Een studieruimte reserveren en de regels volgen | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: At a library desk, one adult reserves a study room for a group project and confirms the key and timing rules..

NL → FR / Niveau: B1

Over deze les

Met Een studieruimte reserveren en de regels volgen oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

J'aimerais réserver une salle d'étude pour un projet de groupe.

Zjemerè rezervee uun sal de-tüüd poer eun pro-zjee de groep. Ik wil graag een studieruimte reserveren voor een groepsproject.
B

De quelle taille doit être la salle ?

De kel taj dwa ètr la sal? Hoe groot moet de ruimte zijn?
B

Quand voulez-vous l'utiliser ?

Kan voelee-voe lütilizee? Wanneer wilt u de ruimte gebruiken?
A

Nous avons besoin d'une salle calme cet après-midi pour quatre personnes.

Noe zavon bezwèn d'uun sal kalm set apre-midee poer katr persòn. We hebben vanmiddag een rustige ruimte nodig voor vier personen.
B

Il y en a une de disponible pour deux heures cet après-midi.

Iel jan-na uun de disponiebl poer deu-zeur set apre-midee. Er is vanmiddag een ruimte beschikbaar voor twee uur.
A

Cela nous donne assez de temps pour revoir les diapositives et décider qui présentera chaque partie.

Sela noe don asee de tan poer re-vwaar lee djapozitiev ee dezidee kie prezantera sjak partie. Dat geeft ons genoeg tijd om de dia's door te nemen en te beslissen wie elk onderdeel zal presenteren.
B

Je vais réserver la salle avec votre compte de bibliothèque.

Zje vè rezervee la sal avek votr kont de biblioteek. Ik zal de ruimte op uw bibliotheekaccount reserveren.
B

Vous pouvez annuler en ligne si vos plans changent.

Voe poevee anulee an lienj sie vo plan sjanzj. U kunt online annuleren als uw plannen veranderen.
A

Est-ce qu'on récupère la clé à ce comptoir ?

Ès-kon rekupeer la klee a se kontoar? Halen we de sleutel bij deze balie op?
B

Récupérez-la ici, puis rendez-la avant le début de la prochaine réservation.

Rekupeeree-la isie, pwie rande-la avan le debuu de la prosjèn rezer-vasjon. Haal hem hier op en breng hem terug voordat de volgende reservering begint.
A

Nous garderons la salle propre et nous partirons à l'heure.

Noe garderon la sal propr ee noe partiron a leur. We zullen de ruimte schoonhouden en op tijd vertrekken.
B

Comme ça, le groupe suivant peut commencer sans attendre.

Kom sa, le groep sjuivan peu komansee san atandr. Zo kan de volgende groep beginnen zonder te wachten.

