Les
« Les » is het Franse meervoudige bepaalde lidwoord in « Les retours » en « les arguments »: het betekent hier « de ». De hoofdletter in « Les » komt doordat het aan het begin van de zin staat; voor een meervoudig zelfstandig naamwoord staat het vóór het woord.
retours
« retours » betekent hier feedback of terugkoppeling over de proposition. De meervoudsvorm verwijst naar meerdere opmerkingen of beoordelingspunten; een bruikbaar patroon is « Les retours disent que ... ».
disent
« disent » betekent « zeggen » in « Les retours disent que ... » en is de vervoegde vorm van dire bij les retours. Het leidt hier de inhoud van de feedback in, gevolgd door « que » en een zin.
que
« que » betekent hier « dat » en verbindt « Les retours disent » met de inhoud van die feedback. In het patroon « disent que la proposition devrait être plus solide » volgt na « que » een volledige mededeling.
la
« la » is het Franse bepaalde lidwoord voor het enkelvoudige vrouwelijke woord in « la proposition ». Het staat vóór een zelfstandig naamwoord en verwijst hier naar een specifiek voorstel.
proposition
« proposition » betekent hier voorstel, namelijk het document dat wordt besproken en herzien. Het woord staat in « la proposition devrait être plus solide » en kan zo samen met een bijvoeglijk naamwoord worden gebruikt.
devrait
« devrait » drukt in « la proposition devrait être plus solide » uit dat het voorstel sterker zou moeten zijn. Deze vorm van devoir maakt de beoordeling of verwachting minder direct dan een stellige opdracht; hij staat vóór « être ».
être
« être » betekent « zijn » in « devrait être plus solide ». Het is hier de infinitief die volgt op « devrait » en verbindt het voorstel met de eigenschap « plus solide ».
plus
« plus » betekent hier « meer » in de vergelijking « plus solide ». Het versterkt het daaropvolgende bijvoeglijk naamwoord en geeft aan dat de proposition een hogere mate van stevigheid moet hebben.
solide
« solide » betekent hier sterk of goed onderbouwd in « être plus solide ». Het beschrijft de proposition en staat na « être »; met « plus » vormt het een vergelijking.
mais
« mais » betekent « maar » en zet in « mais ça me semble vague » een tegenstelling in. Het verbindt de gewenste stevigheid van het voorstel met de indruk dat de feedback toch vaag is.
ça
« ça » verwijst hier naar de zojuist genoemde feedback of formulering en betekent « dat » of « het ». In « ça me semble vague » is het onderwerp van de indruk die de spreker uitdrukt.
me
« me » betekent hier « mij » in de constructie « ça me semble vague »: iets lijkt vaag aan de spreker. Het staat bij « semble » om aan te geven voor wie die indruk geldt.
semble
« semble » betekent « lijkt » in « ça me semble vague ». Samen met « me » geeft het een persoonlijke indruk weer, gevolgd door de eigenschap « vague ».
vague
« vague » betekent hier vaag of onvoldoende precies. In « ça me semble vague » beschrijft het hoe de feedback op de spreker overkomt; het staat na « semble ».
Demande
« Demande » is hier een directe aansporing: « vraag ». In « Demande quelle partie doit être révisée » geeft de spreker een advies en volgt na het werkwoord de inhoud van de vraag.
quelle
« quelle » betekent « welke » in « quelle partie ». Het bepaalt welk onderdeel bedoeld wordt en past zich hier aan « partie » aan.
partie
« partie » betekent hier onderdeel of deel van de proposition. In « quelle partie doit être révisée » vraagt het woord welk specifiek onderdeel aandacht nodig heeft.
doit
« doit » drukt in « quelle partie doit être révisée » uit dat iets moet gebeuren. Het is de vorm van devoir bij « quelle partie » en staat vóór « être révisée ».
