Een verkeerde bestelling laten vervangen | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: At a service counter, a customer explains that the food order is wrong and a staff member arranges a replacement..

NL → FR / Niveau: A2

Over deze les

Met Een verkeerde bestelling laten vervangen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Excusez-moi, je crois que j'ai reçu la mauvaise commande.

Ekskuuzee-mwaa, zje krwar ke zjee re-suu la mo-vèz ko-mãnd. Pardon, ik denk dat ik de verkeerde bestelling heb gekregen.
B

Laissez-moi vérifier. Qu'avez-vous commandé ?

Lèssee-mwaa vee-ree-fjee. Kaa-vee-voe ko-mãndee? Laat me dat even controleren. Wat had u besteld?
A

J'ai commandé une soupe, mais il y a une salade sur ce plateau.

Zjee ko-mãndee un soep, mè il ja un sa-lad suur se pla-too. Ik had soep besteld, maar op dit dienblad ligt een salade.
B

Je peux remplacer ça tout de suite.

Zje puh rã-plaas-see saa toe de swiet. Ik kan het meteen vervangen.
A

Est-ce que je dois attendre ici pendant que vous allez chercher ça ?

Ès ke zje dwaa za-tãndr i-sie pã-dã ke voe za-lee sjèr-sjee saa? Moet ik hier wachten terwijl u dat haalt?
B

Veuillez attendre près du comptoir.

Vuh-jee a-tãndr prè duu kõ-twaar. Wacht u alstublieft bij de balie.
A

Je vais là-bas maintenant.

Zje vè la-baa mè̃t-nã. Ik ga nu daarheen.
B

Votre soupe devrait être prête bientôt.

Votr soep də-vrè ètr prèt bjè̃-too. Uw soep zou snel klaar moeten zijn.

