Duidelijke feedback vragen | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: At work, two colleagues discuss how to ask for clearer feedback on a proposal revision without sounding defensive..

NL → FR / Niveau: B1

Over deze les

Met Duidelijke feedback vragen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Les retours disent que la proposition devrait être plus solide, mais ça me semble vague.

lee ruh-toer dies kuh la pro-po-zie-sjong duh-vrè ètr pluu so-lied, mè sa muh sèmbl vaag. De feedback zegt dat het voorstel sterker moet zijn, maar dat voelt vaag aan.
B

Demande quelle partie doit être révisée : les arguments, le ton ou la structure.

duh-mangd kel par-tie dwa ètr ree-vee-zee: lè-zar-guu-mang, luh tong oe la struuk-tuur. Vraag welk deel herzien moet worden: de onderbouwing, de toon of de structuur.
A

Je pense que l'introduction n'explique peut-être pas assez clairement le problème.

zjuh pangs kuh lèn-tro-duk-sjong neks-pleek peu-tètr pa a-see klèr-uh-mang luh pro-blem. Ik denk dat de inleiding het probleem misschien niet duidelijk genoeg uitlegt.
B

Demande alors un exemple précis de ce qu'ils veulent changer.

duh-mangd a-lor uhn eg-zangpl pree-see duh suh keel veul sjang-zjee. Vraag dan om een specifiek voorbeeld van wat ze veranderd willen zien.
A

Est-ce que ça aurait l'air défensif ?

ès kuh sa o-rè lèr dee-fang-sief. Zou dat defensief klinken?
B

Pas si tu dis que tu veux répondre à leurs attentes.

pa sie tuu die kuh tuu veul ree-pongdr a leur za-tang. Niet als je zegt dat je wilt aansluiten bij hun verwachtingen.
A

Je peux demander s'ils veulent plus de données ou un ton plus assuré.

zjuh peu duh-mang-dee siel veul pluu duh do-nee oe uhn tong pluu a-suu-ree. Ik kan vragen of ze meer gegevens willen of een zelfverzekerdere toon.
B

Cela leur donne deux orientations claires entre lesquelles choisir.

suh-la leur dong deu-zor-yan-ta-sjong klèr angtr lè-kèl sjwa-zier. Dat geeft ze twee duidelijke richtingen om uit te kiezen.
A

Dès que je connais la direction, je peux la réviser rapidement.

dè kuh zjuh ko-nè la die-rek-sjong, zjuh peu la ree-vee-zee ra-pied-uh-mang. Zodra ik de richting weet, kan ik het snel herzien.
B

Des indications claires peuvent éviter de réécrire inutilement.

dee-zèn-die-ka-sjong klèr peuv ay-vee-tee duh ree-ee-kreer ie-nuu-til-uh-mang. Duidelijke aanwijzingen kunnen ervoor zorgen dat je niet onnodig hoeft te herschrijven.

