Il y a
« Il y a » is de vaste Franse constructie voor ‘er is’ of ‘er zijn’. In « Il y a un événement de design » geven « Il », « y » en « a » samen aan dat iets aanwezig is. Gebruik de hele constructie om iets te introduceren dat ergens bestaat of plaatsvindt.
un
« un » is hier het onbepaalde lidwoord bij « événement » en betekent ‘een’. Het staat vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord, zoals in « un événement ».
événement
« événement » betekent hier ‘evenement’. In « un événement de design » benoemt het woord de activiteit waarvoor iemand wordt uitgenodigd. Je kunt het gebruiken met « un » wanneer je een evenement voor het eerst noemt.
de
In « de design » verbindt « de » het evenement met het onderwerp design; hier betekent het ‘over’ of ‘met betrekking tot’. De combinatie « événement de design » benoemt het soort evenement.
design
« design » verwijst hier naar design als onderwerp van het evenement. In « un événement de design » staat het na « de » om het thema of vakgebied te specificeren.
cette
« cette » verwijst hier naar een specifieke week en betekent ‘deze’. Het staat in « cette semaine » vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord; gebruik dit patroon om iets als nabij of huidig aan te wijzen.
semaine
« semaine » betekent ‘week’. In « cette semaine » gaat het om de huidige week, de periode waarin het evenement plaatsvindt. Je kunt het combineren met een tijdsbepaler zoals « cette ».
Je
« Je » betekent ‘ik’ en is het onderwerp in « Je pensais ». Het verwijst naar de persoon die spreekt; gebruik « je » vóór een werkwoord om over jezelf te vertellen.
pensais
In « Je pensais » geeft « pensais » weer wat de spreker in het verleden dacht: ‘ik dacht’. Het is een vorm van « penser » in de imparfait, passend bij een gedachte die al bestond voordat de uitnodiging wordt genoemd.
que
« que » betekent hier ‘dat’ en verbindt « Je pensais » met de inhoud van die gedachte. In « Je pensais que tu voudrais peut-être y aller » introduceert het de volgende bijzin.
tu
« tu » betekent ‘je’ of ‘jij’ in de informele enkelvoudsvorm. In « tu voudrais peut-être y aller » is het de persoon die misschien naar het evenement wil gaan. Gebruik « tu » bij een persoon die je informeel aanspreekt.
voudrais
« voudrais » betekent hier ‘zou willen’ in « tu voudrais peut-être y aller ». Het is een vorm van « vouloir » in de conditionnel, waardoor de uitnodiging voorzichtig of minder direct klinkt. Een bruikbaar patroon is « tu voudrais + infinitief ».
peut-être
« peut-être » betekent ‘misschien’ en drukt onzekerheid of mogelijkheid uit. In « tu voudrais peut-être y aller » maakt het de uitnodiging voorzichtig; « peut » draagt het idee van mogelijkheid en « être » betekent ‘zijn’. Gebruik « peut-être » bij een voorstel of mogelijkheid waarover je niet zeker bent.
y
« y » verwijst in « y aller » naar de plaats of activiteit die al genoemd is, hier het evenement. Samen betekent « y aller » ‘ernaartoe gaan’. Gebruik « y » in zo’n patroon om een eerder genoemde plaats niet opnieuw te herhalen.
aller
« aller » betekent ‘gaan’. In « y aller » staat het als infinitief na « voudrais » en verwijst het naar naar het evenement gaan. Een bruikbaar patroon is « vouloir aller » of « y aller ».
C'est
« C'est » betekent hier ‘het is’ en wordt gebruikt om het soort evenement te vragen in « C'est quel genre d'événement ? ». De vorm bestaat uit « ce » en « est » en staat aan het begin van deze informele vraag.
quel
« quel » betekent hier ‘wat voor’ en vraagt naar het soort evenement. In « quel genre d'événement » staat het vóór « genre » om naar een categorie of type te vragen. Een bruikbaar patroon is « quel genre de + zelfstandig naamwoord ».
genre
« genre » betekent ‘soort’ of ‘type’. In « quel genre d'événement » vraagt het naar de categorie waartoe het evenement behoort. Gebruik « quel genre de » om naar het soort van iets te vragen.
d'événement
« d'événement » betekent hier ‘van evenement’ binnen de vraag « quel genre d'événement ». « d' » is de verkorte vorm van « de » vóór « événement », en de combinatie specificeert waar het soort betrekking op heeft.
