Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Een kleine kamerplant verzorgen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.
Dialoog
J'ai acheté une petite plante pour ma chambre.
zjee a-sjuh-té uun puh-tiet plant poer ma sjãmbr Ik heb een kleine plant voor mijn kamer gekocht.Est-ce qu'elle a besoin de beaucoup de soleil ?
ès-kel ah buh-zwèn duh boe-koo duh so-lèj Heeft hij veel zonlicht nodig?L'étiquette dit qu'elle aime la lumière indirecte.
lee-tie-kèt die kel èm la luu-mjèr èn-die-rèkt Op het etiket staat dat hij van indirect licht houdt.Alors, garde-la près de la fenêtre, pas dehors.
a-lor gard-la prè duh la fuh-nètr, pah duh-or Zet hem dan bij het raam, niet buiten.À quelle fréquence dois-je arroser la terre ?
ah kel fré-kans dwazj a-ro-zé la tèr Hoe vaak moet ik de grond water geven?Vérifie la terre deux fois par semaine avant d'arroser.
vè-rie-fie la tèr deu fwa par suh-mèn a-van da-ro-zé Controleer de grond twee keer per week voordat je water geeft.J'espère qu'elle poussera bien ici.
zjès-pèr kel poe-se-rah bjèn ie-sie Ik hoop dat hij hier goed groeit.Ça devrait aller, tant que tu ne l'arroses pas trop.
sa duh-vrè a-lé, tan kuh tuu nuh la-roz pah tro Dat zou moeten lukken, zolang je hem niet te veel water geeft.Uitleg van de zinnen
J'ai acheté une petite plante pour ma chambre.
Ik heb een kleine plant voor mijn kamer gekocht.
- J'ai
- ik heb
- acheté
- gekocht
- petite
- klein
- plante
- plant
- pour
- voor
- ma
- mijn
- chambre
- kamer
Uitgebreide uitleg
J'ai bestaat uit je (ik) en ai, de tegenwoordige vorm van avoir bij je. Samen vormt dit hier het hulpwerkwoord van de passé composé; het betekent dus niet alleen losweg “ik heb”, maar helpt de voltooide handeling uit te drukken. acheté is het voltooid deelwoord van acheter (kopen). Met ai vormt het j'ai acheté: “ik heb gekocht”. Het accent op é hoort bij deze vorm. Een vergelijkbaar patroon is j'ai regardé = “ik heb gekeken”. petite betekent hier “klein” en beschrijft plante. De vorm is vrouwelijk enkelvoud, omdat plante in het Frans een vrouwelijk zelfstandig naamwoord is. De basisvorm van het bijvoeglijk naamwoord is petit; vergelijk petit (mannelijk enkelvoud) en petite (vrouwelijk enkelvoud). De uitgang hoort dus bij petite, niet bij plante. plante betekent “plant”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat ervoor une petite plante. Une markeert hier een onbepaald zelfstandig naamwoord in het enkelvoud, maar stelt op zichzelf geen specifiek aantal als losse mededeling centraal. pour betekent “voor” en geeft hier het doel of de bestemming van de plant aan. Het patroon pour + zelfstandig naamwoord is breed bruikbaar, bijvoorbeeld un cadeau pour Marie = “een cadeau voor Marie”. ma betekent “mijn” vóór een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud. Het bezit wordt door ma uitgedrukt; de vorm wordt gekozen op basis van het grammaticale geslacht en getal van chambre, niet op basis van het geslacht van de bezitter. Vergelijk ma chambre met mon livre, waar livre mannelijk enkelvoud is. chambre betekent “kamer”. In ma chambre is het de bestemming of ruimte waarmee de plant verbonden wordt: “mijn kamer”. De zin wordt zo opgebouwd: J'ai acheté = “ik heb gekocht”, une petite plante = “een kleine plant”, en pour ma chambre = “voor mijn kamer”. Samen betekent J'ai acheté une petite plante pour ma chambre.: “Ik heb een kleine plant voor mijn kamer gekocht.” De passé composé presenteert het kopen als een voltooide handeling; pour ma chambre geeft aan waarvoor of voor welke bestemming de plant bedoeld is.
Est-ce qu'elle a besoin de beaucoup de soleil ?
Heeft hij veel zonlicht nodig?
- Est-ce qu'elle a besoin de
- vragen of iemand iets nodig heeft
- beaucoup de soleil
- veel zonlicht
Uitgebreide uitleg
De zin betekent: "Heeft zij veel zonlicht nodig?" «Est-ce que» maakt een vraag; «elle» betekent “zij”, «a besoin de» betekent “heeft nodig”, en «beaucoup de soleil» betekent “veel zonlicht”.
