Sneeuw en gladde wegen | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: On a snowy morning, two adults discuss icy sidewalks, safer shoes, and possible bus delays before leaving..

NL → FR / Niveau: A2

Over deze les

Met Sneeuw en gladde wegen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Il a beaucoup neigé cette nuit.

Iel aa boekoe nee-zjee set nwee. Het heeft vannacht veel gesneeuwd.
B

Les trottoirs peuvent être verglacés ce matin.

Lee tro-twaar puuv etr ver-glah-see suh ma-tẽ. De stoepen kunnen vanochtend glad zijn.
A

Alors, je devrais mettre des bottes qui accrochent mieux.

A-lor, zuh duh-vreh metr dee bot kuh a-krosj moo. Dan moet ik laarzen met meer grip dragen.
B

Tu devrais aussi marcher plus prudemment que d'habitude.

Tuu duh-vreh oh-see mar-sjee pluu pruu-duh-mahn kuh da-bie-tuud. Je moet ook voorzichtiger lopen dan normaal.
A

Tu penses que les bus auront du retard ?

Tuu pans kuh lee buus oh-rõ duu ruh-tar? Denk je dat de bussen vertraging zullen hebben?
B

Probablement, parce que la circulation avance lentement quand il neige.

Pro-bab-luh-mahn, pars kuh la sir-kuu-la-sjõ a-vãs lãt-uh-mahn kan tiel nej. Waarschijnlijk, omdat het verkeer langzaam rijdt door de sneeuw.
A

Laisse-moi vérifier l'application de transport avant de partir.

Less-mwaa veh-rie-fjee la-plee-ka-sjõ duh trã-spor a-van duh par-tier. Laat me de vervoersapp controleren voordat ik vertrek.
B

Ça peut te faire gagner du temps.

Saa puh tuh fehr ga-njee duu tã. Dat kan je tijd besparen.

