Een pauze tijdens het studeren | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: During a study session, two adults pause so one person can rest and return later to vocabulary review..

NL → FR / Niveau: A2

Over deze les

Met Een pauze tijdens het studeren oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

J'étudie depuis longtemps.

zjee-tuu-die de-pwie lon-tan. Ik studeer al lange tijd.
B

Mets ton travail de côté.

mè ton tra-vaj de ko-tee. Leg je werk even opzij.
B

Repose-toi un moment.

re-pooz-twa un mo-man. Rust even uit.
A

C'est difficile de me concentrer maintenant.

sè die-fee-seel de me kon-san-tree mèn-te-nan. Het is nu moeilijk om me te concentreren.
B

Ça veut généralement dire que ton cerveau a besoin d'une pause.

sa vuh zjee-nee-raal-man dier ke ton sèr-vo a bə-zwan dune pooz. Dat betekent meestal dat je hersenen een pauze nodig hebben.
A

Est-ce que je dois revoir le vocabulaire plus tard ?

ès-ke zhe dwa re-vwaar le vo-ka-buu-lèr pluu taar? Moet ik later de woordenschat herhalen?
B

Commence par les mots plus faciles quand tu reviens.

ko-man-s par le mo pluu fa-seel kan tu re-vjan. Begin met de makkelijkere woorden als je terugkomt.
A

Je fermerai le cahier pendant que je me repose.

zhe fer-me-ree le ka-jee pan-dan ke zhe me re-pooz. Ik zal mijn notitieboek dichtdoen terwijl ik rust.
B

Alors, nous pourrons continuer plus calmement.

a-lor, noe poe-ron kon-tie-nwee pluu kalm-man. Dan kunnen we rustiger verdergaan.

