Elke dag 10 minuten gratis
Ga verder met audiolessen in de app
Woorduitleg verschijnt automatisch synchroon met de audio.
Geen login · gesynchroniseerde vertalingen · afspelen met vergrendeld scherm
Kies je leertaal en open deze les in de app.
Over deze les
Met Verantwoordelijkheid nemen voor een beschadigde geleende zaag oefen je gespreksuitdrukkingen, uitspraak, woordenschat, grammatica en quizzen in het frans.
Dialoog
Je dois être honnête au sujet de la scie que j’ai empruntée.
Zjuh dwa zèttr onètt oo suu-zjè duh la sie kuh zjee an-prun-tee. Ik moet eerlijk zijn over de zaag die ik heb geleend.Peux-tu expliquer ce qui s’est passé ?
Puh-tuu eks-pli-kee suh kie sè pa-see? Kun je uitleggen wat er is gebeurd?La lame s’est abîmée pendant que je coupais du bois épais.
Laa laam sè ta-bie-mee pan-dan kuh zjuh koe-pè dü bwa ee-pè. Het zaagblad is beschadigd geraakt terwijl ik dik hout aan het zagen was.Le bois était trop épais pour cette scie ?
Luh bwa ee-tè troo ee-pè poer sètt sie? Was het hout te dik voor die zaag?Probablement, et j’aurais dû demander avant d’essayer.
Proo-ba-bluh-man, ee zjo-rè dü duh-man-dee a-van de-sè-jee. Waarschijnlijk wel, en ik had het moeten vragen voordat ik het probeerde.J’apprécie que tu sois franc au lieu de le cacher.
Zja-pree-sie kuh tuu swa fran oo ljeu duh luh ka-sjee. Ik waardeer het dat je er eerlijk over bent in plaats van het te verbergen.Je peux faire réparer la scie ou remplacer la lame.
Zjuh puh fèèr ree-pa-ree la sie oe ran-pla-see la laam. Ik kan een reparatie regelen of het zaagblad vervangen.Remplacer la lame devrait suffire.
Ran-pla-see la laam duh-vrè suu-fieèr. Het zaagblad vervangen zou genoeg moeten zijn.Je m’en occuperai aujourd’hui.
Zjuh man no-kuu-puh-rè oo-zjoer-dwie. Ik regel dat vandaag.Dis-moi quand la lame sera remplacée, avant de rapporter la scie.
Die-mwa kan la laam suh-raa ran-pla-see, a-van duh ra-por-tee la sie. Laat me weten wanneer het zaagblad is vervangen, voordat je de zaag terugbrengt.Uitleg van de zinnen
Je dois être honnête au sujet de la scie que j’ai empruntée.
Ik moet eerlijk zijn over de zaag die ik heb geleend.
- Je dois
- ik moet
- être
- zijn
- honnête
- eerlijk
- au sujet de
- over
- scie
- zaag
- j’ai
- ik heb
- empruntée
- geleend
Uitgebreide uitleg
Je dois betekent hier ‘ik moet’. dois is de eerste persoon enkelvoud van devoir in de tegenwoordige tijd: je dois, tu dois, il/elle doit. Het drukt hier verplichting uit. Voorbeeld: Je dois partir. — ‘Ik moet vertrekken.’ être is de infinitief ‘zijn’. Na een vervoegde vorm van devoir volgt de infinitief: Je dois être... — ‘Ik moet ... zijn’. In deze zin vormt dois être samen de uitdrukking voor een noodzakelijke toestand of houding. honnête betekent ‘eerlijk’. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat de spreker beschrijft in de toestand die met être wordt uitgedrukt. Voorbeeld: Elle est honnête. — ‘Zij is eerlijk.’ De vorm honnête verandert hier niet omdat het onderwerp mannelijk of vrouwelijk kan zijn; het meervoud is honnêtes. au sujet de betekent ‘over’ of ‘met betrekking tot’. Dit is een vaste voorzetseluitdrukking. au is de samentrekking van à en le; de uitdrukking wordt gevolgd door datgene waarover men spreekt. Voorbeeld: Nous parlons au sujet du projet. — ‘Wij praten over het project.’ scie betekent ‘zaag’. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; met het bepaalde lidwoord staat het hier als la scie. Het zelfstandig naamwoord is het object waarnaar de relatieve bijzin verwijst. Voorbeeld: La scie est dans l’atelier. — ‘De zaag is in de werkplaats.’ j’ai betekent hier ‘ik heb’. Het is de combinatie van je en de vorm ai van avoir in de eerste persoon enkelvoud. In de volgende bijzin is avoir het hulpwerkwoord voor het verleden: j’ai emprunté... betekent ‘ik heb ... geleend’. empruntée betekent hier ‘geleend’. De basisvorm is het werkwoord emprunter, ‘lenen’. De vorm staat in het voltooid deelwoord in de constructie met j’ai; omdat het directe object que, dat naar de voorafgaande scie verwijst, vóór het voltooid deelwoord staat, krijgt het deelwoord de vrouwelijke enkelvoudsvorm empruntée. Vergelijk: le livre que j’ai emprunté — ‘het boek dat ik heb geleend’; la scie que j’ai empruntée — ‘de zaag die ik heb geleend’. Samen vormt Je dois être honnête de betekenis ‘ik moet eerlijk zijn’. au sujet de la scie specificeert waarover die eerlijkheid gaat: ‘over de zaag’. De relatieve bijzin que j’ai empruntée beschrijft die zaag nader: que is het directe object van ai empruntée en betekent hier ‘die’. De volledige zin betekent dus: ‘Ik moet eerlijk zijn over de zaag die ik heb geleend.’