Woord voor woord

Il Il betekent hier ‘het’ in ‘Il a beaucoup neigé’ en verwijst naar het weer, niet naar een persoon. Bij weersmededelingen wordt Il als onpersoonlijk onderwerp gebruikt.
a a is hier de vorm van avoir die als hulpwerkwoord wordt gebruikt in ‘Il a beaucoup neigé’. Samen met ‘neigé’ vormt het de mededeling dat het heeft gesneeuwd; dit patroon gebruik je om een afgeronde gebeurtenis te vertellen.
beaucoup beaucoup betekent hier ‘veel’ en geeft in ‘Il a beaucoup neigé’ aan dat er veel sneeuw is gevallen. Het staat vóór ‘neigé’ en wordt gebruikt om een grote hoeveelheid of mate aan te geven.
neigé neigé betekent hier ‘gesneeuwd’ in ‘Il a beaucoup neigé’. Het is de vorm van neiger die samen met het hulpwerkwoord ‘a’ wordt gebruikt om over sneeuwval te spreken.
cette cette betekent hier ‘deze’ in ‘cette nuit’ en verwijst naar de nacht waarover de spreker spreekt. Het staat vóór het vrouwelijke enkelvoudige ‘nuit’.
nuit nuit betekent ‘nacht’ in ‘cette nuit’. Samen met ‘cette’ verwijst het naar de nacht waarin het sneeuwde; je gebruikt het om naar een nacht als tijdsperiode te verwijzen.
Les Les betekent hier ‘de’ in ‘Les trottoirs’ en hoort bij een meervoudige, bepaalde groep. Het staat vóór ‘trottoirs’ en wordt gebruikt wanneer je naar meer dan één bepaald ding verwijst.
trottoirs trottoirs betekent hier ‘stoepen’ in ‘Les trottoirs’. De vorm verwijst naar de stoepen waarover men loopt en is meervoud, zoals ook blijkt uit ‘Les’.
peuvent peuvent betekent hier ‘kunnen’ in ‘peuvent être verglacés’ en drukt een mogelijkheid uit. Het is de vorm van pouvoir bij ‘Les trottoirs’; daarna volgt de infinitief ‘être’.
être être betekent hier ‘zijn’ in ‘peuvent être verglacés’. Het staat als infinitief na ‘peuvent’ en verbindt de stoepen met de toestand ‘verglacés’.
verglacés verglacés betekent hier ‘met ijs bedekt’ of ‘ijzig’ in ‘être verglacés’. Het beschrijft de toestand van ‘Les trottoirs’ en heeft daar een meervoudsvorm.
ce ce betekent hier ‘deze’ in ‘ce matin’ en verwijst naar de ochtend waarop men spreekt. Het staat vóór ‘matin’ in deze tijdsaanduiding.
matin matin betekent ‘ochtend’ in ‘ce matin’. Samen met ‘ce’ geeft het aan wanneer de stoepen mogelijk glad zijn; je gebruikt het om naar de ochtend te verwijzen.
Alors Alors betekent hier ‘dan’ of ‘dus’ en leidt in ‘Alors, je devrais mettre...’ een conclusie in. Na de waarschuwing over gladde stoepen gebruikt de spreker het om een volgende actie te formuleren.
je je betekent ‘ik’ en markeert in ‘je devrais mettre’ de spreker als degene die laarzen zou moeten aantrekken. Het staat vóór de werkwoordsvorm.
devrais devrais betekent hier ‘zou moeten’ in ‘je devrais mettre’ en geeft advies over wat de spreker zelf kan doen. Het is de vorm van devoir bij je; daarna volgt de infinitief ‘mettre’.
mettre mettre betekent hier ‘aandoen’ of ‘aantrekken’ in ‘mettre des bottes’. Als infinitief volgt het op ‘devrais’ en krijgt het kledingstuk ‘des bottes’ als aanvulling.
des des markeert in ‘des bottes’ een niet nader bepaalde meervoudige hoeveelheid laarzen. Het staat vóór ‘bottes’ en is het meervoudige onbepaalde lidwoord.
bottes bottes betekent ‘laarzen’ in ‘des bottes’. Het is het kledingstuk dat de spreker wil aantrekken; samen met ‘mettre’ beschrijft het de handeling van laarzen aandoen.
qui qui betekent hier ‘die’ en verbindt ‘des bottes’ met de beschrijving ‘accrochent mieux’. In deze bijzin verwijst qui naar de laarzen en staat het vóór ‘accrochent’.
accrochent accrochent betekent hier ‘grip geven’ in ‘qui accrochent mieux’: de laarzen bieden betere houvast op de ondergrond. Het is de vorm van accrocher en verwijst via ‘qui’ naar ‘des bottes’.
mieux mieux betekent hier ‘beter’ in ‘accrochent mieux’ en vergelijkt de grip van deze laarzen met een andere of gebruikelijke grip. Het staat na ‘accrochent’ en geeft aan hoe goed de laarzen houvast bieden.
Tu Tu betekent ‘jij’ en spreekt de andere persoon rechtstreeks aan in ‘Tu devrais aussi marcher’. Het staat vóór de werkwoordsvorm en verwijst naar de persoon die voorzichtiger moet lopen.
aussi aussi betekent hier ‘ook’ in ‘Tu devrais aussi marcher’ en voegt een tweede advies toe. Het staat tussen ‘devrais’ en ‘marcher’; je gebruikt het om extra informatie of een extra handeling toe te voegen.
marcher marcher betekent hier ‘lopen’ in ‘marcher plus prudemment’. Het is de infinitief na ‘devrais’, terwijl ‘plus prudemment’ beschrijft hoe de persoon moet lopen.
plus plus betekent hier ‘meer’ in ‘plus prudemment’ en geeft een hogere mate van voorzichtigheid aan dan gewoonlijk. Samen met ‘que’ vormt het een vergelijking.
prudemment prudemment betekent hier ‘voorzichtig’ of ‘op voorzichtige wijze’ in ‘marcher plus prudemment’. Het geeft aan hoe iemand loopt en wordt hier versterkt door ‘plus’.
que que betekent hier ‘dan’ in ‘plus prudemment que d'habitude’ en leidt het tweede deel van de vergelijking in. Het patroon ‘plus ... que ...’ wordt gebruikt om een hogere mate met een referentie te vergelijken.
