Een koekenpan lenen en voorzichtig gebruiken | Leer frans in het Nederlands

French lesson set in a contemporary Paris everyday setting: In a shared kitchen, one adult borrows a non-stick pan and asks how to use, wash, and return it carefully..

NL → FR / Niveau: B1

Elke dag 10 minuten gratis

Ga verder met audiolessen in de app

Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.

Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm

Kies je leertaal en open deze les in de app.

Audioles en woordnotities in de Kotobridge-app

Over deze les

Met Een koekenpan lenen en voorzichtig gebruiken oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.

Dialoog

A

Est-ce que je peux emprunter ta poêle antiadhésive pour quelque chose que je suis en train de cuisiner ?

Es-kuh zjuh peu an-pruhn-tee ta pwal an-tja-dee-zeev poer kel-kuh sjoz kuh zjuh swie zan tren duh kwie-zie-nee? Mag ik je koekenpan met antiaanbaklaag lenen voor iets dat ik aan het koken ben?
B

Tu peux, mais n'utilise pas d'ustensiles métalliques dessus, s'il te plaît.

Tuu peu, meh nuu-tee-liez pa duu-stan-seel mee-ta-leek duh-suu, siel tuh plee. Dat kan, maar gebruik er alsjeblieft geen metalen keukengerei op.
A

Je vais utiliser une cuillère en bois pour ne pas rayer la surface.

Zjuh veh uu-tee-lee-zee uun kwie-jer an bwa poer nuh pa ra-jee la suu-rfas. Ik gebruik een houten lepel, zodat ik het oppervlak niet bekrast.
B

Utilise aussi un feu moyen, car un feu trop fort peut abîmer le revêtement.

Uu-tee-liez oh-see uhn feu mwa-jen, kar uhn feu tro for peu a-bie-mee luh ruh-vet-man. Zet het vuur ook op middelhoog, want een hoog vuur kan de antiaanbaklaag beschadigen.
A

Je préfère demander maintenant plutôt que de deviner et de l'abîmer.

Zjuh pree-fer duh-man-dee man-tuh-nan pluu-too kuh duh vee-nee ee duh la-bie-mee. Ik vraag het nu liever dan dat ik ga raden en de pan verpest.
B

Ça aide. Elle devrait durer plus longtemps si tu en prends soin.

Sa ed. El duh-vreh duu-ree pluu lon-tan sie tuu an pran swen. Dat helpt. De pan gaat langer mee als je er voorzichtig mee omgaat.
A

Est-ce que je dois la laver à la main au lieu de la mettre au lave-vaisselle ?

Es-kuh zjuh dwa la la-vee a la men o ljeu duh la met-truh o la-veh-sjel? Zal ik de pan met de hand afwassen in plaats van hem in de vaatwasser te zetten?
B

Lave-la doucement à la main et sèche-la avant de la rapporter.

Lav-la does-man a la men ee sesj-la a-van duh la ra-por-tee. Was hem voorzichtig met de hand af en droog hem voordat je hem terugbrengt.
A

Je te la rendrai propre après avoir fini de cuisiner.

Zjuh tuh la ran-dreh propr a-preh a-vwar fee-nee duh kwie-zie-nee. Ik breng hem schoon terug nadat ik klaar ben met koken.
B

Dis-moi comment sera le plat une fois terminé.

Die-mwa ko-man suh-ra luh pla uun fwa ter-mee-nee. Laat me weten hoe het gerecht wordt.

Uitleg van de zinnen

  1. Est-ce que je peux emprunter ta poêle antiadhésive pour quelque chose que je suis en train de cuisiner ?

    Mag ik je koekenpan met antiaanbaklaag lenen voor iets dat ik aan het koken ben?

