Beleefd reageren in een stille bibliotheek | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: In a library silent area, two adults decide how to politely respond when nearby people are talking..

NL → FR / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Beleefd reageren in een stille bibliotheek oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Les personnes derrière nous parlent dans l'espace silencieux.

lee per-son dè-rjèr noe parl dan les-pas silans-eu De mensen achter ons praten in de stilteruimte.
B

Ça nous déconcentre, mais nous pouvons gérer la situation poliment.

saa noe dee-kon-santr, mè noe poe-von zjee-ree la sie-tuu-a-sjon po-lie-man Het leidt af, maar we kunnen er beleefd mee omgaan.
A

Est-ce que je dois leur parler ou demander au bibliothécaire ?

ès-kuh zjuh dwaa leur par-lee oe duh-man-dee oo bie-bljo-tee-kèr Zal ik met hen praten of het aan de bibliothecaris vragen?
B

Essaie d'abord de leur rappeler calmement de rester silencieux, sauf si tu te sens mal à l'aise.

ès-sè da-bor duh leur ra-plee kalm-man duh rèst-ee silans-eu, soof sie tuu tuh san mal aa lèz Probeer ze eerst zachtjes aan de stilte te herinneren, tenzij dat ongemakkelijk voelt.
A

Je pourrais leur demander de poursuivre la conversation dehors.

zjuh poe-rè leur duh-man-dee duh poer-suu-ievr la kon-vèr-sa-sjon duh-or Ik zou hun kunnen vragen om het gesprek buiten voort te zetten.
B

Comme ça, c'est clair sans paraître impoli.

kom saa, sè klèr san pa-rètr èn-po-lie Zo blijft het duidelijk zonder onbeleefd te klinken.
A

S'ils continuent à parler, nous pouvons demander au bibliothécaire d'intervenir.

siel kon-tie-n aa par-lee, noe poe-von duh-man-dee oo bie-bljo-tee-kèr d'èn-ter-vuh-nier Als ze blijven praten, kunnen we de bibliothecaris vragen om in te grijpen.
B

Comme ça, la situation ne se transforme pas en scène.

kom saa, la sie-tuu-a-sjon nuh suh trans-form pa an sèn Zo wordt het geen scène.
A

Je préfère faire ça plutôt que de me plaindre à voix haute.

zjuh pre-fèr fèèr saa pluu-too kuh duh muh plèndr aa vwa oot Dat doe ik liever dan luid te klagen.
B

On leur demande calmement, puis on retourne étudier.

on leur duh-man-dee kalm-man, pwie on ruh-toern-ee ee-tuu-djee Laten we het rustig vragen en daarna weer gaan studeren.

Uitleg van de zinnen

  1. Les personnes derrière nous parlent dans l'espace silencieux.

    De mensen achter ons praten in de stilteruimte.

    Les personnes
    de mensen
    derrière nous
    achter ons
    parlent
    praten
    l'espace
    de ruimte
    silencieux
    stil
    Uitgebreide uitleg