Woord voor woord

J'étudie “J'étudie” betekent hier dat de spreker aan het studeren is. Het is de vorm voor “ik studeer” en past bij het onderwerp je. Je kunt “J'étudie le français” gebruiken als nieuw voorbeeld om te zeggen wat je studeert.
depuis “depuis” geeft hier aan hoelang de activiteit al duurt: al gedurende een bepaalde tijd. In “J'étudie depuis longtemps” verbindt het de activiteit met een tijdsduur die nog voortduurt. Je gebruikt het vaak met een tijdsduur, zoals “depuis deux heures” in een nieuw voorbeeld.
longtemps “longtemps” betekent hier “lange tijd” en geeft de duur van het studeren aan. Samen met “depuis” vormt het de tijdsaanduiding “depuis longtemps”. Je kunt het in een nieuw voorbeeld gebruiken om een lange duur te beschrijven.
Mets “Mets” betekent hier “leg” of “zet” en geeft een opdracht aan de aangesproken persoon. Het is de gebiedende vorm die hoort bij “ton travail”. Je kunt “Mets le livre sur la table” gebruiken als nieuw voorbeeld voor een vergelijkbare opdracht.
ton “ton” betekent hier “jouw” en verwijst naar de persoon die wordt aangesproken. Het staat vóór “travail” in “ton travail”. Je gebruikt het voor iets dat aan de aangesproken persoon toebehoort, zoals “ton cahier” in een nieuw voorbeeld.
travail “travail” betekent hier “werk”, namelijk het werk dat de aangesproken persoon even moet neerleggen. Het woord staat na “ton” in “ton travail”. Je kunt “Je finis mon travail” gebruiken als nieuw voorbeeld.
de côté “de côté” betekent hier “opzij” in de uitdrukking “Mets ton travail de côté”: leg je werk opzij. “de” en “côté” vormen samen deze uitdrukking; “côté” verwijst letterlijk naar een kant. Je kunt “mettre quelque chose de côté” gebruiken als nieuw patroon om iets opzij te leggen of apart te houden.
Repose “Repose” betekent hier “rust” en is een directe opdracht aan de aangesproken persoon. In “Repose-toi” hoort het bij het voornaamwoord “toi” en betekent de hele vorm dat je moet rusten. Je kunt “Repose-toi après le travail” gebruiken als nieuw voorbeeld.
toi “toi” verwijst hier naar de persoon die moet rusten. In “Repose-toi” staat het na de gebiedende vorm en maakt het duidelijk op wie de opdracht betrekking heeft. Je gebruikt dezelfde combinatie in een nieuw voorbeeld als je iemand rechtstreeks aanspoort om iets voor zichzelf te doen.
un “un” betekent hier “een” vóór “moment”, dus “een moment”. Het introduceert één niet nader bepaald moment in “un moment”. Je kunt “un jour” of “un instant” gebruiken als nieuw voorbeeld van hetzelfde lidwoordpatroon.
moment “moment” betekent hier “moment” of een korte tijd. In “un moment” geeft het aan hoe lang de rust duurt. Je kunt “Attends un moment” gebruiken als nieuw voorbeeld.
C'est “C'est” betekent hier “het is” en introduceert de beoordeling dat iets moeilijk is. In “C'est difficile de me concentrer maintenant” verwijst het naar de situatie op dat moment. Je kunt “C'est important” gebruiken als nieuw voorbeeld om een beoordeling in te leiden.
difficile “difficile” betekent hier “moeilijk” en beschrijft de inspanning die nodig is om te concentreren. Het staat in de constructie “C'est difficile de...” vóór wat moeilijk is. Je kunt “C'est difficile de comprendre” gebruiken als nieuw voorbeeld met een andere activiteit.
de “de” staat hier vóór het werkwoord “me concentrer” en leidt aan wat moeilijk is. In “C'est difficile de me concentrer maintenant” koppelt het de beoordeling aan de activiteit. Je gebruikt hetzelfde patroon in een nieuw voorbeeld als “C'est facile de commencer”.
me “me” verwijst hier naar de spreker en staat vóór “concentrer” in “me concentrer”. Het laat zien op wie de activiteit betrekking heeft. Je kunt “Je dois me reposer” gebruiken als nieuw voorbeeld met hetzelfde voornaamwoord vóór een werkwoord.
concentrer “concentrer” betekent hier “concentreren”, als activiteit die de spreker moeilijk vindt. Het staat na “de me” in “de me concentrer”. Je kunt “J'essaie de me concentrer” gebruiken als nieuw voorbeeld voor een poging om aandachtig te blijven.
maintenant “maintenant” betekent hier “nu” en verwijst naar het huidige moment van het gesprek. Het staat aan het einde van “C'est difficile de me concentrer maintenant”. Je kunt het gebruiken om een huidige situatie te markeren, zoals “Je travaille maintenant” in een nieuw voorbeeld.
Ça “Ça” verwijst hier naar de situatie die zojuist is genoemd: het moeilijk kunnen concentreren. In “Ça veut généralement dire...” is het onderwerp van wat die situatie meestal betekent. Je kunt “Ça dépend” gebruiken als nieuw voorbeeld om naar een eerder genoemde situatie te verwijzen.
veut “veut” betekent hier “betekent” in de vaste uitdrukking “veut dire”. Het verbindt “Ça” met de uitleg die volgt. Je kunt “Qu'est-ce que ça veut dire ?” gebruiken als nieuw voorbeeld om naar de betekenis van iets te vragen.
généralement “généralement” betekent hier “meestal” of “in het algemeen” en maakt de uitspraak minder absoluut. Het staat tussen “veut” en “dire” in “veut généralement dire”. Je kunt het gebruiken om een algemene tendens te beschrijven in plaats van een uitzondering uit te sluiten.
dire “dire” betekent hier “betekenen” binnen “veut généralement dire”. Het vormt samen met “veut” de uitdrukking voor wat iets betekent; de hele betekenis komt dus uit de combinatie. Je kunt “Ça veut dire oui” gebruiken als nieuw voorbeeld.
que “que” leidt hier de inhoud van de uitleg in: wat de situatie meestal betekent. In “Ça veut généralement dire que ton cerveau...” volgt na “que” een volledige bijzin. Je kunt dezelfde verbindende functie zien in een nieuw voorbeeld als “Je pense que c'est utile”.
cerveau “cerveau” betekent hier “brein” en is het lichaamsdeel dat volgens de zin een pauze nodig heeft. Het staat na “ton” in “ton cerveau”. Je kunt “Le cerveau a besoin de repos” gebruiken als nieuw voorbeeld.
a “a” betekent hier “heeft” en hoort bij het onderwerp “ton cerveau”. Samen met “besoin” vormt het “a besoin de”, de gebruikelijke uitdrukking om een behoefte uit te drukken. Je kunt “Mon téléphone a besoin d'une recharge” gebruiken als nieuw voorbeeld.
besoin “besoin” drukt hier de behoefte van het brein uit, in de combinatie “a besoin d'une pause”. Het wordt gebruikt met “avoir besoin de” om te zeggen dat iemand of iets iets nodig heeft. Je kunt “J'ai besoin de temps” gebruiken als nieuw voorbeeld.