d'habitude d'habitude betekent hier ‘gewoonlijk’ of ‘zoals gewoonlijk’ in ‘plus prudemment que d'habitude’. Het geeft de normale manier van lopen als vergelijkingspunt aan.
penses penses betekent hier ‘denk je’ in de vraag ‘Tu penses que les bus auront du retard ?’. Het is de vorm van penser bij Tu en wordt gevolgd door ‘que’ met de inhoud van de gedachte.
bus bus betekent hier ‘bussen’ in ‘les bus’. Omdat het na ‘les’ staat, gaat het in deze dialoog om meerdere bussen; je gebruikt het in gesprekken over openbaar vervoer.
auront auront betekent hier ‘zullen hebben’ in ‘les bus auront du retard’. Het is de toekomstige vorm van avoir bij ‘les bus’ en beschrijft een verwachte toestand of gebeurtenis.
du du maakt in ‘auront du retard’ deel uit van de uitdrukking voor vertraging. Het staat vóór ‘retard’ en helpt de betekenis ‘vertraging hebben’ te vormen.
retard retard betekent ‘vertraging’ in ‘du retard’. Samen met ‘auront’ geeft de woordgroep aan dat de bussen niet op tijd zullen zijn; je gebruikt dit in gesprekken over bussen en andere vervoermiddelen.
Probablement Probablement betekent ‘waarschijnlijk’ en geeft in deze losse reactie aan dat de spreker vertraging aannemelijk vindt. Je gebruikt het als voorzichtig antwoord wanneer je iets niet volledig zeker weet.
parce que parce que betekent samen ‘omdat’ en leidt in ‘parce que la circulation avance lentement quand il neige’ de reden in. ‘parce’ vormt het eerste deel van de redenuitdrukking en ‘que’ sluit die aan op de daaropvolgende bijzin; gebruik de volledige combinatie om een oorzaak te geven.
la la is hier het bepaalde lidwoord ‘de’ in ‘la circulation’. Het staat vóór ‘circulation’ en sluit aan bij dit vrouwelijke enkelvoudige woord.
circulation circulation betekent hier ‘verkeer’ in ‘la circulation’. Samen met ‘la’ verwijst het naar het wegverkeer dat bij sneeuw langzaam vooruitgaat.
avance avance betekent hier ‘vooruitgaat’ of ‘beweegt’ in ‘la circulation avance lentement’. Het is de vorm van avancer bij ‘la circulation’; ‘lentement’ beschrijft het tempo.
lentement lentement betekent ‘langzaam’ en beschrijft in ‘avance lentement’ hoe het verkeer vooruitgaat. Je gebruikt het om een lage snelheid of een langzaam verloop aan te geven.
quand quand betekent hier ‘wanneer’ of ‘als’ in ‘quand il neige’ en introduceert de omstandigheid waarin het verkeer langzaam vooruitgaat. Je gebruikt quand met een bijzin om aan te geven wanneer iets gebeurt.
Laisse Laisse betekent hier ‘laat’ in ‘Laisse-moi vérifier...’ en vormt een rechtstreeks verzoek om iets zelf te mogen doen. Het staat aan het begin van de gebiedende zin; ‘Laisse-moi’ wordt gebruikt vóór een infinitief.
moi moi betekent hier ‘mij’ in ‘Laisse-moi vérifier...’ en geeft aan wie de handeling zal uitvoeren. Na ‘Laisse’ staat moi als benadrukte vorm vóór de infinitief ‘vérifier’.
vérifier vérifier betekent ‘controleren’ in ‘Laisse-moi vérifier l'application de transport’. Het is de infinitief na ‘Laisse-moi’ en krijgt ‘l'application de transport’ als datgene wat gecontroleerd wordt.
l'application l'application betekent ‘de applicatie’ in ‘vérifier l'application de transport’. Het is het voorwerp van ‘vérifier’; l' is de verkorte vorm van het lidwoord vóór een klinker.
de de betekent hier ‘van’ of ‘voor’ in ‘l'application de transport’ en verbindt de applicatie met het vervoer. De woordgroep geeft aan waar de applicatie betrekking op heeft.
transport transport betekent ‘vervoer’ in ‘l'application de transport’. Het specificeert het soort applicatie dat de spreker wil controleren vóór vertrek.
avant avant betekent hier ‘voordat’ in ‘avant de partir’. Met ‘de’ en een infinitief plaatst het de ene handeling vóór de andere; je gebruikt het om een volgorde in de tijd aan te geven.
partir partir betekent ‘vertrekken’ in ‘avant de partir’. Het is de infinitief na ‘avant de’ en benoemt de handeling die nog moet plaatsvinden.
Ça Ça betekent hier ‘dat’ of ‘dit’ en verwijst in ‘Ça peut te faire gagner du temps’ naar het controleren van de vervoersapp. Het staat als onderwerp vóór ‘peut’.
peut peut betekent hier ‘kan’ in ‘Ça peut te faire gagner du temps’ en drukt een mogelijke uitwerking uit. Het is de vorm van pouvoir bij ‘Ça’ en wordt gevolgd door de infinitief ‘faire’.
te te betekent hier ‘jou’ of ‘je’ in ‘te faire gagner du temps’ en geeft aan voor wie de tijd wordt bespaard. Het staat vóór ‘faire’ in deze constructie.
faire faire betekent hier samen met ‘gagner’ ‘ervoor zorgen dat iets tijd oplevert’ in ‘te faire gagner du temps’. Het staat als infinitief na ‘peut’ en maakt deel uit van de uitdrukking voor tijd besparen.
gagner gagner betekent hier samen met ‘faire’ ‘opleveren’ in ‘te faire gagner du temps’. In deze zin gaat het om tijd besparen; de infinitief volgt op ‘faire’.
temps temps betekent ‘tijd’ in ‘te faire gagner du temps’. Samen met ‘faire gagner’ benoemt het wat er wordt bespaard; deze uitdrukking gebruik je wanneer een handeling iemand tijd bespaart.

