Achterstand na gemiste lessen | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: After missed classes, two classmates decide which assignment to handle first and arrange focused practice after class..

NL → FR / Niveau: B1

Over deze les

Met Achterstand na gemiste lessen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

J'ai manqué quelques cours récemment et je suis en retard.

Zjee mang-kee kelk koer ree-sah-maang ee zje swie-zang re-taar. Ik heb de laatste tijd een paar lessen gemist en loop achter.
B

Tu peux rattraper ton retard.

Tuu peu ra-traa-pay tong re-taar. Je kunt je achterstand inhalen.
B

Mais essayer de tout apprendre en même temps rendra les choses plus difficiles.

Mee eh-say-yay duh too ta-prang-druh ang mem tang rang-draa lee sjooz pluu dee-fee-seel. Maar alles tegelijk proberen te leren maakt het moeilijker.
A

Pourrais-tu me dire par quel devoir je devrais commencer ?

Poe-ree-tuu muh deer par kel duh-vwaar zje duh-vree ko-maang-say? Kun je me vertellen met welke opdracht ik het beste kan beginnen?
B

Le résumé oral doit bientôt être rendu, et la fiche d'exercices peut attendre.

Luh ray-zuu-may o-raal dwaa byang-too ètr rang-dü, ee laa fiesj deks-er-sees peu a-tang-druh. De mondelinge samenvatting moet binnenkort worden ingeleverd, en het werkblad kan wachten tot later.
A

Alors, je devrais commencer par l'exercice oral.

A-lor zje duh-vree ko-maang-say par lek-zèr-sees o-raal. Dan moet ik met de spreekopdracht beginnen.
B

Commence par là et demande au professeur les notes des cours que tu as manqués.

Ko-maangs par laa ee duh-maangd oo pro-fè-seur lee noot day koer kuh tuu aa mang-kay. Begin daarmee en vraag de docent om aantekeningen van de lessen die je hebt gemist.
A

J'ai moins confiance en moi parce que les autres se sont entraînés ensemble.

Zjee mwèng kong-fie-yangs ang mwaa pars kuh lee zootr suh song ang-tray-nay ang-sangbl. Ik heb minder vertrouwen in mezelf omdat de anderen samen hebben geoefend.
B

Nous pouvons revoir l'exercice ensemble après le cours.

Noe poe-vong ruh-vwaar lek-zèr-sees ang-sangbl a-prè luh koer. We kunnen de opdracht na de les samen doornemen.
B

Comme ça, tu sauras à quoi t'attendre.

Kom saa, tuu soo-raa aa kwaa taangtr. Dan weet je wat je kunt verwachten.
A

Cela rendrait la prochaine étape plus facile à gérer.

Suh-laa rang-dreh laa pro-sjèn ay-taap pluu fa-seel aa zjee-ray. Dat zou de volgende stap beter haalbaar maken.
B

Une séance de pratique ciblée vaut mieux que d'éviter le travail.

Uun say-angs duh pra-teek see-blay voo mjeu kuh day-vee-tay luh tra-vai. Een gerichte oefensessie is beter dan het werk vermijden.