    Les personnes betekent hier “de mensen”. personnes is het zelfstandig naamwoord personne (“persoon”) in het meervoud; les is het bepaald lidwoord voor meervoud. In het Frans blijft les hetzelfde voor mannelijk en vrouwelijk meervoud. Bijvoorbeeld: Les personnes attendent. = “De mensen wachten.” derrière nous betekent “achter ons”. derrière is een voorzetsel voor plaats; nous is hier het persoonlijke voornaamwoord “ons” na dat voorzetsel. De vorm nous kan in andere constructies ook “wij” betekenen, maar in deze combinatie is het de betrokken groep die zich achter de spreker bevindt. parlent betekent hier “praten”. De basisvorm is parler. parlent is de tegenwoordige tijd voor de derde persoon meervoud: ils/elles parlent. De uitgang -ent wordt in deze vorm normaal niet uitgesproken. Vergelijk: La personne parle. = “De persoon praat”; Les personnes parlent. = “De mensen praten.” l'espace betekent “de ruimte”. Dit is de samentrekking van le + espace: voor een klinker wordt le l'. espace is in deze betekenis mannelijk, zoals ook blijkt uit het lidwoord le in de onverkorte vorm. Bijvoorbeeld: L'espace est grand. = “De ruimte is groot.” silencieux betekent hier “stil” en beschrijft espace. Het bijvoeglijk naamwoord heeft hier de mannelijke enkelvoudsvorm, passend bij het mannelijke enkelvoud espace. De vrouwelijke vorm is silencieuse; het meervoud kan silencieux zijn voor mannelijk of gemengd meervoud en silencieuses voor vrouwelijk meervoud. Bijvoorbeeld: une salle silencieuse = “een stille zaal”. Samen vormen de delen de betekenis: Les personnes derrière nous is het onderwerp “de mensen achter ons”, parlent zegt wat zij doen, en dans l'espace silencieux geeft de plaats aan: “in de stille ruimte”. De volledige zin betekent dus: “De mensen achter ons praten in de stilteruimte.”

  2. Ça nous déconcentre, mais nous pouvons gérer la situation poliment.

    Het leidt af, maar we kunnen er beleefd mee omgaan.

    Ça
    dat; het
    nous déconcentre
    leidt ons af
    nous pouvons
    we kunnen
    gérer
    omgaan met; beheren
    la situation
    de situatie
    poliment
    beleefd
    Uitgebreide uitleg

    Ça is een aanwijzend voornaamwoord. Hier verwijst het naar de beschreven afleidende situatie of gebeurtenis en betekent het “dat” of “het”; het is het onderwerp van de eerste werkwoordsvorm. Het voornaamwoord zelf geeft niet aan wie of wat precies bedoeld wordt zonder de context. nous déconcentre: déconcentre komt van déconcentrer en staat in de tegenwoordige tijd bij een onderwerp in de derde persoon enkelvoud: ça déconcentre. nous is hier het lijdend voorwerp: de situatie leidt ons af. Vergelijk concentrer (“concentreren”) met déconcentrer (“uit de concentratie brengen”). Voorbeeld: Le bruit me déconcentre. — “Het lawaai leidt me af.” nous pouvons: pouvons is de eerste persoon meervoud van pouvoir in de tegenwoordige tijd: je peux, nous pouvons. De vorm betekent hier “we kunnen” en wordt gevolgd door een infinitief: nous pouvons gérer. Voorbeeld: Nous pouvons attendre. — “We kunnen wachten.” gérer: dit is de infinitief en betekent hier “omgaan met” of “aanpakken”. In pouvoir + infinitief blijft het tweede werkwoord in de infinitief: nous pouvons gérer. Gérer kan ook “beheren” betekenen, bijvoorbeeld gérer une équipe — “een team beheren”; hier gaat het om het aanpakken van een situatie. la situation: situation is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud; daarom staat ervoor het bepaalde lidwoord la. De woordgroep betekent “de situatie”. Het bepaalde lidwoord presenteert deze situatie als een concrete, in de context herkenbare situatie. Voorbeeld: Nous comprenons la situation. — “We begrijpen de situatie.” poliment: dit bijwoord beschrijft de manier waarop men de situatie aanpakt: “beleefd”. Het staat na gérer la situation en hoort bij die handeling. De bijwoordelijke vorm poliment contrasteert met het bijvoeglijk naamwoord poli/polie, dat een persoon of zelfstandig naamwoord beschrijft, bijvoorbeeld une réponse polie — “een beleefd antwoord”. Samen vormt Ça nous déconcentre de betekenis “Dat leidt ons af”. Daarna geeft mais een tegenstelling aan: ondanks die afleiding is nous pouvons gérer la situation “we kunnen de situatie aanpakken”. Het slotbijwoord poliment voegt toe dat dit beleefd gebeurt. De volledige betekenis is dus: “Het leidt ons af, maar we kunnen er beleefd mee omgaan.”

