Maaltijden vooraf bereiden voor een drukke week | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: At home, two adults plan meal prep for a busy week by freezing portions and keeping lunches balanced..

NL → FR / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Maaltijden vooraf bereiden voor een drukke week oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

La semaine prochaine s’annonce chargée, alors préparer quelques repas à l’avance aiderait.

la suh-men pro-sjèn sa-nonsj sjar-zjee, a-lor pre-pa-ree kelk ruh-pa a la-vans è-də-rè. Volgende week ziet er druk uit, dus het zou helpen om alvast wat maaltijden voor te bereiden.
B

Préparer les repas à l’avance aidera, mais évite de manger la même chose tous les jours.

pre-pa-ree lee ruh-pa a la-vans ee-də-ra, mè è-veet duh man-zjee la mèm sjohz toe lee zjoer. Maaltijden vooraf bereiden helpt, maar eet niet elke dag hetzelfde.
A

Je pensais préparer une grande quantité de curry de légumes.

zjuh pan-sè pre-pa-ree uun grand kan-tee-tee duh kuu-rie duh lee-zjuum. Ik dacht eraan om een grote hoeveelheid groentecurry te maken.
B

Ça marche si tu le répartis bien en portions et que tu le conserves correctement.

sa marsj see tuu luh ruh-par-tee byen an por-sjon ee kuh tuu luh kon-sèr-v kor-rèktuh-man. Dat werkt als je het goed in porties verdeelt en veilig bewaart.
A

Est-ce que je devrais en congeler une partie et garder le reste au réfrigérateur ?

èss-kuh zjuh duh-vrè an kon-zjuh-lee uun par-tee ee gar-dee luh rèst o ree-free-zjee-ra-teur? Zal ik een deel invriezen en de rest in de koelkast bewaren?
B

Congèle quelques portions.

kon-zjèl kelk por-sjon. Vries een paar porties in.
B

Étiquette chaque récipient pour choisir facilement.

ee-tee-kèt sjak ree-see-pjan poer sjwa-zeer fa-see-luh-man. Plak op elk bakje een etiket, zodat je makkelijk kunt kiezen.
A

Il me faut aussi quelque chose d’équilibré pour le déjeuner, pas seulement du riz.

eel muh fo o-see kelk sjohz dee-kee-lee-bree poer luh dee-zjeun-nee, pa suhl-man duu rie. Ik heb voor de lunch ook iets gebalanceerds nodig, niet alleen rijst.
B

Ajoute des œufs, des haricots ou du poulet, selon ce que tu as envie de manger.

a-zjoet dee-zeuf, dee a-ree-koo oe duu poe-lè, suh-lon suh kuh tuu a an-vee duh man-zjee. Voeg eieren, bonen of kip toe, afhankelijk van waar je zin in hebt.
A

Si les restes deviennent lassants, je peux changer l’accompagnement.

see lee rèst duh-vjèn la-san, zjuh peu sjan-zjee la-kon-pa-njuh-man. Als de restjes saai worden, kan ik het bijgerecht veranderen.
B

De petits changements rendent les repas préparés à l’avance plus agréables.

duh puh-tee sjan-zjman ran-d lee ruh-pa pre-pa-ree a la-vans pluu za-gree-a-bl. Kleine veranderingen maken vooraf bereide maaltijden leuker.

Uitleg van de zinnen

  1. La semaine prochaine s’annonce chargée, alors préparer quelques repas à l’avance aiderait.

    Volgende week ziet er druk uit, dus het zou helpen om alvast wat maaltijden voor te bereiden.

    semaine
    week
    prochaine
    volgende
    s’annonce
    kondigt zich aan; lijkt
    chargée
    druk; vol
    alors
    dus
    préparer
    voorbereiden
    quelques
    enkele; wat
    repas
    maaltijden
    à l’avance
    vooraf
    aiderait
    zou helpen
    Uitgebreide uitleg