quelques
« quelques » betekent ‘een paar’ of ‘enkele’. In « quelques courtes présentations » geeft het een klein, niet precies genoemd aantal presentaties aan. Gebruik « quelques » vóór een zelfstandig naamwoord in het meervoud.
courtes
« courtes » betekent hier ‘korte’ en beschrijft « présentations ». Het is de vrouwelijke meervoudsvorm van « court », passend bij het meervoudige vrouwelijke woord « présentations ». Gebruik het vóór of bij een zelfstandig naamwoord dat kort is.
présentations
« présentations » betekent hier ‘presentaties’ of ‘lezingen’. In « quelques courtes présentations » gaat het om meerdere korte bijdragen tijdens het evenement. Het meervoud wordt gebruikt omdat er meer dan één presentatie is.
et
« et » betekent ‘en’ en verbindt in « quelques courtes présentations et une petite exposition » twee onderdelen van het evenement. Gebruik « et » om woorden of woordgroepen naast elkaar te plaatsen.
une
« une » is het onbepaalde lidwoord en betekent ‘een’. In « une petite exposition » staat het bij het vrouwelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord « exposition ».
petite
« petite » betekent hier ‘kleine’ en beschrijft « exposition ». Het is de vrouwelijke vorm van « petit », passend bij het vrouwelijke woord « exposition ». Gebruik het vóór een vrouwelijk zelfstandig naamwoord voor iets met geringe omvang.
exposition
« exposition » betekent ‘tentoonstelling’. In « une petite exposition » is het een van de onderdelen van het designevenement. Je kunt het gebruiken met « une » wanneer je een tentoonstelling introduceert.
Donc
« Donc » betekent ‘dus’ of ‘daarom’. In « Donc, ça devrait être facile d'y passer » leidt het een gevolgtrekking in op basis van de korte presentaties en de kleine tentoonstelling. Gebruik « donc » om een conclusie of gevolg aan te geven.
ça
« ça » verwijst hier naar het evenement of de situatie als geheel en betekent ‘dat’ of ‘het’. In « ça devrait être facile » is het het onderwerp van de beoordeling. Gebruik « ça » vaak om informeel naar iets eerder genoemds te verwijzen.
devrait
« devrait » betekent hier ‘zou moeten’ in « ça devrait être facile ». Het is een vorm van « devoir » in de conditionnel en drukt een verwachting of waarschijnlijke beoordeling uit. Een bruikbaar patroon is « ça devrait être + bijvoeglijk naamwoord ».
être
« être » betekent ‘zijn’. In « devrait être facile » volgt het als infinitief op « devrait » en verbindt het onderwerp met de beoordeling « facile ». Een bruikbaar patroon is « être + bijvoeglijk naamwoord ».
facile
« facile » betekent ‘gemakkelijk’. In « être facile d'y passer » beoordeelt het hoe eenvoudig het is om even naar het evenement te gaan. Gebruik « c'est facile de + infinitief » of « être facile de + infinitief » voor een gemakkelijke handeling.
d'y
In « facile d'y passer » verbindt « d' » de beoordeling « facile » met de infinitief « passer », terwijl « y » naar het evenement verwijst. Samen helpt « d'y passer » de betekenis ‘daar even langsgaan’ uit te drukken. Dit volgt het patroon « facile de + infinitief » met « y » voor een eerder genoemde plaats of activiteit.
passer
« passer » betekent hier ‘even langsgaan’ of ‘binnenlopen’ in « d'y passer ». De betekenis wordt bepaald door « y » en de context van het evenement. Een bruikbaar patroon is « passer quelque part » voor ergens langsgaan.