    Est-ce que
    maakt een ja-neevraag
    je peux
    ik kan
    emprunter
    lenen
    ta
    je
    poêle
    koekenpan
    antiadhésive
    met antiaanbaklaag
    quelque chose
    iets
    en train de
    bezig met
    cuisiner
    koken
    Uitgebreide uitleg

    Est-ce que maakt van de daaropvolgende mededeling een ja-neevraag. Het is een vaste vraagconstructie; de woorden erna behouden hun gewone volgorde. je peux betekent hier dat de spreker toestemming vraagt: “mag ik?”. peux is de eerste persoon enkelvoud van pouvoir in de tegenwoordige tijd. Vergelijk: je peux = “ik kan/mag”, tu peux = “jij kunt/mag”. De precieze betekenis “mag” komt hier uit de vraag om toestemming en uit emprunter. emprunter betekent iets tijdelijk van iemand lenen. Het is een infinitief na pouvoir: je peux emprunter = “ik mag lenen”. Het tegenovergestelde is prêter, “uitlenen”: de lener neemt iets mee of gebruikt het, terwijl de uitlener het beschikbaar stelt. ta is de bezittelijke vorm voor “jouw” bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord. Hier hoort het bij poêle; het verwijst dus naar de pan als iets dat van de aangesprokene is. Het meervoud is tes, bijvoorbeeld tes poêles = “jouw pannen”. poêle betekent hier “koekenpan”. Het woord is vrouwelijk: daarom staat er ta en krijgt het bijvoeglijk naamwoord de vrouwelijke enkelvoudsvorm antiadhésive. antiadhésive beschrijft de pan als “met antiaanbaklaag”. Dit is de vrouwelijke enkelvoudsvorm van antiadhésif, omdat het bij poêle hoort. Een voorbeeld: une poêle antiadhésive = “een koekenpan met antiaanbaklaag”. quelque chose betekent “iets”: een onbepaalde verwijzing naar een zaak, zonder die zaak nader te benoemen. Het is een vaste uitdrukking; voor personen gebruikt het Frans bijvoorbeeld quelqu’un (“iemand”). en train de is samen met een infinitief een constructie voor iets dat op dat moment bezig is te gebeuren. In je suis en train de cuisiner ligt de nadruk dus op de lopende handeling. Voorbeeld: Je suis en train de lire. = “Ik ben aan het lezen.” cuisiner betekent “koken”. Na en train de blijft het werkwoord in de infinitief: en train de cuisiner. De vorm suis die ervoor staat, is de eerste persoon enkelvoud van être (“zijn”); samen met en train de vormt die de constructie “bezig zijn met”. Samen betekent Est-ce que je peux emprunter ta poêle antiadhésive letterlijk dat de spreker vraagt of die de koekenpan met antiaanbaklaag van de aangesprokene mag lenen. pour quelque chose que je suis en train de cuisiner geeft het doel: voor iets dat de spreker op dat moment aan het koken is. De volledige betekenis is: “Mag ik je koekenpan met antiaanbaklaag lenen voor iets dat ik aan het koken ben?”

  2. Tu peux, mais n'utilise pas d'ustensiles métalliques dessus, s'il te plaît.

    Dat kan, maar gebruik er alsjeblieft geen metalen keukengerei op.

    Tu peux
    dat kun je
    n'utilise pas
    gebruik niet
    d'ustensiles
    keukengerei
    métalliques
    metalen
    dessus
    erop
    s'il te plaît
    alsjeblieft
    Uitgebreide uitleg

    Tu peux bevat peux, de tegenwoordige tijd van pouvoir bij tu. Hier betekent het dat iets kan of toegestaan is, aansluitend bij de vraag of de pan geleend mag worden. Vergelijk: Je peux venir. — “Ik kan komen.” De vorm peux hoort bij tu; bij je staat peux ook, terwijl bij il/elle de vorm peut is. n'utilise pas is hier de ontkenning van het informele bevel utilise (“gebruik”). Het patroon is ne + werkwoord + pas; voor een klinker wordt ne verkort tot n'. Het bevel richt zich hier tot één persoon met tu. In een bevestigend bevel krijg je Utilise la cuillère. — “Gebruik de lepel.” In deze zin maakt ne ... pas daar een verbod van. d'ustensiles betekent hier “keukengerei”. Ustensiles is het meervoud van ustensile. Na een ontkenning wordt een onbepaald lidwoord of partitief lidwoord in het Frans vaak de; voor een klinker wordt dat d': pas d'ustensiles. Dit drukt hier geen bepaald aantal uit, maar verbiedt het gebruik van metalen keukengerei. métalliques beschrijft ustensiles: het keukengerei is van metaal. Het bijvoeglijk naamwoord heeft hier de meervoudsvorm métalliques, passend bij het meervoudige ustensiles. De basisvorm is métallique; die vorm kan bij enkelvoud staan, bijvoorbeeld un ustensile métallique — “een metalen gebruiksvoorwerp”. dessus betekent hier “erop”. Het verwijst naar de ondergrond waarop het metalen keukengerei niet gebruikt mag worden; de vorm zelf bepaalt niet zelfstandig welk concreet referent bedoeld is. Je pose la cuillère dessus. — “Ik leg de lepel erop.” s'il te plaît is een vaste beleefdheidsformule met de betekenis “alsjeblieft”. Ze maakt het verzoek of bevel vriendelijker en gebruikt te, passend bij de informele aanspreekvorm tu. De formele of meervoudige variant is s'il vous plaît. Samen betekent Tu peux dat het gevraagde mag of kan. Daarna volgt het concrete verbod n'utilise pas d'ustensiles métalliques dessus: gebruik daar geen metalen keukengerei op. S'il te plaît verzacht dit verbod. De volledige betekenis is daarom: “Dat kan, maar gebruik er alsjeblieft geen metalen keukengerei op.”