  3. Est-ce que je dois leur parler ou demander au bibliothécaire ?

    Zal ik met hen praten of het aan de bibliothecaris vragen?

    Est-ce que
    maakt een vraag
    je dois
    ik moet
    leur
    hen
    parler
    praten
    demander
    vragen
    bibliothécaire
    bibliothecaris
    Uitgebreide uitleg

    Est-ce que staat aan het begin als een vaste manier om van een gewone zin een vraag te maken. De woordvolgorde erna blijft hier die van een mededelende zin: je dois .... Het is dus niet zelf het woord voor “moeten”. je dois komt van devoir. dois is de tegenwoordige tijd, eerste persoon enkelvoud, bij je; in deze zin drukt het uit wat de spreker moet of hoort te doen. De nuttige basisreeks is: devoir — je dois — tu dois — il/elle doit. Na devoir volgt een infinitief: je dois parler betekent “ik moet praten”. leur is hier een meervoudig indirect object: “aan hen”. Met parler hoort de constructie parler à quelqu’un; daarom wordt parler à eux/elles vaak leur parler. Het Nederlandse “met hen praten” geeft in deze vaste vertaling dezelfde bedoelde relatie weer. leur verandert niet mee met het geslacht van de personen; het getal is meervoud. Vergelijk: lui parler = met/tegen één persoon praten, leur parler = met/tegen meerdere personen praten. parler is de infinitief “praten”. Het blijft na dois in de infinitief en krijgt hier geen persoonsuitgang. Een herbruikbaar patroon is devoir + infinitief, bijvoorbeeld: Nous devons attendre. — “We moeten wachten.” demander is eveneens een infinitief, hier de tweede optie na ou: “vragen”. Het kan bijvoorbeeld gebruikt worden in demander quelque chose à quelqu’un — “iets aan iemand vragen”. In deze zin is het gevraagde object niet als zelfstandig naamwoord uitgeschreven; de vertaling maakt duidelijk dat het om “het” gaat. bibliothécaire betekent “bibliothecaris”. In au bibliothécaire is au de samentrekking van à le: letterlijk “aan de bibliothecaris”. Het zelfstandig naamwoord is hier enkelvoudig en wordt met het mannelijke lidwoord le gecombineerd; bibliothécaire zelf heeft voor mannelijk en vrouwelijk dezelfde vorm. De vrouwelijke variant kan bijvoorbeeld la bibliothécaire zijn. De volledige vraag bestaat uit Est-ce que + je dois + twee infinitiefopties die door ou (“of”) verbonden zijn: parler met de bedoelde personen, of demander au bibliothécaire — iets aan de bibliothecaris vragen. Samen betekent de uiting: “Zal ik met hen praten of het aan de bibliothecaris vragen?”

  4. Essaie d'abord de leur rappeler calmement de rester silencieux, sauf si tu te sens mal à l'aise.

    Probeer ze eerst zachtjes aan de stilte te herinneren, tenzij dat ongemakkelijk voelt.

    Essaie
    probeer
    d'abord
    eerst
    rappeler
    herinneren
    calmement
    rustig
    rester
    blijven
    silencieux
    stil
    sauf si
    tenzij
    te sens mal à l'aise
    je ongemakkelijk voelt
    Uitgebreide uitleg