Woord voor woord

J'ai "J'ai" betekent hier "ik heb" in de mededeling dat de spreker lessen heeft gemist. Het is de vorm van je plus ai en staat als hulpwerkwoord bij "manqué"; gebruik ook "J'ai" gevolgd door een voltooid deelwoord om iets over een eerdere ervaring te zeggen.
manqué "manqué" betekent hier "gemist" en verwijst naar de lessen die de spreker niet heeft bijgewoond. Het staat na "J'ai" in de uitdrukking "J'ai manqué quelques cours"; in een gesprek over afwezigheid kun je dezelfde constructie gebruiken met een ander object.
quelques "quelques" betekent hier "enkele" of "een paar" en bepaalt "cours". Het staat vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord, zoals in "quelques cours"; gebruik het om een kleine, niet precies bepaalde hoeveelheid aan te geven.
cours "cours" betekent hier "lessen" en verwijst naar de lessen die de spreker heeft gemist. In "quelques cours" staat het na een hoeveelheid; hetzelfde woord kan in onderwijscontexten ook naar een cursus of les verwijzen.
récemment "récemment" betekent "onlangs" en plaatst het missen van de lessen in de recente tijd. Het is een bijwoord dat bij de gebeurtenis staat, zoals in "J'ai manqué quelques cours récemment"; gebruik het om iets als recent te beschrijven.
et "et" verbindt hier twee mededelingen: lessen missen en achterlopen. Het betekent "en" en staat tussen gelijkwaardige delen; gebruik het om twee feiten of handelingen aan elkaar te koppelen.
je "je" betekent hier "ik" en is het onderwerp van de zin. Het staat vóór de werkwoordsvorm in "je suis en retard"; gebruik het om over jezelf te spreken.
suis "suis" betekent hier "ben" in de vaste uitdrukking "je suis en retard", dus "ik loop achter". Dit is de vorm die bij "je" hoort; gebruik "je suis" om een toestand of situatie van jezelf te beschrijven.
en "en" betekent in "en retard" niet letterlijk alleen "in", maar maakt deel uit van de uitdrukking voor achterlopen of te laat zijn. Gebruik de vaste combinatie "être en retard" om aan te geven dat iemand achterloopt of te laat is.
retard "retard" betekent hier "achterstand" in de uitdrukking "je suis en retard". Samen met "en" beschrijft het een situatie waarin iemand niet op schema ligt; gebruik "en retard" bijvoorbeeld bij lessen, werk of een planning.
Tu "Tu" betekent hier "jij" en verwijst naar de ene klasgenoot die wordt aangesproken. Het staat als onderwerp vóór "peux" in "Tu peux rattraper ton retard"; gebruik "tu" wanneer je één persoon rechtstreeks aanspreekt.
peux "peux" betekent hier "kunt" en drukt uit dat de aangesprokene de mogelijkheid heeft om de achterstand in te halen. Het is de vorm na "Tu" en wordt gevolgd door het hele werkwoord "rattraper"; gebruik "tu peux" om een mogelijkheid of aanmoediging uit te drukken.
rattraper "rattraper" betekent hier "inhalen", namelijk een achterstand wegwerken. Het staat na "peux" in "peux rattraper ton retard"; gebruik het patroon "rattraper + achterstand of gemiste inhoud" wanneer iemand iets moet bijwerken.
ton "ton" betekent hier "jouw" en geeft aan dat de achterstand bij de aangesprokene hoort. Het staat vóór "retard" in "ton retard"; gebruik "ton" vóór een zelfstandig naamwoord om bezit of verbondenheid met de aangesprokene uit te drukken.
Mais "Mais" betekent hier "maar" en leidt een beperking of waarschuwing in op de eerdere aanmoediging. Het staat aan het begin van de zin "Mais essayer de tout apprendre..."; gebruik het om een tegenstelling of nuancering toe te voegen.
essayer "essayer" betekent hier "proberen" en vormt met "de tout apprendre" het onderwerp van de zin. Het staat in de constructie "essayer de + infinitief"; gebruik die constructie wanneer iemand probeert iets te doen.
de "de" verbindt hier "essayer" met de handeling "tout apprendre". In "essayer de tout apprendre" maakt het deel uit van het patroon "essayer de + infinitief"; gebruik dit patroon om aan te geven wat iemand probeert te doen.
tout "tout" betekent hier "alles" en is wat de spreker probeert te leren. In "tout apprendre" staat het vóór het werkwoord; gebruik het om naar de volledige hoeveelheid of het geheel te verwijzen.
