Je
‘Je’ betekent hier ‘ik’ en is het onderwerp van de zin. Het staat vóór de werkwoordsvorm, zoals in ‘Je dors’. Je gebruikt deze vorm wanneer je over jezelf vertelt.
dors
‘dors’ betekent hier ‘slaap’. Het is de vorm bij je van dormir, ‘slapen’, en staat na ‘Je’. Je gebruikt dormir in een zin over slapen, bijvoorbeeld in de vaste combinatie ‘Je dors mal’.
mal
‘mal’ betekent hier ‘slecht’ en beschrijft hoe iemand slaapt. Het hoort bij het werkwoord in ‘Je dors mal’. Je kunt deze combinatie gebruiken om slechte slaap te beschrijven.
ces
‘ces’ betekent hier ‘deze’ en verwijst samen met ‘derniers temps’ naar een recente periode. Het staat vóór het meervoudige ‘derniers temps’. Je gebruikt ‘ces’ vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord.
derniers
‘derniers’ betekent hier ‘laatste’ in de uitdrukking ‘ces derniers temps’, dus ‘de laatste tijd’. De vorm hoort bij het meervoudige ‘temps’; de basisvorm is dernier. Deze uitdrukking gebruik je om naar de recente periode te verwijzen.
temps
‘temps’ betekent hier niet zomaar ‘tijd’, maar de tijdsperiode in ‘ces derniers temps’: ‘de laatste tijd’. Het woord staat in deze vaste uitdrukking na ‘ces derniers’. Je kunt de volledige uitdrukking gebruiken om een recente verandering of ervaring te beschrijven.
Peut-être
‘Peut-être’ betekent ‘misschien’ en maakt de suggestie minder stellig. In ‘Peut-être que tu dois changer...’ leidt het een volledige bijzin in. Je gebruikt het wanneer je een mogelijkheid of voorzichtig advies geeft.
que
‘que’ verbindt ‘Peut-être’ met de bijzin ‘tu dois changer ta routine du soir’. Hier helpt het om de volledige inhoud van de mogelijkheid in te leiden. Je gebruikt ‘Peut-être que’ vóór een zin.
tu
‘tu’ betekent hier ‘je’ en is het onderwerp van het advies. Het staat vóór ‘dois’, de vorm van devoir bij tu. Je gebruikt tu wanneer je rechtstreeks tegen één persoon spreekt in een informele context.
dois
‘dois’ betekent hier ‘moet’. Het is de vorm van devoir, ‘moeten’, bij tu en wordt gevolgd door het infinitief ‘changer’. Je gebruikt ‘tu dois’ om een noodzakelijke handeling of sterk advies uit te drukken.
changer
‘changer’ betekent ‘veranderen’. Het is het infinitief na ‘tu dois’, waardoor het de handeling benoemt die nodig is. Je gebruikt devoir + infinitief, zoals in ‘tu dois changer’.
ta
‘ta’ betekent ‘jouw’ vóór het vrouwelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord ‘routine’. Het verwijst hier naar de avondroutine van de aangesproken persoon. Je gebruikt ‘ta’ vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
routine
‘routine’ betekent ‘routine’, hier de vaste gewoonten in de avond. In ‘ta routine du soir’ wordt het nader bepaald door ‘du soir’. Je kunt het gebruiken voor een herhaald dagelijks patroon.
du
‘du’ betekent hier ‘van de’ in ‘la routine du soir’, letterlijk de routine van de avond. Het is de samengevoegde vorm van de en le. Je gebruikt ‘du’ vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord na de betekenis ‘van de’.
soir
‘soir’ betekent ‘avond’ en maakt in ‘du soir’ duidelijk wanneer de routine plaatsvindt. De vaste combinatie ‘la routine du soir’ betekent ‘de avondroutine’. Je gebruikt soir om naar de avondperiode te verwijzen.