    semaine betekent hier “week”. Het is een zelfstandig naamwoord; het meervoud is semaines. In la semaine is la het bepaald lidwoord bij een vrouwelijk enkelvoud. prochaine betekent “volgende” en staat hier bij semaine. Het bijvoeglijk naamwoord past zich aan het zelfstandig naamwoord aan: vrouwelijk enkelvoud prochaine, mannelijk enkelvoud prochain, bijvoorbeeld le mois prochain = “volgende maand”. s’annonce is de vorm van s’annoncer voor de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd. De wederkerende vorm betekent hier dat iets zich op een bepaalde manier lijkt te ontwikkelen of eraan komt: de week “kondigt zich aan als” druk. Voorbeeld: La journée s’annonce longue. = “De dag lijkt lang te gaan worden.” chargée betekent hier “druk” of “vol” in de zin van veel geplande bezigheden. De uitgang -ée hoort bij het vrouwelijke enkelvoud en stemt af op semaine; het is dus niet de vorm van een nabijgelegen zelfstandig naamwoord. De basisvorm is chargé; bijvoorbeeld un programme chargé = “een druk programma”. alors verbindt de twee delen met “dus” of “daarom”. Het gevolg staat hier na alors: er volgt een voorstel dat volgens de spreker zou helpen. préparer is de infinitief van “voorbereiden”. De infinitief kan in het Frans als onderwerp van een zin optreden: Préparer des repas aide. = “Maaltijden bereiden helpt.” Hier is dus het bereiden van enkele maaltijden het onderwerp van aiderait. quelques betekent “enkele” of “wat” vóór een telbaar meervoudig zelfstandig naamwoord. Het drukt een beperkte, niet nader genoemde hoeveelheid uit; het is niet hetzelfde als een exact aantal. De vorm blijft quelques bij mannelijke en vrouwelijke meervouden. repas betekent “maaltijd” of “maaltijden”. De spelling is in het enkelvoud en meervoud hetzelfde: un repas = “een maaltijd”, des repas = “maaltijden”. Het meervoud blijkt hier uit quelques. à l’avance is een vaste uitdrukking voor “vooraf” of “van tevoren”. De apostrof in l’ ontstaat vóór de klinker van avance. Voorbeeld: Réserve à l’avance. = “Reserveer vooraf.” aiderait komt van aider, “helpen”, en is de conditionnel présent, derde persoon enkelvoud: “zou helpen”. De uitgang geeft hier een voorwaardelijke of voorzichtig voorgestelde mogelijkheid aan, niet een vaststaand feit. Vergelijk aidera = “zal helpen” met aiderait = “zou helpen”. Samen vormt La semaine prochaine s’annonce chargée de betekenis “Volgende week lijkt druk te worden”. Daarna geeft alors het gevolg aan: préparer quelques repas à l’avance betekent “vooraf enkele maaltijden bereiden”. Dat hele infinitiefgedeelte is het onderwerp van aiderait, zodat de volledige zin betekent: “Volgende week ziet er druk uit, dus het zou helpen om alvast wat maaltijden voor te bereiden.”

  2. Préparer les repas à l’avance aidera, mais évite de manger la même chose tous les jours.

    Maaltijden vooraf bereiden helpt, maar eet niet elke dag hetzelfde.

    Préparer
    bereiden
    les repas
    de maaltijden
    à l’avance
    vooraf
    aidera
    zal helpen
    évite
    vermijd
    manger
    eten
    même
    zelfde
    chose
    ding
    tous les jours
    elke dag
    Uitgebreide uitleg

    Préparer staat hier als infinitief en vormt het onderwerp van de zin: “vooraf bereiden”. Dezelfde vorm kan na een ander werkwoord staan. Voorbeeld: Je vais préparer le dîner. — “Ik ga het avondeten bereiden.” les repas betekent hier “de maaltijden”. repas is een zelfstandig naamwoord; les is het meervoudige bepaalde lidwoord. Het meervoud blijkt hier bij les, terwijl repas in uitspraak dezelfde vorm heeft als in het enkelvoud. à l’avance betekent “vooraf” of “van tevoren”. Het is een vaste bijwoordelijke uitdrukking. Voorbeeld: Réserve une table à l’avance. — “Reserveer vooraf een tafel.” aidera is de futur simple van aider (“helpen”), in de derde persoon enkelvoud. De vorm zegt dat het helpen later plaatsvindt: aider → il/elle aidera. In de vaste vertaling wordt dit natuurlijk als “helpt” weergegeven. Voorbeeld: Cela aidera beaucoup. — “Dat zal veel helpen.” évite is hier een bevel aan één persoon: “vermijd”. Het komt van éviter; de gebiedende wijs voor tu heeft hier de vorm évite, zonder uitgesproken onderwerp. Dit is dus niet dezelfde functie als tu évites (“jij vermijdt”). manger is de infinitief “eten”. Na éviter wordt de constructie éviter de + infinitief gebruikt: éviter de manger betekent “vermijden om te eten” of natuurlijker “niet eten”. Voorbeeld: Évite de parler trop vite. — “Praat niet te snel.” même betekent hier “zelfde”. Het staat bij chose en krijgt daarom de vrouwelijke enkelvoudsvorm même; die vorm verschilt hier niet van de mannelijke enkelvoudsvorm. Voorbeeld: Nous avons le même problème. — “We hebben hetzelfde probleem.” chose is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord met de betekenis “ding” of “zaak”. In la même chose betekent het “hetzelfde”. Het vrouwelijke geslacht verklaart de vorm la en de overeenkomst met même. tous les jours is de vaste uitdrukking “elke dag”. tous en les staan hier in het mannelijk meervoud bij jours; samen drukt de uitdrukking herhaling per dag uit. Voorbeeld: Elle marche tous les jours. — “Zij wandelt elke dag.” De eerste zinshelft heeft de structuur Préparer les repas à l’avance aidera: “Maaltijden vooraf bereiden zal helpen.” Het infinitief Préparer is het onderwerp, met les repas à l’avance als nadere inhoud van wat men bereidt en wanneer. Na mais volgt het bevel évite de manger la même chose tous les jours: “maar vermijd elke dag hetzelfde te eten”, natuurlijk vertaald als “maar eet niet elke dag hetzelfde.”