Est-ce que
« Est-ce que » is een vaste constructie om een gewone vraag in te leiden, zoals « Est-ce que les visiteurs doivent s'inscrire à l'avance ? ». « Est-ce » opent de vraag en « que » verbindt de constructie met de volgende zin. Gebruik de hele vorm vóór een mededelende zinsvolgorde wanneer je een vraag stelt.
les
« les » is het bepaalde lidwoord voor het meervoud en betekent ‘de’. In « les visiteurs » verwijst het naar de bezoekers als groep. Gebruik « les » vóór een zelfstandig naamwoord in het meervoud wanneer het om bepaalde personen of zaken gaat.
visiteurs
« visiteurs » betekent ‘bezoekers’. In « les visiteurs doivent s'inscrire » gaat het om de mensen die het evenement bezoeken. Het meervoud past bij « les » en bij de werkwoordsvorm « doivent ».
doivent
« doivent » betekent hier ‘moeten’ of ‘nodig hebben om’ in « les visiteurs doivent s'inscrire ». Het is een meervoudsvorm van « devoir », passend bij « les visiteurs ». Een bruikbaar patroon is « devoir + infinitief » voor een verplichting of vereiste handeling.
s'inscrire
« s'inscrire » betekent ‘zich inschrijven’ of ‘zich aanmelden’. In « doivent s'inscrire à l'avance » gaat het om registratie vóór het evenement. Het wederkerende voornaamwoord « s' » hoort bij « inscrire » in deze betekenis; gebruik « s'inscrire à + activiteit of dienst ».
à l'avance
« à l'avance » betekent ‘van tevoren’ of ‘vooraf’. In « s'inscrire à l'avance » geeft « à » samen met « l'avance » aan dat de inschrijving eerder moet gebeuren. « l'avance » betekent letterlijk de voorsprong of voorafgaande tijd; leer deze vaste uitdrukking als geheel.
vais
« vais » betekent hier ‘ga’ in de constructie « Je vais consulter », die de nabije toekomst uitdrukt: ‘ik ga controleren’. Het is een vorm van « aller » met « je ». Gebruik « je vais + infinitief » voor iets wat je binnenkort van plan bent te doen.
consulter
« consulter » betekent hier ‘bekijken’ of ‘raadplegen’. In « consulter la page de l'événement » gaat het om het controleren van informatie op een webpagina. Een bruikbaar patroon is « consulter + pagina, document of bron ».
la
« la » is het bepaalde lidwoord voor het vrouwelijk enkelvoud en betekent ‘de’. In « la page » verwijst het naar een specifieke pagina. Gebruik « la » vóór een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
page
« page » betekent ‘pagina’. In « la page de l'événement » gaat het om de webpagina met informatie over het evenement. Een bruikbaar patroon is « la page de + onderwerp ».
l'événement
« l'événement » betekent ‘het evenement’. « l' » is het bepaalde lidwoord vóór « événement », dat met een klinker begint. In « la page de l'événement » specificeert het woord welke evenementpagina bedoeld wordt.
t'envoyer
« t'envoyer » betekent ‘je sturen’ in « t'envoyer les détails ». « t' » verwijst naar de persoon die wordt aangesproken en « envoyer » betekent ‘sturen’; samen vormen ze het patroon ‘iemand iets sturen’. Gebruik « envoyer quelque chose à quelqu'un » of « t'envoyer + voorwerp ».
détails
« détails » betekent ‘details’. In « t'envoyer les détails » gaat het om de concrete informatie over het evenement. Gebruik het meervoud in patronen zoals « envoyer les détails » wanneer je meerdere stukjes informatie bedoelt.
pourrais
« pourrais » betekent hier ‘zou je kunnen’ in « Tu pourrais aussi vérifier... ». Het is een vorm van « pouvoir » in de conditionnel en maakt het verzoek beleefd en minder direct. Een bruikbaar verzoekpatroon is « Tu pourrais + infinitief ? ».
aussi
« aussi » betekent hier ‘ook’. In « Tu pourrais aussi vérifier » voegt het controleren van de ontmoetingsplaats een extra verzoek toe. Gebruik « aussi » om een bijkomende handeling of mogelijkheid aan te geven.
vérifier
« vérifier » betekent hier ‘controleren’ of ‘uitzoeken’. In « vérifier où nous devrions nous retrouver » gaat het om informatie nagaan over de ontmoetingsplaats. Een bruikbaar patroon is « vérifier + vraagwoordzin ».
où
« où » betekent ‘waar’. In « où nous devrions nous retrouver » leidt het de vraag naar de plaats van ontmoeting in. Gebruik « où » om naar een locatie te vragen.
nous
« nous » heeft in « où nous devrions nous retrouver » twee functies: het eerste « nous » betekent ‘wij’ als onderwerp, en het tweede « nous » verwijst naar ‘ons’ in ‘elkaar ontmoeten’. Gebruik « nous retrouver » als patroon voor samen afspreken of elkaar weer ontmoeten.
devrions
« devrions » betekent hier ‘zouden moeten’ in « où nous devrions nous retrouver ». Het is een vorm van « devoir » in de conditionnel en drukt een voorgestelde of te bepalen ontmoetingsplaats uit. Een bruikbaar patroon is « où nous devrions + infinitief ».
retrouver
« retrouver » betekent hier ‘elkaar ontmoeten’ in « nous retrouver ». Met « nous » verwijst het naar samen afspreken, niet naar het terugvinden van een voorwerp. Gebruik « se retrouver + plaats » om een ontmoetingsplek af te spreken.