Peux-tu expliquer ce qui s’est passé ?
Kun je uitleggen wat er is gebeurd?
- Peux-tu
- kun je …?
- expliquer
- uitleggen
- ce qui
- wat (datgene wat)
- s’est passé
- is gebeurd
Uitgebreide uitleg
Peux-tu is een vraag met inversie: peux is de tegenwoordige tijd van pouvoir (“kunnen”) voor tu, en tu staat erachter. Het werkwoord daarna blijft in de infinitief. Vergelijk: Peux-tu venir ? — “Kun je komen?” Dit is een directe, neutrale vraag aan één aangesproken persoon. expliquer betekent “uitleggen” en staat hier in de infinitief na peux-tu. Het patroon is pouvoir + infinitief: Je peux expliquer — “Ik kan uitleggen.” De persoon en tijd zitten in peux; expliquer zelf krijgt hier geen persoonsuitgang. ce qui betekent hier “wat” of “datgene wat”. In deze constructie is qui het onderwerp van het werkwoord dat erop volgt: ce qui s’est passé = “wat er is gebeurd”. Dit verschilt van ce que, dat wordt gebruikt wanneer het daaropvolgende werkwoord een ander onderwerp heeft, bijvoorbeeld ce que tu sais — “wat jij weet”. s’est passé komt van het pronominale werkwoord se passer, dat in deze betekenis “gebeuren” betekent. Het is de passé composé: s’ staat voor se, est is de derde persoon enkelvoud van être, en passé is het voltooid deelwoord van passer. De vorm verwijst hier naar een afgeronde gebeurtenis in het verleden. Qu’est-ce qui s’est passé ? betekent eveneens “Wat is er gebeurd?”, maar gebruikt een andere vraagconstructie. Samen vormt de zin Peux-tu expliquer + ce qui s’est passé: “Kun je uitleggen wat er is gebeurd?” De vraag vraagt de aangesproken persoon om een uitleg van de eerdere gebeurtenis; ce qui s’est passé benoemt die gebeurtenis zonder haar hier verder te specificeren.
La lame s’est abîmée pendant que je coupais du bois épais.
Het zaagblad is beschadigd geraakt terwijl ik dik hout aan het zagen was.