  3. Je pensais préparer une grande quantité de curry de légumes.

    Ik dacht eraan om een grote hoeveelheid groentecurry te maken.

    Je pensais
    Ik dacht
    préparer
    bereiden
    grande
    grote
    quantité
    hoeveelheid
    curry
    curry
    légumes
    groenten
    Uitgebreide uitleg

    Je pensais betekent hier dat de spreker in het verleden een plan of idee in gedachten had: “ik dacht eraan”. pensais is de eerste persoon enkelvoud van het imparfait van penser (denken). Het imparfait presenteert de gedachte als iets dat toen gaande of als achtergrond aanwezig was. Bij dezelfde persoon kan penser rechtstreeks voor een infinitief staan: Je pensais partir tôt. — “Ik dacht eraan vroeg te vertrekken.” préparer is de infinitief “bereiden” of “klaarmaken”. Na Je pensais blijft het werkwoord in de infinitief, omdat dezelfde persoon de gedachte heeft en de handeling zou uitvoeren: Je pensais préparer le dîner. — “Ik dacht eraan het avondeten te bereiden.” grande is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van het bijvoeglijk naamwoord grand (“groot”). De vorm past bij het vrouwelijke enkelvoud quantité; grande is dus niet een vorm van het zelfstandig naamwoord. Vergelijk: un grand plat, maar une grande quantité. quantité is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord voor een hoeveelheid. De combinatie une quantité de geeft aan waarvan de hoeveelheid bestaat. une is hier een onbepaald lidwoord en stelt op zichzelf geen exact aantal vast. Voorbeeld: une quantité de riz — “een hoeveelheid rijst”. curry is hier het zelfstandig naamwoord voor het gerecht “curry”. In curry de légumes verbindt de de naam van het gerecht met het ingrediënt of type ervan: “groentecurry”. Voorbeeld: un curry de poulet — “kipcurry”. légumes is het meervoud van légume (“groente”). Het meervoud past bij de bedoelde verzameling groenten in de légumes. Voorbeeld: J’achète des légumes. — “Ik koop groenten.” Samen betekent Je pensais préparer une grande quantité de curry de légumes.: “Ik dacht eraan om een grote hoeveelheid groentecurry te maken.” De delen bouwen dit op als Je pensais + infinitiefgroep préparer une grande quantité de curry de légumes. Het lidwoord en de bijvoeglijke vorm stemmen af op quantité, terwijl de légumes het soort curry aanduidt.

  4. Ça marche si tu le répartis bien en portions et que tu le conserves correctement.

    Dat werkt als je het goed in porties verdeelt en veilig bewaart.

    Ça marche
    Dat werkt
    si
    als
    répartis
    verdeelt
    bien
    goed
    portions
    porties
    conserves
    bewaart
    correctement
    correct
    Uitgebreide uitleg