Woord voor woord

J'aimerais « J'aimerais » betekent hier dat de spreker graag iets zou willen doen: een studieruimte reserveren. Het is de vorm van aimer in een beleefde formulering en wordt gevolgd door een infinitief, zoals in « J'aimerais réserver ». Gebruik dit patroon om beleefd een wens of verzoek uit te drukken.
réserver « réserver » betekent hier een studieruimte vastleggen. Het is de infinitief na « J'aimerais » in « J'aimerais réserver ». Gebruik « réserver + iets » voor een kamer, plaats of andere reservering.
une « une » betekent hier « een » en staat voor het vrouwelijke zelfstandig naamwoord in « une salle ». In « Il y en a une » betekent het « er is er één » en verwijst het naar een ruimte. Gebruik « une + vrouwelijk zelfstandig naamwoord » om één niet-bepaalde zaak aan te duiden.
salle « salle » betekent hier « zaal » of « ruimte », namelijk de studieruimte in « une salle d'étude ». In de bibliotheekcontext gaat het om een ruimte die gereserveerd kan worden. Gebruik het samen met een bepaling, zoals « une salle calme ».
d'étude « d'étude » betekent hier « voor studie » en bepaalt het soort ruimte in « une salle d'étude ». Het is de samentrekking van de en étude. Gebruik « salle d'étude » voor een ruimte die bedoeld is om te studeren.
pour « pour » geeft hier het doel of de bestemming aan in « pour un projet de groupe » en « pour quatre personnes ». In « pour deux heures » geeft het de duur aan. Gebruik « pour + zelfstandig naamwoord » om doel, gebruikers of duur te specificeren.
un « un » betekent hier « een » voor het mannelijke zelfstandig naamwoord in « un projet ». Het introduceert één niet nader bepaald project. Gebruik « un + mannelijk zelfstandig naamwoord » wanneer je naar één zaak verwijst.
projet « projet » betekent hier « project », namelijk het groepsproject waarvoor de ruimte nodig is. In « un projet de groupe » geeft « de groupe » aan dat het project bij een groep hoort. Gebruik « projet de + activiteit of groep » om een project nader te omschrijven.
de « de » heeft hier verschillende functies: in « De quelle taille » maakt het deel uit van de vraag naar de grootte, en in « projet de groupe » legt het een verband met de groep. In « de disponible » hoort het bij de uitdrukking waarin één beschikbare ruimte wordt aangeduid. Let daarom op de volledige woordgroep rond « de ».
groupe « groupe » betekent hier « groep », in « un projet de groupe ». Het geeft aan dat meerdere mensen samen aan het project werken. Gebruik « de groupe » om een activiteit of object met een groep te verbinden.
quelle « quelle » betekent hier « welke » of « wat voor » en staat in « De quelle taille » bij het vrouwelijke woord taille. Het vraagt naar een bepaald kenmerk, namelijk de grootte. Gebruik « quelle + vrouwelijk zelfstandig naamwoord » in een vraag.
taille « taille » betekent hier « grootte » in de vraag « De quelle taille doit être la salle ? ». De vraag wil weten hoe groot de ruimte moet zijn. Gebruik « de quelle taille » om naar de grootte van iets te vragen.
doit « doit » betekent hier « moet » of « hoort te zijn » in « doit être la salle ». Het is een vorm van devoir en wordt gevolgd door de infinitief « être ». Gebruik « doit être + beschrijving » om een vereiste of gewenste eigenschap te vragen of te noemen.
être « être » betekent hier « zijn » in « doit être la salle ». Het staat als infinitief na « doit » en verbindt de ruimte met de gevraagde grootte. Gebruik « doit être + eigenschap » voor een vereiste toestand of beschrijving.
la « la » staat hier als bepaald lidwoord in « la salle » en « la clé » en verwijst naar een bekende vrouwelijke zaak. In « Récupérez-la » en « rendez-la » is « -la » een voornaamwoord voor die sleutel. Let dus op de positie: vóór een zelfstandig naamwoord is het een lidwoord, na een bevestigende opdracht staat het aan het werkwoord vast.
Quand « Quand » betekent hier « wanneer » en opent de vraag « Quand voulez-vous l'utiliser ? ». Het vraagt naar het tijdstip waarop de ruimte gebruikt zal worden. Gebruik « quand + zin » om naar een tijdstip te vragen.
voulez-vous « voulez-vous » betekent hier « wilt u » en is een beleefde vraagvorm met « vous ». Het staat vóór de infinitief in « voulez-vous l'utiliser ». Gebruik « voulez-vous + infinitief » om beleefd naar een wens of plan te vragen.