apprendre "apprendre" betekent hier "leren" en staat als infinitief na "de" in "essayer de tout apprendre". Gebruik "apprendre" met een onderwerp of inhoud die iemand wil leren, bijvoorbeeld in een studiecontext.
même "même" betekent hier "zelfde" binnen de uitdrukking "en même temps", die "tegelijkertijd" betekent. Gebruik "en même temps" om aan te geven dat meerdere handelingen of gebeurtenissen gelijktijdig plaatsvinden.
temps "temps" betekent hier "tijd" als onderdeel van de vaste uitdrukking "en même temps". De volledige uitdrukking betekent "tegelijkertijd"; gebruik haar om gelijktijdigheid aan te geven.
rendra "rendra" betekent hier "zal maken" in de zin dat alles tegelijk leren de dingen moeilijker zal maken. Het staat vóór "les choses" en wordt aangevuld door "plus difficiles"; gebruik "rendre + object + bijvoeglijk naamwoord" om een verandering in toestand te beschrijven.
les "les" is hier het bepaalde lidwoord vóór "choses" en verwijst naar de dingen waarover in deze situatie wordt gesproken. Het staat vóór een meervoudig zelfstandig naamwoord; gebruik het wanneer de bedoelde zaken als bepaald of bekend worden voorgesteld.
choses "choses" betekent hier "dingen" en verwijst naar de leeractiviteiten of taken die moeilijker worden. Het staat als object na "rendra" in "rendra les choses plus difficiles"; gebruik het voor zaken die je niet specifieker benoemt.
plus "plus" geeft hier de vergelijking "meer" of de uitgang "-er" aan in "plus difficiles". Het staat vóór het bijvoeglijk naamwoord; gebruik "plus + bijvoeglijk naamwoord" om een hogere graad te vergelijken.
difficiles "difficiles" betekent hier "moeilijker" in "rendra les choses plus difficiles". Het beschrijft "les choses" na "plus"; gebruik "plus difficiles" wanneer iets een grotere moeilijkheidsgraad krijgt.
Pourrais "Pourrais" betekent hier "zou je kunnen" en maakt de vraag beleefd: "Pourrais-tu me dire... ?". Het staat bij "tu" en wordt gevolgd door een infinitief; gebruik "pourrais-tu + infinitief" om iemand beleefd iets te vragen.
me "me" betekent hier "mij" en is degene aan wie de gevraagde informatie wordt verteld. Het staat vóór "dire" in "me dire"; gebruik "me" vóór een werkwoord wanneer de handeling op de spreker gericht is.
dire "dire" betekent hier "zeggen" of "vertellen" in "me dire par quel devoir...". Het staat als infinitief na "Pourrais-tu"; gebruik "dire" met informatie die je aan iemand meedeelt of vraagt mee te delen.
par "par" betekent hier "met" of "via" in de constructie "commencer par", dus beginnen met iets. Het staat vóór "quel devoir"; gebruik "commencer par + zelfstandig naamwoord" om het eerste onderdeel aan te geven.
quel "quel" betekent hier "welk" en vraagt om één opdracht uit de mogelijke opdrachten. Het staat vóór "devoir" in "par quel devoir"; gebruik "quel + zelfstandig naamwoord" om naar een bepaalde keuze te vragen.
devoir "devoir" betekent hier "opdracht" en niet "moeten". Het staat na "quel" in de vraag "par quel devoir je devrais commencer"; gebruik het in een onderwijscontext voor een opdracht die een leerling moet maken.
devrais "devrais" betekent hier "zou moeten" en drukt uit wat de spreker volgens de gegeven raad het beste kan doen. Het staat vóór "commencer" in "je devrais commencer"; gebruik "je devrais + infinitief" om een voornemen of advies als mogelijkheid te formuleren.
commencer "commencer" betekent hier "beginnen" en verwijst naar het starten met één bepaalde opdracht. Het staat na "devrais" en wordt verbonden met "par"; gebruik "commencer par + zelfstandig naamwoord" om het beginpunt te noemen.
Le "Le" is hier het bepaalde lidwoord vóór "résumé" en betekent "de". Het introduceert de specifieke samenvatting die binnenkort moet worden ingeleverd; gebruik het vóór een mannelijk zelfstandig naamwoord wanneer dat zelfstandig naamwoord bepaald is.
résumé "résumé" betekent hier "samenvatting" en verwijst naar de mondelinge opdracht. Het wordt nader omschreven door "oral" in "Le résumé oral"; gebruik het voor een verkorte weergave van informatie of inhoud.