L'étiquette dit qu'elle aime la lumière indirecte.
Op het etiket staat dat hij van indirect licht houdt.
- L'étiquette
- het etiket
- dit
- zegt
- qu'elle
- dat zij
- aime
- houdt van
- lumière
- licht
- indirecte
- indirect
Uitgebreide uitleg
L'étiquette betekent hier “het etiket”. étiquette is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; het lidwoord l' is de verkorte vorm van la vóór een klinker. Bijvoorbeeld: L'étiquette est blanche. — “Het etiket is wit.” dit komt van dire (“zeggen”) en is hier de tegenwoordige tijd, derde persoon enkelvoud: “zegt”. Andere nuttige vormen zijn je dis — “ik zeg” en ils disent — “zij zeggen”. qu'elle bestaat uit que (“dat”) + elle (“zij”). Voor een klinker valt de eindklinker van que weg: que elle wordt qu'elle. Elle is een vrouwelijk persoonlijk voornaamwoord in het enkelvoud en is hier het onderwerp van aime. aime komt van aimer (“houden van”, “leuk vinden”) en is hier de tegenwoordige tijd bij elle: elle aime. Het werkwoord krijgt dus de vorm voor de derde persoon enkelvoud. Bijvoorbeeld: Elle aime le thé. — “Zij houdt van thee.” lumière betekent “licht”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat er opnieuw l', de verkorte vorm van la, vóór de klinker. In la lumière zou het volledige lidwoord zichtbaar zijn. indirecte betekent hier “indirect”. Het bijvoeglijk naamwoord beschrijft lumière en staat erna. Het past zich aan aan het vrouwelijke enkelvoud: indirect is de mannelijke enkelvoudsvorm, indirecte de vrouwelijke enkelvoudsvorm. Bijvoorbeeld: une lumière directe — “direct licht”. Samen vormen de delen: L'étiquette dit = “Het etiket zegt”, qu'elle aime = “dat zij van ... houdt”, en la lumière indirecte = “indirect licht”. De betekenis van de Franse zin is dus: “Het etiket zegt dat zij van indirect licht houdt.”
Alors, garde-la près de la fenêtre, pas dehors.
Zet hem dan bij het raam, niet buiten.
- Alors
- dan
- garde-la
- zet hem
- près de
- dicht bij
- fenêtre
- raam
- pas dehors
- niet buiten
Uitgebreide uitleg
Alors betekent hier “dan” en sluit aan bij wat eerder is gezegd. Afhankelijk van de context kan het ook “dus” of “nou” betekenen. garde-la bevat garder (“houden”, “bewaren”) in de gebiedende wijs. garde is de vorm voor één aangesproken persoon; het onderwerp “jij” wordt in een Franse opdracht meestal niet uitgesproken. la is een vrouwelijk enkelvoudig lijdend voornaamwoord. Die grammaticale vorm zegt hier niet dat de bedoelde plant of zaak in werkelijkheid vrouwelijk is; het is de Franse vorm die in deze uiting wordt gebruikt. In combinatie betekent garde-la hier, volgens de vaste vertaling, “zet hem”. Het koppelteken verbindt het voornaamwoord met de bevestigende gebiedende wijs. Voorbeeld: Garde-la ici. — “Houd haar/het hier.” près de is een vaste voorzetselcombinatie voor nabijheid: “dicht bij” of “in de buurt van”. Voorbeeld: Le sac est près de la porte. — “De tas staat bij de deur.” fenêtre betekent “raam”. In près de la fenêtre staat het na de met het vrouwelijke bepaalde lidwoord la; samen betekent dit “bij het raam”. Het lidwoord hoort bij fenêtre en verandert niet de betekenis van près de. pas dehors betekent hier “niet buiten”. dehors is een plaatsbijwoord met de betekenis “buiten”. Voorbeeld: Ne reste pas dehors. — “Blijf niet buiten.” In de vaste uiting vormt pas dehors na de komma het contrast met de gewenste plaats bij het raam. Samen betekent de uiting: “Zet hem dan bij het raam, niet buiten.” Alors geeft de aansluiting aan, garde-la geeft de opdracht, près de la fenêtre noemt de gewenste plaats en pas dehors sluit buiten als plaats uit.
À quelle fréquence dois-je arroser la terre ?
Hoe vaak moet ik de grond water geven?
