Excusez-moi
Excusez-moi betekent hier ‘pardon’ of ‘neem me niet kwalijk’ en wordt gebruikt om beleefd een vraag te beginnen. Excusez richt zich beleefd tot de aangesprokene en moi betekent ‘mij’. Het is bruikbaar wanneer je in een kliniek of op een andere openbare plaats iemands aandacht wilt vragen.
où
où betekent hier ‘waar’ en vraagt naar de plaats van de wachtkamer. In de vraag où est ... staat het aan het begin van de plaatsvraag. Je gebruikt het om naar een locatie te vragen.
est
est betekent hier ‘is’ en verbindt de vraag où est met de plaats waar de wachtkamer zich bevindt. Het is een vorm van être. In een plaatsvraag staat het hier direct na où.
la
la is hier het bepaald lidwoord bij salle en verwijst naar een specifieke ruimte: ‘de wachtkamer’. Het staat vóór salle in la salle d'attente. Je gebruikt het bij een zelfstandig naamwoord dat in deze context met la wordt gecombineerd.
salle
salle betekent hier ‘ruimte’ of ‘zaal’ en maakt samen met salle d'attente ‘wachtkamer’. In de dialoog gaat het om de ruimte waar bezoekers wachten. Het woord kan in een kliniek dus een bepaalde ruimte aanduiden.
d'attente
d'attente betekent hier ‘van het wachten’ en maakt van salle de uitdrukking salle d'attente, ‘wachtkamer’. De vorm d' komt van de vóór attente. De uitdrukking is bruikbaar om een ruimte aan te duiden die bedoeld is om te wachten.
Passez
Passez is hier een beleefde instructie: ‘ga’ of ‘loop’. In Passez devant l'accueil zegt de medewerker dat de bezoeker langs de receptie moet lopen. Het is een vorm van passer en wordt gebruikt om iemand een route aan te wijzen.
devant
devant betekent hier ‘langs’ of ‘voorbij’, in de route-instructie Passez devant l'accueil. Het geeft aan dat de bezoeker vóór of voorbij de receptie moet gaan. Je gebruikt het bij een aanwijzing langs een herkenbaar punt.
l'accueil
l'accueil betekent hier ‘de receptie’ of ‘de balie’ van de kliniek. De apostrof in l'accueil is de verkorte vorm van het lidwoord vóór accueil. In een kliniek verwijst het naar de plek waar bezoekers zich melden of formulieren afgeven.
Elle
Elle betekent hier ‘die’ of ‘zij’ en verwijst naar salle d'attente, de wachtkamer. Omdat salle d'attente als vrouwelijk wordt behandeld, wordt Elle gebruikt. Het voornaamwoord voorkomt dat salle d'attente opnieuw moet worden herhaald.
sera
sera betekent hier ‘zal zijn’ en beschrijft waar de wachtkamer zich bevindt. Het is een vorm van être en staat in Elle sera sur votre gauche. Je gebruikt deze vorm om een toekomstige of te verwachten plaats aan te geven.
sur
sur betekent hier ‘aan’ in de uitdrukking sur votre gauche, waarmee een positie aan de linkerkant wordt aangegeven. Het beschrijft hier de plaats van de wachtkamer ten opzichte van de bezoeker. Je gebruikt het in deze routeaanduiding vóór de kant waar iets zich bevindt.
votre
votre betekent hier ‘uw’ en verwijst naar de linkerkant van de aangesprokene. Het staat vóór gauche in votre gauche. In een beleefde aanwijzing gebruik je het om naar iets aan de kant van de gesprekspartner te verwijzen.
gauche
gauche betekent hier ‘links’ of ‘de linkerkant’. In sur votre gauche geeft het aan aan welke kant de wachtkamer zal zijn. Deze uitdrukking is bruikbaar wanneer je iemand een richting aanwijst.
Dois-je
Dois-je betekent hier ‘moet ik?’ of ‘zou ik moeten?’ en opent een beleefde vraag over een noodzakelijke handeling. De vorm bestaat uit dois en je met een koppelteken; het is een vorm van devoir met omgekeerde woordvolgorde. In Dois-je m'inscrire vraagt de bezoeker of aanmelden nodig is.
m'inscrire
m'inscrire betekent hier ‘me aanmelden’ of ‘me inschrijven’ bij de kliniek. De vorm bevat m', ‘me’, en inscrire als handeling die de spreker zelf uitvoert. In Dois-je m'inscrire avant de m'asseoir vraagt de bezoeker of dit vóór het gaan zitten moet gebeuren.
avant
avant betekent hier ‘voordat’ en ordent de handelingen: eerst aanmelden en daarna gaan zitten. In avant de m'asseoir staat het vóór de infinitiefconstructie. Je gebruikt avant de + infinitief om aan te geven dat één handeling eerder gebeurt dan een andere.
de
de verbindt hier avant met de handeling m'asseoir in avant de m'asseoir, ‘voordat ik ga zitten’. In deze constructie markeert de de de infinitief die volgt. De combinatie avant de + infinitief is bruikbaar om een eerdere handeling aan te geven.
m'asseoir
m'asseoir betekent hier ‘gaan zitten’ of ‘plaatsnemen’. In avant de m'asseoir beschrijft het de handeling die de bezoeker nog niet moet uitvoeren voordat het formulier is afgehandeld. De vorm wordt hier gebruikt na avant de.
