Iemand voorlaten in de rij | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: In a line at a counter, one adult lets another person with heavy bags go ahead..

NL → FR / Niveau: A2

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Iemand voorlaten in de rij oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Excusez-moi, vous pouvez passer devant moi.

eksküze-mwaa, voe poevé passée devang mwaa. Pardon, u mag voor mij gaan.
B

Vous êtes sûr ? Je ne veux pas prendre votre place.

voe zèt süür? Zje nə vø pa prangdr votr plass. Weet u het zeker? Ik wil uw plaats niet innemen.
A

Ce n'est pas grave, vos sacs ont l'air lourds.

sə nè pa grav, voe sak ong lèr loer. Dat geeft niet, uw tassen zien er zwaar uit.
B

Je vous remercie.

Zje voe reumersie. Dat waardeer ik.
B

Je serai seulement une minute au comptoir.

Zje sə ré seul-mang ün minuut oo kongtwaar. Ik ben maar een minuut aan de balie.
A

Je peux attendre un peu plus longtemps.

Zje peu atangdr uhng peu plüs longtang. Ik kan nog wat langer wachten.
B

Je ferai attention à ne pas vous retarder.

Zje feurè atangsjong aa nə pa voe reutardé. Ik zal ervoor zorgen dat ik u niet ophoud.

Uitleg van de zinnen

  1. Excusez-moi, vous pouvez passer devant moi.

    Pardon, u mag voor mij gaan.

    Excusez-moi
    Pardon / neem me niet kwalijk
    vous pouvez
    u mag / u kunt
    passer
    gaan / passeren
    devant moi
    voor mij
    Uitgebreide uitleg

    Excusez-moi is een vaste beleefde formule om iemands aandacht te vragen of je te verontschuldigen: “pardon” of “neem me niet kwalijk”. De vorm komt van excuser (“verontschuldigen”) en is hier een beleefde gebiedende vorm met vous; dezelfde vorm kan bij formeel enkelvoud of bij meervoud horen. vous pouvez betekent hier dat de aangesprokene toestemming krijgt: “u mag”. Het werkwoord is pouvoir (“kunnen/mogen”); pouvez is de tegenwoordige tijd bij vous. Het vervolg blijft in de infinitief: vous pouvez passer = “u mag gaan/passeren”. In andere contexten betekent pouvoir ook feitelijke mogelijkheid of bekwaamheid, maar hier geeft de vaste vertaling toestemming weer. passer is de infinitief van “gaan”, “passeren” of “voorbijgaan”. Na pouvoir gebruikt het Frans de infinitief, zonder een extra voorzetsel: Je peux passer = “Ik kan/mag gaan”. De exacte betekenis van passer hangt van de omgeving af; in deze zin gaat het om ergens vóór iemand gaan. devant moi betekent hier “voor mij” in de ruimtelijke betekenis “vóór mij”. devant is een voorzetsel voor een positie aan de voorkant of vóór iets/iemand; moi is de beklemtoonde vorm van “ik” na een voorzetsel. Vergelijk: devant lui = “voor hem”. Samen vormen de delen een beleefde toestemming: “Pardon, u mag voor mij gaan.” De spreker zegt dus dat de aangesprokene vóór de spreker mag passeren. De volgende context bevestigt dat de aangesprokene dit aanbod als het afstaan van een plaats kan begrijpen; de zin zelf zegt niet waarom de spreker die toestemming geeft.

  2. Vous êtes sûr ? Je ne veux pas prendre votre place.

    Weet u het zeker? Ik wil uw plaats niet innemen.

    Vous êtes sûr
    Weet u het zeker?
    veux
    wil
    ne … pas
    niet
    prendre
    nemen
    votre
    uw
    place
    plaats
    Uitgebreide uitleg