Woord voor woord

Les « Les » is het Franse meervoudige bepaalde lidwoord in « Les retours » en « les arguments »: het betekent hier « de ». De hoofdletter in « Les » komt doordat het aan het begin van de zin staat; voor een meervoudig zelfstandig naamwoord staat het vóór het woord.
retours « retours » betekent hier feedback of terugkoppeling over de proposition. De meervoudsvorm verwijst naar meerdere opmerkingen of beoordelingspunten; een bruikbaar patroon is « Les retours disent que ... ».
disent « disent » betekent « zeggen » in « Les retours disent que ... » en is de vervoegde vorm van dire bij les retours. Het leidt hier de inhoud van de feedback in, gevolgd door « que » en een zin.
que « que » betekent hier « dat » en verbindt « Les retours disent » met de inhoud van die feedback. In het patroon « disent que la proposition devrait être plus solide » volgt na « que » een volledige mededeling.
la « la » is het Franse bepaalde lidwoord voor het enkelvoudige vrouwelijke woord in « la proposition ». Het staat vóór een zelfstandig naamwoord en verwijst hier naar een specifiek voorstel.
proposition « proposition » betekent hier voorstel, namelijk het document dat wordt besproken en herzien. Het woord staat in « la proposition devrait être plus solide » en kan zo samen met een bijvoeglijk naamwoord worden gebruikt.
devrait « devrait » drukt in « la proposition devrait être plus solide » uit dat het voorstel sterker zou moeten zijn. Deze vorm van devoir maakt de beoordeling of verwachting minder direct dan een stellige opdracht; hij staat vóór « être ».
être « être » betekent « zijn » in « devrait être plus solide ». Het is hier de infinitief die volgt op « devrait » en verbindt het voorstel met de eigenschap « plus solide ».
plus « plus » betekent hier « meer » in de vergelijking « plus solide ». Het versterkt het daaropvolgende bijvoeglijk naamwoord en geeft aan dat de proposition een hogere mate van stevigheid moet hebben.
solide « solide » betekent hier sterk of goed onderbouwd in « être plus solide ». Het beschrijft de proposition en staat na « être »; met « plus » vormt het een vergelijking.
mais « mais » betekent « maar » en zet in « mais ça me semble vague » een tegenstelling in. Het verbindt de gewenste stevigheid van het voorstel met de indruk dat de feedback toch vaag is.
ça « ça » verwijst hier naar de zojuist genoemde feedback of formulering en betekent « dat » of « het ». In « ça me semble vague » is het onderwerp van de indruk die de spreker uitdrukt.
me « me » betekent hier « mij » in de constructie « ça me semble vague »: iets lijkt vaag aan de spreker. Het staat bij « semble » om aan te geven voor wie die indruk geldt.
semble « semble » betekent « lijkt » in « ça me semble vague ». Samen met « me » geeft het een persoonlijke indruk weer, gevolgd door de eigenschap « vague ».
vague « vague » betekent hier vaag of onvoldoende precies. In « ça me semble vague » beschrijft het hoe de feedback op de spreker overkomt; het staat na « semble ».
Demande « Demande » is hier een directe aansporing: « vraag ». In « Demande quelle partie doit être révisée » geeft de spreker een advies en volgt na het werkwoord de inhoud van de vraag.
quelle « quelle » betekent « welke » in « quelle partie ». Het bepaalt welk onderdeel bedoeld wordt en past zich hier aan « partie » aan.
partie « partie » betekent hier onderdeel of deel van de proposition. In « quelle partie doit être révisée » vraagt het woord welk specifiek onderdeel aandacht nodig heeft.
doit « doit » drukt in « quelle partie doit être révisée » uit dat iets moet gebeuren. Het is de vorm van devoir bij « quelle partie » en staat vóór « être révisée ».
révisée « révisée » betekent hier herzien of aangepast in « doit être révisée ». De vorm beschrijft wat er met « partie » moet gebeuren en past zich aan dat vrouwelijke enkelvoudige woord aan.
arguments « arguments » betekent hier argumenten of onderbouwing waarmee de proposition wordt ondersteund. In de opsomming « les arguments, le ton ou la structure » is het een van de drie mogelijke onderdelen die herzien kunnen worden.
le « le » is het Franse bepaalde lidwoord voor het enkelvoudige mannelijke woord in « le ton ». Het staat vóór het zelfstandig naamwoord en verwijst hier naar de toon van de tekst.
ton « ton » betekent hier toon, dus de manier waarop de tekst klinkt of overkomt. In « le ton » wordt het gebruikt als een mogelijk aspect van een voorstel dat aangepast kan worden.
ou « ou » betekent « of » en verbindt alternatieven in « les arguments, le ton ou la structure ». Het helpt hier verschillende mogelijke revisierichtingen op te sommen.
structure « structure » betekent structuur of opbouw van de proposition. In de opsomming is het een mogelijk onderdeel dat naast « les arguments » en « le ton » herzien kan worden.
Je « Je » betekent « ik » en is het onderwerp in « Je pense que ... ». Het geeft aan dat de volgende beoordeling of mening van de spreker komt.