    Ça marche is hier een vaste, alledaagse uitdrukking met de betekenis “dat werkt” of “dat gaat goed”. Het onderwerp ça betekent letterlijk “dat/het”, maar de uitdrukking als geheel is belangrijker dan een woord-voor-woordvertaling. Voorbeeld: Ça marche ! = “Dat werkt!” si leidt de voorwaarde in: “als”. Het verbindt hier de voorwaardelijke bijzin met de hoofdzin. Voorbeeld: Ça marche si tu attends. = “Dat werkt als je wacht.” répartis is de tegenwoordige tijd van répartir bij tu: “je verdeelt”. Dezelfde vorm kan in deze spelling ook een bevel aan één persoon zijn, maar hier is het een werkwoordsvorm binnen si tu .... De stamvorm is répartir; het voltooid deelwoord is réparti. Voorbeeld: Tu répartis la soupe en deux bols. = “Je verdeelt de soep over twee kommen.” bien is een bijwoord en betekent hier “goed” of “op de juiste manier”. Het bepaalt hoe het verdelen gebeurt; het hoort niet bij de betekenis van portions zelf. Voorbeeld: Répartis bien la pâte. = “Verdeel het deeg goed.” portions is het meervoud van het zelfstandig naamwoord portion: “portie”. In en portions geeft het aan waarin iets wordt verdeeld: “in porties”. Het meervoud is hier zichtbaar aan de uitgang -s. Voorbeeld: Je prépare trois portions. = “Ik bereid drie porties.” conserves is de tegenwoordige tijd van conserver bij tu: “je bewaart”. In deze context gaat het om voedsel bewaren, niet om het woord conserve als zelfstandig naamwoord. De vorm voor je is conserve, terwijl tu conserves de tweede persoon enkelvoud is. Voorbeeld: Tu conserves le riz au frais. = “Je bewaart de rijst koel.” correctement is een bijwoord met de betekenis “correct”, “op de juiste manier” of hier natuurlijk “goed”. Het beschrijft hoe je het voedsel bewaart. Het is afgeleid van het bijvoeglijk naamwoord correct, maar het verandert niet mee met persoon of getal. In si tu le répartis bien en portions betekent tu “je” en le verwijst het, in deze context, naar het eerder genoemde gerecht of de hoeveelheid groentecurry. répartir ... en portions betekent samen “iets in porties verdelen”. Daarna volgt met et que een tweede voorwaardelijke handeling: tu le conserves correctement, “je bewaart het op de juiste manier”. De hele zin betekent dus: “Dat werkt als je het goed in porties verdeelt en het goed bewaart.”

  5. Est-ce que je devrais en congeler une partie et garder le reste au réfrigérateur ?

    Zal ik een deel invriezen en de rest in de koelkast bewaren?

    Est-ce que
    vraagbegin: …?
    je devrais
    zou ik moeten
    en
    ervan
    congeler
    invriezen
    partie
    deel
    garder
    bewaren
    reste
    rest
    réfrigérateur
    koelkast
    Uitgebreide uitleg

    Est-ce que is een vaste, neutrale manier om van een mededelende zin een ja-neevraag te maken. De woorden erna blijven in hun gewone volgorde staan. Bijvoorbeeld: Est-ce que tu viens ? = “Kom je?” je devrais komt van devoir en is de conditionnel présent van de eerste persoon enkelvoud. Hier drukt het uit: “zou ik moeten” of “zou het verstandig zijn dat ik”. Het is dus een vraag om advies, niet noodzakelijk een stellige verplichting. Vergelijk je dois (“ik moet”) met je devrais (“ik zou moeten”). Na devoir staat het volgende werkwoord in de infinitief. en is hier een voornaamwoord met de betekenis “ervan” of “daarvan”. Het verwijst naar de relevante hoeveelheid voedsel of substantie waarover de gesprekspartners spreken; de precieze soort wordt in deze zin niet benoemd. Het staat vóór het werkwoord: en congeler = “ervan invriezen”. congeler is de infinitief “invriezen”. In deze zin wordt die infinitief gebruikt na devrais. De vervoegde vorm voor “ik vries in” is je congèle; dat is een andere vorm dan de infinitief congeler. Voor een complete voorbeeldzin: Je congèle la soupe. = “Ik vries de soep in.” une partie betekent “een deel”. partie is een zelfstandig naamwoord; une markeert hier een enkelvoudig, vrouwelijk zelfstandig naamwoord, niet op zichzelf een numerieke hoeveelheid. De combinatie en congeler une partie betekent “er een deel van invriezen”. garder betekent “bewaren” of “houden”. Hier staat het in de infinitief, gecoördineerd met congeler: congeler ... et garder ... = “... invriezen en ... bewaren”. Voorbeeld: Je garde les légumes au frais. = “Ik bewaar de groenten koel.” le reste betekent “de rest”. reste is het zelfstandig naamwoord, met le als bepaald lidwoord. In deze zin vormt het de tegenhanger van une partie: eerst wordt een deel genoemd, daarna wat daarvan overblijft. Het gaat niet om een nieuw benoemd object. au réfrigérateur betekent “in de koelkast”. au is de samentrekking van à en le; réfrigérateur is het zelfstandig naamwoord “koelkast”. De voorzetselgroep geeft hier de plaats of bewaaromgeving bij garder: iets in de koelkast bewaren. Samen betekent Est-ce que je devrais en congeler une partie et garder le reste au réfrigérateur ?: “Zal ik een deel invriezen en de rest in de koelkast bewaren?” De vraag stelt twee handelingen als één adviesvraag voor: een deel invriezen en het overblijvende deel in de koelkast bewaren.