    Essaie is de gebiedende wijs van essayer (“proberen”) voor tu. Het betekent hier: “probeer”. In een herbruikbaar patroon staat vaak essaie de + infinitief: Essaie de comprendre. — “Probeer het te begrijpen.” d'abord betekent “eerst” en geeft de volgorde aan. Het zegt niet dat er een specifieke hoeveelheid of een bepaald aantal stappen is. rappeler is het infinitief van rappeler en betekent hier “herinneren aan” of “eraan herinneren”. In rappeler à quelqu'un de faire quelque chose is à quelqu'un de persoon aan wie je iets herinnert; daarna volgt de + infinitief. Hier is leur het voornaamwoord voor die betrokken personen en de rester beschrijft wat zij moeten doen. Voorbeeld: Je lui rappelle de fermer la porte. — “Ik herinner hem/haar eraan de deur te sluiten.” calmement is het bijwoord “rustig” of “kalm”. Het beschrijft hoe de herinnering wordt gegeven, niet wat de personen moeten doen. rester is het infinitief van rester (“blijven”). Na rappeler ... de vormt het met de de constructie de rester ...: “blijven ...”. Voorbeeld: Ils préfèrent rester ici. — “Ze blijven liever hier.” silencieux betekent hier “stil”. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat bij de personen hoort die moeten blijven. silencieux is de mannelijke meervoudsvorm; die kan ook voor een gemengde groep worden gebruikt. Het vrouwelijke meervoud is silencieuses. De vorm drukt hier meervoud en overeenkomst met de bedoelde personen uit; silencieux is niet het werkwoord rester. sauf si is een voegwoordelijke uitdrukking met de betekenis “tenzij”. Ze introduceert een voorwaarde waaronder de voorafgaande handeling niet geldt. sauf alleen betekent “behalve”, terwijl sauf si een voorwaardelijke bijzin inleidt. Voorbeeld: Je viendrai, sauf s'il pleut. — “Ik kom, tenzij het regent.” te sens mal à l'aise bevat de vorm te sens van se sentir (“zich voelen”). Met het onderwerp tu betekent tu te sens “jij voelt je”: te is het wederkerende voornaamwoord bij tu, en sens is de tegenwoordige tijd van sentir in de tweede persoon enkelvoud. mal à l'aise betekent “ongemakkelijk” of “niet op je gemak”; à l'aise blijft in deze uitdrukking onveranderd. Voorbeeld: Elle se sent à l'aise ici. — “Zij voelt zich hier op haar gemak.” Samen vormen de delen: Essaie d'abord (“probeer eerst”) + de leur rappeler calmement (“hun er rustig aan te herinneren”) + de rester silencieux (“stil te blijven”) + sauf si tu te sens mal à l'aise (“tenzij jij je ongemakkelijk voelt”). De volledige betekenis is: “Probeer hun eerst rustig eraan te herinneren stil te blijven, tenzij jij je ongemakkelijk voelt.”

  5. Je pourrais leur demander de poursuivre la conversation dehors.

    Ik zou hun kunnen vragen om het gesprek buiten voort te zetten.

    Je pourrais
    ik zou kunnen
    leur
    hun / aan hen
    demander
    vragen
    poursuivre
    voortzetten
    la conversation
    het gesprek
    dehors
    buiten
    Uitgebreide uitleg