- lame
- zaagblad
- s’est abîmée
- is beschadigd geraakt
- pendant que
- terwijl
- coupais
- aan het zagen was
- bois
- hout
- épais
- dik
Uitgebreide uitleg
lame betekent hier, volgens de vaste vertaling en de context met cette scie, “zaagblad”. Het woord kan in andere contexten ook een ander soort blad of mes betekenen; hier gaat het om het onderdeel van de zaag. s’est abîmée betekent hier dat het zaagblad beschadigd is geraakt. De vorm hoort bij het werkwoord s’abîmer (“beschadigd raken” of “verslechteren”). s’est is de vorm voor de derde persoon enkelvoud in de voltooide verleden tijd; abîmée eindigt op -e omdat het onderwerp la lame vrouwelijk enkelvoud is. Vergelijk als voorbeeld: La scie s’est abîmée. — “De zaag is beschadigd geraakt.” pendant que leidt een gelijktijdige bijzin in: “terwijl”. Het verbindt de beschadiging met de handeling die op datzelfde moment bezig was. Een herbruikbaar patroon is pendant que + onderwerp + werkwoord, bijvoorbeeld: Pendant que je travaillais, il a téléphoné. — “Terwijl ik werkte, belde hij.” coupais is de imparfait-vorm van couper (“snijden” of, bij hout, “zagen”). De uitgang -ais markeert hier de eerste persoon enkelvoud: je coupais. De imparfait presenteert de handeling als bezig of als achtergrond in het verleden; daarom past de Nederlandse vertaling “aan het zagen was”. Voorbeeld: Je coupais du pain. — “Ik was brood aan het snijden.” bois betekent “hout”. In couper du bois staat du voor een niet nader bepaalde hoeveelheid hout; het stelt hier niet noodzakelijk één stuk hout voor. bois kan ook naar een bos verwijzen, afhankelijk van de constructie en de context, maar in deze zin gaat het om materiaal. épais betekent “dik”. Het beschrijft bois en staat erna. In deze combinatie is épais mannelijk enkelvoud, passend bij le bois; de vrouwelijke vorm is épaisse, zoals in une planche épaisse — “een dikke plank”. Samen vormen de delen: La lame s’est abîmée (“Het zaagblad is beschadigd geraakt”) + pendant que je coupais du bois épais (“terwijl ik dik hout aan het zagen was”). De hele zin zegt dus dat het zaagblad beschadigd raakte tijdens het zagen van dik hout. De imparfait in coupais geeft de voortdurende achtergrondhandeling, terwijl s’est abîmée de gebeurtenis als afgerond feit weergeeft.
Le bois était trop épais pour cette scie ?
Was het hout te dik voor die zaag?
- bois
- hout
- était
- was
- trop
- te
- épais
- dik
- pour
- voor
- cette
- die
- scie
- zaag
Uitgebreide uitleg
bois betekent hier “hout”. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord; het kan zowel een materiaal als, in andere contexten, een bos aanduiden. In deze zin gaat het door de vertaling en context om het materiaal. Voorbeeld: Le bois est humide. — “Het hout is vochtig.” était is de vorm van être (“zijn”) voor de derde persoon enkelvoud in de imparfait. De imparfait presenteert hier een toestand in het verleden: het hout was op dat moment te dik. Het is niet de vorm voor “is” (est) en ook niet de passé composé (a été). trop betekent “te” in de combinatie trop épais: de eigenschap overschrijdt wat voor deze zaag geschikt is. Het betekent hier dus niet zelfstandig “te veel” als hoeveelheid. assez betekent daarentegen “genoeg”, bijvoorbeeld in Le bois est assez épais. — “Het hout is dik genoeg.” épais betekent “dik”. De basisvorm is épais; de vrouwelijke enkelvoudsvorm is épaisse, zoals in une planche épaisse — “een dikke plank”. In trop épais beschrijft het bijvoeglijk naamwoord het hout; trop versterkt die eigenschap met de betekenis “te”. Samen vormen était trop épais de toestand “was te dik”. Het onderwerp is Le bois, en épais staat in het mannelijk enkelvoud bij dat onderwerp. Het gaat om een beoordeling van de dikte in verhouding tot iets dat daarna met pour wordt genoemd. pour betekent hier “voor” in de betekenis “geschikt voor” of “in verhouding tot”. Het leidt cette scie in: de dikte was te groot voor het gebruik van deze zaag. Dit is niet de temporele betekenis “om te” uit een doelconstructie zoals pour couper — “om te zagen”. cette is een aanwijzend woord voor een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud: “deze” of, afhankelijk van de context, “die”. Het krijgt hier zijn vorm door scie, niet door bois. Vergelijk ce couteau — “dit/dat mes” — met cette scie — “deze/die zaag”. scie betekent “zaag”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord; daarom staat ervoor cette. Voorbeeld: Cette scie est vieille. — “Deze zaag is oud.” De volledige vraag Le bois était trop épais pour cette scie ? betekent: “Was het hout te dik voor die zaag?” De vraagvorm gebruikt hier dezelfde woordvolgorde als de mededelende zin, met een vraagintonatie en een vraagteken. Le bois is het onderwerp, était geeft de toestand in het verleden aan, trop épais beoordeelt de dikte, en pour cette scie geeft aan ten opzichte van welke zaag die beoordeling geldt.
Probablement, et j’aurais dû demander avant d’essayer.
Waarschijnlijk wel, en ik had het moeten vragen voordat ik het probeerde.