- À quelle fréquence
- hoe vaak
- dois-je
- moet ik
- arroser
- water geven
- la terre
- de grond
Uitgebreide uitleg
À quelle fréquence vraagt naar de regelmaat van een handeling: “hoe vaak?” Het is een vaste, herbruikbare vraag naar frequentie. Voor een concreet aantal gebruik je bijvoorbeeld Combien de fois par semaine ? — “Hoeveel keer per week?” dois-je bestaat uit de vorm dois van devoir en het onderwerp je. Devoir betekent hier “moeten” en drukt een verplichting of noodzakelijke handeling uit. In een vraag staat het onderwerp na het werkwoord: Dois-je ... ? — “Moet ik ...?” De vorm dois is de tegenwoordige tijd voor de eerste persoon enkelvoud; bij andere personen veranderen werkwoord en onderwerp, bijvoorbeeld Doit-il ... ? — “Moet hij ...?” arroser is een infinitief en betekent “water geven” of “begieten”. Na devoir staat de volgende handeling in de infinitief: Je dois arroser — “Ik moet water geven.” Het onderwerp van arroser blijft hier dezelfde persoon als bij dois-je, namelijk je. la terre betekent hier “de grond” of “de aarde”. Terre is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat het bepaald lidwoord la ervoor. Het lidwoord geeft hier aan over welke grond wordt gesproken, maar drukt op zichzelf geen aantal uit. Een nuttig contrast is la terre — “de grond” tegenover le sol — “de bodem/vloer”; de keuze hangt af van de bedoelde context. Samen vormt de zin de vraag: “Hoe vaak moet ik de grond water geven?” De vraag naar frequentie staat voorop, gevolgd door de verplichtheid (dois-je) en daarna de handeling (arroser) met haar doel (la terre).`
Vérifie la terre deux fois par semaine avant d'arroser.
Controleer de grond twee keer per week voordat je water geeft.
- Vérifie
- controleer
- la terre
- de grond
- deux fois
- twee keer
- par semaine
- per week
- avant d'
- voordat
- arroser
- water geven
Uitgebreide uitleg
Vérifie is hier de gebiedende wijs van vérifier voor tu: “controleer”. Het onderwerp tu staat niet apart in deze vorm. Een bruikbaar contrast is Vérifiez voor vous of voor meerdere aangesproken personen. Voorbeeld: Vérifie la porte. — “Controleer de deur.” la terre betekent hier “de grond” of “de aarde” als het materiaal waarin een plant groeit. Terre is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat het bepaalde lidwoord la. Het lidwoord hoort bij terre, niet bij het werkwoord. Voorbeeld: La terre est sèche. — “De grond is droog.” deux fois geeft aan dat iets tweemaal gebeurt: “twee keer”. Deux is het telwoord en fois betekent “keer”. De uitdrukking kan ook met andere aantallen worden gebruikt, bijvoorbeeld une fois — “één keer” en trois fois — “drie keer”. par semaine betekent “per week”. Par geeft hier de frequentie-eenheid aan; samen met een tijdseenheid vormt het een herhalingspatroon, zoals par jour — “per dag”. In de zin hoort deux fois samen met par semaine: de controle gebeurt twee keer binnen iedere week. avant d' is het begin van de constructie avant de plus een infinitief: “voordat …”. De wordt voor een klinker in het volgende woord d'; daarom verschijnt in de vaste zin avant d'arroser. Deze constructie markeert dat de handeling in het infinitief later komt dan de controle. Voorbeeld: Lave tes mains avant de manger. — “Was je handen voordat je eet.” arroser is de infinitief van “water geven” of “begieten”. Na avant de blijft het werkwoord in de infinitief staan. Het object van arroser wordt in deze zin niet uitgesproken; de vaste vertaling maakt duidelijk dat het om water geven aan de grond gaat. Voorbeeld: Il faut arroser les plantes. — “Je moet de planten water geven.” Samengevoegd geeft Vérifie la terre de instructie “controleer de grond”. deux fois par semaine bepaalt hoe vaak dat moet gebeuren, en avant d'arroser plaatst die controle vóór het water geven. De volledige betekenis is: “Controleer de grond twee keer per week voordat je water geeft.”
J'espère qu'elle poussera bien ici.
Ik hoop dat hij hier goed groeit.