Remplissez
Remplissez betekent hier ‘vul in’ en is een beleefde instructie aan de bezoeker. In Remplissez d'abord ce formulaire gaat het om het invullen van het formulier. Het is een vorm van remplir en wordt gebruikt wanneer iemand een formulier moet invullen.
d'abord
d'abord betekent hier ‘eerst’ en geeft aan dat het formulier vóór de volgende handeling moet worden ingevuld. In Remplissez d'abord ce formulaire staat het bij de eerste stap van de instructie. Je gebruikt het om de volgorde van handelingen te markeren.
ce
ce betekent hier ‘dit’ en wijst naar het formulier dat de medewerker aan de bezoeker geeft. In ce formulaire staat het vóór formulaire. Je gebruikt ce om naar een bepaald voorwerp dichtbij de gesprekssituatie te verwijzen.
formulaire
formulaire betekent hier ‘formulier’. In ce formulaire gaat het om het document dat de bezoeker eerst moet invullen. Het woord is bruikbaar in situaties waarin iemand gegevens op een formulier moet invullen.
Puis
Puis betekent hier ‘daarna’ of ‘vervolgens’ en introduceert de volgende stap na het invullen. In Puis donnez-le à l'accueil verbindt het de tweede instructie met de eerste. Je gebruikt het om opeenvolgende handelingen duidelijk te ordenen.
donnez-le
donnez-le betekent hier ‘geef het’ of ‘overhandig het’, waarbij le verwijst naar het ingevulde formulier. Donnez is een beleefde instructie van donner en le is het eraan gekoppelde voornaamwoord voor het voorwerp. In Puis donnez-le à l'accueil wordt het formulier aan de receptie gegeven.
à
à betekent hier ‘aan’ en geeft de ontvanger of bestemming aan in donnez-le à l'accueil. Het formulier moet aan de receptie worden overhandigd. Je gebruikt à hier vóór de persoon of plaats die iets ontvangt.
Est-ce que
Est-ce que maakt van de volgende zin een ja-neevraag, zoals in Est-ce que quelqu'un m'appellera. Est-ce vormt de vragende uitdrukking en que verbindt die met de rest van de zin. Je gebruikt de volledige uitdrukking om beleefd te vragen of iets zal gebeuren.
quelqu'un
quelqu'un betekent hier ‘iemand’ en verwijst naar een nog niet genoemde persoon die de bezoeker kan roepen. In Est-ce que quelqu'un m'appellera is die persoon het onderwerp van appellera. Je gebruikt het wanneer de identiteit van de persoon niet belangrijk of nog niet bekend is.
m'appellera
m'appellera betekent hier ‘zal me roepen’ of ‘zal mijn naam afroepen’. De vorm bevat m', ‘me’, en appellera, een vorm van appeler; in deze klinieksituatie gaat het om de bezoeker aan de beurt roepen. De combinatie appeler + een persoon of naam is bruikbaar wanneer iemand wordt opgeroepen.
quand
quand betekent hier ‘wanneer’ of ‘als’ en introduceert het moment waarop de bezoeker aan de beurt is. In quand ce sera mon tour leidt het de tijdsbepaling in. Je gebruikt quand om te vragen of te zeggen wanneer iets gebeurt.
mon
mon betekent hier ‘mijn’ en staat vóór tour in mon tour. Samen betekent mon tour ‘mijn beurt’. Je gebruikt mon vóór het zelfstandig naamwoord waarmee je bezit of betrokkenheid aangeeft.
tour
tour betekent hier ‘beurt’, niet een rondgang. In ce sera mon tour betekent het dat het moment van de bezoeker zal komen. Deze uitdrukking is bruikbaar wanneer mensen na elkaar worden geholpen.