révisée
« révisée » betekent hier herzien of aangepast in « doit être révisée ». De vorm beschrijft wat er met « partie » moet gebeuren en past zich aan dat vrouwelijke enkelvoudige woord aan.
arguments
« arguments » betekent hier argumenten of onderbouwing waarmee de proposition wordt ondersteund. In de opsomming « les arguments, le ton ou la structure » is het een van de drie mogelijke onderdelen die herzien kunnen worden.
le
« le » is het Franse bepaalde lidwoord voor het enkelvoudige mannelijke woord in « le ton ». Het staat vóór het zelfstandig naamwoord en verwijst hier naar de toon van de tekst.
ton
« ton » betekent hier toon, dus de manier waarop de tekst klinkt of overkomt. In « le ton » wordt het gebruikt als een mogelijk aspect van een voorstel dat aangepast kan worden.
ou
« ou » betekent « of » en verbindt alternatieven in « les arguments, le ton ou la structure ». Het helpt hier verschillende mogelijke revisierichtingen op te sommen.
structure
« structure » betekent structuur of opbouw van de proposition. In de opsomming is het een mogelijk onderdeel dat naast « les arguments » en « le ton » herzien kan worden.
Je
« Je » betekent « ik » en is het onderwerp in « Je pense que ... ». Het geeft aan dat de volgende beoordeling of mening van de spreker komt.
pense
« pense » betekent « denk » in « Je pense que l'introduction ... ». De vorm van penser introduceert hier een persoonlijke inschatting en wordt gevolgd door « que » en een volledige zin.
l'introduction
« l'introduction » betekent de inleiding van de tekst. De vorm « l' » is de verkorte vorm van het lidwoord vóór een woord dat met een klinker begint; in de zin is dit onderdeel het mogelijke probleem.
n'explique
« n'explique » betekent « legt niet uit » als onderdeel van de ontkenning bij « l'introduction ». De « n' » is de verkorte vorm van ne vóór een klinker en hoort samen met « pas » bij de ontkenning.
peut-être
« peut-être » betekent « misschien » en verzacht in « n'explique peut-être pas ... » de zekerheid van de beoordeling. Het bestaat uit « peut », dat mogelijkheid uitdrukt, en « être », « zijn »; samen functioneren ze als één bijwoord.
pas
« pas » is in « n'explique peut-être pas » het tweede deel van de Franse ontkenning en betekent « niet ». Aan het begin van « Pas si tu dis » betekent het « niet » als antwoord op de vorige vraag; de precieze functie volgt dus uit de hele constructie.
assez
« assez » betekent hier « genoeg » in « assez clairement ». Het geeft de vereiste mate van duidelijkheid aan en staat vóór het bijwoord dat de uitleg beschrijft.
clairement
« clairement » betekent « duidelijk » of « op een duidelijke manier » in « n'explique peut-être pas assez clairement ». Het beschrijft hoe de inleiding het problème uitlegt en kan na een werkwoord worden gebruikt.
problème
« problème » betekent hier het probleem dat in de introduction moet worden uitgelegd. In « expliquer clairement le problème » is het de inhoud waarop de uitleg gericht is.
alors
« alors » betekent hier « dan » of « vervolgens » in « Demande alors ... ». Het verbindt het advies met de voorafgaande gedachte en geeft aan wat daarna moet gebeuren.
un
« un » is het onbepaalde lidwoord in « un exemple précis » en betekent « een ». Het introduceert één niet eerder gespecificeerd voorbeeld.
exemple
« exemple » betekent voorbeeld in « un exemple précis ». Het verwijst hier naar een concreet geval waarmee duidelijk wordt wat de beoordelaars veranderd willen zien.
précis
« précis » betekent specifiek of precies in « un exemple précis ». Het beperkt « exemple » tot een concreet en duidelijk omschreven voorbeeld.
de
« de » verbindt in « un exemple précis de ce qu'ils veulent changer » het voorbeeld met de inhoud ervan. Het geeft aan waarvan het voorbeeld betrekking heeft.