pense « pense » betekent « denk » in « Je pense que l'introduction ... ». De vorm van penser introduceert hier een persoonlijke inschatting en wordt gevolgd door « que » en een volledige zin.
l'introduction « l'introduction » betekent de inleiding van de tekst. De vorm « l' » is de verkorte vorm van het lidwoord vóór een woord dat met een klinker begint; in de zin is dit onderdeel het mogelijke probleem.
n'explique « n'explique » betekent « legt niet uit » als onderdeel van de ontkenning bij « l'introduction ». De « n' » is de verkorte vorm van ne vóór een klinker en hoort samen met « pas » bij de ontkenning.
peut-être « peut-être » betekent « misschien » en verzacht in « n'explique peut-être pas ... » de zekerheid van de beoordeling. Het bestaat uit « peut », dat mogelijkheid uitdrukt, en « être », « zijn »; samen functioneren ze als één bijwoord.
pas « pas » is in « n'explique peut-être pas » het tweede deel van de Franse ontkenning en betekent « niet ». Aan het begin van « Pas si tu dis » betekent het « niet » als antwoord op de vorige vraag; de precieze functie volgt dus uit de hele constructie.
assez « assez » betekent hier « genoeg » in « assez clairement ». Het geeft de vereiste mate van duidelijkheid aan en staat vóór het bijwoord dat de uitleg beschrijft.
clairement « clairement » betekent « duidelijk » of « op een duidelijke manier » in « n'explique peut-être pas assez clairement ». Het beschrijft hoe de inleiding het problème uitlegt en kan na een werkwoord worden gebruikt.
problème « problème » betekent hier het probleem dat in de introduction moet worden uitgelegd. In « expliquer clairement le problème » is het de inhoud waarop de uitleg gericht is.
alors « alors » betekent hier « dan » of « vervolgens » in « Demande alors ... ». Het verbindt het advies met de voorafgaande gedachte en geeft aan wat daarna moet gebeuren.
un « un » is het onbepaalde lidwoord in « un exemple précis » en betekent « een ». Het introduceert één niet eerder gespecificeerd voorbeeld.
exemple « exemple » betekent voorbeeld in « un exemple précis ». Het verwijst hier naar een concreet geval waarmee duidelijk wordt wat de beoordelaars veranderd willen zien.
précis « précis » betekent specifiek of precies in « un exemple précis ». Het beperkt « exemple » tot een concreet en duidelijk omschreven voorbeeld.
de « de » verbindt in « un exemple précis de ce qu'ils veulent changer » het voorbeeld met de inhoud ervan. Het geeft aan waarvan het voorbeeld betrekking heeft.
ce « ce » verwijst in « ce qu'ils veulent changer » naar datgene wat de beoordelaars willen veranderen. Samen met « qu'ils » vormt het de uitdrukking voor « wat » of « datgene wat ».
qu'ils « qu'ils » introduceert in « ce qu'ils veulent changer » de bijzin met « ils » als onderwerp: wat zij willen veranderen. Het is de samengevoegde vorm van « que » en « ils » vóór een klinker.
veulent « veulent » betekent « willen » in « qu'ils veulent changer ». Het is de vorm van vouloir bij « ils » en wordt gevolgd door de infinitief « changer ».
changer « changer » betekent « veranderen » in « qu'ils veulent changer ». Het is de infinitief na « veulent » en benoemt wat de beoordelaars aangepast willen zien.
Est-ce « Est-ce » begint de neutrale vraagvorm in « Est-ce que ça aurait l'air défensif ? ». « Est » is de vorm van être, « ce » betekent hier « dit/het » als onderdeel van de vraagformule; samen bereiden ze de ja-neevraag met « que » voor.
aurait « aurait » geeft in « aurait l'air défensif » een mogelijke of veronderstelde indruk weer: zou iets defensief overkomen? Het is de conditionele vorm van avoir en krijgt zijn betekenis in deze constructie samen met « l'air défensif ».
l'air « l'air » betekent hier de indruk of uitstraling in « aurait l'air défensif », niet letterlijk lucht. Samen met avoir en een bijvoeglijk naamwoord beschrijft het hoe iemand of iets overkomt.
défensif « défensif » betekent defensief in « l'air défensif ». Het beschrijft de indruk die de voorgestelde vraag zou kunnen wekken en staat na « l'air ».
si « si » betekent « als » in « Pas si tu dis ... » en introduceert de voorwaarde waaronder het niet defensief zou klinken. Het wordt gevolgd door een volledige zin met « tu » als onderwerp.
tu « tu » betekent « jij » en is het onderwerp in « si tu dis ». Het verwijst hier naar de persoon die de feedbackvraag gaat formuleren.
dis « dis » betekent « zegt » in « si tu dis que ... » en is de vorm van dire bij « tu ». Het introduceert de woorden of boodschap die de persoon kan gebruiken.
veux « veux » betekent « wilt » in « tu veux répondre à leurs attentes ». Het is de vorm van vouloir bij « tu » en staat vóór de infinitief « répondre ».
répondre « répondre » betekent hier reageren op of tegemoetkomen aan in « répondre à leurs attentes ». Het is een infinitief na « veux » en wordt met de voorzetselverbinding « répondre à » gebruikt.