    Vous êtes sûr betekent hier “Weet u het zeker?”. vous richt zich hier, volgens de vertaling, tot één persoon in de beleefde vorm. êtes is de vorm van être bij vous. sûr is de mannelijke enkelvoudsvorm van “zeker”; bij een vrouwelijke enkelvoudige aangesprokene verschijnt sûre. Bij meerdere aangesproken personen kunnen overeenkomstige meervoudsvormen worden gebruikt, maar dat is niet de lezing van deze vaste zin. De volledige vraag is een vaste, herbruikbare manier om iemands zekerheid te controleren. veux komt van vouloir (“willen”). Het is de vorm voor je: je veux = “ik wil”. De vervoeging zit dus in veux, niet in het daaropvolgende werkwoord. Voorbeeld: Je veux comprendre. — “Ik wil het begrijpen.” ne ... pas vormt hier de Franse ontkenning rond veux: je ne veux pas = “ik wil niet”. In alledaagse gesproken Franse taal valt ne vaak weg, maar het staat hier wel in de bronzin. Voorbeeld: Je ne veux pas attendre. — “Ik wil niet wachten.” prendre betekent hier “nemen”. Na veux staat het in de infinitief: je veux prendre = “ik wil nemen”. De vorm verandert hier dus niet mee met je; veux draagt de vervoeging. Voorbeeld: Nous voulons prendre le train. — “Wij willen de trein nemen.” votre betekent “uw” en staat vóór een zelfstandig naamwoord. In deze zin hoort het bij het enkelvoudige place; vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord staat vos, zoals in vos sacs (“uw tassen”) in de volgende contextzin. votre drukt op zichzelf geen aantal uit; het verwijst naar de aangesprokene. place betekent hier “plaats” of “plek”. Het is een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord: une place, la place. In prendre votre place betekent het geheel “uw plaats innemen”, dus de plek gebruiken die aan de aangesprokene toekomt. Voorbeeld: Il prend ma place. — “Hij neemt mijn plaats in.” Samenstelling: Vous êtes sûr ? vraagt of de aangesprokene het zeker weet. Je ne veux pas prendre votre place bestaat uit je (“ik”) + ne veux pas (“wil niet”) + prendre votre place (“uw plaats innemen”). De volledige betekenis is: “Weet u het zeker? Ik wil uw plaats niet innemen.”

  3. Ce n'est pas grave, vos sacs ont l'air lourds.

    Dat geeft niet, uw tassen zien er zwaar uit.

    Ce n'est pas grave
    Dat geeft niet
    sacs
    tassen
    ont l'air
    zien er ... uit
    lourds
    zwaar
    Uitgebreide uitleg

    Ce n'est pas grave betekent hier dat er geen probleem is: “Dat geeft niet.” Het is een vaste, veelgebruikte manier om iets te relativeren of iemand gerust te stellen. Grave betekent “ernstig” en heeft hier dezelfde schrijfwijze voor mannelijk en vrouwelijk enkelvoud; uit deze vorm kun je dus geen vrouwelijk, onuitgesproken woord zoals chose afleiden. Vergelijk: Ce n'est pas important = “Dat is niet belangrijk.” Sacs betekent hier “tassen”. Het enkelvoud is sac, het meervoud sacs; de slot-s van het meervoud wordt in het Frans doorgaans niet uitgesproken. In vos sacs betekent vos hier “uw” en het hoort bij een meervoudig zelfstandig naamwoord. Voor één tas gebruikt men votre sac. Ont l'air hoort bij de constructie avoir l'air + bijvoeglijk naamwoord, die natuurlijk “er ... uitzien” betekent. Ont is de tegenwoordige tijd van avoir bij een meervoudig onderwerp: ils/elles ont; hier hoort het bij vos sacs. De constructie kan gevolgd worden door een bijvoeglijk naamwoord: Ils ont l'air fatigués = “Ze zien er moe uit.” Met avoir l'air de volgt bijvoorbeeld een zelfstandig naamwoord of een infinitief: Il a l'air d'un médecin = “Hij ziet eruit als een arts.” Lourds betekent “zwaar”. Het basiswoord is lourd; lourds is de mannelijke meervoudsvorm. Die vorm stemt overeen met sacs, dat hier mannelijk meervoud is. De vrouwelijke vormen zijn lourde (enkelvoud) en lourdes (meervoud), bijvoorbeeld in des valises lourdes = “zware koffers”. Samen vormen de delen Ce n'est pas grave + vos sacs ont l'air lourds de betekenis: “Dat geeft niet, uw tassen zien er zwaar uit.” Ont l'air lourds beschrijft hoe de tassen eruitzien; het beweert niet noodzakelijk dat ze werkelijk zwaar zijn.

  4. Je vous remercie.

    Dat waardeer ik.