  3. Je vais utiliser une cuillère en bois pour ne pas rayer la surface.

    Ik gebruik een houten lepel, zodat ik het oppervlak niet bekrast.

    Je vais
    ik ga ... / ik zal ...
    utiliser
    gebruiken
    cuillère
    lepel
    en bois
    van hout / houten
    pour ne pas
    om niet te
    rayer
    bekrassen
    surface
    oppervlak
    Uitgebreide uitleg

    Je vais bevat de eerste persoon enkelvoud van aller in de tegenwoordige tijd, gevolgd door een infinitief. In deze constructie drukt aller + infinitief een nabije of voorgenomen handeling uit: je vais utiliser betekent hier dat ik een lepel ga gebruiken. Het onderwerp je is de spreker; vais verandert mee met de persoon, terwijl utiliser infinitief blijft. utiliser is de infinitief met de betekenis ‘gebruiken’. De vorm verandert niet naar persoon binnen deze constructie; de persoonsinformatie staat in vais. Voorbeeld: Je vais utiliser ce couteau. — ‘Ik ga dit mes gebruiken.’ cuillère is hier het zelfstandig naamwoord ‘lepel’. Het is een vrouwelijk woord, wat zichtbaar is aan une in une cuillère; une geeft hier een niet nader bepaalde lepel aan en stelt op zichzelf geen specifiek aantal als leerpunt vast. Voorbeeld: La cuillère est propre. — ‘De lepel is schoon.’ en bois beschrijft het materiaal: ‘van hout’ of natuurlijk Nederlands ‘houten’. en wordt vaak gebruikt om het materiaal van een voorwerp aan te geven, en bois betekent ‘hout’. Samen bepaalt dit welk soort lepel bedoeld is, zonder bois als bijvoeglijk naamwoord te behandelen. Voorbeeld: une table en bois — ‘een houten tafel’. pour ne pas leidt een doel met ontkenning in: ‘om niet te’. Na pour staat hier een infinitief; ne pas ontkent die handeling. Het is dus een doelconstructie, niet alleen een losse ontkenning. Voorbeeld: Je marche doucement pour ne pas tomber. — ‘Ik loop voorzichtig om niet te vallen.’ rayer is de infinitief ‘bekrassen’ of ‘krassen maken op’. In deze zin is het object van die handeling la surface, maar de infinitief zelf benoemt alleen de handeling. Voorbeeld: Ne pas rayer la table. — ‘De tafel niet bekrassen.’ surface betekent hier ‘oppervlak’. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat er la surface wanneer het bedoelde oppervlak bepaald is. De vertaling identificeert dit als het oppervlak dat met het gebruik van de lepel beschermd moet worden. Samen betekent Je vais utiliser une cuillère en bois pour ne pas rayer la surface.: ‘Ik ga een houten lepel gebruiken om het oppervlak niet te bekrassen.’ De structuur is: je vais + infinitief voor de voorgenomen handeling, daarna het voorwerp met zijn materiaal, en ten slotte pour ne pas + infinitief voor het doel daarvan. In deze context past dat bij het vermijden van metalen keukengerei om beschadiging van het oppervlak te voorkomen.

  4. Utilise aussi un feu moyen, car un feu trop fort peut abîmer le revêtement.

    Zet het vuur ook op middelhoog, want een hoog vuur kan de antiaanbaklaag beschadigen.