à « à » hoort in « répondre à leurs attentes » bij de vaste verbinding voor reageren op of beantwoorden. Het verbindt « répondre » met datgene waarop de reactie gericht is.
leurs « leurs » betekent « hun » in « leurs attentes ». Het geeft aan dat de verwachtingen bij meerdere andere personen horen en staat vóór het meervoudige zelfstandig naamwoord.
attentes « attentes » betekent verwachtingen in « répondre à leurs attentes ». Het verwijst naar de eisen of gewenste uitkomst van de beoordelaars, waarop de spreker wil aansluiten.
peux « peux » betekent « kan » in « Je peux demander ... ». Het is de vorm van pouvoir bij « je » en drukt hier de mogelijkheid uit om een vraag te stellen.
demander « demander » betekent « vragen » in « Je peux demander s'ils veulent ... ». Het is de infinitief na « peux » en wordt gevolgd door de inhoud van de vraag.
s'ils « s'ils » betekent hier « of ze » in « demander s'ils veulent ... » en leidt een indirecte vraag in. Het is de samengevoegde vorm van « si » en « ils » vóór een klinker.
données « données » betekent gegevens of data in « plus de données ». Het staat na « plus de » en benoemt extra informatie die de beoordelaars mogelijk willen zien.
assuré « assuré » betekent hier zelfverzekerd of zeker in « un ton plus assuré ». Het beschrijft de gewenste toon van de tekst en past zich aan « ton » aan.
Cela « Cela » betekent « dat » en verwijst in « Cela leur donne ... » naar de twee voorgestelde opties. Het staat als onderwerp van de volgende uitleg over het effect van die opties.
leur « leur » betekent hier « aan hen » in « Cela leur donne ... » en is het meewerkend voorwerp: de twee richtingen worden aan hen aangeboden. Het is hier geen bezittelijk woord; dat is « leurs » in « leurs attentes ».
donne « donne » betekent « geeft » in « Cela leur donne deux orientations claires ». Het werkwoord verbindt de opties met de personen die eruit kunnen kiezen.
orientations « orientations » betekent richtingen of keuzerichtingen in « deux orientations claires ». Het verwijst hier naar de twee mogelijke manieren om de proposition aan te passen.
claires « claires » betekent duidelijk in « deux orientations claires ». De vorm staat bij het vrouwelijke meervoud « orientations » en beschrijft dat de twee opties goed van elkaar te onderscheiden zijn.
entre « entre » betekent « tussen » in « entre lesquelles choisir ». Het geeft aan dat er een keuze wordt gemaakt binnen twee of meer genoemde mogelijkheden.
lesquelles « lesquelles » verwijst in « entre lesquelles choisir » terug naar de vrouwelijke meervoudsvorm « orientations ». Samen met « entre » betekent het « waartussen » en leidt het de keuzemogelijkheden in.
choisir « choisir » betekent « kiezen » in « entre lesquelles choisir ». Het benoemt de handeling die de ontvangers met de twee orientations kunnen uitvoeren.
Dès « Dès » betekent in « Dès que je connais la direction » « zodra ». Samen met « que » geeft het het moment aan waarop de volgende handeling mogelijk wordt.
connais « connais » betekent « ken » of « weet » in « je connais la direction ». Het is de vorm van connaître bij « je » en verwijst hier naar het kennen van de gekozen richting.
direction « direction » betekent hier richting, namelijk de gekozen manier waarop de proposition moet worden aangepast. In « connaître la direction » is het datgene waarvan de spreker eerst duidelijkheid nodig heeft.
réviser « réviser » betekent herzien of aanpassen in « je peux la réviser rapidement ». Het is de infinitief na « peux » en verwijst naar het reviseren van de proposition.
rapidement « rapidement » betekent snel of vlug in « réviser rapidement ». Het bijwoord beschrijft hoe snel de revisie kan worden uitgevoerd en staat bij het werkwoord.
Des « Des » is het onbepaalde meervoudige lidwoord in « Des indications claires » en betekent hier « enkele » of « duidelijke aanwijzingen ». De hoofdletter komt doordat het aan het begin van de zin staat.
indications « indications » betekent aanwijzingen of richtlijnen in « Des indications claires ». Het verwijst naar concrete feedback die laat zien welke aanpassingen nodig zijn.
peuvent « peuvent » betekent « kunnen » in « Des indications claires peuvent éviter ... ». Het is de vorm van pouvoir bij « des indications claires » en drukt een mogelijk gevolg uit.
éviter « éviter » betekent « voorkomen » of « vermijden » in « peuvent éviter de réécrire inutilement ». Het is de infinitief na « peuvent » en benoemt wat duidelijke aanwijzingen mogelijk maken.
réécrire « réécrire » betekent « herschrijven » in « éviter de réécrire inutilement ». Het staat na « éviter de » en verwijst naar het opnieuw aanpassen van de tekst.
inutilement « inutilement » betekent onnodig of zonder nut in « réécrire inutilement ». Het beschrijft dat het herschrijven kan worden vermeden wanneer de aanwijzingen duidelijk genoeg zijn.