Si
« Si » betekent hier ‘als’ en leidt de voorwaarde in « Si l'inscription est simple ». De rest van de zin beschrijft wat de sprekers dan zullen doen. Gebruik « si + voorwaarde » om een plan afhankelijk te maken van een situatie.
l'inscription
« l'inscription » betekent ‘de inschrijving’ of ‘de registratie’. « l' » is het bepaalde lidwoord vóór « inscription », dat met een klinker begint. In « Si l'inscription est simple » gaat het om de registratie voor het evenement.
est
« est » betekent ‘is’ in « l'inscription est simple ». Het is een vorm van « être » die het onderwerp « l'inscription » met de eigenschap « simple » verbindt. Een bruikbaar patroon is « être + bijvoeglijk naamwoord ».
simple
« simple » betekent hier ‘eenvoudig’ of ‘simpel’. In « l'inscription est simple » beschrijft het hoe gemakkelijk de registratie verloopt. Gebruik « être simple » om een procedure of handeling als niet ingewikkeld te beoordelen.
retrouvons-nous
« retrouvons-nous » betekent ‘laten we elkaar ontmoeten’ of ‘laten we afspreken’. Het is de uitnodigende gebiedende vorm van « se retrouver », met « nous » achter het werkwoord in « retrouvons-nous près de l'entrée ». Gebruik deze vorm om samen een afspraak voor te stellen.
près
« près » betekent hier ‘bij’ of ‘in de buurt van’. In « près de l'entrée » geeft het de plaats van de afspraak aan. Gebruik het vaste patroon « près de + plaats of zelfstandig naamwoord ».
l'entrée
« l'entrée » betekent ‘de ingang’. « l' » is het bepaalde lidwoord vóór « entrée », dat met een klinker begint. In « près de l'entrée » is het de afgesproken ontmoetingsplek.
avant
« avant » betekent ‘voor’ in tijd. In « avant la première présentation » geeft het aan dat de afspraak plaatsvindt vóór de eerste presentatie. Gebruik « avant + zelfstandig naamwoord » om een eerder tijdstip aan te geven.
première
« première » betekent hier ‘eerste’ en beschrijft « présentation ». Het is de vrouwelijke vorm van « premier », passend bij het vrouwelijke woord « présentation ». Gebruik het om het eerste onderdeel in een reeks aan te wijzen.
présentation
« présentation » betekent hier ‘presentatie’ of ‘lezing’. In « la première présentation » gaat het om de eerste lezing van het evenement. Gebruik het met een rangtelwoord zoals « première » om de volgorde aan te geven.
me
« me » betekent in « Ça me va » ‘voor mij’ of ‘mij’. Het geeft aan voor wie de voorgestelde afspraak geschikt is. Gebruik « ça me va » als vaste uitdrukking om te zeggen dat iets je goed uitkomt.
va
« va » betekent in « Ça me va » niet letterlijk ‘gaat’, maar ‘komt goed uit’ of ‘past’. Het is een vorm van « aller » in deze vaste uitdrukking. Gebruik « ça me va » om akkoord te gaan met een voorstel of tijdstip.