- Probablement
- waarschijnlijk
- j’aurais dû
- ik had moeten
- demander
- vragen
- avant
- voor; vóór
- d’essayer
- te proberen
Uitgebreide uitleg
Probablement betekent hier “waarschijnlijk” en staat als bijwoord aan het begin. Het geeft aan dat de spreker de voorafgaande kwestie met enige onzekerheid bevestigt; het betekent niet op zichzelf “ja”. Voorbeeld: Il viendra probablement demain. — “Hij komt waarschijnlijk morgen.” j’aurais dû betekent hier “ik had moeten”. Dit is de conditionnel passé: de conditionnel présent-vorm aurais van avoir staat samen met het voltooid deelwoord dû van devoir. De combinatie drukt uit dat de spreker achteraf vindt dat een handeling nodig of verstandiger was. j’aurais dû hoort bij je; bijvoorbeeld tu aurais dû betekent “jij had moeten”. demander is de infinitief van “vragen”. Na devoir staat een infinitief: j’aurais dû demander betekent “ik had moeten vragen”. Het werkwoord kan zonder genoemd object worden gebruikt als uit de context al duidelijk is wat men had moeten vragen. Voorbeeld: Tu dois demander. — “Je moet vragen.” avant betekent hier “voor” of “vóór”. Samen met de en een infinitief vormt het de tijdsconstructie avant de + infinitief, in deze zin “voordat ...”. d’essayer betekent “te proberen”. Het is essayer na de; vóór de klinker van essayer wordt de geëlideerd tot d’. Samen met avant vormt het avant d’essayer: “voordat ik het probeerde”. Het onderwerp van de infinitief wordt hier uit de hoofdzin begrepen en is dezelfde spreker als bij j’aurais. Voorbeeld: Réfléchis avant d’agir. — “Denk na voordat je handelt.” Samen bestaat de zin uit een voorzichtige bevestiging, gevolgd door een terugblik: Probablement + j’aurais dû demander + avant d’essayer. De vaste Nederlandse betekenis is daarom: “Waarschijnlijk wel, en ik had het moeten vragen voordat ik het probeerde.” et verbindt de bevestiging met de tweede mededeling; avant d’essayer plaatst het vragen vóór het proberen in de tijd.
J’apprécie que tu sois franc au lieu de le cacher.
Ik waardeer het dat je er eerlijk over bent in plaats van het te verbergen.
- J’apprécie
- ik waardeer
- que tu sois
- dat je bent
- franc
- eerlijk
- au lieu de
- in plaats van
- cacher
- verbergen
Uitgebreide uitleg
J’apprécie is de eerste persoon enkelvoud van apprécier in de tegenwoordige tijd: “ik waardeer”. Het onderwerp je is hier vóór een klinker verkort tot J’. De vorm apprécie hoort dus bij je; bij tu is het tu apprécies. Voorbeeld: J’apprécie ton aide. — “Ik waardeer je hulp.” que tu sois leidt de bijzin in die uitlegt wat de spreker waardeert. sois is de vorm van être bij tu in de subjonctif présent. Na J’apprécie que ... wordt die vorm gebruikt voor de inhoud die gewaardeerd wordt. De subjonctif is hier niet simpelweg een verleden- of toekomstvorm. Voorbeeld: Je veux que tu sois prêt. — “Ik wil dat je klaar bent.” franc is een bijvoeglijk naamwoord en betekent hier “eerlijk” of “openhartig”. De vorm is mannelijk enkelvoud: franc; de vrouwelijke enkelvoudsvorm is franche. De vorm stemt hier af op de aangesproken persoon via tu sois, niet op je. In deze zin gaat franc volgens de vertaling om eerlijk zijn over de kwestie; het bijvoeglijk naamwoord kan ook algemener “openhartig” betekenen. au lieu de is een vaste constructie met de betekenis “in plaats van”. Na de volgt hier de infinitief cacher, niet een vervoegde werkwoordsvorm. Voorbeeld: Il écoute au lieu de répondre. — “Hij luistert in plaats van te antwoorden.” cacher is de infinitief van het werkwoord “verbergen”. In le cacher staat het objectpronomen le vóór de infinitief: letterlijk “het verbergen”. le wordt in de vaste vertaling weergegeven als “het”, maar de precieze verwijzing wordt door deze zin niet zelfstandig benoemd. Het is dus beter het pronomen niet aan een specifiek zelfstandig naamwoord te koppelen zonder extra context. Voorbeeld: Je préfère le dire plutôt que le cacher. — “Ik zeg het liever dan het te verbergen.” Samen betekent J’apprécie que tu sois franc “Ik waardeer het dat je eerlijk bent”. Daarna contrasteert au lieu de le cacher dit met de andere mogelijkheid: “in plaats van het te verbergen”. De volledige uiting is dus: “Ik waardeer het dat je er eerlijk over bent in plaats van het te verbergen.”