Woord voor woord

Excusez In « Excusez-moi » betekent « Excusez » ‘neem me niet kwalijk’ of ‘excuseer’. Het is een beleefde manier om de aandacht van iemand te vragen, bijvoorbeeld aan een servicebalie.
moi In « Excusez-moi » betekent « moi » ‘mij’: de spreker vraagt de ander om hem of haar te excuseren. Deze vorm staat hier na het werkwoord in de vaste beleefde uitdrukking « Excusez-moi ».
je In « je crois » betekent « je » ‘ik’ en is het de persoon die denkt of gelooft. Een veelgebruikt patroon is « je crois que » gevolgd door wat je denkt.
crois In « je crois » betekent « crois » ‘denk’ of ‘geloof’. Samen met « je » drukt het uit dat de spreker niet volledig zeker is; « je crois que » wordt gebruikt om een mening of inschatting in te leiden.
que In « je crois que » betekent « que » ‘dat’ en verbindt het de gedachte met de informatie die erop volgt. Het patroon « je crois que » is bruikbaar wanneer je een vermoeden of mening uitspreekt.
j'ai In « j'ai reçu » betekent « j'ai » ‘ik heb’ en helpt het vertellen dat de spreker iets heeft ontvangen. Het staat hier samen met « reçu »; een bruikbaar patroon is « j'ai » gevolgd door wat je hebt gedaan of ontvangen.
reçu In « j'ai reçu » betekent « reçu » ‘ontvangen’ of ‘gekregen’. Samen met « j'ai » verwijst het hier naar de bestelling die de spreker heeft gekregen; het werkwoord recevoir heeft deze vorm in de dialoog.
la In « la mauvaise commande » betekent « la » ‘de’ en hoort het bij « commande ». Het staat vóór het zelfstandig naamwoord om naar die specifieke bestelling te verwijzen.
mauvaise In « la mauvaise commande » betekent « mauvaise » ‘verkeerde’ en beschrijft het de bestelling als niet de bestelde bestelling. Het staat direct vóór « commande » om die bestelling te omschrijven.
commande In « la mauvaise commande » betekent « commande » ‘bestelling’. In deze situatie gaat het om de maaltijd die de klant heeft besteld en ontvangen; « une commande » is een bruikbaar patroon voor ‘een bestelling’.
Laissez In « Laissez-moi vérifier » betekent « Laissez » ‘laat’ in een beleefde instructie: de medewerker vraagt de klant hem of haar iets te laten controleren. Een bruikbaar patroon is « laissez-moi » gevolgd door een handeling.
vérifier In « Laissez-moi vérifier » betekent « vérifier » ‘controleren’. Het staat na « laissez-moi » en benoemt wat de medewerker wil doen; het patroon « vérifier quelque chose » kan worden gebruikt voor iets controleren.
Qu'avez-vous In « Qu'avez-vous commandé ? » leidt « Qu'avez-vous » de vraag in naar wat de klant heeft besteld. De vorm bevat de vraag naar ‘wat’ en de beleefde aanspreekvorm « vous »; de hele vraag wordt gebruikt om iemands bestelling te achterhalen.
commandé In « Qu'avez-vous commandé ? » betekent « commandé » ‘besteld’. Samen met « avez-vous » verwijst het naar de bestelling van de klant; het werkwoord commander heeft hier deze vorm.
une In « une soupe » betekent « une » ‘een’ en staat het vóór « soupe ». Het introduceert hier één portie soep als het gerecht dat de klant had besteld.
soupe In « une soupe » betekent « soupe » ‘soep’. Het is hier het gerecht dat de klant heeft besteld; « une soupe » is een bruikbare combinatie wanneer je één soep bestelt.
mais In « mais il y a une salade » betekent « mais » ‘maar’ en introduceert het de tegenstelling met de bestelde soep. Je gebruikt « mais » om twee tegenstrijdige of afwijkende feiten met elkaar te verbinden.
il y a « Il y a » is hier de vaste Franse constructie voor ‘er is’ of ‘er ligt’: « il y a une salade sur ce plateau » zegt dat er een salade op dit dienblad aanwezig is. « Il », « y » en « a » vormen samen deze constructie; je vertaalt ze hier niet afzonderlijk.
salade In « une salade » betekent « salade » ‘salade’. In de dialoog benoemt het het gerecht dat op het dienblad ligt in plaats van de bestelde soep.
sur In « sur ce plateau » betekent « sur » ‘op’ en geeft het de plaats aan waar de salade ligt. Het staat vóór de plaats of het voorwerp: « sur » gevolgd door iets waarop iets ligt.
ce In « ce plateau » betekent « ce » ‘dit’ en wijst het naar het dienblad dat hier voor de gesprekspartners aanwezig is. Het staat vóór « plateau » om naar dat specifieke dienblad te verwijzen.
plateau In « ce plateau » betekent « plateau » ‘dienblad’. De zin gebruikt het om aan te geven waarop de salade ligt; « sur un plateau » is een bruikbaar patroon voor iets op een dienblad.
peux In « Je peux remplacer ça » betekent « peux » ‘kan’ en drukt het uit dat de medewerker in staat is de bestelling te vervangen. Het werkwoord pouvoir heeft hier deze vorm na « je »; een bruikbaar patroon is « je peux » plus een handeling.
remplacer In « Je peux remplacer ça » betekent « remplacer » ‘vervangen’. Het benoemt de oplossing voor de verkeerde bestelling en staat na « peux »; het patroon « remplacer quelque chose » betekent iets vervangen.
ça In « remplacer ça » verwijst « ça » naar ‘dat’ of ‘het’, namelijk het verkeerde gerecht of de verkeerde bestelling waarover de gesprekspartners spreken. Het is het voorwerp van « remplacer » en wordt gebruikt om naar iets aanwijsbaars uit de situatie te verwijzen.
tout de suite « Tout de suite » betekent als vaste uitdrukking ‘meteen’ of ‘direct’. « Tout » versterkt het onmiddellijke karakter en « de suite » maakt samen met « tout » de tijdsuitdrukking compleet; de medewerker belooft de vervanging onmiddellijk te regelen.
Est-ce que « Est-ce que » is een vaste inleiding voor een vraag en maakt van de volgende zin een vraag: « Est-ce que je dois attendre ici… ? ». « Est-ce » opent de vraag en « que » verbindt deze inleiding met de rest van de zin.
dois In « je dois attendre » betekent « dois » ‘moet’ en geeft het aan dat de spreker vraagt of wachten noodzakelijk is. Het werkwoord devoir heeft hier deze vorm na « je »; een bruikbaar patroon is « je dois » plus een handeling.
attendre In « je dois attendre ici » betekent « attendre » ‘wachten’. Het staat na « dois » en benoemt de handeling waarover de spreker toestemming of instructie vraagt.
ici In « attendre ici » betekent « ici » ‘hier’ en geeft het de plaats van het wachten aan. Je gebruikt « ici » om naar de plaats van de spreker te verwijzen.
pendant que « Pendant que » betekent ‘terwijl’ en verbindt de wachthandeling met wat de medewerker ondertussen doet. « Pendant » geeft de duur aan en « que » leidt de andere handeling in; samen gebruiken ze twee gelijktijdige handelingen.
vous In « vous allez chercher ça » betekent « vous » hier ‘u’ en verwijst het beleefd naar de medewerker. Het staat als persoon bij « allez »; « vous » kan ook worden gebruikt wanneer je meer dan één persoon aanspreekt.
allez In « vous allez chercher ça » betekent « allez » ‘gaat’. Samen met « chercher ça » beschrijft het dat de medewerker ergens naartoe gaat om het te halen; het werkwoord aller heeft hier deze vorm bij « vous ».
chercher In « aller chercher ça » betekent « chercher » ‘halen’ in de betekenis van ergens naartoe gaan om iets op te halen. Het staat na « allez »; een bruikbaar patroon is « aller chercher » gevolgd door het voorwerp.
Veuillez In « Veuillez attendre près du comptoir » betekent « Veuillez » ‘gelieve’ of ‘alstublieft’ en leidt het een beleefd verzoek aan de klant in. Een bruikbaar patroon is « veuillez » gevolgd door een handeling, zoals hier « attendre ».
près In « près du comptoir » betekent « près » ‘dicht bij’. Het geeft aan dat de klant in de buurt van de balie moet wachten; « près de » wordt gebruikt om nabijheid aan te geven.
du In « près du comptoir » betekent « du » hier ‘de’ in de combinatie ‘bij de balie’. « Du » is de samengevoegde vorm van « de » en « le » en staat vóór « comptoir ».
comptoir In « près du comptoir » betekent « comptoir » ‘balie’ of ‘toonbank’. Het is de plaats waar de klant moet wachten; « près du comptoir » is een bruikbare combinatie voor ‘bij de balie’.
vais In « Je vais là-bas » betekent « vais » ‘ga’ en drukt het uit dat de spreker zich naar een andere plaats begeeft. Het werkwoord aller heeft hier deze vorm na « je »; een bruikbaar patroon is « je vais » gevolgd door een plaats.
là-bas In « Je vais là-bas » betekent « là-bas » ‘daarheen’ of ‘daar’. Het wijst naar een plaats die niet hier is en past bij « vais » om de bestemming aan te geven.
maintenant In « Je vais là-bas maintenant » betekent « maintenant » ‘nu’. Het maakt duidelijk dat de spreker onmiddellijk naar die plaats gaat; je gebruikt het om het tijdstip van een handeling aan te geven.
Votre In « Votre soupe » betekent « Votre » ‘uw’ en geeft het aan dat de soep van de klant is of voor de klant bedoeld is. Het staat vóór « soupe » om de relatie tussen de klant en de soep aan te geven.
devrait In « Votre soupe devrait être prête bientôt » drukt « devrait » uit dat de soep naar verwachting snel klaar zal zijn. Het werkwoord devoir heeft hier deze vorm; een bruikbaar patroon is « devrait » gevolgd door een handeling of toestand.
être In « devrait être prête » betekent « être » ‘zijn’ en verbindt het de soep met de toestand ‘klaar’. Het staat na « devrait » en vormt samen met « prête » de beschrijving van de verwachte toestand.
prête In « être prête » betekent « prête » ‘klaar’ en beschrijft het dat de soep gereed is om te worden meegenomen of geserveerd. Het hoort hier bij « soupe » in de uitdrukking « Votre soupe devrait être prête ».
bientôt In « prête bientôt » betekent « bientôt » ‘binnenkort’ of ‘snel’. Het geeft aan dat de soep niet onmiddellijk, maar naar verwachting kort daarna klaar zal zijn.