Une
Une betekent hier ‘een’ en introduceert een niet nader genoemde verpleegkundige. In Une infirmière verwijst het naar de persoon die de naam van de bezoeker zal afroepen. Het staat vóór infirmière.
infirmière
infirmière betekent hier ‘verpleegkundige’ en benoemt de persoon die de bezoeker kort daarna zal roepen. In Une infirmière gaat het om één verpleegkundige. Het woord is bruikbaar wanneer je in een zorgsituatie naar deze zorgverlener verwijst.
devrait
devrait betekent hier ‘zou moeten’ en drukt een verwachting uit dat de verpleegkundige de naam binnenkort zal afroepen. Het is een vorm van devoir in de constructie devrait bientôt appeler. Je gebruikt devrait + infinitief om een verwachte of waarschijnlijke handeling uit te drukken.
bientôt
bientôt betekent hier ‘binnenkort’ of ‘zo’ en geeft aan dat het afroepen niet lang meer zal duren. In devrait bientôt appeler staat het bij de verwachte handeling. Je gebruikt het om een moment in de nabije toekomst aan te geven.
appeler
appeler betekent hier ‘roepen’ of ‘bellen’; in appeler votre nom gaat het om iemands naam afroepen. Het is de infinitief na devrait. Je gebruikt appeler met een naam wanneer je iemand in een wachtruimte oproept.
nom
nom betekent hier ‘naam’ en is het woord dat de verpleegkundige zal afroepen in appeler votre nom. Het verwijst naar de naam van de bezoeker. Je gebruikt het in een zorgsituatie wanneer iemand op basis van zijn of haar naam wordt opgeroepen.
garder
garder betekent hier ‘bij de hand houden’ of ‘bewaren’. In Dois-je garder ma carte d'assurance à portée de main vraagt de bezoeker of de kaart beschikbaar moet blijven. De vorm staat als infinitief na Dois-je.
ma
ma betekent hier ‘mijn’ en staat vóór carte in ma carte. Het verwijst naar de kaart die van de bezoeker is. Je gebruikt ma vóór carte om die kaart als eigendom of verantwoordelijkheid van de spreker aan te duiden.
carte
carte betekent hier ‘kaart’ en verwijst samen met carte d'assurance naar de verzekeringskaart. De bezoeker moet deze kaart bij de hand houden. Het woord is bruikbaar voor een kaart die je in een administratieve of zorgsituatie nodig hebt.
d'assurance
d'assurance betekent hier ‘van de verzekering’ en maakt carte d'assurance tot ‘verzekeringskaart’. De vorm d' komt van de vóór assurance. Je gebruikt deze toevoeging om aan te geven dat de kaart met een verzekering te maken heeft.
à portée de main
à portée de main betekent als geheel ‘binnen handbereik’ of ‘bij de hand’. In de uitdrukking markeert à de beschikbare positie, portée verwijst naar bereik, de verbindt dit met main en main betekent ‘hand’. Na garder beschrijft de uitdrukking dat iets beschikbaar moet blijven om het snel te kunnen gebruiken.
Gardez-la
Gardez-la betekent hier ‘houd haar bij de hand’ of ‘bewaar haar’, waarbij la naar de verzekeringskaart verwijst. Gardez is een beleefde instructie van garder en la is het eraan gekoppelde voornaamwoord voor de kaart. In Gardez-la à portée de main krijgt de bezoeker de instructie de kaart beschikbaar te houden.
au cas où
au cas où betekent als geheel ‘voor het geval dat’. Au is de samentrekking van à en le, cas betekent ‘geval’ en où introduceert de situatie waarin iets nodig kan zijn. In au cas où l'accueil en aurait encore besoin geeft de uitdrukking de voorzorgsreden voor het bij de hand houden aan.
en
en verwijst hier naar de verzekeringskaart in l'accueil en aurait encore besoin. Het staat bij de constructie avoir besoin en voorkomt dat de kaart opnieuw wordt genoemd. Je gebruikt en in avoir besoin wanneer het benodigde voorwerp al bekend is.
aurait
aurait betekent hier ‘zou hebben’ en draagt samen met besoin de betekenis ‘nodig zou hebben’. Het is een vorm van avoir in de voorwaardelijke bijzin au cas où l'accueil en aurait encore besoin. De vorm wordt hier gebruikt voor een mogelijke situatie.
encore
encore betekent hier ‘opnieuw’ of ‘weer’: de receptie kan de kaart nog een keer nodig hebben. In en aurait encore besoin versterkt het de betekenis dat er al eerder behoefte aan was of opnieuw behoefte kan ontstaan. Je gebruikt het hier om herhaling aan te geven.
besoin
besoin betekent hier ‘behoefte’ en vormt met avoir de vaste constructie avoir besoin de, ‘nodig hebben’. In l'accueil en aurait encore besoin betekent de volledige constructie dat de receptie de kaart opnieuw nodig zou hebben. Je gebruikt avoir besoin de + iets om uit te drukken dat iets nodig is.