oral "oral" betekent hier "mondeling" en beschrijft het type samenvatting: "Le résumé oral". Het staat na "résumé"; gebruik het om aan te geven dat iets gesproken wordt uitgevoerd in plaats van alleen schriftelijk.
doit "doit" betekent hier "moet" en drukt de verplichting uit dat de samenvatting wordt ingeleverd. Het staat vóór "être rendu" in "doit bientôt être rendu"; gebruik "doit + infinitief" om een verplichting aan te geven.
bientôt "bientôt" betekent "binnenkort" en geeft aan dat de inleverdatum niet ver weg is. Het staat bij "doit être rendu"; gebruik het om een gebeurtenis in de nabije toekomst te plaatsen.
être "être" betekent hier "zijn" als onderdeel van "être rendu", waarmee wordt uitgedrukt dat iets ingeleverd moet worden. Het staat na "doit"; gebruik "être + voltooid deelwoord" ook in andere zinnen waarin de nadruk ligt op wat met iets gebeurt.
rendu "rendu" betekent hier "ingeleverd" in "être rendu". Het verwijst naar wat er met "Le résumé oral" moet gebeuren; gebruik "être rendu" in een onderwijscontext voor werk dat aan een docent moet worden afgegeven.
la "la" is hier het bepaalde lidwoord vóór "fiche" en betekent "de". Het introduceert het specifieke werkblad; gebruik het vóór een vrouwelijk zelfstandig naamwoord wanneer dat zelfstandig naamwoord bepaald is.
fiche "fiche" betekent hier "werkblad" en wordt verder omschreven door "d'exercices". De combinatie "la fiche d'exercices" verwijst naar een blad met oefeningen; gebruik "fiche" voor een afzonderlijk informatie- of oefenblad.
d'exercices "d'exercices" betekent hier "met oefeningen" of "van oefeningen" en specificeert het soort fiche. Het is de verbinding de + exercices, waarbij de eind-e van "de" wegvalt vóór de klinker; gebruik "fiche d'exercices" voor een oefenwerkblad.
peut "peut" betekent hier "kan" en geeft aan dat het werkblad later gedaan mag worden. Het staat vóór "attendre" in "peut attendre"; gebruik "peut + infinitief" om een mogelijkheid of toegestane optie uit te drukken.
attendre "attendre" betekent hier "wachten" in de betekenis dat het werkblad nog kan blijven liggen. Het staat na "peut"; gebruik "attendre" met een tijdstip, persoon of gebeurtenis waarop iemand wacht.
Alors "Alors" betekent hier "dan" of "dus" en trekt een gevolg uit de informatie over de opdrachten. Het leidt de beslissing in "Alors, je devrais commencer..."; gebruik het om een conclusie of volgende stap aan te kondigen.
l'exercice "l'exercice" betekent hier "de oefening" of "de taak" en verwijst naar de mondelinge opdracht. Het is le voor een woord dat met een klinker begint, waardoor le elideert tot l'; gebruik het voor een concrete oefening of taak.
Commence "Commence" betekent hier "begin" en is een directe aansporing aan de klasgenoot. Het staat aan het begin van "Commence par là"; gebruik deze vorm om één persoon aan te moedigen ergens mee te starten.
"là" betekent hier "daar" of "met dat onderdeel" in "Commence par là". Het verwijst naar de eerder genoemde mondelinge oefening; gebruik "par là" om naar een aangewezen beginpunt te verwijzen.
demande "demande" betekent hier "vraag" en geeft een tweede advies: vraag de docent om aantekeningen. Het staat in de opdracht "demande au professeur les notes..."; gebruik "demander quelque chose à quelqu'un" om te zeggen dat je iemand om iets vraagt.
au "au" betekent hier "aan de" of "bij de" in "au professeur". Het is de samensmelting van à en le; gebruik "demander quelque chose au professeur" om aan te geven dat je iets aan de docent vraagt.
professeur "professeur" betekent hier "docent" en is de persoon aan wie om de aantekeningen wordt gevraagd. Het staat na "au" in "au professeur"; gebruik het voor de leraar of docent in een onderwijscontext.
notes "notes" betekent hier "aantekeningen" van de gemiste lessen. Het is het gevraagde object in "demande au professeur les notes"; gebruik "prendre des notes" voor aantekeningen maken en "les notes" voor specifieke aantekeningen.
des "des" betekent hier "van de" in "les notes des cours". Het is de samensmelting van de en les en verbindt de aantekeningen met de lessen; gebruik "des" op deze manier om een relatie of herkomst aan te geven.