d'une “d'une” betekent hier “van een” in “a besoin d'une pause”. Het is de combinatie van “de” en “une” vóór het vrouwelijke woord “pause”. Je kunt dezelfde vorm gebruiken vóór een ander vrouwelijk zelfstandig naamwoord, zoals “d'une minute” in een nieuw voorbeeld.
pause “pause” betekent hier “pauze”, de rust die het brein nodig heeft. Het staat na “d'une” in “d'une pause”. Je kunt “prendre une pause” gebruiken als nieuw voorbeeld om te zeggen dat je een pauze neemt.
Est-ce que “Est-ce que” maakt van de volgende zin een ja-of-neevraag: “Est-ce que je dois revoir le vocabulaire plus tard ?” “Est-ce” vormt de vraaginleiding en “que” koppelt die inleiding aan de rest van de zin. Je kunt dezelfde structuur gebruiken in een nieuw voorbeeld als “Est-ce que tu viens ?”.
je “je” betekent hier “ik” en is het onderwerp van de vraag over het opnieuw bekijken van de woordenschat. Het staat vóór “dois” in “je dois”. Je gebruikt “je” als je over jezelf spreekt, zoals in “Je travaille” in een nieuw voorbeeld.
dois “dois” betekent hier “moet” of “zou moeten” en vraagt of de spreker later de woordenschat hoort te herhalen. Het staat na “je” en vóór het infinitief “revoir”. Je kunt “Je dois partir” gebruiken als nieuw voorbeeld voor een noodzakelijke handeling.
revoir “revoir” betekent hier de woordenschat opnieuw bekijken of herhalen. Het staat als infinitief na “dois” in “je dois revoir le vocabulaire”. Je kunt “Je vais revoir mes notes” gebruiken als nieuw voorbeeld voor iets opnieuw doornemen.
le “le” betekent hier “de” en staat vóór “vocabulaire”. Het verwijst naar de woordenschat als een bepaald geheel in deze studiesituatie. Je kunt hetzelfde lidwoordpatroon gebruiken in een nieuw voorbeeld als “le cahier”.
vocabulaire “vocabulaire” betekent hier “woordenschat”, dus de woorden die de spreker aan het leren is. Het staat na “le” in “le vocabulaire”. Je kunt “apprendre du vocabulaire” gebruiken als nieuw voorbeeld.
plus “plus” betekent hier “meer” en vormt samen met “tard” de tijdsaanduiding “plus tard”, oftewel “later”. In deze zin geeft het niet alleenstaand de volledige betekenis “later”; die ontstaat in combinatie met “tard”. Je kunt “On en parle plus tard” gebruiken als nieuw voorbeeld.
tard “tard” verwijst hier naar een later tijdstip, in de vaste combinatie “plus tard”. Samen met “plus” betekent dit dat de woordenschat op een later moment wordt herhaald. Je kunt “Je reviens plus tard” gebruiken als nieuw voorbeeld.
Commence “Commence” betekent hier “begin” en is een opdracht aan de aangesproken persoon. Het staat vóór “par” in “Commence par les mots plus faciles”. Je kunt “Commence par le début” gebruiken als nieuw voorbeeld voor een vergelijkbare instructie.
par “par” betekent hier “met” in de combinatie “commencer par”: ergens mee beginnen. Het staat vóór wat als eerste wordt gekozen, hier “les mots plus faciles”. Je kunt “Commence par cette question” gebruiken als nieuw voorbeeld.
les “les” betekent hier “de” vóór “mots” en verwijst naar meerdere woorden. Het laat zien dat het zelfstandig naamwoord meervoudig is. Je kunt “les exercices” gebruiken als nieuw voorbeeld van hetzelfde meervoudige lidwoord.
mots “mots” betekent hier “woorden”, namelijk de woorden die later eerst worden herhaald. Het staat na “les” in “les mots plus faciles”. Je kunt “écrire des mots” gebruiken als nieuw voorbeeld.
faciles “faciles” betekent hier “makkelijkere” of “gemakkelijker te leren” en beschrijft “mots”. De vorm staat in het meervoud bij “les mots” in “les mots plus faciles”. Je kunt “des exercices faciles” gebruiken als nieuw voorbeeld.
quand “quand” betekent hier “wanneer” en leidt de bijzin in die zegt op welk moment de handeling plaatsvindt. In “quand tu reviens” volgt na “quand” het onderwerp “tu” en het werkwoord “reviens”. Je kunt “Quand tu arrives, appelle-moi” gebruiken als nieuw voorbeeld.
tu “tu” betekent hier “jij” en is het onderwerp van “reviens”. Het verwijst naar de persoon die later naar de studiesessie terugkomt. Je gebruikt “tu” in een directe, informele aanspreking, zoals in “Tu comprends ?” in een nieuw voorbeeld.
reviens “reviens” betekent hier “komt terug” of “keert terug” en beschrijft wat de aangesproken persoon later doet. Het staat na “tu” in “quand tu reviens”. Je kunt “Tu reviens demain” gebruiken als nieuw voorbeeld.
fermerai “fermerai” betekent hier “zal sluiten” en beschrijft wat de spreker tijdens het rusten van plan is. De vorm staat bij het onderwerp “je” in “Je fermerai le cahier”. Je kunt “Je fermerai la porte” gebruiken als nieuw voorbeeld.
cahier “cahier” betekent hier “notitieboek” en is het voorwerp dat de spreker zal sluiten. Het staat na “le” in “le cahier”. Je kunt “J'ouvre le cahier” gebruiken als nieuw voorbeeld met hetzelfde woord.
pendant “pendant” geeft hier de gelijktijdigheid aan tussen het sluiten van het notitieboek en het rusten. In “pendant que je me repose” leidt het samen met “que” een bijzin in. Je kunt “pendant que je travaille” gebruiken als nieuw voorbeeld voor twee gelijktijdige activiteiten.
Alors “Alors” betekent hier “dan” en leidt het gevolg in van de pauze en het rusten. Het verbindt de vorige handeling met “nous pourrons continuer”. Je kunt “Alors, on commence” gebruiken als nieuw voorbeeld om een gevolg of volgende stap in te leiden.
nous “nous” betekent hier “wij” en is het onderwerp van “pourrons continuer”. Het verwijst naar beide personen in de studiesessie. Je kunt “Nous travaillons ensemble” gebruiken als nieuw voorbeeld.
pourrons “pourrons” betekent hier “zullen kunnen” en geeft aan dat beide personen daarna weer verder kunnen gaan. Het staat bij “nous” en vóór het infinitief “continuer”. Je kunt “Nous pourrons parler demain” gebruiken als nieuw voorbeeld.
continuer “continuer” betekent hier “doorgaan” met de studie of het gesprek. Het staat als infinitief na “pourrons” in “nous pourrons continuer”. Je kunt “Nous allons continuer demain” gebruiken als nieuw voorbeeld.
calmement “calmement” betekent hier “rustig” en beschrijft hoe de personen verdergaan. In “plus calmement” geeft het samen met “plus” aan dat ze rustiger verdergaan dan daarvoor. Je kunt “Il parle calmement” gebruiken als nieuw voorbeeld.