    Je
    ik
    vous
    u
    remercie
    bedank
    Uitgebreide uitleg

    Je betekent hier ‘ik’: het is het persoonlijk voornaamwoord voor de eerste persoon enkelvoud en verwijst naar de spreker. Het verandert niet door het geslacht van de spreker. Voorbeeld: Je comprends. = ‘Ik begrijp het.’ vous is hier het lijdend voorwerp: de spreker bedankt de aangesprokene. Het kan in het Frans één persoon op formele wijze of meerdere personen aanduiden; de vaste zin maakt niet duidelijk welke van die mogelijkheden geldt. Als onderwerp heeft dezelfde vorm een andere rol, bijvoorbeeld Vous comprenez. = ‘U begrijpt het’ of ‘Jullie begrijpen het.’ remercie komt van het werkwoord remercier, ‘bedanken’. Hier is het de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud: je remercie. De vorm remercie hoort dus bij je; bij il of elle is de vorm in deze tijd eveneens remercie, terwijl vous bijvoorbeeld remerciez krijgt. Voorbeeld: Je remercie Marie. = ‘Ik bedank Marie.’ Samen vormen Je vous remercie een beleefde manier om iemand te bedanken. Letterlijk is de betekenis ‘Ik bedank u/jullie’, en volgens de vaste vertaling betekent de uiting ‘Dat waardeer ik.’ Je is degene die bedankt, vous is degene die bedankt wordt, en remercie drukt de handeling uit. De zin staat in de tegenwoordige tijd.

  5. Je serai seulement une minute au comptoir.

    Ik ben maar een minuut aan de balie.

    serai
    zal zijn
    seulement
    maar; alleen
    minute
    minuut
    comptoir
    balie
    Uitgebreide uitleg

    serai is de vorm van het werkwoord être (zijn) voor de eerste persoon enkelvoud in de futur simple: je serai = “ik zal zijn”. In deze zin verwijst de vorm naar een later moment; de korte duur komt niet uit serai zelf, maar uit seulement une minute. Vergelijk: je suis = “ik ben” (nu), je serai = “ik zal zijn” (later). Voorbeeld: Je serai là demain. — “Ik zal er morgen zijn.” seulement betekent hier “maar” in de betekenis “slechts”. Het beperkt de duur die daarna wordt genoemd; het is dus niet het Nederlandse “alleen” in de betekenis “zonder anderen”. Voorbeeld: J’attends seulement cinq minutes. — “Ik wacht maar vijf minuten.” minute is een zelfstandig naamwoord voor een tijdseenheid van zestig seconden. Het staat hier in het enkelvoud, omdat de genoemde duur één minuut is. Het meervoud is minutes, bijvoorbeeld in deux minutes — “twee minuten”. comptoir betekent “balie” of “toonbank”: een werk- of uitgifteoppervlak waaraan iemand staat of werkt. In deze zin wordt de plaats uitgedrukt met au comptoir: au is de samentrekking van à le, dus letterlijk “aan/bij de balie”. Samen vormen Je serai seulement une minute au comptoir de betekenis: “Ik zal maar een minuut aan de balie zijn.” Je serai plaatst de aanwezigheid in de toekomst, seulement beperkt de duur, une minute noemt die duur, en au comptoir noemt de plaats. De zin zegt daarmee dat de spreker kort aan de balie zal zijn.

  6. Je peux attendre un peu plus longtemps.

    Ik kan nog wat langer wachten.

    Je peux
    ik kan
    attendre
    wachten
    un peu
    een beetje
    plus longtemps
    langer
    Uitgebreide uitleg

    Je peux betekent hier “ik kan”. peux is de vervoegde vorm van pouvoir (“kunnen”) in de tegenwoordige tijd bij je; het werkwoord heeft een onregelmatige vorm: je peux, maar bijvoorbeeld nous pouvons. Na pouvoir volgt een werkwoord in de infinitief: Je peux attendre = “Ik kan wachten”. attendre betekent “wachten”. Dit is de infinitief, dus de onvervoegde vorm na peux. In een zin zonder hulpwerkwoord verandert de vorm volgens de persoon: j’attends = “ik wacht”, terwijl attendre bijvoorbeeld in Je veux attendre na veux blijft staan. Voorbeeld: Nous pouvons attendre ici. = “Wij kunnen hier wachten.” un peu betekent “een beetje” of “wat”. In deze zin verzacht het de daaropvolgende vergelijking: het gaat om een kleine extra hoeveelheid of mate, niet om een zelfstandig genoemde persoon of zaak. Voorbeeld: Attendez un peu. = “Wacht een beetje.” plus longtemps betekent “langer”. longtemps betekent “lang” in de betekenis van tijdsduur; plus longtemps is de vergelijkende vorm en betekent “langer” dan een eerder bedoelde of verwachte duur. Het is dus de tijdsduur die hier wordt vergeleken, niet een zelfstandig naamwoord. Voorbeeld: Je peux rester plus longtemps. = “Ik kan langer blijven.” Samen vormen un peu plus longtemps de betekenis “nog wat langer”: de spreker kan de handeling van wachten een kleine extra tijd voortzetten. De volledige zin Je peux attendre un peu plus longtemps. betekent daarom: “Ik kan nog wat langer wachten.”