que "que" verwijst hier terug naar "les cours" en leidt de bijzin "que tu as manqués" in. Het verbindt een zelfstandig naamwoord met extra informatie erover; gebruik "zelfstandig naamwoord + que + zin" om iets nader te omschrijven.
as "as" betekent hier "hebt" en staat als hulpwerkwoord in "que tu as manqués". Samen met "manqués" beschrijft het dat jij de lessen hebt gemist; gebruik "tu as" met een voltooid deelwoord om over een eerdere handeling te spreken.
manqués "manqués" betekent hier "gemist" en verwijst naar de lessen die jij niet hebt bijgewoond. In "les cours que tu as manqués" staat de meervoudsvorm bij de genoemde lessen; gebruik deze vorm binnen die constructie wanneer je naar gemiste lessen verwijst.
moins "moins" betekent hier "minder" in "moins confiance en moi". Het vormt samen met "confiance" de uitdrukking dat de spreker minder vertrouwen heeft; gebruik "moins + zelfstandig naamwoord" om een kleinere hoeveelheid of graad aan te geven.
confiance "confiance" betekent hier "vertrouwen" in de vaste combinatie "avoir confiance en moi". Het staat na "moins" en vóór "en moi"; gebruik "avoir confiance en + persoon" om vertrouwen in iemand of jezelf uit te drukken.
moi "moi" betekent hier "mijzelf" in "confiance en moi", dus vertrouwen in de eigen persoon. Het is de beklemtoonde vorm na het voorzetsel "en"; gebruik "en moi" wanneer je vertrouwen, twijfel of een vergelijkbare houding ten opzichte van jezelf beschrijft.
parce que "parce que" betekent hier "omdat" en introduceert de reden voor het mindere vertrouwen. "Par ce" vormt hier samen met "que" de voegwoordelijke verbinding die de reden inleidt; gebruik "parce que" vóór een volledige reden of verklaring.
autres "autres" betekent hier "anderen" en verwijst naar de andere klasgenoten. Het staat na "les" in de bronzin "les autres se sont entraînés ensemble"; gebruik "les autres" om naar andere mensen binnen de besproken groep te verwijzen.
se "se" hoort hier bij "se sont entraînés" en maakt deel uit van de werkwoordelijke uitdrukking voor samen oefenen of trainen. Het staat vóór "sont"; gebruik een dergelijke voornaamwoordelijke vorm wanneer de handeling met het onderwerp verbonden wordt.
sont "sont" betekent hier "zijn" en vormt samen met "entraînés" de verleden constructie "se sont entraînés". Het staat bij het meervoudige onderwerp "les autres"; gebruik het hier om een eerdere oefenactiviteit van die groep te beschrijven.
entraînés "entraînés" betekent hier "geoefend" of "getraind" in "se sont entraînés ensemble". Het beschrijft wat de andere klasgenoten hebben gedaan en heeft hier een meervoudsvorm; gebruik de uitdrukking om oefenen of trainen voor een taak aan te geven.
ensemble "ensemble" betekent hier "samen" en geeft aan dat de anderen gezamenlijk hebben geoefend. Het staat na "se sont entraînés"; gebruik het om aan te geven dat meerdere personen een activiteit gezamenlijk uitvoeren.
Nous "Nous" betekent hier "wij" en omvat de spreker en de aangesproken klasgenoot. Het staat als onderwerp vóór "pouvons" in "Nous pouvons revoir l'exercice"; gebruik het om over jezelf samen met anderen te spreken.
pouvons "pouvons" betekent hier "kunnen" en drukt een gezamenlijk voorstel of mogelijkheid uit. Het staat na "Nous" en vóór "revoir"; gebruik "nous pouvons + infinitief" om een gezamenlijke handeling voor te stellen.
revoir "revoir" betekent hier "opnieuw doornemen" of "herbekijken" van de oefening. Het staat na "pouvons" in "revoir l'exercice"; gebruik "revoir + object" wanneer je iets nogmaals bekijkt of samen doorneemt.
après "après" betekent hier "na" en plaatst het doornemen van de oefening na de les. Het staat vóór "le cours" in "après le cours"; gebruik "après + zelfstandig naamwoord" om aan te geven wanneer iets plaatsvindt.
Comme "Comme" betekent hier samen met "ça" "zo" of "op die manier", niet "zoals". In "Comme ça, tu sauras..." leidt het een gevolg van het gezamenlijke doornemen in; gebruik "Comme ça" om een bedoeld resultaat of een praktische manier aan te geven.
ça "ça" betekent hier "dat" of "zo" in de vaste uitdrukking "Comme ça". Het verwijst naar de voorgestelde manier van werken; gebruik "Comme ça" om te zeggen dat iets op die manier een bepaald gevolg heeft.