Grammatica

depuis + tijdsduur met de tegenwoordige tijd

J'étudie depuis longtemps.

zjee-tuu-die de-pwie lon-tan.

Ik studeer al lang.

Frans gebruikt hier de tegenwoordige tijd voor een handeling die in het verleden begon en nog steeds voortduurt.

gebiedende wijs van een wederkerend werkwoord: werkwoord + -toi

Repose-toi maintenant.

re-pooz-twa mèn-te-nan.

Rust nu uit.

Bij een bevestigende opdracht komt het wederkerend voornaamwoord achter het werkwoord: repose-toi.

Frans woordenschat

ça voornaamwoord
sa dat
de côté uitdrukking
de ko-tee opzij
depuis voorzetsel
de-pwie sinds; al gedurende
difficile bijvoeglijk naamwoord
die-fee-seel moeilijk
étudier werkwoord
ee-tuu-djee studeren j'étudie
longtemps bijwoord
lon-tan lang
maintenant bijwoord
mèn-te-nan nu
mettre werkwoord
mètr leggen; zetten mets
moment zelfstandig naamwoord
mo-man moment
se concentrer werkwoord
se kon-san-tree zich concentreren me concentrer
se reposer werkwoord
se re-poo-zee uitrusten repose-toi
travail zelfstandig naamwoord
tra-vaj werk

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Ik studeer al lange tijd.

Antwoord tonenJ'étudie depuis longtemps.

Leg je werk even opzij.

Antwoord tonenMets ton travail de côté.

Rust even uit.

Antwoord tonenRepose-toi un moment.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

werk

Antwoord tonentravail

leggen; zetten

Antwoord tonenmets

moment

Antwoord tonenmoment

moeilijk

Antwoord tonendifficile