    Utilise
    gebruik
    aussi
    ook
    feu
    vuur
    moyen
    middelhoog
    car
    want
    trop
    te
    fort
    hoog
    peut
    kan
    abîmer
    beschadigen
    revêtement
    antiaanbaklaag
    Uitgebreide uitleg

    Utilise is de gebiedende wijs van utiliser (“gebruiken”) voor één aangesproken persoon. Het onderwerp wordt in deze vorm niet uitgesproken: Utilise ... = “Gebruik ...”. Voor meerdere aangesproken personen of een formele aanspreekvorm verschijnt een andere vorm, zoals Utilisez. aussi betekent hier “ook” en voegt deze instructie toe aan een andere handeling: gebruik het vuur ook op deze manier. feu is een mannelijk zelfstandig naamwoord voor “vuur” en kan in deze kookcontext het kookvuur of de warmtestand aanduiden. Het meervoud is feux. In un feu, un is een onbepaald lidwoord; het stelt op zichzelf geen numerieke hoeveelheid vast. moyen betekent hier “middelhoog” en beschrijft feu. Het is de mannelijke enkelvoudsvorm; bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord is de vorm moyenne. De vorm hoort dus bij het bijvoeglijk naamwoord moyen, niet bij feu als basisvorm. Een bruikbaar patroon is un feu moyen = “een middelhoog vuur”. car verbindt een bewering met haar reden en betekent “want”. Het leidt hier de uitleg in waarom deze warmtestand wordt aanbevolen. trop betekent “te” in de combinatie trop fort: het geeft aan dat de intensiteit boven het geschikte niveau ligt. Het staat vóór het bijvoeglijk naamwoord en verandert niet mee. fort betekent hier “sterk” of, bij feu, natuurlijker “hoog”. Het is de mannelijke enkelvoudsvorm die bij feu past. De vrouwelijke enkelvoudsvorm is forte; het meervoud is forts of fortes volgens het geslacht van het beschreven zelfstandig naamwoord. trop fort betekent samen “te hoog” in de context van de warmte. peut is de tegenwoordige tijd van pouvoir voor de derde persoon enkelvoud: il/elle peut = “hij/zij kan”. Na pouvoir volgt een infinitief, zoals in peut abîmer. abîmer is de infinitief “beschadigen”. In deze zin is het verwachte resultaat dat een te hoog vuur de antiaanbaklaag beschadigt. De infinitief blijft onveranderd na peut; de vervoegde vorm is peut. revêtement is een mannelijk zelfstandig naamwoord voor “bekleding” of “laag”. Met de vaste vertaling wordt hier specifiek de antiaanbaklaag bedoeld. Het woord krijgt het lidwoord le in le revêtement. Samen vormt Utilise aussi un feu moyen de instructie “Zet het vuur ook op middelhoog”. Daarna geeft car un feu trop fort peut abîmer le revêtement de reden: “want een te hoog vuur kan de antiaanbaklaag beschadigen.” De hele uiting is dus een directe kookinstructie met een waarschuwing over mogelijk gevolg.

  5. Je préfère demander maintenant plutôt que de deviner et de l'abîmer.

    Ik vraag het nu liever dan dat ik ga raden en de pan verpest.

    préfère
    liever hebben; prefereren
    demander
    vragen
    maintenant
    nu
    plutôt que de
    liever dan om te
    deviner
    raden
    abîmer
    beschadigen
    Uitgebreide uitleg