Grammatica

il y a + zelfstandig naamwoord

Il y a une salade.

Il ja un sa-lad.

Er is een salade.

Il y a drukt uit dat iets bestaat of aanwezig is; letterlijk betekent het ongeveer ‘er is’.

veuillez + infinitif

Veuillez vérifier la commande.

Vuh-jee vè-ree-fie la ko-mãnd.

Gelieve de bestelling te controleren.

Veuillez + infinitif is een formele, beleefde manier om een verzoek of instructie te formuleren.

Frans woordenschat

commande zelfstandig naamwoord
ko-mãnd bestelling

la mauvaise commande

commander werkwoord
ko-mãndee bestellen commandé

Qu'avez-vous commandé ?

croire werkwoord
krwaar denken, geloven crois

je crois

il y a uitdrukking
il ja er is, er ligt

il y a une salade

laisser werkwoord
lèssee laten Laissez

Laissez-moi vérifier

mauvais bijvoeglijk naamwoord
mo-vè verkeerd, slecht mauvaise

la mauvaise commande

plateau zelfstandig naamwoord
pla-too dienblad

sur ce plateau

recevoir werkwoord
re-se-vwaar ontvangen reçu

j'ai reçu

remplacer werkwoord
rã-plaas-see vervangen

remplacer ça

salade zelfstandig naamwoord
sa-lad salade

une salade

soupe zelfstandig naamwoord
soep soep

une soupe

vérifier werkwoord
vè-ree-fjee controleren, nakijken

Laissez-moi vérifier

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Laat me dat even controleren. Wat had u besteld?

Antwoord tonenLaissez-moi vérifier. Qu'avez-vous commandé ?

Wacht u alstublieft bij de balie.

Antwoord tonenVeuillez attendre près du comptoir.

Ik ga nu daarheen.

Antwoord tonenJe vais là-bas maintenant.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

controleren, nakijken

Antwoord tonenvérifier

soep

Antwoord tonensoupe

bestellen

Antwoord tonencommandé

ontvangen

Antwoord tonenreçu