sauras "sauras" betekent hier "zult weten" en verwijst naar wat de leerling na het doornemen van de taak zal weten. Het staat vóór "à quoi t'attendre"; gebruik "tu sauras" om toekomstige kennis of zekerheid uit te drukken.
à "à" hoort hier bij de uitdrukking "à quoi t'attendre" en is vereist bij "s'attendre à". Het leidt datgene in wat iemand verwacht; gebruik "s'attendre à + iets" om te zeggen waarop iemand rekent of wat iemand verwacht.
quoi "quoi" betekent hier "wat" in de vraagachtige verbinding "à quoi t'attendre", dus waarop je moet rekenen. Het staat na "à"; gebruik "à quoi" om te vragen naar datgene waarop een verwachting gericht is.
t'attendre "t'attendre" betekent hier "verwachten" in "à quoi t'attendre". Het combineert de verkorte vorm van te met "attendre" en hoort bij "s'attendre à"; gebruik "t'attendre à" om te zeggen wat jij kunt verwachten.
Cela "Cela" betekent hier "dat" en verwijst naar het samen doornemen van de oefening. Het staat als onderwerp vóór "rendrait"; gebruik "cela" om naar een eerder genoemde handeling, situatie of mogelijkheid te verwijzen.
rendrait "rendrait" betekent hier "zou maken" in de zin dat de volgende stap daardoor gemakkelijker te hanteren zou zijn. Het staat na "Cela" en vóór "la prochaine étape"; gebruik "rendre + object + bijvoeglijk naamwoord" om een mogelijk effect te beschrijven.
prochaine "prochaine" betekent hier "volgende" en beschrijft "étape", de stap die na de huidige voorbereiding komt. Het staat vóór "étape"; gebruik het om het eerstvolgende onderdeel in een reeks aan te duiden.
étape "étape" betekent hier "stap" in het leerproces. Het wordt omschreven door "la prochaine" in "la prochaine étape"; gebruik het voor een afzonderlijk onderdeel binnen een proces of plan.
facile "facile" betekent hier "gemakkelijk" in "plus facile à gérer", dus gemakkelijker om aan te pakken. Het staat na "plus" en vóór "à gérer"; gebruik "facile à + infinitief" om te zeggen dat iets eenvoudig op een bepaalde manier kan worden gedaan.
gérer "gérer" betekent hier "aanpakken" of "beheren" in "facile à gérer". Het staat na "à" en beschrijft hoe de volgende stap behandeld kan worden; gebruik "être facile à gérer" voor iets dat praktisch hanteerbaar is.
Une "Une" betekent hier "een" en introduceert één gerichte oefensessie. Het staat vóór "séance"; gebruik het vóór een zelfstandig naamwoord wanneer je één niet nader bepaalde zaak noemt.
séance "séance" betekent hier "sessie" en verwijst naar één afgebakend moment van oefenen. Het wordt gespecificeerd door "de pratique ciblée" in "Une séance de pratique ciblée"; gebruik het voor een geplande periode waarin een activiteit plaatsvindt.
pratique "pratique" betekent hier "oefening" of "praktijk" in "séance de pratique ciblée". Het staat na "de" en wordt omschreven door "ciblée"; gebruik "séance de pratique" voor een oefensessie rond een bepaalde vaardigheid.
ciblée "ciblée" betekent hier "gericht" en beschrijft de oefening als geconcentreerd op een bepaald doel. Het staat na "pratique" in "pratique ciblée"; gebruik het om aan te geven dat een activiteit bewust op één doel of probleem is afgestemd.
vaut "vaut" betekent hier samen met "mieux" "is beter" in de vergelijking "vaut mieux que". Het verbindt de oefensessie met het vermijden van het werk; gebruik "vaut mieux que + infinitief of zelfstandig naamwoord" om een voorkeur of beter alternatief uit te drukken.
mieux "mieux" betekent hier "beter" in de vaste vergelijking "vaut mieux que". Het staat na "vaut"; gebruik deze combinatie om te zeggen dat één keuze de voorkeur verdient boven een andere.
d'éviter "d'éviter" betekent hier "te vermijden" en benoemt de handeling die minder goed is dan een gerichte oefensessie. Het is de verbinding de + éviter na "vaut mieux que"; gebruik "vaut mieux que d'éviter..." om een actieve aanpak tegenover het vermijden van iets te plaatsen.
travail "travail" betekent hier "werk" en verwijst naar het schoolwerk dat niet vermeden moet worden. Het staat na "d'éviter" in "d'éviter le travail"; gebruik het in een onderwijscontext voor taken of inspanning die gedaan moeten worden.