    préfère komt van préférer en is hier de tegenwoordige tijd in de eerste persoon enkelvoud: je préfère = “ik heb liever”. Het accent in préfère hoort bij deze vervoegde vorm; de infinitief is préférer. Een bruikbaar patroon is Je préfère + infinitief: “Ik heb liever dat ik … / Ik doe liever …”. demander staat als infinitief na je préfère: de spreker zegt dus dat die liever vraagt. In deze zin betekent het “het vragen” of, volgens de vaste vertaling en context, informatie vragen over de pan. Voorbeeld: Je préfère demander avant de commencer. — “Ik vraag het liever voordat ik begin.” maintenant betekent “nu” en bepaalt wanneer demander gebeurt. Het is een bijwoord en verandert niet van vorm. Demander maintenant betekent hier “nu vragen”, tegenover eerst raden. plutôt que de introduceert de vergelijking “liever dan om …”. Het verbindt de voorkeursactie met een andere mogelijke actie: Je préfère demander plutôt que de deviner — “Ik vraag het liever dan dat ik ga raden.” Na plutôt que staat hier de vóór een infinitief. In dezelfde zin wordt de tweede infinitief ook met de ingeleid: de deviner et de l'abîmer. deviner is de infinitief “raden” of “gissen”. Hier gaat het om zelf proberen te raden in plaats van om uitleg te vragen. Voorbeeld: Je ne veux pas deviner. — “Ik wil niet raden.” abîmer is de infinitief “beschadigen” of “verpesten”. In l'abîmer is l' het directe object: volgens de vaste vertaling en de context verwijst het hier naar de pan. l' is de verkorte vorm van le of la vóór een klinker; de elisie voorkomt twee klinkerklanken naast elkaar. De apostrof hoort dus bij het voornaamwoord, niet bij abîmer. Voorbeeld: Il ne faut pas l'abîmer. — “Je moet hem/haar niet beschadigen.” De hele zin bestaat uit een voorkeur en een alternatief: Je préfère demander maintenant = “Ik vraag het nu liever”, en plutôt que de deviner et de l'abîmer = “dan te raden en de pan te verpesten”. Samen betekent de uiting: “Ik vraag het nu liever dan dat ik ga raden en de pan verpest.”

  6. Ça aide. Elle devrait durer plus longtemps si tu en prends soin.

    Dat helpt. De pan gaat langer mee als je er voorzichtig mee omgaat.

    aide
    helpt
    devrait
    zou moeten
    durer
    meegaan; duren
    plus longtemps
    langer
    si
    als
    tu en prends soin
    je zorgt ervoor
    Uitgebreide uitleg

    aide betekent hier “helpt” in Ça aide. Het is de derde persoon enkelvoud van aider in de tegenwoordige tijd: j’aide, tu aides, il/elle aide. In deze zin is ça het onderwerp; het betekent “dat/het” en verwijst naar iets dat in de situatie besproken wordt. devrait komt van devoir en is de vorm voor de derde persoon enkelvoud in de conditionnel présent: elle devrait. Hier drukt die vorm een verwachting of voorzichtige voorspelling uit: “ze zou waarschijnlijk ...”. Het is dus niet hetzelfde als een vast bevel. Een nuttige reeks is elle doit = “ze moet” tegenover elle devrait = “ze zou moeten / waarschijnlijk zal ze”. durer is de infinitief van durer, “duren” of, bij een voorwerp, “meegaan”. Na devrait staat de infinitief: elle devrait durer = “ze zou meegaan”. In deze context bevestigt de Nederlandse vertaling dat elle naar de pan verwijst en dat het om de levensduur van de pan gaat. plus longtemps betekent “langer”. plus maakt hier de duur vergelijkend: longtemps = “lang”, wat tijdsduur betreft, en plus longtemps = “langer”. Het gaat om een vergelijking met een niet nader genoemde kortere duur; er wordt niet gezegd hoe lang precies. si betekent hier “als” en leidt een voorwaarde in. Het verbindt de verwachte uitkomst met de voorwaarde die erop volgt. In een eenvoudig patroon kun je leren: X dure plus longtemps si ... = “X gaat langer mee als ...”. tu en prends soin is de constructie prendre soin de quelque chose, “ergens goed voor zorgen”. prends is de tegenwoordige tijd van prendre bij tu; de andere nuttige vormen zijn je prends en il/elle prend. In en prends soin vervangt en het voorzetselgedeelte de ...; volgens de vaste vertaling verwijst het hier naar de pan. De volledige constructie betekent dus “je zorgt ervoor”, niet alleen “je neemt”. Voorbeeld: Prends soin de ton vélo. — “Zorg goed voor je fiets.” Samen betekent Ça aide. “Dat helpt.” Daarna geeft Elle devrait durer plus longtemps de verwachte uitkomst: de pan zal waarschijnlijk langer meegaan. si tu en prends soin geeft de voorwaarde: als je er goed voor zorgt. De volledige betekenis is: “Dat helpt. De pan gaat langer mee als je er voorzichtig mee omgaat.”

  7. Est-ce que je dois la laver à la main au lieu de la mettre au lave-vaisselle ?

    Zal ik de pan met de hand afwassen in plaats van hem in de vaatwasser te zetten?

