autre duidt het een alternatieve dag aan. Gebruik jour bij het plannen of verplaatsen van een afspraak.
Est-ce Est-ce is hier de vraagmarker in Est-ce que plus tard cette semaine te convient ?; het maakt van de mededeling een ja-neevraag. De volledige vraaginleiding is Est-ce que, waarna de rest van de zin volgt. Gebruik Est-ce que ... ? om te vragen of iets past of klopt.
plus plus betekent hier niet los meer, maar draagt in plus tard de betekenis later. Samen met tard verwijst het naar een later moment deze week. Gebruik plus tard met een tijdsaanduiding om een later moment aan te geven.
tard tard betekent laat in plus tard, dat hier later betekent. Plus tard cette semaine duidt een moment later in de huidige week aan. Gebruik plus tard om een afspraak naar een later moment te verschuiven.
cette cette betekent deze in cette semaine en verwijst naar de week waarover de gesprekspartners spreken. Het staat direct vóór semaine. Gebruik cette + zelfstandig naamwoord om naar iets specifieks in de gesprekssituatie te verwijzen.
semaine semaine betekent week en maakt de tijdsaanduiding plus tard cette semaine compleet. In cette semaine gaat het om de huidige of relevante week. Gebruik semaine om een periode bij het plannen te benoemen.
te te betekent jou in te convient en verwijst naar de persoon voor wie het voorgestelde moment passend moet zijn. Het staat vóór convient. Gebruik iets te convient om te vragen of een tijd of voorstel jou past.
convient convient betekent hier past of komt uit in Est-ce que plus tard cette semaine te convient ? Convient is hier de vorm van convenir die aangeeft dat een moment geschikt is voor iemand. Gebruik iets te convient ? om te vragen of een tijd of afspraak geschikt is.
ça ça betekent dat of het in ça me va en verwijst naar het voorgestelde moment. Aan het begin van de laatste zin verschijnt hetzelfde woord als Ça in Ça m'aide en verwijst het naar de ontvangen informatie of het nieuwe plan. Gebruik ça in alledaagse verwijzingen naar iets dat al bekend is.
va va is hier de vorm van aller in ça me va, maar de hele uitdrukking betekent dat iets mij past of goed uitkomt. Me geeft aan voor wie het goed uitkomt. Gebruik ça me va om een voorgestelde tijd of optie te accepteren.
peux peux betekent kan in Je peux t'envoyer le nouveau plan en drukt uit dat de spreker dit kan doen. Na peux volgt de infinitief t'envoyer. Gebruik je peux + infinitief om aan te bieden wat je kunt doen.
t'envoyer t'envoyer betekent jou sturen in Je peux t'envoyer le nouveau plan. t' is de verkorte vorm van te voor envoyer en verwijst naar de ontvanger; envoyer betekent sturen. Gebruik je peux t'envoyer + object om aan te bieden iets naar iemand te sturen.
le le betekent het of de in le nouveau plan en verwijst hier naar het specifieke nieuwe plan. Het staat vóór nouveau plan. Gebruik le vóór een eerder bekend of specifiek mannelijk zelfstandig naamwoord.
nouveau nouveau betekent nieuwe in le nouveau plan en beschrijft het plan als nieuw voor de gewijzigde afspraak. Het staat tussen le en plan. Gebruik le nouveau + zelfstandig naamwoord om een specifiek nieuw item te benoemen.
m'aide m'aide betekent helpt me in Ça m'aide à adapter mon emploi du temps. m' is me vóór aide, en aide geeft aan dat Ça hulp biedt. Gebruik iets m'aide à + infinitief om uit te leggen welke handeling iets gemakkelijker maakt.
à à betekent hier om te in m'aide à adapter en verbindt de hulp met de handeling adapter. Na à staat hier een infinitief. Gebruik aider iemand à + infinitief om te zeggen waarmee iemand geholpen wordt.
adapter adapter betekent aanpassen in adapter mon emploi du temps en benoemt de wijziging van de planning aan de nieuwe afspraak. Het volgt op à en heeft mon emploi du temps als object. Gebruik adapter + een planning, schema of andere afspraakcontext.
emploi du temps emploi du temps betekent planning of agenda; het is hier de planning die aan de nieuwe afspraak moet worden aangepast. Emploi draagt in deze uitdrukking het idee van indeling of gebruik bij, du betekent van de en temps betekent tijd. Samen verwijst de uitdrukking naar een tijdschema. Gebruik mon emploi du temps om over je eigen planning te spreken.

Grammatica

ça me va

Ça me va.

saa me vaa.

Dat komt goed uit voor mij.

Vaste uitdrukking om te zeggen dat iets voor jou geschikt is of goed uitkomt.

Frans woordenschat

arrivé werkwoord
a-rie-vee gebeurd/aangekomen
avant voorzetsel
avang voor
bien bijvoeglijk naamwoord
bjèng goed/fijn
changer werkwoord
sjang-zjee veranderen
départ zelfstandig naamwoord
dee-paar vertrek
désolé bijvoeglijk naamwoord
dee-zo-lee het spijt me
dit werkwoord
die verteld
dois werkwoord
dwaa moet
imprévu bijvoeglijk naamwoord
ang-pre-vuu onverwacht
notre bepaler
notr ons/onze
plan zelfstandig naamwoord
plang plan
quelque chose voornaamwoord
kèlk sjooz iets

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Het spijt me, ik moet ons plan veranderen.

Antwoord tonenDésolé, je dois changer notre plan.

Er kwam iets onverwachts tussen.

Antwoord tonenQuelque chose d'imprévu est arrivé.

Ik kan je het nieuwe plan sturen.

Antwoord tonenJe peux t'envoyer le nouveau plan.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

goed/fijn

Antwoord tonenbien

vertrek

Antwoord tonendépart

het spijt me

Antwoord tonendésolé

plan

Antwoord tonenplan