Je peux faire réparer la scie ou remplacer la lame.
Ik kan een reparatie regelen of het zaagblad vervangen.
- Je peux
- ik kan
- faire réparer
- laten repareren
- scie
- zaag
- remplacer
- vervangen
- lame
- blad
Uitgebreide uitleg
Je peux betekent hier “ik kan”. peux is de tegenwoordige tijd van pouvoir bij je; de infinitief pouvoir betekent “kunnen”. Na pouvoir volgt een infinitief: Je peux venir = “Ik kan komen”. De vorm peux hoort bij je; bij il/elle/on staat peut. faire réparer betekent hier “laten repareren”. faire staat in de infinitief omdat het volgt op peux. In de constructie faire + infinitief laat de handelende persoon iets door iemand anders uitvoeren: faire réparer la voiture = “de auto laten repareren”. Dat betekent niet noodzakelijk dat de spreker zelf de reparatie uitvoert. scie betekent hier “zaag”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: une scie = “een zaag”, la scie = “de zaag”. In deze zin is la scie het voorwerp van réparer: wat wordt gerepareerd, is de zaag. Het lidwoord la markeert hier een bepaalde zaag; het drukt niet op zichzelf een aantal uit. remplacer betekent “vervangen”. Dit is een infinitief. Na peux kan de infinitief rechtstreeks volgen: Je peux remplacer ... = “Ik kan ... vervangen”. Hier wordt remplacer na ou gecoördineerd met faire réparer; beide handelingen vallen onder peux. lame betekent hier “zaagblad” of kortweg “blad”. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: une lame = “een blad”, la lame = “het blad”. In combinatie met de zaagcontext verwijst het in deze vaste zin naar het zaagblad. La lame is het voorwerp van remplacer. De structuur is Je peux [faire réparer la scie] ou [remplacer la lame]. ou betekent “of” en verbindt de twee mogelijkheden. Samen betekent de zin: “Ik kan een reparatie aan de zaag laten uitvoeren of het zaagblad vervangen.” De spreker presenteert dus twee mogelijke handelingen: de zaag laten repareren, of zelf het zaagblad vervangen.
Remplacer la lame devrait suffire.
Het zaagblad vervangen zou genoeg moeten zijn.
- Remplacer
- vervangen
- la lame
- het zaagblad
- devrait suffire
- zou genoeg moeten zijn
Uitgebreide uitleg
Remplacer is de infinitief van remplacer (“vervangen”). Een infinitief kan in het Frans als onderwerp vooraan staan: Remplacer X... betekent “X vervangen...”. De vorm verandert hier niet voor persoon of getal. la lame betekent hier “het zaagblad”. lame is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud; daarom staat het bepaalde lidwoord la ervoor. Het lidwoord drukt hier geen hoeveelheid uit. Voorbeeld: La lame est neuve. — “Het zaagblad is nieuw.” devrait is de conditionnel présent van devoir, waarvan de basisvorm devoir is. In deze zin geeft het samen met suffire een verwachting of waarschijnlijke beoordeling weer: “zou ... moeten”. De vorm devrait is derde persoon enkelvoud en past bij de infinitiefconstructie Remplacer la lame als onderwerp. Dit is hier geen rechtstreeks bevel. suffire betekent “genoeg zijn” of “volstaan”. Het staat als infinitief na devrait; samen vormen ze devrait suffire (“zou genoeg moeten zijn”). Voorbeeld: Cela devrait suffire. — “Dat zou genoeg moeten zijn.” De hele zin bouwt dus op als Remplacer la lame + devrait suffire: “Het zaagblad vervangen zou genoeg moeten zijn.” De zin presenteert het vervangen van het zaagblad als een vermoedelijk afdoende oplossing.
Je m’en occuperai aujourd’hui.
Ik regel dat vandaag.