l'utiliser « l'utiliser » betekent hier « hem of haar gebruiken », waarbij « l' » naar de ruimte verwijst en « utiliser » de handeling benoemt. De vorm staat na « voulez-vous » in « Quand voulez-vous l'utiliser ? ». Gebruik een objectvoornaamwoord vóór de infinitief, zoals in « l'utiliser ».
Nous « Nous » betekent hier « wij » in « Nous avons besoin d'une salle » en « Nous garderons la salle propre ». Het is het onderwerp van de handeling en verwijst naar de groep van de spreker. Gebruik « nous + werkwoord » om over jezelf samen met anderen te spreken.
avons « avons » betekent in « Nous avons besoin d'une salle » niet simpelweg bezit, maar maakt deel uit van de vaste uitdrukking « avoir besoin de »: iets nodig hebben. Het is de vorm van avoir bij « nous ». Gebruik « nous avons besoin de + zelfstandig naamwoord » om een behoefte uit te drukken.
besoin « besoin » betekent hier « behoefte » binnen de uitdrukking « avoir besoin d'une salle ». Samen met « avons » geeft het aan dat de groep een ruimte nodig heeft. Gebruik « avoir besoin de + iets » voor wat je nodig hebt.
d'une « d'une » betekent hier « van een » binnen « avons besoin d'une salle ». Het is de samentrekking van de en une en verbindt de uitdrukking « avoir besoin » met de benodigde zaak. Gebruik « avoir besoin d'une + vrouwelijk zelfstandig naamwoord ».
calme « calme » betekent hier « rustig » en beschrijft de ruimte in « une salle calme ». Het geeft aan dat de groep een stille omgeving nodig heeft. Gebruik « zelfstandig naamwoord + calme » om een rustige persoon, plaats of zaak te beschrijven.
cet « cet » betekent hier « deze » in « cet après-midi ». Het staat vóór het mannelijke enkelvoudige woord après-midi. Gebruik « cet + mannelijk enkelvoudig woord » wanneer het volgende woord met een klinkerklank begint.
après-midi « après-midi » betekent hier « middag » in « cet après-midi », dus de middag van vandaag. Het bepaalt wanneer de ruimte nodig of beschikbaar is. Gebruik « cet après-midi » om naar vanmiddag te verwijzen.
personnes « personnes » betekent hier « personen » of « mensen » in « pour quatre personnes ». Het geeft het aantal gebruikers van de ruimte aan. Gebruik « pour + getal + personnes » om voor wie iets bedoeld is te specificeren.
Il « Il » maakt in « Il y en a une de disponible » deel uit van de constructie waarmee het bestaan van iets wordt meegedeeld. Samen met « y en a » betekent de hele uitdrukking dat er een beschikbare ruimte is. Gebruik « Il y a » of de uitgebreidere vorm « Il y en a » om aanwezigheid aan te geven.
y « y » verwijst hier binnen « Il y en a une » naar de plaats of de daar beschikbare ruimte. Het hoort bij de constructie « Il y en a » en krijgt zijn betekenis door de hele uitdrukking. Gebruik « il y a » om te zeggen dat iets ergens aanwezig is.
en « en » verwijst hier in « Il y en a une » naar een ruimte uit de context. Samen met « une » betekent de uitdrukking dat er één beschikbare ruimte is. Gebruik « en » om in zo'n constructie naar een eerder genoemde zaak of hoeveelheid te verwijzen.
a « a » is hier een vorm van avoir in « Il y en a une de disponible ». Binnen « Il y en a » helpt het om aan te geven dat er één beschikbare ruimte is. Gebruik deze vorm samen met « il y en a », niet als losstaande vertaling van « er is ».
disponible « disponible » betekent hier « beschikbaar » in « une de disponible ». Het beschrijft de ruimte die op dat moment gereserveerd kan worden. Gebruik « être disponible » of « de disponible » in een context waarin iets vrij of beschikbaar is.
heures « heures » betekent hier « uur » in de tijdsduur « pour deux heures ». Het geeft aan hoe lang de ruimte beschikbaar is. Gebruik « pour + getal + heures » om een duur uit te drukken.
Cela « Cela » betekent hier « dat » en verwijst naar de beschikbare periode van twee uur. In « Cela nous donne assez de temps » is het onderwerp van « donne ». Gebruik « cela » om naar een eerder genoemde situatie of mededeling te verwijzen.
donne « donne » betekent hier « geeft » in « Cela nous donne assez de temps ». De situatie levert de groep voldoende tijd op. Gebruik « iets donne iemand + tijd of mogelijkheid » om een gevolg of voordeel uit te drukken.