ce
« ce » verwijst in « ce qu'ils veulent changer » naar datgene wat de beoordelaars willen veranderen. Samen met « qu'ils » vormt het de uitdrukking voor « wat » of « datgene wat ».
qu'ils
« qu'ils » introduceert in « ce qu'ils veulent changer » de bijzin met « ils » als onderwerp: wat zij willen veranderen. Het is de samengevoegde vorm van « que » en « ils » vóór een klinker.
veulent
« veulent » betekent « willen » in « qu'ils veulent changer ». Het is de vorm van vouloir bij « ils » en wordt gevolgd door de infinitief « changer ».
changer
« changer » betekent « veranderen » in « qu'ils veulent changer ». Het is de infinitief na « veulent » en benoemt wat de beoordelaars aangepast willen zien.
Est-ce
« Est-ce » begint de neutrale vraagvorm in « Est-ce que ça aurait l'air défensif ? ». « Est » is de vorm van être, « ce » betekent hier « dit/het » als onderdeel van de vraagformule; samen bereiden ze de ja-neevraag met « que » voor.
aurait
« aurait » geeft in « aurait l'air défensif » een mogelijke of veronderstelde indruk weer: zou iets defensief overkomen? Het is de conditionele vorm van avoir en krijgt zijn betekenis in deze constructie samen met « l'air défensif ».
l'air
« l'air » betekent hier de indruk of uitstraling in « aurait l'air défensif », niet letterlijk lucht. Samen met avoir en een bijvoeglijk naamwoord beschrijft het hoe iemand of iets overkomt.
défensif
« défensif » betekent defensief in « l'air défensif ». Het beschrijft de indruk die de voorgestelde vraag zou kunnen wekken en staat na « l'air ».
si
« si » betekent « als » in « Pas si tu dis ... » en introduceert de voorwaarde waaronder het niet defensief zou klinken. Het wordt gevolgd door een volledige zin met « tu » als onderwerp.
tu
« tu » betekent « jij » en is het onderwerp in « si tu dis ». Het verwijst hier naar de persoon die de feedbackvraag gaat formuleren.
dis
« dis » betekent « zegt » in « si tu dis que ... » en is de vorm van dire bij « tu ». Het introduceert de woorden of boodschap die de persoon kan gebruiken.
veux
« veux » betekent « wilt » in « tu veux répondre à leurs attentes ». Het is de vorm van vouloir bij « tu » en staat vóór de infinitief « répondre ».
répondre
« répondre » betekent hier reageren op of tegemoetkomen aan in « répondre à leurs attentes ». Het is een infinitief na « veux » en wordt met de voorzetselverbinding « répondre à » gebruikt.
à
« à » hoort in « répondre à leurs attentes » bij de vaste verbinding voor reageren op of beantwoorden. Het verbindt « répondre » met datgene waarop de reactie gericht is.
leurs
« leurs » betekent « hun » in « leurs attentes ». Het geeft aan dat de verwachtingen bij meerdere andere personen horen en staat vóór het meervoudige zelfstandig naamwoord.
attentes
« attentes » betekent verwachtingen in « répondre à leurs attentes ». Het verwijst naar de eisen of gewenste uitkomst van de beoordelaars, waarop de spreker wil aansluiten.
peux
« peux » betekent « kan » in « Je peux demander ... ». Het is de vorm van pouvoir bij « je » en drukt hier de mogelijkheid uit om een vraag te stellen.
demander
« demander » betekent « vragen » in « Je peux demander s'ils veulent ... ». Het is de infinitief na « peux » en wordt gevolgd door de inhoud van de vraag.
s'ils
« s'ils » betekent hier « of ze » in « demander s'ils veulent ... » en leidt een indirecte vraag in. Het is de samengevoegde vorm van « si » en « ils » vóór een klinker.
données
« données » betekent gegevens of data in « plus de données ». Het staat na « plus de » en benoemt extra informatie die de beoordelaars mogelijk willen zien.
assuré
« assuré » betekent hier zelfverzekerd of zeker in « un ton plus assuré ». Het beschrijft de gewenste toon van de tekst en past zich aan « ton » aan.