J'utilise
‘J'utilise’ betekent ‘ik gebruik’. Het bevat het onderwerp je en de werkwoordsvorm utilise van utiliser, ‘gebruiken’; je wordt vóór een klinker verkort tot j’. Je gebruikt deze vorm om te zeggen dat je iets gebruikt, zoals in ‘J'utilise mon téléphone’.
mon
‘mon’ betekent ‘mijn’ vóór het mannelijke enkelvoudige woord ‘téléphone’. Het geeft aan dat de telefoon bij de spreker hoort. Je gebruikt ‘mon’ vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
téléphone
‘téléphone’ betekent ‘telefoon’. In ‘J'utilise mon téléphone’ is het het voorwerp dat de spreker gebruikt. Je kunt het gebruiken voor een telefoon als apparaat of communicatiemiddel.
juste
‘juste’ betekent hier ‘vlak’ of ‘precies’ in de tijdsaanduiding ‘juste avant de me coucher’. Het versterkt dat de handeling onmiddellijk vóór het naar bed gaan gebeurt. Je gebruikt ‘juste avant’ om ‘vlak voor’ aan te geven.
avant
‘avant’ betekent hier ‘voor’ in de tijd. In ‘juste avant de me coucher’ staat het vóór een handeling die later gebeurt. Je gebruikt ‘avant de’ gevolgd door een infinitief om ‘voordat ik ...’ of ‘voor het ...’ uit te drukken.
de
‘de’ is hier het verbindende woord in ‘avant de me coucher’. Het leidt na ‘avant’ het infinitief ‘coucher’ in. Je gebruikt de constructie ‘avant de’ + infinitief voor een handeling die nog moet plaatsvinden.
me
‘me’ verwijst hier naar de spreker en hoort bij ‘me coucher’: naar bed gaan. Samen met het werkwoord geeft het aan dat de spreker zelf naar bed gaat. Je gebruikt ‘me’ vóór een werkwoord wanneer de handeling op de spreker zelf betrekking heeft.
coucher
‘coucher’ betekent hier ‘naar bed gaan’ in ‘me coucher’. De volledige vorm ‘me coucher’ is het infinitief na ‘avant de’. Je gebruikt ‘avant de me coucher’ om te zeggen dat iets vlak vóór het naar bed gaan gebeurt.
Moins
‘Moins’ betekent ‘minder’. In ‘Moins de temps devant les écrans’ geeft het een kleinere hoeveelheid schermtijd aan. Je gebruikt ‘moins de’ vóór een hoeveelheid of zelfstandig naamwoord.
devant
‘devant’ betekent hier ‘voor’ in de betekenis van vóór of voor een scherm zitten. In ‘du temps devant les écrans’ beschrijft het de tijd die iemand vóór schermen doorbrengt. Je gebruikt ‘devant’ om de positie vóór iets aan te geven.
les
‘les’ is hier het meervoudige bepaalde lidwoord bij ‘écrans’: ‘de schermen’. Het staat vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord. Je gebruikt ‘les’ wanneer je naar bepaalde of algemeen bedoelde meervoudige dingen verwijst.
écrans
‘écrans’ betekent ‘schermen’; de basisvorm is écran. In ‘devant les écrans’ gaat het om schermen zoals die van elektronische apparaten. Je gebruikt het meervoud na ‘les’ wanneer je schermen in het algemeen bedoelt.
peut
‘peut’ betekent hier ‘kan’ en drukt een mogelijkheid uit. Het is de vorm van pouvoir, ‘kunnen’, bij het onderwerp ‘Moins de temps devant les écrans’ en wordt gevolgd door ‘t'aider’. Je gebruikt ‘peut’ om te zeggen dat iets mogelijk helpt of een effect kan hebben.
t'aider
‘t'aider’ betekent hier ‘je helpen’. Het bestaat uit t’, de verkorte vorm van te, en aider, ‘helpen’; het staat na ‘peut’. Je gebruikt ‘peut t'aider à’ om te zeggen dat iets iemand kan helpen om iets te doen.