Grammatica

aurait l'air + adjectif

La proposition aurait l'air solide.

la pro-po-zie-sjong o-rè lèr so-lied.

Het voorstel zou solide lijken.

‘Aurait’ is de conditionnel van ‘avoir’; ‘avoir l’air’ betekent ‘lijken’ en wordt gevolgd door een bijvoeglijk naamwoord.

Frans woordenschat

argument zelfstandig naamwoord
ar-guu-mang argument, onderbouwing arguments
demander werkwoord
duh-mang-dee vragen Demande
exemple zelfstandig naamwoord
eg-zangpl voorbeeld
expliquer werkwoord
eks-plee-kee uitleggen n'explique
introduction zelfstandig naamwoord
èn-tro-duk-sjong inleiding
problème zelfstandig naamwoord
pro-blem probleem
proposition zelfstandig naamwoord
pro-po-zie-sjong voorstel
retour zelfstandig naamwoord
ruh-toer feedback retours
solide bijvoeglijk naamwoord
so-lied sterk, solide
structure zelfstandig naamwoord
struuk-tuur structuur
ton zelfstandig naamwoord
tong toon
vague bijvoeglijk naamwoord
vaag vaag

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

feedback

Antwoord tonenretours

sterk, solide

Antwoord tonensolide

vaag

Antwoord tonenvague

argument, onderbouwing

Antwoord tonenarguments