  6. Congèle quelques portions.

    Vries een paar porties in.

    Congèle
    vries in
    quelques
    een paar
    portions
    porties
    Uitgebreide uitleg

    Congèle is hier de gebiedende wijs van congeler (invriezen): je spreekt één persoon aan en geeft die persoon de opdracht om iets in te vriezen. De vorm is gericht aan tu; de gebiedende wijs heeft hier geen uitgesproken onderwerp. In een gewone mededeling zie je bijvoorbeeld Tu congèles les portions = “Je vriest de porties in.” Het accent en de uitgang horen bij de waargenomen vorm Congèle, niet bij het zelfstandig naamwoord erna. quelques betekent hier “een paar” of “enkele” en geeft een kleine, niet nader bepaalde hoeveelheid aan. Het staat vóór het meervoudige zelfstandig naamwoord portions. Het zegt niet precies hoeveel; voor een exact aantal gebruik je bijvoorbeeld deux portions = “twee porties”. portions is het meervoud van portion, een afgebakende hoeveelheid van iets, hier: porties voedsel. Het meervoud wordt gevormd met -s; die -s is in deze vorm niet hoorbaar. Een bruikbaar voorbeeld is Prépare deux portions. = “Bereid twee porties.” Samen vormen de delen de herbruikbare opdracht Congèle quelques portions.: vries een paar porties in. Congèle drukt de opdracht uit, terwijl quelques portions aangeeft wat en ongeveer hoeveel je moet invriezen.

  7. Étiquette chaque récipient pour choisir facilement.

    Plak op elk bakje een etiket, zodat je makkelijk kunt kiezen.

    Étiquette
    etiketteer
    chaque
    elk; iedere
    récipient
    bakje; recipiënt
    choisir
    kiezen
    facilement
    makkelijk; eenvoudig
    Uitgebreide uitleg

    Étiquette betekent hier “etiketteer” en is de gebiedende wijs van étiqueter voor tu. Het onderwerp tu staat niet uitgeschreven; de vorm spreekt één aangesproken persoon aan. De gebiedende wijs gebruik je voor een instructie. Bijvoorbeeld: Étiquette les boîtes. — “Etiketteer de dozen.” chaque betekent “elk(e)” of “iedere” en verwijst naar de leden afzonderlijk. In het Frans staat er daarna een zelfstandig naamwoord in het enkelvoud: chaque récipient, niet *chaques récipients*. Chaque verandert zelf niet mee naar het meervoud. récipient is een zelfstandig naamwoord voor een bakje, recipiënt of andere houder. Het is mannelijk: un récipient; in het meervoud wordt het des récipients. Het lidwoord en eventuele bijvoeglijke naamwoorden tonen daarbij de grammaticale vorm, bijvoorbeeld un récipient propre — “een schoon bakje”. pour choisir drukt hier het doel uit: “om te kunnen kiezen” of “zodat je kunt kiezen”. Choisir is de infinitief, de basisvorm van “kiezen”. Na pour gebruik je de infinitief wanneer dezelfde handelende persoon het doel uitvoert: Je lis pour apprendre. — “Ik lees om te leren.” facilement is een bijwoord en betekent “gemakkelijk” of “makkelijk”. Het zegt hoe het kiezen gebeurt. Het is gevormd bij het bijvoeglijk naamwoord facile (“gemakkelijk”): facilement. Een bijvoeglijk naamwoord beschrijft een zelfstandig naamwoord, terwijl dit bijwoord hier de handeling choisir nader bepaalt. Samen betekent Étiquette chaque récipient pour choisir facilement: “Etiketteer elk bakje, zodat je makkelijk kunt kiezen.” De eerste helft is de instructie; pour choisir facilement legt het doel van die instructie uit. De Franse formulering noemt niet expliciet wie later kiest, maar de Nederlandse vertaling geeft die bedoeling weer met “je”.