assez « assez » betekent hier « genoeg » in « assez de temps ». Het geeft aan dat de beschikbare tijd voldoende is voor de geplande activiteiten. Gebruik « assez de + zelfstandig naamwoord » om voldoende hoeveelheid aan te duiden.
temps « temps » betekent hier « tijd » in « assez de temps pour revoir les diapositives ». Het gaat om de beschikbare duur voor het groepsproject. Gebruik « assez de temps pour + infinitief » om te zeggen dat er genoeg tijd is om iets te doen.
revoir « revoir » betekent hier « opnieuw bekijken » of « doornemen » van de dia's. Het is een infinitief na « pour » in « pour revoir les diapositives ». Gebruik « pour revoir + object » om een doel van de beschikbare tijd te noemen.
les « les » is hier het bepaald lidwoord voor het meervoud in « les diapositives ». Het verwijst naar de bekende dia's van het project. Gebruik « les + meervoudig zelfstandig naamwoord » voor meerdere bepaalde zaken.
diapositives « diapositives » betekent hier « dia's » in « revoir les diapositives ». Het zijn de presentatieonderdelen die de groep wil doornemen. Gebruik « revoir les diapositives » voor het gezamenlijk nakijken van een presentatie.
et « et » betekent hier « en » en verbindt de twee geplande activiteiten in « revoir les diapositives et décider ». Het maakt duidelijk dat beide handelingen binnen de beschikbare tijd gebeuren. Gebruik « infinitief et infinitief » om twee acties te verbinden.
décider « décider » betekent hier « beslissen » wie elk onderdeel zal presenteren. Het is de tweede infinitief in « pour revoir les diapositives et décider ». Gebruik « décider qui + werkwoord » om een beslissing over een persoon of rol uit te drukken.
qui « qui » betekent hier « wie » in « décider qui présentera chaque partie ». Het introduceert de persoon over wie de beslissing gaat. Gebruik « décider qui + werkwoord » wanneer je wilt bepalen welke persoon iets zal doen.
présentera « présentera » betekent hier « zal presenteren » in « qui présentera chaque partie ». Het is de toekomstige vorm van présenter bij de persoon die in « qui » wordt bedoeld. Gebruik « qui présentera + onderdeel » om vast te leggen wie een onderdeel van een presentatie doet.
chaque « chaque » betekent hier « elk » of « ieder » in « chaque partie ». Het verwijst naar de onderdelen één voor één en staat vóór een enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Gebruik « chaque + enkelvoudig zelfstandig naamwoord » om elk afzonderlijk element aan te duiden.
partie « partie » betekent hier « onderdeel » in « chaque partie ». Het verwijst naar elk afzonderlijk deel van de presentatie. Gebruik « chaque partie » wanneer verschillende delen afzonderlijk worden toegewezen.
Je « Je » betekent hier « ik » in « Je vais réserver la salle ». Het is het onderwerp van de handeling van de bibliotheekmedewerker. Gebruik « je + werkwoord » om over jezelf te spreken.
vais « vais » betekent hier « ga » in de nabije-toekomstconstructie « Je vais réserver ». Het is een vorm van aller en wordt gevolgd door een infinitief. Gebruik « je vais + infinitief » voor een handeling die je gaat uitvoeren.
avec « avec » betekent hier « met » in « avec votre compte de bibliothèque ». Het geeft het account aan waarmee de reservering wordt uitgevoerd. Gebruik « avec + zelfstandig naamwoord » om het gebruikte middel of de betrokken zaak te noemen.
votre « votre » betekent hier « uw » in « votre compte ». Het is een bezittelijk woord voor een enkelvoudig zelfstandig naamwoord en past bij de beleefde aanspreekvorm « vous ». Gebruik « votre + enkelvoudig zelfstandig naamwoord » om iets van de aangesprokene aan te duiden.
compte « compte » betekent hier « account » in « votre compte de bibliothèque ». Het gaat om het bibliotheekaccount waaronder de reservering wordt vastgelegd. Gebruik « compte de + instelling of dienst » om het soort account te preciseren.
bibliothèque « bibliothèque » betekent hier « bibliotheek » in « compte de bibliothèque ». Het specificeert bij welke instelling het account hoort. Gebruik « bibliothèque » voor de instelling of de plaats waar de ruimte en sleutel beheerd worden.