- Je
- ik
- m’en occuperai
- ervoor zorgen
- aujourd’hui
- vandaag
Uitgebreide uitleg
Je betekent hier “ik” en is het onderwerp. Deze vorm verandert niet naar mannelijk of vrouwelijk. Bijvoorbeeld: Je viens. — “Ik kom.” m’en occuperai hoort bij de pronominale constructie s’occuper de quelque chose: “zich met iets bezighouden” of, in deze context, “ervoor zorgen”. Voor de klinker van en wordt me geëlideerd: me wordt m’. en vervangt hier een eerder begrepen aanvulling met de; in de vaste vertaling wordt die weergegeven als “dat”. De infinitief van de volledige constructie is s’occuper; occuperai is de eerste persoon enkelvoud van de futur simple van occuper binnen die constructie. Het herbruikbare patroon is je m’occuperai de ... — “ik zal ... regelen” — en met en als vervangende aanvulling je m’en occuperai — “ik zal ervoor zorgen” of “ik zal dat regelen”. aujourd’hui betekent “vandaag”. Het is een tijdsbepaling en plaatst de handeling op de huidige dag. Bijvoorbeeld: Je travaillerai aujourd’hui. — “Ik zal vandaag werken.” Samen vormen Je + m’en occuperai + aujourd’hui de betekenis: “Ik regel dat vandaag.” De futur simple presenteert de handeling als toekomstig ten opzichte van het moment van spreken, terwijl aujourd’hui die handeling binnen de huidige dag plaatst.
Dis-moi quand la lame sera remplacée, avant de rapporter la scie.
Laat me weten wanneer het zaagblad is vervangen, voordat je de zaag terugbrengt.
- Dis-moi
- laat me weten
- quand
- wanneer
- la lame
- het zaagblad
- sera remplacée
- zal worden vervangen
- avant de
- voordat
- rapporter
- terugbrengen
- la scie
- de zaag
Uitgebreide uitleg
Dis-moi is the imperative of dire (“zeggen”) addressed to one person. dis is the imperative form, and moi is the stressed form of me, meaning “tegen mij”. In this fixed request, the combination means “laat me weten”. Example: Dis-moi la vérité. — “Zeg me de waarheid.” quand introduces the moment when something happens: “wanneer”. Here it introduces the subordinate clause quand la lame sera remplacée, so the request asks for information about that future moment. la lame means “het zaagblad” in this context. lame is a feminine noun, which is why the article is la. The word can refer to a blade more generally, but the fixed translation identifies a saw blade here. Example: La lame est tranchante. — “Het zaagblad is scherp.” sera remplacée expresses “zal worden vervangen”. sera is the third-person singular future form of être (“zijn”). remplacée is the feminine singular past participle of remplacer (“vervangen”); its feminine ending agrees with la lame. Together, être plus the past participle forms the passive: the blade receives the replacement rather than carrying it out. The future is used because the replacement is still a future event in the utterance. Compare: La lame sera remplacée. — “Het zaagblad zal worden vervangen.” avant de means “voordat” before an infinitive. The infinitive construction that follows normally has the same understood subject as the surrounding action here: the person being addressed is to bring the saw back. Example: Lave tes mains avant de manger. — “Was je handen voordat je eet.” rapporter is an infinitive meaning “terugbrengen” here: to bring something back to a place or person. It is distinct from apporter, which generally means bringing something to a place or person without the same “back” meaning. The infinitive follows avant de. la scie means “de zaag”. scie is a feminine noun, hence la. It is the object being brought back in this sentence. Example: Je rapporte la scie demain. — “Ik breng de zaag morgen terug.” The sentence is assembled as follows: Dis-moi asks the addressee to inform the speaker; quand la lame sera remplacée specifies what event and time the information concerns; and avant de rapporter la scie sets the deadline relative to the addressee’s returning the saw. The complete meaning is: “Laat me weten wanneer het zaagblad is vervangen, voordat je de zaag terugbrengt.”
Grammatica
j’aurais dû + infinitif
J’aurais dû demander.
Zjo-rè dü duh-man-dee.Ik had moeten vragen.
Deze vorm drukt uit dat je achteraf vindt dat je iets had moeten doen.
faire + infinitif
faire réparer
Fèèr ree-pa-reelaten repareren
Met faire + infinitief geef je aan dat iemand anders de handeling voor je uitvoert.
Frans woordenschat
Quiz
Woordvolgorde
Zet de woorden in de juiste volgorde.
Het zaagblad vervangen zou genoeg moeten zijn.
Antwoord tonen
Remplacer la lame devrait suffire.Ik regel dat vandaag.
Antwoord tonen
Je m’en occuperai aujourd’hui.Spelling
Tik op de letters om het woord te spellen.
zaag
Antwoord tonen
scieuitleggen
Antwoord tonen
expliquerzaagblad
Antwoord tonen
lameeerlijk