à
‘à’ betekent hier ‘om te’ in ‘t'aider à te détendre’. Het verbindt aider met de handeling die het gevolg of doel van de hulp is. Je gebruikt de constructie ‘aider à’ + infinitief.
te
‘te’ verwijst hier naar de aangesproken persoon in ‘te détendre’: zelf ontspannen. Het staat vóór het infinitief ‘détendre’. Je gebruikt ‘te’ wanneer de handeling op de persoon met tu betrekking heeft.
détendre
‘détendre’ betekent hier ‘ontspannen’ in ‘te détendre’. De volledige combinatie ‘t'aider à te détendre’ betekent dat iets je helpt om te ontspannen. Je gebruikt ‘à’ gevolgd door deze infinitief om de handeling na ‘helpen’ te noemen.
Est-ce
‘Est-ce’ is hier het begin van de vraagconstructie ‘Est-ce que’. Samen maakt die constructie van de zin een directe vraag. Je gebruikt ‘Est-ce que’ om op een duidelijke en neutrale manier een vraag te vormen.
devrais
‘devrais’ betekent hier ‘zou moeten’ en drukt een voorzichtige vraag om advies uit. Het is een vorm van devoir, ‘moeten’, bij je en staat vóór ‘lire’. Je gebruikt ‘devrais-je’ of de vraagconstructie ‘Est-ce que je devrais’ om te vragen wat verstandig is.
plutôt
‘plutôt’ betekent hier ‘liever’ of ‘eerder als alternatief’. In ‘devrais plutôt lire’ geeft het lezen aan als alternatief voor telefoongebruik. Je gebruikt plutôt om een voorkeur of alternatief aan te geven.
lire
‘lire’ betekent ‘lezen’. Het is het infinitief na ‘devrais’ en benoemt de voorgestelde handeling. Je gebruikt ‘lire un livre’ om te zeggen dat je een boek leest.
un
‘un’ betekent hier ‘een’ vóór het mannelijke enkelvoudige woord ‘livre’. Het introduceert één niet nader bepaald boek. Je gebruikt ‘un’ vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
livre
‘livre’ betekent hier ‘boek’. In ‘lire un livre’ is het het voorwerp van de handeling ‘lezen’. Je kunt deze combinatie gebruiken wanneer je lezen als rustige activiteit voorstelt.
Choisis
‘Choisis’ betekent ‘kies’ en is een directe aansporing aan één persoon. Het is de gebiedende vorm van choisir, ‘kiezen’, en wordt gevolgd door ‘quelque chose’. Je gebruikt deze vorm om iemand informeel een keuze of advies te geven.
quelque chose
‘quelque chose’ betekent als geheel ‘iets’. ‘Quelque’ geeft een onbepaalde hoeveelheid of keuze aan en ‘chose’ betekent ‘ding’; samen vormen ze de uitdrukking ‘iets’. In ‘Choisis quelque chose de calme et de facile’ volgt daarna de omschrijving van wat gekozen moet worden.
calme
‘calme’ betekent hier ‘rustig’ en beschrijft wat voor soort ‘quelque chose’ je moet kiezen. Het woord staat vóór de tweede beschrijving ‘facile’. Je gebruikt calme voor iets dat weinig onrust of spanning veroorzaakt.
et
‘et’ betekent ‘en’ en verbindt de twee eigenschappen ‘calme’ en ‘facile’. Beide eigenschappen beschrijven hetzelfde onbepaalde ding. Je gebruikt et om gelijkwaardige woorden of zinsdelen te verbinden.
facile
‘facile’ betekent ‘gemakkelijk’ en beschrijft het soort activiteit of materiaal dat geschikt is voor de avond. In ‘quelque chose de calme et de facile’ staat het na de constructie met ‘de’. Je gebruikt facile om aan te geven dat iets weinig inspanning of moeilijkheid vraagt.
Comme
‘Comme’ draagt in de uitdrukking ‘Comme ça’ bij aan de betekenis ‘zo’ of ‘op die manier’. Hier verwijst het naar de eerder voorgestelde rustige en gemakkelijke keuze. Je gebruikt ‘Comme ça’ om een gevolg of manier aan te geven.