Grammatica

rendre + adjectif

Tout rendra le devoir difficiles.

Too rang-draa luh duh-vwaar dee-fee-seel.

Alles zal de opdracht moeilijk maken.

rendra is de futur simple van rendre. Het werkwoord kan gevolgd worden door een bijvoeglijk naamwoord om een toestand of resultaat te beschrijven.

Il vaut mieux + infinitif

Il vaut mieux éviter le retard.

Eel voo mjeu ay-vee-tay luh re-taar.

Het is beter om een achterstand te vermijden.

Il vaut mieux betekent ‘het is beter’. Daarna volgt vaak een infinitief om advies of een voorkeur uit te drukken.

Frans woordenschat

cours zelfstandig naamwoord
koer les, colleges

quelques cours

devoir zelfstandig naamwoord
duh-vwaar opdracht, huiswerk

par quel devoir je devrais commencer

difficile bijvoeglijk naamwoord
dee-fee-seel moeilijk difficiles

les choses plus difficiles

en même temps uitdrukking
ang mem tang tegelijkertijd

tout apprendre en même temps

en retard uitdrukking
ang re-taar achterlopen, een achterstand hebben

Je suis en retard.

essayer werkwoord
eh-say-yay proberen

essayer de tout apprendre

manquer werkwoord
mang-kay missen manqué

J'ai manqué quelques cours récemment.

rattraper werkwoord
ra-traa-pay inhalen

Tu peux rattraper ton retard.

récemment bijwoord
ree-sah-maang onlangs

J'ai manqué quelques cours récemment.

rendre werkwoord
rang-dr maken, ervoor zorgen dat rendra

rendra les choses plus difficiles

retard zelfstandig naamwoord
re-taar achterstand

ton retard

tout voornaamwoord
too alles

de tout apprendre

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Je kunt je achterstand inhalen.

Antwoord tonenTu peux rattraper ton retard.

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

les, colleges

Antwoord tonencours

achterstand

Antwoord tonenretard

onlangs

Antwoord tonenrécemment

missen

Antwoord tonenmanqué