    Est-ce que
    vraagmarker
    je dois
    ik moet
    laver
    wassen
    à la main
    met de hand
    au lieu de
    in plaats van
    mettre
    zetten
    lave-vaisselle
    vaatwasser
    Uitgebreide uitleg

    Est-ce que maakt van de volgende mededeling een gewone ja-neevraag. Het verandert de betekenis van de werkwoorden niet. Voorbeeld: Est-ce que tu viens ? = “Kom je?” je dois komt van devoir (“moeten”). dois is de vorm voor je in de tegenwoordige tijd; het hele patroon is je dois + infinitief: “ik moet …”. Hier staat de infinitief laver, dus je dois la laver betekent “ik moet haar/het wassen”. In deze zin verwijst la volgens de vertaling naar de pan: het is een vrouwelijk enkelvoudig lijdend voornaamwoord. Het staat vóór de infinitief: la laver, niet na het werkwoord. laver betekent hier “wassen” of, voor een pan, “afwassen”. De basisvorm is de infinitief; na devoir blijft die vorm staan. Voorbeeld: Je dois laver la tasse. = “Ik moet de kop wassen.” à la main betekent “met de hand”. à geeft hier de manier aan en la main betekent letterlijk “de hand”. Het is een vaste, breed bruikbare uitdrukking voor iets handmatig doen, tegenover bijvoorbeeld een machine gebruiken. au lieu de betekent “in plaats van”. Voor een werkwoord volgt er een infinitief: au lieu de + infinitief. In de zin contrasteert laver met mettre: de spreker vraagt of wassen de handeling moet vervangen door het in de vaatwasser zetten. Voorbeeld: Je marche au lieu de prendre le bus. = “Ik loop in plaats van de bus te nemen.” mettre betekent hier “zetten” of “doen/plaatsen”. De infinitief volgt op au lieu de. In la mettre verwijst la opnieuw naar de pan; mettre la betekent in deze context dus “de pan erin zetten”, waarbij de plaats door au lave-vaisselle wordt aangegeven. Voorbeeld: Je vais mettre la casserole sur la table. = “Ik ga de pan op tafel zetten.” lave-vaisselle is het zelfstandig naamwoord “vaatwasser”. Het is een samenstelling met lave-, verbonden met laver (“wassen”), en vaisselle (“vaatwerk”); leer het geheel als de vaste benaming voor het apparaat. In au lave-vaisselle is au de samentrekking van à le. Hier geeft de uitdrukking bij mettre aan dat de pan in de vaatwasser wordt geplaatst. Samen vormt de zin de vraag: “Moet ik de pan met de hand afwassen in plaats van hem in de vaatwasser te zetten?” De structuur is Est-ce que + je dois + la laver + à la main + au lieu de + la mettre + au lave-vaisselle. De twee la-vormen verwijzen in deze vaste zin naar hetzelfde vrouwelijke enkelvoudige voorwerp, de pan.

  8. Lave-la doucement à la main et sèche-la avant de la rapporter.

    Was hem voorzichtig met de hand af en droog hem voordat je hem terugbrengt.

    Lave-la
    was haar/hem af
    doucement
    voorzichtig; zachtjes
    à la main
    met de hand
    sèche-la
    droog haar/hem
    avant de
    voordat je ...
    la rapporter
    haar/hem terugbrengen
    Uitgebreide uitleg

    Lave-la komt van laver (“wassen”) en is een bevestigende gebiedende wijs: “was haar/hem”. In een bevestigende Franse gebiedende wijs staat het voornaamwoord voor het directe object achter het werkwoord en wordt het met een koppelteken verbonden: lave-la. la is hier een vrouwelijk enkelvoudig objectvoornaamwoord. Volgens de gegeven context verwijst het naar de pan; het Nederlandse hem volgt daarbij het Nederlandse woordgeslacht van pan, niet de Franse vorm la. doucement is een bijwoord en verzacht de manier van wassen: voorzichtig of zachtjes. Het verandert niet de opdracht zelf. à la main betekent letterlijk “met de hand” en geeft de manier aan; het staat hier tegenover wassen in de vaatwasser. Sèche-la komt van sécher (“drogen”) en is opnieuw een gebiedende wijs met hetzelfde directe-objectvoornaamwoord la: “droog haar/hem”. De twee opdrachten zijn dus lave-la en sèche-la; het voorwerp blijft hetzelfde, maar wordt niet opnieuw als zelfstandig naamwoord genoemd. avant de leidt een infinitiefconstructie in: “voordat je ...”. Na avant de volgt in het Frans een infinitief, niet een vervoegde werkwoordsvorm. In la rapporter is rapporter de infinitief van “terugbrengen”. la is opnieuw het vrouwelijke enkelvoudige directe object en betekent hier “haar/hem” als hetzelfde voorwerp als eerder. De volledige opbouw is: Lave-la doucement (“was het voorzichtig”), à la main (“met de hand”), et sèche-la (“en droog het”), avant de la rapporter (“voordat je het terugbrengt”). Samen is dit een directe instructie om de pan met de hand voorzichtig af te wassen, te drogen en haar daarna terug te brengen.