Cela
« Cela » betekent « dat » en verwijst in « Cela leur donne ... » naar de twee voorgestelde opties. Het staat als onderwerp van de volgende uitleg over het effect van die opties.
leur
« leur » betekent hier « aan hen » in « Cela leur donne ... » en is het meewerkend voorwerp: de twee richtingen worden aan hen aangeboden. Het is hier geen bezittelijk woord; dat is « leurs » in « leurs attentes ».
donne
« donne » betekent « geeft » in « Cela leur donne deux orientations claires ». Het werkwoord verbindt de opties met de personen die eruit kunnen kiezen.
orientations
« orientations » betekent richtingen of keuzerichtingen in « deux orientations claires ». Het verwijst hier naar de twee mogelijke manieren om de proposition aan te passen.
claires
« claires » betekent duidelijk in « deux orientations claires ». De vorm staat bij het vrouwelijke meervoud « orientations » en beschrijft dat de twee opties goed van elkaar te onderscheiden zijn.
entre
« entre » betekent « tussen » in « entre lesquelles choisir ». Het geeft aan dat er een keuze wordt gemaakt binnen twee of meer genoemde mogelijkheden.
lesquelles
« lesquelles » verwijst in « entre lesquelles choisir » terug naar de vrouwelijke meervoudsvorm « orientations ». Samen met « entre » betekent het « waartussen » en leidt het de keuzemogelijkheden in.
choisir
« choisir » betekent « kiezen » in « entre lesquelles choisir ». Het benoemt de handeling die de ontvangers met de twee orientations kunnen uitvoeren.
Dès
« Dès » betekent in « Dès que je connais la direction » « zodra ». Samen met « que » geeft het het moment aan waarop de volgende handeling mogelijk wordt.
connais
« connais » betekent « ken » of « weet » in « je connais la direction ». Het is de vorm van connaître bij « je » en verwijst hier naar het kennen van de gekozen richting.
direction
« direction » betekent hier richting, namelijk de gekozen manier waarop de proposition moet worden aangepast. In « connaître la direction » is het datgene waarvan de spreker eerst duidelijkheid nodig heeft.
réviser
« réviser » betekent herzien of aanpassen in « je peux la réviser rapidement ». Het is de infinitief na « peux » en verwijst naar het reviseren van de proposition.
rapidement
« rapidement » betekent snel of vlug in « réviser rapidement ». Het bijwoord beschrijft hoe snel de revisie kan worden uitgevoerd en staat bij het werkwoord.
Des
« Des » is het onbepaalde meervoudige lidwoord in « Des indications claires » en betekent hier « enkele » of « duidelijke aanwijzingen ». De hoofdletter komt doordat het aan het begin van de zin staat.
indications
« indications » betekent aanwijzingen of richtlijnen in « Des indications claires ». Het verwijst naar concrete feedback die laat zien welke aanpassingen nodig zijn.
peuvent
« peuvent » betekent « kunnen » in « Des indications claires peuvent éviter ... ». Het is de vorm van pouvoir bij « des indications claires » en drukt een mogelijk gevolg uit.
éviter
« éviter » betekent « voorkomen » of « vermijden » in « peuvent éviter de réécrire inutilement ». Het is de infinitief na « peuvent » en benoemt wat duidelijke aanwijzingen mogelijk maken.
réécrire
« réécrire » betekent « herschrijven » in « éviter de réécrire inutilement ». Het staat na « éviter de » en verwijst naar het opnieuw aanpassen van de tekst.
inutilement
« inutilement » betekent onnodig of zonder nut in « réécrire inutilement ». Het beschrijft dat het herschrijven kan worden vermeden wanneer de aanwijzingen duidelijk genoeg zijn.