Envoie-moi
« Envoie-moi » betekent ‘stuur me’. « Envoie » is de gebiedende vorm van « envoyer » en « moi » geeft de ontvanger aan. Gebruik « Envoie-moi + voorwerp » wanneer je iemand vraagt iets naar je te sturen.
le
« le » is het bepaalde lidwoord voor het mannelijk enkelvoud en betekent ‘het’ of ‘de’. In « le plan » verwijst het naar een specifiek plan. Gebruik « le » vóór een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord.
plan
« plan » betekent hier ‘plan’ of ‘planning’. In « Envoie-moi le plan » gaat het om de afgesproken informatie over de activiteit. Een bruikbaar patroon is « envoyer le plan » wanneer je iemand de planning toestuurt.
dès que
« dès que » betekent ‘zodra’ of ‘van zodra’. In « dès que tu l'as » bepaalt het wanneer het plan moet worden verstuurd. « dès » geeft het onmiddellijke begin aan en « que » verbindt dit met de volgende bijzin; gebruik de hele constructie voor een handeling die direct na een andere gebeurt.
l'as
In « dès que tu l'as » betekent « l'as » ‘het hebt’, waarbij « l' » naar « le plan » verwijst en « as » de vorm van « avoir » bij « tu » is. Samen verwijst de uitdrukking naar het moment waarop je het plan hebt. Een bruikbaar patroon is « tu l'as » voor ‘je hebt het’ wanneer « het » al bekend is.
Ce
« Ce » betekent hier ‘deze’ in « Ce soir ». Het staat vóór het mannelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord « soir » en wijst naar de avond van vandaag. Gebruik « ce + mannelijk zelfstandig naamwoord » om een specifieke tijd of zaak aan te wijzen.
soir
« soir » betekent ‘avond’. In « Ce soir » verwijst het naar vanavond, het moment waarop de spreker de regels zal controleren. Gebruik « ce soir » als vaste tijdsaanduiding voor vanavond.
vérifierai
« vérifierai » betekent ‘ik zal controleren’ of ‘ik zal bevestigen’. Het is een vorm van « vérifier » in de futur simple en geeft een geplande toekomstige handeling aan in « je vérifierai les règles d'inscription ». Een bruikbaar patroon is « je vérifierai + informatie of document ».
règles
« règles » betekent ‘regels’. In « les règles d'inscription » gaat het om de voorwaarden of instructies voor de registratie. Gebruik « règles de + onderwerp » om regels voor een bepaalde activiteit aan te duiden.
d'inscription
« d'inscription » betekent ‘van de inschrijving’ in « les règles d'inscription ». « d' » is de verkorte vorm van « de » vóór « inscription » en verbindt de regels met het onderwerp registratie. De combinatie benoemt waarvoor de regels gelden.
proposerai
« proposerai » betekent ‘ik zal voorstellen’ of ‘ik zal suggereren’. Het is een vorm van « proposer » in de futur simple in « je proposerai une heure ». Een bruikbaar patroon is « proposer + een tijdstip of plan ».
heure
« heure » betekent hier ‘tijdstip’ of letterlijk ‘uur’. In « proposerai une heure pour nous retrouver » gaat het om een tijd waarop de sprekers elkaar zullen ontmoeten. Gebruik « une heure » om een concreet tijdstip voor te stellen.
pour
« pour » betekent hier ‘om te’ en leidt in « pour nous retrouver » het doel van het voorgestelde tijdstip in. Het staat vóór een infinitiefconstructie en « nous retrouver » benoemt de gezamenlijke afspraak. Een bruikbaar patroon is « pour + infinitief » om een doel uit te drukken.
Alors
« Alors » betekent hier ‘dan’ of ‘in dat geval’. In « Alors, je pourrai garder cette soirée libre » volgt het plan van de spreker op de eerdere afspraak. Gebruik « alors » om een gevolg of volgende stap aan te kondigen.
pourrai
« pourrai » betekent hier ‘zal kunnen’. Het is een vorm van « pouvoir » in de futur simple en drukt uit dat de spreker later in staat zal zijn de avond vrij te houden. Een bruikbaar patroon is « je pourrai + infinitief ».
garder
« garder » betekent hier ‘vrijhouden’ in « garder cette soirée libre ». Het verwijst naar het niet inplannen van andere activiteiten voor die avond. Een bruikbaar patroon is « garder + tijdsperiode + libre ».
soirée
« soirée » betekent hier ‘avond’ als een periode of geplande avondactiviteit. In « cette soirée libre » gaat het om de volledige avond die beschikbaar wordt gehouden. Gebruik « une soirée » wanneer je een avond als tijdsperiode bespreekt.
libre
« libre » betekent hier ‘vrij’ of ‘beschikbaar’. In « garder cette soirée libre » beschrijft het dat er die avond geen andere afspraak wordt gepland. Gebruik « garder + tijdsperiode + libre » om beschikbaarheid te reserveren.