    Je pourrais betekent hier “ik zou kunnen”. pourrais is de conditionnel présent van pouvoir (“kunnen”): je peux = “ik kan”, je pourrais = “ik zou kunnen”. De conditionnel maakt de mogelijkheid of het voorstel voorzichtiger; hij beweert niet dat de handeling daadwerkelijk zal plaatsvinden. leur verwijst naar meerdere personen die als ontvangers van de vraag worden bedoeld. Het is hier een meervoudig indirect object en betekent “hun” of “aan hen”. Vergelijk: lui = “aan hem/haar”, leur = “aan hen”. Deze vorm verandert niet volgens het grammaticale geslacht van de personen. demander betekent “vragen”. In de constructie demander à quelqu’un de + infinitief vraag je iemand om iets te doen. Hier staat leur demander de poursuivre: “hun vragen om voort te zetten”. Voorbeeld: Je lui demande de venir. = “Ik vraag hem/haar om te komen.” poursuivre betekent hier “voortzetten”. Het is een infinitief, dus een onbepaalde werkwoordsvorm; na de blijft het onderwerp van deze handeling begrepen als dezelfde personen aan wie iets wordt gevraagd. De vorm poursuis is bijvoorbeeld een vervoegde vorm voor “ik zet voort” of “zet voort!”, maar is niet de vorm in deze zin. la conversation betekent “het gesprek”. conversation is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat het bepaalde lidwoord la. Het lidwoord maakt van het woord een concrete, als bekend opgevatte gesprekseenheid in deze zin. Voorbeeld: La conversation continue. = “Het gesprek gaat door.” dehors betekent “buiten”. Het is een bijwoord en benoemt hier de plaats waar het gesprek wordt voortgezet. Het hoort inhoudelijk bij poursuivre la conversation: het gesprek wordt buiten voortgezet. Voorbeeld: Nous attendons dehors. = “Wij wachten buiten.” Samen vormt de zin Je pourrais leur demander de poursuivre la conversation dehors. de structuur “ik zou hun kunnen vragen om het gesprek buiten voort te zetten”. De spreker presenteert dus als mogelijkheid dat die meerdere personen het gesprek buiten voortzetten; de Franse woordvolgorde plaatst eerst de mogelijke handeling van de spreker, daarna de ontvangers van de vraag en vervolgens wat hun gevraagd zou worden.

  6. Comme ça, c'est clair sans paraître impoli.

    Zo blijft het duidelijk zonder onbeleefd te klinken.

    Comme ça
    Zo; op die manier
    clair
    duidelijk
    sans paraître
    zonder ... te lijken
    impoli
    onbeleefd
    Uitgebreide uitleg

    Comme ça betekent hier “zo” of “op die manier”. Het is een vaste, zeer bruikbare manier om naar een wijze van handelen te verwijzen. Comme kan ook “zoals” betekenen, maar in deze combinatie gaat het om de manier: Fais comme ça. = “Doe het zo.” clair betekent hier “duidelijk”. Het is een bijvoeglijk naamwoord bij c' in c'est clair; c' is de verkorte vorm van ce voor est (“is”). De vorm clair is mannelijk enkelvoud; de vrouwelijke vorm is claire, zoals in une explication claire (“een duidelijke uitleg”). Sans paraître betekent “zonder te lijken”. Na sans staat hier het infinitief paraître (“lijken”); het onderwerp van dit infinitief wordt uit de volledige zin begrepen, niet door een aparte persoonsvorm aangegeven. Een vergelijkbaar patroon is sans parler = “zonder te praten”. Paraître kan in andere contexten ook “verschijnen” betekenen, maar hier gaat het om de indruk die iets wekt. Impoli betekent “onbeleefd”. Het beschrijft hier hoe iemand of iets overkomt, in de constructie paraître impoli (“onbeleefd lijken”). De vrouwelijke vorm is impolie; het tegengestelde is poli (“beleefd”), met de vrouwelijke vorm polie. Bijvoorbeeld: Cette réponse paraît impolie. = “Dit antwoord lijkt onbeleefd.” Samen vormt Comme ça, c'est clair sans paraître impoli de betekenis: “Zo blijft het duidelijk zonder onbeleefd te klinken.” Comme ça geeft de voorgestelde manier aan; c'est clair zegt dat het resultaat duidelijk is; sans paraître impoli voegt toe dat die manier niet de indruk van onbeleefdheid wekt. De infinitiefconstructie maakt van “niet onbeleefd lijken” een bijkomende voorwaarde bij de hele manier van handelen.

  7. S'ils continuent à parler, nous pouvons demander au bibliothécaire d'intervenir.

    Als ze blijven praten, kunnen we de bibliothecaris vragen om in te grijpen.