  9. Je te la rendrai propre après avoir fini de cuisiner.

    Ik breng hem schoon terug nadat ik klaar ben met koken.

    Je
    ik
    te
    jou
    la
    het
    rendrai
    zal terugbrengen
    propre
    schoon
    après avoir fini
    nadat ik klaar ben
    cuisiner
    koken
    Uitgebreide uitleg

    Je betekent hier “ik” en is het onderwerp: de spreker zal de handeling uitvoeren. Het is de eerste persoon enkelvoud; een bruikbaar contrast is je “ik” tegenover tu “jij” als onderwerp. te is hier het meewerkend voorwerp: “aan jou / voor jou”. Samen met Je maakt het duidelijk dat de spreker iets aan de aangesprokene zal teruggeven. Het is de onbeklemtoonde vorm die vóór het werkwoord staat; de beklemtoonde vorm is toi, bijvoorbeeld in Je parle avec toi — “Ik praat met jou.” la is hier een onbeklemtoond persoonlijk voornaamwoord als lijdend voorwerp. Het verwijst naar het voorwerp dat wordt teruggebracht; de concrete referent wordt in deze zin niet benoemd. la is de enkelvoudige vrouwelijke grammaticale vorm, naast bijvoorbeeld le voor een mannelijk enkelvoudig lijdend voorwerp. De vorm van het voornaamwoord geeft dus grammaticale informatie, zonder op zichzelf de concrete identiteit van het voorwerp te noemen. rendrai is de futur simple van rendre, “terugbrengen” of “teruggeven”, in de eerste persoon enkelvoud: je rendrai — “ik zal terugbrengen”. De uitgang -ai markeert hier de toekomstige eerste persoon enkelvoud; het onderwerp Je bepaalt wie de handeling uitvoert. In combinatie met la betekent Je te la rendrai: “Ik zal het aan jou terugbrengen.” propre beschrijft de toestand waarin het voorwerp wordt teruggebracht: “schoon”. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat hier na het werkwoord staat en met het lijdend voorwerp verbonden is. In het enkelvoud blijft de vorm voor mannelijk en vrouwelijk gelijk; in het meervoud is de vorm propres. Bijvoorbeeld: une assiette propre — “een schoon bord”. après avoir fini geeft aan dat iets eerst voltooid is en dat de hoofdhandeling daarna plaatsvindt: “nadat ik klaar ben”. avoir is hier de infinitief van “hebben” en fini is het voltooid deelwoord van finir, “beëindigen / klaar zijn met”. Deze vorm is een samengestelde infinitiefconstructie: après avoir fini betekent letterlijk “na voltooid te hebben”, natuurlijk vertaald als “nadat ik klaar ben”. Het niet-uitgedrukte onderwerp wordt hier begrepen als hetzelfde onderwerp als in de hoofdzin, namelijk Je. cuisiner is de infinitief “koken”. Na fini staat de constructie finir de + infinitief: finir de cuisiner betekent “klaar zijn met koken”. Bijvoorbeeld: Elle a fini de travailler — “Zij is klaar met werken.” De zin bouwt zo op: Je is degene die handelt, te geeft aan voor wie, en la benoemt het teruggebrachte voorwerp als lijdend voorwerp. rendrai plaatst het terugbrengen in de toekomst, terwijl propre het resultaat beschrijft. après avoir fini de cuisiner bepaalt de volgorde: eerst is de spreker klaar met koken, daarna zal die het voorwerp schoon aan de aangesprokene terugbrengen. De volledige betekenis is: “Ik breng het schoon terug nadat ik klaar ben met koken.”