- J'espère
- ik hoop
- qu'elle
- dat zij
- poussera
- zal groeien
- bien
- goed
- ici
- hier
Uitgebreide uitleg
J'espère bevat je + espère, waarbij je vóór een klinker tot j' wordt verkort. espère is de tegenwoordige tijd van espérer voor je: “ik hoop”. Met een volledige bijzin volgt vaak espérer que: J'espère que ... = “Ik hoop dat ...”. qu'elle bestaat uit que + elle. que leidt hier de bijzin in en wordt vóór elle tot qu' verkort. elle is het vrouwelijke enkelvoudige onderwerppronomen, “zij”. De vorm zegt dus grammaticaal dat het onderwerp vrouwelijk enkelvoud is; ze geeft op zichzelf niet aan naar welke persoon of welk ding dat verwijst. poussera is de toekomende tijd van pousser, “groeien” in deze context. De uitgangsvorm is pousser; poussera is de vorm voor de derde persoon enkelvoud: “zal groeien”. In andere contexten kan pousser ook “duwen” betekenen, maar na elle en met deze vertaling past hier de betekenis “groeien”. bien betekent hier “goed” en beschrijft hoe het groeien verloopt. Bijvoorbeeld: La plante pousse bien. — “De plant groeit goed.” ici betekent “hier” en duidt de plaats aan. Bijvoorbeeld: Elle pousse ici. — “Ze groeit hier.” Samen vormen de Franse delen: J'espère + qu'elle poussera + bien + ici: “Ik hoop dat zij hier goed zal groeien.”
Ça devrait aller, tant que tu ne l'arroses pas trop.
Dat zou moeten lukken, zolang je hem niet te veel water geeft.
- Ça devrait aller
- Dat zou moeten lukken
- tant que
- zolang
- tu
- jij
- ne … pas
- niet
- l'arroses
- hem water geeft
- trop
- te veel
Uitgebreide uitleg
Ça devrait aller betekent hier dat het waarschijnlijk goed zal gaan of lukken. Ça is een aanwijzend voornaamwoord voor een zaak of situatie; het verwijst in deze zin niet naar een expliciet genoemd zelfstandig naamwoord. Devrait is de conditionnel présent van devoir, met als basisvorm devoir. In combinatie met aller drukt het hier een voorzichtige verwachting uit: ça devrait aller = “dat zou moeten lukken”. Aller staat als infinitief na devoir. Een vergelijkbaar patroon is Ça devrait fonctionner — “Dat zou moeten werken.” tant que introduceert de voorwaarde “zolang”. Het geeft aan dat de verwachte goede afloop geldt binnen de genoemde voorwaarde. tu is het persoonlijk voornaamwoord voor de aangesproken persoon in het enkelvoud. Het is hier het onderwerp van arroses. De vorm voor meerdere aangesproken personen is vous, maar die hoort niet bij deze zin. ne en pas vormen samen de Franse ontkenning rond het vervoegde werkwoord: tu ne ... pas = “jij ... niet”. In deze zin staan ze rond arroses; ne wordt in alledaagse spreektaal vaak weggelaten, maar ne ... pas is de volledige standaardvorm. l'arroses bevat l' en de vervoegde vorm arroses. L' is de elisie van het objectvoornaamwoord le of la voor een klinker. Door de elisie is het Franse grammaticale geslacht in deze vorm niet zichtbaar. Volgens de vaste vertaling verwijst het voornaamwoord hier naar een mannelijke referent: “hem”. Arroses komt van arroser (“water geven”) en is de tegenwoordige tijd bij tu: tu arroses. Het objectvoornaamwoord staat vóór het vervoegde werkwoord. Voorbeeld: Je l'arrose — “Ik geef de plant water.” In dit voorbeeld maakt de plant de referent expliciet in de Nederlandse vertaling; de Franse vorm l' zelf toont het geslacht niet. trop betekent hier “te veel”. Het begrenst de hoeveelheid water en staat na pas: ne ... pas trop = “niet te veel”. Het is niet hetzelfde als très, dat “erg/zeer” betekent; trop geeft een bovenmatige hoeveelheid aan. Samen betekent tant que tu ne l'arroses pas trop letterlijk: “zolang je hem niet te veel water geeft”. De hele zin bouwt dan de voorzichtige verwachting Ça devrait aller uit met die voorwaarde: “Dat zou moeten lukken, zolang je hem niet te veel water geeft.”
Grammatica
avoir besoin de + zelfstandig naamwoord
La plante a besoin de lumière.
la plant ah buh-zwèn duh luu-mjèrDe plant heeft licht nodig.
De vaste Franse constructie avoir besoin de betekent ‘nodig hebben’. Het voorzetsel de blijft voor een zelfstandig naamwoord staan.
avant de + infinitief
Avant d'arroser, vérifie la terre.
a-van da-ro-zé, vè-rie-fie la tèrControleer de grond voordat je water geeft.
Gebruik avant de vóór een infinitief. Voor een klinker wordt de ingekort tot d': avant d'arroser.
Frans woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Ik hoop dat hij hier goed groeit.
Antwoord tonen
J'espère qu'elle poussera bien ici.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
zon
Antwoord tonen
soleiletiket
Antwoord tonen
étiquetteplant
Antwoord tonen
plantekopen