ça
‘ça’ betekent hier ‘dat’ of ‘zo’ en verwijst naar de voorgestelde avondactiviteit. Samen met ‘Comme’ vormt het de uitdrukking ‘Comme ça’, ‘zo/op die manier’. Je gebruikt ça vaak om naar iets te verwijzen dat al genoemd of zichtbaar is.
tes
‘tes’ betekent ‘jouw’ of ‘je’ vóór het meervoudige woord ‘pensées’. Het verwijst naar de gedachten van de persoon tegen wie gesproken wordt. Je gebruikt ‘tes’ vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord.
pensées
‘pensées’ betekent ‘gedachten’; de enkelvoudige basisvorm is pensée. In ‘tes pensées peuvent ralentir’ zijn het de gedachten die rustiger kunnen worden. Je gebruikt pensées wanneer je naar iemands mentale gedachten verwijst.
peuvent
‘peuvent’ betekent ‘kunnen’. Het is de vorm van pouvoir, ‘kunnen’, bij het meervoudige onderwerp ‘tes pensées’ en wordt gevolgd door ‘ralentir’. Je gebruikt ‘peuvent’ om een mogelijkheid bij een meervoudig onderwerp uit te drukken.
ralentir
‘ralentir’ betekent ‘vertragen’ of ‘langzamer worden’. Het is het infinitief na ‘peuvent’ en beschrijft hier het rustiger worden van de gedachten. Je gebruikt pouvoir + infinitief, zoals in ‘tes pensées peuvent ralentir’.
vais
‘vais’ betekent hier ‘ga’ in de nabije-toekomstconstructie ‘Je vais essayer’. Het is de vorm van aller, ‘gaan’, bij je en wordt gevolgd door een infinitief. Je gebruikt ‘je vais’ + infinitief om een voorgenomen of binnenkort uit te voeren handeling aan te geven.
essayer
‘essayer’ betekent ‘proberen’. Het is het infinitief na ‘Je vais’ en benoemt wat de spreker van plan is te doen. Je gebruikt ‘Je vais essayer ça’ om te zeggen dat je iets gaat uitproberen.
pendant
‘pendant’ betekent hier ‘gedurende’ en geeft aan hoe lang de poging duurt. In ‘pendant quelques nuits’ staat het vóór de tijdsduur. Je gebruikt ‘pendant’ + een periode om de duur van een handeling te noemen.
quelques
‘quelques’ betekent ‘enkele’ of ‘een paar’ en geeft een kleine, niet exact bepaalde hoeveelheid aan. Het staat vóór het meervoudige zelfstandig naamwoord ‘nuits’. Je gebruikt ‘quelques’ vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord voor een beperkte hoeveelheid.
nuits
‘nuits’ betekent ‘nachten’; de basisvorm is nuit. In ‘pendant quelques nuits’ geeft het de periode aan waarin de spreker de nieuwe routine probeert. Je gebruikt nuits voor meerdere nachtelijke perioden.
Une
‘Une’ betekent ‘een’ vóór het vrouwelijke enkelvoudige woord ‘routine’. Het introduceert hier een bepaalde soort routine die regelmatig is. Je gebruikt ‘une’ vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
régulière
‘régulière’ betekent ‘regelmatig’ en beschrijft ‘routine’. De vrouwelijke vorm hoort bij het vrouwelijke woord routine; de basisvorm is régulier. Je gebruikt deze combinatie voor een routine die volgens een vast patroon terugkomt.
améliorer
‘améliorer’ betekent ‘verbeteren’. Het is het infinitief na ‘peut’ en benoemt het mogelijke effect op de slaap. Je gebruikt ‘peut améliorer’ om te zeggen dat iets een toestand of resultaat beter kan maken.
ton
‘ton’ betekent ‘jouw’ of ‘je’ vóór het mannelijke enkelvoudige woord ‘sommeil’. Het verwijst naar de slaap van de aangesproken persoon. Je gebruikt ‘ton’ vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
sommeil
‘sommeil’ betekent ‘slaap’. In ‘améliorer ton sommeil’ is het de toestand die door een regelmatige routine kan verbeteren. Je gebruikt sommeil wanneer je over slaap als toestand of kwaliteit spreekt.