Grammatica

Laisse + infinitif

Laisse partir.

Less par-tier.

Laat vertrekken.

De gebiedende wijs van laisser wordt gevolgd door een infinitief: Laisse partir = laat vertrekken.

parce que + zin

Parce que la circulation avance lentement.

Pars kuh la sir-kuu-la-sjõ a-vãs lãt-uh-mahn.

Omdat het verkeer langzaam vooruitgaat.

parce que leidt een redengevende bijzin in en betekent ‘omdat’.

Frans woordenschat

accrocher werkwoord
a-krosjee grip hebben accrochent
beaucoup bijwoord
boekoe veel
botte zelfstandig naamwoord
bot laars bottes
ce matin uitdrukking
suh ma-tẽ vanochtend
cette nuit uitdrukking
set nwee vannacht
marcher werkwoord
mar-sjee lopen
mettre werkwoord
metr aantrekken
mieux bijwoord
mjeu beter
neiger werkwoord
nee-zjee sneeuwen neigé
prudemment bijwoord
pruu-duh-mahn voorzichtig
trottoir zelfstandig naamwoord
tro-twaar stoep trottoirs
verglacé bijvoeglijk naamwoord
ver-glah-see glad door ijs verglacés

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Het heeft vannacht veel gesneeuwd.

Antwoord tonenIl a beaucoup neigé cette nuit.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

stoep

Antwoord tonentrottoirs

sneeuwen

Antwoord tonenneigé

grip hebben

Antwoord tonenaccrochent

aantrekken

Antwoord tonenmettre