    S'ils
    als ze
    continuent à parler
    blijven praten
    nous pouvons
    wij kunnen
    demander
    vragen
    bibliothécaire
    bibliothecaris
    intervenir
    ingrijpen
    Uitgebreide uitleg

    S'ils betekent hier “als ze”. Het is de samentrekking van si (“als”) en ils (“ze”): de klinker van si valt weg voor ils. ils is de vorm voor de derde persoon meervoud; de concrete referent wordt in de gegeven zin niet nader bepaald. Een bruikbaar patroon is si + onderwerp + werkwoord: S'ils arrivent, ... = “Als ze aankomen, ...” continuent à parler drukt uit dat het praten doorgaat. continuent is de tegenwoordige tijd, derde persoon meervoud, van continuer; de basisvorm is continuer. Na continuer staat hier à met een infinitief: continuer à + infinitief. parler is de infinitief “praten”. Voorbeeld: Elle continue à lire. = “Ze blijft lezen.” nous pouvons betekent hier “we kunnen”. pouvons is de tegenwoordige tijd, eerste persoon meervoud, van pouvoir; de relevante vormreeks is je peux, nous pouvons, ils peuvent. In deze zin geeft pouvoir de mogelijkheid of het beschikbare handelingsalternatief aan. Voorbeeld: Nous pouvons attendre. = “We kunnen wachten.” demander is de infinitief “vragen” of “verzoeken”. In deze zin volgt de constructie demander à iemand de + infinitief: iemand vragen om iets te doen. Het doel of de gevraagde handeling wordt dus met de en een infinitief uitgedrukt. Voorbeeld: Je demande à Paul de venir. = “Ik vraag Paul om te komen.” bibliothécaire betekent “bibliothecaris”. Dit zelfstandig naamwoord heeft in de standaardvorm dezelfde spelling voor mannelijke en vrouwelijke personen; het lidwoord en andere begeleidende woorden kunnen het grammaticale geslacht aangeven. In de bron staat au bibliothécaire: au is de samentrekking van à le, dus “aan de bibliothecaris”. intervenir betekent “ingrijpen” of “tussenbeide komen”. Het is een infinitief. In d'intervenir is d' de verkorte vorm van de vóór een klinker. Samen met demander ontstaat demander au bibliothécaire d'intervenir: “de bibliothecaris vragen om in te grijpen”. De hele zin bouwt zo op: S'ils continuent à parler geeft de voorwaarde “als ze blijven praten”; nous pouvons demander geeft aan wat wij dan kunnen doen; au bibliothécaire noemt aan wie we het verzoek richten; en d'intervenir noemt de gevraagde handeling. De volledige betekenis is: “Als ze blijven praten, kunnen we de bibliothecaris vragen om in te grijpen.”

  8. Comme ça, la situation ne se transforme pas en scène.

    Zo wordt het geen scène.

    Comme ça
    zo
    la situation
    de situatie
    ne … pas
    niet
    se transforme
    verandert
    scène
    scène
    Uitgebreide uitleg

    Comme ça betekent hier “zo” of “op die manier”. Het verwijst naar de manier waarop de situatie wordt aangepakt; in combinatie met de rest van de zin geeft het het gevolg aan. Een bruikbaar patroon is Comme ça, ... = “Zo ...”. Voorbeeld: Comme ça, tout est plus simple. = “Zo is alles eenvoudiger.” la situation betekent hier “de situatie”. Het zelfstandig naamwoord is vrouwelijk, daarom staat er la. Het meervoud is les situations. Voorbeeld: La situation est difficile. = “De situatie is moeilijk.” ne ... pas omringt in deze zin het vervoegde werkwoord en maakt de ontkenning: “niet”. In ne se transforme pas staat ne vóór de werkwoordgroep en pas erna. In informele gesproken Franse taal wordt ne soms weggelaten, maar de volledige standaardvorm hier is ne ... pas. se transforme komt van se transformer, “veranderen” of “worden”. De vorm transforme is hier de derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd; se hoort bij dit wederkerige werkwoord. De constructie se transformer en + zelfstandig naamwoord betekent “veranderen in” of “worden”. Voorbeeld: La discussion se transforme en dispute. = “De discussie verandert in een ruzie.” scène betekent hier “scène”, in de betekenis van een onaangename publieke confrontatie of vertoning. Het woord is vrouwelijk: une scène; in deze zin staat het zonder onbepaald lidwoord na en, in de vaste constructie se transformer en scène. Samen betekent Comme ça, la situation ne se transforme pas en scène.: “Zo wordt het geen scène.” Letterlijker is de opbouw: “Zo verandert de situatie niet in een scène.” Comme ça geeft de manier aan, la situation is wat eventueel zou veranderen, ne ... pas ontkent dat gevolg, en se transforme en scène benoemt het uitgesloten resultaat.