  8. Il me faut aussi quelque chose d’équilibré pour le déjeuner, pas seulement du riz.

    Ik heb voor de lunch ook iets gebalanceerds nodig, niet alleen rijst.

    Il me faut
    ik heb ... nodig
    aussi
    ook
    quelque chose
    iets
    d’équilibré
    gebalanceerds
    pour
    voor
    le déjeuner
    de lunch
    pas seulement
    niet alleen
    riz
    rijst
    Uitgebreide uitleg

    Il me faut drukt uit dat de spreker iets nodig heeft. falloir wordt in deze constructie onpersoonlijk gebruikt: il faut betekent “het is nodig”, en me geeft aan voor wie het nodig is. Vergelijk: Il me faut de l’eau. — “Ik heb water nodig.” Dit is niet hetzelfde patroon als Je veux — “Ik wil”; behoefte en wens worden anders uitgedrukt. aussi betekent hier “ook” en voegt deze behoefte toe aan iets dat al in de context speelt. Het staat vóór de rest van de betreffende naamwoordgroep. Voorbeeld: Je prends aussi une pomme. — “Ik neem ook een appel.” quelque chose is een onbepaald voornaamwoord met de betekenis “iets”. Het verwijst hier naar een niet nader benoemd voedingsmiddel of gerecht. Voor een persoon gebruik je niet quelque chose, maar bijvoorbeeld quelqu’un — “iemand”. Voorbeeld: Je cherche quelque chose de simple. — “Ik zoek iets eenvoudigs.” d’équilibré bestaat hier uit d’ vóór de klinker van équilibré en het bijvoeglijk naamwoord équilibré, “gebalanceerd”. Na quelque chose gebruikt het Frans vaak de structuur quelque chose de + bijvoeglijk naamwoord: quelque chose d’équilibré betekent “iets gebalanceerds”. Het bijvoeglijk naamwoord staat in de mannelijke enkelvoudsvorm; die vorm hoort bij het onbepaalde voornaamwoord quelque chose, niet bij een afzonderlijk genoemd voedingsmiddel. De basisvorm is équilibré; de vrouwelijke vorm is équilibrée, bijvoorbeeld in une alimentation équilibrée — “een gebalanceerd voedingspatroon”. pour leidt hier het doel of de gelegenheid in: “voor”. Voorbeeld: C’est pour demain. — “Het is voor morgen.” le déjeuner betekent “de lunch”. déjeuner is hier een zelfstandig naamwoord met het bepaalde lidwoord le. Als werkwoord kan déjeuner ook “lunchen” betekenen, maar in deze uiting is het een naamwoord. pas seulement vormt samen met de daaropvolgende naamwoordgroep een beperking: “niet alleen”. Het maakt duidelijk dat rijst niet het enige is dat nodig is. Het volledige Franse ontkenningspatroon kan ne ... pas bevatten, maar in deze uiting staat de vaste contrastformule pas seulement na de hoofdmededeling. Voorbeeld: Je mange pas seulement des légumes. — “Ik eet niet alleen groenten.” riz betekent “rijst”. Het is een ontelbaar zelfstandig naamwoord; daarom staat er in de uiting du riz, met du voor een niet nader bepaalde hoeveelheid rijst. Voorbeeld: Je prépare du riz. — “Ik maak rijst klaar.” Samen betekent de uiting: de spreker heeft voor de lunch ook iets gebalanceerds nodig; rijst alleen is niet voldoende. De structuur is: Il me faut + wat nodig is + pour + gelegenheid, gevolgd door pas seulement + wat niet het enige mag zijn. De vertaling is dus: “Ik heb voor de lunch ook iets gebalanceerds nodig, niet alleen rijst.”

  9. Ajoute des œufs, des haricots ou du poulet, selon ce que tu as envie de manger.

    Voeg eieren, bonen of kip toe, afhankelijk van waar je zin in hebt.

    Ajoute
    voeg toe
    des œufs
    eieren
    des haricots
    bonen
    du poulet
    kip
    selon ce que
    afhankelijk van wat
    tu as envie de
    je hebt zin om
    manger
    eten
    Uitgebreide uitleg