Vous « Vous » betekent hier « u » in « Vous pouvez annuler en ligne ». Het is de beleefde aanspreekvorm voor de klant bij de balie. Gebruik « vous + werkwoord » wanneer je een gesprekspartner beleefd aanspreekt.
pouvez « pouvez » betekent hier « kunt » in « Vous pouvez annuler ». Het is een vorm van pouvoir en geeft de mogelijkheid aan om iets te doen. Gebruik « vous pouvez + infinitief » om een mogelijkheid of toegestane handeling te noemen.
annuler « annuler » betekent hier « annuleren », namelijk de reservering online annuleren. Het is de infinitief na « pouvez » in « Vous pouvez annuler en ligne ». Gebruik « pouvoir + annuler » om aan te geven dat iemand iets kan annuleren.
ligne « ligne » betekent hier niet een fysieke lijn, maar maakt deel uit van « en ligne », dat « online » betekent. Het beschrijft hoe de annulering kan worden uitgevoerd. Gebruik de vaste uitdrukking « en ligne » voor handelingen via internet.
si « si » betekent hier « als » of « wanneer » in « si vos plans changent ». Het introduceert de voorwaarde waaronder annuleren mogelijk is. Gebruik « si + zin » om een voorwaarde te formuleren.
vos « vos » betekent hier « uw » vóór het meervoudige zelfstandig naamwoord in « vos plans ». Het verwijst naar de plannen van de aangesproken persoon of personen. Gebruik « vos + meervoudig zelfstandig naamwoord » voor iets dat van de aangesprokene is.
plans « plans » betekent hier « plannen » in « si vos plans changent ». Het gaat om de plannen die kunnen veranderen en daardoor tot annulering kunnen leiden. Gebruik « plans » om voorgenomen activiteiten of afspraken aan te duiden.
changent « changent » betekent hier « veranderen » in « si vos plans changent ». Het is een vorm van changer bij « vos plans ». Gebruik « si + onderwerp + changent » om een voorwaarde over veranderende plannen uit te drukken.
Est-ce que « Est-ce que » is hier de vraagconstructie in « Est-ce qu'on récupère la clé ? ». « Est-ce » opent de vraag en « que » leidt de daaropvolgende zin in; vóór « on » wordt « que » verkort tot « qu' » in « Est-ce qu'on ». Gebruik deze constructie om een ja-neevraag te vormen.
qu'on « qu'on » bestaat hier uit de verkorte vorm van que en « on ». In « Est-ce qu'on récupère » betekent « on » in deze context « we » en vraagt de spreker of de groep de sleutel ophaalt. Gebruik « Est-ce qu'on + werkwoord » om te vragen of wij iets doen.
récupère « récupère » betekent hier « ophaalt » of « terugkrijgt » in « récupère la clé ». Het is de vorm van récupérer in de vraag over het ophalen van de sleutel. Gebruik « récupérer + direct object » voor iets dat je op een plaats ophaalt.
clé « clé » betekent hier « sleutel » in « la clé ». Het is het voorwerp dat aan de balie wordt opgehaald en later teruggebracht. Gebruik « récupérer la clé » en « rendre la clé » voor deze twee handelingen.
à « à » betekent hier « bij » in « à ce comptoir » en geeft de plaats aan waar de sleutel wordt opgehaald. Het staat vóór een plaatsaanduiding. Gebruik « à + plaats » om te zeggen waar iets gebeurt.
ce « ce » betekent hier « deze » in « ce comptoir ». Het staat vóór het mannelijke enkelvoudige zelfstandig naamwoord comptoir. Gebruik « ce + mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord » om iets specifieks aan te wijzen.
comptoir « comptoir » betekent hier « balie » of « toonbank » in « à ce comptoir ». Het verwijst naar de plek waar de sleutel wordt opgehaald. Gebruik « à ce comptoir » om naar deze specifieke balie te verwijzen.
Récupérez-la « Récupérez-la » betekent hier « haal hem op » en verwijst naar de sleutel. Het is een bevestigende opdracht met het objectvoornaamwoord « -la » achter de werkwoordsvorm, verbonden met een koppelteken. Gebruik deze vorm wanneer je iemand beleefd of tegen meerdere personen zegt dat zij iets moeten ophalen.
ici « ici » betekent hier « hier » en verwijst naar de balie waar de sleutel wordt opgehaald. In « Récupérez-la ici » bepaalt het waar de handeling plaatsvindt. Gebruik « werkwoord + ici » om een handeling aan de huidige plaats te koppelen.
puis « puis » betekent hier « daarna » of « vervolgens ». In « puis rendez-la » ordent het de tweede handeling na het ophalen van de sleutel. Gebruik « puis + werkwoord » om opeenvolgende instructies te verbinden.