  9. Je préfère faire ça plutôt que de me plaindre à voix haute.

    Dat doe ik liever dan luid te klagen.

    préfère
    liever verkiezen
    faire
    doen
    ça
    dat
    plutôt que de
    liever dan
    me plaindre
    klagen
    à voix haute
    luidop
    Uitgebreide uitleg

    préfère betekent hier dat de spreker een keuze of voorkeur uitdrukt: de ene handeling krijgt de voorkeur boven de andere. Het is de vorm van préférer bij je in de tegenwoordige tijd: je préfère, tu préfères, il/elle préfère. Een bruikbaar patroon is préférer A à B (“A verkiezen boven B”); in deze zin wordt de tweede mogelijkheid met plutôt que de ingeleid. faire is het infinitief van faire, “doen” of “maken”. Hier betekent het “doen” en verwijst ça ernaar als het object van de handeling. Na préférer kan een infinitief staan: Je préfère partir. — “Ik ga liever weg.” ça is een aanwijzend voornaamwoord met de betekenis “dat” of “datgene”. Het verwijst hier naar de handeling of aanpak die in de situatie bedoeld is; de precieze inhoud wordt niet verder benoemd in deze zin. Ça kan ook als onderwerp staan: Ça commence. — “Dat begint.” plutôt que de leidt de niet-gekozen of minder gewenste alternatiefhandeling in: “liever dan te”. Na de volgt hier een infinitief. Het patroon is préférer A plutôt que de B: “liever A doen dan B doen”. Plutôt que kan ook zonder de voor een zelfstandig naamwoord staan, maar vóór een infinitief hoort in dit patroon de erbij. me plaindre betekent “klagen”. Het werkwoord is het wederkerende se plaindre; me is daarvan de vorm bij je. De vorm is onregelmatig: se plaindre heeft in de tegenwoordige tijd bijvoorbeeld je me plains, maar na de staat hier de infinitief me plaindre. Voorbeeld: Je préfère me taire. — “Ik zwijg liever.” à voix haute betekent “hardop” of “luidop”. Het beschrijft hoe de klacht wordt geuit: met hoorbare stem, niet alleen innerlijk. De uitdrukking kan ook bij andere werkwoorden staan, bijvoorbeeld lire à voix haute — “hardop lezen”. Samen vormt de zin het patroon Je préfère A plutôt que de B: Je préfère faire ça betekent “Ik doe dat liever”, en plutôt que de me plaindre à voix haute geeft het alternatief weer: “dan luid te klagen”. De volledige betekenis is dus: “Dat doe ik liever dan luid te klagen.”

  10. On leur demande calmement, puis on retourne étudier.

    Laten we het rustig vragen en daarna weer gaan studeren.