    Ajoute is de gebiedende wijs van ajouter voor één aangesproken persoon. Het onderwerp tu wordt daarbij niet uitgesproken: Ajoute ... betekent “Voeg ... toe”. Voorbeeld: Ajoute du sel. — “Voeg zout toe.” des œufs betekent hier “eieren”. œufs is het meervoud van œuf; des is het onbepaald meervoudslidwoord. Het noemt geen specifiek aantal. un œuf betekent “een ei”, tegenover des œufs — “eieren”. des haricots betekent “bonen”. haricots is het meervoud van haricot, met opnieuw des als onbepaald meervoudslidwoord. du poulet betekent “kip”. du is hier het Franse partitieve lidwoord bij een niet-afgebakende hoeveelheid van het mannelijke voedingszelfstandig naamwoord poulet. Dit verschilt van het meervoudige des in des œufs en des haricots. Voorbeeld: Je mange du poulet. — “Ik eet kip.” des œufs, des haricots ou du poulet noemt drie alternatieven die kunnen worden toegevoegd. ou betekent “of”. selon ce que is een bruikbare constructie met de betekenis “afhankelijk van wat” of “naargelang wat”. In deze zin leidt ze een bijzin in: de keuze hangt af van wat de aangesproken persoon zin heeft om te eten. Voorbeeld: Choisis selon ce que tu préfères. — “Kies afhankelijk van wat je liever hebt.” tu as envie de komt van avoir envie de, “zin hebben om/in”. as is de tegenwoordige vorm van avoir bij tu; envie is een zelfstandig naamwoord. Voor een handeling volgt een infinitief: J’ai envie de dormir. — “Ik heb zin om te slapen.” Voor een zaak kan ook een naamwoordgroep volgen: J’ai envie de soupe. — “Ik heb zin in soep.” manger is de infinitief van “eten”. Hier is het de handeling waar de aangesproken persoon zin in heeft. tu as envie de manger betekent dus “je hebt zin om te eten”. De hele zin begint met de instructie Ajoute. Daarna volgen met ou drie mogelijke toevoegingen. selon ce que tu as envie de manger bepaalt waarvan de keuze afhangt: wat de aangesproken persoon zin heeft om te eten. De volledige betekenis is: “Voeg eieren, bonen of kip toe, afhankelijk van waar je zin in hebt.”

  10. Si les restes deviennent lassants, je peux changer l’accompagnement.

    Als de restjes saai worden, kan ik het bijgerecht veranderen.

    Si
    als
    les restes
    de restjes
    deviennent
    worden
    lassants
    saai, vervelend
    je peux
    ik kan
    changer
    veranderen
    l’accompagnement
    het bijgerecht
    Uitgebreide uitleg

    Si leidt hier een voorwaardelijke bijzin in: “als”. Het geeft de voorwaarde voor wat daarna kan gebeuren. Een herbruikbaar patroon is Si + ... , .... les restes betekent hier “de restjes”, dus overgebleven eten. les en de meervoudsvorm restes laten zien dat het om meervoud gaat. Het bepaalde lidwoord les noemt de restjes als een bepaalde of relevante groep, zonder zelf een exact aantal te noemen. Voorbeeld: Les restes sont au réfrigérateur. — “De restjes staan in de koelkast.” deviennent is de tegenwoordige tijd van devenir (“worden”) bij de derde persoon meervoud: ils/elles deviennent. Het beschrijft een verandering naar een nieuwe toestand. Voorbeeld: Les légumes deviennent mous. — “De groenten worden zacht.” lassants is het bijvoeglijk naamwoord “saai” of “vervelend” in de mannelijke meervoudsvorm. Het past zich hier aan les restes aan: restes is mannelijk meervoud, daarom staat er lassants en niet de enkelvoudsvorm lassant. Hier beschrijft het de restjes als vervelend of saai om opnieuw te eten. je peux bestaat uit het onderwerppronomen je (“ik”) en de eerste persoon enkelvoud van pouvoir (“kunnen”): je peux. Het drukt hier de mogelijkheid of het vermogen van de spreker uit. Na pouvoir volgt een infinitief: je peux changer — “ik kan veranderen”. changer is de infinitief “veranderen”. Na peux benoemt deze vorm de handeling die mogelijk is; de vervoegde vorm staat bij pouvoir, niet bij changer. Voorbeeld: Je peux changer le menu. — “Ik kan het menu veranderen.” l’accompagnement betekent hier “het bijgerecht”. Het is een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord met de elisie l’ vóór een klinker. De apostrof hoort bij het lidwoord: vóór elisie is het lidwoord le, maar voor accompagnement wordt dat l’. Samen betekent de zin: “Als de restjes saai worden, kan ik het bijgerecht veranderen.” De voorwaarde is Si les restes deviennent lassants; het hoofdgedeelte is je peux changer l’accompagnement. De tegenwoordige vormen drukken hier de voorwaarde en de mogelijkheid uit, maar leggen op zichzelf geen exact tijdstip vast. Het patroon is bruikbaar als Si [voorwaarde], je peux [infinitief].