rendez-la « rendez-la » betekent hier « breng hem terug » en verwijst naar de sleutel. Het is een opdracht met « la » achter de werkwoordsvorm van rendre, verbonden met een koppelteken. Gebruik « rendez-la » wanneer je iemand zegt dat een vrouwelijke zaak moet worden teruggebracht.
avant « avant » betekent hier « vóór » in « avant le début ». Het geeft de tijdsgrens aan waarvoor de sleutel moet worden teruggebracht. Gebruik « avant + zelfstandig naamwoord » om een deadline of voorafgaand moment aan te duiden.
le « le » is hier het bepaald lidwoord vóór het mannelijke zelfstandig naamwoord in « le début ». Het verwijst naar het specifieke begin van de volgende reservering. Gebruik « le + mannelijk zelfstandig naamwoord » voor een bepaalde zaak.
début « début » betekent hier « begin » in « le début de la prochaine réservation ». Het benoemt het moment waarop de volgende reservering start. Gebruik « le début de + gebeurtenis » om het begin van iets aan te duiden.
prochaine « prochaine » betekent hier « volgende » in « la prochaine réservation ». Het is de vrouwelijke vorm van prochain en past bij réservation. Gebruik « la prochaine + vrouwelijk zelfstandig naamwoord » om de eerstvolgende gebeurtenis of zaak aan te duiden.
réservation « réservation » betekent hier « reservering » of « boeking » in « la prochaine réservation ». Het gaat om de boeking die na die van de groep begint. Gebruik « réservation » voor het vastgelegde gebruik van een ruimte of dienst.
garderons « garderons » betekent hier « zullen houden » in « Nous garderons la salle propre ». Het is de toekomstige vorm van garder bij « nous » en beschrijft de afspraak om de ruimte schoon te houden. Gebruik « garder + object + bijvoeglijk naamwoord » om een zaak in een bepaalde toestand te houden.
propre « propre » betekent hier « schoon » in « garderons la salle propre ». Het beschrijft de toestand waarin de groep de ruimte achterlaat. Gebruik « garder + object + propre » om te zeggen dat iets schoon gehouden wordt.
partirons « partirons » betekent hier « zullen vertrekken » in « nous partirons à l'heure ». Het is de toekomstige vorm van partir bij « nous ». Gebruik « partir à l'heure » om te zeggen dat je op het afgesproken moment vertrekt.
l'heure « l'heure » maakt deel uit van de vaste uitdrukking « à l'heure », die hier « op tijd » betekent. De hele uitdrukking beschrijft dat de groep vertrekt volgens de afgesproken timing. Gebruik « partir à l'heure » wanneer je op tijd wilt vertrekken.
Comme « Comme » betekent hier samen met « ça » « op die manier » in « Comme ça ». Het verwijst naar de afspraak om de ruimte schoon en op tijd vrij te maken. Gebruik « Comme ça, + zin » om een gevolg of doel van een handeling in te leiden.
ça « ça » betekent hier « zo » of « op die manier » binnen « Comme ça ». Samen met « Comme » verwijst het naar de zojuist beschreven manier van handelen. Gebruik « Comme ça » om een gevolg of gewenste situatie te verbinden met een eerdere handeling.
suivant « suivant » betekent hier « volgende » in « le groupe suivant ». Het beschrijft de groep die na de huidige groep gebruikmaakt van de ruimte. Gebruik « le groupe suivant » of « zelfstandig naamwoord + suivant » om de volgende in een reeks aan te duiden.
peut « peut » betekent hier « kan » in « peut commencer ». Het is een vorm van pouvoir en geeft de mogelijkheid aan om te beginnen. Gebruik « peut + infinitief » om te zeggen dat iemand iets kan doen.
commencer « commencer » betekent hier « beginnen » in « peut commencer ». Het is de infinitief na « peut » en verwijst naar de start van het gebruik van de ruimte. Gebruik « pouvoir + commencer » om aan te geven dat iemand kan beginnen.
sans « sans » betekent hier « zonder » in « sans attendre ». Het geeft aan dat de volgende groep niet eerst hoeft te wachten. Gebruik « sans + infinitief » om te zeggen dat iets gebeurt zonder een andere handeling.
attendre « attendre » betekent hier « wachten » in « sans attendre ». Het is de infinitief na « sans » en verwijst naar wachten op de vorige groep. Gebruik « sans attendre » voor een handeling die zonder voorafgaand wachten gebeurt.