  10. Dis-moi comment sera le plat une fois terminé.

    Laat me weten hoe het gerecht wordt.

    Dis-moi
    zeg me
    comment
    hoe
    sera
    zal zijn / zal worden
    le plat
    het gerecht
    une fois terminé
    eenmaal klaar
    Uitgebreide uitleg

    Dis-moi betekent hier “zeg me” of “laat me weten”. Het is de gebiedende wijs van dire (“zeggen”) voor tu, met het voornaamwoord moi (“mij”) eraan vast. In een bevestigende gebiedende wijs staat dit objectvoornaamwoord na het werkwoord en wordt het met een koppelteken geschreven: Dis-moi ! = “Zeg het me!” comment betekent “hoe” en vraagt hier naar de toestand of het resultaat van het gerecht. Het leidt de indirecte vraag in: Dis-moi comment ... = “Laat me weten hoe ...”. sera is de futur simple van être (“zijn”) bij il/elle/on; de vorm sera blijft bij deze drie grammaticale personen hetzelfde. De relevante vormreeks is être → il est (heden) → il sera (toekomst). Hier verwijst de vorm volgens de vaste vertaling naar het gerecht: hoe het gerecht zal worden. le plat betekent “het gerecht”. plat is hier een zelfstandig naamwoord; het lidwoord le markeert in het Frans het mannelijk enkelvoud. In deze zin is le plat het onderwerp van sera, niet een persoon. une fois terminé betekent “eenmaal klaar”. terminé komt van terminer (“beëindigen”) en beschrijft hier de toestand van le plat nadat het bereiden klaar is. Omdat plat mannelijk enkelvoud is, staat deze vorm als terminé; bij een vrouwelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord zou de overeenkomstige vorm terminée zijn. De woordgroep une fois plus een voltooid deelwoord geeft hier een toestand of tijdstip aan: une fois terminé = “eenmaal klaar”. Samen betekent Dis-moi comment sera le plat une fois terminé.: “Laat me weten hoe het gerecht zal worden zodra het klaar is.” De bevelsvorm Dis-moi vraagt om informatie; comment sera le plat vraagt naar het toekomstige resultaat, en une fois terminé beperkt dat resultaat tot het moment waarop het gerecht af is.

Grammatica

préférer + infinitif plutôt que + infinitif

Je préfère laver à la main plutôt que laver au lave-vaisselle.

Zjuh pree-fer la-vee a la men pluu-too kuh la-vee o la-veh-sjel.

Ik was liever met de hand dan in de vaatwasser.

Na préférer volgt een infinitief; plutôt que verbindt de twee handelingen die je met elkaar vergelijkt.

impératif + pronom objet

Sèche-la doucement.

Sesj-la does-man.

Droog hem voorzichtig.

In een Franse opdracht staat het objectpronomen achter het werkwoord en wordt het met een koppelteken verbonden.

Frans woordenschat

antiadhésif bijvoeglijk naamwoord
an-tja-dee-zeef met antiaanbaklaag antiadhésive

poêle antiadhésive

bois zelfstandig naamwoord
bwa hout

une cuillère en bois

cuillère zelfstandig naamwoord
kwie-jer lepel

une cuillère en bois

cuisiner werkwoord
kwie-zie-nee koken

que je suis en train de cuisiner

dessus bijwoord
duh-suu erop

n'utilise pas d'ustensiles métalliques dessus

emprunter werkwoord
an-pruhn-tee lenen

emprunter ta poêle antiadhésive

feu zelfstandig naamwoord
feu vuur

un feu moyen

métallique bijvoeglijk naamwoord
mee-ta-leek metalen métalliques

ustensiles métalliques

poêle zelfstandig naamwoord
pwal koekenpan

ta poêle antiadhésive

rayer werkwoord
ra-jee bekrassen

pour ne pas rayer la surface

surface zelfstandig naamwoord
suu-rfas oppervlak

rayer la surface

ustensile zelfstandig naamwoord
uu-stan-seel keukengerei ustensiles

des ustensiles métalliques

Quiz

Spelling

Tik op de letters om het woord te spellen.

koken

Antwoord tonencuisiner

lepel

Antwoord tonencuillère

erop

Antwoord tonendessus

met antiaanbaklaag

Antwoord tonenantiadhésive