  11. De petits changements rendent les repas préparés à l’avance plus agréables.

    Kleine veranderingen maken vooraf bereide maaltijden leuker.

    petits
    klein
    changements
    veranderingen
    rendent
    maken
    repas
    maaltijden
    préparés
    bereid
    à l’avance
    vooraf
    plus agréables
    aangenamer
    Uitgebreide uitleg

    petits betekent hier “klein”. Het is het meervoud van petit; het krijgt de uitgang -s omdat het bij changements staat. In de petits changements vormt de met het bijvoeglijk naamwoord en het meervoudige zelfstandig naamwoord een onbepaalde meervoudige groep. changements betekent “veranderingen”. De basisvorm is changement; -s markeert hier het meervoud. Het is het onderwerp van rendent. rendent komt van rendre en is de tegenwoordige tijd van de derde persoon meervoud. Hier betekent rendre “maken” in de constructie rendre quelque chose + bijvoeglijk naamwoord: iets een bepaalde eigenschap geven. Bijvoorbeeld: Cette musique rend le travail agréable. — “Deze muziek maakt het werk aangenaam.” repas betekent “maaltijden”. De vorm wordt in spelling niet anders in het enkelvoud en meervoud; les laat hier het meervoud zien. In les repas préparés is repas het ding dat voorbereid is. préparés komt van préparer en betekent hier “bereid”. Het is een voltooid deelwoord dat als bijvoeglijk naamwoord bij repas staat. Omdat repas mannelijk meervoud is, heeft het de vorm préparés. De uitgang -s hoort dus bij préparés, niet bij repas. à l’avance is een vaste bijwoordelijke uitdrukking met de betekenis “vooraf” of “van tevoren”. Ze geeft aan dat het bereiden vóór het bedoelde moment gebeurt. plus agréables betekent “aangenamer” of “leuker”. agréables komt van het bijvoeglijk naamwoord agréable en staat in het meervoud bij repas; plus maakt er een vergelijkende vorm van. Het patroon plus + bijvoeglijk naamwoord drukt “meer ...” uit, bijvoorbeeld plus simple — “eenvoudiger”. Samen vormen de delen: De petits changements (“kleine veranderingen”) is het onderwerp, rendent betekent “maken”, en les repas préparés à l’avance is wat daardoor wordt beïnvloed. plus agréables beschrijft het resultaat. De hele zin betekent dus: “Kleine veranderingen maken vooraf bereide maaltijden leuker.”

Grammatica

s’annoncer + adjectif

La semaine s’annonce chargée.

la suh-men sa-nonsj sjar-zjee.

De week ziet er druk uit.

Het wederkerende werkwoord s’annoncer wordt gevolgd door een bijvoeglijk naamwoord dat met het onderwerp overeenkomt.

conditionnel présent + à + infinitif

Préparer les repas à l’avance aiderait à éviter de manger du riz tous les jours.

pre-pa-ree lee ruh-pa a la-vans ee-də-rè a ee-vee-tee duh man-zjee duu rie toe lee zjoer.

Maaltijden van tevoren bereiden zou helpen om te voorkomen dat je elke dag rijst eet.

aiderait is de conditionnel en drukt een mogelijke of nuttige oplossing uit; na aider volgt à + infinitief.

Frans woordenschat

à l'avance uitdrukking
a la-vans van tevoren
aider werkwoord
ee-dee helpen aiderait
chargé bijvoeglijk naamwoord
sjar-zjee druk, volgepland chargée
éviter werkwoord
ee-vee-tee vermijden évite
manger werkwoord
man-zjee eten
même bijvoeglijk naamwoord
mèm hetzelfde
penser werkwoord
pan-see denken pensais
préparer werkwoord
pre-pa-ree voorbereiden
repas zelfstandig naamwoord
ruh-pa maaltijd
s'annoncer werkwoord
sa-nons-see eruitzien, zich aankondigen s’annonce
semaine zelfstandig naamwoord
suh-mèn week
tous les jours uitdrukking
toe lee zjoer elke dag

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Vries een paar porties in.

Antwoord tonenCongèle quelques portions.

Plak op elk bakje een etiket, zodat je makkelijk kunt kiezen.

Antwoord tonenÉtiquette chaque récipient pour choisir facilement.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

voorbereiden

Antwoord tonenpréparer

druk, volgepland

Antwoord tonenchargée

helpen

Antwoord tonenaiderait

week

Antwoord tonensemaine