Grammatica

J'aimerais + infinitif

J'aimerais réserver une salle d'étude.

Zjemerè rezervee uun sal de-tüüd.

Ik zou graag een studieruimte willen reserveren.

J'aimerais is een beleefde manier om een wens of verzoek uit te drukken. Daarna volgt een infinitief.

avoir besoin de + nom

Nous avons besoin de temps.

Noe zavon bezwèn de tan.

We hebben tijd nodig.

Na avoir besoin staat altijd de. De vorm verandert volgens het onderwerp, bijvoorbeeld avons besoin de.

Frans woordenschat

avoir besoin de uitdrukking
avwaar bezwèn de nodig hebben avons besoin de
calme bijvoeglijk naamwoord
kalm rustig
cet après-midi uitdrukking
set apre-midee vanmiddag
disponible bijvoeglijk naamwoord
disponiebl beschikbaar
j'aimerais uitdrukking
zjemerè ik zou graag willen
projet zelfstandig naamwoord
pro-zjee project
quand bijwoord
kan wanneer
quatre telwoord
katr vier
réserver werkwoord
rezervee reserveren
salle d'étude uitdrukking
sal de-tüüd studieruimte
taille zelfstandig naamwoord
taj grootte
utiliser werkwoord
uutilizee gebruiken

Quiz

Woordvolgorde

Zet de woorden in de juiste volgorde.

Wanneer wilt u de ruimte gebruiken?

Antwoord tonenQuand voulez-vous l'utiliser ?

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

project

Antwoord tonenprojet

reserveren

Antwoord tonenréserver

grootte

Antwoord tonentaille

gebruiken

Antwoord tonenutiliser