    On
    we
    leur
    aan hen
    demande
    vraagt
    calmement
    rustig
    puis
    daarna
    retourne
    gaat weer terug
    étudier
    studeren
    Uitgebreide uitleg

    On betekent hier, in overeenstemming met de vertaling, we. Het is de derde persoon enkelvoudige vorm die met on wordt gebruikt: on demande, niet een meervoudsvorm. On kan in andere contexten ook men of een onbepaalde persoon betekenen; de vaste vertaling ondersteunt hier de lezing we. leur verwijst hier naar meerdere aangesproken personen als meewerkend voorwerp: we vragen het aan hen. Deze vorm verandert niet naar mannelijk of vrouwelijk; leur is meervoud, terwijl lui voor één persoon wordt gebruikt. Een nuttig patroon is demander quelque chose à quelqu’un — iets aan iemand vragen. Voorbeeld: Je leur demande de l’aide. — Ik vraag hun om hulp. demande is de vervoegde vorm van demander in de tegenwoordige tijd, bij on: on demande. In deze zin betekent het vragen; de combinatie met leur maakt duidelijk aan wie er gevraagd wordt. Voorbeeld: On demande une explication. — We vragen om uitleg. Calmement is een bijwoord en zegt hoe het vragen gebeurt: rustig. Het is gevormd bij calme, maar het bijwoord zelf verandert niet mee met persoon of aantal. Voorbeeld: Elle répond calmement. — Zij antwoordt rustig. Puis ordent twee handelingen in de tijd en betekent daarna of vervolgens. Het verbindt hier het vragen met de volgende handeling. Retourne komt van retourner en is opnieuw de tegenwoordige tijd bij on: on retourne. In retourner étudier betekent het niet alleen fysiek terugkeren, maar ook weer met studeren beginnen of het studeren hervatten. Voorbeeld: Après la pause, on retourne travailler. — Na de pauze gaan we weer werken. Étudier is de infinitief, dus de onvervoegde vorm studeren. Na retourner geeft deze infinitief de activiteit aan waarnaar men terugkeert. De infinitief staat niet op zichzelf als tijdsvorm; retourne draagt hier de vervoeging. Samen betekent On leur demande calmement dat we het rustig aan hen vragen. Puis plaatst de volgende handeling daarna: on retourne étudier, we gaan weer studeren. De volledige betekenis is dus: Laten we het rustig vragen en daarna weer gaan studeren.

Grammatica

sauf si + indicatif

Je pourrais poursuivre dehors, sauf si les personnes continuent à parler.

zjuh poe-rè poer-suu-ievr duh-or, soof sie lee per-son kon-tie-n aa par-lee

Ik zou buiten kunnen doorgaan, tenzij de mensen blijven praten.

Na « sauf si » gebruik je in het Frans de indicatif om een voorwaarde uit te drukken.

je pourrais + infinitif

Je pourrais retourner dehors.

zjuh poe-rè ruh-toer-nee duh-or

Ik zou weer naar buiten kunnen gaan.

« Pourrais » is de conditionnel van « pouvoir » en drukt een mogelijkheid of beleefd voorstel uit.

Frans woordenschat

bibliothécaire zelfstandig naamwoord
bie-bljo-tee-kèr bibliothecaris
déconcentrer werkwoord
dee-kon-san-tree afleiden; de concentratie verstoren déconcentre
demander werkwoord
duh-man-dee vragen

demander au bibliothécaire

derrière voorzetsel
dè-rjèr achter

derrière nous

espace zelfstandig naamwoord
ès-pas ruimte

l'espace silencieux

gérer werkwoord
zjee-ree omgaan met; beheren

gérer la situation

parler werkwoord
par-lee praten parlent
personne zelfstandig naamwoord
per-son persoon personnes

Les personnes derrière nous

poliment bijwoord
po-lie-man beleefd
rappeler werkwoord
ra-plee herinneren aan

rappeler de rester silencieux

silencieux bijvoeglijk naamwoord
sie-lans-eu stil
situation zelfstandig naamwoord
sie-tuu-a-sjon situatie

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

afleiden; de concentratie verstoren

Antwoord tonendéconcentre

stil

Antwoord tonensilencieux

beleefd

Antwoord tonenpoliment

ruimte

Antwoord tonenespace