  7. Je ferai attention à ne pas vous retarder.

    Ik zal ervoor zorgen dat ik u niet ophoud.

    Je ferai attention à
    ik zal erop letten
    ne … pas
    niet
    vous
    u
    retarder
    ophouden; vertragen
    Uitgebreide uitleg

    Je ferai attention à betekent hier “ik zal erop letten”. ferai is de futur simple van faire (“doen/maken”): je fais = “ik doe”, je ferai = “ik zal doen”. In de vaste uitdrukking faire attention à betekent het geheel “opletten”, “erop letten” of, in deze constructie, “ervoor zorgen”. Voorbeeld: Je ferai attention à ne pas tomber. — “Ik zal erop letten dat ik niet val.” ne ... pas vormt hier de Franse ontkenning bij de infinitiefconstructie: ne pas retarder betekent “niet ophouden”. In deze zin staan ne en pas allebei vóór de infinitief retarder; ze omringen de infinitief dus niet. In verzorgde Franse taal blijven beide delen meestal staan, terwijl ne in informele spreektaal soms wegvalt. vous is hier het objectpronomen voor de aangesprokene: “u”. Het kan in het Frans zowel één persoon als meerdere personen aanduiden; de vaste vertaling geeft de beleefde Nederlandse aanspreekvorm “u”, maar bepaalt niet hoeveel personen bedoeld zijn. Als onderwerp kan vous ook worden gebruikt; als object heeft het in deze zin dezelfde vorm. retarder is de infinitief en betekent hier “ophouden” of “vertragen”. De infinitief krijgt geen persoonsuitgang; de vervoegde toekomstige vorm staat al in ferai. Voorbeeld: Je ne veux pas vous retarder. — “Ik wil u niet ophouden.” Samen geeft Je ferai attention à + ne pas + vous + retarder de betekenis: “Ik zal erop letten u niet op te houden”, natuurlijk weergegeven als “Ik zal ervoor zorgen dat ik u niet ophoud.” De herbruikbare structuur faire attention à ne pas + infinitief drukt uit dat iemand erop let iets niet te doen.

Grammatica

pouvoir + infinitif

Vous pouvez passer devant.

voe poevé passée devang.

U kunt voorlangs gaan.

Na pouvoir volgt een infinitief zonder voorzetsel: pouvez passer.

avoir l'air + adjectif

Les sacs ont l'air lourds.

lee sak ong lèr loer.

De tassen zien er zwaar uit.

Frans gebruikt avoir l’air + bijvoeglijk naamwoord om te zeggen hoe iets eruitziet.

Frans woordenschat

avoir l'air uitdrukking
avoar lèr eruitzien; lijken ont l'air

Vos sacs ont l'air lourds.

devant voorzetsel
devang voor; vóór

Vous pouvez passer devant moi.

être sûr uitdrukking
ètr süür zeker zijn êtes sûr

Vous êtes sûr ?

Excusez-moi uitdrukking
eksküze-mwaa Pardon; excuseer me

Excusez-moi, vous pouvez passer devant moi.

grave bijvoeglijk naamwoord
grav erg; ernstig

Ce n'est pas grave.

lourd bijvoeglijk naamwoord
loer zwaar lourds

Vos sacs ont l'air lourds.

passer werkwoord
passé gaan; voorbijgaan

Vous pouvez passer devant moi.

place zelfstandig naamwoord
plass plaats

Je ne veux pas prendre votre place.

pouvoir werkwoord
poevoar kunnen; mogen pouvez

Vous pouvez passer devant moi.

prendre werkwoord
prangdr nemen; innemen

Je ne veux pas prendre votre place.

sac zelfstandig naamwoord
sak tas sacs

Vos sacs ont l'air lourds.

vouloir werkwoord
voeloar willen veux

Je ne veux pas prendre votre place.

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Pardon, u mag voor mij gaan.

Antwoord tonenExcusez-moi, vous pouvez passer devant moi.

Dat waardeer ik.

Antwoord tonenJe vous remercie.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

willen

Antwoord tonenveux

plaats

Antwoord tonenplace

nemen; innemen

Antwoord tonenprendre

kunnen; mogen

Antwoord tonenpouvez